[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-exercise-01a0ba4b-9b38-75dc-87dc-5e78da427539":3,"grammar-exercise-lesson-01a0ba4b-8956-733e-9339-fea32e5ff0ce":109},{"id":4,"grammarPage":5,"title":6,"instructions":7,"seoTitle":8,"seoDescription":9,"displayOrder":10,"type":11,"questions":12,"ogImageUrl":108},"01a0ba4b-9b38-75dc-87dc-5e78da427539","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8956-733e-9339-fea32e5ff0ce","De toekomst met zullen - Woorden sorteren","Tik op een kaart en daarna op de juiste kolom. Plaats alle kaarten om het bord af te ronden.","Zal of zullen sorteren naar vorm en bedoeling","Sorteer onderwerpen als ik en wij op zal of zullen en korte uitingen op hun bedoeling: een verwachting, een belofte, een aanbod of een voorstel.",4,"word_sort",[13,36,65,89],{"id":14,"sentenceTemplate":15,"displayOrder":16,"explanation":17,"blanks":18,"payload":19},"01a0ba4b-9b38-76cc-87dc-5e78daf19699","Welke vorm van zullen past bij het onderwerp op elke kaart?",0,"Bij ik en een derde persoon enkelvoud hoort zal. Bij een meervoudig onderwerp hoort zullen, ook als je twee personen met en noemt. Bij jij en u kan zowel zult als zal voorkomen; die onderwerpen staan daarom niet op dit bord.",[],{"items":20,"categories":35},[21,24,26,28,31,33],{"text":22,"category":23},"ik","zal",{"text":25,"category":23},"het weer",{"text":27,"category":23},"de chauffeur",{"text":29,"category":30},"wij","zullen",{"text":32,"category":30},"jullie",{"text":34,"category":30},"Noor en Amir",[23,30],{"id":37,"sentenceTemplate":38,"displayOrder":39,"explanation":40,"blanks":41,"payload":42},"01a0ba4b-9b38-7718-87dc-5e78db23dca3","Plaats de uitingen bij hun bedoeling. De spreker zegt hoe het waarschijnlijk loopt, zegt hulp toe, biedt iets aan of stelt iets gezamenlijks voor.",1,"Een voorspelling zegt wat je verwacht. Bij een belofte zegt de spreker iets toe waarop de ander kan rekenen. Zal ik ...? vraagt of de ander een aanbod wil aannemen. Zullen we ...? vraagt instemming met een gezamenlijke handeling. Ik zal alleen is niet altijd een belofte: de context bepaalt de bedoeling.",[],{"items":43,"categories":64},[44,47,49,52,54,57,59,62],{"text":45,"category":46},"Het zal morgen regenen.","Voorspelling",{"text":48,"category":46},"De trein zal laat aankomen.",{"text":50,"category":51},"Reken op mij: ik zal je helpen.","Belofte",{"text":53,"category":51},"Reken op ons: we zullen voor je koken.",{"text":55,"category":56},"Zal ik de deur sluiten?","Aanbod",{"text":58,"category":56},"Zal ik koffie zetten?",{"text":60,"category":61},"Zullen we beginnen?","Voorstel",{"text":63,"category":61},"Zullen we de bus nemen?",[46,51,56,61],{"id":66,"sentenceTemplate":67,"displayOrder":68,"explanation":69,"blanks":70,"payload":71},"01a0ba4b-9b38-7750-87dc-5e78db2589a4","Sorteer de situaties: gaat het om een onzekere verwachting, een eigen plan of een vaste tijd in een rooster?",2,"Een verwachting zegt wat iemand denkt dat er gebeurt; daarbij past vaak zullen. Een eigen plan beschrijft wat iemand van plan is; daarbij past vaak gaan. Een rooster geeft een vast tijdstip; daarvoor kun je het presens gebruiken. Deze vormen zijn geen strikte tegenstellingen: soms zijn meerdere formuleringen mogelijk.",[],{"items":72,"categories":88},[73,76,78,81,83,86],{"text":74,"category":75},"Je denkt: morgen misschien sneeuw.","Onzekere verwachting",{"text":77,"category":75},"Je denkt: straks vermoedelijk drukte.",{"text":79,"category":80},"Je wilt zaterdag je kamer schilderen.","Eigen plan",{"text":82,"category":80},"Je wilt morgen een taart bakken.",{"text":84,"category":85},"Trein op het vertrekbord: 08.15 uur.","Vaste tijd in een rooster",{"text":87,"category":85},"Begin van de les op het rooster: 9 uur.",[75,80,85],{"id":90,"sentenceTemplate":91,"displayOrder":92,"explanation":93,"blanks":94,"payload":95},"01a0ba4b-9b38-7784-87dc-5e78dbda16f4","Sorteer de zinnen: gaat het om iets dat mogelijk wordt of om iets dat nodig is?",3,"Kunnen geeft hier een toekomstige mogelijkheid aan; moeten geeft aan dat iets nodig is. Na zullen staan beide werkwoorden als infinitief: kunnen of moeten, gevolgd door de handeling. De vorm van zullen past bij het onderwerp.",[],{"items":96,"categories":107},[97,100,102,105],{"text":98,"category":99},"Ik zal morgen kunnen komen.","Mogelijkheid",{"text":101,"category":99},"Ze zullen buiten kunnen spelen.",{"text":103,"category":104},"Je zult nog moeten wachten.","Noodzaak",{"text":106,"category":104},"Wij zullen opnieuw moeten lezen.",[99,104],"\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_32db6ce7-99ce-4e01-bdb1-f31efdde8b8c_hero.webp?v=1789831912",{"title":110,"slug":111,"language":112,"level":113},"De toekomst met zullen","de-toekomst-met-zullen","nl","A2"]