[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-exercise-01a0ba4b-c304-73e3-9fd2-5b6db5daedb9":3,"grammar-exercise-lesson-01a0ba4b-8cd2-7938-8779-ae39d4dc8377":186},{"id":4,"grammarPage":5,"title":6,"instructions":7,"seoTitle":8,"seoDescription":9,"displayOrder":10,"type":11,"questions":12,"ogImageUrl":185},"01a0ba4b-c304-73e3-9fd2-5b6db5daedb9","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8cd2-7938-8779-ae39d4dc8377","Vind en verbeter de verwijzing","In elke zin is één verwijzing met een voorzetsel fout. Tik erop en kies de juiste vorm.","Foute verwijzing met voorzetsel verbeteren","Zoek in elke zin de ene foute verwijzing na een voorzetsel, zoals met wat, en verbeter die naar met wie, in zinnen over collega's, artsen en afspraken.",3,"find_and_fix",[13,35,52,74,90,103,120,137,152,170],{"id":14,"sentenceTemplate":15,"displayOrder":16,"explanation":17,"exampleSentence":18,"blanks":19,"payload":20},"01a0ba4b-c304-7513-9fd2-5b6db60cf5cd","De collega met wat ik samenwerk, woont in Utrecht.",0,"Na het voorzetsel met gebruik je wie om naar de genoemde persoon te verwijzen. Die en dat kunnen hier niet als betrekkelijk voornaamwoord na met staan.","De collega met wie ik samenwerk, woont in Utrecht.",[],{"words":21,"correct":31,"wrongIndex":10,"corrections":32},[22,23,24,25,26,27,28,29,30],"De","collega","met","wat","ik","samenwerk,","woont","in","Utrecht.","wie",[31,33,34],"die","dat",{"id":36,"sentenceTemplate":37,"displayOrder":38,"explanation":39,"exampleSentence":40,"blanks":41,"payload":42},"01a0ba4b-c304-7573-9fd2-5b6db644413c","De arts op dat we wachten, belt ons straks.",1,"Wachten op vraagt bij de genoemde persoon om op wie. Die en wat kunnen hier niet als betrekkelijk voornaamwoord naar de arts verwijzen na op.","De arts op wie we wachten, belt ons straks.",[],{"words":43,"correct":31,"wrongIndex":10,"corrections":51},[22,44,45,34,46,47,48,49,50],"arts","op","we","wachten,","belt","ons","straks.",[31,33,25],{"id":53,"sentenceTemplate":54,"displayOrder":55,"explanation":56,"exampleSentence":57,"blanks":58,"payload":59},"01a0ba4b-c304-75af-9fd2-5b6db7264ca1","Dit is het dossier wie zij nu aan werkt.",2,"Het dossier is een zaak. Bij werken aan gebruik je waaraan of de gesplitste vorm waar zij nu aan werkt. Wie kan hier niet naar het dossier verwijzen. Waarop en waarmee voegen een extra voorzetsel toe terwijl aan al in de bijzin staat.","Dit is het dossier waar zij nu aan werkt.",[],{"words":60,"correct":69,"wrongIndex":70,"corrections":71},[61,62,63,64,31,65,66,67,68],"Dit","is","het","dossier","zij","nu","aan","werkt.","waar",4,[69,72,73],"waarop","waarmee",{"id":75,"sentenceTemplate":76,"displayOrder":10,"explanation":77,"exampleSentence":78,"blanks":79,"payload":80},"01a0ba4b-c304-75e7-9fd2-5b6db768d0ff","Eindelijk kwam de uitslag wie iedereen wachtte.","De uitslag is een zaak; wachten op wordt daarom waarop. Waaraan en waarmee gebruiken het verkeerde voorzetsel bij wachten.","Eindelijk kwam de uitslag waarop iedereen wachtte.",[],{"words":81,"correct":72,"wrongIndex":70,"corrections":88},[82,83,84,85,31,86,87],"Eindelijk","kwam","de","uitslag","iedereen","wachtte.",[72,89,73],"waaraan",{"id":91,"sentenceTemplate":92,"displayOrder":70,"explanation":93,"exampleSentence":94,"blanks":95,"payload":96},"01a0ba4b-c304-761b-9fd2-5b6db786080a","Dit is de pen waarmet ik de formulieren invul.","Bij met krijgt de waarverbinding de vaste vorm waarmee, niet waarmet. De pen is het hulpmiddel; de formulieren is al het lijdend voorwerp. Die en dat kunnen de verbinding met een hulpmiddel hier niet uitdrukken.","Dit is de pen waarmee ik de formulieren invul.",[],{"words":97,"correct":73,"wrongIndex":70,"corrections":102},[61,62,84,98,99,26,84,100,101],"pen","waarmet","formulieren","invul.",[73,33,34],{"id":104,"sentenceTemplate":105,"displayOrder":106,"explanation":107,"exampleSentence":108,"blanks":109,"payload":110},"01a0ba4b-c304-764b-9fd2-5b6db817adbc","Dat is het onderwerp waarvoor we morgen praten.",5,"Praten over een onderwerp wordt waarover. Waartoe hoort bij dienen tot en waaraan bij werken aan, dus beide gebruiken het verkeerde voorzetsel.","Dat is het onderwerp waarover we morgen praten.",[],{"words":111,"correct":117,"wrongIndex":70,"corrections":118},[112,62,63,113,114,46,115,116],"Dat","onderwerp","waarvoor","morgen","praten.","waarover",[117,119,89],"waartoe",{"id":121,"sentenceTemplate":122,"displayOrder":123,"explanation":124,"exampleSentence":125,"blanks":126,"payload":127},"01a0ba4b-c304-767b-9fd2-5b6db8a9e489","Het voorstel wie we morgen over stemmen, ligt klaar.",6,"Bij een zaak kun je waarover splitsen in waar en over. Omdat over verderop in de bijzin staat, begint de verwijzing met waar. Wie verwijst naar personen; dat en waarvan passen niet in deze gesplitste verbinding.","Het voorstel waar we morgen over stemmen, ligt klaar.",[],{"words":128,"correct":69,"wrongIndex":55,"corrections":135},[129,130,31,46,115,131,132,133,134],"Het","voorstel","over","stemmen,","ligt","klaar.",[69,34,136],"waarvan",{"id":138,"sentenceTemplate":139,"displayOrder":140,"explanation":141,"exampleSentence":142,"blanks":143,"payload":144},"01a0ba4b-c304-76ab-9fd2-5b6db8ac8fb5","De assistent met wat ik een afspraak maak, belt morgen.",7,"De assistent is een genoemde persoon. Na met gebruik je daarom het betrekkelijk voornaamwoord wie. Wat, die en dat kunnen hier niet na met naar de assistent verwijzen.","De assistent met wie ik een afspraak maak, belt morgen.",[],{"words":145,"correct":31,"wrongIndex":10,"corrections":151},[22,146,24,25,26,147,148,149,48,150],"assistent","een","afspraak","maak,","morgen.",[31,33,34],{"id":153,"sentenceTemplate":154,"displayOrder":155,"explanation":156,"exampleSentence":157,"blanks":158,"payload":159},"01a0ba4b-c304-76db-9fd2-5b6db9aad0c4","We weten niet waartot deze knop dient.",8,"Dienen tot een doel wordt waartoe: bij tot krijgt de waarverbinding de vaste vorm toe. Waaruit en waaraan drukken deze functie met het verkeerde voorzetsel uit.","We weten niet waartoe deze knop dient.",[],{"words":160,"correct":119,"wrongIndex":10,"corrections":168},[161,162,163,164,165,166,167],"We","weten","niet","waartot","deze","knop","dient.",[119,169,89],"waaruit",{"id":171,"sentenceTemplate":172,"displayOrder":173,"explanation":174,"exampleSentence":175,"blanks":176,"payload":177},"01a0ba4b-c304-770b-9fd2-5b6dba9b970d","De buurman wie mij gisteren hielp, is verhuisd.",9,"Het betrekkelijk voornaamwoord is hier het onderwerp van hielp. Bij het genoemde de-woord buurman gebruik je die. Wie, dat en wat passen hier niet als betrekkelijk onderwerp na de buurman.","De buurman die mij gisteren hielp, is verhuisd.",[],{"words":178,"correct":33,"wrongIndex":55,"corrections":184},[22,179,31,180,181,182,62,183],"buurman","mij","gisteren","hielp,","verhuisd.",[33,34,25],"\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_8038715d-7c53-4629-82a4-c37a8f519090_hero.webp?v=1789831922",{"title":187,"slug":188,"language":189,"level":190},"Voorzetsel plus wie en waar plus voorzetsel","voorzetsel-plus-wie-en-waar-plus-voorzetsel","nl","B1"]