[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-basisvoorzetsels-van-plaats-en-tijd":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8867-7609-97d9-66b3d8eed485":314,"exercise-list-path-nl-none":344},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"readyImages":313},"01a0ba4b-8867-7609-97d9-66b3d8eed485","Basisvoorzetsels van plaats en tijd","basisvoorzetsels-van-plaats-en-tijd","Leer Nederlandse basisvoorzetsels voor plaats en tijd gebruiken, zoals in, op, onder, naast, om en na, met heldere regels en dagelijkse voorbeelden.","Een **voorzetsel** is een klein woord dat een verband aangeeft. Met een voorzetsel van plaats zeg je waar iets is. Met een voorzetsel van tijd zeg je wanneer iets gebeurt.\n\nNa deze les kun je:\n\n- veelvoorkomende voorzetsels van plaats gebruiken;\n- **om**, **op** en **in** bij een tijd kiezen;\n- enkele vaste combinaties met een plaats of een tijd herkennen.\n\n## 1. In, op en onder\n\nGebruik **in** als iets binnen een ruimte is. Gebruik **op** als iets op een oppervlak ligt of staat. Gebruik **onder** als iets lager is dan iets anders.\n\n| Voorzetsel | Betekenis | Voorbeeld |\n| --- | --- | --- |\n| **in** | binnenin | De sleutel zit **in de tas**. |\n| **op** | op een oppervlak | Het boek ligt **op de tafel**. |\n| **onder** | lager dan | De kat slaapt **onder de stoel**. |\n\n:::example\nHet brood ligt **in de kast**.\n\nDe telefoon ligt **op het bureau**.\n\nDe schoenen staan **onder het bed**.\n:::\n\n:::tip\nVraag jezelf af: is het binnenin, op een oppervlak of lager? Kies daarna **in**, **op** of **onder**.\n:::\n\n## 2. Naast, tussen, voor en achter\n\nDeze voorzetsels vergelijken de plaats van twee mensen of dingen.\n\n| Voorzetsel | Betekenis | Voorbeeld |\n| --- | --- | --- |\n| **naast** | direct aan de zijkant | De lamp staat **naast de bank**. |\n| **tussen** | in het midden van twee of meer dingen | De tafel staat **tussen de stoelen**. |\n| **voor** | aan de voorkant | De fiets staat **voor het huis**. |\n| **achter** | aan de achterkant | De tuin ligt **achter het huis**. |\n| **tegenover** | aan de andere kant | De winkel is **tegenover het station**. |\n\n:::note\nBij **tussen** noem je vaak twee grenzen of twee dingen: *tussen de bank en de tafel*. Je kunt ook een meervoud gebruiken: *tussen de stoelen*.\n:::\n\n## 3. Bij, aan en naar\n\nGebruik **bij** voor dichtbij of op de plek van een persoon of een voorziening. Gebruik **aan** voor contact met een zijkant of een rand. Gebruik **naar** voor een richting of een bestemming.\n\n- Ik wacht **bij de ingang**.\n- Sara is **bij de dokter**.\n- De foto hangt **aan de muur**.\n- Wij gaan **naar het station**.\n\nVergelijk de plaats en de beweging:\n\n| Geen beweging | Wel beweging |\n| --- | --- |\n| Ik ben **in de winkel**. | Ik ga **naar de winkel**. |\n| Wij zijn **op school**. | Wij gaan **naar school**. |\n| Hij is **thuis**. | Hij gaat **naar huis**. |\n\n:::warning\nBij **thuis** gebruik je geen voorzetsel, en na **naar** zeg je **huis**.\n\n✓ Ik ben **thuis**. \u002F Ik ga **naar huis**.\n\n✗ Ik ben *in thuis*. \u002F Ik ga *naar thuis*.\n:::\n\n## 4. Om, op en in bij een tijd\n\nBij een tijd kies je het voorzetsel op basis van het soort tijdsaanduiding.\n\n| Voorzetsel | Gebruik | Voorbeeld |\n| --- | --- | --- |\n| **om** | een precies tijdstip | De les begint **om negen uur**. |\n| **op** | een dag of een datum | Ik werk **op maandag**. |\n| **op** | een specifieke datum | De cursus begint **op 5 mei**. |\n| **in** | een maand | We reizen **in augustus**. |\n| **in** | een jaar | Zij is geboren **in 2001**. |\n| **in** | een seizoen | Het is koud **in de winter**. |\n\n:::example\nDe afspraak is **op woensdag om tien uur**.\n\nMijn verjaardag is **in november**.\n\nWij gaan **in de zomer** naar zee.\n:::\n\n## 5. Voor, na en van tot\n\nGebruik **voor** als iets eerder gebeurt en **na** als iets later gebeurt. Met **van ... tot ...** geef je het begin en het einde van een periode.\n\n| Voorzetsel | Voorbeeld |\n| --- | --- |\n| **voor** | Ik drink koffie **voor de les**. |\n| **na** | We eten **na het werk**. |\n| **van ... tot ...** | De winkel is open **van negen tot zes**. |\n\nZet de onderdelen in de juiste volgorde:\n\n1. **voor de les** — de koffie komt eerst;\n2. **de les** — de les gebeurt daarna;\n3. **na de les** — een andere activiteit komt later.\n\n## 6. Tijd zonder voorzetsel\n\nSommige veelgebruikte tijdswoorden hebben geen voorzetsel nodig.\n\n- Ik werk **vandaag**.\n- Zij komt **morgen**.\n- We waren **gisteren** thuis.\n- De winkel is **elke dag** open.\n\nZeg dus niet *op morgen* of *in gisteren*.\n\n## 7. Kort samengevat\n\n- Gebruik onder meer **in**, **op**, **onder**, **naast**, **tussen**, **voor** en **achter** voor een plaats.\n- Gebruik **naar** voor een richting of een bestemming.\n- Gebruik **om** voor een precies tijdstip, **op** voor een dag of een datum en **in** voor een maand, een jaar of een seizoen.\n- Gebruik **voor**, **na** en **van ... tot ...** om tijden te vergelijken of een periode af te bakenen.\n- Gebruik geen voorzetsel voor **vandaag**, **morgen** en **gisteren**.","nl","A1",40,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87a7-70d8-988d-3307b61fbf9f","Plaats en tijd met voorzetsels",false,0,4,"2026-09-19T15:31:47+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":39},"01a0ba4c-414e-7424-b424-e08516e5e009","Voorzetsels voor plaats en tijd",[26,47,63,81,93,104,125,138,151,167,178,195,209,231,252,269,282,300],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":40},"01a0ba4c-414e-749c-b424-e08516ed7b95",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":32,"partsOfSpeech":33,"audio":39,"audioUrl":46},"01a0ba4b-d54d-74ae-86ab-e12e5ca1207d","in",10,"tts_7190313e86ecc8f6_nl-NL.mp3",[34,41],{"id":35,"partOfSpeech":36,"definition":37,"exampleSentences":38,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d565-7b28-a20d-839bb4067a0e","PREPOSITION","Geeft aan dat iets zich binnen een plaats of ruimte bevindt.","De melk staat in de koelkast.",true,1,{"id":42,"partOfSpeech":36,"definition":43,"exampleSentences":44,"isPrimary":16,"meaningOrder":45},"01a0ba4b-d565-7b6c-a20d-839bb4cc4885","Geeft een periode aan waarbinnen iets gebeurt.","Wij gaan in de zomer op vakantie.",2,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7190313e86ecc8f6_nl-NL.mp3",{"id":48,"vocabularyWord":49,"displayOrder":45},"01a0ba4c-414e-74d8-b424-e08517310e87",{"id":50,"word":51,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":52,"partsOfSpeech":53,"audio":39,"audioUrl":62},"01a0ba4b-d6d2-764c-a5fe-4e6b3002035f","op","tts_d12147bbcd9fbde7_nl-NL.mp3",[54,58],{"id":55,"partOfSpeech":36,"definition":56,"exampleSentences":57,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6de-7dcb-9471-be6b328006b0","Geeft aan dat iets rust of gebeurt aan de bovenkant van iets anders.","Het bord staat op de tafel.",{"id":59,"partOfSpeech":36,"definition":60,"exampleSentences":61,"isPrimary":16,"meaningOrder":45},"01a0ba4b-d6de-7e0f-9471-be6b328bb2ac","Geeft een dag of bepaald tijdstip aan.","Op maandag heb ik een afspraak.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d12147bbcd9fbde7_nl-NL.mp3",{"id":64,"vocabularyWord":65,"displayOrder":80},"01a0ba4c-414e-74fc-b424-e085175e7c0c",{"id":66,"word":67,"frequency":68,"level":10,"language":9,"audioFilePath":69,"partsOfSpeech":70,"audio":39,"audioUrl":79},"01a0ba4b-d6d0-7672-9dda-ad7b1600a987","onder",9,"tts_e89772f8c7507c9c_nl-NL.mp3",[71,75],{"id":72,"partOfSpeech":36,"definition":73,"exampleSentences":74,"isPrimary":16,"meaningOrder":45},"01a0ba4b-d6de-7a17-9471-be6b312eb4a6","Geeft aan dat iemand of iets deel is van een groep.","Onder de bezoekers zijn veel kinderen.",{"id":76,"partOfSpeech":36,"definition":77,"exampleSentences":78,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6de-79d3-9471-be6b30597568","Geeft aan dat iets lager is dan iets anders.","De kat slaapt onder de stoel.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e89772f8c7507c9c_nl-NL.mp3",3,{"id":82,"vocabularyWord":83,"displayOrder":18},"01a0ba4c-414e-751c-b424-e085177a9947",{"id":84,"word":85,"frequency":68,"level":10,"language":9,"audioFilePath":86,"partsOfSpeech":87,"audio":39,"audioUrl":92},"01a0ba4b-d6c9-7092-b7c5-3b0dfb58c8c9","naast","tts_4b959121e330db69_nl-NL.mp3",[88],{"id":89,"partOfSpeech":36,"definition":90,"exampleSentences":91,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6dd-7b25-8390-ca4895311431","Geeft aan dat iets direct aan de zijkant van iets anders is.","Mijn stoel staat naast het raam.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_4b959121e330db69_nl-NL.mp3",{"id":94,"vocabularyWord":95,"displayOrder":103},"01a0ba4c-414e-7538-b424-e085181e375f",{"id":96,"word":97,"frequency":68,"level":10,"language":9,"audioFilePath":98,"partsOfSpeech":99,"audio":39,"audioUrl":102},"01a0ba4b-d71e-78f9-b0b4-27cbff76059e","tussen","tts_1e9dcbdcbd2d8811_nl-NL.mp3",[100],{"id":101,"partOfSpeech":36,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d755-73bd-81bc-8b5069e375ca","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1e9dcbdcbd2d8811_nl-NL.mp3",5,{"id":105,"vocabularyWord":106,"displayOrder":124},"01a0ba4c-414e-7558-b424-e085186ededd",{"id":107,"word":108,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":109,"partsOfSpeech":110,"audio":39,"audioUrl":123},"01a0ba4b-d725-7be2-a815-4da64275bc5c","voor","tts_baf91067241cfc02_nl-NL.mp3",[111,115,119],{"id":112,"partOfSpeech":36,"definition":113,"exampleSentences":114,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d755-7e79-81bc-8b506eee5b7b","Geeft aan dat iets aan de voorkant van iets anders is.","Er staat een bus voor het station.",{"id":116,"partOfSpeech":36,"definition":117,"exampleSentences":118,"isPrimary":16,"meaningOrder":45},"01a0ba4b-d755-7ecd-81bc-8b506fac99c6","Geeft aan voor welke persoon iets bedoeld is.","Dit cadeau is voor mijn moeder.",{"id":120,"partOfSpeech":36,"definition":121,"exampleSentences":122,"isPrimary":16,"meaningOrder":80},"01a0ba4b-d755-7f0d-81bc-8b50705e0e4c","Geeft aan dat iets eerder dan een genoemd moment gebeurt.","Ik drink koffie voor het werk.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_baf91067241cfc02_nl-NL.mp3",6,{"id":126,"vocabularyWord":127,"displayOrder":137},"01a0ba4c-414e-75a0-b424-e085197e9bb6",{"id":128,"word":129,"frequency":68,"level":10,"language":9,"audioFilePath":130,"partsOfSpeech":131,"audio":39,"audioUrl":136},"01a0ba4b-d513-719d-afd1-0f5cb465ae49","achter","tts_17ba0860b658e70d_nl-NL.mp3",[132],{"id":133,"partOfSpeech":36,"definition":134,"exampleSentences":135,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d560-72ed-bf08-b6af58b3f548","Geeft aan dat iets aan de achterkant van iets anders is.","Achter het huis ligt een kleine tuin.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_17ba0860b658e70d_nl-NL.mp3",8,{"id":139,"vocabularyWord":140,"displayOrder":68},"01a0ba4c-414e-75c0-b424-e085198187c7",{"id":141,"word":142,"frequency":68,"level":143,"language":9,"audioFilePath":144,"partsOfSpeech":145,"audio":39,"audioUrl":150},"01a0ba4b-d9cf-7107-8e31-67095cf19f0f","tegenover","A2","tts_85c5d178a8be2b98_nl-NL.mp3",[146],{"id":147,"partOfSpeech":36,"definition":148,"exampleSentences":149,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-da0f-75fb-8596-e7ac4e24f02b","Aan de andere kant van en recht voor een persoon, plaats of ding.","De apotheek ligt tegenover het ziekenhuis.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_85c5d178a8be2b98_nl-NL.mp3",{"id":152,"vocabularyWord":153,"displayOrder":31},"01a0ba4c-414e-75dc-b424-e0851a730049",{"id":154,"word":155,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":156,"partsOfSpeech":157,"audio":39,"audioUrl":166},"01a0ba4b-d51c-79c2-aa02-b57f8020e7cd","bij","tts_7ffa492f26e6fdd1_nl-NL.mp3",[158,162],{"id":159,"partOfSpeech":36,"definition":160,"exampleSentences":161,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d561-704b-8c67-8f0dc4ced777","Geeft aan dat iemand of iets dichtbij een plaats of persoon is.","Mijn vader wacht bij de ingang.",{"id":163,"partOfSpeech":36,"definition":164,"exampleSentences":165,"isPrimary":16,"meaningOrder":45},"01a0ba4b-d561-709b-8c67-8f0dc5803cd9","Geeft aan dat iemand een persoon of dienst bezoekt.","Ik ben vanmorgen bij de dokter.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7ffa492f26e6fdd1_nl-NL.mp3",{"id":168,"vocabularyWord":169,"displayOrder":177},"01a0ba4c-414e-75fc-b424-e0851b5aae90",{"id":170,"word":171,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":172,"partsOfSpeech":173,"audio":39,"audioUrl":176},"01a0ba4b-d511-752a-99e6-91b61f398c35","aan","tts_6cd67845c6dde21a_nl-NL.mp3",[174],{"id":175,"partOfSpeech":36,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d560-7049-bf08-b6af57fec145","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6cd67845c6dde21a_nl-NL.mp3",11,{"id":179,"vocabularyWord":180,"displayOrder":194},"01a0ba4c-414e-7618-b424-e0851c354d47",{"id":181,"word":182,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":183,"partsOfSpeech":184,"audio":39,"audioUrl":193},"01a0ba4b-d6c8-75d2-af38-6c186c62f73b","naar","tts_ee72a9eb5f125629_nl-NL.mp3",[185,189],{"id":186,"partOfSpeech":36,"definition":187,"exampleSentences":188,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6dd-79cd-8390-ca48943eba8c","Geeft de richting of bestemming van een beweging aan.","Wij fietsen elke ochtend naar school.",{"id":190,"partOfSpeech":36,"definition":191,"exampleSentences":192,"isPrimary":16,"meaningOrder":45},"01a0ba4b-d6dd-7a15-8390-ca48952b040d","Geeft aan dat iemand luistert, kijkt of zoekt met aandacht voor iets.","De kinderen luisteren naar hun moeder.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ee72a9eb5f125629_nl-NL.mp3",12,{"id":196,"vocabularyWord":197,"displayOrder":208},"01a0ba4c-414e-7634-b424-e0851ce613c2",{"id":198,"word":199,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":200,"partsOfSpeech":201,"audio":39,"audioUrl":207},"01a0ba4b-d71a-7c51-8a6f-20d165558fcd","thuis","tts_125b5492c95ec0b9_nl-NL.mp3",[202],{"id":203,"partOfSpeech":204,"definition":205,"exampleSentences":206,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d754-7d23-b46e-efea6f507913","ADVERB","In of bij je eigen huis.","Vanavond blijven we thuis en kijken we een film.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_125b5492c95ec0b9_nl-NL.mp3",13,{"id":210,"vocabularyWord":211,"displayOrder":230},"01a0ba4c-414e-7650-b424-e0851d6e1ff6",{"id":212,"word":213,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":214,"partsOfSpeech":215,"audio":39,"audioUrl":229},"01a0ba4b-d6cf-7b04-9c55-9d6b63952e34","om","tts_08bc4e759cc15b79_nl-NL.mp3",[216,221,225],{"id":217,"partOfSpeech":218,"definition":219,"exampleSentences":220,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6de-7833-9471-be6b2f2c90c1","CONJUNCTION","Woord dat samen met te het doel van een handeling kan inleiden.","Ik ga naar de winkel om brood te kopen.",{"id":222,"partOfSpeech":36,"definition":223,"exampleSentences":224,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6de-787b-9471-be6b2f55c87f","Geeft het precieze tijdstip aan waarop iets gebeurt.","De trein vertrekt om acht uur.",{"id":226,"partOfSpeech":36,"definition":227,"exampleSentences":228,"isPrimary":16,"meaningOrder":45},"01a0ba4b-d6de-78c7-9471-be6b2f7cbe69","Geeft aan dat iets rondom een persoon, plaats of voorwerp is.","De kinderen zitten om de tafel.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_08bc4e759cc15b79_nl-NL.mp3",14,{"id":232,"vocabularyWord":233,"displayOrder":251},"01a0ba4c-414e-7668-b424-e0851e6a81cc",{"id":234,"word":235,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":236,"partsOfSpeech":237,"audio":39,"audioUrl":250},"01a0ba4b-d723-7632-a5a9-b683105c7d72","van","tts_e34fdb14ce4974eb_nl-NL.mp3",[238,242,246],{"id":239,"partOfSpeech":36,"definition":240,"exampleSentences":241,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d755-7ac1-81bc-8b506cf05557","Geeft aan waar iemand of iets vandaan komt.","De trein komt van Amsterdam.",{"id":243,"partOfSpeech":36,"definition":244,"exampleSentences":245,"isPrimary":16,"meaningOrder":45},"01a0ba4b-d755-7b05-81bc-8b506d2f202d","Geeft aan bij wie iets hoort.","Deze tas is van mijn zus.",{"id":247,"partOfSpeech":36,"definition":248,"exampleSentences":249,"isPrimary":16,"meaningOrder":80},"01a0ba4b-d755-7b45-81bc-8b506d7e43a2","Geeft aan van welk materiaal iets is gemaakt.","De tafel is van hout.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e34fdb14ce4974eb_nl-NL.mp3",15,{"id":253,"vocabularyWord":254,"displayOrder":268},"01a0ba4c-414e-7684-b424-e0851eb5ba31",{"id":255,"word":256,"frequency":68,"level":10,"language":9,"audioFilePath":257,"partsOfSpeech":258,"audio":39,"audioUrl":267},"01a0ba4b-d71c-7436-8767-139b45a5eec5","tot","tts_dd05b0d885c3279e_nl-NL.mp3",[259,263],{"id":260,"partOfSpeech":36,"definition":261,"exampleSentences":262,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d754-7f8f-b46e-efea70f7ed4b","Geeft het eindpunt van een beweging, afstand of periode aan.","We lopen samen tot het station.",{"id":264,"partOfSpeech":36,"definition":265,"exampleSentences":266,"isPrimary":16,"meaningOrder":45},"01a0ba4b-d755-702d-81bc-8b5067f20606","Geeft aan tot welk tijdstip iets duurt.","De winkel is open tot zes uur.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_dd05b0d885c3279e_nl-NL.mp3",16,{"id":270,"vocabularyWord":271,"displayOrder":281},"01a0ba4c-414e-76a0-b424-e0851ee702bf",{"id":272,"word":273,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":274,"partsOfSpeech":275,"audio":39,"audioUrl":280},"01a0ba4b-d724-73bc-9ab8-5cc0e6906930","vandaag","tts_06b9abe7cef56e9e_nl-NL.mp3",[276],{"id":277,"partOfSpeech":204,"definition":278,"exampleSentences":279,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d755-7c59-81bc-8b506dfeff6b","Op de dag die nu bezig is.","Vandaag blijft de winkel langer open.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_06b9abe7cef56e9e_nl-NL.mp3",17,{"id":283,"vocabularyWord":284,"displayOrder":299},"01a0ba4c-414e-76bc-b424-e0851f27024c",{"id":285,"word":286,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":287,"partsOfSpeech":288,"audio":39,"audioUrl":298},"01a0ba4b-d6c6-764f-8320-887953e4fd5f","morgen","tts_96c186ffff861173_nl-NL.mp3",[289,293],{"id":290,"partOfSpeech":204,"definition":291,"exampleSentences":292,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6dd-7655-8390-ca48922ea18d","Op de dag na vandaag.","Morgen begint mijn vakantie.",{"id":294,"partOfSpeech":295,"definition":296,"exampleSentences":297,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6dd-769d-8390-ca48924399e9","NOUN","(de; morgens) vroege deel van de dag, voor de middag.","De volgende morgen vertrokken we vroeg.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_96c186ffff861173_nl-NL.mp3",18,{"id":301,"vocabularyWord":302,"displayOrder":312},"01a0ba4c-414e-76d8-b424-e085200feb16",{"id":303,"word":304,"frequency":68,"level":143,"language":9,"audioFilePath":305,"partsOfSpeech":306,"audio":39,"audioUrl":311},"01a0ba4b-d7d3-71c3-9291-cd42bc104ff7","gisteren","tts_9f6e666ad88b59bc_nl-NL.mp3",[307],{"id":308,"partOfSpeech":204,"definition":309,"exampleSentences":310,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7ec-70c3-b258-1bd9cd9efd58","Op de dag vóór vandaag.","Gisteren werkte ik thuis, maar vandaag ben ik op kantoor.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9f6e666ad88b59bc_nl-NL.mp3",19,[],[315,324,330,337],{"@id":316,"@type":317,"id":318,"grammarPage":319,"title":320,"instructions":321,"displayOrder":17,"type":322,"questionCount":251,"blankCount":251,"isCompleted":16,"ogImageUrl":323},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-8f4f-7376-9e24-2427f5ecfdc0","GrammarExercise","01a0ba4b-8f4f-7376-9e24-2427f5ecfdc0","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8867-7609-97d9-66b3d8eed485","Waar is het?","Kies het voorzetsel of de plaatsaanduiding die precies bij de beschreven situatie past.","word_select","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_e05785cc-b893-430b-a663-742893e806a3_hero.webp?v=1789831909",{"@id":325,"@type":317,"id":326,"grammarPage":319,"title":327,"instructions":328,"displayOrder":40,"type":322,"questionCount":251,"blankCount":251,"isCompleted":16,"ogImageUrl":329},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-8f63-7cfd-bf2d-35ec5d62a259","01a0ba4b-8f63-7cfd-bf2d-35ec5d62a259","Wanneer gebeurt het?","Kies de volledige tijdsaanduiding die natuurlijk in de zin past.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_0cab674b-51ec-4850-8f4c-ceb34df7e98e_hero.webp?v=1789831909",{"@id":331,"@type":317,"id":332,"grammarPage":319,"title":333,"instructions":334,"displayOrder":80,"type":335,"questionCount":31,"blankCount":17,"isCompleted":16,"ogImageUrl":336},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-8f7b-76d9-9b3b-854f738a308b","01a0ba4b-8f7b-76d9-9b3b-854f738a308b","Vind en verbeter het voorzetsel","In elke zin is één voorzetsel fout. Tik erop en kies het voorzetsel dat bij de plaats of tijd past.","find_and_fix","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_94d91115-a2b6-4421-9bb7-df34cd42bf1b_hero.webp?v=1789831909",{"@id":338,"@type":317,"id":339,"grammarPage":319,"title":340,"instructions":341,"displayOrder":18,"type":342,"questionCount":103,"blankCount":17,"isCompleted":16,"ogImageUrl":343},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-8f83-7d5a-b632-0fd9299924c3","01a0ba4b-8f83-7d5a-b632-0fd9299924c3","Basisvoorzetsels van plaats en tijd - Woorden sorteren","Tik op een kaart en daarna op de juiste kolom. Plaats alle kaarten om het bord af te ronden.","word_sort","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_1c702059-c9ad-4e0a-b309-2e6dd3f1a311_hero.webp?v=1789831909",null]