[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-topic-hubs-nl":3,"grammar-pages-nl":4,"grammar-page-nl-betrekkelijke-bijzinnen-met-die-en-dat":1297,"grammar-lesson-path-nl-betrekkelijke-bijzinnen-met-die-en-dat-precies-verwijzen-in-betrekkelijke-bijzinnen-b1":1528,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-889a-72b7-b319-38287ecbeed0":1602,"grammar-quick-check-01a0ba4b-889a-72b7-b319-38287ecbeed0":1617,"grammar-lesson-body-01a0ba4b-889a-72b7-b319-38287ecbeed0-50x1pdqe74":1636},[],[5,12,17,22,27,32,37,42,47,52,57,62,67,72,77,82,87,92,97,102,107,112,117,122,127,132,137,142,147,152,157,162,167,172,177,182,187,192,197,202,207,212,217,222,227,233,238,243,248,253,258,263,268,273,278,283,288,293,298,303,308,313,318,323,328,333,338,343,348,353,358,363,368,373,378,383,388,393,398,403,408,413,418,423,428,433,438,443,448,453,458,463,468,473,478,483,488,494,499,504,509,514,519,524,529,534,539,544,549,554,559,564,569,574,579,584,589,594,599,604,609,614,619,624,629,634,639,644,649,654,659,664,669,674,679,684,689,694,699,704,709,714,719,724,729,734,739,744,750,755,760,765,770,775,780,785,790,795,800,805,810,815,820,825,830,835,840,845,850,855,860,865,870,875,880,885,890,895,900,905,910,915,920,925,930,935,940,945,950,955,960,965,970,975,980,986,991,996,1001,1006,1011,1016,1021,1026,1031,1036,1041,1046,1051,1056,1061,1066,1071,1076,1081,1086,1091,1096,1101,1106,1111,1116,1121,1126,1131,1136,1141,1146,1151,1156,1162,1167,1172,1177,1182,1187,1192,1197,1202,1207,1212,1217,1222,1227,1232,1237,1242,1247,1252,1257,1262,1267,1272,1277,1282,1287,1292],{"id":6,"title":7,"slug":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11},"01a0ba4b-8a31-78d2-bfe8-93cda5da555e","Het Nederlandse alfabet","het-nederlandse-alfabet","nl","A1",1,{"id":13,"title":14,"slug":15,"language":9,"level":10,"displayOrder":16},"01a0ba4b-8b04-72cb-8dcd-87e3496aa32c","Letters benoemen en woorden spellen","letters-benoemen-en-woorden-spellen",2,{"id":18,"title":19,"slug":20,"language":9,"level":10,"displayOrder":21},"01a0ba4b-8ae8-729b-8783-55b9aacfce21","Korte en lange klinkers horen","korte-en-lange-klinkers-horen",3,{"id":23,"title":24,"slug":25,"language":9,"level":10,"displayOrder":26},"01a0ba4b-8b87-73a9-9518-4d17aa721080","Open en gesloten lettergrepen","open-en-gesloten-lettergrepen",4,{"id":28,"title":29,"slug":30,"language":9,"level":10,"displayOrder":31},"01a0ba4b-891d-7a3f-adbd-527b99c8ed2c","De klanken ij en ei","de-klanken-ij-en-ei",5,{"id":33,"title":34,"slug":35,"language":9,"level":10,"displayOrder":36},"01a0ba4b-8918-783b-9bd7-01ae7a0889dd","De klanken au en ou","de-klanken-au-en-ou",6,{"id":38,"title":39,"slug":40,"language":9,"level":10,"displayOrder":41},"01a0ba4b-8922-78d7-ba25-82e8471e0365","De klanken ui, eu en oe","de-klanken-ui-eu-en-oe",7,{"id":43,"title":44,"slug":45,"language":9,"level":10,"displayOrder":46},"01a0ba4b-89e2-7a23-a9f4-c2593f46a63b","G, ch, sch, ng en nk uitspreken","g-ch-sch-ng-en-nk-uitspreken",8,{"id":48,"title":49,"slug":50,"language":9,"level":10,"displayOrder":51},"01a0ba4b-8d30-78ab-bd02-60732d19d41d","Woordklemtoon en de stomme e","woordklemtoon-en-de-stomme-e",9,{"id":53,"title":54,"slug":55,"language":9,"level":10,"displayOrder":56},"01a0ba4b-8a7b-767e-97a4-08589a7a5ae5","Hoofdletters en de schrijfwijze van IJ","hoofdletters-en-de-schrijfwijze-van-ij",10,{"id":58,"title":59,"slug":60,"language":9,"level":10,"displayOrder":61},"01a0ba4b-890b-7329-92dd-1df1cd56fd40","De en het bij zelfstandige naamwoorden","de-en-het-bij-zelfstandige-naamwoorden",11,{"id":63,"title":64,"slug":65,"language":9,"level":10,"displayOrder":66},"01a0ba4b-8a38-7302-b15f-d5d26e4b4916","Het onbepaalde lidwoord een","het-onbepaalde-lidwoord-een",12,{"id":68,"title":69,"slug":70,"language":9,"level":10,"displayOrder":71},"01a0ba4b-8b1b-7228-af8c-17ac0c446c30","Meervouden op -en","meervouden-op-en",13,{"id":73,"title":74,"slug":75,"language":9,"level":10,"displayOrder":76},"01a0ba4b-8b1f-7950-964b-a1ad404c15ac","Meervouden op -s en 's","meervouden-op-s-en-apostrof-s",14,{"id":78,"title":79,"slug":80,"language":9,"level":10,"displayOrder":81},"01a0ba4b-8c6d-7dc6-ab35-16bde85f631d","Veelvoorkomende onregelmatige meervouden","veelvoorkomende-onregelmatige-meervouden",15,{"id":83,"title":84,"slug":85,"language":9,"level":10,"displayOrder":86},"01a0ba4b-899d-7be4-b614-20975395e6f8","Eenvoudige verkleinwoorden met -je en -tje","eenvoudige-verkleinwoorden-met-je-en-tje",16,{"id":88,"title":89,"slug":90,"language":9,"level":10,"displayOrder":91},"01a0ba4b-8ba9-7b56-ad6e-036c0afd83a6","Persoonlijke voornaamwoorden als onderwerp","persoonlijke-voornaamwoorden-als-onderwerp",17,{"id":93,"title":94,"slug":95,"language":9,"level":10,"displayOrder":96},"01a0ba4b-8ad3-74cd-af06-d68b55f58b83","Je, jij en u aanspreken","je-jij-en-u-aanspreken",18,{"id":98,"title":99,"slug":100,"language":9,"level":10,"displayOrder":101},"01a0ba4b-8871-709b-928b-2f78426a482b","Beklemtoonde en onbeklemtoonde onderwerpsvormen","beklemtoonde-en-onbeklemtoonde-onderwerpsvormen",19,{"id":103,"title":104,"slug":105,"language":9,"level":10,"displayOrder":106},"01a0ba4b-88ab-7903-8f1e-98e859066901","Bezittelijke voornaamwoorden bij een naamwoord","bezittelijke-voornaamwoorden-bij-een-naamwoord",20,{"id":108,"title":109,"slug":110,"language":9,"level":10,"displayOrder":111},"01a0ba4b-897e-7565-9a93-f65d38dde38d","Deze, die, dit en dat aanwijzen","deze-die-dit-en-dat-aanwijzen",21,{"id":113,"title":114,"slug":115,"language":9,"level":10,"displayOrder":116},"01a0ba4b-8a60-7e86-a650-0d62eb903ae0","Het werkwoord zijn in de tegenwoordige tijd","het-werkwoord-zijn-in-de-tegenwoordige-tijd",22,{"id":118,"title":119,"slug":120,"language":9,"level":10,"displayOrder":121},"01a0ba4b-8a5b-7dc3-86a1-3dd4b376b037","Het werkwoord hebben in de tegenwoordige tijd","het-werkwoord-hebben-in-de-tegenwoordige-tijd",23,{"id":123,"title":124,"slug":125,"language":9,"level":10,"displayOrder":126},"01a0ba4b-8bcf-7b17-96b3-3d0ce096e3b3","Regelmatige werkwoorden in de tegenwoordige tijd","regelmatige-werkwoorden-in-de-tegenwoordige-tijd",24,{"id":128,"title":129,"slug":130,"language":9,"level":10,"displayOrder":131},"01a0ba4b-8947-715c-b329-ba58ae5c2e6a","De stam van een werkwoord vinden","de-stam-van-een-werkwoord-vinden",25,{"id":133,"title":134,"slug":135,"language":9,"level":10,"displayOrder":136},"01a0ba4b-8d2b-7ab4-a05a-88f55a28337a","Werkwoordsvormen met -t en -d","werkwoordsvormen-met-t-en-d",26,{"id":138,"title":139,"slug":140,"language":9,"level":10,"displayOrder":141},"01a0ba4b-8c68-76e3-a5db-16b498338566","Veelgebruikte onregelmatige werkwoorden","veelgebruikte-onregelmatige-werkwoorden",27,{"id":143,"title":144,"slug":145,"language":9,"level":10,"displayOrder":146},"01a0ba4b-8bfb-7e0d-a8c9-89fe0e425bb7","Scheidbare werkwoorden in de tegenwoordige tijd","scheidbare-werkwoorden-in-de-tegenwoordige-tijd",28,{"id":148,"title":149,"slug":150,"language":9,"level":10,"displayOrder":151},"01a0ba4b-8aec-7d1b-a60f-0ea502ac8c5f","Kunnen, willen, moeten en mogen","kunnen-willen-moeten-en-mogen",29,{"id":153,"title":154,"slug":155,"language":9,"level":10,"displayOrder":156},"01a0ba4b-890f-7513-8d49-b9ada6efdd88","De gebiedende wijs","de-gebiedende-wijs",30,{"id":158,"title":159,"slug":160,"language":9,"level":10,"displayOrder":161},"01a0ba4b-8907-743c-ab57-f49c1cf61cd6","De basisvolgorde van een mededelende zin","de-basisvolgorde-van-een-mededelende-zin",31,{"id":163,"title":164,"slug":165,"language":9,"level":10,"displayOrder":166},"01a0ba4b-8937-790e-a6db-12de4f293c3d","De persoonsvorm op de tweede plaats","de-persoonsvorm-op-de-tweede-plaats",32,{"id":168,"title":169,"slug":170,"language":9,"level":10,"displayOrder":171},"01a0ba4b-8ac7-7991-bf26-9b9c72431320","Inversie na tijd en plaats","inversie-na-tijd-en-plaats",33,{"id":173,"title":174,"slug":175,"language":9,"level":10,"displayOrder":176},"01a0ba4b-8a65-7bbb-93b3-3ca1c28a457f","Het zinskader met twee werkwoorden","het-zinskader-met-twee-werkwoorden",34,{"id":178,"title":179,"slug":180,"language":9,"level":10,"displayOrder":181},"01a0ba4b-8acd-7570-ba56-88ce04558280","Ja-neevragen met inversie","ja-neevragen-met-inversie",35,{"id":183,"title":184,"slug":185,"language":9,"level":10,"displayOrder":186},"01a0ba4b-8cde-7300-830a-aa5794a4dc20","Vraagwoorden in eenvoudige vragen","vraagwoorden-in-eenvoudige-vragen",36,{"id":188,"title":189,"slug":190,"language":9,"level":10,"displayOrder":191},"01a0ba4b-8b7d-745f-abca-1a13bfda9be3","Ontkennen met niet","ontkennen-met-niet",37,{"id":193,"title":194,"slug":195,"language":9,"level":10,"displayOrder":196},"01a0ba4b-8b78-7858-b993-9170c8518752","Ontkennen met geen","ontkennen-met-geen",38,{"id":198,"title":199,"slug":200,"language":9,"level":10,"displayOrder":201},"01a0ba4b-88bf-7ea7-a50c-7274f39cbba0","Bijvoeglijke naamwoorden en de uitzondering bij een het-woord","bijvoeglijke-naamwoorden-en-de-uitzondering-bij-een-het-woord",39,{"id":203,"title":204,"slug":205,"language":9,"level":10,"displayOrder":206},"01a0ba4b-8867-7609-97d9-66b3d8eed485","Basisvoorzetsels van plaats en tijd","basisvoorzetsels-van-plaats-en-tijd",40,{"id":208,"title":209,"slug":210,"language":9,"level":10,"displayOrder":211},"01a0ba4b-8a88-7021-be52-48e4aab7ee50","Hoofdtelwoorden en aantallen","hoofdtelwoorden-en-aantallen",41,{"id":213,"title":214,"slug":215,"language":9,"level":10,"displayOrder":216},"01a0ba4b-8bbf-79ca-8709-d00ebc26530e","Rangtelwoorden en datums","rangtelwoorden-en-datums",42,{"id":218,"title":219,"slug":220,"language":9,"level":10,"displayOrder":221},"01a0ba4b-89c8-7d1c-a51c-a16727d1c740","Er is en er zijn","er-is-en-er-zijn",43,{"id":223,"title":224,"slug":225,"language":9,"level":10,"displayOrder":226},"01a0ba4b-8a8d-79ca-af90-3ef40cd6857a","Hoofdzinnen verbinden met en, maar en of","hoofdzinnen-verbinden-met-en-maar-en-of",44,{"id":228,"title":229,"slug":230,"language":9,"level":231,"displayOrder":232},"01a0ba4b-8a56-7bb1-8e39-141f60acfad3","Het trema bij botsende klinkers","het-trema-bij-botsende-klinkers","A2",45,{"id":234,"title":235,"slug":236,"language":9,"level":231,"displayOrder":237},"01a0ba4b-883b-76c5-9773-3f9bccb7952d","Accenten voor nadruk en uitspraak","accenten-voor-nadruk-en-uitspraak",46,{"id":239,"title":240,"slug":241,"language":9,"level":231,"displayOrder":242},"01a0ba4b-8a9b-706a-b8a6-c298fdf7678a","IJ of ei en au of ou spellen","ij-of-ei-en-au-of-ou-spellen",47,{"id":244,"title":245,"slug":246,"language":9,"level":231,"displayOrder":247},"01a0ba4b-89a2-7ab9-b882-800075e3ebda","Eindklanken en wisselingen tussen d en t, v en f, z en s","eindklanken-en-wisselingen-tussen-d-t-v-f-z-s",48,{"id":249,"title":250,"slug":251,"language":9,"level":231,"displayOrder":252},"01a0ba4b-8ade-76ea-98a6-573794366d51","Klinker- en medeklinkerspelling in meervouden","klinker-en-medeklinkerspelling-in-meervouden",49,{"id":254,"title":255,"slug":256,"language":9,"level":231,"displayOrder":257},"01a0ba4b-8c84-7a25-bf31-1ef3e140aa1c","Verkleinwoorden op -je, -tje, -pje, -etje en -kje","verkleinwoorden-op-je-tje-pje-etje-en-kje",50,{"id":259,"title":260,"slug":261,"language":9,"level":231,"displayOrder":262},"01a0ba4b-8c05-77e1-acf4-9db934d69ec5","Spelling van verkleinwoorden na klinkers","spelling-van-verkleinwoorden-na-klinkers",51,{"id":264,"title":265,"slug":266,"language":9,"level":231,"displayOrder":267},"01a0ba4b-8beb-7df2-870b-08702c72fb43","Samenstellingen en tussenletters","samenstellingen-en-tussenletters",52,{"id":269,"title":270,"slug":271,"language":9,"level":231,"displayOrder":272},"01a0ba4b-8b46-7183-b8ae-e8b35b9b856b","Natuurlijk geslacht bij personen en dieren","natuurlijk-geslacht-bij-personen-en-dieren",53,{"id":274,"title":275,"slug":276,"language":9,"level":231,"displayOrder":277},"01a0ba4b-8ce9-79fd-baa9-db2e0cfebf68","Wanneer een lidwoord wegblijft","wanneer-een-lidwoord-wegblijft",54,{"id":279,"title":280,"slug":281,"language":9,"level":231,"displayOrder":282},"01a0ba4b-8ba4-7bf2-8240-894d40b179fa","Persoonlijke voornaamwoorden als lijdend en meewerkend voorwerp","persoonlijke-voornaamwoorden-als-lijdend-en-meewerkend-voorwerp",55,{"id":284,"title":285,"slug":286,"language":9,"level":231,"displayOrder":287},"01a0ba4b-8d00-7c9f-b91d-b3f67e369916","Wederkerende voornaamwoorden bij dagelijkse handelingen","wederkerende-voornaamwoorden-bij-dagelijkse-handelingen",56,{"id":289,"title":290,"slug":291,"language":9,"level":231,"displayOrder":292},"01a0ba4b-89a7-7961-a088-0a996d2d0453","Elkaar als wederkerig voornaamwoord","elkaar-als-wederkerig-voornaamwoord",57,{"id":294,"title":295,"slug":296,"language":9,"level":231,"displayOrder":297},"01a0ba4b-8a96-78c9-b1c5-55d9df049328","Iemand, niemand, iets en niets","iemand-niemand-iets-en-niets",58,{"id":299,"title":300,"slug":301,"language":9,"level":231,"displayOrder":302},"01a0ba4b-8d42-71df-be56-dbd45ab0ab54","Zelfstandig gebruik van deze, die, dit en dat","zelfstandig-gebruik-van-deze-die-dit-en-dat",59,{"id":304,"title":305,"slug":306,"language":9,"level":231,"displayOrder":307},"01a0ba4b-8d4e-7ce5-afab-039fc2d6502d","Zelfstandige bezittelijke voornaamwoorden","zelfstandige-bezittelijke-voornaamwoorden",60,{"id":309,"title":310,"slug":311,"language":9,"level":231,"displayOrder":312},"01a0ba4b-89be-7a87-821b-bf950f76af86","Er als aanduiding van een plaats","er-als-aanduiding-van-een-plaats",61,{"id":314,"title":315,"slug":316,"language":9,"level":231,"displayOrder":317},"01a0ba4b-8bf6-7bcd-aa24-327a31370122","Scheidbare en onscheidbare werkwoorden herkennen","scheidbare-en-onscheidbare-werkwoorden-herkennen",62,{"id":319,"title":320,"slug":321,"language":9,"level":231,"displayOrder":322},"01a0ba4b-8b5f-7453-aab4-af4105a9563b","Onbeklemtoonde voorvoegsels be-, ge-, her-, ont- en ver-","onbeklemtoonde-voorvoegsels-be-ge-her-ont-en-ver",63,{"id":324,"title":325,"slug":326,"language":9,"level":231,"displayOrder":327},"01a0ba4b-8a42-7372-b201-afb513dfd163","Het perfectum met hebben","het-perfectum-met-hebben",64,{"id":329,"title":330,"slug":331,"language":9,"level":231,"displayOrder":332},"01a0ba4b-8a47-79e1-9e1a-1500b1c262d3","Het perfectum met zijn","het-perfectum-met-zijn",65,{"id":334,"title":335,"slug":336,"language":9,"level":231,"displayOrder":337},"01a0ba4b-8a2c-787b-9f4b-71b7dd145f99","'t kofschip en het voltooid deelwoord","het-kofschip",66,{"id":339,"title":340,"slug":341,"language":9,"level":231,"displayOrder":342},"01a0ba4b-8c9f-70ac-ae83-6de1c1344585","Voltooide deelwoorden van scheidbare en onscheidbare werkwoorden","voltooide-deelwoorden-van-scheidbare-en-onscheidbare-werkwoorden",67,{"id":344,"title":345,"slug":346,"language":9,"level":231,"displayOrder":347},"01a0ba4b-8b73-7a58-8e24-c6390984b8d4","Onregelmatige voltooide deelwoorden","onregelmatige-voltooide-deelwoorden",68,{"id":349,"title":350,"slug":351,"language":9,"level":231,"displayOrder":352},"01a0ba4b-8a27-7c1c-af66-7383f8c89dbe","Het imperfectum van regelmatige werkwoorden","het-imperfectum-van-regelmatige-werkwoorden",69,{"id":354,"title":355,"slug":356,"language":9,"level":231,"displayOrder":357},"01a0ba4b-8a22-7d3a-a1df-740d81b793b2","Het imperfectum van onregelmatige werkwoorden","het-imperfectum-van-onregelmatige-werkwoorden",70,{"id":359,"title":360,"slug":361,"language":9,"level":231,"displayOrder":362},"01a0ba4b-8b96-7433-8cbe-230bd2eb6d68","Perfectum en imperfectum in alledaagse verhalen","perfectum-en-imperfectum-in-alledaagse-verhalen",71,{"id":364,"title":365,"slug":366,"language":9,"level":231,"displayOrder":367},"01a0ba4b-8a51-7c31-a505-58ffa2df00cf","Het plusquamperfectum voor een eerder verleden","het-plusquamperfectum-voor-een-eerder-verleden",72,{"id":369,"title":370,"slug":371,"language":9,"level":231,"displayOrder":372},"01a0ba4b-8951-71b1-ac16-af18ac47a221","De toekomst met gaan","de-toekomst-met-gaan",73,{"id":374,"title":375,"slug":376,"language":9,"level":231,"displayOrder":377},"01a0ba4b-8956-733e-9339-fea32e5ff0ce","De toekomst met zullen","de-toekomst-met-zullen",74,{"id":379,"title":380,"slug":381,"language":9,"level":231,"displayOrder":382},"01a0ba4b-8998-7c2b-b340-b502436665c9","Doel uitdrukken met om te","doel-uitdrukken-met-om-te",75,{"id":384,"title":385,"slug":386,"language":9,"level":231,"displayOrder":387},"01a0ba4b-8d1d-72a6-961a-ba3b9df2bbdf","Werkwoorden die een te-infinitief krijgen","werkwoorden-die-een-te-infinitief-krijgen",76,{"id":389,"title":390,"slug":391,"language":9,"level":231,"displayOrder":392},"01a0ba4b-88a3-7417-8f7b-0a7af50301e1","Bezig zijn met aan het en een infinitief","bezig-zijn-met-aan-het-en-een-infinitief",77,{"id":394,"title":395,"slug":396,"language":9,"level":231,"displayOrder":397},"01a0ba4b-8d67-7c7a-a8a4-a90aecfeb651","Zitten, staan, liggen en lopen te","zitten-staan-liggen-en-lopen-te",78,{"id":399,"title":400,"slug":401,"language":9,"level":231,"displayOrder":402},"01a0ba4b-8c38-79c0-95eb-c9bab8f41228","Tijd, manier en plaats in het middenstuk","tijd-manier-en-plaats-in-het-middenstuk",79,{"id":404,"title":405,"slug":406,"language":9,"level":231,"displayOrder":407},"01a0ba4b-8979-713a-b198-a682e3d84d78","De werkwoordelijke tang in de hoofdzin","de-werkwoordelijke-tang-in-de-hoofdzin",80,{"id":409,"title":410,"slug":411,"language":9,"level":231,"displayOrder":412},"01a0ba4b-88ce-7ebd-9d5f-43612bb1f1c5","Bijzinnen met omdat","bijzinnen-met-omdat",81,{"id":414,"title":415,"slug":416,"language":9,"level":231,"displayOrder":417},"01a0ba4b-8cef-72d5-a29a-f5ffdc887e45","Want en omdat vergelijken","want-en-omdat-vergelijken",82,{"id":419,"title":420,"slug":421,"language":9,"level":231,"displayOrder":422},"01a0ba4b-8ab3-7bfc-9875-1ec855e5d96e","Inhoudszinnen met dat","inhoudszinnen-met-dat",83,{"id":424,"title":425,"slug":426,"language":9,"level":231,"displayOrder":427},"01a0ba4b-8a9f-7b15-8a5f-35804c226da6","Indirecte ja-neevragen met of","indirecte-ja-neevragen-met-of",84,{"id":429,"title":430,"slug":431,"language":9,"level":231,"displayOrder":432},"01a0ba4b-8ac1-7c50-8d4e-39985be9554a","Inversie na een bijzin","inversie-na-een-bijzin",85,{"id":434,"title":435,"slug":436,"language":9,"level":231,"displayOrder":437},"01a0ba4b-887e-7e76-b9e2-c037c00bbfec","Beleefde verzoeken met even, maar en alstublieft","beleefde-verzoeken-met-even-maar-en-alstublieft",86,{"id":439,"title":440,"slug":441,"language":9,"level":231,"displayOrder":442},"01a0ba4b-8942-7541-b31a-8863dcdd0857","De plaats van niet in de eenvoudige zin","de-plaats-van-niet-in-de-eenvoudige-zin",87,{"id":444,"title":445,"slug":446,"language":9,"level":231,"displayOrder":447},"01a0ba4b-895b-72b5-b26a-e2b99406dc95","De vergrotende en overtreffende trap","de-vergrotende-en-overtreffende-trap",88,{"id":449,"title":450,"slug":451,"language":9,"level":231,"displayOrder":452},"01a0ba4b-8c7e-7e35-9ec2-cc9d688c5fba","Vergelijken met dan en als","vergelijken-met-dan-en-als",89,{"id":454,"title":455,"slug":456,"language":9,"level":231,"displayOrder":457},"01a0ba4b-8c63-7588-9931-4c956065e266","Veel, weinig, genoeg, meer en minder","veel-weinig-genoeg-meer-en-minder",90,{"id":459,"title":460,"slug":461,"language":9,"level":231,"displayOrder":462},"01a0ba4b-8c73-70d5-b945-950d00700878","Veelvoorkomende vaste voorzetselcombinaties","veelvoorkomende-vaste-voorzetselcombinaties",91,{"id":464,"title":465,"slug":466,"language":9,"level":231,"displayOrder":467},"01a0ba4b-8c3f-78c9-926d-2f82bd4bee0f","Tijdsduur met al, sinds, vanaf en gedurende","tijdsduur-met-al-sinds-vanaf-en-gedurende",92,{"id":469,"title":470,"slug":471,"language":9,"level":231,"displayOrder":472},"01a0ba4b-88a7-7681-a830-52fdd77a64aa","Bezitsrelaties met van en apostrof-s","bezitsrelaties-met-van-en-apostrof-s",93,{"id":474,"title":475,"slug":476,"language":9,"level":231,"displayOrder":477},"01a0ba4b-8b6e-7e23-8519-9af18e867efd","Onregelmatige trappen van vergelijking","onregelmatige-trappen-van-vergelijking",94,{"id":479,"title":480,"slug":481,"language":9,"level":231,"displayOrder":482},"01a0ba4b-88c4-7859-852a-22ba4efa3a7a","Bijwoorden van frequentie en graad","bijwoorden-van-frequentie-en-graad",95,{"id":484,"title":485,"slug":486,"language":9,"level":231,"displayOrder":487},"01a0ba4b-8cd8-74ec-852d-9c101777836a","Voorzetsels bij richting en verplaatsing","voorzetsels-bij-richting-en-verplaatsing",96,{"id":489,"title":490,"slug":491,"language":9,"level":492,"displayOrder":493},"01a0ba4b-8d26-7b4b-be17-687d878c0751","Werkwoordspelling van stam tot verleden tijd","werkwoordspelling-van-stam-tot-verleden-tijd","B1",97,{"id":495,"title":496,"slug":497,"language":9,"level":492,"displayOrder":498},"01a0ba4b-8c4f-7144-b05f-05ff200ffd47","Tussen-n en tussen-s in samenstellingen","tussen-n-en-tussen-s-in-samenstellingen",98,{"id":500,"title":501,"slug":502,"language":9,"level":492,"displayOrder":503},"01a0ba4b-885a-7d0b-9c8a-79a701bd718a","Apostroffen en meervouden van leenwoorden","apostroffen-en-meervouden-van-leenwoorden",99,{"id":505,"title":506,"slug":507,"language":9,"level":492,"displayOrder":508},"01a0ba4b-8c18-7c39-8850-4aa863644dc2","Telbare en niet-telbare zelfstandige naamwoorden","telbare-en-niet-telbare-zelfstandige-naamwoorden",100,{"id":510,"title":511,"slug":512,"language":9,"level":492,"displayOrder":513},"01a0ba4b-8d56-7170-8598-3f83e20d35d9","Zelfstandige naamwoorden maken met achtervoegsels","zelfstandige-naamwoorden-maken-met-achtervoegsels",101,{"id":515,"title":516,"slug":517,"language":9,"level":492,"displayOrder":518},"01a0ba4b-8c8a-748a-a010-6d01a5dc3f4f","Verkleinwoorden voor betekenis en houding","verkleinwoorden-voor-betekenis-en-houding",102,{"id":520,"title":521,"slug":522,"language":9,"level":492,"displayOrder":523},"01a0ba4b-8bae-789f-a518-7256f03bc1d0","Presentatief er bij een onbepaald onderwerp","presentatief-er-bij-een-onbepaald-onderwerp",103,{"id":525,"title":526,"slug":527,"language":9,"level":492,"displayOrder":528},"01a0ba4b-8af1-72d6-98bb-ea7292642865","Kwantitatief er met aantallen en hoeveelheden","kwantitatief-er-met-aantallen-en-hoeveelheden",104,{"id":530,"title":531,"slug":532,"language":9,"level":492,"displayOrder":533},"01a0ba4b-89cd-7ad4-a14d-0ea3aaa695b0","Er met een voorzetsel","er-met-een-voorzetsel",105,{"id":535,"title":536,"slug":537,"language":9,"level":492,"displayOrder":538},"01a0ba4b-8a6a-7b57-a92b-93358fecbfe3","Hier- en daarwoorden met een voorzetsel","hier-en-daarwoorden-met-een-voorzetsel",106,{"id":540,"title":541,"slug":542,"language":9,"level":492,"displayOrder":543},"01a0ba4b-8a08-7db9-896c-f605ce17aecf","Gesplitste voornaamwoordelijke bijwoorden","gesplitste-voornaamwoordelijke-bijwoorden",107,{"id":545,"title":546,"slug":547,"language":9,"level":492,"displayOrder":548},"01a0ba4b-8a92-7104-a45e-2a65bcd86674","Iedereen, alles, men en algemeen je","iedereen-alles-men-en-algemeen-je",108,{"id":550,"title":551,"slug":552,"language":9,"level":492,"displayOrder":553},"01a0ba4b-8c5e-77df-a653-814551bdae5e","Vaste wederkerende en wederkerige werkwoorden","vaste-wederkerende-en-wederkerige-werkwoorden",109,{"id":555,"title":556,"slug":557,"language":9,"level":492,"displayOrder":558},"01a0ba4b-8b9b-72a6-98d3-2dd2dda56bb7","Perfectum en imperfectum in een samenhangend verhaal","perfectum-en-imperfectum-in-een-samenhangend-verhaal",110,{"id":560,"title":561,"slug":562,"language":9,"level":492,"displayOrder":563},"01a0ba4b-8a4c-7cff-a8fa-d1e2e50d01ba","Het plusquamperfectum in tijdsvolgorde","het-plusquamperfectum-in-tijdsvolgorde",111,{"id":565,"title":566,"slug":567,"language":9,"level":492,"displayOrder":568},"01a0ba4b-8a3d-74ad-82eb-9a81aa9ae38c","Het perfectum met een modaal werkwoord","het-perfectum-met-een-modaal-werkwoord",112,{"id":570,"title":571,"slug":572,"language":9,"level":492,"displayOrder":573},"01a0ba4b-8d7d-75ca-85ab-db19d1769f70","Zullen voor voorspellingen, beloften en aannames","zullen-voor-voorspellingen-beloften-en-aannames",113,{"id":575,"title":576,"slug":577,"language":9,"level":492,"displayOrder":578},"01a0ba4b-8d6d-75b7-82bb-ab97af5da2b1","Zou als toekomst vanuit het verleden","zou-als-toekomst-vanuit-het-verleden",114,{"id":580,"title":581,"slug":582,"language":9,"level":492,"displayOrder":583},"01a0ba4b-8c49-7dfd-8e7b-f19065381670","Tijdsprongen in verhalen markeren","tijdsprongen-in-verhalen-markeren",115,{"id":585,"title":586,"slug":587,"language":9,"level":492,"displayOrder":588},"01a0ba4b-8d22-7010-8019-e829016edf67","Werkwoorden met een vast voorzetsel","werkwoorden-met-een-vast-voorzetsel",116,{"id":590,"title":591,"slug":592,"language":9,"level":492,"displayOrder":593},"01a0ba4b-886c-75b9-b640-aace3da13a67","Beginnen, blijven, stoppen en doorgaan als fasewerkwoorden","beginnen-blijven-stoppen-en-doorgaan-als-fasewerkwoorden",117,{"id":595,"title":596,"slug":597,"language":9,"level":492,"displayOrder":598},"01a0ba4b-8d3b-7a9f-a2e4-e6e1fd140050","Worden, blijven, blijken en lijken als koppelwerkwoorden","worden-blijven-blijken-en-lijken-als-koppelwerkwoorden",118,{"id":600,"title":601,"slug":602,"language":9,"level":492,"displayOrder":603},"01a0ba4b-8d18-71b6-a8e1-a159aa6697c3","Werkwoorden achteraan in de bijzin","werkwoorden-achteraan-in-de-bijzin",119,{"id":605,"title":606,"slug":607,"language":9,"level":492,"displayOrder":608},"01a0ba4b-8c54-7240-82d4-46d7ad35a5d4","Twee werkwoorden in de bijzin","twee-werkwoorden-in-de-bijzin",120,{"id":610,"title":611,"slug":612,"language":9,"level":492,"displayOrder":613},"01a0ba4b-8cbf-7403-bb48-9f3a39d157e4","Voornaamwoorden en bepalingen in het middenstuk","voornaamwoorden-en-bepalingen-in-het-middenstuk",121,{"id":615,"title":616,"slug":617,"language":9,"level":492,"displayOrder":618},"01a0ba4b-893c-7be7-b102-7f79cc64c2f1","De plaats van niet bij werkwoorden en bepalingen","de-plaats-van-niet-bij-werkwoorden-en-bepalingen",122,{"id":620,"title":621,"slug":622,"language":9,"level":492,"displayOrder":623},"01a0ba4b-884d-7c53-9443-5e6c22bcf310","Als, wanneer en toen voor tijd","als-wanneer-en-toen-voor-tijd",123,{"id":625,"title":626,"slug":627,"language":9,"level":492,"displayOrder":628},"01a0ba4b-8c27-7e6e-93d5-e8b43acb0927","Terwijl en toen in beschrijving en verhaal","terwijl-en-toen-in-beschrijving-en-verhaal",124,{"id":630,"title":631,"slug":632,"language":9,"level":492,"displayOrder":633},"01a0ba4b-8ca9-74e1-b5fd-9c2c7b327ec3","Voordat, nadat en totdat","voordat-nadat-en-totdat",125,{"id":635,"title":636,"slug":637,"language":9,"level":492,"displayOrder":638},"01a0ba4b-8ccc-7f50-ac06-a43b549bfa23","Voorwaarden met als en tenzij","voorwaarden-met-als-en-tenzij",126,{"id":640,"title":641,"slug":642,"language":9,"level":492,"displayOrder":643},"01a0ba4b-8c14-7295-8ec8-823481094d8c","Tegenstellingen met hoewel en ook al","tegenstellingen-met-hoewel-en-ook-al",127,{"id":645,"title":646,"slug":647,"language":9,"level":492,"displayOrder":648},"01a0ba4b-8a13-7a97-9d8e-30df8e25cee4","Gevolg uitdrukken met zodat en waardoor","gevolg-uitdrukken-met-zodat-en-waardoor",128,{"id":650,"title":651,"slug":652,"language":9,"level":492,"displayOrder":653},"01a0ba4b-8aa4-7f2c-9483-ca068210593f","Indirecte rede met dat en of","indirecte-rede-met-dat-en-of",129,{"id":655,"title":656,"slug":657,"language":9,"level":492,"displayOrder":658},"01a0ba4b-889a-72b7-b319-38287ecbeed0","Betrekkelijke bijzinnen met die en dat","betrekkelijke-bijzinnen-met-die-en-dat",130,{"id":660,"title":661,"slug":662,"language":9,"level":492,"displayOrder":663},"01a0ba4b-8cd2-7938-8779-ae39d4dc8377","Voorzetsel plus wie en waar plus voorzetsel","voorzetsel-plus-wie-en-waar-plus-voorzetsel",131,{"id":665,"title":666,"slug":667,"language":9,"level":492,"displayOrder":668},"01a0ba4b-8cf4-78eb-866e-888a781e2a62","Wat als betrekkelijk voornaamwoord","wat-als-betrekkelijk-voornaamwoord",132,{"id":670,"title":671,"slug":672,"language":9,"level":492,"displayOrder":673},"01a0ba4b-8896-7047-b4db-4fa96401be6c","Betrekkelijke bijwoorden met waar","betrekkelijke-bijwoorden-met-waar",133,{"id":675,"title":676,"slug":677,"language":9,"level":492,"displayOrder":678},"01a0ba4b-8c0f-74b0-965c-85fbdbf3e755","Te en om te bij infinitiefconstructies","te-en-om-te-bij-infinitiefconstructies",134,{"id":680,"title":681,"slug":682,"language":9,"level":492,"displayOrder":683},"01a0ba4b-8a6f-7ceb-a0f7-d5116fafa9fb","Hoeven te en durven te","hoeven-te-en-durven-te",135,{"id":685,"title":686,"slug":687,"language":9,"level":492,"displayOrder":688},"01a0ba4b-8af5-7504-be93-bd68fa25b103","Laten en doen met een infinitief","laten-en-doen-met-een-infinitief",136,{"id":690,"title":691,"slug":692,"language":9,"level":492,"displayOrder":693},"01a0ba4b-892c-7298-a18f-eca5dc27bed9","De lijdende vorm met worden","de-lijdende-vorm-met-worden",137,{"id":695,"title":696,"slug":697,"language":9,"level":492,"displayOrder":698},"01a0ba4b-896e-7b18-8172-1b381a55ca10","De voltooide lijdende vorm met zijn","de-voltooide-lijdende-vorm-met-zijn",138,{"id":700,"title":701,"slug":702,"language":9,"level":492,"displayOrder":703},"01a0ba4b-8d72-7be2-be7b-5d672d145758","Zou en zouden voor advies en beleefde verzoeken","zou-en-zouden-voor-advies-en-beleefde-verzoeken",139,{"id":705,"title":706,"slug":707,"language":9,"level":492,"displayOrder":708},"01a0ba4b-8bca-7735-b371-9ecae0f90d76","Reële en mogelijke voorwaarden met als","reele-en-mogelijke-voorwaarden-met-als",140,{"id":710,"title":711,"slug":712,"language":9,"level":492,"displayOrder":713},"01a0ba4b-8c78-7a02-91ff-98b545bf9891","Verbanden markeren in verhaal en betoog","verbanden-markeren-in-verhaal-en-betoog",141,{"id":715,"title":716,"slug":717,"language":9,"level":492,"displayOrder":718},"01a0ba4b-8b64-723e-b928-67b424e66aea","Onbepaalde hoeveelheden met wat, enkele en verscheidene","onbepaalde-hoeveelheden-met-wat-enkele-en-verscheidene",142,{"id":720,"title":721,"slug":722,"language":9,"level":492,"displayOrder":723},"01a0ba4b-8bf1-7216-ba74-a4ae3d2ac863","Samenstellingen interpreteren en zelf vormen","samenstellingen-interpreteren-en-zelf-vormen",143,{"id":725,"title":726,"slug":727,"language":9,"level":492,"displayOrder":728},"01a0ba4b-8993-7b0e-a0f7-c69b3304644c","Dit, dat en zo als tekstverwijzers","dit-dat-en-zo-als-tekstverwijzers",144,{"id":730,"title":731,"slug":732,"language":9,"level":492,"displayOrder":733},"01a0ba4b-88d3-7a02-96e8-5ffccdb6ef3e","Bronnen weergeven met afstand en zekerheid","bronnen-weergeven-met-afstand-en-zekerheid",145,{"id":735,"title":736,"slug":737,"language":9,"level":492,"displayOrder":738},"01a0ba4b-8842-774d-8478-b4a6473c8846","Afzwakken en zekerheid doseren","afzwakken-en-zekerheid-doseren",146,{"id":740,"title":741,"slug":742,"language":9,"level":492,"displayOrder":743},"01a0ba4b-8bba-72ef-a8fd-24f8cf944e11","Professioneel register afstemmen op publiek en doel","professioneel-register-afstemmen-op-publiek-en-doel",147,{"id":745,"title":746,"slug":747,"language":9,"level":748,"displayOrder":749},"01a0ba4b-8861-763c-9cb5-3b69f489501a","Assimilatie en klankverbinding in vloeiende spraak","assimilatie-en-klankverbinding-in-vloeiende-spraak","B2",148,{"id":751,"title":752,"slug":753,"language":9,"level":748,"displayOrder":754},"01a0ba4b-8d5c-7448-a8ed-cab5ab14cf00","Zinsaccent en intonatie voor nieuwe informatie","zinsaccent-en-intonatie-voor-nieuwe-informatie",149,{"id":756,"title":757,"slug":758,"language":9,"level":748,"displayOrder":759},"01a0ba4b-8b33-79ad-828e-5e317f92024a","Moeilijke gevallen van d, t en dt","moeilijke-gevallen-van-d-t-en-dt",150,{"id":761,"title":762,"slug":763,"language":9,"level":748,"displayOrder":764},"01a0ba4b-8ae3-7644-92ce-0f7a90f5987d","Koppelteken, trema en tussenletters in samenstellingen","koppelteken-trema-en-tussenletters-in-samenstellingen",151,{"id":766,"title":767,"slug":768,"language":9,"level":748,"displayOrder":769},"01a0ba4b-8a81-7a52-bae3-e76afb2579bf","Hoofdletters en leestekens in formele teksten","hoofdletters-en-leestekens-in-formele-teksten",152,{"id":771,"title":772,"slug":773,"language":9,"level":748,"displayOrder":774},"01a0ba4b-8b4f-7f0b-a6fc-0c11c749e79d","Nominalisaties in informatieve teksten","nominalisaties-in-informatieve-teksten",153,{"id":776,"title":777,"slug":778,"language":9,"level":748,"displayOrder":779},"01a0ba4b-88ba-7f7c-bef5-2a5be5180ac7","Bijvoeglijk gebruikte deelwoorden en hun spelling","bijvoeglijk-gebruikte-deelwoorden-en-hun-spelling",154,{"id":781,"title":782,"slug":783,"language":9,"level":748,"displayOrder":784},"01a0ba4b-8d48-7975-926a-10f6a473824f","Zelfstandig gebruikte bijvoeglijke naamwoorden","zelfstandig-gebruikte-bijvoeglijke-naamwoorden",155,{"id":786,"title":787,"slug":788,"language":9,"level":748,"displayOrder":789},"01a0ba4b-8b16-795f-adcd-1c534952ca0f","Meerdere functies van er in één zin","meerdere-functies-van-er-in-een-zin",156,{"id":791,"title":792,"slug":793,"language":9,"level":748,"displayOrder":794},"01a0ba4b-8d35-7afa-a026-514562d280d4","Woordvolgorde bij presentatief er","woordvolgorde-bij-presentatief-er",157,{"id":796,"title":797,"slug":798,"language":9,"level":748,"displayOrder":799},"01a0ba4b-88eb-7905-abcb-7079857bb0f1","Complexe hoeveelheidsconstructies met er","complexe-hoeveelheidsconstructies-met-er",158,{"id":801,"title":802,"slug":803,"language":9,"level":748,"displayOrder":804},"01a0ba4b-8cb3-7b56-b860-963f7c68ebc0","Voornaamwoordelijke bijwoorden voor zaken en personen","voornaamwoordelijke-bijwoorden-voor-zaken-en-personen",159,{"id":806,"title":807,"slug":808,"language":9,"level":748,"displayOrder":809},"01a0ba4b-8ce3-7e7a-9447-28112fcf53da","Waarmee, waarover en waarop in vraag en verwijzing","waarmee-waarover-en-waarop-in-vraag-en-verwijzing",160,{"id":811,"title":812,"slug":813,"language":9,"level":748,"displayOrder":814},"01a0ba4b-8c44-7c98-98ff-211d1b8ec869","Tijdsperspectief kiezen in verhalen","tijdsperspectief-kiezen-in-verhalen",161,{"id":816,"title":817,"slug":818,"language":9,"level":748,"displayOrder":819},"01a0ba4b-8913-7733-9229-19fe08b6598c","De historische tegenwoordige tijd","de-historische-tegenwoordige-tijd",162,{"id":821,"title":822,"slug":823,"language":9,"level":748,"displayOrder":824},"01a0ba4b-8b9f-7deb-a298-15bbf3486984","Perfectum en plusquamperfectum in complexe vertellingen","perfectum-en-plusquamperfectum-in-complexe-vertellingen",163,{"id":826,"title":827,"slug":828,"language":9,"level":748,"displayOrder":829},"01a0ba4b-8c1d-75b0-be8a-3b7b2ae131eb","Temporeel en modaal zullen onderscheiden","temporeel-en-modaal-zullen-onderscheiden",164,{"id":831,"title":832,"slug":833,"language":9,"level":748,"displayOrder":834},"01a0ba4b-8d78-70fd-81a1-803404a3de92","Zou voor onzekerheid en informatie uit tweede hand","zou-voor-onzekerheid-en-informatie-uit-tweede-hand",165,{"id":836,"title":837,"slug":838,"language":9,"level":748,"displayOrder":839},"01a0ba4b-8960-72af-9e97-fa0d7bae46a0","De vervangende infinitief in het perfectum","de-vervangende-infinitief-in-het-perfectum",166,{"id":841,"title":842,"slug":843,"language":9,"level":748,"displayOrder":844},"01a0ba4b-8c9a-711a-866e-0f208e490710","Voltooide constructies met modale werkwoorden","voltooide-constructies-met-modale-werkwoorden",167,{"id":846,"title":847,"slug":848,"language":9,"level":748,"displayOrder":849},"01a0ba4b-8964-7d35-9bef-9ace62f5a404","De volgorde in clusters van drie werkwoorden","de-volgorde-in-clusters-van-drie-werkwoorden",168,{"id":851,"title":852,"slug":853,"language":9,"level":748,"displayOrder":854},"01a0ba4b-8c00-7a1b-a7d0-5306815f481c","Scheidbare werkwoorden in werkwoordclusters","scheidbare-werkwoorden-in-werkwoordclusters",169,{"id":856,"title":857,"slug":858,"language":9,"level":748,"displayOrder":859},"01a0ba4b-8be6-791a-a91b-c4e4e710b4e2","Rode en groene volgorde in de bijzin","rode-en-groene-volgorde-in-de-bijzin",170,{"id":861,"title":862,"slug":863,"language":9,"level":748,"displayOrder":864},"01a0ba4b-894c-7323-870c-d03909e1bad2","De tangconstructie met een lang middenstuk","de-tangconstructie-met-een-lang-middenstuk",171,{"id":866,"title":867,"slug":868,"language":9,"level":748,"displayOrder":869},"01a0ba4b-88c9-784d-8839-3d08c55b5424","Bijzinnen en woordgroepen in de uitloop","bijzinnen-en-woordgroepen-in-de-uitloop",172,{"id":871,"title":872,"slug":873,"language":9,"level":748,"displayOrder":874},"01a0ba4b-8b0d-7305-9280-ef11268ee643","Linksplaatsing en hervatting met een voornaamwoord","linksplaatsing-en-hervatting-met-een-voornaamwoord",173,{"id":876,"title":877,"slug":878,"language":9,"level":748,"displayOrder":879},"01a0ba4b-8abb-778a-b78f-b3f5d8855135","Inversie na complexe vooropplaatsing","inversie-na-complexe-vooropplaatsing",174,{"id":881,"title":882,"slug":883,"language":9,"level":748,"displayOrder":884},"01a0ba4b-8aae-7a6c-aa8f-c49cfb96327a","Ingebedde vragen en vraagwoordzinnen","ingebedde-vragen-en-vraagwoordzinnen",175,{"id":886,"title":887,"slug":888,"language":9,"level":748,"displayOrder":889},"01a0ba4b-8b5a-7274-8fbb-cfe29611a76a","Omdat, doordat, aangezien en want","omdat-doordat-aangezien-en-want",176,{"id":891,"title":892,"slug":893,"language":9,"level":748,"displayOrder":894},"01a0ba4b-8a75-73ce-bdd3-8c7e5ca3f31d","Hoewel, ofschoon, ondanks en desondanks","hoewel-ofschoon-ondanks-en-desondanks",177,{"id":896,"title":897,"slug":898,"language":9,"level":748,"displayOrder":899},"01a0ba4b-8848-7308-ae1b-5e9b078a21d2","Als, indien, mits en tenzij voor voorwaarden","als-indien-mits-en-tenzij-voor-voorwaarden",178,{"id":901,"title":902,"slug":903,"language":9,"level":748,"displayOrder":904},"01a0ba4b-89d2-7e0b-a15d-e6131d8f633e","Evenredige vergelijking met hoe en des te","evenredige-vergelijking-met-hoe-en-des-te",179,{"id":906,"title":907,"slug":908,"language":9,"level":748,"displayOrder":909},"01a0ba4b-8875-7a7f-ba1e-d067a39069c3","Beknopte bepalingen met tegenwoordige en voltooide deelwoorden","beknopte-bepalingen-met-tegenwoordige-en-voltooide-deelwoorden",180,{"id":911,"title":912,"slug":913,"language":9,"level":748,"displayOrder":914},"01a0ba4b-8883-72cc-98a4-94343e4f5bfc","Beperkende en uitbreidende betrekkelijke bijzinnen","beperkende-en-uitbreidende-betrekkelijke-bijzinnen",181,{"id":916,"title":917,"slug":918,"language":9,"level":748,"displayOrder":919},"01a0ba4b-8932-78a6-addf-7b2435a81866","De onpersoonlijke lijdende vorm met er","de-onpersoonlijke-lijdende-vorm-met-er",182,{"id":921,"title":922,"slug":923,"language":9,"level":748,"displayOrder":924},"01a0ba4b-8b91-7518-a27d-a7365466884d","Passieve zinnen met modale en voltooide vormen","passieve-zinnen-met-modale-en-voltooide-vormen",183,{"id":926,"title":927,"slug":928,"language":9,"level":748,"displayOrder":929},"01a0ba4b-8927-7af2-8bec-06615ad26161","De krijgen-constructie bij overdracht","de-krijgen-constructie-bij-overdracht",184,{"id":931,"title":932,"slug":933,"language":9,"level":748,"displayOrder":934},"01a0ba4b-898e-78cd-bd1a-d5a07ca9ccf6","Directe en indirecte rede met tijd- en plaatsverschuiving","directe-en-indirecte-rede-met-tijd-en-plaatsverschuiving",185,{"id":936,"title":937,"slug":938,"language":9,"level":748,"displayOrder":939},"01a0ba4b-889e-793d-ba6f-5dae28eafedf","Bevelen en verzoeken indirect weergeven","bevelen-en-verzoeken-indirect-weergeven",186,{"id":941,"title":942,"slug":943,"language":9,"level":748,"displayOrder":944},"01a0ba4b-8d06-7972-a5b6-8cb6a050167e","Wel, toch, even, maar, eens en nou als modale partikels","wel-toch-even-maar-eens-en-nou-als-modale-partikels",187,{"id":946,"title":947,"slug":948,"language":9,"level":748,"displayOrder":949},"01a0ba4b-88e1-7670-ad5e-b5ad8a0af8b9","Combinaties van modale partikels en hun intonatie","combinaties-van-modale-partikels-en-hun-intonatie",188,{"id":951,"title":952,"slug":953,"language":9,"level":748,"displayOrder":954},"01a0ba4b-8c94-7d02-9e7d-fb006bb9593c","Verwijzing en signaalwoorden in een betoog","verwijzing-en-signaalwoorden-in-een-betoog",189,{"id":956,"title":957,"slug":958,"language":9,"level":748,"displayOrder":959},"01a0ba4b-89dd-718f-8ee2-37a48218817e","Formele e-mails, verslagen en adviezen structureren","formele-e-mails-verslagen-en-adviezen-structureren",190,{"id":961,"title":962,"slug":963,"language":9,"level":748,"displayOrder":964},"01a0ba4b-8bb3-7544-aa39-faa0ecdb8456","Productieve afleidingen en nominalisaties","productieve-afleidingen-en-nominalisaties",191,{"id":966,"title":967,"slug":968,"language":9,"level":748,"displayOrder":969},"01a0ba4b-8b08-7855-bf64-93e9361e6c98","Lidwoordkeuze bij abstracte, institutionele en stoffelijke namen","lidwoordkeuze-bij-abstracte-institutionele-en-stoffelijke-namen",192,{"id":971,"title":972,"slug":973,"language":9,"level":748,"displayOrder":974},"01a0ba4b-8902-7e43-9b3b-a4bedec4bce1","Creatieve woordvorming met samenstelling en afleiding","creatieve-woordvorming-met-samenstelling-en-afleiding",193,{"id":976,"title":977,"slug":978,"language":9,"level":748,"displayOrder":979},"01a0ba4b-8b8c-7138-ac2b-739b5849b7cd","Parenthetische toevoegingen en tussenzinnen","parenthetische-toevoegingen-en-tussenzinnen",194,{"id":981,"title":982,"slug":983,"language":9,"level":984,"displayOrder":985},"01a0ba4b-8c59-744f-9954-4dad96d6b47c","Uitspraakreductie en verzorgd spreken per situatie","uitspraakreductie-en-verzorgd-spreken-per-situatie","C1",195,{"id":987,"title":988,"slug":989,"language":9,"level":984,"displayOrder":990},"01a0ba4b-8aff-7801-ad31-043ec2109822","Leestekens in lange en gelaagde zinnen","leestekens-in-lange-en-gelaagde-zinnen",196,{"id":992,"title":993,"slug":994,"language":9,"level":984,"displayOrder":995},"01a0ba4b-89b3-7a37-8149-77c0f8601174","Engelse leenwerkwoorden volgens de Nederlandse spelling","engelse-leenwerkwoorden-volgens-de-nederlandse-spelling",197,{"id":997,"title":998,"slug":999,"language":9,"level":984,"displayOrder":1000},"01a0ba4b-8a18-79ef-b865-80be3240a8eb","Grensgevallen tussen bijvoeglijk naamwoord en bijwoord","grensgevallen-tussen-bijvoeglijk-naamwoord-en-bijwoord",198,{"id":1002,"title":1003,"slug":1004,"language":9,"level":984,"displayOrder":1005},"01a0ba4b-8891-7b07-8277-2d09f93097aa","Betekenisverschillen door de- en het-variatie","betekenisverschillen-door-de-en-het-variatie",199,{"id":1007,"title":1008,"slug":1009,"language":9,"level":984,"displayOrder":1010},"01a0ba4b-8c8f-7a74-90b3-6f9644477629","Verwijsketens zonder dubbelzinnige voornaamwoorden","verwijsketens-zonder-dubbelzinnige-voornaamwoorden",200,{"id":1012,"title":1013,"slug":1014,"language":9,"level":984,"displayOrder":1015},"01a0ba4b-89c3-7d86-9a4b-b0273f2b3875","Er, daar en hier in vaste uitdrukkingen","er-daar-en-hier-in-vaste-uitdrukkingen",201,{"id":1017,"title":1018,"slug":1019,"language":9,"level":984,"displayOrder":1020},"01a0ba4b-8cae-76c5-9faa-a78c7c473a99","Voornaamwoordelijke bijwoorden in spreektaal en schrijftaal","voornaamwoordelijke-bijwoorden-in-spreektaal-en-schrijftaal",202,{"id":1022,"title":1023,"slug":1024,"language":9,"level":984,"displayOrder":1025},"01a0ba4b-89d7-7dd1-857e-c54664898a97","Fase, duur en voltooiing als aspectuele keuze","fase-duur-en-voltooiing-als-aspectuele-keuze",203,{"id":1027,"title":1028,"slug":1029,"language":9,"level":984,"displayOrder":1030},"01a0ba4b-8c22-7563-a522-69538e76339c","Temporeel gezichtspunt en verschuivende verteltijd","temporeel-gezichtspunt-en-verschuivende-verteltijd",204,{"id":1032,"title":1033,"slug":1034,"language":9,"level":984,"displayOrder":1035},"01a0ba4b-8969-7930-8953-bd06179ab5dc","De voltooid toekomende tijd","de-voltooid-toekomende-tijd",205,{"id":1037,"title":1038,"slug":1039,"language":9,"level":984,"displayOrder":1040},"01a0ba4b-8973-7d1b-8b6e-5bf91a6590b7","De voltooide voorwaardelijke wijs met zou hebben","de-voltooide-voorwaardelijke-wijs-met-zou-hebben",206,{"id":1042,"title":1043,"slug":1044,"language":9,"level":984,"displayOrder":1045},"01a0ba4b-8b29-73b7-91cf-a8afeb39d069","Modale betekenis in voltooide werkwoordgroepen","modale-betekenis-in-voltooide-werkwoordgroepen",207,{"id":1047,"title":1048,"slug":1049,"language":9,"level":984,"displayOrder":1050},"01a0ba4b-8c2d-76cd-9ebc-07db702f03d3","Thema, focus en informatiestructuur","thema-focus-en-informatiestructuur",208,{"id":1052,"title":1053,"slug":1054,"language":9,"level":984,"displayOrder":1055},"01a0ba4b-89f2-7749-80e8-de5d8cb78a96","Gemarkeerde woordvolgorde en topicalisatie","gemarkeerde-woordvolgorde-en-topicalisatie",209,{"id":1057,"title":1058,"slug":1059,"language":9,"level":984,"displayOrder":1060},"01a0ba4b-8bc5-70b7-8a4d-a21b38109f60","Rechtsplaatsing en hervatting in gesproken taal","rechtsplaatsing-en-hervatting-in-gesproken-taal",210,{"id":1062,"title":1063,"slug":1064,"language":9,"level":984,"displayOrder":1065},"01a0ba4b-8b54-7c00-8aca-7e8e582da32e","Objecten en bijwoorden herschikken in het middenstuk","objecten-en-bijwoorden-herschikken-in-het-middenstuk",211,{"id":1067,"title":1068,"slug":1069,"language":9,"level":984,"displayOrder":1070},"01a0ba4b-8887-7cfc-b8f4-4cf982a9ac4e","Bereik en contrast van ontkenning","bereik-en-contrast-van-ontkenning",212,{"id":1072,"title":1073,"slug":1074,"language":9,"level":984,"displayOrder":1075},"01a0ba4b-89e7-79e6-91ef-b0c19b27243d","Gedeeltelijke ontkenning met niet alle en niet altijd","gedeeltelijke-ontkenning-met-niet-alle-en-niet-altijd",213,{"id":1077,"title":1078,"slug":1079,"language":9,"level":984,"displayOrder":1080},"01a0ba4b-8d0c-7663-9634-cf27c57e8c93","Werkwoordclusters met vier of meer werkwoorden","werkwoordclusters-met-vier-of-meer-werkwoorden",214,{"id":1082,"title":1083,"slug":1084,"language":9,"level":984,"displayOrder":1085},"01a0ba4b-88f9-7de1-b7d9-7a39d387c57c","Controle en onderwerpsinterpretatie bij infinitieven","controle-en-onderwerpsinterpretatie-bij-infinitieven",215,{"id":1087,"title":1088,"slug":1089,"language":9,"level":984,"displayOrder":1090},"01a0ba4b-8ca3-7f9d-a41a-ff74ee12a783","Voltooide infinitieven met te hebben en te zijn","voltooide-infinitieven-met-te-hebben-en-te-zijn",216,{"id":1092,"title":1093,"slug":1094,"language":9,"level":984,"displayOrder":1095},"01a0ba4b-88f0-70e2-9e9e-aeff8e20f4f3","Concessieve en adversatieve verbanden nuanceren","concessieve-en-adversatieve-verbanden-nuanceren",217,{"id":1097,"title":1098,"slug":1099,"language":9,"level":984,"displayOrder":1100},"01a0ba4b-8b82-7268-bc28-ef8b5721f063","Oorzaak, reden en aanleiding zorgvuldig onderscheiden","oorzaak-reden-en-aanleiding-zorgvuldig-onderscheiden",218,{"id":1102,"title":1103,"slug":1104,"language":9,"level":984,"displayOrder":1105},"01a0ba4b-88fe-7659-8bc8-0184591a1bde","Correlatieve verbindingen met zowel, noch en niet alleen","correlatieve-verbindingen-met-zowel-noch-en-niet-alleen",219,{"id":1107,"title":1108,"slug":1109,"language":9,"level":984,"displayOrder":1110},"01a0ba4b-887a-74c2-87f8-77fe0964b1cb","Beknopte bijzinnen en weggelaten zinsdelen","beknopte-bijzinnen-en-weggelaten-zinsdelen",220,{"id":1112,"title":1113,"slug":1114,"language":9,"level":984,"displayOrder":1115},"01a0ba4b-8cfa-7a61-a334-17199be89a16","Wat na een hele zin als antecedent","wat-na-een-hele-zin-als-antecedent",221,{"id":1117,"title":1118,"slug":1119,"language":9,"level":984,"displayOrder":1120},"01a0ba4b-8afa-7647-8e1d-1e7da7628e95","Leestekens bij beperkende en uitbreidende bijzinnen","leestekens-bij-beperkende-en-uitbreidende-bijzinnen",222,{"id":1122,"title":1123,"slug":1124,"language":9,"level":984,"displayOrder":1125},"01a0ba4b-8b24-73d8-96ae-b307e7d5256b","Meervoudige inbedding leesbaar houden","meervoudige-inbedding-leesbaar-houden",223,{"id":1127,"title":1128,"slug":1129,"language":9,"level":984,"displayOrder":1130},"01a0ba4b-8a1d-7b36-8670-8808d38edfec","Handelende personen weglaten in passieve teksten","handelende-personen-weglaten-in-passieve-teksten",224,{"id":1132,"title":1133,"slug":1134,"language":9,"level":984,"displayOrder":1135},"01a0ba4b-8853-7c23-a983-3c417e58cf87","Alternatieven voor het passief met men, ze en krijgen","alternatieven-voor-het-passief-met-men-ze-en-krijgen",225,{"id":1137,"title":1138,"slug":1139,"language":9,"level":984,"displayOrder":1140},"01a0ba4b-8a0e-740f-97f4-d2092114c6cb","Gestapelde modale partikels en subtiele houding","gestapelde-modale-partikels-en-subtiele-houding",226,{"id":1142,"title":1143,"slug":1144,"language":9,"level":984,"displayOrder":1145},"01a0ba4b-88dc-7d42-a759-f7d4735e1320","Cohesie in academische en beschouwende teksten","cohesie-in-academische-en-beschouwende-teksten",227,{"id":1147,"title":1148,"slug":1149,"language":9,"level":984,"displayOrder":1150},"01a0ba4b-8b4a-7f47-b04f-e46c34bc07ff","Nominale en verbale stijl afwisselen","nominale-en-verbale-stijl-afwisselen",228,{"id":1152,"title":1153,"slug":1154,"language":9,"level":984,"displayOrder":1155},"01a0ba4b-8c0a-73f0-bced-c55e50a93cf9","Standaardtaal in Nederland en België vergelijken","standaardtaal-in-nederland-en-belgie-vergelijken",229,{"id":1157,"title":1158,"slug":1159,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1161},"01a0ba4b-8bd5-708c-948e-9c05d67bd8bf","Regionale uitspraakvariatie herkennen en interpreteren","regionale-uitspraakvariatie-herkennen-en-interpreteren","C2",230,{"id":1163,"title":1164,"slug":1165,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1166},"01a0ba4b-89fd-78a1-bcd5-e31c7323d0a3","Genitiefresten en oude naamvallen in vaste uitdrukkingen","genitiefresten-en-oude-naamvallen-in-vaste-uitdrukkingen",231,{"id":1168,"title":1169,"slug":1170,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1171},"01a0ba4b-88f4-78c3-91da-9a8628961b2a","Congruentie bij complexe onderwerpen en grensgevallen","congruentie-bij-complexe-onderwerpen-en-grensgevallen",232,{"id":1173,"title":1174,"slug":1175,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1176},"01a0ba4b-8cb9-7469-80c5-629be98648f5","Voornaamwoordelijke verwijzing in juridische en academische teksten","voornaamwoordelijke-verwijzing-in-juridische-en-academische-teksten",233,{"id":1178,"title":1179,"slug":1180,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1181},"01a0ba4b-88e6-797c-a1c4-643afba9bfb1","Complex en idiomatisch gebruik van er","complex-en-idiomatisch-gebruik-van-er",234,{"id":1183,"title":1184,"slug":1185,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1186},"01a0ba4b-8a03-722f-a5ea-8f396ec56e85","Gespleten voornaamwoordelijke bijwoorden en voorzetselstranding","gespleten-voornaamwoordelijke-bijwoorden-en-voorzetselstranding",235,{"id":1188,"title":1189,"slug":1190,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1191},"01a0ba4b-8c32-7aac-8a75-d2072a4e667e","Tijd en gezichtspunt in de vrije indirecte rede","tijd-en-gezichtspunt-in-de-vrije-indirecte-rede",236,{"id":1193,"title":1194,"slug":1195,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1196},"01a0ba4b-8b11-7b97-af3f-dbd6f5d143cd","Literaire verschuivingen tussen verteltijden","literaire-verschuivingen-tussen-verteltijden",237,{"id":1198,"title":1199,"slug":1200,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1201},"01a0ba4b-89b9-70b4-8c4d-c943d8d660ee","Epistemische toekomst en voorwaardelijkheid","epistemische-toekomst-en-voorwaardelijkheid",238,{"id":1203,"title":1204,"slug":1205,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1206},"01a0ba4b-8b69-757c-b5df-effc104eaa56","Onpersoonlijke constructies in academische en ambtelijke stijl","onpersoonlijke-constructies-in-academische-en-ambtelijke-stijl",239,{"id":1208,"title":1209,"slug":1210,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1211},"01a0ba4b-888c-7d5c-9447-04bde8300fef","Betekenisverschillen door complexe clustervolgorde","betekenisverschillen-door-complexe-clustervolgorde",240,{"id":1213,"title":1214,"slug":1215,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1216},"01a0ba4b-8d12-7729-8b99-dca7365e1309","Werkwoordclustervolgorde in Nederland en België","werkwoordclustervolgorde-in-nederland-en-belgie",241,{"id":1218,"title":1219,"slug":1220,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1221},"01a0ba4b-882a-7ef6-b063-406970da6735","Absolute constructies in formele teksten","absolute-constructies-in-formele-teksten",242,{"id":1223,"title":1224,"slug":1225,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1226},"01a0ba4b-8b40-77ec-bfb4-30b5846d6379","Naamwoordzinnen en zinnen zonder persoonsvorm","naamwoordzinnen-en-zinnen-zonder-persoonsvorm",243,{"id":1228,"title":1229,"slug":1230,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1231},"01a0ba4b-89ac-7c9a-a4da-858c8f8ecd4f","Ellips en samentrekking over zinsgrenzen heen","ellips-en-samentrekking-over-zinsgrenzen-heen",244,{"id":1233,"title":1234,"slug":1235,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1236},"01a0ba4b-8d61-7e1a-87a6-70dde79c73d0","Zinsvervlechting in gesproken en geschreven taal","zinsvervlechting-in-gesproken-en-geschreven-taal",245,{"id":1238,"title":1239,"slug":1240,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1241},"01a0ba4b-89ed-704e-bf7b-44aab5189ed0","Gemarkeerde ontkenning met pas, slechts en niet dan","gemarkeerde-ontkenning-met-pas-slechts-en-niet-dan",246,{"id":1243,"title":1244,"slug":1245,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1246},"01a0ba4b-8cc6-7a1b-8246-44834fdc4a02","Voorwaardelijke inversie met mocht, ware en had","voorwaardelijke-inversie-met-mocht-ware-en-had",247,{"id":1248,"title":1249,"slug":1250,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1251},"01a0ba4b-89f8-70a8-8988-9f838f3c6926","Gemengde en impliciete tegenfeitelijke voorwaarden","gemengde-en-impliciete-tegenfeitelijke-voorwaarden",248,{"id":1253,"title":1254,"slug":1255,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1256},"01a0ba4b-8bda-78df-936f-3cdf804428fc","Resten van de aanvoegende wijs","resten-van-de-aanvoegende-wijs",249,{"id":1258,"title":1259,"slug":1260,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1261},"01a0ba4b-8989-7325-a700-764e2b152bfe","Dienen te, behoren te en geacht worden te","dienen-te-behoren-te-en-geacht-worden-te",250,{"id":1263,"title":1264,"slug":1265,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1266},"01a0ba4b-8b2e-71b9-bb2b-62eae7a54f1d","Modale partikels voor ironie en afstand","modale-partikels-voor-ironie-en-afstand",251,{"id":1268,"title":1269,"slug":1270,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1271},"01a0ba4b-8be0-7294-83e0-8db09c7564c6","Retorische vragen en stilistische inversie","retorische-vragen-en-stilistische-inversie",252,{"id":1273,"title":1274,"slug":1275,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1276},"01a0ba4b-8aa9-7bec-bae9-d3ded87541e1","Informatiedichtheid en ritme in complexe teksten","informatiedichtheid-en-ritme-in-complexe-teksten",253,{"id":1278,"title":1279,"slug":1280,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1281},"01a0ba4b-88d8-7307-a2c4-2f08400c6d26","Citaten, parafrases en meerstemmige indirecte rede","citaten-parafrases-en-meerstemmige-indirecte-rede",254,{"id":1283,"title":1284,"slug":1285,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1286},"01a0ba4b-8ad8-774e-b512-9e2bd067e629","Juridisch en bestuurlijk Nederlands ontleden","juridisch-en-bestuurlijk-nederlands-ontleden",255,{"id":1288,"title":1289,"slug":1290,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1291},"01a0ba4b-8b3a-74ed-8eb1-8d7b1a9f58cb","Morfosyntaxis in Nederlands-Nederlands en Belgisch-Nederlands","morfosyntaxis-in-nederlands-nederlands-en-belgisch-nederlands",256,{"id":1293,"title":1294,"slug":1295,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1296},"01a0ba4b-8983-76d8-a278-981528f599d4","Dialect, omgangstaal en standaardtaal doelgericht plaatsen","dialect-omgangstaal-en-standaardtaal-doelgericht-plaatsen",257,{"id":655,"title":656,"slug":657,"seoDescription":1298,"content":1299,"language":9,"level":492,"displayOrder":658,"grammarTopics":1300,"createdAt":1306,"updatedAt":1307,"vocabularyLists":1308,"primaryTopicHub":1525,"readyImages":1527},"Leer betrekkelijke bijzinnen met die en dat maken, kies op basis van de- en het-woorden en plaats de werkwoorden correct aan het einde van de bijzin.","## Informatie aan een zelfstandig naamwoord toevoegen\n\nEen **betrekkelijke bijzin** geeft meer informatie over een persoon, dier of zaak in de hoofdzin. De bijzin staat direct na het zelfstandig naamwoord waarover hij iets vertelt. Dat woord heet het **antecedent**.\n\n:::example\nTwee zinnen: De buurvrouw woont boven ons. De buurvrouw werkt in het ziekenhuis.\n\nEén zin: De buurvrouw **die boven ons woont**, werkt in het ziekenhuis.\n:::\n\nMet **die** of **dat** hoef je het zelfstandig naamwoord niet te herhalen. Het betrekkelijk voornaamwoord verbindt de informatie tot één zin.\n\nNa deze les kun je:\n\n- **die** of **dat** kiezen bij een de-woord, een het-woord of een meervoud;\n- de woordvolgorde in een betrekkelijke bijzin gebruiken;\n- herkennen wanneer **wat**, **wie** of **waarmee** nodig is.\n\n## Die of dat kiezen\n\nDe keuze hangt af van het antecedent. Kijk naar het lidwoord van het zelfstandig naamwoord en naar enkelvoud of meervoud.\n\n| Antecedent | Betrekkelijk voornaamwoord | Voorbeeld |\n|---|---|---|\n| een enkelvoudig de-woord | **die** | de fiets **die** buiten staat |\n| een enkelvoudig het-woord | **dat** | het raam **dat** openstaat |\n| een meervoud | **die** | de ramen **die** openstaan |\n\nHet onbepaalde lidwoord **een** vertelt niet of een woord een de-woord of een het-woord is. Denk daarom aan de bepaalde vorm:\n\n- een tafel → de tafel → een tafel **die** inklapbaar is;\n- een huis → het huis → een huis **dat** te koop staat;\n- een meisje → het meisje → een meisje **dat** hier woont;\n- kinderen → de kinderen → kinderen **die** buiten spelen.\n\n:::tip\nTwijfel je tussen **die** en **dat**? Zet tijdelijk **de** of **het** vóór het zelfstandig naamwoord. Kies daarna **de → die** en **het → dat**. Bij een meervoud kies je altijd **die**.\n:::\n\n## De functie van die en dat in de bijzin\n\n**Die** en **dat** verwijzen niet alleen naar het antecedent; ze hebben ook een functie in de bijzin. Ze kunnen bijvoorbeeld het onderwerp of het lijdend voorwerp zijn. De vorm verandert daardoor niet.\n\n| Functie | Voorbeeld | Uitleg |\n|---|---|---|\n| onderwerp | de kok **die de soep maakt** | De kok maakt de soep. |\n| lijdend voorwerp | de kok **die wij bedanken** | Wij bedanken de kok. |\n| onderwerp | het apparaat **dat veel energie gebruikt** | Het apparaat gebruikt energie. |\n| lijdend voorwerp | het apparaat **dat ik gisteren kocht** | Ik kocht het apparaat. |\n\nWanneer **die** of **dat** het onderwerp is, volgt er dus niet nog een persoonlijk voornaamwoord met dezelfde functie.\n\n:::warning\nZeg niet: *De kok die hij de soep maakt.* **Die** is hier al het onderwerp. Goed is: *De kok **die de soep maakt***.\n:::\n\n## Wat gebruiken in plaats van die of dat\n\n**Wat** is wel correct, maar niet na een gewoon zelfstandig naamwoord zoals *het boek*. Gebruik **wat** na woorden als **alles**, **iets**, **niets**, **het enige** en **het mooiste**. Het kan ook terugwijzen naar een hele zin.\n\n- Alles **wat** ik weet, vertel ik je.\n- Iets **wat** mij opviel, was de stilte.\n- Er is niets **wat** helpt.\n- Het enige **wat** telt, is de uitslag.\n- Het mooiste **wat** ik zag, was de kust.\n- Hij kwam te laat, **wat** vervelend was.\n\nIn de laatste zin geeft **wat** extra informatie over de hele vorige zin.\n\n## De woordvolgorde in de betrekkelijke bijzin\n\nEen betrekkelijke bijzin heeft de woordvolgorde van een gewone bijzin. De persoonsvorm of het werkwoordcluster staat meestal aan het einde. Als **die** of **dat** zelf het onderwerp is en er geen andere woorden in de bijzin staan, volgt de persoonsvorm direct: *de lamp die brandt*. Het gaat dus niet om een korte bijzin, maar om de functie van **die** of **dat**.\n\n:::example\nHoofdzin: De manager **bespreekt** morgen het plan.\n\nBetrekkelijke bijzin: het plan **dat de manager morgen bespreekt**\n\nHoofdzin met meerdere werkwoorden: Sara **zal** het verslag morgen **sturen**.\n\nBetrekkelijke bijzin: het verslag **dat Sara morgen zal sturen**\n:::\n\nLet vooral op deze volgorde:\n\n1. zet **die** of **dat** direct na het antecedent;\n2. plaats daarna het onderwerp als **die** of **dat** niet zelf het onderwerp is;\n3. zet andere informatie in het midden;\n4. plaats het werkwoord of werkwoordcluster aan het einde.\n\n## Met een voorzetsel\n\nNa een voorzetsel gebruik je niet *met die* of *met dat*. Bij personen zeg je **wie**, bij dingen vaak **waar + voorzetsel**.\n\n- de collega **met wie** ik werk\n- het systeem **waarmee** ik werk\n\nDit wordt verder uitgelegd in de les over **waar + voorzetsel**.\n\n## Noodzakelijke en extra informatie\n\nSoms bepaalt de bijzin precies wie of wat je bedoelt. Dan is de informatie **beperkend** en staat er geen komma vóór **die** of **dat**. Loopt de hoofdzin na de bijzin door, dan sluit je de bijzin wel met een komma af.\n\n- De studenten **die het examen hebben gehaald**, krijgen een certificaat. Alleen deze studenten krijgen het.\n- Ik zoek het boek **dat je gisteren noemde**. De bijzin zegt welk boek ik zoek.\n\nEen **uitbreidende** bijzin geeft alleen extra informatie. Je zet hem tussen komma's als hij midden in de zin staat.\n\n- Mijn broer, **die in Groningen woont**, komt dit weekend langs.\n- Deze laptop, **die al tien jaar oud is**, werkt nog steeds.\n\n:::note\nDe komma vóór de bijzin hangt af van de betekenis. Vergelijk *de collega's die thuiswerken* — alleen die groep — met *mijn collega's, die allemaal thuiswerken, zijn vandaag online* — extra informatie over alle collega's.\n:::\n\n## Veelvoorkomende vergissingen\n\nLet op deze contrasten:\n\n- **het kind dat** hier speelt, niet *het kind die*; **kind** is een het-woord;\n- **de kinderen die** hier spelen, want een meervoud krijgt **die**;\n- **een boek dat** ik aanraad, want het is **het boek**;\n- **de vrouw die** ik gisteren sprak, zonder extra *haar*;\n- het bericht **dat zij heeft gestuurd**, met het werkwoordcluster aan het einde.\n\nIn de spreektaal hoor je soms *het boek wat* of *het meisje die*. Voor helder, verzorgd Nederlands gebruik je bij een concreet enkelvoudig het-woord **dat**.\n\n## Kort samengevat\n\n- Een betrekkelijke bijzin geeft informatie over een antecedent.\n- Gebruik **die** bij enkelvoudige de-woorden en bij alle meervouden.\n- Gebruik **dat** bij enkelvoudige het-woorden, ook bij **het kind** en **het meisje**.\n- Zet het werkwoord of werkwoordcluster aan het einde van de bijzin.\n- Herhaal geen onderwerp of lijdend voorwerp dat al door **die** of **dat** wordt vertegenwoordigd.\n- Zet bij een beperkende bijzin geen komma vóór **die** of **dat**; volgt de hoofdzin daarna nog, dan komt er wel een komma na de bijzin.",[1301],{"id":1302,"name":1303,"level":492,"language":9,"isCompleted":1304,"completionPercentage":1305,"totalExercises":81,"completedExercises":1305},"01a0ba4b-87c2-7998-9059-bc3ff2a5795a","Precies verwijzen in betrekkelijke bijzinnen",false,0,"2026-09-19T15:31:47+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[1309],{"id":1310,"title":1311,"vocabularyListWords":1312,"isPublished":1334},"01a0ba4c-41de-70a1-9cd0-406428abea7c","De- en het-woorden verbinden met die en dat",[1313,1336,1361,1373,1389,1401,1413,1423,1433,1443,1451,1459,1471,1488,1496,1509],{"id":1314,"vocabularyWord":1315,"displayOrder":11},"01a0ba4c-41de-7101-9cd0-406428ce465f",{"id":1316,"word":1317,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1318,"partsOfSpeech":1319,"audio":1334,"audioUrl":1335},"01a0ba4b-d528-730b-8a89-68ee898c3695","die","tts_64c4a9c5d449be15_nl-NL.mp3",[1320,1325,1329],{"id":1321,"partOfSpeech":1322,"definition":1323,"exampleSentences":1324,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d562-7268-9b4b-5e879da0f218","PRONOUN","Aanwijzend voornaamwoord dat zelfstandig naar een verder weg gelegen de-woord of meervoud verwijst.","Ik wil niet deze appels, maar die.",{"id":1326,"partOfSpeech":1322,"definition":1327,"exampleSentences":1328,"isPrimary":1304,"meaningOrder":16},"01a0ba4b-d562-72a8-9b4b-5e879dfeefdc","Betrekkelijk voornaamwoord dat terugwijst naar een de-woord of meervoud.","De vrouw die naast ons woont, werkt in het ziekenhuis.",{"id":1330,"partOfSpeech":1331,"definition":1332,"exampleSentences":1333,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d562-7224-9b4b-5e879cedc960","DETERMINER","Aanwijzend woord voor een de-woord verder van de spreker.","Die vrouw aan de overkant is mijn moeder.",true,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_64c4a9c5d449be15_nl-NL.mp3",{"id":1337,"vocabularyWord":1338,"displayOrder":16},"01a0ba4c-41de-7135-9cd0-4064295eba90",{"id":1339,"word":1340,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1341,"partsOfSpeech":1342,"audio":1334,"audioUrl":1360},"01a0ba4b-d525-736a-b5ba-b2891c447de2","dat","tts_cb8aa98748ccfdaa_nl-NL.mp3",[1343,1348,1352,1356],{"id":1344,"partOfSpeech":1345,"definition":1346,"exampleSentences":1347,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d561-7c53-8c67-8f0dca208b6c","CONJUNCTION","Voegwoord dat een bijzin met een mededeling of gedachte inleidt.","Ik weet dat de winkel vandaag open is.",{"id":1349,"partOfSpeech":1331,"definition":1350,"exampleSentences":1351,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d561-7c97-8c67-8f0dcab6a76a","Aanwijzend woord voor een enkelvoudig het-woord verder van de spreker.","Dat huis aan het einde van de straat is nieuw.",{"id":1353,"partOfSpeech":1322,"definition":1354,"exampleSentences":1355,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d561-7cd7-8c67-8f0dcb336235","Aanwijzend voornaamwoord dat zelfstandig naar iets verder weg verwijst.","Wat staat daar? Dat is een ziekenhuis.",{"id":1357,"partOfSpeech":1322,"definition":1358,"exampleSentences":1359,"isPrimary":1304,"meaningOrder":16},"01a0ba4b-d561-7d17-8c67-8f0dcbf8d715","Betrekkelijk voornaamwoord dat terugwijst naar een enkelvoudig het-woord.","Het boek dat op tafel ligt, is van mijn zus.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_cb8aa98748ccfdaa_nl-NL.mp3",{"id":1362,"vocabularyWord":1363,"displayOrder":26},"01a0ba4c-41de-717d-9cd0-40642a32090e",{"id":1364,"word":1365,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1366,"partsOfSpeech":1367,"audio":1334,"audioUrl":1372},"01a0ba4b-d526-712a-b11c-cb4cd9378a3b","de","tts_0f6c3e98bbd708b2_nl-NL.mp3",[1368],{"id":1369,"partOfSpeech":1331,"definition":1370,"exampleSentences":1371,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d561-7e33-8c67-8f0dcc38494f","Bepaald lidwoord voor enkelvoudige de-woorden en voor alle meervoudsvormen.","De fiets staat buiten.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_0f6c3e98bbd708b2_nl-NL.mp3",{"id":1374,"vocabularyWord":1375,"displayOrder":31},"01a0ba4c-41de-7199-9cd0-40642a50914e",{"id":1376,"word":1377,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1378,"partsOfSpeech":1379,"audio":1334,"audioUrl":1388},"01a0ba4b-d542-7712-8eb4-a5cbffcc383a","het","tts_fab4e188cda728cb_nl-NL.mp3",[1380,1384],{"id":1381,"partOfSpeech":1331,"definition":1382,"exampleSentences":1383,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d564-7b8f-97f9-ade232fbe796","Bepaald lidwoord voor een enkelvoudig het-woord.","Het raam staat open.",{"id":1385,"partOfSpeech":1322,"definition":1386,"exampleSentences":1387,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d564-7bd7-97f9-ade2335f48db","Een voornaamwoord dat naar een het-woord verwijst of als onpersoonlijk onderwerp dient.","Het regent al de hele ochtend.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_fab4e188cda728cb_nl-NL.mp3",{"id":1390,"vocabularyWord":1391,"displayOrder":36},"01a0ba4c-41de-71b9-9cd0-40642b078888",{"id":1392,"word":1393,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1394,"partsOfSpeech":1395,"audio":1334,"audioUrl":1400},"01a0ba4b-d52d-765f-bec9-1433fcd1f991","een","tts_2d8d179dc18ecb01_nl-NL.mp3",[1396],{"id":1397,"partOfSpeech":1331,"definition":1398,"exampleSentences":1399,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d562-7b7c-9b4b-5e87a374ed67","Onbepaald lidwoord voor één persoon, dier of ding dat nog niet bekend is.","Er staat een fiets voor het huis.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_2d8d179dc18ecb01_nl-NL.mp3",{"id":1402,"vocabularyWord":1403,"displayOrder":41},"01a0ba4c-41de-71d5-9cd0-40642b463f26",{"id":1404,"word":1405,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1406,"partsOfSpeech":1407,"audio":1334,"audioUrl":1412},"01a0ba4b-d74c-72be-b5da-e436148d9e8a","wat","tts_50c4ca8480227c77_nl-NL.mp3",[1408],{"id":1409,"partOfSpeech":1322,"definition":1410,"exampleSentences":1411,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d759-7db0-afe6-cd9a87407c8e","Vraagwoord waarmee naar een ding, handeling of informatie wordt gevraagd.","Wat lees je nu?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_50c4ca8480227c77_nl-NL.mp3",{"id":1414,"vocabularyWord":1415,"displayOrder":46},"01a0ba4c-41de-71f1-9cd0-40642b561056",{"id":1416,"word":1417,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1418,"partsOfSpeech":1419,"audio":1334,"audioUrl":1422},"01a0ba4b-d515-7834-a554-2d9518e3e37d","alles","tts_4a21de808d093556_nl-NL.mp3",[1420],{"id":1421,"partOfSpeech":1322,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d560-76f5-bf08-b6af5b126164","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_4a21de808d093556_nl-NL.mp3",{"id":1424,"vocabularyWord":1425,"displayOrder":51},"01a0ba4c-41de-720d-9cd0-40642c15773a",{"id":1426,"word":1427,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1428,"partsOfSpeech":1429,"audio":1334,"audioUrl":1432},"01a0ba4b-d54b-77db-968b-6772a3c20096","iets","tts_92fbf747ddd6f084_nl-NL.mp3",[1430],{"id":1431,"partOfSpeech":1322,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d565-7900-a20d-839bb28c8cce","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_92fbf747ddd6f084_nl-NL.mp3",{"id":1434,"vocabularyWord":1435,"displayOrder":56},"01a0ba4c-41de-7229-9cd0-40642c4d6cdd",{"id":1436,"word":1437,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1438,"partsOfSpeech":1439,"audio":1334,"audioUrl":1442},"01a0ba4b-d6cc-7672-a133-be23a8d9595f","niets","tts_53068665716faf0b_nl-NL.mp3",[1440],{"id":1441,"partOfSpeech":1322,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d6de-713f-9471-be6b2c3c9cef","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_53068665716faf0b_nl-NL.mp3",{"id":1444,"vocabularyWord":1445,"displayOrder":61},"01a0ba4c-41de-7251-9cd0-40642d3a1f41",{"id":1446,"word":1447,"frequency":46,"level":231,"language":9,"audioFilePath":1448,"partsOfSpeech":1449,"audio":1334,"audioUrl":1450},"01a0ba4b-dc09-7d4c-aca1-52dc535fde25","enige","tts_356d2dcd0e8a4e57_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_356d2dcd0e8a4e57_nl-NL.mp3",{"id":1452,"vocabularyWord":1453,"displayOrder":66},"01a0ba4c-41de-7271-9cd0-40642daf136c",{"id":1454,"word":1455,"frequency":46,"level":231,"language":9,"audioFilePath":1456,"partsOfSpeech":1457,"audio":1334,"audioUrl":1458},"01a0ba4b-db40-787a-b5d8-5f651e9862a4","mooiste","tts_993c3cc02739864f_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_993c3cc02739864f_nl-NL.mp3",{"id":1460,"vocabularyWord":1461,"displayOrder":71},"01a0ba4c-41de-7289-9cd0-40642df6fb09",{"id":1462,"word":1463,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1464,"partsOfSpeech":1465,"audio":1334,"audioUrl":1470},"01a0ba4b-d795-7bfe-aaca-393b0439807a","wie","tts_88393222fd76abf4_nl-NL.mp3",[1466],{"id":1467,"partOfSpeech":1322,"definition":1468,"exampleSentences":1469,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7dd-79e5-99f2-101f3991cf66","Vraagwoord waarmee naar een persoon of personen wordt gevraagd.","Wie is die jongen naast je?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_88393222fd76abf4_nl-NL.mp3",{"id":1472,"vocabularyWord":1473,"displayOrder":76},"01a0ba4c-41de-72a5-9cd0-40642e67fc1b",{"id":1474,"word":1475,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1476,"partsOfSpeech":1477,"audio":1334,"audioUrl":1487},"01a0ba4b-d5bc-7a8c-9237-436165148d88","met","tts_dc0e8d59d369958d_nl-NL.mp3",[1478,1483],{"id":1479,"partOfSpeech":1480,"definition":1481,"exampleSentences":1482,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d5fc-7f1a-9f37-be912805db1d","PREPOSITION","Geeft aan dat personen of dingen samen zijn of iets samen doen.","Ik woon met mijn zus in de stad.",{"id":1484,"partOfSpeech":1480,"definition":1485,"exampleSentences":1486,"isPrimary":1304,"meaningOrder":16},"01a0ba4b-d5fc-7f62-9f37-be91281afae9","Geeft het middel of voorwerp aan waarmee iemand iets doet.","Hij schrijft de naam met een pen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_dc0e8d59d369958d_nl-NL.mp3",{"id":1489,"vocabularyWord":1490,"displayOrder":81},"01a0ba4c-41de-72c1-9cd0-40642f07254b",{"id":1491,"word":1492,"frequency":41,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1493,"partsOfSpeech":1494,"audio":1334,"audioUrl":1495},"01a0ba4b-d911-7163-8879-59207e43e97d","waarmee","tts_1b4f38f0b3ac9eaa_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1b4f38f0b3ac9eaa_nl-NL.mp3",{"id":1497,"vocabularyWord":1498,"displayOrder":86},"01a0ba4c-41de-72dd-9cd0-40642fa0c73c",{"id":1499,"word":1500,"frequency":51,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1501,"partsOfSpeech":1502,"audio":1334,"audioUrl":1508},"01a0ba4b-d5ba-7f58-908f-4703817104f5","meisje","tts_d60477c78c0f540f_nl-NL.mp3",[1503],{"id":1504,"partOfSpeech":1505,"definition":1506,"exampleSentences":1507,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d5fc-7ce6-9f37-be91277801ab","NOUN","(het; meisjes) vrouwelijk kind of jonge vrouw.","Het meisje tekent een huis met een grote tuin.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d60477c78c0f540f_nl-NL.mp3",{"id":1510,"vocabularyWord":1511,"displayOrder":91},"01a0ba4c-41de-72f5-9cd0-40643026cd46",{"id":1512,"word":1513,"frequency":51,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1514,"partsOfSpeech":1515,"audio":1334,"audioUrl":1524},"01a0ba4b-d557-7d4e-9c3a-51e63205d8a4","kind","tts_91787b4feda6709a_nl-NL.mp3",[1516,1520],{"id":1517,"partOfSpeech":1505,"definition":1518,"exampleSentences":1519,"isPrimary":1304,"meaningOrder":16},"01a0ba4b-d566-7db4-bc36-e922acb758f1","Een zoon of dochter van iemand, ook wanneer die persoon volwassen is.","Hun kinderen wonen al op zichzelf.",{"id":1521,"partOfSpeech":1505,"definition":1522,"exampleSentences":1523,"isPrimary":1334,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d566-7d70-bc36-e922abe70813","(het; kinderen) jong mens dat nog niet volwassen is.","Het kind speelt met een bal op straat.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_91787b4feda6709a_nl-NL.mp3",{"name":1303,"slug":1526,"language":9},"precies-verwijzen-in-betrekkelijke-bijzinnen-b1",[],{"id":1302,"name":1303,"slug":1526,"language":9,"level":492,"introduction":1529,"lessonCount":26,"totalExercises":81,"objectives":1530,"prerequisites":1534,"lessons":1537},"Betrekkelijke bijzinnen voegen informatie toe zonder een naamwoord te herhalen. Je leert eerst de basis met die en dat en breidt die daarna uit naar personen, zaken, voorzetselrelaties en de speciale functies van wat.",[1531,1532,1533],"Die, dat en wat volgens het soort antecedent kiezen.","Personen en zaken na een voorzetsel correct van elkaar onderscheiden.","Compacte en gesplitste waar-vormen in betrekkelijke bijzinnen gebruiken.",[1535,1536],"Je kunt een de-woord, het-woord en meervoud herkennen.","Je kent de basisvolgorde van een Nederlandse bijzin.",[1538,1553,1570,1586],{"id":655,"contentId":1539,"slug":657,"title":656,"level":492,"summary":1540,"order":11,"exercises":1541},"pg_b45b0e29-93b1-42ed-add7-93e61fdacab1","Kies die of dat volgens het antecedent en bouw beperkende en uitbreidende betrekkelijke bijzinnen met de werkwoorden achteraan.",[1542,1546,1549],{"id":1543,"title":1544,"order":1305,"type":1545},"01a0ba4b-91e5-7cd3-9c04-a5e15a01f0e3","Die, dat of een ander woord","word_select",{"id":1547,"title":1548,"order":11,"type":1545},"01a0ba4b-9203-706e-ac76-86e1db4ad252","Woordvolgorde en komma’s",{"id":1550,"title":1551,"order":16,"type":1552},"01a0ba4b-9226-7b7f-816d-2c377c89288b","Betrekkelijke bijzinnen: vorm en functie","word_sort",{"id":660,"contentId":1554,"slug":662,"title":661,"level":492,"summary":1555,"order":16,"exercises":1556},"pg_b402dfbc-f2c6-4c72-9231-7fbeb478da6b","Verwijs na een voorzetsel met voorzetsel plus wie naar personen en met waar plus voorzetsel naar zaken.",[1557,1560,1563,1567],{"id":1558,"title":1559,"order":1305,"type":1545},"01a0ba4b-c2cb-7f6b-9ce7-66410795a01b","Persoon of zaak",{"id":1561,"title":1562,"order":11,"type":1545},"01a0ba4b-c2e7-7ac5-abec-9776746ab3ce","Compact, gesplitst en vraag",{"id":1564,"title":1565,"order":21,"type":1566},"01a0ba4b-c304-73e3-9fd2-5b6db5daedb9","Vind en verbeter de verwijzing","find_and_fix",{"id":1568,"title":1569,"order":26,"type":1552},"01a0ba4b-c30d-75db-b26b-73bc330c981b","Personen en zaken met voorzetsels - Woorden sorteren",{"id":670,"contentId":1571,"slug":672,"title":671,"level":492,"summary":1572,"order":21,"exercises":1573},"pg_f5dfae03-36a8-47a2-a845-79895e82a473","Vorm betrekkelijke bijwoorden als waarin, waarop en waarmee vanuit de onderliggende combinatie en herken gesplitste varianten.",[1574,1577,1580,1583],{"id":1575,"title":1576,"order":1305,"type":1545},"01a0ba4b-919f-733c-9bc4-9ccaad8f0d9e","Waarwoord en betekenis",{"id":1578,"title":1579,"order":11,"type":1545},"01a0ba4b-91bb-76ab-bc00-43f9f1c3e658","Personen, woordvolgorde en splitsing",{"id":1581,"title":1582,"order":21,"type":1566},"01a0ba4b-91d5-766c-ba19-414933f1b98e","Vind en verbeter het waarwoord",{"id":1584,"title":1585,"order":26,"type":1552},"01a0ba4b-91de-7233-b44c-efd63d357920","Betrekkelijke waarwoorden - Woorden sorteren",{"id":665,"contentId":1587,"slug":667,"title":666,"level":492,"summary":1588,"order":26,"exercises":1589},"pg_4ac47680-84c4-4488-9af0-587f734095f7","Gebruik betrekkelijk wat na onbepaalde woorden, zelfstandig gebruikte vormen, een hele mededeling of zonder uitgesproken antecedent.",[1590,1593,1596,1599],{"id":1591,"title":1592,"order":1305,"type":1545},"01a0ba4b-c436-7129-be75-7b22d603c0b2","Onbepaald en zelfstandig gebruikt",{"id":1594,"title":1595,"order":11,"type":1545},"01a0ba4b-c44e-79ff-9ab7-c07cb40cfec0","Hele zin en woordvolgorde",{"id":1597,"title":1598,"order":21,"type":1566},"01a0ba4b-c466-7b49-aa40-9df109af00c3","Vind en verbeter betrekkelijk wat",{"id":1600,"title":1601,"order":26,"type":1552},"01a0ba4b-c46e-7e0c-8490-2e8ff64f202c","Wat als betrekkelijk voornaamwoord - Woorden sorteren",[1603,1609,1613],{"@id":1604,"@type":1605,"id":1543,"grammarPage":1606,"title":1544,"instructions":1607,"displayOrder":1305,"type":1545,"questionCount":81,"blankCount":86,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1608},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-91e5-7cd3-9c04-a5e15a01f0e3","GrammarExercise","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-889a-72b7-b319-38287ecbeed0","Kies het betrekkelijk voornaamwoord dat in verzorgd Nederlands bij het antecedent past. Eén vraag heeft twee lege plekken.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_bc9dce15-cf74-4b5a-af61-b587b23b56dc_hero.webp?v=1789831909",{"@id":1610,"@type":1605,"id":1547,"grammarPage":1606,"title":1548,"instructions":1611,"displayOrder":11,"type":1545,"questionCount":81,"blankCount":86,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1612},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-9203-706e-ac76-86e1db4ad252","Kies de betrekkelijke zin met de juiste woordvolgorde en leestekens. Eén vraag heeft twee lege plekken.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_d51a815f-761e-48ae-8094-f97aefd6c104_hero.webp?v=1789831909",{"@id":1614,"@type":1605,"id":1550,"grammarPage":1606,"title":1551,"instructions":1615,"displayOrder":16,"type":1552,"questionCount":31,"blankCount":1305,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1616},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-9226-7b7f-816d-2c377c89288b","Tik op een tegel en daarna op de passende kolom. Plaats alle tegels.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_46e8d8ff-77a6-432b-bb84-0596e9c55d61_hero.webp?v=1789831909",{"id":1543,"grammarPage":1606,"title":1544,"instructions":1607,"seoTitle":1618,"seoDescription":1619,"displayOrder":1305,"type":1545,"questions":1620,"ogImageUrl":1608},"Die of dat na een de- of het-woord","Vul de lege plekken in met die, dat of een ander betrekkelijk woord dat past bij het antecedent, in zinnen over sleutels en formulieren op het werk.",[1621],{"id":1622,"sentenceTemplate":1623,"displayOrder":1305,"explanation":1624,"exampleSentence":1625,"blanks":1626},"01a0ba4b-91e6-709a-b38a-8fd8895ffe19","De sleutel __1__ op de balie ligt, is van kamer twaalf.","Sleutel is een enkelvoudig de-woord; daarom verwijs je ernaar met die.","De jas die aan de kapstok hangt, is van Noor.",[1627],{"id":1628,"blankNumber":11,"options":1629},"01a0ba4b-91e6-7006-b38a-8fd88901dca7",[1630,1632,1634],{"id":1631,"optionText":1317,"isCorrect":1334,"displayOrder":1305},"01a0ba4b-91e5-7ebb-9c04-a5e15aca4a41",{"id":1633,"optionText":1340,"isCorrect":1304,"displayOrder":11},"01a0ba4b-91e5-7f1f-9c04-a5e15b8ad263",{"id":1635,"optionText":1405,"isCorrect":1304,"displayOrder":16},"01a0ba4b-91e5-7f67-9c04-a5e15b8d5abf",{"html":1637,"toc":1638},"\u003Ch2 id=\"informatie-aan-een-zelfstandig-naamwoord-toevoegen\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">1.\u003C\u002Fspan>Informatie aan een zelfstandig naamwoord toevoegen\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Een \u003Cstrong>betrekkelijke bijzin\u003C\u002Fstrong> geeft meer informatie over een persoon, dier of zaak in de hoofdzin. De bijzin staat direct na het zelfstandig naamwoord waarover hij iets vertelt. Dat woord heet het \u003Cstrong>antecedent\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--example\">\u003Cp>Twee zinnen: De buurvrouw woont boven ons. De buurvrouw werkt in het ziekenhuis.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Eén zin: De buurvrouw \u003Cstrong>die boven ons woont\u003C\u002Fstrong>, werkt in het ziekenhuis.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cp>Met \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> hoef je het zelfstandig naamwoord niet te herhalen. Het betrekkelijk voornaamwoord verbindt de informatie tot één zin.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Na deze les kun je:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> kiezen bij een de-woord, een het-woord of een meervoud;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>de woordvolgorde in een betrekkelijke bijzin gebruiken;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>herkennen wanneer \u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong>, \u003Cstrong>wie\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>waarmee\u003C\u002Fstrong> nodig is.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Ch2 id=\"die-of-dat-kiezen\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">2.\u003C\u002Fspan>Die of dat kiezen\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>De keuze hangt af van het antecedent. Kijk naar het lidwoord van het zelfstandig naamwoord en naar enkelvoud of meervoud.\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Antecedent\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Betrekkelijk voornaamwoord\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Voorbeeld\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>een enkelvoudig de-woord\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>de fiets \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> buiten staat\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>een enkelvoudig het-woord\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>het raam \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> openstaat\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>een meervoud\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>de ramen \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> openstaan\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cp>Het onbepaalde lidwoord \u003Cstrong>een\u003C\u002Fstrong> vertelt niet of een woord een de-woord of een het-woord is. Denk daarom aan de bepaalde vorm:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>een tafel → de tafel → een tafel \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> inklapbaar is;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>een huis → het huis → een huis \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> te koop staat;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>een meisje → het meisje → een meisje \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> hier woont;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>kinderen → de kinderen → kinderen \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> buiten spelen.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--tip\">\u003Cp>Twijfel je tussen \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong>? Zet tijdelijk \u003Cstrong>de\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>het\u003C\u002Fstrong> vóór het zelfstandig naamwoord. Kies daarna \u003Cstrong>de → die\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>het → dat\u003C\u002Fstrong>. Bij een meervoud kies je altijd \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"de-functie-van-die-en-dat-in-de-bijzin\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">3.\u003C\u002Fspan>De functie van die en dat in de bijzin\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>\u003Cstrong>Die\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> verwijzen niet alleen naar het antecedent; ze hebben ook een functie in de bijzin. Ze kunnen bijvoorbeeld het onderwerp of het lijdend voorwerp zijn. De vorm verandert daardoor niet.\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Functie\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Voorbeeld\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Uitleg\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>onderwerp\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>de kok \u003Cstrong>die de soep maakt\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>De kok maakt de soep.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>lijdend voorwerp\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>de kok \u003Cstrong>die wij bedanken\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Wij bedanken de kok.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>onderwerp\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>het apparaat \u003Cstrong>dat veel energie gebruikt\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Het apparaat gebruikt energie.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>lijdend voorwerp\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>het apparaat \u003Cstrong>dat ik gisteren kocht\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Ik kocht het apparaat.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cp>Wanneer \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> het onderwerp is, volgt er dus niet nog een persoonlijk voornaamwoord met dezelfde functie.\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--warning\">\u003Cp>Zeg niet: \u003Cem>De kok die hij de soep maakt.\u003C\u002Fem> \u003Cstrong>Die\u003C\u002Fstrong> is hier al het onderwerp. Goed is: \u003Cem>De kok \u003Cstrong>die de soep maakt\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fem>.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"wat-gebruiken-in-plaats-van-die-of-dat\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">4.\u003C\u002Fspan>Wat gebruiken in plaats van die of dat\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>\u003Cstrong>Wat\u003C\u002Fstrong> is wel correct, maar niet na een gewoon zelfstandig naamwoord zoals \u003Cem>het boek\u003C\u002Fem>. Gebruik \u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong> na woorden als \u003Cstrong>alles\u003C\u002Fstrong>, \u003Cstrong>iets\u003C\u002Fstrong>, \u003Cstrong>niets\u003C\u002Fstrong>, \u003Cstrong>het enige\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>het mooiste\u003C\u002Fstrong>. Het kan ook terugwijzen naar een hele zin.\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>Alles \u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong> ik weet, vertel ik je.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Iets \u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong> mij opviel, was de stilte.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Er is niets \u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong> helpt.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Het enige \u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong> telt, is de uitslag.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Het mooiste \u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong> ik zag, was de kust.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Hij kwam te laat, \u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong> vervelend was.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>In de laatste zin geeft \u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong> extra informatie over de hele vorige zin.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"de-woordvolgorde-in-de-betrekkelijke-bijzin\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">5.\u003C\u002Fspan>De woordvolgorde in de betrekkelijke bijzin\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Een betrekkelijke bijzin heeft de woordvolgorde van een gewone bijzin. De persoonsvorm of het werkwoordcluster staat meestal aan het einde. Als \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> zelf het onderwerp is en er geen andere woorden in de bijzin staan, volgt de persoonsvorm direct: \u003Cem>de lamp die brandt\u003C\u002Fem>. Het gaat dus niet om een korte bijzin, maar om de functie van \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--example\">\u003Cp>Hoofdzin: De manager \u003Cstrong>bespreekt\u003C\u002Fstrong> morgen het plan.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Betrekkelijke bijzin: het plan \u003Cstrong>dat de manager morgen bespreekt\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Hoofdzin met meerdere werkwoorden: Sara \u003Cstrong>zal\u003C\u002Fstrong> het verslag morgen \u003Cstrong>sturen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Betrekkelijke bijzin: het verslag \u003Cstrong>dat Sara morgen zal sturen\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cp>Let vooral op deze volgorde:\u003C\u002Fp>\n\u003Col>\n\u003Cli>zet \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> direct na het antecedent;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>plaats daarna het onderwerp als \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> niet zelf het onderwerp is;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>zet andere informatie in het midden;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>plaats het werkwoord of werkwoordcluster aan het einde.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Fol>\n\u003Ch2 id=\"met-een-voorzetsel\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">6.\u003C\u002Fspan>Met een voorzetsel\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Na een voorzetsel gebruik je niet \u003Cem>met die\u003C\u002Fem> of \u003Cem>met dat\u003C\u002Fem>. Bij personen zeg je \u003Cstrong>wie\u003C\u002Fstrong>, bij dingen vaak \u003Cstrong>waar + voorzetsel\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>de collega \u003Cstrong>met wie\u003C\u002Fstrong> ik werk\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>het systeem \u003Cstrong>waarmee\u003C\u002Fstrong> ik werk\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Dit wordt verder uitgelegd in de les over \u003Cstrong>waar + voorzetsel\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"noodzakelijke-en-extra-informatie\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">7.\u003C\u002Fspan>Noodzakelijke en extra informatie\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Soms bepaalt de bijzin precies wie of wat je bedoelt. Dan is de informatie \u003Cstrong>beperkend\u003C\u002Fstrong> en staat er geen komma vóór \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong>. Loopt de hoofdzin na de bijzin door, dan sluit je de bijzin wel met een komma af.\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>De studenten \u003Cstrong>die het examen hebben gehaald\u003C\u002Fstrong>, krijgen een certificaat. Alleen deze studenten krijgen het.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Ik zoek het boek \u003Cstrong>dat je gisteren noemde\u003C\u002Fstrong>. De bijzin zegt welk boek ik zoek.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Een \u003Cstrong>uitbreidende\u003C\u002Fstrong> bijzin geeft alleen extra informatie. Je zet hem tussen komma&#39;s als hij midden in de zin staat.\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>Mijn broer, \u003Cstrong>die in Groningen woont\u003C\u002Fstrong>, komt dit weekend langs.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Deze laptop, \u003Cstrong>die al tien jaar oud is\u003C\u002Fstrong>, werkt nog steeds.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--note\">\u003Cp>De komma vóór de bijzin hangt af van de betekenis. Vergelijk \u003Cem>de collega&#39;s die thuiswerken\u003C\u002Fem> — alleen die groep — met \u003Cem>mijn collega&#39;s, die allemaal thuiswerken, zijn vandaag online\u003C\u002Fem> — extra informatie over alle collega&#39;s.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"veelvoorkomende-vergissingen\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">8.\u003C\u002Fspan>Veelvoorkomende vergissingen\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Let op deze contrasten:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cstrong>het kind dat\u003C\u002Fstrong> hier speelt, niet \u003Cem>het kind die\u003C\u002Fem>; \u003Cstrong>kind\u003C\u002Fstrong> is een het-woord;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>de kinderen die\u003C\u002Fstrong> hier spelen, want een meervoud krijgt \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>een boek dat\u003C\u002Fstrong> ik aanraad, want het is \u003Cstrong>het boek\u003C\u002Fstrong>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>de vrouw die\u003C\u002Fstrong> ik gisteren sprak, zonder extra \u003Cem>haar\u003C\u002Fem>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>het bericht \u003Cstrong>dat zij heeft gestuurd\u003C\u002Fstrong>, met het werkwoordcluster aan het einde.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>In de spreektaal hoor je soms \u003Cem>het boek wat\u003C\u002Fem> of \u003Cem>het meisje die\u003C\u002Fem>. Voor helder, verzorgd Nederlands gebruik je bij een concreet enkelvoudig het-woord \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"kort-samengevat\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">9.\u003C\u002Fspan>Kort samengevat\u003C\u002Fh2>\n\u003Cul>\n\u003Cli>Een betrekkelijke bijzin geeft informatie over een antecedent.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Gebruik \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> bij enkelvoudige de-woorden en bij alle meervouden.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Gebruik \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> bij enkelvoudige het-woorden, ook bij \u003Cstrong>het kind\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>het meisje\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Zet het werkwoord of werkwoordcluster aan het einde van de bijzin.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Herhaal geen onderwerp of lijdend voorwerp dat al door \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> wordt vertegenwoordigd.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Zet bij een beperkende bijzin geen komma vóór \u003Cstrong>die\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong>; volgt de hoofdzin daarna nog, dan komt er wel een komma na de bijzin.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n",[1639,1643,1647,1651,1655,1659,1663,1667,1671],{"id":1640,"text":1641,"depth":16,"number":1642},"informatie-aan-een-zelfstandig-naamwoord-toevoegen","Informatie aan een zelfstandig naamwoord toevoegen","1",{"id":1644,"text":1645,"depth":16,"number":1646},"die-of-dat-kiezen","Die of dat kiezen","2",{"id":1648,"text":1649,"depth":16,"number":1650},"de-functie-van-die-en-dat-in-de-bijzin","De functie van die en dat in de bijzin","3",{"id":1652,"text":1653,"depth":16,"number":1654},"wat-gebruiken-in-plaats-van-die-of-dat","Wat gebruiken in plaats van die of dat","4",{"id":1656,"text":1657,"depth":16,"number":1658},"de-woordvolgorde-in-de-betrekkelijke-bijzin","De woordvolgorde in de betrekkelijke bijzin","5",{"id":1660,"text":1661,"depth":16,"number":1662},"met-een-voorzetsel","Met een voorzetsel","6",{"id":1664,"text":1665,"depth":16,"number":1666},"noodzakelijke-en-extra-informatie","Noodzakelijke en extra informatie","7",{"id":1668,"text":1669,"depth":16,"number":1670},"veelvoorkomende-vergissingen","Veelvoorkomende vergissingen","8",{"id":1672,"text":1673,"depth":16,"number":1674},"kort-samengevat","Kort samengevat","9"]