[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-de-persoonsvorm-op-de-tweede-plaats":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8937-790e-a6db-12de4f293c3d":402,"exercise-list-path-nl-none":425},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":399,"readyImages":401},"01a0ba4b-8937-790e-a6db-12de4f293c3d","De persoonsvorm op de tweede plaats","de-persoonsvorm-op-de-tweede-plaats","Leer waarom de persoonsvorm in een Nederlandse hoofdzin op de tweede zinsdeelplaats staat, ook als de eerste plaats uit meerdere woorden bestaat.","In een Nederlandse mededelende hoofdzin staat de persoonsvorm meestal op de **tweede zinsdeelplaats**. Dat betekent niet altijd dat hij het tweede woord is.\n\nNa deze les kun je:\n\n- de persoonsvorm in een eenvoudige hoofdzin vinden;\n- zinsdelen tellen in plaats van losse woorden;\n- één compleet zinsdeel vóór de persoonsvorm zetten;\n- de V2-regel in gewone mededelingen gebruiken.\n\n## 1. De persoonsvorm vinden\n\nDe persoonsvorm is het werkwoord dat bij het onderwerp hoort en van vorm kan veranderen.\n\n| Enkelvoud | Meervoud |\n| --- | --- |\n| ik **werk** | wij **werken** |\n| ik **lees** het boek | wij **lezen** het boek |\n| de student **woont** hier | de studenten **wonen** hier |\n\nZo vind je de persoonsvorm: zet de zin in de verleden tijd. *De student woont hier.* wordt *De student woonde hier.* Het werkwoord dat verandert, is de persoonsvorm: **woont** wordt **woonde**.\n\nJe kunt ook een ja-neevraag maken. De persoonsvorm komt dan vooraan: *De student leest de krant.* → **Leest** de student de krant? Bij ja-neevragen staat de persoonsvorm dus niet op de tweede plaats.\n\nBij vragen met **waar** of **wanneer** staat het vraagwoord op de eerste plaats en de persoonsvorm op de tweede plaats:\n\n| Eerste zinsdeel | Persoonsvorm op plaats twee | Rest |\n| --- | --- | --- |\n| **Waar** | woont | Sara? |\n| **Wanneer** | begint | de les? |\n\n## 2. Tweede zinsdeel, niet tweede woord\n\nEen zinsdeel kan uit één woord of uit meerdere woorden bestaan. Het hele eerste zinsdeel neemt samen één plaats in.\n\n| Eerste zinsdeel | Persoonsvorm op plaats twee | Rest |\n| --- | --- | --- |\n| **Sara** | werkt | in de winkel. |\n| **De nieuwe buurman** | werkt | in de winkel. |\n| **Morgen om acht uur** | begint | de les. |\n| **In de grote bibliotheek** | leest | Amir het boek. |\n\nIn *De nieuwe buurman werkt in de winkel* is **werkt** het vierde woord, maar het tweede zinsdeel.\n\nOok **morgen om acht uur** geeft één tijd aan en is dus één zinsdeel. Daarom kan **begint** direct erna op de tweede plaats staan.\n\n:::note\nDe naam **V2** betekent hier dat de persoonsvorm op de tweede zinsdeelplaats staat. Tel dus zinsdelen en niet alleen woorden.\n:::\n\n## 3. Wat kan op de eerste plaats?\n\nVaak staat het onderwerp eerst. Je kunt ook een tijd of een plaats vooropzetten.\n\n- onderwerp: **Noor** neemt de trein;\n- tijd: **Vandaag** neemt Noor de trein;\n- plaats: **Op het station** wacht Noor op de trein.\n\nAls het onderwerp niet op de eerste plaats staat, komt het meestal direct na de persoonsvorm. Dat heet inversie.\n\n:::example\n| Eerste zinsdeel | Persoonsvorm | Onderwerp | Rest |\n| --- | --- | --- | --- |\n| **Vandaag** | **koopt** | Mila | het brood. |\n| **In het park** | **speelt** | het kind | met de bal. |\n\nIn beide zinnen blijft de persoonsvorm op plaats twee.\n:::\n\n## 4. Eén zinsdeel vóór de persoonsvorm\n\nZet in een gewone hoofdzin niet twee losse zinsdelen vóór de persoonsvorm.\n\n:::warning\nNiet: *Morgen ik werk in de winkel.*\n\nWel: **Morgen werk ik in de winkel.**\n\nNiet: *In Utrecht de zus van Amir woont.*\n\nWel: **In Utrecht woont de zus van Amir.**\n\n**En**, **maar** en **want** kunnen twee hoofdzinnen verbinden. Ze tellen niet als het eerste zinsdeel van de volgende hoofdzin. Begin na deze woorden opnieuw te tellen.\n\nNiet: *Ik blijf thuis en morgen ik werk.*\n\nWel: **Ik blijf thuis en morgen werk ik.**\n\nOok: *Ik blijf thuis, maar morgen werk ik.* \u002F *Ik ga naar bed, want morgen werk ik.*\n:::\n\n## 5. Een handige controle\n\n1. Zoek de persoonsvorm.\n2. Zet een streep direct vóór de persoonsvorm.\n3. Controleer of er precies één compleet zinsdeel voor staat. Verbindt **en**, **maar** of **want** twee hoofdzinnen? Tel dan elke hoofdzin apart, zonder het verbindingswoord.\n4. Staat een tijd of plaats eerst? Zet het onderwerp dan na de persoonsvorm.\n\n:::tip\nMarkeer eerst alleen de persoonsvorm. Kijk daarna naar alles ervoor. Meerdere woorden kunnen samen één tijd, één plaats of één onderwerp vormen.\n:::\n\n## 6. V2 in één overzicht\n\n| Begin van de mededeling | Schema |\n| --- | --- |\n| onderwerp eerst | onderwerp + **persoonsvorm** + rest |\n| tijd eerst | tijd + **persoonsvorm** + onderwerp + rest |\n| plaats eerst | plaats + **persoonsvorm** + onderwerp + rest |\n\nEen zin kan ook twee werkwoorden hebben. Alleen de persoonsvorm staat op plaats twee. Bij **willen** en **kunnen** staat het andere werkwoord in de hele vorm achteraan:\n\n| Eerste zinsdeel | Persoonsvorm op plaats twee | Rest met het andere werkwoord |\n| --- | --- | --- |\n| Morgen | **wil** | ik werken. |\n| Ik | **kan** | vandaag niet komen. |\n\nIn deze zinnen zijn **wil** en **kan** de persoonsvormen. **Werken** en **komen** zijn de hele werkwoorden.","nl","A1",32,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-879e-7133-88a6-1059f73c596e","De Nederlandse hoofdzin bouwen",false,0,13,"2026-09-19T15:31:47+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":39},"01a0ba4c-43a0-7008-84e9-51569eceeaa9","Tijd, plaats en de persoonsvorm",[26,42,60,73,86,104,117,131,144,156,168,186,199,211,224,241,254,267,288,306,320,338,351,365,382],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":40},"01a0ba4c-43a0-7070-84e9-51569f27c5a6",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":32,"partsOfSpeech":33,"audio":39,"audioUrl":41},"01a0ba4b-d724-73bc-9ab8-5cc0e6906930","vandaag",10,"tts_06b9abe7cef56e9e_nl-NL.mp3",[34],{"id":35,"partOfSpeech":36,"definition":37,"exampleSentences":38,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d755-7c59-81bc-8b506dfeff6b","ADVERB","Op de dag die nu bezig is.","Vandaag blijft de winkel langer open.",true,1,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_06b9abe7cef56e9e_nl-NL.mp3",{"id":43,"vocabularyWord":44,"displayOrder":59},"01a0ba4c-43a0-70a4-84e9-51569f58324c",{"id":45,"word":46,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":47,"partsOfSpeech":48,"audio":39,"audioUrl":58},"01a0ba4b-d6c6-764f-8320-887953e4fd5f","morgen","tts_96c186ffff861173_nl-NL.mp3",[49,53],{"id":50,"partOfSpeech":36,"definition":51,"exampleSentences":52,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6dd-7655-8390-ca48922ea18d","Op de dag na vandaag.","Morgen begint mijn vakantie.",{"id":54,"partOfSpeech":55,"definition":56,"exampleSentences":57,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6dd-769d-8390-ca48924399e9","NOUN","(de; morgens) vroege deel van de dag, voor de middag.","De volgende morgen vertrokken we vroeg.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_96c186ffff861173_nl-NL.mp3",2,{"id":61,"vocabularyWord":62,"displayOrder":72},"01a0ba4c-43a0-70c8-84e9-5156a01d85a1",{"id":63,"word":64,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":65,"partsOfSpeech":66,"audio":39,"audioUrl":71},"01a0ba4b-d544-7227-a3c9-09e728360a45","hier","tts_79998145c94116eb_nl-NL.mp3",[67],{"id":68,"partOfSpeech":36,"definition":69,"exampleSentences":70,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d564-7dff-97f9-ade233e8dec3","Op deze plaats, dicht bij de spreker.","Kom hier naast mij zitten.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_79998145c94116eb_nl-NL.mp3",3,{"id":74,"vocabularyWord":75,"displayOrder":85},"01a0ba4c-43a0-70f8-84e9-5156a085b2f6",{"id":76,"word":77,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":78,"partsOfSpeech":79,"audio":39,"audioUrl":84},"01a0ba4b-d71a-7c51-8a6f-20d165558fcd","thuis","tts_125b5492c95ec0b9_nl-NL.mp3",[80],{"id":81,"partOfSpeech":36,"definition":82,"exampleSentences":83,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d754-7d23-b46e-efea6f507913","In of bij je eigen huis.","Vanavond blijven we thuis en kijken we een film.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_125b5492c95ec0b9_nl-NL.mp3",4,{"id":87,"vocabularyWord":88,"displayOrder":103},"01a0ba4c-43a0-7118-84e9-5156a10bf992",{"id":89,"word":90,"frequency":91,"level":10,"language":9,"audioFilePath":92,"partsOfSpeech":93,"audio":39,"audioUrl":102},"01a0ba4b-d713-746e-894e-b2941a208b25","station",9,"tts_3cbc3cd7bf39bbe2_nl-NL.mp3",[94,98],{"id":95,"partOfSpeech":55,"definition":96,"exampleSentences":97,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d754-7103-b46e-efea6a0ae6a1","(het; stations) plaats met perrons waar treinen stoppen en reizigers in- of uitstappen.","Voor het station staan veel fietsen.",{"id":99,"partOfSpeech":55,"definition":100,"exampleSentences":101,"isPrimary":16,"meaningOrder":59},"01a0ba4b-d754-714f-b46e-efea6aa15f56","(het; stations) organisatie of kanaal dat radio- of televisieprogramma's uitzendt.","Mijn favoriete station zendt elke ochtend nieuws uit.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3cbc3cd7bf39bbe2_nl-NL.mp3",5,{"id":105,"vocabularyWord":106,"displayOrder":116},"01a0ba4c-43a0-7134-84e9-5156a133f9e7",{"id":107,"word":108,"frequency":91,"level":10,"language":9,"audioFilePath":109,"partsOfSpeech":110,"audio":39,"audioUrl":115},"01a0ba4b-d797-7e31-86c9-a5706742e55a","winkel","tts_50da53ba8d1ee2ef_nl-NL.mp3",[111],{"id":112,"partOfSpeech":55,"definition":113,"exampleSentences":114,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7de-716c-b35c-f80d62d8f009","(de; winkels) plaats of website waar goederen aan klanten worden verkocht.","De winkel op de hoek verkoopt verse groente.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_50da53ba8d1ee2ef_nl-NL.mp3",6,{"id":118,"vocabularyWord":119,"displayOrder":122},"01a0ba4c-43a0-7150-84e9-5156a14fe6d2",{"id":120,"word":121,"frequency":122,"level":123,"language":9,"audioFilePath":124,"partsOfSpeech":125,"audio":39,"audioUrl":130},"01a0ba4b-d7b4-7edc-a734-7ccec877bd10","bibliotheek",7,"A2","tts_e16af28e550f4473_nl-NL.mp3",[126],{"id":127,"partOfSpeech":55,"definition":128,"exampleSentences":129,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7e5-7c96-a377-779854b705fe","(de; bibliotheken) gebouw of organisatie waar mensen boeken en andere materialen kunnen lezen of lenen.","Ik leen elke maand twee romans bij de bibliotheek.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e16af28e550f4473_nl-NL.mp3",{"id":132,"vocabularyWord":133,"displayOrder":136},"01a0ba4c-43a0-7170-84e9-5156a183eb3a",{"id":134,"word":135,"frequency":136,"level":10,"language":9,"audioFilePath":137,"partsOfSpeech":138,"audio":39,"audioUrl":143},"01a0ba4b-d6d4-7c10-a67c-b0f117122b1a","park",8,"tts_8e45eef52247e5da_nl-NL.mp3",[139],{"id":140,"partOfSpeech":55,"definition":141,"exampleSentences":142,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6df-7228-8a1b-af0b5a12eeeb","(het; parken) openbaar groen gebied waar mensen wandelen, sporten of rusten.","In het park lopen veel mensen met hun hond.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8e45eef52247e5da_nl-NL.mp3",{"id":145,"vocabularyWord":146,"displayOrder":91},"01a0ba4c-43a0-718c-84e9-5156a274ff30",{"id":147,"word":148,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":149,"partsOfSpeech":150,"audio":39,"audioUrl":155},"01a0ba4b-d748-7c05-9ee8-003a4e19d314","waar","tts_a8c14dd28172b1d0_nl-NL.mp3",[151],{"id":152,"partOfSpeech":36,"definition":153,"exampleSentences":154,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d759-77fc-afe6-cd9a847c91a7","Vraagwoord waarmee naar een plaats wordt gevraagd.","Waar woont jouw broer?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a8c14dd28172b1d0_nl-NL.mp3",{"id":157,"vocabularyWord":158,"displayOrder":31},"01a0ba4c-43a0-71ac-84e9-5156a3124806",{"id":159,"word":160,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":161,"partsOfSpeech":162,"audio":39,"audioUrl":167},"01a0ba4b-d74a-7cfd-ac25-0b6f84879b1c","wanneer","tts_928188504ebabbd8_nl-NL.mp3",[163],{"id":164,"partOfSpeech":36,"definition":165,"exampleSentences":166,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d759-7b28-afe6-cd9a86225e31","Vraagwoord waarmee naar een tijd of moment wordt gevraagd.","Wanneer begint de les?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_928188504ebabbd8_nl-NL.mp3",{"id":169,"vocabularyWord":170,"displayOrder":185},"01a0ba4c-43a0-71c8-84e9-5156a37731f2",{"id":171,"word":172,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":173,"partsOfSpeech":174,"audio":39,"audioUrl":184},"01a0ba4b-d752-75e7-baca-96fdd6372e40","werken","tts_9d8727a5051a5a64_nl-NL.mp3",[175,180],{"id":176,"partOfSpeech":177,"definition":178,"exampleSentences":179,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d75a-7885-a2c4-a98ba3dd3d0f","VERB","Een beroep of taak uitvoeren en daar vaak geld mee verdienen.","Ik werk drie dagen per week in een winkel.",{"id":181,"partOfSpeech":177,"definition":182,"exampleSentences":183,"isPrimary":16,"meaningOrder":59},"01a0ba4b-d75a-78c9-a2c4-a98ba493b1ae","Doen wat de bedoeling is of goed functioneren.","Mijn telefoon werkt weer.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9d8727a5051a5a64_nl-NL.mp3",11,{"id":187,"vocabularyWord":188,"displayOrder":198},"01a0ba4c-43a0-71e4-84e9-5156a39d9680",{"id":189,"word":190,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":191,"partsOfSpeech":192,"audio":39,"audioUrl":197},"01a0ba4b-d5b0-7c2f-9bc3-4d7f09fec702","lezen","tts_667b397c5acdaa18_nl-NL.mp3",[193],{"id":194,"partOfSpeech":177,"definition":195,"exampleSentences":196,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d5fb-7b64-8a3e-e1b2ce8cf632","Geschreven tekens en woorden bekijken en begrijpen.","Mijn dochter leest graag verhalen over dieren.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_667b397c5acdaa18_nl-NL.mp3",12,{"id":200,"vocabularyWord":201,"displayOrder":18},"01a0ba4c-43a0-7200-84e9-5156a40ae656",{"id":202,"word":203,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":204,"partsOfSpeech":205,"audio":39,"audioUrl":210},"01a0ba4b-d798-7b1e-8eab-abc279d64637","wonen","tts_193f912235d8b307_nl-NL.mp3",[206],{"id":207,"partOfSpeech":177,"definition":208,"exampleSentences":209,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7de-73cc-b35c-f80d62ed7c71","Een huis of andere plaats als vaste verblijfplaats hebben.","Wij wonen in een appartement boven een winkel.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_193f912235d8b307_nl-NL.mp3",{"id":212,"vocabularyWord":213,"displayOrder":223},"01a0ba4c-43a0-721c-84e9-5156a4900ac0",{"id":214,"word":215,"frequency":31,"level":123,"language":9,"audioFilePath":216,"partsOfSpeech":217,"audio":39,"audioUrl":222},"01a0ba4b-d7af-7869-8792-a1661e394b8e","beginnen","tts_23096bcbfdffb0df_nl-NL.mp3",[218],{"id":219,"partOfSpeech":177,"definition":220,"exampleSentences":221,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7e4-7a02-abd6-ee4012512957","Met een activiteit starten of het eerste deel van iets doen.","De vergadering begint morgen om half tien.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_23096bcbfdffb0df_nl-NL.mp3",14,{"id":225,"vocabularyWord":226,"displayOrder":240},"01a0ba4c-43a0-7238-84e9-5156a493aee5",{"id":227,"word":228,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":229,"partsOfSpeech":230,"audio":39,"audioUrl":239},"01a0ba4b-d6ca-76b2-8024-81567fa56896","nemen","tts_dfea6d88993d59eb_nl-NL.mp3",[231,235],{"id":232,"partOfSpeech":177,"definition":233,"exampleSentences":234,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6dd-7d4d-8390-ca48965cee92","Iets pakken en bij je houden, gebruiken of naar een andere plaats brengen.","Neem een jas mee, want het wordt koud.",{"id":236,"partOfSpeech":177,"definition":237,"exampleSentences":238,"isPrimary":16,"meaningOrder":59},"01a0ba4b-d6dd-7da1-8390-ca4896c6aafc","Een vervoermiddel kiezen en ermee reizen.","We nemen de bus naar het centrum.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_dfea6d88993d59eb_nl-NL.mp3",15,{"id":242,"vocabularyWord":243,"displayOrder":253},"01a0ba4c-43a0-7254-84e9-5156a4fcf6d6",{"id":244,"word":245,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":246,"partsOfSpeech":247,"audio":39,"audioUrl":252},"01a0ba4b-d74a-7251-ac25-0b6f83d17f24","wachten","tts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",[248],{"id":249,"partOfSpeech":177,"definition":250,"exampleSentences":251,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d759-7a18-afe6-cd9a853efd6f","Op dezelfde plaats of in dezelfde toestand blijven tot iemand komt of iets gebeurt.","We wachten bij de ingang op onze vrienden.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",16,{"id":255,"vocabularyWord":256,"displayOrder":266},"01a0ba4c-43a0-7270-84e9-5156a5143cd2",{"id":257,"word":258,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":259,"partsOfSpeech":260,"audio":39,"audioUrl":265},"01a0ba4b-d55b-72ce-afbe-e43cfb443248","kopen","tts_7a3c024bbb25fa44_nl-NL.mp3",[261],{"id":262,"partOfSpeech":177,"definition":263,"exampleSentences":264,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d567-745e-aa36-e4be4d0a02af","Iets krijgen door er geld voor te betalen.","Op de markt koop ik appels en kaas.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7a3c024bbb25fa44_nl-NL.mp3",17,{"id":268,"vocabularyWord":269,"displayOrder":287},"01a0ba4c-43a0-728c-84e9-5156a5aef38c",{"id":270,"word":271,"frequency":91,"level":10,"language":9,"audioFilePath":272,"partsOfSpeech":273,"audio":39,"audioUrl":286},"01a0ba4b-d710-77cd-9f1a-d4e92dc075f8","spelen","tts_5c68908499f80f0e_nl-NL.mp3",[274,278,282],{"id":275,"partOfSpeech":177,"definition":276,"exampleSentences":277,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d753-7a80-ac34-23a0a977991f","Voor plezier een activiteit of spel doen.","De kinderen spelen samen in de tuin.",{"id":279,"partOfSpeech":177,"definition":280,"exampleSentences":281,"isPrimary":16,"meaningOrder":59},"01a0ba4b-d753-7ac8-ac34-23a0aa51502c","Meedoen aan een sport of spel.","Wij spelen elke zaterdag voetbal.",{"id":283,"partOfSpeech":177,"definition":284,"exampleSentences":285,"isPrimary":16,"meaningOrder":72},"01a0ba4b-d753-7b0c-ac34-23a0ab4d0716","Muziek maken op een instrument.","Mijn zus speelt goed piano.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_5c68908499f80f0e_nl-NL.mp3",18,{"id":289,"vocabularyWord":290,"displayOrder":305},"01a0ba4c-43a0-72a8-84e9-5156a6715685",{"id":291,"word":292,"frequency":31,"level":293,"language":9,"audioFilePath":294,"partsOfSpeech":295,"audio":39,"audioUrl":304},"01a0ba4b-da7a-7016-a803-0095fc058e83","blijven","B1","tts_e163c862f1ca06c3_nl-NL.mp3",[296,300],{"id":297,"partOfSpeech":177,"definition":298,"exampleSentences":299,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-daa8-7c74-a4f9-feffa5c01f91","Niet weggaan of niet veranderen van plaats, toestand of situatie.","Tijdens de verbouwing blijft de bibliotheek gewoon open.",{"id":301,"partOfSpeech":177,"definition":302,"exampleSentences":303,"isPrimary":16,"meaningOrder":59},"01a0ba4b-daa8-7cb8-a4f9-feffa5e74481","Een handeling gedurende langere tijd voortzetten.","Ook na een fout bleef ze rustig doorwerken.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e163c862f1ca06c3_nl-NL.mp3",19,{"id":307,"vocabularyWord":308,"displayOrder":319},"01a0ba4c-43a0-72c4-84e9-5156a770ff65",{"id":309,"word":310,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":311,"partsOfSpeech":312,"audio":39,"audioUrl":318},"01a0ba4b-d530-7678-a3b3-e5aad91cef38","en","tts_94f6b9c2bc289d04_nl-NL.mp3",[313],{"id":314,"partOfSpeech":315,"definition":316,"exampleSentences":317,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d563-70d3-b413-dd0b6e4a3f1b","CONJUNCTION","Een voegwoord dat woorden, woordgroepen of zinnen met elkaar verbindt.","We kopen brood en kaas.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_94f6b9c2bc289d04_nl-NL.mp3",20,{"id":321,"vocabularyWord":322,"displayOrder":337},"01a0ba4c-43a0-72e0-84e9-5156a7e072d0",{"id":323,"word":324,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":325,"partsOfSpeech":326,"audio":39,"audioUrl":336},"01a0ba4b-d5b5-7727-9eb8-c252ca196856","maar","tts_13b83cbed6465535_nl-NL.mp3",[327,331],{"id":328,"partOfSpeech":315,"definition":329,"exampleSentences":330,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d5fc-73ea-9f37-be9121eb9a4b","Voegwoord dat een tegenstelling tussen twee delen aangeeft.","De kamer is klein, maar heel mooi.",{"id":332,"partOfSpeech":333,"definition":334,"exampleSentences":335,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d5fc-743a-9f37-be9122c58a57","PARTICLE","Woord dat een uitnodiging of bevel vriendelijker en minder sterk maakt.","Kom maar binnen en ga zitten.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_13b83cbed6465535_nl-NL.mp3",21,{"id":339,"vocabularyWord":340,"displayOrder":350},"01a0ba4c-43a0-72fc-84e9-5156a8797213",{"id":341,"word":342,"frequency":31,"level":123,"language":9,"audioFilePath":343,"partsOfSpeech":344,"audio":39,"audioUrl":349},"01a0ba4b-da0b-7f34-827c-b9e1bf4822c0","want","tts_375e49a4c105e9fb_nl-NL.mp3",[345],{"id":346,"partOfSpeech":315,"definition":347,"exampleSentences":348,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-da15-7f1d-ad8a-88f7c5930556","Voegwoord dat een reden of uitleg voor het voorafgaande geeft.","Ik blijf thuis, want ik ben ziek.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_375e49a4c105e9fb_nl-NL.mp3",22,{"id":352,"vocabularyWord":353,"displayOrder":364},"01a0ba4c-43a0-7314-84e9-5156a913f612",{"id":354,"word":355,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":356,"partsOfSpeech":357,"audio":39,"audioUrl":363},"01a0ba4b-d797-7405-86c9-a5706678897e","willen","tts_7b0212d8b2717164_nl-NL.mp3",[358],{"id":359,"partOfSpeech":360,"definition":361,"exampleSentences":362,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7dd-7ec5-99f2-101f3aff8efe","MODAL_VERB","Een wens, voorkeur of plan uitdrukken.","Wij willen volgend jaar naar Spanje reizen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7b0212d8b2717164_nl-NL.mp3",23,{"id":366,"vocabularyWord":367,"displayOrder":381},"01a0ba4c-43a0-7330-84e9-5156a9ce19da",{"id":368,"word":369,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":370,"partsOfSpeech":371,"audio":39,"audioUrl":380},"01a0ba4b-d55c-77ea-8840-e267b6601348","kunnen","tts_b7151ade890e819b_nl-NL.mp3",[372,376],{"id":373,"partOfSpeech":360,"definition":374,"exampleSentences":375,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d567-7686-aa36-e4be4e561e16","De vaardigheid of mogelijkheid hebben om iets te doen.","Mijn zus kan heel goed zwemmen.",{"id":377,"partOfSpeech":360,"definition":378,"exampleSentences":379,"isPrimary":16,"meaningOrder":59},"01a0ba4b-d567-76ca-aa36-e4be4ecc1f05","Aangeven dat iets mogelijk is.","Het kan morgen gaan regenen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b7151ade890e819b_nl-NL.mp3",24,{"id":383,"vocabularyWord":384,"displayOrder":398},"01a0ba4c-43a0-736c-84e9-5156aa5b5054",{"id":385,"word":386,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":387,"partsOfSpeech":388,"audio":39,"audioUrl":397},"01a0ba4b-d55a-78c9-bc98-5b30975f6440","komen","tts_0416817c7aa1466e_nl-NL.mp3",[389,393],{"id":390,"partOfSpeech":177,"definition":391,"exampleSentences":392,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d567-72f6-aa36-e4be4babed76","Zich naar een plaats of persoon toe bewegen en daar aankomen.","De bus komt om acht uur.",{"id":394,"partOfSpeech":177,"definition":395,"exampleSentences":396,"isPrimary":16,"meaningOrder":59},"01a0ba4b-d567-733a-aa36-e4be4c4cf665","Een bepaalde plaats als land, stad of huis als oorsprong hebben.","Mila komt uit België.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_0416817c7aa1466e_nl-NL.mp3",25,{"name":15,"slug":400,"language":9},"de-nederlandse-hoofdzin-bouwen-a1",[],[403,412,418],{"@id":404,"@type":405,"id":406,"grammarPage":407,"title":408,"instructions":409,"displayOrder":17,"type":410,"questionCount":240,"blankCount":240,"isCompleted":16,"ogImageUrl":411},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-9964-7e7c-90e7-605067023f58","GrammarExercise","01a0ba4b-9964-7e7c-90e7-605067023f58","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8937-790e-a6db-12de4f293c3d","Kies de natuurlijke hoofdzin","Kies de juiste mededeling. Let op: vóór de persoonsvorm staat precies één compleet zinsdeel.","word_select","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_bc45c6a6-a608-4953-83da-fc46beda6746_hero.webp?v=1789831911",{"@id":413,"@type":405,"id":414,"grammarPage":407,"title":415,"instructions":416,"displayOrder":40,"type":410,"questionCount":240,"blankCount":240,"isCompleted":16,"ogImageUrl":417},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-997e-7622-8d71-687ab69d2ec4","01a0ba4b-997e-7622-8d71-687ab69d2ec4","Maak de hoofdzin af","Kies de woorden die de mededeling natuurlijk afmaken. Zet de persoonsvorm op de tweede zinsdeelplaats.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_e3622f9f-3847-42de-831c-2c521860ef60_hero.webp?v=1789831911",{"@id":419,"@type":405,"id":420,"grammarPage":407,"title":421,"instructions":422,"displayOrder":59,"type":423,"questionCount":31,"blankCount":31,"isCompleted":16,"ogImageUrl":424},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-9998-7ee5-84ce-9084b473c339","01a0ba4b-9998-7ee5-84ce-9084b473c339","Bouw hoofdzinnen met V2","Tik de woorden in de juiste volgorde en laat woorden die niet in de hoofdzin horen weg.","sentence_builder","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_8b4aec9d-a142-42f6-bbb8-80df6e0d7333_hero.webp?v=1789831911",null]