[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-topic-hubs-nl":3,"grammar-pages-nl":4,"grammar-page-nl-de-werkwoordelijke-tang-in-de-hoofdzin":1297,"grammar-lesson-path-nl-de-werkwoordelijke-tang-in-de-hoofdzin-het-middenstuk-en-de-werkwoordelijke-tang-a2":1484,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8979-713a-b198-a682e3d84d78":1530,"grammar-quick-check-01a0ba4b-8979-713a-b198-a682e3d84d78":1545,"grammar-lesson-body-01a0ba4b-8979-713a-b198-a682e3d84d78-40n19fbcxs":1566},[],[5,12,17,22,27,32,37,42,47,52,57,62,67,72,77,82,87,92,97,102,107,112,117,122,127,132,137,142,147,152,157,162,167,172,177,182,187,192,197,202,207,212,217,222,227,233,238,243,248,253,258,263,268,273,278,283,288,293,298,303,308,313,318,323,328,333,338,343,348,353,358,363,368,373,378,383,388,393,398,403,408,413,418,423,428,433,438,443,448,453,458,463,468,473,478,483,488,494,499,504,509,514,519,524,529,534,539,544,549,554,559,564,569,574,579,584,589,594,599,604,609,614,619,624,629,634,639,644,649,654,659,664,669,674,679,684,689,694,699,704,709,714,719,724,729,734,739,744,750,755,760,765,770,775,780,785,790,795,800,805,810,815,820,825,830,835,840,845,850,855,860,865,870,875,880,885,890,895,900,905,910,915,920,925,930,935,940,945,950,955,960,965,970,975,980,986,991,996,1001,1006,1011,1016,1021,1026,1031,1036,1041,1046,1051,1056,1061,1066,1071,1076,1081,1086,1091,1096,1101,1106,1111,1116,1121,1126,1131,1136,1141,1146,1151,1156,1162,1167,1172,1177,1182,1187,1192,1197,1202,1207,1212,1217,1222,1227,1232,1237,1242,1247,1252,1257,1262,1267,1272,1277,1282,1287,1292],{"id":6,"title":7,"slug":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11},"01a0ba4b-8a31-78d2-bfe8-93cda5da555e","Het Nederlandse alfabet","het-nederlandse-alfabet","nl","A1",1,{"id":13,"title":14,"slug":15,"language":9,"level":10,"displayOrder":16},"01a0ba4b-8b04-72cb-8dcd-87e3496aa32c","Letters benoemen en woorden spellen","letters-benoemen-en-woorden-spellen",2,{"id":18,"title":19,"slug":20,"language":9,"level":10,"displayOrder":21},"01a0ba4b-8ae8-729b-8783-55b9aacfce21","Korte en lange klinkers horen","korte-en-lange-klinkers-horen",3,{"id":23,"title":24,"slug":25,"language":9,"level":10,"displayOrder":26},"01a0ba4b-8b87-73a9-9518-4d17aa721080","Open en gesloten lettergrepen","open-en-gesloten-lettergrepen",4,{"id":28,"title":29,"slug":30,"language":9,"level":10,"displayOrder":31},"01a0ba4b-891d-7a3f-adbd-527b99c8ed2c","De klanken ij en ei","de-klanken-ij-en-ei",5,{"id":33,"title":34,"slug":35,"language":9,"level":10,"displayOrder":36},"01a0ba4b-8918-783b-9bd7-01ae7a0889dd","De klanken au en ou","de-klanken-au-en-ou",6,{"id":38,"title":39,"slug":40,"language":9,"level":10,"displayOrder":41},"01a0ba4b-8922-78d7-ba25-82e8471e0365","De klanken ui, eu en oe","de-klanken-ui-eu-en-oe",7,{"id":43,"title":44,"slug":45,"language":9,"level":10,"displayOrder":46},"01a0ba4b-89e2-7a23-a9f4-c2593f46a63b","G, ch, sch, ng en nk uitspreken","g-ch-sch-ng-en-nk-uitspreken",8,{"id":48,"title":49,"slug":50,"language":9,"level":10,"displayOrder":51},"01a0ba4b-8d30-78ab-bd02-60732d19d41d","Woordklemtoon en de stomme e","woordklemtoon-en-de-stomme-e",9,{"id":53,"title":54,"slug":55,"language":9,"level":10,"displayOrder":56},"01a0ba4b-8a7b-767e-97a4-08589a7a5ae5","Hoofdletters en de schrijfwijze van IJ","hoofdletters-en-de-schrijfwijze-van-ij",10,{"id":58,"title":59,"slug":60,"language":9,"level":10,"displayOrder":61},"01a0ba4b-890b-7329-92dd-1df1cd56fd40","De en het bij zelfstandige naamwoorden","de-en-het-bij-zelfstandige-naamwoorden",11,{"id":63,"title":64,"slug":65,"language":9,"level":10,"displayOrder":66},"01a0ba4b-8a38-7302-b15f-d5d26e4b4916","Het onbepaalde lidwoord een","het-onbepaalde-lidwoord-een",12,{"id":68,"title":69,"slug":70,"language":9,"level":10,"displayOrder":71},"01a0ba4b-8b1b-7228-af8c-17ac0c446c30","Meervouden op -en","meervouden-op-en",13,{"id":73,"title":74,"slug":75,"language":9,"level":10,"displayOrder":76},"01a0ba4b-8b1f-7950-964b-a1ad404c15ac","Meervouden op -s en 's","meervouden-op-s-en-apostrof-s",14,{"id":78,"title":79,"slug":80,"language":9,"level":10,"displayOrder":81},"01a0ba4b-8c6d-7dc6-ab35-16bde85f631d","Veelvoorkomende onregelmatige meervouden","veelvoorkomende-onregelmatige-meervouden",15,{"id":83,"title":84,"slug":85,"language":9,"level":10,"displayOrder":86},"01a0ba4b-899d-7be4-b614-20975395e6f8","Eenvoudige verkleinwoorden met -je en -tje","eenvoudige-verkleinwoorden-met-je-en-tje",16,{"id":88,"title":89,"slug":90,"language":9,"level":10,"displayOrder":91},"01a0ba4b-8ba9-7b56-ad6e-036c0afd83a6","Persoonlijke voornaamwoorden als onderwerp","persoonlijke-voornaamwoorden-als-onderwerp",17,{"id":93,"title":94,"slug":95,"language":9,"level":10,"displayOrder":96},"01a0ba4b-8ad3-74cd-af06-d68b55f58b83","Je, jij en u aanspreken","je-jij-en-u-aanspreken",18,{"id":98,"title":99,"slug":100,"language":9,"level":10,"displayOrder":101},"01a0ba4b-8871-709b-928b-2f78426a482b","Beklemtoonde en onbeklemtoonde onderwerpsvormen","beklemtoonde-en-onbeklemtoonde-onderwerpsvormen",19,{"id":103,"title":104,"slug":105,"language":9,"level":10,"displayOrder":106},"01a0ba4b-88ab-7903-8f1e-98e859066901","Bezittelijke voornaamwoorden bij een naamwoord","bezittelijke-voornaamwoorden-bij-een-naamwoord",20,{"id":108,"title":109,"slug":110,"language":9,"level":10,"displayOrder":111},"01a0ba4b-897e-7565-9a93-f65d38dde38d","Deze, die, dit en dat aanwijzen","deze-die-dit-en-dat-aanwijzen",21,{"id":113,"title":114,"slug":115,"language":9,"level":10,"displayOrder":116},"01a0ba4b-8a60-7e86-a650-0d62eb903ae0","Het werkwoord zijn in de tegenwoordige tijd","het-werkwoord-zijn-in-de-tegenwoordige-tijd",22,{"id":118,"title":119,"slug":120,"language":9,"level":10,"displayOrder":121},"01a0ba4b-8a5b-7dc3-86a1-3dd4b376b037","Het werkwoord hebben in de tegenwoordige tijd","het-werkwoord-hebben-in-de-tegenwoordige-tijd",23,{"id":123,"title":124,"slug":125,"language":9,"level":10,"displayOrder":126},"01a0ba4b-8bcf-7b17-96b3-3d0ce096e3b3","Regelmatige werkwoorden in de tegenwoordige tijd","regelmatige-werkwoorden-in-de-tegenwoordige-tijd",24,{"id":128,"title":129,"slug":130,"language":9,"level":10,"displayOrder":131},"01a0ba4b-8947-715c-b329-ba58ae5c2e6a","De stam van een werkwoord vinden","de-stam-van-een-werkwoord-vinden",25,{"id":133,"title":134,"slug":135,"language":9,"level":10,"displayOrder":136},"01a0ba4b-8d2b-7ab4-a05a-88f55a28337a","Werkwoordsvormen met -t en -d","werkwoordsvormen-met-t-en-d",26,{"id":138,"title":139,"slug":140,"language":9,"level":10,"displayOrder":141},"01a0ba4b-8c68-76e3-a5db-16b498338566","Veelgebruikte onregelmatige werkwoorden","veelgebruikte-onregelmatige-werkwoorden",27,{"id":143,"title":144,"slug":145,"language":9,"level":10,"displayOrder":146},"01a0ba4b-8bfb-7e0d-a8c9-89fe0e425bb7","Scheidbare werkwoorden in de tegenwoordige tijd","scheidbare-werkwoorden-in-de-tegenwoordige-tijd",28,{"id":148,"title":149,"slug":150,"language":9,"level":10,"displayOrder":151},"01a0ba4b-8aec-7d1b-a60f-0ea502ac8c5f","Kunnen, willen, moeten en mogen","kunnen-willen-moeten-en-mogen",29,{"id":153,"title":154,"slug":155,"language":9,"level":10,"displayOrder":156},"01a0ba4b-890f-7513-8d49-b9ada6efdd88","De gebiedende wijs","de-gebiedende-wijs",30,{"id":158,"title":159,"slug":160,"language":9,"level":10,"displayOrder":161},"01a0ba4b-8907-743c-ab57-f49c1cf61cd6","De basisvolgorde van een mededelende zin","de-basisvolgorde-van-een-mededelende-zin",31,{"id":163,"title":164,"slug":165,"language":9,"level":10,"displayOrder":166},"01a0ba4b-8937-790e-a6db-12de4f293c3d","De persoonsvorm op de tweede plaats","de-persoonsvorm-op-de-tweede-plaats",32,{"id":168,"title":169,"slug":170,"language":9,"level":10,"displayOrder":171},"01a0ba4b-8ac7-7991-bf26-9b9c72431320","Inversie na tijd en plaats","inversie-na-tijd-en-plaats",33,{"id":173,"title":174,"slug":175,"language":9,"level":10,"displayOrder":176},"01a0ba4b-8a65-7bbb-93b3-3ca1c28a457f","Het zinskader met twee werkwoorden","het-zinskader-met-twee-werkwoorden",34,{"id":178,"title":179,"slug":180,"language":9,"level":10,"displayOrder":181},"01a0ba4b-8acd-7570-ba56-88ce04558280","Ja-neevragen met inversie","ja-neevragen-met-inversie",35,{"id":183,"title":184,"slug":185,"language":9,"level":10,"displayOrder":186},"01a0ba4b-8cde-7300-830a-aa5794a4dc20","Vraagwoorden in eenvoudige vragen","vraagwoorden-in-eenvoudige-vragen",36,{"id":188,"title":189,"slug":190,"language":9,"level":10,"displayOrder":191},"01a0ba4b-8b7d-745f-abca-1a13bfda9be3","Ontkennen met niet","ontkennen-met-niet",37,{"id":193,"title":194,"slug":195,"language":9,"level":10,"displayOrder":196},"01a0ba4b-8b78-7858-b993-9170c8518752","Ontkennen met geen","ontkennen-met-geen",38,{"id":198,"title":199,"slug":200,"language":9,"level":10,"displayOrder":201},"01a0ba4b-88bf-7ea7-a50c-7274f39cbba0","Bijvoeglijke naamwoorden en de uitzondering bij een het-woord","bijvoeglijke-naamwoorden-en-de-uitzondering-bij-een-het-woord",39,{"id":203,"title":204,"slug":205,"language":9,"level":10,"displayOrder":206},"01a0ba4b-8867-7609-97d9-66b3d8eed485","Basisvoorzetsels van plaats en tijd","basisvoorzetsels-van-plaats-en-tijd",40,{"id":208,"title":209,"slug":210,"language":9,"level":10,"displayOrder":211},"01a0ba4b-8a88-7021-be52-48e4aab7ee50","Hoofdtelwoorden en aantallen","hoofdtelwoorden-en-aantallen",41,{"id":213,"title":214,"slug":215,"language":9,"level":10,"displayOrder":216},"01a0ba4b-8bbf-79ca-8709-d00ebc26530e","Rangtelwoorden en datums","rangtelwoorden-en-datums",42,{"id":218,"title":219,"slug":220,"language":9,"level":10,"displayOrder":221},"01a0ba4b-89c8-7d1c-a51c-a16727d1c740","Er is en er zijn","er-is-en-er-zijn",43,{"id":223,"title":224,"slug":225,"language":9,"level":10,"displayOrder":226},"01a0ba4b-8a8d-79ca-af90-3ef40cd6857a","Hoofdzinnen verbinden met en, maar en of","hoofdzinnen-verbinden-met-en-maar-en-of",44,{"id":228,"title":229,"slug":230,"language":9,"level":231,"displayOrder":232},"01a0ba4b-8a56-7bb1-8e39-141f60acfad3","Het trema bij botsende klinkers","het-trema-bij-botsende-klinkers","A2",45,{"id":234,"title":235,"slug":236,"language":9,"level":231,"displayOrder":237},"01a0ba4b-883b-76c5-9773-3f9bccb7952d","Accenten voor nadruk en uitspraak","accenten-voor-nadruk-en-uitspraak",46,{"id":239,"title":240,"slug":241,"language":9,"level":231,"displayOrder":242},"01a0ba4b-8a9b-706a-b8a6-c298fdf7678a","IJ of ei en au of ou spellen","ij-of-ei-en-au-of-ou-spellen",47,{"id":244,"title":245,"slug":246,"language":9,"level":231,"displayOrder":247},"01a0ba4b-89a2-7ab9-b882-800075e3ebda","Eindklanken en wisselingen tussen d en t, v en f, z en s","eindklanken-en-wisselingen-tussen-d-t-v-f-z-s",48,{"id":249,"title":250,"slug":251,"language":9,"level":231,"displayOrder":252},"01a0ba4b-8ade-76ea-98a6-573794366d51","Klinker- en medeklinkerspelling in meervouden","klinker-en-medeklinkerspelling-in-meervouden",49,{"id":254,"title":255,"slug":256,"language":9,"level":231,"displayOrder":257},"01a0ba4b-8c84-7a25-bf31-1ef3e140aa1c","Verkleinwoorden op -je, -tje, -pje, -etje en -kje","verkleinwoorden-op-je-tje-pje-etje-en-kje",50,{"id":259,"title":260,"slug":261,"language":9,"level":231,"displayOrder":262},"01a0ba4b-8c05-77e1-acf4-9db934d69ec5","Spelling van verkleinwoorden na klinkers","spelling-van-verkleinwoorden-na-klinkers",51,{"id":264,"title":265,"slug":266,"language":9,"level":231,"displayOrder":267},"01a0ba4b-8beb-7df2-870b-08702c72fb43","Samenstellingen en tussenletters","samenstellingen-en-tussenletters",52,{"id":269,"title":270,"slug":271,"language":9,"level":231,"displayOrder":272},"01a0ba4b-8b46-7183-b8ae-e8b35b9b856b","Natuurlijk geslacht bij personen en dieren","natuurlijk-geslacht-bij-personen-en-dieren",53,{"id":274,"title":275,"slug":276,"language":9,"level":231,"displayOrder":277},"01a0ba4b-8ce9-79fd-baa9-db2e0cfebf68","Wanneer een lidwoord wegblijft","wanneer-een-lidwoord-wegblijft",54,{"id":279,"title":280,"slug":281,"language":9,"level":231,"displayOrder":282},"01a0ba4b-8ba4-7bf2-8240-894d40b179fa","Persoonlijke voornaamwoorden als lijdend en meewerkend voorwerp","persoonlijke-voornaamwoorden-als-lijdend-en-meewerkend-voorwerp",55,{"id":284,"title":285,"slug":286,"language":9,"level":231,"displayOrder":287},"01a0ba4b-8d00-7c9f-b91d-b3f67e369916","Wederkerende voornaamwoorden bij dagelijkse handelingen","wederkerende-voornaamwoorden-bij-dagelijkse-handelingen",56,{"id":289,"title":290,"slug":291,"language":9,"level":231,"displayOrder":292},"01a0ba4b-89a7-7961-a088-0a996d2d0453","Elkaar als wederkerig voornaamwoord","elkaar-als-wederkerig-voornaamwoord",57,{"id":294,"title":295,"slug":296,"language":9,"level":231,"displayOrder":297},"01a0ba4b-8a96-78c9-b1c5-55d9df049328","Iemand, niemand, iets en niets","iemand-niemand-iets-en-niets",58,{"id":299,"title":300,"slug":301,"language":9,"level":231,"displayOrder":302},"01a0ba4b-8d42-71df-be56-dbd45ab0ab54","Zelfstandig gebruik van deze, die, dit en dat","zelfstandig-gebruik-van-deze-die-dit-en-dat",59,{"id":304,"title":305,"slug":306,"language":9,"level":231,"displayOrder":307},"01a0ba4b-8d4e-7ce5-afab-039fc2d6502d","Zelfstandige bezittelijke voornaamwoorden","zelfstandige-bezittelijke-voornaamwoorden",60,{"id":309,"title":310,"slug":311,"language":9,"level":231,"displayOrder":312},"01a0ba4b-89be-7a87-821b-bf950f76af86","Er als aanduiding van een plaats","er-als-aanduiding-van-een-plaats",61,{"id":314,"title":315,"slug":316,"language":9,"level":231,"displayOrder":317},"01a0ba4b-8bf6-7bcd-aa24-327a31370122","Scheidbare en onscheidbare werkwoorden herkennen","scheidbare-en-onscheidbare-werkwoorden-herkennen",62,{"id":319,"title":320,"slug":321,"language":9,"level":231,"displayOrder":322},"01a0ba4b-8b5f-7453-aab4-af4105a9563b","Onbeklemtoonde voorvoegsels be-, ge-, her-, ont- en ver-","onbeklemtoonde-voorvoegsels-be-ge-her-ont-en-ver",63,{"id":324,"title":325,"slug":326,"language":9,"level":231,"displayOrder":327},"01a0ba4b-8a42-7372-b201-afb513dfd163","Het perfectum met hebben","het-perfectum-met-hebben",64,{"id":329,"title":330,"slug":331,"language":9,"level":231,"displayOrder":332},"01a0ba4b-8a47-79e1-9e1a-1500b1c262d3","Het perfectum met zijn","het-perfectum-met-zijn",65,{"id":334,"title":335,"slug":336,"language":9,"level":231,"displayOrder":337},"01a0ba4b-8a2c-787b-9f4b-71b7dd145f99","'t kofschip en het voltooid deelwoord","het-kofschip",66,{"id":339,"title":340,"slug":341,"language":9,"level":231,"displayOrder":342},"01a0ba4b-8c9f-70ac-ae83-6de1c1344585","Voltooide deelwoorden van scheidbare en onscheidbare werkwoorden","voltooide-deelwoorden-van-scheidbare-en-onscheidbare-werkwoorden",67,{"id":344,"title":345,"slug":346,"language":9,"level":231,"displayOrder":347},"01a0ba4b-8b73-7a58-8e24-c6390984b8d4","Onregelmatige voltooide deelwoorden","onregelmatige-voltooide-deelwoorden",68,{"id":349,"title":350,"slug":351,"language":9,"level":231,"displayOrder":352},"01a0ba4b-8a27-7c1c-af66-7383f8c89dbe","Het imperfectum van regelmatige werkwoorden","het-imperfectum-van-regelmatige-werkwoorden",69,{"id":354,"title":355,"slug":356,"language":9,"level":231,"displayOrder":357},"01a0ba4b-8a22-7d3a-a1df-740d81b793b2","Het imperfectum van onregelmatige werkwoorden","het-imperfectum-van-onregelmatige-werkwoorden",70,{"id":359,"title":360,"slug":361,"language":9,"level":231,"displayOrder":362},"01a0ba4b-8b96-7433-8cbe-230bd2eb6d68","Perfectum en imperfectum in alledaagse verhalen","perfectum-en-imperfectum-in-alledaagse-verhalen",71,{"id":364,"title":365,"slug":366,"language":9,"level":231,"displayOrder":367},"01a0ba4b-8a51-7c31-a505-58ffa2df00cf","Het plusquamperfectum voor een eerder verleden","het-plusquamperfectum-voor-een-eerder-verleden",72,{"id":369,"title":370,"slug":371,"language":9,"level":231,"displayOrder":372},"01a0ba4b-8951-71b1-ac16-af18ac47a221","De toekomst met gaan","de-toekomst-met-gaan",73,{"id":374,"title":375,"slug":376,"language":9,"level":231,"displayOrder":377},"01a0ba4b-8956-733e-9339-fea32e5ff0ce","De toekomst met zullen","de-toekomst-met-zullen",74,{"id":379,"title":380,"slug":381,"language":9,"level":231,"displayOrder":382},"01a0ba4b-8998-7c2b-b340-b502436665c9","Doel uitdrukken met om te","doel-uitdrukken-met-om-te",75,{"id":384,"title":385,"slug":386,"language":9,"level":231,"displayOrder":387},"01a0ba4b-8d1d-72a6-961a-ba3b9df2bbdf","Werkwoorden die een te-infinitief krijgen","werkwoorden-die-een-te-infinitief-krijgen",76,{"id":389,"title":390,"slug":391,"language":9,"level":231,"displayOrder":392},"01a0ba4b-88a3-7417-8f7b-0a7af50301e1","Bezig zijn met aan het en een infinitief","bezig-zijn-met-aan-het-en-een-infinitief",77,{"id":394,"title":395,"slug":396,"language":9,"level":231,"displayOrder":397},"01a0ba4b-8d67-7c7a-a8a4-a90aecfeb651","Zitten, staan, liggen en lopen te","zitten-staan-liggen-en-lopen-te",78,{"id":399,"title":400,"slug":401,"language":9,"level":231,"displayOrder":402},"01a0ba4b-8c38-79c0-95eb-c9bab8f41228","Tijd, manier en plaats in het middenstuk","tijd-manier-en-plaats-in-het-middenstuk",79,{"id":404,"title":405,"slug":406,"language":9,"level":231,"displayOrder":407},"01a0ba4b-8979-713a-b198-a682e3d84d78","De werkwoordelijke tang in de hoofdzin","de-werkwoordelijke-tang-in-de-hoofdzin",80,{"id":409,"title":410,"slug":411,"language":9,"level":231,"displayOrder":412},"01a0ba4b-88ce-7ebd-9d5f-43612bb1f1c5","Bijzinnen met omdat","bijzinnen-met-omdat",81,{"id":414,"title":415,"slug":416,"language":9,"level":231,"displayOrder":417},"01a0ba4b-8cef-72d5-a29a-f5ffdc887e45","Want en omdat vergelijken","want-en-omdat-vergelijken",82,{"id":419,"title":420,"slug":421,"language":9,"level":231,"displayOrder":422},"01a0ba4b-8ab3-7bfc-9875-1ec855e5d96e","Inhoudszinnen met dat","inhoudszinnen-met-dat",83,{"id":424,"title":425,"slug":426,"language":9,"level":231,"displayOrder":427},"01a0ba4b-8a9f-7b15-8a5f-35804c226da6","Indirecte ja-neevragen met of","indirecte-ja-neevragen-met-of",84,{"id":429,"title":430,"slug":431,"language":9,"level":231,"displayOrder":432},"01a0ba4b-8ac1-7c50-8d4e-39985be9554a","Inversie na een bijzin","inversie-na-een-bijzin",85,{"id":434,"title":435,"slug":436,"language":9,"level":231,"displayOrder":437},"01a0ba4b-887e-7e76-b9e2-c037c00bbfec","Beleefde verzoeken met even, maar en alstublieft","beleefde-verzoeken-met-even-maar-en-alstublieft",86,{"id":439,"title":440,"slug":441,"language":9,"level":231,"displayOrder":442},"01a0ba4b-8942-7541-b31a-8863dcdd0857","De plaats van niet in de eenvoudige zin","de-plaats-van-niet-in-de-eenvoudige-zin",87,{"id":444,"title":445,"slug":446,"language":9,"level":231,"displayOrder":447},"01a0ba4b-895b-72b5-b26a-e2b99406dc95","De vergrotende en overtreffende trap","de-vergrotende-en-overtreffende-trap",88,{"id":449,"title":450,"slug":451,"language":9,"level":231,"displayOrder":452},"01a0ba4b-8c7e-7e35-9ec2-cc9d688c5fba","Vergelijken met dan en als","vergelijken-met-dan-en-als",89,{"id":454,"title":455,"slug":456,"language":9,"level":231,"displayOrder":457},"01a0ba4b-8c63-7588-9931-4c956065e266","Veel, weinig, genoeg, meer en minder","veel-weinig-genoeg-meer-en-minder",90,{"id":459,"title":460,"slug":461,"language":9,"level":231,"displayOrder":462},"01a0ba4b-8c73-70d5-b945-950d00700878","Veelvoorkomende vaste voorzetselcombinaties","veelvoorkomende-vaste-voorzetselcombinaties",91,{"id":464,"title":465,"slug":466,"language":9,"level":231,"displayOrder":467},"01a0ba4b-8c3f-78c9-926d-2f82bd4bee0f","Tijdsduur met al, sinds, vanaf en gedurende","tijdsduur-met-al-sinds-vanaf-en-gedurende",92,{"id":469,"title":470,"slug":471,"language":9,"level":231,"displayOrder":472},"01a0ba4b-88a7-7681-a830-52fdd77a64aa","Bezitsrelaties met van en apostrof-s","bezitsrelaties-met-van-en-apostrof-s",93,{"id":474,"title":475,"slug":476,"language":9,"level":231,"displayOrder":477},"01a0ba4b-8b6e-7e23-8519-9af18e867efd","Onregelmatige trappen van vergelijking","onregelmatige-trappen-van-vergelijking",94,{"id":479,"title":480,"slug":481,"language":9,"level":231,"displayOrder":482},"01a0ba4b-88c4-7859-852a-22ba4efa3a7a","Bijwoorden van frequentie en graad","bijwoorden-van-frequentie-en-graad",95,{"id":484,"title":485,"slug":486,"language":9,"level":231,"displayOrder":487},"01a0ba4b-8cd8-74ec-852d-9c101777836a","Voorzetsels bij richting en verplaatsing","voorzetsels-bij-richting-en-verplaatsing",96,{"id":489,"title":490,"slug":491,"language":9,"level":492,"displayOrder":493},"01a0ba4b-8d26-7b4b-be17-687d878c0751","Werkwoordspelling van stam tot verleden tijd","werkwoordspelling-van-stam-tot-verleden-tijd","B1",97,{"id":495,"title":496,"slug":497,"language":9,"level":492,"displayOrder":498},"01a0ba4b-8c4f-7144-b05f-05ff200ffd47","Tussen-n en tussen-s in samenstellingen","tussen-n-en-tussen-s-in-samenstellingen",98,{"id":500,"title":501,"slug":502,"language":9,"level":492,"displayOrder":503},"01a0ba4b-885a-7d0b-9c8a-79a701bd718a","Apostroffen en meervouden van leenwoorden","apostroffen-en-meervouden-van-leenwoorden",99,{"id":505,"title":506,"slug":507,"language":9,"level":492,"displayOrder":508},"01a0ba4b-8c18-7c39-8850-4aa863644dc2","Telbare en niet-telbare zelfstandige naamwoorden","telbare-en-niet-telbare-zelfstandige-naamwoorden",100,{"id":510,"title":511,"slug":512,"language":9,"level":492,"displayOrder":513},"01a0ba4b-8d56-7170-8598-3f83e20d35d9","Zelfstandige naamwoorden maken met achtervoegsels","zelfstandige-naamwoorden-maken-met-achtervoegsels",101,{"id":515,"title":516,"slug":517,"language":9,"level":492,"displayOrder":518},"01a0ba4b-8c8a-748a-a010-6d01a5dc3f4f","Verkleinwoorden voor betekenis en houding","verkleinwoorden-voor-betekenis-en-houding",102,{"id":520,"title":521,"slug":522,"language":9,"level":492,"displayOrder":523},"01a0ba4b-8bae-789f-a518-7256f03bc1d0","Presentatief er bij een onbepaald onderwerp","presentatief-er-bij-een-onbepaald-onderwerp",103,{"id":525,"title":526,"slug":527,"language":9,"level":492,"displayOrder":528},"01a0ba4b-8af1-72d6-98bb-ea7292642865","Kwantitatief er met aantallen en hoeveelheden","kwantitatief-er-met-aantallen-en-hoeveelheden",104,{"id":530,"title":531,"slug":532,"language":9,"level":492,"displayOrder":533},"01a0ba4b-89cd-7ad4-a14d-0ea3aaa695b0","Er met een voorzetsel","er-met-een-voorzetsel",105,{"id":535,"title":536,"slug":537,"language":9,"level":492,"displayOrder":538},"01a0ba4b-8a6a-7b57-a92b-93358fecbfe3","Hier- en daarwoorden met een voorzetsel","hier-en-daarwoorden-met-een-voorzetsel",106,{"id":540,"title":541,"slug":542,"language":9,"level":492,"displayOrder":543},"01a0ba4b-8a08-7db9-896c-f605ce17aecf","Gesplitste voornaamwoordelijke bijwoorden","gesplitste-voornaamwoordelijke-bijwoorden",107,{"id":545,"title":546,"slug":547,"language":9,"level":492,"displayOrder":548},"01a0ba4b-8a92-7104-a45e-2a65bcd86674","Iedereen, alles, men en algemeen je","iedereen-alles-men-en-algemeen-je",108,{"id":550,"title":551,"slug":552,"language":9,"level":492,"displayOrder":553},"01a0ba4b-8c5e-77df-a653-814551bdae5e","Vaste wederkerende en wederkerige werkwoorden","vaste-wederkerende-en-wederkerige-werkwoorden",109,{"id":555,"title":556,"slug":557,"language":9,"level":492,"displayOrder":558},"01a0ba4b-8b9b-72a6-98d3-2dd2dda56bb7","Perfectum en imperfectum in een samenhangend verhaal","perfectum-en-imperfectum-in-een-samenhangend-verhaal",110,{"id":560,"title":561,"slug":562,"language":9,"level":492,"displayOrder":563},"01a0ba4b-8a4c-7cff-a8fa-d1e2e50d01ba","Het plusquamperfectum in tijdsvolgorde","het-plusquamperfectum-in-tijdsvolgorde",111,{"id":565,"title":566,"slug":567,"language":9,"level":492,"displayOrder":568},"01a0ba4b-8a3d-74ad-82eb-9a81aa9ae38c","Het perfectum met een modaal werkwoord","het-perfectum-met-een-modaal-werkwoord",112,{"id":570,"title":571,"slug":572,"language":9,"level":492,"displayOrder":573},"01a0ba4b-8d7d-75ca-85ab-db19d1769f70","Zullen voor voorspellingen, beloften en aannames","zullen-voor-voorspellingen-beloften-en-aannames",113,{"id":575,"title":576,"slug":577,"language":9,"level":492,"displayOrder":578},"01a0ba4b-8d6d-75b7-82bb-ab97af5da2b1","Zou als toekomst vanuit het verleden","zou-als-toekomst-vanuit-het-verleden",114,{"id":580,"title":581,"slug":582,"language":9,"level":492,"displayOrder":583},"01a0ba4b-8c49-7dfd-8e7b-f19065381670","Tijdsprongen in verhalen markeren","tijdsprongen-in-verhalen-markeren",115,{"id":585,"title":586,"slug":587,"language":9,"level":492,"displayOrder":588},"01a0ba4b-8d22-7010-8019-e829016edf67","Werkwoorden met een vast voorzetsel","werkwoorden-met-een-vast-voorzetsel",116,{"id":590,"title":591,"slug":592,"language":9,"level":492,"displayOrder":593},"01a0ba4b-886c-75b9-b640-aace3da13a67","Beginnen, blijven, stoppen en doorgaan als fasewerkwoorden","beginnen-blijven-stoppen-en-doorgaan-als-fasewerkwoorden",117,{"id":595,"title":596,"slug":597,"language":9,"level":492,"displayOrder":598},"01a0ba4b-8d3b-7a9f-a2e4-e6e1fd140050","Worden, blijven, blijken en lijken als koppelwerkwoorden","worden-blijven-blijken-en-lijken-als-koppelwerkwoorden",118,{"id":600,"title":601,"slug":602,"language":9,"level":492,"displayOrder":603},"01a0ba4b-8d18-71b6-a8e1-a159aa6697c3","Werkwoorden achteraan in de bijzin","werkwoorden-achteraan-in-de-bijzin",119,{"id":605,"title":606,"slug":607,"language":9,"level":492,"displayOrder":608},"01a0ba4b-8c54-7240-82d4-46d7ad35a5d4","Twee werkwoorden in de bijzin","twee-werkwoorden-in-de-bijzin",120,{"id":610,"title":611,"slug":612,"language":9,"level":492,"displayOrder":613},"01a0ba4b-8cbf-7403-bb48-9f3a39d157e4","Voornaamwoorden en bepalingen in het middenstuk","voornaamwoorden-en-bepalingen-in-het-middenstuk",121,{"id":615,"title":616,"slug":617,"language":9,"level":492,"displayOrder":618},"01a0ba4b-893c-7be7-b102-7f79cc64c2f1","De plaats van niet bij werkwoorden en bepalingen","de-plaats-van-niet-bij-werkwoorden-en-bepalingen",122,{"id":620,"title":621,"slug":622,"language":9,"level":492,"displayOrder":623},"01a0ba4b-884d-7c53-9443-5e6c22bcf310","Als, wanneer en toen voor tijd","als-wanneer-en-toen-voor-tijd",123,{"id":625,"title":626,"slug":627,"language":9,"level":492,"displayOrder":628},"01a0ba4b-8c27-7e6e-93d5-e8b43acb0927","Terwijl en toen in beschrijving en verhaal","terwijl-en-toen-in-beschrijving-en-verhaal",124,{"id":630,"title":631,"slug":632,"language":9,"level":492,"displayOrder":633},"01a0ba4b-8ca9-74e1-b5fd-9c2c7b327ec3","Voordat, nadat en totdat","voordat-nadat-en-totdat",125,{"id":635,"title":636,"slug":637,"language":9,"level":492,"displayOrder":638},"01a0ba4b-8ccc-7f50-ac06-a43b549bfa23","Voorwaarden met als en tenzij","voorwaarden-met-als-en-tenzij",126,{"id":640,"title":641,"slug":642,"language":9,"level":492,"displayOrder":643},"01a0ba4b-8c14-7295-8ec8-823481094d8c","Tegenstellingen met hoewel en ook al","tegenstellingen-met-hoewel-en-ook-al",127,{"id":645,"title":646,"slug":647,"language":9,"level":492,"displayOrder":648},"01a0ba4b-8a13-7a97-9d8e-30df8e25cee4","Gevolg uitdrukken met zodat en waardoor","gevolg-uitdrukken-met-zodat-en-waardoor",128,{"id":650,"title":651,"slug":652,"language":9,"level":492,"displayOrder":653},"01a0ba4b-8aa4-7f2c-9483-ca068210593f","Indirecte rede met dat en of","indirecte-rede-met-dat-en-of",129,{"id":655,"title":656,"slug":657,"language":9,"level":492,"displayOrder":658},"01a0ba4b-889a-72b7-b319-38287ecbeed0","Betrekkelijke bijzinnen met die en dat","betrekkelijke-bijzinnen-met-die-en-dat",130,{"id":660,"title":661,"slug":662,"language":9,"level":492,"displayOrder":663},"01a0ba4b-8cd2-7938-8779-ae39d4dc8377","Voorzetsel plus wie en waar plus voorzetsel","voorzetsel-plus-wie-en-waar-plus-voorzetsel",131,{"id":665,"title":666,"slug":667,"language":9,"level":492,"displayOrder":668},"01a0ba4b-8cf4-78eb-866e-888a781e2a62","Wat als betrekkelijk voornaamwoord","wat-als-betrekkelijk-voornaamwoord",132,{"id":670,"title":671,"slug":672,"language":9,"level":492,"displayOrder":673},"01a0ba4b-8896-7047-b4db-4fa96401be6c","Betrekkelijke bijwoorden met waar","betrekkelijke-bijwoorden-met-waar",133,{"id":675,"title":676,"slug":677,"language":9,"level":492,"displayOrder":678},"01a0ba4b-8c0f-74b0-965c-85fbdbf3e755","Te en om te bij infinitiefconstructies","te-en-om-te-bij-infinitiefconstructies",134,{"id":680,"title":681,"slug":682,"language":9,"level":492,"displayOrder":683},"01a0ba4b-8a6f-7ceb-a0f7-d5116fafa9fb","Hoeven te en durven te","hoeven-te-en-durven-te",135,{"id":685,"title":686,"slug":687,"language":9,"level":492,"displayOrder":688},"01a0ba4b-8af5-7504-be93-bd68fa25b103","Laten en doen met een infinitief","laten-en-doen-met-een-infinitief",136,{"id":690,"title":691,"slug":692,"language":9,"level":492,"displayOrder":693},"01a0ba4b-892c-7298-a18f-eca5dc27bed9","De lijdende vorm met worden","de-lijdende-vorm-met-worden",137,{"id":695,"title":696,"slug":697,"language":9,"level":492,"displayOrder":698},"01a0ba4b-896e-7b18-8172-1b381a55ca10","De voltooide lijdende vorm met zijn","de-voltooide-lijdende-vorm-met-zijn",138,{"id":700,"title":701,"slug":702,"language":9,"level":492,"displayOrder":703},"01a0ba4b-8d72-7be2-be7b-5d672d145758","Zou en zouden voor advies en beleefde verzoeken","zou-en-zouden-voor-advies-en-beleefde-verzoeken",139,{"id":705,"title":706,"slug":707,"language":9,"level":492,"displayOrder":708},"01a0ba4b-8bca-7735-b371-9ecae0f90d76","Reële en mogelijke voorwaarden met als","reele-en-mogelijke-voorwaarden-met-als",140,{"id":710,"title":711,"slug":712,"language":9,"level":492,"displayOrder":713},"01a0ba4b-8c78-7a02-91ff-98b545bf9891","Verbanden markeren in verhaal en betoog","verbanden-markeren-in-verhaal-en-betoog",141,{"id":715,"title":716,"slug":717,"language":9,"level":492,"displayOrder":718},"01a0ba4b-8b64-723e-b928-67b424e66aea","Onbepaalde hoeveelheden met wat, enkele en verscheidene","onbepaalde-hoeveelheden-met-wat-enkele-en-verscheidene",142,{"id":720,"title":721,"slug":722,"language":9,"level":492,"displayOrder":723},"01a0ba4b-8bf1-7216-ba74-a4ae3d2ac863","Samenstellingen interpreteren en zelf vormen","samenstellingen-interpreteren-en-zelf-vormen",143,{"id":725,"title":726,"slug":727,"language":9,"level":492,"displayOrder":728},"01a0ba4b-8993-7b0e-a0f7-c69b3304644c","Dit, dat en zo als tekstverwijzers","dit-dat-en-zo-als-tekstverwijzers",144,{"id":730,"title":731,"slug":732,"language":9,"level":492,"displayOrder":733},"01a0ba4b-88d3-7a02-96e8-5ffccdb6ef3e","Bronnen weergeven met afstand en zekerheid","bronnen-weergeven-met-afstand-en-zekerheid",145,{"id":735,"title":736,"slug":737,"language":9,"level":492,"displayOrder":738},"01a0ba4b-8842-774d-8478-b4a6473c8846","Afzwakken en zekerheid doseren","afzwakken-en-zekerheid-doseren",146,{"id":740,"title":741,"slug":742,"language":9,"level":492,"displayOrder":743},"01a0ba4b-8bba-72ef-a8fd-24f8cf944e11","Professioneel register afstemmen op publiek en doel","professioneel-register-afstemmen-op-publiek-en-doel",147,{"id":745,"title":746,"slug":747,"language":9,"level":748,"displayOrder":749},"01a0ba4b-8861-763c-9cb5-3b69f489501a","Assimilatie en klankverbinding in vloeiende spraak","assimilatie-en-klankverbinding-in-vloeiende-spraak","B2",148,{"id":751,"title":752,"slug":753,"language":9,"level":748,"displayOrder":754},"01a0ba4b-8d5c-7448-a8ed-cab5ab14cf00","Zinsaccent en intonatie voor nieuwe informatie","zinsaccent-en-intonatie-voor-nieuwe-informatie",149,{"id":756,"title":757,"slug":758,"language":9,"level":748,"displayOrder":759},"01a0ba4b-8b33-79ad-828e-5e317f92024a","Moeilijke gevallen van d, t en dt","moeilijke-gevallen-van-d-t-en-dt",150,{"id":761,"title":762,"slug":763,"language":9,"level":748,"displayOrder":764},"01a0ba4b-8ae3-7644-92ce-0f7a90f5987d","Koppelteken, trema en tussenletters in samenstellingen","koppelteken-trema-en-tussenletters-in-samenstellingen",151,{"id":766,"title":767,"slug":768,"language":9,"level":748,"displayOrder":769},"01a0ba4b-8a81-7a52-bae3-e76afb2579bf","Hoofdletters en leestekens in formele teksten","hoofdletters-en-leestekens-in-formele-teksten",152,{"id":771,"title":772,"slug":773,"language":9,"level":748,"displayOrder":774},"01a0ba4b-8b4f-7f0b-a6fc-0c11c749e79d","Nominalisaties in informatieve teksten","nominalisaties-in-informatieve-teksten",153,{"id":776,"title":777,"slug":778,"language":9,"level":748,"displayOrder":779},"01a0ba4b-88ba-7f7c-bef5-2a5be5180ac7","Bijvoeglijk gebruikte deelwoorden en hun spelling","bijvoeglijk-gebruikte-deelwoorden-en-hun-spelling",154,{"id":781,"title":782,"slug":783,"language":9,"level":748,"displayOrder":784},"01a0ba4b-8d48-7975-926a-10f6a473824f","Zelfstandig gebruikte bijvoeglijke naamwoorden","zelfstandig-gebruikte-bijvoeglijke-naamwoorden",155,{"id":786,"title":787,"slug":788,"language":9,"level":748,"displayOrder":789},"01a0ba4b-8b16-795f-adcd-1c534952ca0f","Meerdere functies van er in één zin","meerdere-functies-van-er-in-een-zin",156,{"id":791,"title":792,"slug":793,"language":9,"level":748,"displayOrder":794},"01a0ba4b-8d35-7afa-a026-514562d280d4","Woordvolgorde bij presentatief er","woordvolgorde-bij-presentatief-er",157,{"id":796,"title":797,"slug":798,"language":9,"level":748,"displayOrder":799},"01a0ba4b-88eb-7905-abcb-7079857bb0f1","Complexe hoeveelheidsconstructies met er","complexe-hoeveelheidsconstructies-met-er",158,{"id":801,"title":802,"slug":803,"language":9,"level":748,"displayOrder":804},"01a0ba4b-8cb3-7b56-b860-963f7c68ebc0","Voornaamwoordelijke bijwoorden voor zaken en personen","voornaamwoordelijke-bijwoorden-voor-zaken-en-personen",159,{"id":806,"title":807,"slug":808,"language":9,"level":748,"displayOrder":809},"01a0ba4b-8ce3-7e7a-9447-28112fcf53da","Waarmee, waarover en waarop in vraag en verwijzing","waarmee-waarover-en-waarop-in-vraag-en-verwijzing",160,{"id":811,"title":812,"slug":813,"language":9,"level":748,"displayOrder":814},"01a0ba4b-8c44-7c98-98ff-211d1b8ec869","Tijdsperspectief kiezen in verhalen","tijdsperspectief-kiezen-in-verhalen",161,{"id":816,"title":817,"slug":818,"language":9,"level":748,"displayOrder":819},"01a0ba4b-8913-7733-9229-19fe08b6598c","De historische tegenwoordige tijd","de-historische-tegenwoordige-tijd",162,{"id":821,"title":822,"slug":823,"language":9,"level":748,"displayOrder":824},"01a0ba4b-8b9f-7deb-a298-15bbf3486984","Perfectum en plusquamperfectum in complexe vertellingen","perfectum-en-plusquamperfectum-in-complexe-vertellingen",163,{"id":826,"title":827,"slug":828,"language":9,"level":748,"displayOrder":829},"01a0ba4b-8c1d-75b0-be8a-3b7b2ae131eb","Temporeel en modaal zullen onderscheiden","temporeel-en-modaal-zullen-onderscheiden",164,{"id":831,"title":832,"slug":833,"language":9,"level":748,"displayOrder":834},"01a0ba4b-8d78-70fd-81a1-803404a3de92","Zou voor onzekerheid en informatie uit tweede hand","zou-voor-onzekerheid-en-informatie-uit-tweede-hand",165,{"id":836,"title":837,"slug":838,"language":9,"level":748,"displayOrder":839},"01a0ba4b-8960-72af-9e97-fa0d7bae46a0","De vervangende infinitief in het perfectum","de-vervangende-infinitief-in-het-perfectum",166,{"id":841,"title":842,"slug":843,"language":9,"level":748,"displayOrder":844},"01a0ba4b-8c9a-711a-866e-0f208e490710","Voltooide constructies met modale werkwoorden","voltooide-constructies-met-modale-werkwoorden",167,{"id":846,"title":847,"slug":848,"language":9,"level":748,"displayOrder":849},"01a0ba4b-8964-7d35-9bef-9ace62f5a404","De volgorde in clusters van drie werkwoorden","de-volgorde-in-clusters-van-drie-werkwoorden",168,{"id":851,"title":852,"slug":853,"language":9,"level":748,"displayOrder":854},"01a0ba4b-8c00-7a1b-a7d0-5306815f481c","Scheidbare werkwoorden in werkwoordclusters","scheidbare-werkwoorden-in-werkwoordclusters",169,{"id":856,"title":857,"slug":858,"language":9,"level":748,"displayOrder":859},"01a0ba4b-8be6-791a-a91b-c4e4e710b4e2","Rode en groene volgorde in de bijzin","rode-en-groene-volgorde-in-de-bijzin",170,{"id":861,"title":862,"slug":863,"language":9,"level":748,"displayOrder":864},"01a0ba4b-894c-7323-870c-d03909e1bad2","De tangconstructie met een lang middenstuk","de-tangconstructie-met-een-lang-middenstuk",171,{"id":866,"title":867,"slug":868,"language":9,"level":748,"displayOrder":869},"01a0ba4b-88c9-784d-8839-3d08c55b5424","Bijzinnen en woordgroepen in de uitloop","bijzinnen-en-woordgroepen-in-de-uitloop",172,{"id":871,"title":872,"slug":873,"language":9,"level":748,"displayOrder":874},"01a0ba4b-8b0d-7305-9280-ef11268ee643","Linksplaatsing en hervatting met een voornaamwoord","linksplaatsing-en-hervatting-met-een-voornaamwoord",173,{"id":876,"title":877,"slug":878,"language":9,"level":748,"displayOrder":879},"01a0ba4b-8abb-778a-b78f-b3f5d8855135","Inversie na complexe vooropplaatsing","inversie-na-complexe-vooropplaatsing",174,{"id":881,"title":882,"slug":883,"language":9,"level":748,"displayOrder":884},"01a0ba4b-8aae-7a6c-aa8f-c49cfb96327a","Ingebedde vragen en vraagwoordzinnen","ingebedde-vragen-en-vraagwoordzinnen",175,{"id":886,"title":887,"slug":888,"language":9,"level":748,"displayOrder":889},"01a0ba4b-8b5a-7274-8fbb-cfe29611a76a","Omdat, doordat, aangezien en want","omdat-doordat-aangezien-en-want",176,{"id":891,"title":892,"slug":893,"language":9,"level":748,"displayOrder":894},"01a0ba4b-8a75-73ce-bdd3-8c7e5ca3f31d","Hoewel, ofschoon, ondanks en desondanks","hoewel-ofschoon-ondanks-en-desondanks",177,{"id":896,"title":897,"slug":898,"language":9,"level":748,"displayOrder":899},"01a0ba4b-8848-7308-ae1b-5e9b078a21d2","Als, indien, mits en tenzij voor voorwaarden","als-indien-mits-en-tenzij-voor-voorwaarden",178,{"id":901,"title":902,"slug":903,"language":9,"level":748,"displayOrder":904},"01a0ba4b-89d2-7e0b-a15d-e6131d8f633e","Evenredige vergelijking met hoe en des te","evenredige-vergelijking-met-hoe-en-des-te",179,{"id":906,"title":907,"slug":908,"language":9,"level":748,"displayOrder":909},"01a0ba4b-8875-7a7f-ba1e-d067a39069c3","Beknopte bepalingen met tegenwoordige en voltooide deelwoorden","beknopte-bepalingen-met-tegenwoordige-en-voltooide-deelwoorden",180,{"id":911,"title":912,"slug":913,"language":9,"level":748,"displayOrder":914},"01a0ba4b-8883-72cc-98a4-94343e4f5bfc","Beperkende en uitbreidende betrekkelijke bijzinnen","beperkende-en-uitbreidende-betrekkelijke-bijzinnen",181,{"id":916,"title":917,"slug":918,"language":9,"level":748,"displayOrder":919},"01a0ba4b-8932-78a6-addf-7b2435a81866","De onpersoonlijke lijdende vorm met er","de-onpersoonlijke-lijdende-vorm-met-er",182,{"id":921,"title":922,"slug":923,"language":9,"level":748,"displayOrder":924},"01a0ba4b-8b91-7518-a27d-a7365466884d","Passieve zinnen met modale en voltooide vormen","passieve-zinnen-met-modale-en-voltooide-vormen",183,{"id":926,"title":927,"slug":928,"language":9,"level":748,"displayOrder":929},"01a0ba4b-8927-7af2-8bec-06615ad26161","De krijgen-constructie bij overdracht","de-krijgen-constructie-bij-overdracht",184,{"id":931,"title":932,"slug":933,"language":9,"level":748,"displayOrder":934},"01a0ba4b-898e-78cd-bd1a-d5a07ca9ccf6","Directe en indirecte rede met tijd- en plaatsverschuiving","directe-en-indirecte-rede-met-tijd-en-plaatsverschuiving",185,{"id":936,"title":937,"slug":938,"language":9,"level":748,"displayOrder":939},"01a0ba4b-889e-793d-ba6f-5dae28eafedf","Bevelen en verzoeken indirect weergeven","bevelen-en-verzoeken-indirect-weergeven",186,{"id":941,"title":942,"slug":943,"language":9,"level":748,"displayOrder":944},"01a0ba4b-8d06-7972-a5b6-8cb6a050167e","Wel, toch, even, maar, eens en nou als modale partikels","wel-toch-even-maar-eens-en-nou-als-modale-partikels",187,{"id":946,"title":947,"slug":948,"language":9,"level":748,"displayOrder":949},"01a0ba4b-88e1-7670-ad5e-b5ad8a0af8b9","Combinaties van modale partikels en hun intonatie","combinaties-van-modale-partikels-en-hun-intonatie",188,{"id":951,"title":952,"slug":953,"language":9,"level":748,"displayOrder":954},"01a0ba4b-8c94-7d02-9e7d-fb006bb9593c","Verwijzing en signaalwoorden in een betoog","verwijzing-en-signaalwoorden-in-een-betoog",189,{"id":956,"title":957,"slug":958,"language":9,"level":748,"displayOrder":959},"01a0ba4b-89dd-718f-8ee2-37a48218817e","Formele e-mails, verslagen en adviezen structureren","formele-e-mails-verslagen-en-adviezen-structureren",190,{"id":961,"title":962,"slug":963,"language":9,"level":748,"displayOrder":964},"01a0ba4b-8bb3-7544-aa39-faa0ecdb8456","Productieve afleidingen en nominalisaties","productieve-afleidingen-en-nominalisaties",191,{"id":966,"title":967,"slug":968,"language":9,"level":748,"displayOrder":969},"01a0ba4b-8b08-7855-bf64-93e9361e6c98","Lidwoordkeuze bij abstracte, institutionele en stoffelijke namen","lidwoordkeuze-bij-abstracte-institutionele-en-stoffelijke-namen",192,{"id":971,"title":972,"slug":973,"language":9,"level":748,"displayOrder":974},"01a0ba4b-8902-7e43-9b3b-a4bedec4bce1","Creatieve woordvorming met samenstelling en afleiding","creatieve-woordvorming-met-samenstelling-en-afleiding",193,{"id":976,"title":977,"slug":978,"language":9,"level":748,"displayOrder":979},"01a0ba4b-8b8c-7138-ac2b-739b5849b7cd","Parenthetische toevoegingen en tussenzinnen","parenthetische-toevoegingen-en-tussenzinnen",194,{"id":981,"title":982,"slug":983,"language":9,"level":984,"displayOrder":985},"01a0ba4b-8c59-744f-9954-4dad96d6b47c","Uitspraakreductie en verzorgd spreken per situatie","uitspraakreductie-en-verzorgd-spreken-per-situatie","C1",195,{"id":987,"title":988,"slug":989,"language":9,"level":984,"displayOrder":990},"01a0ba4b-8aff-7801-ad31-043ec2109822","Leestekens in lange en gelaagde zinnen","leestekens-in-lange-en-gelaagde-zinnen",196,{"id":992,"title":993,"slug":994,"language":9,"level":984,"displayOrder":995},"01a0ba4b-89b3-7a37-8149-77c0f8601174","Engelse leenwerkwoorden volgens de Nederlandse spelling","engelse-leenwerkwoorden-volgens-de-nederlandse-spelling",197,{"id":997,"title":998,"slug":999,"language":9,"level":984,"displayOrder":1000},"01a0ba4b-8a18-79ef-b865-80be3240a8eb","Grensgevallen tussen bijvoeglijk naamwoord en bijwoord","grensgevallen-tussen-bijvoeglijk-naamwoord-en-bijwoord",198,{"id":1002,"title":1003,"slug":1004,"language":9,"level":984,"displayOrder":1005},"01a0ba4b-8891-7b07-8277-2d09f93097aa","Betekenisverschillen door de- en het-variatie","betekenisverschillen-door-de-en-het-variatie",199,{"id":1007,"title":1008,"slug":1009,"language":9,"level":984,"displayOrder":1010},"01a0ba4b-8c8f-7a74-90b3-6f9644477629","Verwijsketens zonder dubbelzinnige voornaamwoorden","verwijsketens-zonder-dubbelzinnige-voornaamwoorden",200,{"id":1012,"title":1013,"slug":1014,"language":9,"level":984,"displayOrder":1015},"01a0ba4b-89c3-7d86-9a4b-b0273f2b3875","Er, daar en hier in vaste uitdrukkingen","er-daar-en-hier-in-vaste-uitdrukkingen",201,{"id":1017,"title":1018,"slug":1019,"language":9,"level":984,"displayOrder":1020},"01a0ba4b-8cae-76c5-9faa-a78c7c473a99","Voornaamwoordelijke bijwoorden in spreektaal en schrijftaal","voornaamwoordelijke-bijwoorden-in-spreektaal-en-schrijftaal",202,{"id":1022,"title":1023,"slug":1024,"language":9,"level":984,"displayOrder":1025},"01a0ba4b-89d7-7dd1-857e-c54664898a97","Fase, duur en voltooiing als aspectuele keuze","fase-duur-en-voltooiing-als-aspectuele-keuze",203,{"id":1027,"title":1028,"slug":1029,"language":9,"level":984,"displayOrder":1030},"01a0ba4b-8c22-7563-a522-69538e76339c","Temporeel gezichtspunt en verschuivende verteltijd","temporeel-gezichtspunt-en-verschuivende-verteltijd",204,{"id":1032,"title":1033,"slug":1034,"language":9,"level":984,"displayOrder":1035},"01a0ba4b-8969-7930-8953-bd06179ab5dc","De voltooid toekomende tijd","de-voltooid-toekomende-tijd",205,{"id":1037,"title":1038,"slug":1039,"language":9,"level":984,"displayOrder":1040},"01a0ba4b-8973-7d1b-8b6e-5bf91a6590b7","De voltooide voorwaardelijke wijs met zou hebben","de-voltooide-voorwaardelijke-wijs-met-zou-hebben",206,{"id":1042,"title":1043,"slug":1044,"language":9,"level":984,"displayOrder":1045},"01a0ba4b-8b29-73b7-91cf-a8afeb39d069","Modale betekenis in voltooide werkwoordgroepen","modale-betekenis-in-voltooide-werkwoordgroepen",207,{"id":1047,"title":1048,"slug":1049,"language":9,"level":984,"displayOrder":1050},"01a0ba4b-8c2d-76cd-9ebc-07db702f03d3","Thema, focus en informatiestructuur","thema-focus-en-informatiestructuur",208,{"id":1052,"title":1053,"slug":1054,"language":9,"level":984,"displayOrder":1055},"01a0ba4b-89f2-7749-80e8-de5d8cb78a96","Gemarkeerde woordvolgorde en topicalisatie","gemarkeerde-woordvolgorde-en-topicalisatie",209,{"id":1057,"title":1058,"slug":1059,"language":9,"level":984,"displayOrder":1060},"01a0ba4b-8bc5-70b7-8a4d-a21b38109f60","Rechtsplaatsing en hervatting in gesproken taal","rechtsplaatsing-en-hervatting-in-gesproken-taal",210,{"id":1062,"title":1063,"slug":1064,"language":9,"level":984,"displayOrder":1065},"01a0ba4b-8b54-7c00-8aca-7e8e582da32e","Objecten en bijwoorden herschikken in het middenstuk","objecten-en-bijwoorden-herschikken-in-het-middenstuk",211,{"id":1067,"title":1068,"slug":1069,"language":9,"level":984,"displayOrder":1070},"01a0ba4b-8887-7cfc-b8f4-4cf982a9ac4e","Bereik en contrast van ontkenning","bereik-en-contrast-van-ontkenning",212,{"id":1072,"title":1073,"slug":1074,"language":9,"level":984,"displayOrder":1075},"01a0ba4b-89e7-79e6-91ef-b0c19b27243d","Gedeeltelijke ontkenning met niet alle en niet altijd","gedeeltelijke-ontkenning-met-niet-alle-en-niet-altijd",213,{"id":1077,"title":1078,"slug":1079,"language":9,"level":984,"displayOrder":1080},"01a0ba4b-8d0c-7663-9634-cf27c57e8c93","Werkwoordclusters met vier of meer werkwoorden","werkwoordclusters-met-vier-of-meer-werkwoorden",214,{"id":1082,"title":1083,"slug":1084,"language":9,"level":984,"displayOrder":1085},"01a0ba4b-88f9-7de1-b7d9-7a39d387c57c","Controle en onderwerpsinterpretatie bij infinitieven","controle-en-onderwerpsinterpretatie-bij-infinitieven",215,{"id":1087,"title":1088,"slug":1089,"language":9,"level":984,"displayOrder":1090},"01a0ba4b-8ca3-7f9d-a41a-ff74ee12a783","Voltooide infinitieven met te hebben en te zijn","voltooide-infinitieven-met-te-hebben-en-te-zijn",216,{"id":1092,"title":1093,"slug":1094,"language":9,"level":984,"displayOrder":1095},"01a0ba4b-88f0-70e2-9e9e-aeff8e20f4f3","Concessieve en adversatieve verbanden nuanceren","concessieve-en-adversatieve-verbanden-nuanceren",217,{"id":1097,"title":1098,"slug":1099,"language":9,"level":984,"displayOrder":1100},"01a0ba4b-8b82-7268-bc28-ef8b5721f063","Oorzaak, reden en aanleiding zorgvuldig onderscheiden","oorzaak-reden-en-aanleiding-zorgvuldig-onderscheiden",218,{"id":1102,"title":1103,"slug":1104,"language":9,"level":984,"displayOrder":1105},"01a0ba4b-88fe-7659-8bc8-0184591a1bde","Correlatieve verbindingen met zowel, noch en niet alleen","correlatieve-verbindingen-met-zowel-noch-en-niet-alleen",219,{"id":1107,"title":1108,"slug":1109,"language":9,"level":984,"displayOrder":1110},"01a0ba4b-887a-74c2-87f8-77fe0964b1cb","Beknopte bijzinnen en weggelaten zinsdelen","beknopte-bijzinnen-en-weggelaten-zinsdelen",220,{"id":1112,"title":1113,"slug":1114,"language":9,"level":984,"displayOrder":1115},"01a0ba4b-8cfa-7a61-a334-17199be89a16","Wat na een hele zin als antecedent","wat-na-een-hele-zin-als-antecedent",221,{"id":1117,"title":1118,"slug":1119,"language":9,"level":984,"displayOrder":1120},"01a0ba4b-8afa-7647-8e1d-1e7da7628e95","Leestekens bij beperkende en uitbreidende bijzinnen","leestekens-bij-beperkende-en-uitbreidende-bijzinnen",222,{"id":1122,"title":1123,"slug":1124,"language":9,"level":984,"displayOrder":1125},"01a0ba4b-8b24-73d8-96ae-b307e7d5256b","Meervoudige inbedding leesbaar houden","meervoudige-inbedding-leesbaar-houden",223,{"id":1127,"title":1128,"slug":1129,"language":9,"level":984,"displayOrder":1130},"01a0ba4b-8a1d-7b36-8670-8808d38edfec","Handelende personen weglaten in passieve teksten","handelende-personen-weglaten-in-passieve-teksten",224,{"id":1132,"title":1133,"slug":1134,"language":9,"level":984,"displayOrder":1135},"01a0ba4b-8853-7c23-a983-3c417e58cf87","Alternatieven voor het passief met men, ze en krijgen","alternatieven-voor-het-passief-met-men-ze-en-krijgen",225,{"id":1137,"title":1138,"slug":1139,"language":9,"level":984,"displayOrder":1140},"01a0ba4b-8a0e-740f-97f4-d2092114c6cb","Gestapelde modale partikels en subtiele houding","gestapelde-modale-partikels-en-subtiele-houding",226,{"id":1142,"title":1143,"slug":1144,"language":9,"level":984,"displayOrder":1145},"01a0ba4b-88dc-7d42-a759-f7d4735e1320","Cohesie in academische en beschouwende teksten","cohesie-in-academische-en-beschouwende-teksten",227,{"id":1147,"title":1148,"slug":1149,"language":9,"level":984,"displayOrder":1150},"01a0ba4b-8b4a-7f47-b04f-e46c34bc07ff","Nominale en verbale stijl afwisselen","nominale-en-verbale-stijl-afwisselen",228,{"id":1152,"title":1153,"slug":1154,"language":9,"level":984,"displayOrder":1155},"01a0ba4b-8c0a-73f0-bced-c55e50a93cf9","Standaardtaal in Nederland en België vergelijken","standaardtaal-in-nederland-en-belgie-vergelijken",229,{"id":1157,"title":1158,"slug":1159,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1161},"01a0ba4b-8bd5-708c-948e-9c05d67bd8bf","Regionale uitspraakvariatie herkennen en interpreteren","regionale-uitspraakvariatie-herkennen-en-interpreteren","C2",230,{"id":1163,"title":1164,"slug":1165,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1166},"01a0ba4b-89fd-78a1-bcd5-e31c7323d0a3","Genitiefresten en oude naamvallen in vaste uitdrukkingen","genitiefresten-en-oude-naamvallen-in-vaste-uitdrukkingen",231,{"id":1168,"title":1169,"slug":1170,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1171},"01a0ba4b-88f4-78c3-91da-9a8628961b2a","Congruentie bij complexe onderwerpen en grensgevallen","congruentie-bij-complexe-onderwerpen-en-grensgevallen",232,{"id":1173,"title":1174,"slug":1175,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1176},"01a0ba4b-8cb9-7469-80c5-629be98648f5","Voornaamwoordelijke verwijzing in juridische en academische teksten","voornaamwoordelijke-verwijzing-in-juridische-en-academische-teksten",233,{"id":1178,"title":1179,"slug":1180,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1181},"01a0ba4b-88e6-797c-a1c4-643afba9bfb1","Complex en idiomatisch gebruik van er","complex-en-idiomatisch-gebruik-van-er",234,{"id":1183,"title":1184,"slug":1185,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1186},"01a0ba4b-8a03-722f-a5ea-8f396ec56e85","Gespleten voornaamwoordelijke bijwoorden en voorzetselstranding","gespleten-voornaamwoordelijke-bijwoorden-en-voorzetselstranding",235,{"id":1188,"title":1189,"slug":1190,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1191},"01a0ba4b-8c32-7aac-8a75-d2072a4e667e","Tijd en gezichtspunt in de vrije indirecte rede","tijd-en-gezichtspunt-in-de-vrije-indirecte-rede",236,{"id":1193,"title":1194,"slug":1195,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1196},"01a0ba4b-8b11-7b97-af3f-dbd6f5d143cd","Literaire verschuivingen tussen verteltijden","literaire-verschuivingen-tussen-verteltijden",237,{"id":1198,"title":1199,"slug":1200,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1201},"01a0ba4b-89b9-70b4-8c4d-c943d8d660ee","Epistemische toekomst en voorwaardelijkheid","epistemische-toekomst-en-voorwaardelijkheid",238,{"id":1203,"title":1204,"slug":1205,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1206},"01a0ba4b-8b69-757c-b5df-effc104eaa56","Onpersoonlijke constructies in academische en ambtelijke stijl","onpersoonlijke-constructies-in-academische-en-ambtelijke-stijl",239,{"id":1208,"title":1209,"slug":1210,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1211},"01a0ba4b-888c-7d5c-9447-04bde8300fef","Betekenisverschillen door complexe clustervolgorde","betekenisverschillen-door-complexe-clustervolgorde",240,{"id":1213,"title":1214,"slug":1215,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1216},"01a0ba4b-8d12-7729-8b99-dca7365e1309","Werkwoordclustervolgorde in Nederland en België","werkwoordclustervolgorde-in-nederland-en-belgie",241,{"id":1218,"title":1219,"slug":1220,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1221},"01a0ba4b-882a-7ef6-b063-406970da6735","Absolute constructies in formele teksten","absolute-constructies-in-formele-teksten",242,{"id":1223,"title":1224,"slug":1225,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1226},"01a0ba4b-8b40-77ec-bfb4-30b5846d6379","Naamwoordzinnen en zinnen zonder persoonsvorm","naamwoordzinnen-en-zinnen-zonder-persoonsvorm",243,{"id":1228,"title":1229,"slug":1230,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1231},"01a0ba4b-89ac-7c9a-a4da-858c8f8ecd4f","Ellips en samentrekking over zinsgrenzen heen","ellips-en-samentrekking-over-zinsgrenzen-heen",244,{"id":1233,"title":1234,"slug":1235,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1236},"01a0ba4b-8d61-7e1a-87a6-70dde79c73d0","Zinsvervlechting in gesproken en geschreven taal","zinsvervlechting-in-gesproken-en-geschreven-taal",245,{"id":1238,"title":1239,"slug":1240,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1241},"01a0ba4b-89ed-704e-bf7b-44aab5189ed0","Gemarkeerde ontkenning met pas, slechts en niet dan","gemarkeerde-ontkenning-met-pas-slechts-en-niet-dan",246,{"id":1243,"title":1244,"slug":1245,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1246},"01a0ba4b-8cc6-7a1b-8246-44834fdc4a02","Voorwaardelijke inversie met mocht, ware en had","voorwaardelijke-inversie-met-mocht-ware-en-had",247,{"id":1248,"title":1249,"slug":1250,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1251},"01a0ba4b-89f8-70a8-8988-9f838f3c6926","Gemengde en impliciete tegenfeitelijke voorwaarden","gemengde-en-impliciete-tegenfeitelijke-voorwaarden",248,{"id":1253,"title":1254,"slug":1255,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1256},"01a0ba4b-8bda-78df-936f-3cdf804428fc","Resten van de aanvoegende wijs","resten-van-de-aanvoegende-wijs",249,{"id":1258,"title":1259,"slug":1260,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1261},"01a0ba4b-8989-7325-a700-764e2b152bfe","Dienen te, behoren te en geacht worden te","dienen-te-behoren-te-en-geacht-worden-te",250,{"id":1263,"title":1264,"slug":1265,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1266},"01a0ba4b-8b2e-71b9-bb2b-62eae7a54f1d","Modale partikels voor ironie en afstand","modale-partikels-voor-ironie-en-afstand",251,{"id":1268,"title":1269,"slug":1270,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1271},"01a0ba4b-8be0-7294-83e0-8db09c7564c6","Retorische vragen en stilistische inversie","retorische-vragen-en-stilistische-inversie",252,{"id":1273,"title":1274,"slug":1275,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1276},"01a0ba4b-8aa9-7bec-bae9-d3ded87541e1","Informatiedichtheid en ritme in complexe teksten","informatiedichtheid-en-ritme-in-complexe-teksten",253,{"id":1278,"title":1279,"slug":1280,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1281},"01a0ba4b-88d8-7307-a2c4-2f08400c6d26","Citaten, parafrases en meerstemmige indirecte rede","citaten-parafrases-en-meerstemmige-indirecte-rede",254,{"id":1283,"title":1284,"slug":1285,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1286},"01a0ba4b-8ad8-774e-b512-9e2bd067e629","Juridisch en bestuurlijk Nederlands ontleden","juridisch-en-bestuurlijk-nederlands-ontleden",255,{"id":1288,"title":1289,"slug":1290,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1291},"01a0ba4b-8b3a-74ed-8eb1-8d7b1a9f58cb","Morfosyntaxis in Nederlands-Nederlands en Belgisch-Nederlands","morfosyntaxis-in-nederlands-nederlands-en-belgisch-nederlands",256,{"id":1293,"title":1294,"slug":1295,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1296},"01a0ba4b-8983-76d8-a278-981528f599d4","Dialect, omgangstaal en standaardtaal doelgericht plaatsen","dialect-omgangstaal-en-standaardtaal-doelgericht-plaatsen",257,{"id":404,"title":405,"slug":406,"seoDescription":1298,"content":1299,"language":9,"level":231,"displayOrder":407,"grammarTopics":1300,"createdAt":1306,"updatedAt":1307,"vocabularyLists":1308,"primaryTopicHub":1481,"readyImages":1483},"Leer hoe de werkwoordelijke tang Nederlandse hoofdzinnen ordent, met de persoonsvorm op de tweede plaats en andere werkwoordsvormen achteraan.","In een Nederlandse hoofdzin kunnen delen van het werkwoord ver uit elkaar staan: *Mila **heeft** haar buurman gisteren **geholpen***. De persoonsvorm **heeft** staat vroeg in de zin en het voltooid deelwoord **geholpen** staat achteraan. Samen vormen ze de *werkwoordelijke tang*.\n\nNa deze les kun je:\n\n- de twee kanten van de werkwoordelijke tang herkennen;\n- andere zinsdelen op een natuurlijke plaats ertussen zetten;\n- de tang gebruiken met infinitieven, deelwoorden en scheidbare werkwoorden.\n\n## 1. Twee kanten van de zin\n\nIn een gewone mededelende hoofdzin staat de persoonsvorm op de tweede zinsplaats. Een andere werkwoordsvorm staat meestal aan het einde. Alles wat ertussen staat, noemen we hier het middenstuk.\n\n| Eerste deel | Persoonsvorm | Middenstuk | Laatste werkwoordsvorm |\n| --- | --- | --- | --- |\n| Ik | **wil** | vanavond thuis | **koken**. |\n| Sara | **heeft** | de rekening al | **betaald**. |\n| De trein | **zal** | over tien minuten | **vertrekken**. |\n| Wij | **gaan** | volgend jaar Nederlands | **studeren**. |\n\nDe persoonsvorm en de laatste werkwoordsvorm houden het middenstuk als twee kanten van een tang bij elkaar.\n\n:::tip\nZoek eerst alle werkwoorden. Vervoeg één werkwoord als persoonsvorm en plaats de andere werkwoordsvorm aan het einde.\n:::\n\n## 2. Een modaal werkwoord met een infinitief\n\nNa **kunnen**, **willen**, **moeten** en **mogen** gebruik je een infinitief. Het modale werkwoord is de persoonsvorm; de infinitief sluit de zin af.\n\n- Noor **kan** morgen niet **komen**.\n- Ik **wil** in het weekend langer **slapen**.\n- Jullie **moeten** deze brief vandaag **versturen**.\n- De kinderen **mogen** na het eten buiten **spelen**.\n\n:::warning\nDe infinitief staat in een mededelende hoofdzin altijd aan het einde.\n\n✓ Wij **moeten** het formulier vandaag **invullen**.\n\n✗ *Wij moeten invullen het formulier vandaag.*\n:::\n\n## 3. Het perfectum en de toekomst\n\nOok een hulpwerkwoord van de tijd vormt een tang met een andere werkwoordsvorm.\n\n| Vorm | Eerste kant | Tweede kant | Voorbeeld |\n| --- | --- | --- | --- |\n| perfectum | heb \u002F heeft \u002F is | voltooid deelwoord | Zij **is** vroeg **vertrokken**. |\n| toekomst | zal \u002F zullen | infinitief | Ik **zal** je morgen **bellen**. |\n| plan | ga \u002F gaat \u002F gaan | infinitief | We **gaan** de keuken **schilderen**. |\n\nDe meeste werkwoorden krijgen **hebben** in het perfectum, maar sommige krijgen **zijn**: leer bijvoorbeeld **bellen – heeft gebeld** en **vertrekken – is vertrokken** samen.\n\n:::example\n**Zonder extra informatie:** Amir heeft gebeld.\n\n**Met een middenstuk:** Amir **heeft** mij vanmorgen vanuit het station **gebeld**.\n\nDe werkwoorden blijven de twee kanten; de persoon, de tijd en de plaats staan ertussen.\n:::\n\n### Twee werkwoorden aan het einde\n\nSoms staan er twee infinitieven achteraan, bijvoorbeeld na **zullen**: *Wij **zullen** morgen **kunnen beginnen***. De twee infinitieven vormen samen de tweede kant van de tang.\n\n## 4. Een scheidbaar werkwoord\n\nIn een mededelende hoofdzin met alleen een persoonsvorm staat het eerste deel van een scheidbaar werkwoord los van de persoonsvorm, aan het einde van de tang. Ook dan ontstaat een werkwoordelijke tang.\n\n| Hele werkwoord | Hoofdzin |\n| --- | --- |\n| opbellen | Ik **bel** mijn moeder vanavond **op**. |\n| meenemen | Sara **neemt** haar paspoort altijd **mee**. |\n| aankomen | De bus **komt** om 09.30 uur **aan**. |\n| opruimen | Wij **ruimen** na het eten de keuken **op**. |\n\nIn het perfectum komen de delen weer samen in het voltooid deelwoord: *Ik **heb** mijn moeder **opgebeld***. De persoonsvorm en het deelwoord vormen nu de tang.\n\n## 5. Vragen en een ander eerste zinsdeel\n\nIn een ja-neevraag staat de persoonsvorm voor het onderwerp. De laatste werkwoordsvorm blijft achteraan.\n\n- **Kun** je mij morgen **helpen**?\n- **Heeft** Noor de kaartjes al **gekocht**?\n- **Gaan** jullie vanavond thuis **eten**?\n- **Bel** je je moeder vanavond **op**?\n- **Ruimt** Sam na het eten de keuken **op**?\n\nEen tijd of een plaats kan op de eerste zinsplaats staan. Dan komt het onderwerp na de persoonsvorm.\n\n| Eerste deel | Persoonsvorm | Onderwerp en middenstuk | Einde |\n| --- | --- | --- | --- |\n| Morgen | **zal** | ik de huisarts | **bellen**. |\n| In de trein | **heeft** | Sam een boek | **gelezen**. |\n| Na het werk | **ruim** | ik mijn bureau | **op**. |\n\n:::note\nDe eerste kant van de tang staat dus niet altijd als tweede woord. Hij staat op de tweede **zinsplaats**; een zinsdeel kan uit meerdere woorden bestaan, zoals **na het werk**.\n:::\n\n## 6. Een praktisch bouwplan\n\nBouw een hoofdzin in deze volgorde:\n\n1. Kies wat op de eerste plaats komt.\n2. Zet de persoonsvorm op de tweede plaats.\n3. Voeg het onderwerp toe als dat nog niet vooraan staat.\n4. Zet de andere informatie in het middenstuk.\n5. Sluit af met de infinitief, het deelwoord of het losse deel van een scheidbaar werkwoord.\n\nHet kernpatroon is **eerste zinsdeel + persoonsvorm + middenstuk + laatste werkwoordsvorm**. Een lijdend voorwerp en korte bepalingen staan meestal in het middenstuk. Een voorzetselgroep kan wel na de werkwoorden staan, vooral als die lang is: *Ik heb gisteren gesproken met de huisarts.* \u002F *Wij hebben gepraat over onze plannen voor de zomervakantie.*",[1301],{"id":1302,"name":1303,"level":231,"language":9,"isCompleted":1304,"completionPercentage":1305,"totalExercises":41,"completedExercises":1305},"01a0ba4b-87ac-70c2-a8d9-e8107b9b3ceb","Het middenstuk en de werkwoordelijke tang",false,0,"2026-09-19T15:31:47+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[1309],{"id":1310,"title":1311,"vocabularyListWords":1312,"isPublished":1325},"01a0ba4c-4435-72cc-9b06-49a1e024bf6b","Werkwoorden aan beide kanten van de hoofdzin",[1313,1331,1343,1355,1367,1385,1406,1417,1433,1441,1453,1469],{"id":1314,"vocabularyWord":1315,"displayOrder":11},"01a0ba4c-4435-733c-9b06-49a1e0e964f0",{"id":1316,"word":1317,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1318,"partsOfSpeech":1319,"audio":1325,"audioUrl":1330},"01a0ba4b-d55c-77ea-8840-e267b6601348","kunnen","tts_b7151ade890e819b_nl-NL.mp3",[1320,1326],{"id":1321,"partOfSpeech":1322,"definition":1323,"exampleSentences":1324,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d567-7686-aa36-e4be4e561e16","MODAL_VERB","De vaardigheid of mogelijkheid hebben om iets te doen.","Mijn zus kan heel goed zwemmen.",true,{"id":1327,"partOfSpeech":1322,"definition":1328,"exampleSentences":1329,"isPrimary":1304,"meaningOrder":16},"01a0ba4b-d567-76ca-aa36-e4be4ecc1f05","Aangeven dat iets mogelijk is.","Het kan morgen gaan regenen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b7151ade890e819b_nl-NL.mp3",{"id":1332,"vocabularyWord":1333,"displayOrder":16},"01a0ba4c-4435-739c-9b06-49a1e1ad8f6f",{"id":1334,"word":1335,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1336,"partsOfSpeech":1337,"audio":1325,"audioUrl":1342},"01a0ba4b-d797-7405-86c9-a5706678897e","willen","tts_7b0212d8b2717164_nl-NL.mp3",[1338],{"id":1339,"partOfSpeech":1322,"definition":1340,"exampleSentences":1341,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7dd-7ec5-99f2-101f3aff8efe","Een wens, voorkeur of plan uitdrukken.","Wij willen volgend jaar naar Spanje reizen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7b0212d8b2717164_nl-NL.mp3",{"id":1344,"vocabularyWord":1345,"displayOrder":21},"01a0ba4c-4435-73e0-9b06-49a1e283debb",{"id":1346,"word":1347,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1348,"partsOfSpeech":1349,"audio":1325,"audioUrl":1354},"01a0ba4b-d6c4-777d-967b-f5b8ec7cb5ea","moeten","tts_8c23aedee6bd6abe_nl-NL.mp3",[1350],{"id":1351,"partOfSpeech":1322,"definition":1352,"exampleSentences":1353,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d6dd-7231-8390-ca488f9638c2","Uitdrukken dat iets noodzakelijk, verplicht of niet te vermijden is.","We moeten nu vertrekken om de trein te halen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8c23aedee6bd6abe_nl-NL.mp3",{"id":1356,"vocabularyWord":1357,"displayOrder":26},"01a0ba4c-4435-7420-9b06-49a1e33249b9",{"id":1358,"word":1359,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1360,"partsOfSpeech":1361,"audio":1325,"audioUrl":1366},"01a0ba4b-d6c5-7198-a17b-dc036d1802b2","mogen","tts_bf65ea99c7e3d468_nl-NL.mp3",[1362],{"id":1363,"partOfSpeech":1322,"definition":1364,"exampleSentences":1365,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d6dd-7349-8390-ca488fbf6a74","Toestemming hebben of beleefd om toestemming vragen.","Mag ik hier mijn fiets zetten?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_bf65ea99c7e3d468_nl-NL.mp3",{"id":1368,"vocabularyWord":1369,"displayOrder":31},"01a0ba4c-4435-7490-9b06-49a1e3ddd6f1",{"id":1370,"word":1371,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1372,"partsOfSpeech":1373,"audio":1325,"audioUrl":1384},"01a0ba4b-d53f-7c67-85eb-3b9922c23a39","hebben","tts_3fae4853c243bafc_nl-NL.mp3",[1374,1379],{"id":1375,"partOfSpeech":1376,"definition":1377,"exampleSentences":1378,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d564-783b-97f9-ade231f4c857","VERB","Iets bezitten, bij je dragen of kunnen gebruiken.","Wij hebben twee fietsen.",{"id":1380,"partOfSpeech":1381,"definition":1382,"exampleSentences":1383,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d564-77f7-97f9-ade231e70113","AUXILIARY_VERB","Een hulpwerkwoord waarmee je bij veel werkwoorden de voltooide tijd maakt.","Ze hebben de deur gesloten.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3fae4853c243bafc_nl-NL.mp3",{"id":1386,"vocabularyWord":1387,"displayOrder":36},"01a0ba4c-4435-74d0-9b06-49a1e4b65a1c",{"id":1388,"word":1389,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1390,"partsOfSpeech":1391,"audio":1325,"audioUrl":1405},"01a0ba4b-d79d-7992-a05f-482e3a79eb3b","zijn","tts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",[1392,1396,1401],{"id":1393,"partOfSpeech":1381,"definition":1394,"exampleSentences":1395,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7df-76f3-a2d4-348800f43663","Een hulpwerkwoord waarmee je bij bepaalde werkwoorden de voltooide tijd maakt.","We zijn gisteren vroeg vertrokken.",{"id":1397,"partOfSpeech":1398,"definition":1399,"exampleSentences":1400,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7df-778f-a2d4-34880166a8ed","PRONOUN","Een bezittelijk woord dat aangeeft dat iets bij een mannelijke persoon of een het-woord hoort.","Joris zoekt zijn jas.",{"id":1402,"partOfSpeech":1376,"definition":1403,"exampleSentences":1404,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7df-7827-a2d4-348801a7c8f6","Een identiteit, eigenschap, toestand of plaats uitdrukken.","De ramen zijn open.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",{"id":1407,"vocabularyWord":1408,"displayOrder":41},"01a0ba4c-4435-750c-9b06-49a1e512009e",{"id":1409,"word":1410,"frequency":56,"level":231,"language":9,"audioFilePath":1411,"partsOfSpeech":1412,"audio":1325,"audioUrl":1416},"01a0ba4b-e525-72de-9189-db1a30080cc3","zullen","tts_db62e1c74c948569_nl-NL.mp3",[1413],{"id":1414,"partOfSpeech":1376,"definition":1415,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-e52f-7e82-b8a0-7c156399661e","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_db62e1c74c948569_nl-NL.mp3",{"id":1418,"vocabularyWord":1419,"displayOrder":46},"01a0ba4c-4435-754c-9b06-49a1e5ba9087",{"id":1420,"word":1421,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1422,"partsOfSpeech":1423,"audio":1325,"audioUrl":1432},"01a0ba4b-d536-741a-9b5b-10271c0cd8b0","gaan","tts_5073aaa2a38c7d28_nl-NL.mp3",[1424,1428],{"id":1425,"partOfSpeech":1381,"definition":1426,"exampleSentences":1427,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d563-7a53-b413-dd0b7488d449","Samen met een infinitief uitdrukken dat iets binnenkort of volgens een plan gebeurt.","Ik ga vanavond koken.",{"id":1429,"partOfSpeech":1376,"definition":1430,"exampleSentences":1431,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d563-7a9b-b413-dd0b74ef239d","Van de ene plaats naar een andere plaats bewegen of vertrekken.","We gaan met de fiets naar school.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_5073aaa2a38c7d28_nl-NL.mp3",{"id":1434,"vocabularyWord":1435,"displayOrder":51},"01a0ba4c-4435-7588-9b06-49a1e64b03f2",{"id":1436,"word":1437,"frequency":41,"level":231,"language":9,"audioFilePath":1438,"partsOfSpeech":1439,"audio":1325,"audioUrl":1440},"01a0ba4b-d6a6-7f89-91fd-ff05898cb54b","opbellen","tts_d0734d9b553e8987_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d0734d9b553e8987_nl-NL.mp3",{"id":1442,"vocabularyWord":1443,"displayOrder":56},"01a0ba4c-4435-75c4-9b06-49a1e65b44de",{"id":1444,"word":1445,"frequency":51,"level":231,"language":9,"audioFilePath":1446,"partsOfSpeech":1447,"audio":1325,"audioUrl":1452},"01a0ba4b-d851-7f15-ae14-9c003e3f7b6c","meenemen","tts_6d9626db36d4f2ef_nl-NL.mp3",[1448],{"id":1449,"partOfSpeech":1376,"definition":1450,"exampleSentences":1451,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d892-78ec-bdf8-1b1371ff997d","Iemand of iets bij je hebben wanneer je naar een andere plaats gaat.","Voor de wandeling neem ik water en fruit mee.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6d9626db36d4f2ef_nl-NL.mp3",{"id":1454,"vocabularyWord":1455,"displayOrder":61},"01a0ba4c-4435-7604-9b06-49a1e71e79c0",{"id":1456,"word":1457,"frequency":51,"level":231,"language":9,"audioFilePath":1458,"partsOfSpeech":1459,"audio":1325,"audioUrl":1468},"01a0ba4b-d7a2-7d82-9586-73f4f589e7de","aankomen","tts_85e31e90652d0311_nl-NL.mp3",[1460,1464],{"id":1461,"partOfSpeech":1376,"definition":1462,"exampleSentences":1463,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7e0-7f3e-ac72-711be2daac09","Na een reis of verplaatsing een bestemming bereiken.","Als we op tijd aankomen, kunnen we nog samen eten.",{"id":1465,"partOfSpeech":1376,"definition":1466,"exampleSentences":1467,"isPrimary":1304,"meaningOrder":16},"01a0ba4b-d7e1-701d-b022-d70172f759d9","Zwaarder worden doordat het lichaamsgewicht toeneemt.","Tijdens de vakantie ben ik twee kilo aangekomen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_85e31e90652d0311_nl-NL.mp3",{"id":1470,"vocabularyWord":1471,"displayOrder":66},"01a0ba4c-4435-7640-9b06-49a1e74dea1f",{"id":1472,"word":1473,"frequency":46,"level":231,"language":9,"audioFilePath":1474,"partsOfSpeech":1475,"audio":1325,"audioUrl":1480},"01a0ba4b-d982-75e4-85a4-d5be65fc82b7","opruimen","tts_f25052463b6b7d9a_nl-NL.mp3",[1476],{"id":1477,"partOfSpeech":1376,"definition":1478,"exampleSentences":1479,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d99a-799a-a0ca-fdff16949fda","Losse of gebruikte dingen op hun plaats zetten en een ruimte netjes maken.","Na het feest ruimen we samen de woonkamer op.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f25052463b6b7d9a_nl-NL.mp3",{"name":1303,"slug":1482,"language":9},"het-middenstuk-en-de-werkwoordelijke-tang-a2",[],{"id":1302,"name":1303,"slug":1482,"language":9,"level":231,"introduction":1485,"lessonCount":21,"totalExercises":41,"objectives":1486,"prerequisites":1490,"lessons":1493},"Langere Nederlandse zinnen blijven overzichtelijk als je hun vaste ankerpunten ziet. Je ordent informatie in het middenstuk, sluit de zin met een tweede werkwoord en past de V2-regel toe na een vooropstaande bijzin.",[1487,1488,1489],"Tijd, manier en plaats in een neutrale volgorde zetten.","Een hoofdzin met een werkwoordelijke tang bouwen.","Na een vooropstaande bijzin correcte inversie gebruiken.",[1491,1492],"Je kent de V2-regel en eenvoudige inversie.","Je kunt zinnen met een infinitief of voltooid deelwoord maken.",[1494,1498,1513],{"id":399,"contentId":1495,"slug":401,"title":400,"level":231,"summary":1496,"order":11,"exercises":1497},"pg_86d09117-ac45-44fb-9cc6-60008cfd6a66","Orden tijd, manier en plaats in een neutraal middenstuk en plaats korte voornaamwoorden en niet passend.",[],{"id":404,"contentId":1499,"slug":406,"title":405,"level":231,"summary":1500,"order":16,"exercises":1501},"pg_fe33a464-92e4-4195-adfe-f4d9ba0e024f","Herken persoonsvorm en eindwerkwoord als twee kanten van de hoofdzin en plaats informatie ertussen.",[1502,1506,1509],{"id":1503,"title":1504,"order":1305,"type":1505},"01a0ba4b-9cc4-7c20-81cf-a2defce4828b","Twee werkwoorden als kader","word_select",{"id":1507,"title":1508,"order":11,"type":1505},"01a0ba4b-9ce0-73cf-afb9-4809509260c1","Informatie in het midden",{"id":1510,"title":1511,"order":16,"type":1512},"01a0ba4b-9cfc-7a59-8429-92892120f213","Bouw de werkwoordelijke tang","sentence_builder",{"id":429,"contentId":1514,"slug":431,"title":430,"level":231,"summary":1515,"order":21,"exercises":1516},"pg_f025a22b-cb1d-404e-beae-3f465ed154b8","Begin de hoofdzin na een vooropstaande bijzin met de persoonsvorm en zet het onderwerp daarachter.",[1517,1520,1523,1526],{"id":1518,"title":1519,"order":1305,"type":1505},"01a0ba4b-ac2a-752f-b9cf-5f3db421150c","De bijzin als vertrekpunt",{"id":1521,"title":1522,"order":11,"type":1505},"01a0ba4b-ac45-7328-9e53-227a48032e7b","Gevolg na tijd en reden",{"id":1524,"title":1525,"order":16,"type":1512},"01a0ba4b-ac5f-71d9-9aeb-56d37ec50f5b","Bouw zinnen na een bijzin",{"id":1527,"title":1528,"order":21,"type":1529},"01a0ba4b-ac71-788c-84bf-3cf8adf3d9c4","Vind en verbeter de inversie","find_and_fix",[1531,1537,1541],{"@id":1532,"@type":1533,"id":1503,"grammarPage":1534,"title":1504,"instructions":1535,"displayOrder":1305,"type":1505,"questionCount":81,"blankCount":81,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1536},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-9cc4-7c20-81cf-a2defce4828b","GrammarExercise","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8979-713a-b198-a682e3d84d78","Kies de vorm die de hoofdzin natuurlijk en volledig maakt.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_53cddfe9-2ac8-40a3-bd43-fef26b305dd0_hero.webp?v=1789831912",{"@id":1538,"@type":1533,"id":1507,"grammarPage":1534,"title":1508,"instructions":1539,"displayOrder":11,"type":1505,"questionCount":81,"blankCount":81,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1540},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-9ce0-73cf-afb9-4809509260c1","Kies telkens de zin waarin alle delen op een natuurlijke plaats staan.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_b925c9b2-8e2f-492d-b10b-1ed39f1c42f6_hero.webp?v=1789831912",{"@id":1542,"@type":1533,"id":1510,"grammarPage":1534,"title":1511,"instructions":1543,"displayOrder":16,"type":1512,"questionCount":56,"blankCount":56,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1544},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-9cfc-7a59-8429-92892120f213","Tik de woorden in de juiste volgorde en laat woorden die niet in de zin horen weg.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_2efb938d-0786-4d52-b361-67c3880451fa_hero.webp?v=1789831912",{"id":1503,"grammarPage":1534,"title":1504,"instructions":1535,"seoTitle":1546,"seoDescription":1547,"displayOrder":1305,"type":1505,"questions":1548,"ogImageUrl":1536},"Werkwoordelijke tang: twee werkwoorden als kader","Vul de lege plekken in met de persoonsvorm of de infinitief aan het eind, zoals Lina wil de reservering bevestigen, in korte, duidelijke hoofdzinnen.",[1549],{"id":1550,"sentenceTemplate":1551,"displayOrder":1305,"explanation":1552,"exampleSentence":1553,"blanks":1554},"01a0ba4b-9cc4-7e20-81cf-a2deff93d829","Lina __1__ de reservering vanavond bevestigen.","Het modale werkwoord wil staat vroeg; bevestigen sluit de zin af.","Amir wil zijn huisarts morgen bellen.",[1555],{"id":1556,"blankNumber":11,"options":1557},"01a0ba4b-9cc4-7dd4-81cf-a2defe9d6501",[1558,1561,1564],{"id":1559,"optionText":1560,"isCorrect":1325,"displayOrder":1305},"01a0ba4b-9cc4-7d38-81cf-a2defd8fe2c1","wil",{"id":1562,"optionText":1563,"isCorrect":1304,"displayOrder":11},"01a0ba4b-9cc4-7d84-81cf-a2defdb324f2","bevestigen wil",{"id":1565,"optionText":1335,"isCorrect":1304,"displayOrder":16},"01a0ba4b-9cc4-7db0-81cf-a2defe47b0d7",{"html":1567,"toc":1568},"\u003Cp>In een Nederlandse hoofdzin kunnen delen van het werkwoord ver uit elkaar staan: \u003Cem>Mila \u003Cstrong>heeft\u003C\u002Fstrong> haar buurman gisteren \u003Cstrong>geholpen\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fem>. De persoonsvorm \u003Cstrong>heeft\u003C\u002Fstrong> staat vroeg in de zin en het voltooid deelwoord \u003Cstrong>geholpen\u003C\u002Fstrong> staat achteraan. Samen vormen ze de \u003Cem>werkwoordelijke tang\u003C\u002Fem>.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Na deze les kun je:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>de twee kanten van de werkwoordelijke tang herkennen;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>andere zinsdelen op een natuurlijke plaats ertussen zetten;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>de tang gebruiken met infinitieven, deelwoorden en scheidbare werkwoorden.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Ch2 id=\"twee-kanten-van-de-zin\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">1.\u003C\u002Fspan>Twee kanten van de zin\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>In een gewone mededelende hoofdzin staat de persoonsvorm op de tweede zinsplaats. Een andere werkwoordsvorm staat meestal aan het einde. Alles wat ertussen staat, noemen we hier het middenstuk.\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Eerste deel\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Persoonsvorm\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Middenstuk\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Laatste werkwoordsvorm\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>Ik\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>wil\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>vanavond thuis\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>koken\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>Sara\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>heeft\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>de rekening al\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>betaald\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>De trein\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>zal\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>over tien minuten\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>vertrekken\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>Wij\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>gaan\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>volgend jaar Nederlands\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>studeren\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cp>De persoonsvorm en de laatste werkwoordsvorm houden het middenstuk als twee kanten van een tang bij elkaar.\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--tip\">\u003Cp>Zoek eerst alle werkwoorden. Vervoeg één werkwoord als persoonsvorm en plaats de andere werkwoordsvorm aan het einde.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"een-modaal-werkwoord-met-een-infinitief\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">2.\u003C\u002Fspan>Een modaal werkwoord met een infinitief\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Na \u003Cstrong>kunnen\u003C\u002Fstrong>, \u003Cstrong>willen\u003C\u002Fstrong>, \u003Cstrong>moeten\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>mogen\u003C\u002Fstrong> gebruik je een infinitief. Het modale werkwoord is de persoonsvorm; de infinitief sluit de zin af.\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>Noor \u003Cstrong>kan\u003C\u002Fstrong> morgen niet \u003Cstrong>komen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Ik \u003Cstrong>wil\u003C\u002Fstrong> in het weekend langer \u003Cstrong>slapen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Jullie \u003Cstrong>moeten\u003C\u002Fstrong> deze brief vandaag \u003Cstrong>versturen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>De kinderen \u003Cstrong>mogen\u003C\u002Fstrong> na het eten buiten \u003Cstrong>spelen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--warning\">\u003Cp>De infinitief staat in een mededelende hoofdzin altijd aan het einde.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>✓ Wij \u003Cstrong>moeten\u003C\u002Fstrong> het formulier vandaag \u003Cstrong>invullen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>✗ \u003Cem>Wij moeten invullen het formulier vandaag.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"het-perfectum-en-de-toekomst\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">3.\u003C\u002Fspan>Het perfectum en de toekomst\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Ook een hulpwerkwoord van de tijd vormt een tang met een andere werkwoordsvorm.\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Vorm\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Eerste kant\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Tweede kant\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Voorbeeld\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>perfectum\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>heb \u002F heeft \u002F is\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>voltooid deelwoord\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Zij \u003Cstrong>is\u003C\u002Fstrong> vroeg \u003Cstrong>vertrokken\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>toekomst\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>zal \u002F zullen\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>infinitief\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Ik \u003Cstrong>zal\u003C\u002Fstrong> je morgen \u003Cstrong>bellen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>plan\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>ga \u002F gaat \u002F gaan\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>infinitief\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>We \u003Cstrong>gaan\u003C\u002Fstrong> de keuken \u003Cstrong>schilderen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cp>De meeste werkwoorden krijgen \u003Cstrong>hebben\u003C\u002Fstrong> in het perfectum, maar sommige krijgen \u003Cstrong>zijn\u003C\u002Fstrong>: leer bijvoorbeeld \u003Cstrong>bellen – heeft gebeld\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>vertrekken – is vertrokken\u003C\u002Fstrong> samen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--example\">\u003Cp>\u003Cstrong>Zonder extra informatie:\u003C\u002Fstrong> Amir heeft gebeld.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>\u003Cstrong>Met een middenstuk:\u003C\u002Fstrong> Amir \u003Cstrong>heeft\u003C\u002Fstrong> mij vanmorgen vanuit het station \u003Cstrong>gebeld\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De werkwoorden blijven de twee kanten; de persoon, de tijd en de plaats staan ertussen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch3 id=\"twee-werkwoorden-aan-het-einde\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">3.1\u003C\u002Fspan>Twee werkwoorden aan het einde\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Soms staan er twee infinitieven achteraan, bijvoorbeeld na \u003Cstrong>zullen\u003C\u002Fstrong>: \u003Cem>Wij \u003Cstrong>zullen\u003C\u002Fstrong> morgen \u003Cstrong>kunnen beginnen\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fem>. De twee infinitieven vormen samen de tweede kant van de tang.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"een-scheidbaar-werkwoord\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">4.\u003C\u002Fspan>Een scheidbaar werkwoord\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>In een mededelende hoofdzin met alleen een persoonsvorm staat het eerste deel van een scheidbaar werkwoord los van de persoonsvorm, aan het einde van de tang. Ook dan ontstaat een werkwoordelijke tang.\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Hele werkwoord\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Hoofdzin\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>opbellen\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Ik \u003Cstrong>bel\u003C\u002Fstrong> mijn moeder vanavond \u003Cstrong>op\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>meenemen\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Sara \u003Cstrong>neemt\u003C\u002Fstrong> haar paspoort altijd \u003Cstrong>mee\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>aankomen\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>De bus \u003Cstrong>komt\u003C\u002Fstrong> om 09.30 uur \u003Cstrong>aan\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>opruimen\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Wij \u003Cstrong>ruimen\u003C\u002Fstrong> na het eten de keuken \u003Cstrong>op\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cp>In het perfectum komen de delen weer samen in het voltooid deelwoord: \u003Cem>Ik \u003Cstrong>heb\u003C\u002Fstrong> mijn moeder \u003Cstrong>opgebeld\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fem>. De persoonsvorm en het deelwoord vormen nu de tang.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"vragen-en-een-ander-eerste-zinsdeel\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">5.\u003C\u002Fspan>Vragen en een ander eerste zinsdeel\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>In een ja-neevraag staat de persoonsvorm voor het onderwerp. De laatste werkwoordsvorm blijft achteraan.\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Kun\u003C\u002Fstrong> je mij morgen \u003Cstrong>helpen\u003C\u002Fstrong>?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Heeft\u003C\u002Fstrong> Noor de kaartjes al \u003Cstrong>gekocht\u003C\u002Fstrong>?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Gaan\u003C\u002Fstrong> jullie vanavond thuis \u003Cstrong>eten\u003C\u002Fstrong>?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Bel\u003C\u002Fstrong> je je moeder vanavond \u003Cstrong>op\u003C\u002Fstrong>?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Ruimt\u003C\u002Fstrong> Sam na het eten de keuken \u003Cstrong>op\u003C\u002Fstrong>?\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Een tijd of een plaats kan op de eerste zinsplaats staan. Dan komt het onderwerp na de persoonsvorm.\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Eerste deel\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Persoonsvorm\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Onderwerp en middenstuk\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Einde\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>Morgen\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>zal\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>ik de huisarts\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>bellen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>In de trein\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>heeft\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Sam een boek\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>gelezen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>Na het werk\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>ruim\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>ik mijn bureau\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>op\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--note\">\u003Cp>De eerste kant van de tang staat dus niet altijd als tweede woord. Hij staat op de tweede \u003Cstrong>zinsplaats\u003C\u002Fstrong>; een zinsdeel kan uit meerdere woorden bestaan, zoals \u003Cstrong>na het werk\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"een-praktisch-bouwplan\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">6.\u003C\u002Fspan>Een praktisch bouwplan\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Bouw een hoofdzin in deze volgorde:\u003C\u002Fp>\n\u003Col>\n\u003Cli>Kies wat op de eerste plaats komt.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Zet de persoonsvorm op de tweede plaats.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Voeg het onderwerp toe als dat nog niet vooraan staat.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Zet de andere informatie in het middenstuk.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Sluit af met de infinitief, het deelwoord of het losse deel van een scheidbaar werkwoord.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Fol>\n\u003Cp>Het kernpatroon is \u003Cstrong>eerste zinsdeel + persoonsvorm + middenstuk + laatste werkwoordsvorm\u003C\u002Fstrong>. Een lijdend voorwerp en korte bepalingen staan meestal in het middenstuk. Een voorzetselgroep kan wel na de werkwoorden staan, vooral als die lang is: \u003Cem>Ik heb gisteren gesproken met de huisarts.\u003C\u002Fem> \u002F \u003Cem>Wij hebben gepraat over onze plannen voor de zomervakantie.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fp>\n",[1569,1573,1577,1581,1585,1589,1593],{"id":1570,"text":1571,"depth":16,"number":1572},"twee-kanten-van-de-zin","Twee kanten van de zin","1",{"id":1574,"text":1575,"depth":16,"number":1576},"een-modaal-werkwoord-met-een-infinitief","Een modaal werkwoord met een infinitief","2",{"id":1578,"text":1579,"depth":16,"number":1580},"het-perfectum-en-de-toekomst","Het perfectum en de toekomst","3",{"id":1582,"text":1583,"depth":21,"number":1584},"twee-werkwoorden-aan-het-einde","Twee werkwoorden aan het einde","3.1",{"id":1586,"text":1587,"depth":16,"number":1588},"een-scheidbaar-werkwoord","Een scheidbaar werkwoord","4",{"id":1590,"text":1591,"depth":16,"number":1592},"vragen-en-een-ander-eerste-zinsdeel","Vragen en een ander eerste zinsdeel","5",{"id":1594,"text":1595,"depth":16,"number":1596},"een-praktisch-bouwplan","Een praktisch bouwplan","6"]