[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-het-perfectum-met-zijn":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8a47-79e1-9e1a-1500b1c262d3":324,"exercise-list-path-nl-none":354},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":321,"readyImages":323},"01a0ba4b-8a47-79e1-9e1a-1500b1c262d3","Het perfectum met zijn","het-perfectum-met-zijn","Leer het Nederlandse perfectum met zijn vormen, herken beweging en verandering en kies bij werkwoorden als lopen correct tussen zijn en hebben.","Het perfectum vertelt vaak dat iets in het verleden is gebeurd. Sommige werkwoorden maken deze tijd met een vorm van **zijn** en een voltooid deelwoord.\n\n:::example\nDe trein **is vertrokken**.\n\nWij **zijn aangekomen**.\n\nIk **ben moe geworden**.\n:::\n\nIn deze voorbeelden verandert de plaats of toestand van het onderwerp. Dat is een belangrijke aanwijzing voor de keuze van **zijn**.\n\n## De vormen van zijn\n\nHet hulpwerkwoord verandert met het onderwerp. Het voltooid deelwoord blijft hetzelfde.\n\n| Onderwerp | Vorm van zijn | Voorbeeld |\n|---|---|---|\n| ik | **ben** | Ik **ben gekomen**. |\n| jij \u002F je | **bent** | Jij **bent gekomen**. |\n| u | **bent** | U **bent gekomen**. |\n| hij \u002F zij \u002F het | **is** | Zij **is gekomen**. |\n| wij \u002F we | **zijn** | Wij **zijn gekomen**. |\n| jullie | **zijn** | Jullie **zijn gekomen**. |\n| zij \u002F ze | **zijn** | Ze **zijn gekomen**. |\n\nIn een gewone hoofdzin staat de vorm van **zijn** op de tweede plaats en het voltooid deelwoord meestal achteraan: *De gasten **zijn** om acht uur **vertrokken***.\n\n:::tip\nZoek eerst het onderwerp en kies **ben**, **bent**, **is** of **zijn**. Zet daarna het voltooid deelwoord aan het einde van de hoofdzin.\n:::\n\n### In een bijzin\n\nIn een bijzin met **dat** staan de vorm van **zijn** en het voltooid deelwoord samen achteraan. Beide volgordes zijn goed:\n\n- Ik weet dat zij al **vertrokken is**.\n- Ik weet dat zij al **is vertrokken**.\n\n## Beweging naar een andere plaats\n\nVeel werkwoorden met een duidelijke verplaatsing krijgen **zijn**. Er is dan vaak een beginpunt, richting of bestemming.\n\n- Ik **ben** naar het station **gelopen**.\n- De bus **is** uit de stad **vertrokken**.\n- We **zijn** om zes uur thuis **aangekomen**.\n- Mijn buren **zijn** gisteren naar België **verhuisd**.\n- Amir **is** van de trap **gevallen**.\n- De prijzen **zijn** snel **gestegen**.\n- De zon **is** achter de wolken **verdwenen**.\n\nVeelgebruikte werkwoorden in deze groep zijn **gaan**, **komen**, **vertrekken**, **aankomen**, **vallen**, **stijgen** en **verdwijnen**.\n\n## Een verandering van toestand\n\nOok een verandering in de toestand van het onderwerp gaat vaak met **zijn**.\n\n| Hele werkwoord | Voltooid deelwoord | Voorbeeld met zijn | Met een lijdend voorwerp: hebben |\n|---|---|---|---|\n| worden | geworden | Het kind is rustig geworden. | — |\n| groeien | gegroeid | De plant is snel gegroeid. | — |\n| veranderen | veranderd | Het weer is veranderd. | Wij hebben het plan veranderd. |\n| beginnen | begonnen | De vergadering is begonnen. | — |\n| stoppen | gestopt | De regen is gestopt. | Hij heeft de motor gestopt. |\n\nDaarnaast gebruik je **zijn** bij enkele belangrijke werkwoorden die je het beste als vaste combinatie leert: *zijn – is geweest*, *blijven – is gebleven* en *gebeuren – is gebeurd*.\n\n:::note\nDe regels over beweging en verandering zijn goede aanwijzingen, maar ze verklaren niet ieder werkwoord. Leer bij een nieuw werkwoord daarom ook het hulpwerkwoord: **gebeuren – is gebeurd**, **werken – heeft gewerkt**.\n:::\n\n## Beweging als activiteit: hebben of zijn\n\nWerkwoorden zoals **lopen**, **fietsen**, **rijden**, **vliegen** en **zwemmen** kunnen met **hebben** én **zijn** voorkomen. De betekenis bepaalt de keuze.\n\n| Betekenis | Hulpwerkwoord | Voorbeeld |\n|---|---|---|\n| verplaatsing naar een bestemming | zijn | We **zijn** naar school **gefietst**. |\n| activiteit, zonder belangrijk eindpunt | hebben | We **hebben** een uur **gefietst**. |\n| verandering van plaats | zijn | Noor **is** naar Utrecht **gereden**. |\n| activiteit of duur | hebben | Noor **heeft** de hele middag **gereden**. |\n\nVraag dus niet alleen: “Is dit een werkwoord van beweging?” Kijk ook of de zin een richting of bereikt eindpunt uitdrukt.\n\n## Met of zonder lijdend voorwerp\n\nSommige werkwoorden veranderen van hulpwerkwoord als ze een lijdend voorwerp krijgen.\n\n:::example\nHet plan **is veranderd**. Het plan zelf kreeg een andere vorm.\n\nWij **hebben het plan veranderd**. **Het plan** is hier het lijdend voorwerp.\n:::\n\nBij **veranderen** en **stoppen** kun je vragen: “Wat of wie verandert of stopt iemand?” Het antwoord is het lijdend voorwerp. Bijvoorbeeld: “Wat hebben wij veranderd?” — “Het plan.” Dan kies je **hebben**. Zonder lijdend voorwerp kan hetzelfde werkwoord een verandering van het onderwerp beschrijven en dan **zijn** krijgen.\n\n## Vragen en ontkenningen\n\nIn een ja-neevraag komt het hulpwerkwoord voor het onderwerp. Het voltooid deelwoord blijft meestal achteraan.\n\n- **Ben** je veilig **aangekomen**?\n- **Is** de vergadering al **begonnen**?\n- **Zijn** jullie thuis **gebleven**?\n\nBij een ontkenning staat **niet** vaak vlak vóór het voltooid deelwoord: *Ik ben niet gevallen*. Maar **niet** kan ook vóór een ander zinsdeel staan, zoals **laat** of **naar het werk**. **Nog nooit** staat vaak vóór een plaats, zoals **in Parijs**:\n\n- Ik **ben** nog nooit in Parijs **geweest**.\n- De kinderen **zijn** niet laat **gekomen**.\n- Ik **ben** gisteren niet naar het werk **gegaan**.\n\n:::warning\nKies het hulpwerkwoord niet op basis van de persoon. *Ik heb gegaan* en *wij hebben gekomen* zijn fout. Zeg **ik ben gegaan** en **wij zijn gekomen**.\n:::\n\n## Kort samengevat\n\n- Vorm dit perfectum met **ben, bent, is** of **zijn** plus een voltooid deelwoord.\n- Gebruik **zijn** vaak bij een duidelijke verplaatsing of verandering van toestand.\n- Leer vaste combinaties als **is gebeurd**, **is gebleven** en **is geweest**.\n- Kies bij *lopen*, *fietsen* en vergelijkbare werkwoorden **zijn** voor verplaatsing en **hebben** voor de activiteit.\n- Let bij sommige werkwoorden op een lijdend voorwerp: *Het plan is veranderd*, maar *ik heb het plan veranderd*.","nl","A2",65,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87ac-7dc6-a8d9-e8107c63d0af","Het perfectum met hebben of zijn",false,0,8,"2026-09-19T15:31:47+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":51},"01a0ba4c-4646-74b2-876c-0f0023147ab3","Werkwoorden die het perfectum met zijn vormen",[26,53,70,87,101,118,127,136,149,157,174,183,200,213,222,239,252,269,282,299,308],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":40},"01a0ba4c-4646-7516-876c-0f0023fbad56",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":33,"partsOfSpeech":34,"audio":51,"audioUrl":52},"01a0ba4b-d79d-7992-a05f-482e3a79eb3b","zijn",10,"A1","tts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",[35,41,46],{"id":36,"partOfSpeech":37,"definition":38,"exampleSentences":39,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7df-76f3-a2d4-348800f43663","AUXILIARY_VERB","Een hulpwerkwoord waarmee je bij bepaalde werkwoorden de voltooide tijd maakt.","We zijn gisteren vroeg vertrokken.",1,{"id":42,"partOfSpeech":43,"definition":44,"exampleSentences":45,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7df-778f-a2d4-34880166a8ed","PRONOUN","Een bezittelijk woord dat aangeeft dat iets bij een mannelijke persoon of een het-woord hoort.","Joris zoekt zijn jas.",{"id":47,"partOfSpeech":48,"definition":49,"exampleSentences":50,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7df-7827-a2d4-348801a7c8f6","VERB","Een identiteit, eigenschap, toestand of plaats uitdrukken.","De ramen zijn open.",true,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",{"id":54,"vocabularyWord":55,"displayOrder":69},"01a0ba4c-4646-7546-876c-0f0024181699",{"id":56,"word":57,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":58,"partsOfSpeech":59,"audio":51,"audioUrl":68},"01a0ba4b-d536-741a-9b5b-10271c0cd8b0","gaan","tts_5073aaa2a38c7d28_nl-NL.mp3",[60,64],{"id":61,"partOfSpeech":37,"definition":62,"exampleSentences":63,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d563-7a53-b413-dd0b7488d449","Samen met een infinitief uitdrukken dat iets binnenkort of volgens een plan gebeurt.","Ik ga vanavond koken.",{"id":65,"partOfSpeech":48,"definition":66,"exampleSentences":67,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d563-7a9b-b413-dd0b74ef239d","Van de ene plaats naar een andere plaats bewegen of vertrekken.","We gaan met de fiets naar school.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_5073aaa2a38c7d28_nl-NL.mp3",2,{"id":71,"vocabularyWord":72,"displayOrder":86},"01a0ba4c-4646-756e-876c-0f0024adc488",{"id":73,"word":74,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":75,"partsOfSpeech":76,"audio":51,"audioUrl":85},"01a0ba4b-d55a-78c9-bc98-5b30975f6440","komen","tts_0416817c7aa1466e_nl-NL.mp3",[77,81],{"id":78,"partOfSpeech":48,"definition":79,"exampleSentences":80,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d567-72f6-aa36-e4be4babed76","Zich naar een plaats of persoon toe bewegen en daar aankomen.","De bus komt om acht uur.",{"id":82,"partOfSpeech":48,"definition":83,"exampleSentences":84,"isPrimary":16,"meaningOrder":69},"01a0ba4b-d567-733a-aa36-e4be4c4cf665","Een bepaalde plaats als land, stad of huis als oorsprong hebben.","Mila komt uit België.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_0416817c7aa1466e_nl-NL.mp3",3,{"id":88,"vocabularyWord":89,"displayOrder":100},"01a0ba4c-4646-758a-876c-0f00251c392f",{"id":90,"word":91,"frequency":92,"level":10,"language":9,"audioFilePath":93,"partsOfSpeech":94,"audio":51,"audioUrl":99},"01a0ba4b-d9e0-772a-ad52-9cea07a3a129","vertrekken",9,"tts_38b3eee044953ee1_nl-NL.mp3",[95],{"id":96,"partOfSpeech":48,"definition":97,"exampleSentences":98,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-da11-7491-b998-e0193c7ebffc","Een plaats verlaten en aan een reis of verplaatsing beginnen.","Onze trein vertrekt om kwart over acht vanaf perron drie.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_38b3eee044953ee1_nl-NL.mp3",4,{"id":102,"vocabularyWord":103,"displayOrder":117},"01a0ba4c-4646-75a6-876c-0f0025961024",{"id":104,"word":105,"frequency":92,"level":10,"language":9,"audioFilePath":106,"partsOfSpeech":107,"audio":51,"audioUrl":116},"01a0ba4b-d7a2-7d82-9586-73f4f589e7de","aankomen","tts_85e31e90652d0311_nl-NL.mp3",[108,112],{"id":109,"partOfSpeech":48,"definition":110,"exampleSentences":111,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7e0-7f3e-ac72-711be2daac09","Na een reis of verplaatsing een bestemming bereiken.","Als we op tijd aankomen, kunnen we nog samen eten.",{"id":113,"partOfSpeech":48,"definition":114,"exampleSentences":115,"isPrimary":16,"meaningOrder":69},"01a0ba4b-d7e1-701d-b022-d70172f759d9","Zwaarder worden doordat het lichaamsgewicht toeneemt.","Tijdens de vakantie ben ik twee kilo aangekomen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_85e31e90652d0311_nl-NL.mp3",5,{"id":119,"vocabularyWord":120,"displayOrder":126},"01a0ba4c-4646-75c6-876c-0f0025b7a856",{"id":121,"word":122,"frequency":18,"level":32,"language":9,"audioFilePath":123,"partsOfSpeech":124,"audio":51,"audioUrl":125},"01a0ba4b-d968-77d3-a1d6-ec93a8709cb9","vallen","tts_b48f1d26f7297f0e_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b48f1d26f7297f0e_nl-NL.mp3",6,{"id":128,"vocabularyWord":129,"displayOrder":135},"01a0ba4c-4646-75e2-876c-0f0025e8cb3d",{"id":130,"word":131,"frequency":18,"level":10,"language":9,"audioFilePath":132,"partsOfSpeech":133,"audio":51,"audioUrl":134},"01a0ba4b-d912-77e0-85d2-c51a5a54e913","stijgen","tts_a290c187d62239cf_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a290c187d62239cf_nl-NL.mp3",7,{"id":137,"vocabularyWord":138,"displayOrder":18},"01a0ba4c-4646-75fe-876c-0f0026421bb9",{"id":139,"word":140,"frequency":92,"level":141,"language":9,"audioFilePath":142,"partsOfSpeech":143,"audio":51,"audioUrl":148},"01a0ba4b-dfc1-73db-818c-7eb8bbd2fd36","verdwijnen","B2","tts_13e1474bbc4e6a11_nl-NL.mp3",[144],{"id":145,"partOfSpeech":48,"definition":146,"exampleSentences":147,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dfe7-7f90-9e58-f9d5cb394736","Niet langer zichtbaar, aanwezig of bestaand zijn.","Door digitalisering zijn veel traditionele loketten uit het straatbeeld verdwenen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_13e1474bbc4e6a11_nl-NL.mp3",{"id":150,"vocabularyWord":151,"displayOrder":92},"01a0ba4c-4646-761a-876c-0f0027198989",{"id":152,"word":153,"frequency":135,"level":10,"language":9,"audioFilePath":154,"partsOfSpeech":155,"audio":51,"audioUrl":156},"01a0ba4b-d8f1-7c70-843c-ffb745af3714","verhuizen","tts_f5fbc8977749af96_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f5fbc8977749af96_nl-NL.mp3",{"id":158,"vocabularyWord":159,"displayOrder":31},"01a0ba4c-4646-7646-876c-0f0027bb88af",{"id":160,"word":161,"frequency":31,"level":162,"language":9,"audioFilePath":163,"partsOfSpeech":164,"audio":51,"audioUrl":173},"01a0ba4b-dcab-71d4-8980-d55bc3f0b0f8","worden","B1","tts_d88d78f37049edbe_nl-NL.mp3",[165,169],{"id":166,"partOfSpeech":37,"definition":167,"exampleSentences":168,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dcc2-7c21-8514-2c016b1d6bae","Vormt samen met een voltooid deelwoord een passieve zin waarin de handeling centraal staat.","De aanvragen worden binnen vijf werkdagen behandeld.",{"id":170,"partOfSpeech":48,"definition":171,"exampleSentences":172,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dcc2-7c6d-8514-2c016c00f0ee","In een nieuwe toestand, functie of fase terechtkomen.","Door de extra uitleg wordt het onderwerp steeds duidelijker.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d88d78f37049edbe_nl-NL.mp3",{"id":175,"vocabularyWord":176,"displayOrder":182},"01a0ba4c-4646-7662-876c-0f00284ff477",{"id":177,"word":178,"frequency":18,"level":10,"language":9,"audioFilePath":179,"partsOfSpeech":180,"audio":51,"audioUrl":181},"01a0ba4b-d873-7882-9661-5b97099cc71c","groeien","tts_5735a6d53b11f4e6_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_5735a6d53b11f4e6_nl-NL.mp3",11,{"id":184,"vocabularyWord":185,"displayOrder":199},"01a0ba4c-4646-767e-876c-0f0028b1e301",{"id":186,"word":187,"frequency":92,"level":10,"language":9,"audioFilePath":188,"partsOfSpeech":189,"audio":51,"audioUrl":198},"01a0ba4b-d9d9-7296-949c-c24a07837dff","veranderen","tts_ef46ec24ff7d195e_nl-NL.mp3",[190,194],{"id":191,"partOfSpeech":48,"definition":192,"exampleSentences":193,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-da10-777b-8796-6b60b4ad50cc","Ervoor zorgen dat iets anders wordt dan het was.","We veranderen de datum van de afspraak naar vrijdag.",{"id":195,"partOfSpeech":48,"definition":196,"exampleSentences":197,"isPrimary":16,"meaningOrder":69},"01a0ba4b-da10-77c3-8796-6b60b54b2c12","Anders worden dan eerder het geval was.","Het weer kan in de bergen snel veranderen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ef46ec24ff7d195e_nl-NL.mp3",12,{"id":201,"vocabularyWord":202,"displayOrder":212},"01a0ba4c-4646-769a-876c-0f0029105d65",{"id":203,"word":204,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":205,"partsOfSpeech":206,"audio":51,"audioUrl":211},"01a0ba4b-d7af-7869-8792-a1661e394b8e","beginnen","tts_23096bcbfdffb0df_nl-NL.mp3",[207],{"id":208,"partOfSpeech":48,"definition":209,"exampleSentences":210,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7e4-7a02-abd6-ee4012512957","Met een activiteit starten of het eerste deel van iets doen.","De vergadering begint morgen om half tien.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_23096bcbfdffb0df_nl-NL.mp3",13,{"id":214,"vocabularyWord":215,"displayOrder":221},"01a0ba4c-4646-76b2-876c-0f0029fb85ef",{"id":216,"word":217,"frequency":18,"level":32,"language":9,"audioFilePath":218,"partsOfSpeech":219,"audio":51,"audioUrl":220},"01a0ba4b-d974-71d4-bc1d-3a3da9f4fcf0","stoppen","tts_84ba9be1359cbac3_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_84ba9be1359cbac3_nl-NL.mp3",14,{"id":223,"vocabularyWord":224,"displayOrder":238},"01a0ba4c-4646-76ce-876c-0f002a71b014",{"id":225,"word":226,"frequency":31,"level":162,"language":9,"audioFilePath":227,"partsOfSpeech":228,"audio":51,"audioUrl":237},"01a0ba4b-da7a-7016-a803-0095fc058e83","blijven","tts_e163c862f1ca06c3_nl-NL.mp3",[229,233],{"id":230,"partOfSpeech":48,"definition":231,"exampleSentences":232,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-daa8-7c74-a4f9-feffa5c01f91","Niet weggaan of niet veranderen van plaats, toestand of situatie.","Tijdens de verbouwing blijft de bibliotheek gewoon open.",{"id":234,"partOfSpeech":48,"definition":235,"exampleSentences":236,"isPrimary":16,"meaningOrder":69},"01a0ba4b-daa8-7cb8-a4f9-feffa5e74481","Een handeling gedurende langere tijd voortzetten.","Ook na een fout bleef ze rustig doorwerken.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e163c862f1ca06c3_nl-NL.mp3",15,{"id":240,"vocabularyWord":241,"displayOrder":251},"01a0ba4c-4646-76ea-876c-0f002b68b258",{"id":242,"word":243,"frequency":31,"level":162,"language":9,"audioFilePath":244,"partsOfSpeech":245,"audio":51,"audioUrl":250},"01a0ba4b-da8d-74b2-b0d4-110cfffee047","gebeuren","tts_1298d2fbd95b8b61_nl-NL.mp3",[246],{"id":247,"partOfSpeech":48,"definition":248,"exampleSentences":249,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-daaa-78ed-9fff-6f1490baad46","Plaatsvinden of werkelijkheid worden, vaak zonder dat een handelende persoon wordt genoemd.","Niemand weet precies wat er tijdens de storing is gebeurd.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1298d2fbd95b8b61_nl-NL.mp3",16,{"id":253,"vocabularyWord":254,"displayOrder":268},"01a0ba4c-4646-7706-876c-0f002c4257cd",{"id":255,"word":256,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":257,"partsOfSpeech":258,"audio":51,"audioUrl":267},"01a0ba4b-d5b3-71db-9d9b-26c34105692c","lopen","tts_3c8e9e951d71476e_nl-NL.mp3",[259,263],{"id":260,"partOfSpeech":48,"definition":261,"exampleSentences":262,"isPrimary":16,"meaningOrder":69},"01a0ba4b-d5fb-7f98-8a3e-e1b2d27d6ddb","Functioneren of op een bepaalde manier verlopen.","De vergadering loopt vandaag goed.",{"id":264,"partOfSpeech":48,"definition":265,"exampleSentences":266,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d5fb-7f50-8a3e-e1b2d1c57d3f","Je te voet voortbewegen, meestal zonder te rennen.","Elke ochtend loop ik naar het station.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3c8e9e951d71476e_nl-NL.mp3",17,{"id":270,"vocabularyWord":271,"displayOrder":281},"01a0ba4c-4646-7722-876c-0f002c719d9a",{"id":272,"word":273,"frequency":92,"level":32,"language":9,"audioFilePath":274,"partsOfSpeech":275,"audio":51,"audioUrl":280},"01a0ba4b-d534-7ca0-8404-bbc5e5b893eb","fietsen","tts_cc05e900ca070512_nl-NL.mp3",[276],{"id":277,"partOfSpeech":48,"definition":278,"exampleSentences":279,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d563-7823-b413-dd0b736e13e2","Je op een fiets voortbewegen door de pedalen rond te trappen.","In Nederland fietsen veel mensen naar hun werk.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_cc05e900ca070512_nl-NL.mp3",18,{"id":283,"vocabularyWord":284,"displayOrder":298},"01a0ba4c-4646-773a-876c-0f002ccfaf1e",{"id":285,"word":286,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":287,"partsOfSpeech":288,"audio":51,"audioUrl":297},"01a0ba4b-d6d8-75d6-83fb-956cf7719afe","rijden","tts_26b0aa810f157039_nl-NL.mp3",[289,293],{"id":290,"partOfSpeech":48,"definition":291,"exampleSentences":292,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6df-7784-8a1b-af0b5c9a371d","Je met een voertuig verplaatsen.","We rijden met de bus naar het centrum.",{"id":294,"partOfSpeech":48,"definition":295,"exampleSentences":296,"isPrimary":16,"meaningOrder":69},"01a0ba4b-d6df-77c8-8a1b-af0b5ca1d974","Een auto of ander voertuig besturen.","Mijn vader rijdt de auto rustig de garage uit.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_26b0aa810f157039_nl-NL.mp3",19,{"id":300,"vocabularyWord":301,"displayOrder":307},"01a0ba4c-4646-7756-876c-0f002db05281",{"id":302,"word":303,"frequency":18,"level":10,"language":9,"audioFilePath":304,"partsOfSpeech":305,"audio":51,"audioUrl":306},"01a0ba4b-d877-7306-9184-fe36c6b915dc","vliegen","tts_3aff85d7a1e04738_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3aff85d7a1e04738_nl-NL.mp3",20,{"id":309,"vocabularyWord":310,"displayOrder":320},"01a0ba4c-4646-7772-876c-0f002dfe67ea",{"id":311,"word":312,"frequency":18,"level":32,"language":9,"audioFilePath":313,"partsOfSpeech":314,"audio":51,"audioUrl":319},"01a0ba4b-d7a0-7e59-8acf-b5e3a8aab3d2","zwemmen","tts_489f81541c7a123e_nl-NL.mp3",[315],{"id":316,"partOfSpeech":48,"definition":317,"exampleSentences":318,"isPrimary":51,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7e0-768e-ac72-711be10499b1","Je door water bewegen met je armen en benen.","In de zomer zwemmen de kinderen vaak in het meer.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_489f81541c7a123e_nl-NL.mp3",21,{"name":15,"slug":322,"language":9},"het-perfectum-met-hebben-of-zijn-a2",[],[325,334,340,347],{"@id":326,"@type":327,"id":328,"grammarPage":329,"title":330,"instructions":331,"displayOrder":17,"type":332,"questionCount":238,"blankCount":238,"isCompleted":16,"ogImageUrl":333},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a62a-741b-910b-8b690a917a24","GrammarExercise","01a0ba4b-a62a-741b-910b-8b690a917a24","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8a47-79e1-9e1a-1500b1c262d3","Zijn bij beweging en verandering","Kies de juiste vorm van zijn of het passende voltooide deelwoord.","word_select","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_35d52379-b6cb-4d37-a120-27939da17a7a_hero.webp?v=1789831915",{"@id":335,"@type":327,"id":336,"grammarPage":329,"title":337,"instructions":338,"displayOrder":40,"type":332,"questionCount":238,"blankCount":238,"isCompleted":16,"ogImageUrl":339},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a643-7214-baaf-1a7f84a08135","01a0ba4b-a643-7214-baaf-1a7f84a08135","Zijn of hebben kiezen","Kies het hulpwerkwoord dat bij de beweging, verandering of activiteit past.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_433b5bbb-2b4d-4e28-8a21-c5fcda0ece27_hero.webp?v=1789831915",{"@id":341,"@type":327,"id":342,"grammarPage":329,"title":343,"instructions":344,"displayOrder":69,"type":345,"questionCount":31,"blankCount":31,"isCompleted":16,"ogImageUrl":346},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a658-7344-8fc8-efa4b716d7d6","01a0ba4b-a658-7344-8fc8-efa4b716d7d6","Bouw het perfectum met zijn","Tik de woorden in de juiste volgorde en laat woorden die niet in de zin horen weg.","sentence_builder","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_436780c0-6eda-485a-8593-2fd4802c9530_hero.webp?v=1789831915",{"@id":348,"@type":327,"id":349,"grammarPage":329,"title":350,"instructions":351,"displayOrder":100,"type":352,"questionCount":117,"blankCount":17,"isCompleted":16,"ogImageUrl":353},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a667-75de-8dcd-876224cf228f","01a0ba4b-a667-75de-8dcd-876224cf228f","Het perfectum met zijn - Woorden sorteren","Tik op een kaart en daarna op de juiste kolom. Plaats alle kaarten om het bord af te ronden.","word_sort","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_242d284f-c446-4b6c-85a1-4eac63bff745_hero.webp?v=1789831915",null]