[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-het-plusquamperfectum-in-tijdsvolgorde":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8a4c-7cff-a8fa-d1e2e50d01ba":394,"exercise-list-path-nl-none":424},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":391,"readyImages":393},"01a0ba4b-8a4c-7cff-a8fa-d1e2e50d01ba","Het plusquamperfectum in tijdsvolgorde","het-plusquamperfectum-in-tijdsvolgorde","Leer het plusquamperfectum inzetten om eerdere gebeurtenissen, oorzaken en terugblikken helder te ordenen rond een referentiepunt in het verleden.","Met het plusquamperfectum, de voltooid verleden tijd, kijk je vanuit een moment in het verleden terug naar iets wat daarvoor al gebeurd was: *Toen ik thuiskwam, **was** Amir al **vertrokken***. Zo blijft de tijdsvolgorde helder.\n\nNa deze les kun je:\n\n- een eerdere gebeurtenis aan een verleden referentiepunt koppelen;\n- oorzaken en terugblikken logisch in een verhaal plaatsen;\n- **nadat**, **voordat** en **toen** met passende verleden tijden gebruiken.\n\n## 1. Drie momenten op de tijdlijn\n\nVoor het plusquamperfectum zijn drie momenten belangrijk: de eerdere gebeurtenis, het latere referentiepunt in het verleden en het moment waarop je vertelt.\n\n| Volgorde | Gebeurtenis | Werkwoordstijd |\n| --- | --- | --- |\n| 1. om 08.00 uur | Noor vertrok. | Noor **was vertrokken**. |\n| 2. om 09.00 uur | Ik kwam op kantoor. | Ik **kwam** op kantoor. |\n| 3. nu | Ik vertel het verhaal. | — |\n\nSamen: *Toen ik om 09.00 uur op kantoor kwam, **was Noor al vertrokken***. Het plusquamperfectum markeert de stap vóór het gekozen verleden moment.\n\n:::warning\nGebruik het plusquamperfectum niet alleen omdat iets lang geleden gebeurde. Er moet een later referentiepunt in het verleden zijn.\n\nEén verleden feit: *Noor **is** vorig jaar **verhuisd***.\n\nTwee verleden momenten: *Toen ik haar belde, **was** Noor al **verhuisd***.\n:::\n\n## 2. De vorm kort herhaald\n\nGebruik het imperfectum van **hebben** of **zijn** met een voltooid deelwoord.\n\n| Hulpwerkwoord | Onderwerp | Voorbeeld |\n| --- | --- | --- |\n| had | enkelvoud | Ik **had gegeten**. |\n| hadden | meervoud | Wij **hadden gegeten**. |\n| was | enkelvoud | Zij **was aangekomen**. |\n| waren | meervoud | De gasten **waren aangekomen**. |\n\nKies hetzelfde hulpwerkwoord als in het perfectum: *ik **heb** gebeld → ik **had** gebeld* en *zij **is** vertrokken → zij **was** vertrokken*.\n\n:::tip\nZoek eerst het latere verleden moment. Vraag daarna: wat was op dat moment al klaar? Zet alleen die eerdere gebeurtenis in het plusquamperfectum.\n:::\n\n## 3. Een oorzaak of terugblik invoegen\n\nHet plusquamperfectum verklaart vaak waarom een situatie in de verhaallijn ontstond.\n\n:::example\nSam **kwam** te laat op zijn afspraak. Zijn wekker **was niet afgegaan** en hij **had** daardoor de eerste bus **gemist**. Toen hij eindelijk **aankwam**, **wachtte** de klant al buiten.\n\nDe verhaallijn gebruikt het imperfectum: *kwam, aankwam, wachtte*. De storing en de gemiste bus gebeurden eerder en staan in het plusquamperfectum.\n:::\n\nNa de terugblik keer je meestal terug naar de basistijd van het verhaal. Je hoeft niet elke volgende zin in het plusquamperfectum te zetten.\n\n## 4. Nadat en voordat\n\nEen bijzin met **nadat** noemt de gebeurtenis die het eerst voltooid is. In een verhaal in het verleden is het plusquamperfectum daarvoor de duidelijke standaardkeuze.\n\n- Nadat Noor de stukken **had gelezen**, begon de vergadering.\n- We gingen wandelen nadat het **was opgehouden** met regenen.\n\nMet **voordat** noem je juist het latere grensmoment. Zoek daarom zelf welke gebeurtenis eerder plaatsvond.\n\n- Voordat de vergadering begon, **had** Noor de stukken **gelezen**.\n- Ik **had** de deur **afgesloten** voordat ik vertrok.\n\n| Voegwoord | Gebeurtenis in de bijzin | Voorbeeldvolgorde |\n| --- | --- | --- |\n| nadat | eerder en voltooid | lezen → vergadering begint |\n| voordat | later grensmoment | deur afsluiten → vertrekken |\n\n## 5. Toen verandert mee met de betekenis\n\n**Toen** plaatst gebeurtenissen bij een verleden moment, maar zegt niet vanzelf of iets eerder of tegelijk gebeurde. De werkwoordstijd maakt het verschil.\n\n| Zin | Betekenis |\n| --- | --- |\n| Toen ik thuiskwam, **kookte** Sam. | Sam was op dat moment aan het koken. |\n| Toen ik thuiskwam, **had** Sam **gekookt**. | Het koken was al klaar vóór mijn thuiskomst. |\n| Sam **heeft gekookt**. | Ik meld vanuit nu een afgerond feit. |\n\nWoorden zoals **al**, **net**, **eerder**, **nog niet** en **nog nooit** kunnen de verhouding extra duidelijk maken: *De trein **was net vertrokken** toen wij het perron bereikten*.\n\n:::note\nIn een bijzin zijn zowel *nadat zij de deur **had gesloten*** als *nadat zij de deur **gesloten had*** standaard. Kies één natuurlijke volgorde en gebruik die consequent in je tekst.\n:::\n\n## 6. De volgorde zichtbaar maken\n\nZet een ingewikkelde passage eerst om in een eenvoudige tijdlijn.\n\n1. Noteer alle gebeurtenissen zonder werkwoordstijd.\n2. Zet ze in hun werkelijke chronologische volgorde.\n3. Kies het verleden moment van waaruit je terugkijkt.\n4. Gebruik het plusquamperfectum voor wat vóór dat punt al gebeurd was.\n5. Keer daarna terug naar het imperfectum of perfectum dat je verhaal draagt.\n\n| Werkelijke volgorde | Mogelijke tekstvolgorde |\n| --- | --- |\n| sleutel verliezen → voor de deur staan | Ik stond voor de deur. Ik **had** mijn sleutel **verloren**. |\n| reserveren → bij het restaurant aankomen | Toen we aankwamen, bleek dat Noor **had gereserveerd**. |\n| trein vertrekken → reizigers op het perron komen | De reizigers kwamen te laat: de trein **was vertrokken**. |\n\nDe volgorde van de zinnen hoeft dus niet chronologisch te zijn. Het plusquamperfectum vertelt de lezer welke gebeurtenis **eerder dan het verleden referentiepunt** ligt.","nl","B1",111,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87c6-702c-bccc-1a373ab5c583","Tijdslagen in verhalen ordenen",false,0,8,"2026-09-19T15:31:47+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":39},"01a0ba4c-4655-7d7a-a9bd-a00b4f8b798f","Eerdere gebeurtenissen op een tijdlijn",[26,42,56,67,87,109,123,135,145,154,164,174,183,196,209,218,227,240,251,260,273,286,303,315,326,335,344,353,364,378],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":40},"01a0ba4c-4655-7de2-a9bd-a00b4fa98306",{"id":29,"word":30,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":32,"partsOfSpeech":33,"audio":39,"audioUrl":41},"01a0ba4b-d976-774e-baf0-165f94b22999","nadat","A2","tts_f862fffbdd0f0ac0_nl-NL.mp3",[34],{"id":35,"partOfSpeech":36,"definition":37,"exampleSentences":38,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d999-77d8-bc3b-9ccbd43ce098","CONJUNCTION","Voegwoord dat aangeeft dat de hoofdhandeling later gebeurt dan de handeling in de bijzin.","Nadat ik heb betaald, krijg ik een kassabon.",true,1,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f862fffbdd0f0ac0_nl-NL.mp3",{"id":43,"vocabularyWord":44,"displayOrder":55},"01a0ba4c-4655-7e16-a9bd-a00b4fca9602",{"id":45,"word":46,"frequency":47,"level":10,"language":9,"audioFilePath":48,"partsOfSpeech":49,"audio":39,"audioUrl":54},"01a0ba4b-dc7d-7331-865c-529c562ca4fa","voordat",10,"tts_d2c8cd7b709be091_nl-NL.mp3",[50],{"id":51,"partOfSpeech":36,"definition":52,"exampleSentences":53,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dcbe-7aa7-84e5-4d54852a964e","Leidt een bijzin in met een gebeurtenis die later plaatsvindt dan de handeling in de hoofdzin.","Controleer het adres voordat je het formulier verstuurt.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d2c8cd7b709be091_nl-NL.mp3",2,{"id":57,"vocabularyWord":58,"displayOrder":66},"01a0ba4c-4655-7e3a-a9bd-a00b5067984b",{"id":59,"word":60,"frequency":47,"level":31,"language":9,"audioFilePath":61,"partsOfSpeech":62,"audio":39,"audioUrl":65},"01a0ba4b-d9d3-7077-b8d1-7437f7ef4726","toen","tts_eb462f08364050bb_nl-NL.mp3",[63],{"id":64,"partOfSpeech":36,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-da0f-7c97-8596-e7ac51ee9bc9","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_eb462f08364050bb_nl-NL.mp3",3,{"id":68,"vocabularyWord":69,"displayOrder":86},"01a0ba4c-4655-7e5a-a9bd-a00b51573486",{"id":70,"word":71,"frequency":47,"level":72,"language":9,"audioFilePath":73,"partsOfSpeech":74,"audio":39,"audioUrl":85},"01a0ba4b-d53f-7c67-85eb-3b9922c23a39","hebben","A1","tts_3fae4853c243bafc_nl-NL.mp3",[75,80],{"id":76,"partOfSpeech":77,"definition":78,"exampleSentences":79,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d564-783b-97f9-ade231f4c857","VERB","Iets bezitten, bij je dragen of kunnen gebruiken.","Wij hebben twee fietsen.",{"id":81,"partOfSpeech":82,"definition":83,"exampleSentences":84,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d564-77f7-97f9-ade231e70113","AUXILIARY_VERB","Een hulpwerkwoord waarmee je bij veel werkwoorden de voltooide tijd maakt.","Ze hebben de deur gesloten.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3fae4853c243bafc_nl-NL.mp3",4,{"id":88,"vocabularyWord":89,"displayOrder":108},"01a0ba4c-4655-7e76-a9bd-a00b524968d7",{"id":90,"word":91,"frequency":47,"level":72,"language":9,"audioFilePath":92,"partsOfSpeech":93,"audio":39,"audioUrl":107},"01a0ba4b-d79d-7992-a05f-482e3a79eb3b","zijn","tts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",[94,98,103],{"id":95,"partOfSpeech":82,"definition":96,"exampleSentences":97,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7df-76f3-a2d4-348800f43663","Een hulpwerkwoord waarmee je bij bepaalde werkwoorden de voltooide tijd maakt.","We zijn gisteren vroeg vertrokken.",{"id":99,"partOfSpeech":100,"definition":101,"exampleSentences":102,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7df-778f-a2d4-34880166a8ed","PRONOUN","Een bezittelijk woord dat aangeeft dat iets bij een mannelijke persoon of een het-woord hoort.","Joris zoekt zijn jas.",{"id":104,"partOfSpeech":77,"definition":105,"exampleSentences":106,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7df-7827-a2d4-348801a7c8f6","Een identiteit, eigenschap, toestand of plaats uitdrukken.","De ramen zijn open.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",5,{"id":110,"vocabularyWord":111,"displayOrder":122},"01a0ba4c-4655-7ee6-a9bd-a00b5476d07a",{"id":112,"word":113,"frequency":66,"level":10,"language":9,"audioFilePath":114,"partsOfSpeech":115,"audio":39,"audioUrl":121},"01a0ba4b-db95-702e-958f-1e971a238923","werkwoordstijd","tts_a9cdd76bf8db8a35_nl-NL.mp3",[116],{"id":117,"partOfSpeech":118,"definition":119,"exampleSentences":120,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a10d6f-9721-7787-b8f0-e9a90f1b0ef0","NOUN","De vorm van een werkwoord die aangeeft wanneer een handeling of gebeurtenis plaatsvindt, bijvoorbeeld in het heden, het verleden of de toekomst.","De onvoltooid verleden tijd is een werkwoordstijd die we vaak gebruiken om verhalen te vertellen.\nIn de les leren we vandaag een nieuwe werkwoordstijd: de voltooid tegenwoordige tijd.\nVeel leerlingen vinden het lastig om de juiste werkwoordstijd te kiezen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a9cdd76bf8db8a35_nl-NL.mp3",9,{"id":124,"vocabularyWord":125,"displayOrder":47},"01a0ba4c-4655-7f12-a9bd-a00b54ad75ed",{"id":126,"word":127,"frequency":122,"level":10,"language":9,"audioFilePath":128,"partsOfSpeech":129,"audio":39,"audioUrl":134},"01a0ba4b-dc76-796a-a01a-9806765341fb","verleden","tts_76bccad3f2b96838_nl-NL.mp3",[130],{"id":131,"partOfSpeech":118,"definition":132,"exampleSentences":133,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dcbd-7d8f-9e8d-757c2888f8f3","(het; geen meervoud) tijd die al voorbij is.","In het verleden werkten veel mensen in deze fabriek.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_76bccad3f2b96838_nl-NL.mp3",{"id":136,"vocabularyWord":137,"displayOrder":144},"01a0ba4c-4655-7f2e-a9bd-a00b55076d1e",{"id":138,"word":139,"frequency":140,"level":10,"language":9,"audioFilePath":141,"partsOfSpeech":142,"audio":39,"audioUrl":143},"01a0ba4b-d883-7a75-9c9e-9eb5dcc22fbc","gebeurtenis",7,"tts_cb2cb65efd89a0ec_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_cb2cb65efd89a0ec_nl-NL.mp3",11,{"id":146,"vocabularyWord":147,"displayOrder":153},"01a0ba4c-4655-7f4a-a9bd-a00b559b4f5f",{"id":148,"word":149,"frequency":140,"level":10,"language":9,"audioFilePath":150,"partsOfSpeech":151,"audio":39,"audioUrl":152},"01a0ba4b-d6a2-74c9-a624-26ef18f1c81b","volgorde","tts_84abb12ba1a42571_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_84abb12ba1a42571_nl-NL.mp3",12,{"id":155,"vocabularyWord":156,"displayOrder":163},"01a0ba4c-4655-7f66-a9bd-a00b55b7953f",{"id":157,"word":158,"frequency":108,"level":159,"language":9,"audioFilePath":160,"partsOfSpeech":161,"audio":39,"audioUrl":162},"01a0ba4b-dc03-7f51-9c07-64135415b100","tijdlijn","B2","tts_2d2d598b27f0a2d4_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_2d2d598b27f0a2d4_nl-NL.mp3",13,{"id":165,"vocabularyWord":166,"displayOrder":173},"01a0ba4c-4655-7f82-a9bd-a00b56a8a0e1",{"id":167,"word":168,"frequency":40,"level":169,"language":9,"audioFilePath":170,"partsOfSpeech":171,"audio":39,"audioUrl":172},"01a0ba4b-dbed-7826-bcb6-9ae622f577e3","referentiepunt","C1","tts_ee22876a804c7bff_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ee22876a804c7bff_nl-NL.mp3",14,{"id":175,"vocabularyWord":176,"displayOrder":182},"01a0ba4c-4655-7f9e-a9bd-a00b5758ed72",{"id":177,"word":178,"frequency":40,"level":10,"language":9,"audioFilePath":179,"partsOfSpeech":180,"audio":39,"audioUrl":181},"01a0ba4b-dbfc-7699-85a8-e807b2c08d43","hulpwerkwoord","tts_434399191693763e_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_434399191693763e_nl-NL.mp3",15,{"id":184,"vocabularyWord":185,"displayOrder":195},"01a0ba4c-4656-703e-90fa-6e26a7359929",{"id":186,"word":187,"frequency":122,"level":10,"language":9,"audioFilePath":188,"partsOfSpeech":189,"audio":39,"audioUrl":194},"01a0ba4b-dc17-7e05-be52-ef597d31eaba","oorzaak","tts_95fefeace65fe311_nl-NL.mp3",[190],{"id":191,"partOfSpeech":118,"definition":192,"exampleSentences":193,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dc39-7efa-b770-f5ab98cd761b","(de; oorzaken) gebeurtenis, situatie of handeling waardoor iets anders gebeurt.","De politie onderzoekt de oorzaak van het ongeluk.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_95fefeace65fe311_nl-NL.mp3",17,{"id":197,"vocabularyWord":198,"displayOrder":208},"01a0ba4c-4656-7056-90fa-6e26a78a3374",{"id":199,"word":200,"frequency":140,"level":10,"language":9,"audioFilePath":201,"partsOfSpeech":202,"audio":39,"audioUrl":207},"01a0ba4b-dfd8-7b82-93ae-46736bc8db08","daardoor","tts_368029f378074b10_nl-NL.mp3",[203],{"id":204,"partOfSpeech":205,"definition":206,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dfea-79c7-8e07-3fb48d54fa99","ADVERB","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_368029f378074b10_nl-NL.mp3",18,{"id":210,"vocabularyWord":211,"displayOrder":217},"01a0ba4c-4656-7076-90fa-6e26a8401e74",{"id":212,"word":213,"frequency":108,"level":159,"language":9,"audioFilePath":214,"partsOfSpeech":215,"audio":39,"audioUrl":216},"01a0ba4b-db17-7352-8d0f-3da3bc441a3f","terugblik","tts_3b7f41daf39d715f_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3b7f41daf39d715f_nl-NL.mp3",19,{"id":219,"vocabularyWord":220,"displayOrder":226},"01a0ba4c-4656-708e-90fa-6e26a8859e55",{"id":221,"word":222,"frequency":55,"level":159,"language":9,"audioFilePath":223,"partsOfSpeech":224,"audio":39,"audioUrl":225},"01a0ba4b-db32-7cb4-8030-abfd4caf5e5f","verhaallijn","tts_66ee0ce37d18d28d_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_66ee0ce37d18d28d_nl-NL.mp3",20,{"id":228,"vocabularyWord":229,"displayOrder":239},"01a0ba4c-4656-70aa-90fa-6e26a8dd744f",{"id":230,"word":231,"frequency":86,"level":10,"language":9,"audioFilePath":232,"partsOfSpeech":233,"audio":39,"audioUrl":238},"01a0ba4b-d8d3-7cae-bb40-2f12149118be","voegwoord","tts_7a10b659be244111_nl-NL.mp3",[234],{"id":235,"partOfSpeech":118,"definition":236,"exampleSentences":237,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a10d6f-b5e2-7452-b2a1-e5f593251a13","Een woord dat woorden, zinsdelen of zinnen met elkaar verbindt, zoals 'en', 'maar', 'omdat' en 'als'.","'Maar' is een voegwoord dat een tegenstelling uitdrukt.\nIn deze zin ontbreekt een voegwoord, daarom klinkt hij niet goed.\nOp school leren kinderen het verschil tussen een voegwoord en een voorzetsel.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7a10b659be244111_nl-NL.mp3",21,{"id":241,"vocabularyWord":242,"displayOrder":250},"01a0ba4c-4656-70c2-90fa-6e26a90082e7",{"id":243,"word":244,"frequency":40,"level":159,"language":9,"audioFilePath":245,"partsOfSpeech":246,"audio":39,"audioUrl":249},"01a0ba4b-dfd5-75c5-a2b6-d8fdf6c0e1ae","bijzin","tts_247d664ee90907c1_nl-NL.mp3",[247],{"id":248,"partOfSpeech":118,"definition":206,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dfea-744b-8e07-3fb48adcaf63","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_247d664ee90907c1_nl-NL.mp3",22,{"id":252,"vocabularyWord":253,"displayOrder":259},"01a0ba4c-4656-70de-90fa-6e26a9555e6d",{"id":254,"word":255,"frequency":55,"level":159,"language":9,"audioFilePath":256,"partsOfSpeech":257,"audio":39,"audioUrl":258},"01a0ba4b-db7c-7ea7-8570-db2cb28d46ff","chronologisch","tts_050d388de700e5f9_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_050d388de700e5f9_nl-NL.mp3",23,{"id":261,"vocabularyWord":262,"displayOrder":272},"01a0ba4c-4656-70fa-90fa-6e26a9c7e534",{"id":263,"word":264,"frequency":122,"level":31,"language":9,"audioFilePath":265,"partsOfSpeech":266,"audio":39,"audioUrl":271},"01a0ba4b-d9d1-7b26-9659-897cbb8b3724","thuiskomen","tts_90a94cef8f04406b_nl-NL.mp3",[267],{"id":268,"partOfSpeech":77,"definition":269,"exampleSentences":270,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-da0f-7a67-8596-e7ac50582f3f","Na werk, school, een reis of een bezoek weer in je eigen huis aankomen.","Mijn moeder komt vanavond pas om acht uur thuis.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_90a94cef8f04406b_nl-NL.mp3",24,{"id":274,"vocabularyWord":275,"displayOrder":285},"01a0ba4c-4656-7116-90fa-6e26aac06070",{"id":276,"word":277,"frequency":122,"level":31,"language":9,"audioFilePath":278,"partsOfSpeech":279,"audio":39,"audioUrl":284},"01a0ba4b-d9e0-772a-ad52-9cea07a3a129","vertrekken","tts_38b3eee044953ee1_nl-NL.mp3",[280],{"id":281,"partOfSpeech":77,"definition":282,"exampleSentences":283,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-da11-7491-b998-e0193c7ebffc","Een plaats verlaten en aan een reis of verplaatsing beginnen.","Onze trein vertrekt om kwart over acht vanaf perron drie.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_38b3eee044953ee1_nl-NL.mp3",25,{"id":287,"vocabularyWord":288,"displayOrder":302},"01a0ba4c-4656-7132-90fa-6e26aad15e1c",{"id":289,"word":290,"frequency":122,"level":31,"language":9,"audioFilePath":291,"partsOfSpeech":292,"audio":39,"audioUrl":301},"01a0ba4b-d7a2-7d82-9586-73f4f589e7de","aankomen","tts_85e31e90652d0311_nl-NL.mp3",[293,297],{"id":294,"partOfSpeech":77,"definition":295,"exampleSentences":296,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7e0-7f3e-ac72-711be2daac09","Na een reis of verplaatsing een bestemming bereiken.","Als we op tijd aankomen, kunnen we nog samen eten.",{"id":298,"partOfSpeech":77,"definition":299,"exampleSentences":300,"isPrimary":16,"meaningOrder":55},"01a0ba4b-d7e1-701d-b022-d70172f759d9","Zwaarder worden doordat het lichaamsgewicht toeneemt.","Tijdens de vakantie ben ik twee kilo aangekomen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_85e31e90652d0311_nl-NL.mp3",26,{"id":304,"vocabularyWord":305,"displayOrder":314},"01a0ba4c-4656-714e-90fa-6e26ab0a16c0",{"id":306,"word":307,"frequency":47,"level":72,"language":9,"audioFilePath":308,"partsOfSpeech":309,"audio":39,"audioUrl":313},"01a0ba4b-d513-7f51-afd1-0f5cb52459b1","al","tts_dfec5c76430824bd_nl-NL.mp3",[310],{"id":311,"partOfSpeech":312,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d560-74a1-bf08-b6af59ab822f","DETERMINER","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_dfec5c76430824bd_nl-NL.mp3",27,{"id":316,"vocabularyWord":317,"displayOrder":325},"01a0ba4c-4656-7166-90fa-6e26ab3f8dc7",{"id":318,"word":319,"frequency":47,"level":72,"language":9,"audioFilePath":320,"partsOfSpeech":321,"audio":39,"audioUrl":324},"01a0ba4b-dc98-789b-87dc-e78f3defe85b","net","tts_9d88e9a1f5b12411_nl-NL.mp3",[322],{"id":323,"partOfSpeech":205,"definition":206,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dcc1-71a8-990e-b37e1fbf03d8","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9d88e9a1f5b12411_nl-NL.mp3",28,{"id":327,"vocabularyWord":328,"displayOrder":334},"01a0ba4c-4656-7182-90fa-6e26ab6ed621",{"id":329,"word":330,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":331,"partsOfSpeech":332,"audio":39,"audioUrl":333},"01a0ba4b-d8db-7e87-95e2-77d74c4605f3","eerder","tts_fa0d2806297f3213_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_fa0d2806297f3213_nl-NL.mp3",29,{"id":336,"vocabularyWord":337,"displayOrder":343},"01a0ba4c-4656-719a-90fa-6e26ac2f8dc0",{"id":338,"word":339,"frequency":18,"level":72,"language":9,"audioFilePath":340,"partsOfSpeech":341,"audio":39,"audioUrl":342},"01a0ba4b-d871-7a76-a2a8-0ba5405e6194","nog niet","tts_3a8dde175d6f49e7_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3a8dde175d6f49e7_nl-NL.mp3",30,{"id":345,"vocabularyWord":346,"displayOrder":352},"01a0ba4c-4656-71b6-90fa-6e26ac5321a7",{"id":347,"word":348,"frequency":140,"level":31,"language":9,"audioFilePath":349,"partsOfSpeech":350,"audio":39,"audioUrl":351},"01a0ba4b-db3c-7d42-b62b-e28a8b1a567e","nog nooit","tts_6bac2ff4dbcc7fc7_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6bac2ff4dbcc7fc7_nl-NL.mp3",31,{"id":354,"vocabularyWord":355,"displayOrder":363},"01a0ba4c-4656-71da-90fa-6e26acd4f473",{"id":356,"word":357,"frequency":47,"level":72,"language":9,"audioFilePath":358,"partsOfSpeech":359,"audio":39,"audioUrl":362},"01a0ba4b-dc99-76c6-ae83-f359f9ee319d","nog","tts_baa35f91a111aba4_nl-NL.mp3",[360],{"id":361,"partOfSpeech":205,"definition":206,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dcc1-72c0-990e-b37e2053c1d4","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_baa35f91a111aba4_nl-NL.mp3",32,{"id":365,"vocabularyWord":366,"displayOrder":377},"01a0ba4c-4656-71f6-90fa-6e26acefe4de",{"id":367,"word":368,"frequency":47,"level":72,"language":9,"audioFilePath":369,"partsOfSpeech":370,"audio":39,"audioUrl":376},"01a0ba4b-d6cb-7b66-942b-9ee783ea236d","niet","tts_6762a047a3dee002_nl-NL.mp3",[371],{"id":372,"partOfSpeech":373,"definition":374,"exampleSentences":375,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6de-7027-9471-be6b2be18a92","PARTICLE","Ontkenningswoord bij een werkwoord, eigenschap, plaats of bepaald zinsdeel.","Ik werk vandaag niet.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6762a047a3dee002_nl-NL.mp3",33,{"id":379,"vocabularyWord":380,"displayOrder":390},"01a0ba4c-4656-7216-90fa-6e26ad6749fe",{"id":381,"word":382,"frequency":47,"level":31,"language":9,"audioFilePath":383,"partsOfSpeech":384,"audio":39,"audioUrl":389},"01a0ba4b-d978-7ce9-9ea4-0f4f6e9ce8d7","nooit","tts_27428961bc918c18_nl-NL.mp3",[385],{"id":386,"partOfSpeech":205,"definition":387,"exampleSentences":388,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d999-7b4c-bc3b-9ccbd55b94f7","Op geen enkel moment of geen enkele keer.","Mijn opa reist nooit met het vliegtuig.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_27428961bc918c18_nl-NL.mp3",34,{"name":15,"slug":392,"language":9},"tijdslagen-in-verhalen-ordenen-b1",[],[395,404,410,417],{"@id":396,"@type":397,"id":398,"grammarPage":399,"title":400,"instructions":401,"displayOrder":17,"type":402,"questionCount":182,"blankCount":272,"isCompleted":16,"ogImageUrl":403},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a66c-7f67-a44f-f6815c4e536b","GrammarExercise","01a0ba4b-a66c-7f67-a44f-f6815c4e536b","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8a4c-7cff-a8fa-d1e2e50d01ba","Eerder dan het verleden","Kies de vorm die de eerdere gebeurtenis en het latere verleden moment helder ordent.","word_select","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_eb279740-bdda-431d-8722-19149202481d_hero.webp?v=1789831915",{"@id":405,"@type":397,"id":406,"grammarPage":399,"title":407,"instructions":408,"displayOrder":40,"type":402,"questionCount":182,"blankCount":285,"isCompleted":16,"ogImageUrl":409},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a690-71bb-a630-e483ba265d59","01a0ba4b-a690-71bb-a630-e483ba265d59","Oorzaken en terugblikken","Maak de tijdlijn duidelijk met een passende hulpwerkwoordsvorm en verleden tijd.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_749a273c-079b-4b80-83db-015fac3c2b84_hero.webp?v=1789831915",{"@id":411,"@type":397,"id":412,"grammarPage":399,"title":413,"instructions":414,"displayOrder":55,"type":415,"questionCount":47,"blankCount":47,"isCompleted":16,"ogImageUrl":416},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a6b4-7c3c-960d-98fbf2cd627f","01a0ba4b-a6b4-7c3c-960d-98fbf2cd627f","Bouw de tijdsvolgorde","Tik de woorden in de juiste volgorde en laat woorden die niet in de zin horen weg.","sentence_builder","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_86ba4f51-4b61-4a93-87d5-de5c54d83d57_hero.webp?v=1789831915",{"@id":418,"@type":397,"id":419,"grammarPage":399,"title":420,"instructions":421,"displayOrder":66,"type":422,"questionCount":47,"blankCount":17,"isCompleted":16,"ogImageUrl":423},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a6c8-767a-adfd-ed457f5fc929","01a0ba4b-a6c8-767a-adfd-ed457f5fc929","Vind en verbeter de tijdsvolgorde","In elke terugblik is één vorm van het plusquamperfectum fout. Tik erop en kies de juiste vorm.","find_and_fix","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_ff2178d9-15e4-45b9-9b4b-4e2d9f0230b5_hero.webp?v=1789831915",null]