[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-het-plusquamperfectum-voor-een-eerder-verleden":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8a51-7c31-a505-58ffa2df00cf":341,"exercise-list-path-nl-none":364},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":338,"readyImages":340},"01a0ba4b-8a51-7c31-a505-58ffa2df00cf","Het plusquamperfectum voor een eerder verleden","het-plusquamperfectum-voor-een-eerder-verleden","Leer het plusquamperfectum met had, hadden, was en waren gebruiken om duidelijk te maken welke gebeurtenis in het verleden het eerst plaatsvond.","Het plusquamperfectum heet ook de *voltooid verleden tijd*. Je gebruikt het om te laten zien dat iets al gebeurd was vóór een ander moment in het verleden: *Toen ik aankwam, **was** de trein al **vertrokken***.\n\nNa deze les kun je:\n\n- **had\u002Fhadden** of **was\u002Fwaren** met een voltooid deelwoord combineren;\n- twee gebeurtenissen in het verleden in de juiste volgorde zetten;\n- tijdwoorden zoals **al**, **voordat** en **nadat** duidelijk gebruiken.\n\n## 1. Een verleden vóór een ander verleden\n\nJe hebt twee momenten in het verleden. Het plusquamperfectum markeert de gebeurtenis die het eerst gebeurde.\n\n| Eerdere gebeurtenis | Referentiepunt |\n| --- | --- |\n| 18.00 uur: Noor at. | 19.00 uur: Ik kwam thuis. |\n\nSamen wordt dat: **Toen ik om 19.00 uur thuiskwam, had Noor al gegeten.** Het eten gebeurde vóór mijn thuiskomst.\n\n:::example\nOm acht uur begon de film. Wij kwamen om kwart over acht bij de bioscoop.\n\nToen wij bij de bioscoop kwamen, **was de film al begonnen**.\n:::\n\n## 2. De vorm met had en hadden\n\nGebruik **had** bij een enkelvoudig onderwerp en **hadden** bij een meervoudig onderwerp. Daarna komt het voltooid deelwoord.\n\n| Onderwerp | Hulpwerkwoord | Voorbeeld |\n| --- | --- | --- |\n| ik | **had** | Ik **had gebeld**. |\n| jij \u002F je | **had** | Jij **had gebeld**. |\n| u | **had** | U **had gebeld**. |\n| hij \u002F zij \u002F het | **had** | Zij **had gebeld**. |\n| wij \u002F jullie \u002F zij | **hadden** | Wij **hadden gebeld**. |\n\nOok bij **jij** en **u** gebruik je **had**: *jij had gebeld* en *u had gebeld*. Er komt geen **-t** bij.\n\nIn een hoofdzin staat **had** of **hadden** op de tweede plaats. Het deelwoord staat meestal achteraan: *Mijn broer had de kaartjes al gekocht.*\n\n:::tip\nKun je in het perfectum **hebben** gebruiken? Verander dan **heb\u002Fheeft\u002Fhebben** in **had\u002Fhadden**: *Wij hebben gegeten → Wij hadden gegeten*.\n:::\n\n## 3. De vorm met was en waren\n\nWerkwoorden die in het perfectum **zijn** gebruiken, krijgen in het plusquamperfectum **was** of **waren**.\n\n| Perfectum | Plusquamperfectum |\n| --- | --- |\n| Ik **ben vertrokken**. | Ik **was vertrokken**. |\n| Zij **is aangekomen**. | Zij **was aangekomen**. |\n| Wij **zijn verhuisd**. | Wij **waren verhuisd**. |\n| De kinderen **zijn gegroeid**. | De kinderen **waren gegroeid**. |\n\nKies dus niet vrij tussen **had** en **was**. Het hele werkwoord bepaalt hetzelfde hulpwerkwoord als in het perfectum.\n\n:::warning\nGebruik het juiste hulpwerkwoord.\n\n✓ De trein **was vertrokken**.\n\n✗ *De trein had vertrokken.*\n:::\n\n## 4. Woorden die de volgorde duidelijk maken\n\nDe woorden **al**, **nog niet**, **nog nooit**, **net**, **voordat** en **nadat** helpen om de twee momenten te ordenen.\n\n- Ik had **al** betaald voordat de ober terugkwam.\n- Sara had die film **nog nooit** gezien toen wij erover spraken.\n- De bus was **net** vertrokken toen we bij de halte kwamen.\n- Nadat we gegeten hadden, maakten we een wandeling.\n- Voordat de film begon, hadden we al gegeten.\n\nNa **nadat** zijn beide volgordes goed: **nadat we gegeten hadden** en **nadat we hadden gegeten**. De gebeurtenis in deze bijzin gebeurde eerst. Staat de *voordat*-bijzin vooraan, dan volgt inversie in de hoofdzin: *Voordat de film begon, hadden we al gegeten.*\n\nOok in andere bijzinnen zijn deze twee volgordes mogelijk: *Ik wist niet dat hij al **vertrokken was*** en *Ik wist niet dat hij al **was vertrokken***.\n\n## 5. Plusquamperfectum of een gewone verleden tijd\n\nGebruik het plusquamperfectum alleen als je vanuit een verleden moment terugkijkt naar iets wat daarvoor gebeurde.\n\n| Betekenis | Voorbeeld |\n| --- | --- |\n| één gebeurtenis in het verleden | Gisteren **kocht** ik een jas. |\n| eerder verleden + later verleden | Ik **had** de jas al **gekocht** toen de korting begon. |\n| één afgerond feit vóór nu | Ik **heb** de jas **gekocht**. |\n\nHet perfectum kijkt meestal terug vanaf nu. Het plusquamperfectum kijkt terug vanaf een ander moment in het verleden.\n\nOok in een langere hoofdzin staat het deelwoord meestal achteraan: *Wij hadden de kaartjes toen nog niet online gekocht.*\n\n:::note\nDe echte tijdsvolgorde is belangrijker dan de volgorde van de zinnen. Je kunt ook zeggen: *Ik kon niet naar binnen. Ik had mijn sleutel verloren.* Het verlies gebeurde eerst, hoewel je het later vertelt.\n:::\n\n## 6. Vragen, ontkenningen en controle\n\nIn een ja-neevraag staat **had\u002Fhadden** of **was\u002Fwaren** voor het onderwerp.\n\n- **Had** je de e-mail al gestuurd?\n- **Hadden** jullie daar eerder gegeten?\n- **Was** Amir al naar huis gegaan?\n- **Waren** de gasten al aangekomen?\n\nVoor een ontkenning gebruik je bijvoorbeeld **niet**, **geen** of **nog nooit**: *Ik had het bericht niet gelezen* en *Wij waren daar nog nooit geweest*.\n\nControleer de volgorde in drie stappen:\n\n1. Zoek het latere moment in het verleden.\n2. Zoek wat vóór dat moment al was gebeurd.\n3. Zet die eerdere gebeurtenis in **had\u002Fhadden\u002Fwas\u002Fwaren + voltooid deelwoord**.\n\nEen veelvoorkomend patroon is: **de eerdere gebeurtenis in het plusquamperfectum, het latere referentiepunt in het imperfectum of perfectum**.","nl","A2",72,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87b6-7dcf-b42a-aaebcf6c96e7","Verleden tijden in verhalen",false,0,11,"2026-09-19T15:31:47+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":40},"01a0ba4c-4660-76f7-b1a3-c564627db7e5","Tijdwoorden voor een eerder verleden",[26,48,70,83,96,114,128,145,154,162,174,186,203,221,238,250,263,276,287,301,314,325],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":41},"01a0ba4c-4660-775b-b1a3-c56462faa6e1",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":33,"partsOfSpeech":34,"audio":40,"audioUrl":47},"01a0ba4b-d53f-7c67-85eb-3b9922c23a39","hebben",10,"A1","tts_3fae4853c243bafc_nl-NL.mp3",[35,42],{"id":36,"partOfSpeech":37,"definition":38,"exampleSentences":39,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d564-783b-97f9-ade231f4c857","VERB","Iets bezitten, bij je dragen of kunnen gebruiken.","Wij hebben twee fietsen.",true,1,{"id":43,"partOfSpeech":44,"definition":45,"exampleSentences":46,"isPrimary":16,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d564-77f7-97f9-ade231e70113","AUXILIARY_VERB","Een hulpwerkwoord waarmee je bij veel werkwoorden de voltooide tijd maakt.","Ze hebben de deur gesloten.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3fae4853c243bafc_nl-NL.mp3",{"id":49,"vocabularyWord":50,"displayOrder":69},"01a0ba4c-4660-778f-b1a3-c56463d43021",{"id":51,"word":52,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":53,"partsOfSpeech":54,"audio":40,"audioUrl":68},"01a0ba4b-d79d-7992-a05f-482e3a79eb3b","zijn","tts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",[55,59,64],{"id":56,"partOfSpeech":44,"definition":57,"exampleSentences":58,"isPrimary":16,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d7df-76f3-a2d4-348800f43663","Een hulpwerkwoord waarmee je bij bepaalde werkwoorden de voltooide tijd maakt.","We zijn gisteren vroeg vertrokken.",{"id":60,"partOfSpeech":61,"definition":62,"exampleSentences":63,"isPrimary":16,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d7df-778f-a2d4-34880166a8ed","PRONOUN","Een bezittelijk woord dat aangeeft dat iets bij een mannelijke persoon of een het-woord hoort.","Joris zoekt zijn jas.",{"id":65,"partOfSpeech":37,"definition":66,"exampleSentences":67,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d7df-7827-a2d4-348801a7c8f6","Een identiteit, eigenschap, toestand of plaats uitdrukken.","De ramen zijn open.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",2,{"id":71,"vocabularyWord":72,"displayOrder":82},"01a0ba4c-4660-77b3-b1a3-c56464cb76b2",{"id":73,"word":74,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":75,"partsOfSpeech":76,"audio":40,"audioUrl":81},"01a0ba4b-d51a-7e7b-af33-02584af78501","bellen","tts_6a528cb16a55c0c8_nl-NL.mp3",[77],{"id":78,"partOfSpeech":37,"definition":79,"exampleSentences":80,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d560-7db1-bf08-b6af5cd87aa1","Via een telefoon contact met iemand opnemen.","Ik bel mijn moeder als ik op het station ben.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6a528cb16a55c0c8_nl-NL.mp3",3,{"id":84,"vocabularyWord":85,"displayOrder":95},"01a0ba4c-4660-77d3-b1a3-c564655d2ddc",{"id":86,"word":87,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":88,"partsOfSpeech":89,"audio":40,"audioUrl":94},"01a0ba4b-d55b-72ce-afbe-e43cfb443248","kopen","tts_7a3c024bbb25fa44_nl-NL.mp3",[90],{"id":91,"partOfSpeech":37,"definition":92,"exampleSentences":93,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d567-745e-aa36-e4be4d0a02af","Iets krijgen door er geld voor te betalen.","Op de markt koop ik appels en kaas.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7a3c024bbb25fa44_nl-NL.mp3",4,{"id":97,"vocabularyWord":98,"displayOrder":113},"01a0ba4c-4660-77ef-b1a3-c564665a2438",{"id":99,"word":100,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":101,"partsOfSpeech":102,"audio":40,"audioUrl":112},"01a0ba4b-d531-7c40-b92e-e22844f1d8da","eten","tts_aae1f8ff3bbdf1ae_nl-NL.mp3",[103,108],{"id":104,"partOfSpeech":105,"definition":106,"exampleSentences":107,"isPrimary":16,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d563-736f-b413-dd0b703ba199","NOUN","(het; geen meervoud) voedsel of maaltijd die iemand eet.","Het eten staat al op tafel.",{"id":109,"partOfSpeech":37,"definition":110,"exampleSentences":111,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d563-73b7-b413-dd0b70a42ec2","Voedsel in de mond nemen, kauwen en doorslikken.","Wij eten vanavond rijst met groente.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_aae1f8ff3bbdf1ae_nl-NL.mp3",5,{"id":115,"vocabularyWord":116,"displayOrder":127},"01a0ba4c-4660-780f-b1a3-c5646758da42",{"id":117,"word":118,"frequency":119,"level":10,"language":9,"audioFilePath":120,"partsOfSpeech":121,"audio":40,"audioUrl":126},"01a0ba4b-d9e0-772a-ad52-9cea07a3a129","vertrekken",9,"tts_38b3eee044953ee1_nl-NL.mp3",[122],{"id":123,"partOfSpeech":37,"definition":124,"exampleSentences":125,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-da11-7491-b998-e0193c7ebffc","Een plaats verlaten en aan een reis of verplaatsing beginnen.","Onze trein vertrekt om kwart over acht vanaf perron drie.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_38b3eee044953ee1_nl-NL.mp3",6,{"id":129,"vocabularyWord":130,"displayOrder":144},"01a0ba4c-4660-782b-b1a3-c5646829e50f",{"id":131,"word":132,"frequency":119,"level":10,"language":9,"audioFilePath":133,"partsOfSpeech":134,"audio":40,"audioUrl":143},"01a0ba4b-d7a2-7d82-9586-73f4f589e7de","aankomen","tts_85e31e90652d0311_nl-NL.mp3",[135,139],{"id":136,"partOfSpeech":37,"definition":137,"exampleSentences":138,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d7e0-7f3e-ac72-711be2daac09","Na een reis of verplaatsing een bestemming bereiken.","Als we op tijd aankomen, kunnen we nog samen eten.",{"id":140,"partOfSpeech":37,"definition":141,"exampleSentences":142,"isPrimary":16,"meaningOrder":69},"01a0ba4b-d7e1-701d-b022-d70172f759d9","Zwaarder worden doordat het lichaamsgewicht toeneemt.","Tijdens de vakantie ben ik twee kilo aangekomen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_85e31e90652d0311_nl-NL.mp3",7,{"id":146,"vocabularyWord":147,"displayOrder":153},"01a0ba4c-4660-784b-b1a3-c56468b48b4b",{"id":148,"word":149,"frequency":144,"level":10,"language":9,"audioFilePath":150,"partsOfSpeech":151,"audio":40,"audioUrl":152},"01a0ba4b-d8f1-7c70-843c-ffb745af3714","verhuizen","tts_f5fbc8977749af96_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f5fbc8977749af96_nl-NL.mp3",8,{"id":155,"vocabularyWord":156,"displayOrder":119},"01a0ba4c-4660-7867-b1a3-c564691daf96",{"id":157,"word":158,"frequency":153,"level":10,"language":9,"audioFilePath":159,"partsOfSpeech":160,"audio":40,"audioUrl":161},"01a0ba4b-d873-7882-9661-5b97099cc71c","groeien","tts_5735a6d53b11f4e6_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_5735a6d53b11f4e6_nl-NL.mp3",{"id":163,"vocabularyWord":164,"displayOrder":31},"01a0ba4c-4660-7883-b1a3-c56469290b83",{"id":165,"word":166,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":167,"partsOfSpeech":168,"audio":40,"audioUrl":173},"01a0ba4b-d7af-7869-8792-a1661e394b8e","beginnen","tts_23096bcbfdffb0df_nl-NL.mp3",[169],{"id":170,"partOfSpeech":37,"definition":171,"exampleSentences":172,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d7e4-7a02-abd6-ee4012512957","Met een activiteit starten of het eerste deel van iets doen.","De vergadering begint morgen om half tien.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_23096bcbfdffb0df_nl-NL.mp3",{"id":175,"vocabularyWord":176,"displayOrder":18},"01a0ba4c-4660-789b-b1a3-c5646a1923dc",{"id":177,"word":178,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":179,"partsOfSpeech":180,"audio":40,"audioUrl":185},"01a0ba4b-d51b-7c62-be4b-06c5de44ad96","betalen","tts_f218b1cf9c570ff3_nl-NL.mp3",[181],{"id":182,"partOfSpeech":37,"definition":183,"exampleSentences":184,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d560-7ecd-bf08-b6af5d314a1c","Geld geven omdat je iets koopt, gebruikt of verschuldigd bent.","In dit restaurant betalen we aan tafel.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f218b1cf9c570ff3_nl-NL.mp3",{"id":187,"vocabularyWord":188,"displayOrder":202},"01a0ba4c-4660-78b7-b1a3-c5646afe48be",{"id":189,"word":190,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":191,"partsOfSpeech":192,"audio":40,"audioUrl":201},"01a0ba4b-d79c-747d-b129-d0c64db4a431","zien","tts_fa1199cc60208f8c_nl-NL.mp3",[193,197],{"id":194,"partOfSpeech":37,"definition":195,"exampleSentences":196,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d7df-7043-a2d4-3487ffa64dc7","Iemand of iets met de ogen waarnemen.","Vanaf het raam zie ik de zee.",{"id":198,"partOfSpeech":37,"definition":199,"exampleSentences":200,"isPrimary":16,"meaningOrder":69},"01a0ba4b-d7df-70d7-a2d4-3487ffd03e99","Iemand ontmoeten of tijd met die persoon doorbrengen.","Ik zie mijn oma elke zondag.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_fa1199cc60208f8c_nl-NL.mp3",12,{"id":204,"vocabularyWord":205,"displayOrder":220},"01a0ba4c-4660-78d3-b1a3-c5646bddffb4",{"id":206,"word":207,"frequency":31,"level":208,"language":9,"audioFilePath":209,"partsOfSpeech":210,"audio":40,"audioUrl":219},"01a0ba4b-dc77-739d-b639-e495bf595fda","verliezen","B1","tts_86321a820de64079_nl-NL.mp3",[211,215],{"id":212,"partOfSpeech":37,"definition":213,"exampleSentences":214,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-dcbd-7eaf-9e8d-757c28d7ab47","Iets of iemand niet langer hebben, kunnen vinden of behouden.","Door de reorganisatie dreigt hij zijn baan te verliezen.",{"id":216,"partOfSpeech":37,"definition":217,"exampleSentences":218,"isPrimary":16,"meaningOrder":69},"01a0ba4b-dcbd-7ef7-9e8d-757c2924391c","Niet winnen van een tegenstander in een wedstrijd, spel of conflict.","Ons team verloor de wedstrijd met twee tegen één.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_86321a820de64079_nl-NL.mp3",13,{"id":222,"vocabularyWord":223,"displayOrder":237},"01a0ba4c-4660-78ef-b1a3-c5646bffa5b4",{"id":224,"word":225,"frequency":119,"level":10,"language":9,"audioFilePath":226,"partsOfSpeech":227,"audio":40,"audioUrl":236},"01a0ba4b-d9cc-7db7-bda0-956d5802f541","sturen","tts_a7b188ce69d639ec_nl-NL.mp3",[228,232],{"id":229,"partOfSpeech":37,"definition":230,"exampleSentences":231,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-da0f-71bb-8596-e7ac4b743b74","Ervoor zorgen dat een persoon, voorwerp of bericht naar een bepaalde bestemming gaat.","Stuur het ingevulde formulier naar het adres onderaan de brief.",{"id":233,"partOfSpeech":37,"definition":234,"exampleSentences":235,"isPrimary":16,"meaningOrder":69},"01a0ba4b-da0f-720b-8596-e7ac4be33676","De richting van een voertuig bepalen met een stuur.","Mijn zus stuurt de auto voorzichtig door de smalle straat.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a7b188ce69d639ec_nl-NL.mp3",14,{"id":239,"vocabularyWord":240,"displayOrder":249},"01a0ba4c-4660-790b-b1a3-c5646cd3ec0e",{"id":241,"word":242,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":243,"partsOfSpeech":244,"audio":40,"audioUrl":248},"01a0ba4b-d513-7f51-afd1-0f5cb52459b1","al","tts_dfec5c76430824bd_nl-NL.mp3",[245],{"id":246,"partOfSpeech":247,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d560-74a1-bf08-b6af59ab822f","DETERMINER","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_dfec5c76430824bd_nl-NL.mp3",15,{"id":251,"vocabularyWord":252,"displayOrder":262},"01a0ba4c-4660-7927-b1a3-c5646d8e7bbd",{"id":253,"word":254,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":255,"partsOfSpeech":256,"audio":40,"audioUrl":261},"01a0ba4b-dc99-76c6-ae83-f359f9ee319d","nog","tts_baa35f91a111aba4_nl-NL.mp3",[257],{"id":258,"partOfSpeech":259,"definition":260,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-dcc1-72c0-990e-b37e2053c1d4","ADVERB","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_baa35f91a111aba4_nl-NL.mp3",16,{"id":264,"vocabularyWord":265,"displayOrder":275},"01a0ba4c-4660-7943-b1a3-c5646dbc1b2f",{"id":266,"word":267,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":268,"partsOfSpeech":269,"audio":40,"audioUrl":274},"01a0ba4b-d978-7ce9-9ea4-0f4f6e9ce8d7","nooit","tts_27428961bc918c18_nl-NL.mp3",[270],{"id":271,"partOfSpeech":259,"definition":272,"exampleSentences":273,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d999-7b4c-bc3b-9ccbd55b94f7","Op geen enkel moment of geen enkele keer.","Mijn opa reist nooit met het vliegtuig.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_27428961bc918c18_nl-NL.mp3",17,{"id":277,"vocabularyWord":278,"displayOrder":286},"01a0ba4c-4660-795f-b1a3-c5646dd922e2",{"id":279,"word":280,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":281,"partsOfSpeech":282,"audio":40,"audioUrl":285},"01a0ba4b-dc98-789b-87dc-e78f3defe85b","net","tts_9d88e9a1f5b12411_nl-NL.mp3",[283],{"id":284,"partOfSpeech":259,"definition":260,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-dcc1-71a8-990e-b37e1fbf03d8","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9d88e9a1f5b12411_nl-NL.mp3",18,{"id":288,"vocabularyWord":289,"displayOrder":300},"01a0ba4c-4660-798b-b1a3-c5646ec850ea",{"id":290,"word":291,"frequency":31,"level":208,"language":9,"audioFilePath":292,"partsOfSpeech":293,"audio":40,"audioUrl":299},"01a0ba4b-dc7d-7331-865c-529c562ca4fa","voordat","tts_d2c8cd7b709be091_nl-NL.mp3",[294],{"id":295,"partOfSpeech":296,"definition":297,"exampleSentences":298,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-dcbe-7aa7-84e5-4d54852a964e","CONJUNCTION","Leidt een bijzin in met een gebeurtenis die later plaatsvindt dan de handeling in de hoofdzin.","Controleer het adres voordat je het formulier verstuurt.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d2c8cd7b709be091_nl-NL.mp3",19,{"id":302,"vocabularyWord":303,"displayOrder":313},"01a0ba4c-4660-79a7-b1a3-c5646f8ba5db",{"id":304,"word":305,"frequency":153,"level":10,"language":9,"audioFilePath":306,"partsOfSpeech":307,"audio":40,"audioUrl":312},"01a0ba4b-d976-774e-baf0-165f94b22999","nadat","tts_f862fffbdd0f0ac0_nl-NL.mp3",[308],{"id":309,"partOfSpeech":296,"definition":310,"exampleSentences":311,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d999-77d8-bc3b-9ccbd43ce098","Voegwoord dat aangeeft dat de hoofdhandeling later gebeurt dan de handeling in de bijzin.","Nadat ik heb betaald, krijg ik een kassabon.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f862fffbdd0f0ac0_nl-NL.mp3",20,{"id":315,"vocabularyWord":316,"displayOrder":324},"01a0ba4c-4660-79c3-b1a3-c5646fb70d2b",{"id":317,"word":318,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":319,"partsOfSpeech":320,"audio":40,"audioUrl":323},"01a0ba4b-d9d3-7077-b8d1-7437f7ef4726","toen","tts_eb462f08364050bb_nl-NL.mp3",[321],{"id":322,"partOfSpeech":296,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-da0f-7c97-8596-e7ac51ee9bc9","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_eb462f08364050bb_nl-NL.mp3",21,{"id":326,"vocabularyWord":327,"displayOrder":337},"01a0ba4c-4660-79df-b1a3-c5646ffa0107",{"id":328,"word":329,"frequency":119,"level":10,"language":9,"audioFilePath":330,"partsOfSpeech":331,"audio":40,"audioUrl":336},"01a0ba4b-d7d3-71c3-9291-cd42bc104ff7","gisteren","tts_9f6e666ad88b59bc_nl-NL.mp3",[332],{"id":333,"partOfSpeech":259,"definition":334,"exampleSentences":335,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d7ec-70c3-b258-1bd9cd9efd58","Op de dag vóór vandaag.","Gisteren werkte ik thuis, maar vandaag ben ik op kantoor.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9f6e666ad88b59bc_nl-NL.mp3",22,{"name":15,"slug":339,"language":9},"verleden-tijden-in-verhalen-a2",[],[342,351,357],{"@id":343,"@type":344,"id":345,"grammarPage":346,"title":347,"instructions":348,"displayOrder":17,"type":349,"questionCount":249,"blankCount":249,"isCompleted":16,"ogImageUrl":350},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a6d2-7197-9cc8-afc157a0f664","GrammarExercise","01a0ba4b-a6d2-7197-9cc8-afc157a0f664","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8a51-7c31-a505-58ffa2df00cf","Had, hadden, was en waren","Kies het juiste hulpwerkwoord of de juiste complete vorm voor het eerdere verleden.","word_select","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_d8cf1a09-7d3e-4c10-8fbe-d4a4191e187f_hero.webp?v=1789831915",{"@id":352,"@type":344,"id":353,"grammarPage":346,"title":354,"instructions":355,"displayOrder":41,"type":349,"questionCount":249,"blankCount":249,"isCompleted":16,"ogImageUrl":356},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a6ec-7998-ae4b-f79b077e0f86","01a0ba4b-a6ec-7998-ae4b-f79b077e0f86","Twee momenten in het verleden ordenen","Kies de vorm die duidelijk maakt wat vóór het andere verleden al gebeurd was.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_4fb57701-080e-45b1-986e-b22cbe0766b4_hero.webp?v=1789831915",{"@id":358,"@type":344,"id":359,"grammarPage":346,"title":360,"instructions":361,"displayOrder":69,"type":362,"questionCount":31,"blankCount":31,"isCompleted":16,"ogImageUrl":363},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a709-7adc-9e64-758201f70a41","01a0ba4b-a709-7adc-9e64-758201f70a41","Bouw het eerdere verleden","Tik de woorden in de juiste volgorde en laat woorden die niet in de zin horen weg.","sentence_builder","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_9c94f3ef-46a0-4591-8131-d1895a65ca17_hero.webp?v=1789831915",null]