[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-hier-en-daarwoorden-met-een-voorzetsel":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8a6a-7b57-a92b-93358fecbfe3":529,"exercise-list-path-nl-none":552},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":526,"readyImages":528},"01a0ba4b-8a6a-7b57-a92b-93358fecbfe3","Hier- en daarwoorden met een voorzetsel","hier-en-daarwoorden-met-een-voorzetsel","Leer met hiermee, daarop en daarvan precies naar dingen en situaties verwijzen, en kies het juiste hier- of daarwoord met een Nederlands voorzetsel.","In plaats van *met dit*, *op dat* of *van het plan* gebruikt het Nederlands vaak een combinatie met **hier** of **daar**: **hiermee**, **daarop**, **daarvan**. Zulke woorden verwijzen vooral naar dingen, ideeën en situaties.\n\nNa deze les kun je:\n\n- **hier + voorzetsel** en **daar + voorzetsel** vormen;\n- kiezen tussen een nabije of nieuwe verwijzing en een bekende verwijzing;\n- personen anders behandelen dan dingen;\n- vragen met **waar + voorzetsel** begrijpen en beantwoorden.\n\n## 1. Voorzetsel + ding wordt vaak één woord\n\nBij een ding staat het voorzetsel niet altijd vóór een persoonlijk voornaamwoord. Je vervangt de combinatie vaak door **hier\u002Fdaar + voorzetsel**.\n\n| Volledige woordgroep | Verwijzing |\n| --- | --- |\n| met deze sleutel | hiermee |\n| op dat bericht | daarop |\n| van het voorstel | daarvan |\n| over die klacht | daarover |\n| in deze map | hierin |\n| voor dat doel | daarvoor |\n\n- Dit is de nieuwe sleutel. **Hiermee** opent u de achterdeur.\n- Ik heb je bericht gelezen en reageer **daarop**.\n- Het plan is nog niet af. We praten morgen **daarover**.\n\nDe volgorde draait om: *met dit* wordt **hier + mee**, *op dat* wordt **daar + op**. Bij **met** wordt het tweede deel **mee** en bij **tot** wordt het **toe**: **hiermee**, **daartoe**.\n\n## 2. Hier- wijst dichtbij of introduceert iets\n\nEen **hierwoord** verwijst vaak naar iets dat de spreker aanwijst, laat zien of direct presenteert.\n\n- **Hierin** staan de afspraken voor vandaag. De spreker toont bijvoorbeeld een document.\n- **Hiermee** kunt u online betalen. De spreker introduceert een pas of functie.\n- **Hierover** wil ik één vraag stellen. De spreker brengt het onderwerp naar voren.\n\nDat hoeft niet letterlijk dichtbij te zijn. In een tekst kan **hierin** verwijzen naar het document of onderwerp dat op dat moment centraal staat.\n\n:::note\nHet contrast tussen **hier-** en **daar-** gaat niet alleen over fysieke afstand. Het gaat ook over aandacht: **hier-** presenteert, **daar-** verwijst vaak terug.\n:::\n\n## 3. Daar- verwijst terug naar iets bekends\n\nEen **daarwoord** verwijst vaak naar informatie die al genoemd is.\n\n- De trein heeft vertraging. **Daardoor** kom ik later.\n- Amir heeft een nieuw project. Hij werkt **daaraan** met drie collega's.\n- We bespreken morgen het budget. Heb je **daarvoor** de cijfers al?\n- Het contract bevat een fout. Ik heb **daarover** gebeld.\n\nHet precieze voorzetsel komt van de combinatie die je nodig hebt: **werken aan**, **bellen over**, **wachten op**, **zorgen voor**.\n\n:::tip\nZoek eerst de vaste combinatie: *reageren op iets*. Vervang daarna *iets* door **daar** en zet de delen samen: **daarop reageren**.\n:::\n\n## 4. Personen krijgen voorzetsel + voornaamwoord\n\nGebruik bij een concrete persoon meestal **voorzetsel + hem\u002Fhaar\u002Fhen** en niet een hier- of daarwoord.\n\n- Ik werk met Noor. → Ik werk **met haar**.\n- We wachten op de arts. → We wachten **op hem**.\n- Zij zorgt voor haar ouders. → Zij zorgt **voor hen**.\n\nVergelijk:\n\n- *Ik wacht op **de uitslag*** → Ik wacht **daarop**.\n- *Ik wacht op **de manager*** → Ik wacht **op haar**.\n\nBij een groep personen gebruik je een persoonlijk voornaamwoord: *Ik werk met het team. Ik werk met hen.* Verwijs je naar een besluit of plan van een commissie, dan gebruik je een daarwoord: *De commissie heeft een besluit genomen. Ik reageer daarop.*\n\n## 5. Vragen met waar-\n\nDe vraagvorm voor dingen begint vaak met **waar**.\n\n| Vraag | Mogelijk antwoord |\n| --- | --- |\n| Waarmee open je dit? | Hiermee, met deze code. |\n| Waarop wacht je? | Op de uitslag. \u002F Daarop. |\n| Waarover gaat de podcast? | Over stadsnatuur. \u002F Daarover. |\n| Waarvan is deze tas gemaakt? | Van leer. \u002F Daarvan. |\n\nBij personen blijft het voorzetsel vóór **wie**: **met wie**, **op wie**, **voor wie**. Vraag dus *Met wie werk je?*, niet *Waarmee werk je?* als het antwoord een collega is.\n\nIn gesproken Nederlands is de gesplitste vraag vaak het gewoonst: *Waar wacht je op?* **Waarop wacht je?** klinkt formeler en past vooral in schrijftaal.\n\n:::example\n**Vraag over een ding:** Waarvoor gebruik je deze app?\n\n**Antwoord:** **Hiermee** plan ik mijn reizen. Ik krijg **daarin** ook informatie over vertragingen.\n\n**Vraag over een persoon:** Met wie reis je? — Met mijn zus.\n:::\n\n## 6. Betekenisverschillen tussen combinaties\n\nEen ander voorzetsel maakt een ander woord en vaak een andere betekenis.\n\n- **daardoor** noemt vaak een oorzaak of middel: *Het vroor; daardoor was de weg glad.*\n- **daarvoor** verwijst naar een doel, reden of eerder genoemd onderdeel: *Daarvoor heb je een code nodig.*\n- **daarvoor** kan ook tijd betekenen: *We eten om zes uur; daarvoor doe ik boodschappen.*\n- **daarna** ordent tijd: *Eerst bellen we; daarna sturen we een brief.*\n- **daarnaast** kan plaats of toevoeging betekenen: *Daarnaast staat een kast* of *Daarnaast is de cursus gratis.*\n\nLeer de combinatie in een volledige zin. Alleen het voorzetsel vertalen is onvoldoende.\n\nNiet elk voorzetsel vormt zo'n woord: bij **zonder**, **sinds** en **behalve** gebruik je geen hier-\u002Fdaar-\u002Fer-woord.\n\n## 7. Aaneen of gesplitst?\n\nAls de delen direct naast elkaar staan, schrijf je ze aaneen: **hiermee**, **daarop**, **daarover**. In veel zinnen kunnen ze worden gesplitst: *Daar wil ik morgen **over** praten* en *Ik heb er lang **op** gewacht*.\n\nDe gesplitste vorm is vaak natuurlijk in het middenstuk. Die woordvolgorde is het onderwerp van de volgende les. Voor nu is de kern:\n\n1. bepaal of je naar een ding of persoon verwijst;\n2. kies het voorzetsel van de vaste combinatie;\n3. gebruik bij een ding **hier-\u002Fdaar-\u002Fwaar- + voorzetsel**;\n4. schrijf aangrenzende delen als één woord.\n\nZo wordt *Ik reageer op het voorstel* korter en natuurlijk: *Ik reageer **daarop***.\n\n## Er + voorzetsel zonder nadruk\n\n**Erop**, **erover** en **ervan** zijn onbeklemtoond en zeer gewoon wanneer je neutraal naar iets bekends verwijst: *Ik wacht erop.* Gebruik **daarop** als je nadruk legt: *Ik wacht dáárop, niet op de uitslag.*","nl","B1",106,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87c0-7dc2-8f6b-4a3380b3fbb6","Met er en voornaamwoordelijke bijwoorden verwijzen",false,0,15,"2026-09-19T15:31:47+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":40},"01a0ba4c-4ce3-71a3-bf14-897b34a4162b","Hier- en daarverwijzingen opbouwen",[26,43,55,74,100,118,135,156,167,188,198,215,226,235,246,254,265,274,283,300,309,320,329,340,357,369,382,395,404,415,426,435,444,453,466,480,497,506,515],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":41},"01a0ba4c-4ce3-721b-bf14-897b35292d01",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":33,"partsOfSpeech":34,"audio":40,"audioUrl":42},"01a0ba4b-d544-7227-a3c9-09e728360a45","hier",10,"A1","tts_79998145c94116eb_nl-NL.mp3",[35],{"id":36,"partOfSpeech":37,"definition":38,"exampleSentences":39,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d564-7dff-97f9-ade233e8dec3","ADVERB","Op deze plaats, dicht bij de spreker.","Kom hier naast mij zitten.",true,1,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_79998145c94116eb_nl-NL.mp3",{"id":44,"vocabularyWord":45,"displayOrder":54},"01a0ba4c-4ce3-726b-bf14-897b35be4bda",{"id":46,"word":47,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":48,"partsOfSpeech":49,"audio":40,"audioUrl":53},"01a0ba4b-dfd8-70e2-93ae-46736b48d59b","daar","tts_1d07251c67994d61_nl-NL.mp3",[50],{"id":51,"partOfSpeech":37,"definition":52,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-dfea-78b3-8e07-3fb48c7d9503","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1d07251c67994d61_nl-NL.mp3",2,{"id":56,"vocabularyWord":57,"displayOrder":73},"01a0ba4c-4ce3-72af-bf14-897b367ed94a",{"id":58,"word":59,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":60,"partsOfSpeech":61,"audio":40,"audioUrl":72},"01a0ba4b-d528-7eb3-8a89-68ee89eeda96","dit","tts_8a104071ba6ab5f4_nl-NL.mp3",[62,67],{"id":63,"partOfSpeech":64,"definition":65,"exampleSentences":66,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d562-73e4-9b4b-5e879e593d79","DETERMINER","Aanwijzend woord voor een enkelvoudig het-woord dichtbij de spreker.","Dit boek hier is van mijn zus.",{"id":68,"partOfSpeech":69,"definition":70,"exampleSentences":71,"isPrimary":16,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d562-7428-9b4b-5e879f11b094","PRONOUN","Aanwijzend voornaamwoord dat zelfstandig naar iets dichtbij verwijst.","Wat is dit op de tafel?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8a104071ba6ab5f4_nl-NL.mp3",3,{"id":75,"vocabularyWord":76,"displayOrder":99},"01a0ba4c-4ce3-72ef-bf14-897b36c3cb8b",{"id":77,"word":78,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":79,"partsOfSpeech":80,"audio":40,"audioUrl":98},"01a0ba4b-d525-736a-b5ba-b2891c447de2","dat","tts_cb8aa98748ccfdaa_nl-NL.mp3",[81,86,90,94],{"id":82,"partOfSpeech":83,"definition":84,"exampleSentences":85,"isPrimary":16,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d561-7c53-8c67-8f0dca208b6c","CONJUNCTION","Voegwoord dat een bijzin met een mededeling of gedachte inleidt.","Ik weet dat de winkel vandaag open is.",{"id":87,"partOfSpeech":64,"definition":88,"exampleSentences":89,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d561-7c97-8c67-8f0dcab6a76a","Aanwijzend woord voor een enkelvoudig het-woord verder van de spreker.","Dat huis aan het einde van de straat is nieuw.",{"id":91,"partOfSpeech":69,"definition":92,"exampleSentences":93,"isPrimary":16,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d561-7cd7-8c67-8f0dcb336235","Aanwijzend voornaamwoord dat zelfstandig naar iets verder weg verwijst.","Wat staat daar? Dat is een ziekenhuis.",{"id":95,"partOfSpeech":69,"definition":96,"exampleSentences":97,"isPrimary":16,"meaningOrder":54},"01a0ba4b-d561-7d17-8c67-8f0dcbf8d715","Betrekkelijk voornaamwoord dat terugwijst naar een enkelvoudig het-woord.","Het boek dat op tafel ligt, is van mijn zus.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_cb8aa98748ccfdaa_nl-NL.mp3",4,{"id":101,"vocabularyWord":102,"displayOrder":117},"01a0ba4c-4ce3-732b-bf14-897b37998648",{"id":103,"word":104,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":105,"partsOfSpeech":106,"audio":40,"audioUrl":116},"01a0ba4b-d5bc-7a8c-9237-436165148d88","met","tts_dc0e8d59d369958d_nl-NL.mp3",[107,112],{"id":108,"partOfSpeech":109,"definition":110,"exampleSentences":111,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d5fc-7f1a-9f37-be912805db1d","PREPOSITION","Geeft aan dat personen of dingen samen zijn of iets samen doen.","Ik woon met mijn zus in de stad.",{"id":113,"partOfSpeech":109,"definition":114,"exampleSentences":115,"isPrimary":16,"meaningOrder":54},"01a0ba4b-d5fc-7f62-9f37-be91281afae9","Geeft het middel of voorwerp aan waarmee iemand iets doet.","Hij schrijft de naam met een pen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_dc0e8d59d369958d_nl-NL.mp3",5,{"id":119,"vocabularyWord":120,"displayOrder":134},"01a0ba4c-4ce3-7387-bf14-897b388ea834",{"id":121,"word":122,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":123,"partsOfSpeech":124,"audio":40,"audioUrl":133},"01a0ba4b-d6d2-764c-a5fe-4e6b3002035f","op","tts_d12147bbcd9fbde7_nl-NL.mp3",[125,129],{"id":126,"partOfSpeech":109,"definition":127,"exampleSentences":128,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d6de-7dcb-9471-be6b328006b0","Geeft aan dat iets rust of gebeurt aan de bovenkant van iets anders.","Het bord staat op de tafel.",{"id":130,"partOfSpeech":109,"definition":131,"exampleSentences":132,"isPrimary":16,"meaningOrder":54},"01a0ba4b-d6de-7e0f-9471-be6b328bb2ac","Geeft een dag of bepaald tijdstip aan.","Op maandag heb ik een afspraak.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d12147bbcd9fbde7_nl-NL.mp3",6,{"id":136,"vocabularyWord":137,"displayOrder":155},"01a0ba4c-4ce3-73b3-bf14-897b38f63178",{"id":138,"word":139,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":140,"partsOfSpeech":141,"audio":40,"audioUrl":154},"01a0ba4b-d723-7632-a5a9-b683105c7d72","van","tts_e34fdb14ce4974eb_nl-NL.mp3",[142,146,150],{"id":143,"partOfSpeech":109,"definition":144,"exampleSentences":145,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d755-7ac1-81bc-8b506cf05557","Geeft aan waar iemand of iets vandaan komt.","De trein komt van Amsterdam.",{"id":147,"partOfSpeech":109,"definition":148,"exampleSentences":149,"isPrimary":16,"meaningOrder":54},"01a0ba4b-d755-7b05-81bc-8b506d2f202d","Geeft aan bij wie iets hoort.","Deze tas is van mijn zus.",{"id":151,"partOfSpeech":109,"definition":152,"exampleSentences":153,"isPrimary":16,"meaningOrder":73},"01a0ba4b-d755-7b45-81bc-8b506d7e43a2","Geeft aan van welk materiaal iets is gemaakt.","De tafel is van hout.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e34fdb14ce4974eb_nl-NL.mp3",7,{"id":157,"vocabularyWord":158,"displayOrder":166},"01a0ba4c-4ce3-73d3-bf14-897b3955b832",{"id":159,"word":160,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":161,"partsOfSpeech":162,"audio":40,"audioUrl":165},"01a0ba4b-d6d3-7f2e-824a-0a4bc77338ca","over","tts_2898c0d58536e030_nl-NL.mp3",[163],{"id":164,"partOfSpeech":109,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d6df-7110-8a1b-af0b59941c49","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_2898c0d58536e030_nl-NL.mp3",8,{"id":168,"vocabularyWord":169,"displayOrder":187},"01a0ba4c-4ce3-73ef-bf14-897b3a049d9c",{"id":170,"word":171,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":172,"partsOfSpeech":173,"audio":40,"audioUrl":186},"01a0ba4b-d725-7be2-a815-4da64275bc5c","voor","tts_baf91067241cfc02_nl-NL.mp3",[174,178,182],{"id":175,"partOfSpeech":109,"definition":176,"exampleSentences":177,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d755-7e79-81bc-8b506eee5b7b","Geeft aan dat iets aan de voorkant van iets anders is.","Er staat een bus voor het station.",{"id":179,"partOfSpeech":109,"definition":180,"exampleSentences":181,"isPrimary":16,"meaningOrder":54},"01a0ba4b-d755-7ecd-81bc-8b506fac99c6","Geeft aan voor welke persoon iets bedoeld is.","Dit cadeau is voor mijn moeder.",{"id":183,"partOfSpeech":109,"definition":184,"exampleSentences":185,"isPrimary":16,"meaningOrder":73},"01a0ba4b-d755-7f0d-81bc-8b50705e0e4c","Geeft aan dat iets eerder dan een genoemd moment gebeurt.","Ik drink koffie voor het werk.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_baf91067241cfc02_nl-NL.mp3",9,{"id":189,"vocabularyWord":190,"displayOrder":31},"01a0ba4c-4ce3-740b-bf14-897b3ad5da2b",{"id":191,"word":192,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":193,"partsOfSpeech":194,"audio":40,"audioUrl":197},"01a0ba4b-d511-752a-99e6-91b61f398c35","aan","tts_6cd67845c6dde21a_nl-NL.mp3",[195],{"id":196,"partOfSpeech":109,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d560-7049-bf08-b6af57fec145","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6cd67845c6dde21a_nl-NL.mp3",{"id":199,"vocabularyWord":200,"displayOrder":214},"01a0ba4c-4ce3-742b-bf14-897b3b45c97a",{"id":201,"word":202,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":203,"partsOfSpeech":204,"audio":40,"audioUrl":213},"01a0ba4b-d54d-74ae-86ab-e12e5ca1207d","in","tts_7190313e86ecc8f6_nl-NL.mp3",[205,209],{"id":206,"partOfSpeech":109,"definition":207,"exampleSentences":208,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d565-7b28-a20d-839bb4067a0e","Geeft aan dat iets zich binnen een plaats of ruimte bevindt.","De melk staat in de koelkast.",{"id":210,"partOfSpeech":109,"definition":211,"exampleSentences":212,"isPrimary":16,"meaningOrder":54},"01a0ba4b-d565-7b6c-a20d-839bb4cc4885","Geeft een periode aan waarbinnen iets gebeurt.","Wij gaan in de zomer op vakantie.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7190313e86ecc8f6_nl-NL.mp3",11,{"id":216,"vocabularyWord":217,"displayOrder":225},"01a0ba4c-4ce3-7457-bf14-897b3bb5f97d",{"id":218,"word":219,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":220,"partsOfSpeech":221,"audio":40,"audioUrl":224},"01a0ba4b-d52a-75ee-bc02-fbf2be9d92b5","door","tts_8e836a1124c71dfb_nl-NL.mp3",[222],{"id":223,"partOfSpeech":109,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d562-76d8-9b4b-5e87a0079b01","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8e836a1124c71dfb_nl-NL.mp3",12,{"id":227,"vocabularyWord":228,"displayOrder":234},"01a0ba4c-4ce3-7477-bf14-897b3c0335fb",{"id":229,"word":230,"frequency":155,"level":10,"language":9,"audioFilePath":231,"partsOfSpeech":232,"audio":40,"audioUrl":233},"01a0ba4b-db7d-79ea-82d6-f6adc4d3aaca","hiermee","tts_57ca925eb50dcf45_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_57ca925eb50dcf45_nl-NL.mp3",13,{"id":236,"vocabularyWord":237,"displayOrder":245},"01a0ba4c-4ce3-7493-bf14-897b3c0828d4",{"id":238,"word":239,"frequency":117,"level":10,"language":9,"audioFilePath":240,"partsOfSpeech":241,"audio":40,"audioUrl":244},"01a0ba4b-dc85-72c1-a9ee-88d8173d91c8","daarop","tts_83190ffc41930f22_nl-NL.mp3",[242],{"id":243,"partOfSpeech":37,"definition":52,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-dcbf-775e-a6ee-c5ffbe40d4ff","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_83190ffc41930f22_nl-NL.mp3",14,{"id":247,"vocabularyWord":248,"displayOrder":18},"01a0ba4c-4ce3-74af-bf14-897b3ca9fbf4",{"id":249,"word":250,"frequency":155,"level":10,"language":9,"audioFilePath":251,"partsOfSpeech":252,"audio":40,"audioUrl":253},"01a0ba4b-d86d-7dd6-a210-d9f3e238858a","daarvan","tts_fdcb5c16bd8015fe_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_fdcb5c16bd8015fe_nl-NL.mp3",{"id":255,"vocabularyWord":256,"displayOrder":264},"01a0ba4c-4ce3-74cb-bf14-897b3d0fe0bc",{"id":257,"word":258,"frequency":155,"level":10,"language":9,"audioFilePath":259,"partsOfSpeech":260,"audio":40,"audioUrl":263},"01a0ba4b-e4f7-76fc-87a7-a8347411c252","daarover","tts_4704f471aa57faf1_nl-NL.mp3",[261],{"id":262,"partOfSpeech":37,"definition":52,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-e52b-7652-9532-d2b1ee3bd78f","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_4704f471aa57faf1_nl-NL.mp3",16,{"id":266,"vocabularyWord":267,"displayOrder":273},"01a0ba4c-4ce3-74e7-bf14-897b3d856d2b",{"id":268,"word":269,"frequency":117,"level":10,"language":9,"audioFilePath":270,"partsOfSpeech":271,"audio":40,"audioUrl":272},"01a0ba4b-db15-777c-9bea-b25222f51637","hierin","tts_357e06ba1123619c_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_357e06ba1123619c_nl-NL.mp3",17,{"id":275,"vocabularyWord":276,"displayOrder":282},"01a0ba4c-4ce3-7503-bf14-897b3d91c8c0",{"id":277,"word":278,"frequency":155,"level":10,"language":9,"audioFilePath":279,"partsOfSpeech":280,"audio":40,"audioUrl":281},"01a0ba4b-dbb9-7b6b-8b97-fa3186c83e86","daarvoor","tts_bf32d2dff593850c_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_bf32d2dff593850c_nl-NL.mp3",18,{"id":284,"vocabularyWord":285,"displayOrder":299},"01a0ba4c-4ce3-751f-bf14-897b3e8ef02f",{"id":286,"word":287,"frequency":117,"level":10,"language":9,"audioFilePath":288,"partsOfSpeech":289,"audio":40,"audioUrl":298},"01a0ba4b-db3f-79ff-9ba8-e89ad198c96c","daartoe","tts_a02767d9f9185cf9_nl-NL.mp3",[290,294],{"id":291,"partOfSpeech":37,"definition":292,"exampleSentences":293,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a10d6f-fb07-7e4e-8e3a-cc16cbbf9e2f","Voor dat doel of met die bedoeling; om dat te bereiken of te doen. Het verwijst naar iets wat eerder is genoemd en wordt vooral in formeel of schriftelijk Nederlands gebruikt.","Hij wilde de wedstrijd winnen en trainde daartoe elke dag.\nDe gemeente wil meer groen in de stad en heeft daartoe een nieuw plan gemaakt.\nAls je een beter cijfer wilt halen, moet je daartoe meer oefenen.",{"id":295,"partOfSpeech":37,"definition":296,"exampleSentences":297,"isPrimary":16,"meaningOrder":54},"01a10d6f-fb07-7f1a-8e3a-cc16ccaa58a6","Naar of tot die zaak, toestand of plaats; wordt gebruikt als een voorzetsel (tot) met een eerder genoemde zaak wordt samengevoegd, bijvoorbeeld bij werkwoorden en uitdrukkingen met 'tot'.","Hij kreeg een kans en maakte daartoe gebruik van al zijn ervaring.\nZe nam een besluit, en niemand had haar daartoe gedwongen.\nDe omstandigheden brachten hem daartoe.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a02767d9f9185cf9_nl-NL.mp3",19,{"id":301,"vocabularyWord":302,"displayOrder":308},"01a0ba4c-4ce3-753b-bf14-897b3f12ef50",{"id":303,"word":304,"frequency":155,"level":10,"language":9,"audioFilePath":305,"partsOfSpeech":306,"audio":40,"audioUrl":307},"01a0ba4b-dba8-76b1-923c-25bd3eea73a6","hierover","tts_bf9d0be8fb0a01af_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_bf9d0be8fb0a01af_nl-NL.mp3",20,{"id":310,"vocabularyWord":311,"displayOrder":319},"01a0ba4c-4ce3-7557-bf14-897b3f2785f6",{"id":312,"word":313,"frequency":155,"level":10,"language":9,"audioFilePath":314,"partsOfSpeech":315,"audio":40,"audioUrl":318},"01a0ba4b-dfd8-7b82-93ae-46736bc8db08","daardoor","tts_368029f378074b10_nl-NL.mp3",[316],{"id":317,"partOfSpeech":37,"definition":52,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-dfea-79c7-8e07-3fb48d54fa99","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_368029f378074b10_nl-NL.mp3",21,{"id":321,"vocabularyWord":322,"displayOrder":328},"01a0ba4c-4ce3-7573-bf14-897b3f90ee68",{"id":323,"word":324,"frequency":155,"level":10,"language":9,"audioFilePath":325,"partsOfSpeech":326,"audio":40,"audioUrl":327},"01a0ba4b-db0c-7690-b8c0-2424616b8b97","daaraan","tts_1cdcb865412e9287_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1cdcb865412e9287_nl-NL.mp3",22,{"id":330,"vocabularyWord":331,"displayOrder":339},"01a0ba4c-4ce3-758b-bf14-897b4079f020",{"id":332,"word":333,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":334,"partsOfSpeech":335,"audio":40,"audioUrl":338},"01a0ba4b-d541-796f-8d12-58791b6bc18d","hem","tts_01c50c3126fbd212_nl-NL.mp3",[336],{"id":337,"partOfSpeech":69,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d564-7a77-97f9-ade232b9544f","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_01c50c3126fbd212_nl-NL.mp3",23,{"id":341,"vocabularyWord":342,"displayOrder":356},"01a0ba4c-4ce3-75a7-bf14-897b4161a3bc",{"id":343,"word":344,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":345,"partsOfSpeech":346,"audio":40,"audioUrl":355},"01a0ba4b-d53e-7e4e-b944-4405c47121ee","haar","tts_d4f2cfd1b85ebb08_nl-NL.mp3",[347,351],{"id":348,"partOfSpeech":64,"definition":349,"exampleSentences":350,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d564-769f-97f9-ade230ecfce7","Bezittelijk woord voor iets dat hoort bij een vrouw of meisje over wie wordt gesproken.","Sara zet haar fiets voor het huis.",{"id":352,"partOfSpeech":69,"definition":353,"exampleSentences":354,"isPrimary":16,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d564-76e7-97f9-ade231118422","Persoonlijk voornaamwoord dat als voorwerp verwijst naar een vrouw of meisje.","Ik zie Anna en ik geef haar het boek.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d4f2cfd1b85ebb08_nl-NL.mp3",24,{"id":358,"vocabularyWord":359,"displayOrder":368},"01a0ba4c-4ce3-75c3-bf14-897b42484052",{"id":360,"word":361,"frequency":166,"level":362,"language":9,"audioFilePath":363,"partsOfSpeech":364,"audio":40,"audioUrl":367},"01a0ba4b-d7d6-7853-85b6-b7afbfab60cc","hen","A2","tts_cd7541c8ef3bb880_nl-NL.mp3",[365],{"id":366,"partOfSpeech":69,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d7ec-799f-b258-1bd9cefadc32","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_cd7541c8ef3bb880_nl-NL.mp3",25,{"id":370,"vocabularyWord":371,"displayOrder":381},"01a0ba4c-4ce3-75db-bf14-897b4252e03f",{"id":372,"word":373,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":374,"partsOfSpeech":375,"audio":40,"audioUrl":380},"01a0ba4b-d795-7bfe-aaca-393b0439807a","wie","tts_88393222fd76abf4_nl-NL.mp3",[376],{"id":377,"partOfSpeech":69,"definition":378,"exampleSentences":379,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d7dd-79e5-99f2-101f3991cf66","Vraagwoord waarmee naar een persoon of personen wordt gevraagd.","Wie is die jongen naast je?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_88393222fd76abf4_nl-NL.mp3",26,{"id":383,"vocabularyWord":384,"displayOrder":394},"01a0ba4c-4ce3-75f7-bf14-897b434f2aaf",{"id":385,"word":386,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":387,"partsOfSpeech":388,"audio":40,"audioUrl":393},"01a0ba4b-d748-7c05-9ee8-003a4e19d314","waar","tts_a8c14dd28172b1d0_nl-NL.mp3",[389],{"id":390,"partOfSpeech":37,"definition":391,"exampleSentences":392,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d759-77fc-afe6-cd9a847c91a7","Vraagwoord waarmee naar een plaats wordt gevraagd.","Waar woont jouw broer?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a8c14dd28172b1d0_nl-NL.mp3",27,{"id":396,"vocabularyWord":397,"displayOrder":403},"01a0ba4c-4ce3-7613-bf14-897b43d249e6",{"id":398,"word":399,"frequency":155,"level":10,"language":9,"audioFilePath":400,"partsOfSpeech":401,"audio":40,"audioUrl":402},"01a0ba4b-d911-7163-8879-59207e43e97d","waarmee","tts_1b4f38f0b3ac9eaa_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1b4f38f0b3ac9eaa_nl-NL.mp3",28,{"id":405,"vocabularyWord":406,"displayOrder":414},"01a0ba4c-4ce3-762f-bf14-897b44c4dfc1",{"id":407,"word":408,"frequency":155,"level":10,"language":9,"audioFilePath":409,"partsOfSpeech":410,"audio":40,"audioUrl":413},"01a0ba4b-dca2-7d66-a0d9-d0e6ab988777","waarop","tts_b0ccc29c47dda05f_nl-NL.mp3",[411],{"id":412,"partOfSpeech":37,"definition":52,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-dcc2-707d-8514-2c01659a4b88","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b0ccc29c47dda05f_nl-NL.mp3",29,{"id":416,"vocabularyWord":417,"displayOrder":425},"01a0ba4c-4ce3-7647-bf14-897b45b37954",{"id":418,"word":419,"frequency":54,"level":10,"language":9,"audioFilePath":420,"partsOfSpeech":421,"audio":40,"audioUrl":424},"01a0ba4b-e04a-7977-be2f-9a9d953f2d78","waarover","tts_1b72ee3ef3ec059c_nl-NL.mp3",[422],{"id":423,"partOfSpeech":37,"definition":52,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-e089-701e-bfd1-2dc5a1a13bae","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1b72ee3ef3ec059c_nl-NL.mp3",30,{"id":427,"vocabularyWord":428,"displayOrder":434},"01a0ba4c-4ce3-7663-bf14-897b462750c9",{"id":429,"word":430,"frequency":166,"level":10,"language":9,"audioFilePath":431,"partsOfSpeech":432,"audio":40,"audioUrl":433},"01a0ba4b-db0f-7811-99f2-0b2aa57fe373","waarvan","tts_f829fccd61d9ed8f_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f829fccd61d9ed8f_nl-NL.mp3",31,{"id":436,"vocabularyWord":437,"displayOrder":443},"01a0ba4c-4ce3-767f-bf14-897b46f028f1",{"id":438,"word":439,"frequency":155,"level":10,"language":9,"audioFilePath":440,"partsOfSpeech":441,"audio":40,"audioUrl":442},"01a0ba4b-db0d-72da-853f-4d18715c78ce","waarvoor","tts_8f00adaa01c004c1_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8f00adaa01c004c1_nl-NL.mp3",32,{"id":445,"vocabularyWord":446,"displayOrder":452},"01a0ba4c-4ce3-76a7-bf14-897b4749ac76",{"id":447,"word":448,"frequency":117,"level":10,"language":9,"audioFilePath":449,"partsOfSpeech":450,"audio":40,"audioUrl":451},"01a0ba4b-dbb2-7d4b-a6f4-0cba2fdb3514","daarin","tts_455bf1ddbd8c95c4_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_455bf1ddbd8c95c4_nl-NL.mp3",33,{"id":454,"vocabularyWord":455,"displayOrder":465},"01a0ba4c-4ce3-76c3-bf14-897b47677bf0",{"id":456,"word":457,"frequency":187,"level":362,"language":9,"audioFilePath":458,"partsOfSpeech":459,"audio":40,"audioUrl":464},"01a0ba4b-d7bd-7c5d-8cf0-5c2f927a49e8","daarna","tts_84c2dd6076694744_nl-NL.mp3",[460],{"id":461,"partOfSpeech":37,"definition":462,"exampleSentences":463,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d7e8-7256-88f2-0166eafd25d4","Na de genoemde handeling, gebeurtenis of periode.","Eerst vul je het formulier in en daarna betaal je.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_84c2dd6076694744_nl-NL.mp3",34,{"id":467,"vocabularyWord":468,"displayOrder":479},"01a0ba4c-4ce3-76df-bf14-897b480b761f",{"id":469,"word":470,"frequency":187,"level":471,"language":9,"audioFilePath":472,"partsOfSpeech":473,"audio":40,"audioUrl":478},"01a0ba4b-dd20-7efa-9af4-1b37514794bc","daarnaast","B2","tts_e981aeb61c52e719_nl-NL.mp3",[474],{"id":475,"partOfSpeech":37,"definition":476,"exampleSentences":477,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-dd57-71fa-b7d6-ab8f0bbd4bc3","Voegt aanvullende informatie of een extra punt toe aan wat al is genoemd.","Het project bespaart energie en zorgt daarnaast voor extra werkgelegenheid.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e981aeb61c52e719_nl-NL.mp3",35,{"id":481,"vocabularyWord":482,"displayOrder":496},"01a0ba4c-4ce3-76fb-bf14-897b489c5b88",{"id":483,"word":484,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":485,"partsOfSpeech":486,"audio":40,"audioUrl":495},"01a0ba4b-d531-71e0-b92e-e22844b9dcd4","er","tts_78083737665d4e5d_nl-NL.mp3",[487,491],{"id":488,"partOfSpeech":37,"definition":489,"exampleSentences":490,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-d563-71f7-b413-dd0b6ef1d982","Onbeklemtoond woord dat verwijst naar een plaats die al bekend is.","Mijn broer woont in Utrecht en ik werk er.",{"id":492,"partOfSpeech":37,"definition":493,"exampleSentences":494,"isPrimary":16,"meaningOrder":54},"01a0ba4b-d563-7243-b413-dd0b6fe56f42","Onbeklemtoond woord dat een nieuwe persoon of zaak in een zin met zijn introduceert.","Er is een supermarkt naast het station.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_78083737665d4e5d_nl-NL.mp3",36,{"id":498,"vocabularyWord":499,"displayOrder":505},"01a0ba4c-4ce3-7717-bf14-897b4975f883",{"id":500,"word":501,"frequency":155,"level":10,"language":9,"audioFilePath":502,"partsOfSpeech":503,"audio":40,"audioUrl":504},"01a0ba4b-daf3-75ff-b9d0-3703e08795b6","erop","tts_826cf6c78a5ccb16_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_826cf6c78a5ccb16_nl-NL.mp3",37,{"id":507,"vocabularyWord":508,"displayOrder":514},"01a0ba4c-4ce3-772f-bf14-897b49dc1e68",{"id":509,"word":510,"frequency":54,"level":10,"language":9,"audioFilePath":511,"partsOfSpeech":512,"audio":40,"audioUrl":513},"01a0ba4b-db8f-7cfc-9145-459a57f58e45","erover","tts_40c7003ae1648444_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_40c7003ae1648444_nl-NL.mp3",38,{"id":516,"vocabularyWord":517,"displayOrder":525},"01a0ba4c-4ce3-774b-bf14-897b4a0baeb8",{"id":518,"word":519,"frequency":166,"level":10,"language":9,"audioFilePath":520,"partsOfSpeech":521,"audio":40,"audioUrl":524},"01a0ba4b-dc8c-7d67-864a-9cf8dc6783f9","ervan","tts_0193e884b85545ba_nl-NL.mp3",[522],{"id":523,"partOfSpeech":37,"definition":52,"isPrimary":40,"meaningOrder":41},"01a0ba4b-dcc0-71c1-b676-56296a7cafd3","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_0193e884b85545ba_nl-NL.mp3",39,{"name":15,"slug":527,"language":9},"met-er-en-voornaamwoordelijke-bijwoorden-verwijzen-b1",[],[530,539,545],{"@id":531,"@type":532,"id":533,"grammarPage":534,"title":535,"instructions":536,"displayOrder":17,"type":537,"questionCount":18,"blankCount":18,"isCompleted":16,"ogImageUrl":538},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a834-715d-9136-63559261dbe5","GrammarExercise","01a0ba4b-a834-715d-9136-63559261dbe5","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8a6a-7b57-a92b-93358fecbfe3","Hier of daar","Kies het passende hier- of daarwoord voor de zaak, persoon of situatie.","word_select","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_f66091eb-2477-478a-94a8-0e875cf969ee_hero.webp?v=1789831915",{"@id":540,"@type":532,"id":541,"grammarPage":534,"title":542,"instructions":543,"displayOrder":41,"type":537,"questionCount":18,"blankCount":18,"isCompleted":16,"ogImageUrl":544},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a84d-7b0b-bf45-de6726cd2608","01a0ba4b-a84d-7b0b-bf45-de6726cd2608","Vragen en betekenisverschillen","Kies het juiste vraagwoord of verwijswoord en let op het voorzetsel en de betekenis.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_67823006-1d9a-4c96-af1e-aa6142992938_hero.webp?v=1789831915",{"@id":546,"@type":532,"id":547,"grammarPage":534,"title":548,"instructions":549,"displayOrder":99,"type":550,"questionCount":99,"blankCount":17,"isCompleted":16,"ogImageUrl":551},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a868-78ac-874d-cbfb80bf3291","01a0ba4b-a868-78ac-874d-cbfb80bf3291","Hier- en daarwoorden met een voorzetsel - Woorden sorteren","Tik op een kaart en daarna op de juiste kolom. Plaats alle kaarten om het bord af te ronden.","word_sort","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_8fb58c63-17b6-42eb-9722-583d20541520_hero.webp?v=1789831915",null]