[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-hoofdzinnen-verbinden-met-en-maar-en-of":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8a8d-79ca-af90-3ef40cd6857a":157,"exercise-list-path-nl-none":195},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"readyImages":156},"01a0ba4b-8a8d-79ca-af90-3ef40cd6857a","Hoofdzinnen verbinden met en, maar en of","hoofdzinnen-verbinden-met-en-maar-en-of","Leer Nederlandse hoofdzinnen verbinden met en, maar en of, behoud de gewone woordvolgorde en voorkom onnodige herhaling in korte, heldere teksten.","Een hoofdzin kan zelfstandig staan: *Ik werk vandaag.* Met het voegwoord **en**, **maar** of **of** verbind je twee hoofdzinnen tot één langere zin.\n\nNa deze les kun je:\n\n- informatie toevoegen met **en**;\n- een tegenstelling geven met **maar**;\n- een keuze geven met **of**;\n- in beide hoofdzinnen de gewone woordvolgorde gebruiken.\n\n## 1. De betekenis van en, maar en of\n\nDe drie voegwoorden hebben ieder een andere betekenis.\n\n| Voegwoord | Betekenis | Voorbeeld |\n| --- | --- | --- |\n| **en** | beide dingen zijn waar | Ik kook en Noor dekt de tafel. |\n| **maar** | het tweede deel is anders dan verwacht | Het is koud, maar de zon schijnt. |\n| **of** | er is een keuze | We nemen de bus of we gaan lopen. |\n\nKijk dus eerst naar het verband tussen de twee hoofdzinnen: wil je iets toevoegen, iets tegenover elkaar zetten of een keuze noemen?\n\n## 2. En voegt informatie toe\n\nMet **en** vertel je dat beide hoofdzinnen waar zijn.\n\n- Amir maakt de salade **en** Julia kookt de soep.\n- Ik woon in Utrecht **en** mijn zus woont in Leiden.\n- De winkel is open **en** de bakkerij is ook open.\n\nAls het onderwerp in beide delen hetzelfde is, hoef je het niet altijd te herhalen.\n\n| Met herhaling | Zonder onnodige herhaling |\n| --- | --- |\n| Ik sta op en ik douche. | Ik sta op en douche. |\n| Sara opent de deur en Sara loopt naar buiten. | Sara opent de deur en loopt naar buiten. |\n\n:::tip\nLaat het tweede onderwerp alleen weg als het precies dezelfde persoon of hetzelfde ding is. In *Ik kook en Noor wast af* zijn de onderwerpen verschillend, dus **Noor** moet blijven staan.\n:::\n\n## 3. Maar geeft een tegenstelling\n\nMet **maar** laat je een verschil of een onverwachte situatie zien.\n\n- Ik wil naar buiten, **maar** het regent.\n- De kamer is klein, **maar** hij is licht.\n- Mila belt haar broer, **maar** hij neemt niet op.\n\nBeide delen kunnen los als hoofdzin staan:\n\n1. Ik wil naar buiten.\n2. Het regent.\n3. Ik wil naar buiten, **maar** het regent.\n\n:::example\nDe trein vertrekt om acht uur, **maar** David komt pas om kwart over acht. De twee tijden passen niet goed bij elkaar. Daarom past **maar**.\n:::\n\n## 4. Of geeft een keuze\n\nMet **of** geef je twee mogelijkheden.\n\n- We eten thuis **of** we gaan naar een restaurant.\n- Je kunt hier wachten **of** je kunt later terugkomen.\n- Gaat Emma met de fiets **of** neemt ze de trein?\n\n**Of** kan ook kortere delen verbinden: *Wil je thee of koffie?* Bij twee hele hoofdzinnen heeft ieder deel een eigen werkwoord: *Wil je thee of drink je liever koffie?*\n\n:::note\nIn een vraag blijft het tweede deel ook een vraag. Daarom staat in *Kom je met de bus of neem je de trein?* het werkwoord **neem** voor het onderwerp **je**.\n:::\n\n## 5. De woordvolgorde blijft die van een hoofdzin\n\n**En**, **maar** en **of** veranderen de gewone woordvolgorde niet. In een mededelende hoofdzin staat de persoonsvorm op de tweede plaats. In deze voorbeelden komt hij na het onderwerp.\n\n| Eerste hoofdzin | Voegwoord | Tweede hoofdzin |\n| --- | --- | --- |\n| Ik **ga** naar huis | en | mijn buurman **blijft** hier. |\n| We **willen** wandelen | maar | het **regent** hard. |\n| Noor **neemt** de fiets | of | ze **gaat** met de bus. |\n\n:::warning\nZet het werkwoord in het tweede deel niet automatisch aan het einde.\n\n✓ Ik blijf thuis, maar mijn vrienden **gaan** naar het feest.\n\n✗ *Ik blijf thuis, maar mijn vrienden naar het feest gaan.*\n:::\n\n## 6. Komma's en een snelle controle\n\nVoor **en** en **of** staat in een korte zin meestal geen komma. Voor **maar** helpt een komma vaak om de tegenstelling duidelijk te maken.\n\n- Ik koop brood **en** ik haal melk.\n- We gaan nu **of** we wachten nog even.\n- Ik heb weinig tijd, **maar** ik help je graag.\n\nControleer je zin in drie stappen:\n\n1. Kunnen de twee delen ieder een hoofdzin zijn?\n2. Past **en** voor een toevoeging, **maar** voor een tegenstelling of **of** voor een keuze?\n3. Staat het vervoegde werkwoord in beide delen op de normale plaats?\n\nZo maak je van twee korte mededelingen één duidelijke zin: *De les begint om negen uur en de docent is al aanwezig.*","nl","A1",44,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-879f-7a92-bf53-2416b8f94d2d","Hoofdzinnen verbinden",false,0,5,"2026-09-19T15:31:47+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":39},"01a0ba4c-4d32-7787-84fd-3c8fd047ad12","Voegwoorden voor toevoeging, tegenstelling en keuze",[26,42,60,77,91,107,125,143],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":40},"01a0ba4c-4d32-77f3-84fd-3c8fd0a0a1fd",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":32,"partsOfSpeech":33,"audio":39,"audioUrl":41},"01a0ba4b-d530-7678-a3b3-e5aad91cef38","en",10,"tts_94f6b9c2bc289d04_nl-NL.mp3",[34],{"id":35,"partOfSpeech":36,"definition":37,"exampleSentences":38,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d563-70d3-b413-dd0b6e4a3f1b","CONJUNCTION","Een voegwoord dat woorden, woordgroepen of zinnen met elkaar verbindt.","We kopen brood en kaas.",true,1,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_94f6b9c2bc289d04_nl-NL.mp3",{"id":43,"vocabularyWord":44,"displayOrder":59},"01a0ba4c-4d32-7827-84fd-3c8fd17bc198",{"id":45,"word":46,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":47,"partsOfSpeech":48,"audio":39,"audioUrl":58},"01a0ba4b-d5b5-7727-9eb8-c252ca196856","maar","tts_13b83cbed6465535_nl-NL.mp3",[49,53],{"id":50,"partOfSpeech":36,"definition":51,"exampleSentences":52,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d5fc-73ea-9f37-be9121eb9a4b","Voegwoord dat een tegenstelling tussen twee delen aangeeft.","De kamer is klein, maar heel mooi.",{"id":54,"partOfSpeech":55,"definition":56,"exampleSentences":57,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d5fc-743a-9f37-be9122c58a57","PARTICLE","Woord dat een uitnodiging of bevel vriendelijker en minder sterk maakt.","Kom maar binnen en ga zitten.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_13b83cbed6465535_nl-NL.mp3",2,{"id":61,"vocabularyWord":62,"displayOrder":76},"01a0ba4c-4d32-784b-84fd-3c8fd21bdbca",{"id":63,"word":64,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":65,"partsOfSpeech":66,"audio":39,"audioUrl":75},"01a0ba4b-d6cf-707c-9c55-9d6b62e4b93f","of","tts_06162fd32b9eb852_nl-NL.mp3",[67,71],{"id":68,"partOfSpeech":36,"definition":69,"exampleSentences":70,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6de-7677-9471-be6b2e87ecdc","Voegwoord tussen twee of meer mogelijkheden.","Wil je koffie of thee?",{"id":72,"partOfSpeech":36,"definition":73,"exampleSentences":74,"isPrimary":16,"meaningOrder":59},"01a0ba4b-d6de-76bb-9471-be6b2f1e82da","Voegwoord dat een indirecte ja-neevraag inleidt.","Ik weet niet of de winkel open is.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_06162fd32b9eb852_nl-NL.mp3",3,{"id":78,"vocabularyWord":79,"displayOrder":90},"01a0ba4c-4d32-786f-84fd-3c8fd247ad93",{"id":80,"word":81,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":82,"partsOfSpeech":83,"audio":39,"audioUrl":89},"01a0ba4b-d798-7b1e-8eab-abc279d64637","wonen","tts_193f912235d8b307_nl-NL.mp3",[84],{"id":85,"partOfSpeech":86,"definition":87,"exampleSentences":88,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7de-73cc-b35c-f80d62ed7c71","VERB","Een huis of andere plaats als vaste verblijfplaats hebben.","Wij wonen in een appartement boven een winkel.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_193f912235d8b307_nl-NL.mp3",4,{"id":92,"vocabularyWord":93,"displayOrder":18},"01a0ba4c-4d32-788f-84fd-3c8fd2abd957",{"id":94,"word":95,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":96,"partsOfSpeech":97,"audio":39,"audioUrl":106},"01a0ba4b-d752-75e7-baca-96fdd6372e40","werken","tts_9d8727a5051a5a64_nl-NL.mp3",[98,102],{"id":99,"partOfSpeech":86,"definition":100,"exampleSentences":101,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d75a-7885-a2c4-a98ba3dd3d0f","Een beroep of taak uitvoeren en daar vaak geld mee verdienen.","Ik werk drie dagen per week in een winkel.",{"id":103,"partOfSpeech":86,"definition":104,"exampleSentences":105,"isPrimary":16,"meaningOrder":59},"01a0ba4b-d75a-78c9-a2c4-a98ba493b1ae","Doen wat de bedoeling is of goed functioneren.","Mijn telefoon werkt weer.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9d8727a5051a5a64_nl-NL.mp3",{"id":108,"vocabularyWord":109,"displayOrder":124},"01a0ba4c-4d32-78af-84fd-3c8fd311f5b9",{"id":110,"word":111,"frequency":112,"level":10,"language":9,"audioFilePath":113,"partsOfSpeech":114,"audio":39,"audioUrl":123},"01a0ba4b-d559-7e58-89cd-86b75779fab2","koken",9,"tts_a09f5a7b1d80b283_nl-NL.mp3",[115,119],{"id":116,"partOfSpeech":86,"definition":117,"exampleSentences":118,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d567-7196-aa36-e4be4b081026","Eten met warmte bereiden.","Op zondag kookt mijn vader soep voor de familie.",{"id":120,"partOfSpeech":86,"definition":121,"exampleSentences":122,"isPrimary":16,"meaningOrder":59},"01a0ba4b-d567-71e2-aa36-e4be4b7785bd","Zo heet zijn dat een vloeistof borrelt en in damp verandert.","Het water kookt al in de pan.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a09f5a7b1d80b283_nl-NL.mp3",6,{"id":126,"vocabularyWord":127,"displayOrder":142},"01a0ba4c-4d32-78cb-84fd-3c8fd394667f",{"id":128,"word":129,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":130,"partsOfSpeech":131,"audio":39,"audioUrl":141},"01a0ba4b-d536-741a-9b5b-10271c0cd8b0","gaan","tts_5073aaa2a38c7d28_nl-NL.mp3",[132,137],{"id":133,"partOfSpeech":134,"definition":135,"exampleSentences":136,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d563-7a53-b413-dd0b7488d449","AUXILIARY_VERB","Samen met een infinitief uitdrukken dat iets binnenkort of volgens een plan gebeurt.","Ik ga vanavond koken.",{"id":138,"partOfSpeech":86,"definition":139,"exampleSentences":140,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d563-7a9b-b413-dd0b74ef239d","Van de ene plaats naar een andere plaats bewegen of vertrekken.","We gaan met de fiets naar school.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_5073aaa2a38c7d28_nl-NL.mp3",7,{"id":144,"vocabularyWord":145,"displayOrder":155},"01a0ba4c-4d32-78eb-84fd-3c8fd4770b1d",{"id":146,"word":147,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":148,"partsOfSpeech":149,"audio":39,"audioUrl":154},"01a0ba4b-d74a-7251-ac25-0b6f83d17f24","wachten","tts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",[150],{"id":151,"partOfSpeech":86,"definition":152,"exampleSentences":153,"isPrimary":39,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d759-7a18-afe6-cd9a853efd6f","Op dezelfde plaats of in dezelfde toestand blijven tot iemand komt of iets gebeurt.","We wachten bij de ingang op onze vrienden.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",8,[],[158,168,174,181,188],{"@id":159,"@type":160,"id":161,"grammarPage":162,"title":163,"instructions":164,"displayOrder":17,"type":165,"questionCount":166,"blankCount":166,"isCompleted":16,"ogImageUrl":167},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a983-7c06-964d-c833efdc24a1","GrammarExercise","01a0ba4b-a983-7c06-964d-c833efdc24a1","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8a8d-79ca-af90-3ef40cd6857a","Kies het voegwoord","Kies de woorden die de verbonden zin goed afmaken.","word_select",15,"\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_2e1b5471-b5b1-40d5-bb9e-d6f296c2208b_hero.webp?v=1789831915",{"@id":169,"@type":160,"id":170,"grammarPage":162,"title":171,"instructions":172,"displayOrder":40,"type":165,"questionCount":166,"blankCount":166,"isCompleted":16,"ogImageUrl":173},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a99e-73c8-9821-a5fd89648441","01a0ba4b-a99e-73c8-9821-a5fd89648441","Kies de juiste verbinding","Kies de natuurlijke verbinding. Let op het onderwerp, de gewone woordvolgorde en de plaats van een komma.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_7c3ec435-493a-4758-939d-e0beacb8ff5c_hero.webp?v=1789831915",{"@id":175,"@type":160,"id":176,"grammarPage":162,"title":177,"instructions":178,"displayOrder":59,"type":179,"questionCount":31,"blankCount":31,"isCompleted":16,"ogImageUrl":180},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a9b9-7149-90a2-46b8e7166225","01a0ba4b-a9b9-7149-90a2-46b8e7166225","Bouw verbonden hoofdzinnen","Tik de woorden in de juiste volgorde en laat woorden die niet in de verbonden zin horen weg.","sentence_builder","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_c9f95cdc-212f-415f-80e7-70c64d0ea82f_hero.webp?v=1789831915",{"@id":182,"@type":160,"id":183,"grammarPage":162,"title":184,"instructions":185,"displayOrder":76,"type":186,"questionCount":31,"blankCount":17,"isCompleted":16,"ogImageUrl":187},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a9ca-79f5-9007-e9f7560c7e0a","01a0ba4b-a9ca-79f5-9007-e9f7560c7e0a","Vind en verbeter verbonden hoofdzinnen","In elke verbonden zin is één woord fout. Tik erop en kies de juiste vervanging.","find_and_fix","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_3507d84f-9596-477f-b12e-22279edeb3c4_hero.webp?v=1789831915",{"@id":189,"@type":160,"id":190,"grammarPage":162,"title":191,"instructions":192,"displayOrder":90,"type":193,"questionCount":90,"blankCount":17,"isCompleted":16,"ogImageUrl":194},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-a9d2-7270-ba64-4a6ebf6ff664","01a0ba4b-a9d2-7270-ba64-4a6ebf6ff664","Hoofdzinnen verbinden met en, maar en of - Woorden sorteren","Tik op een kaart en daarna op de juiste kolom. Plaats alle kaarten om het bord af te ronden.","word_sort","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_133f2594-3949-471d-b676-aa85dc6e9191_hero.webp?v=1789831915",null]