[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-ja-neevragen-met-inversie":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8acd-7570-ba56-88ce04558280":236,"exercise-list-path-nl-none":267},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":233,"readyImages":235},"01a0ba4b-8acd-7570-ba56-88ce04558280","Ja-neevragen met inversie","ja-neevragen-met-inversie","Leer Nederlandse ja-neevragen met inversie maken, zet de persoonsvorm voor het onderwerp en geef korte of volledige antwoorden met ja of nee.","Met een ja-neevraag controleer je informatie. Het antwoord begint meestal met **ja** of **nee**. In de vraag staat de persoonsvorm vóór het onderwerp.\n\nNa deze les kun je:\n\n- een mededeling in een ja-neevraag veranderen;\n- de persoonsvorm op de eerste plaats zetten;\n- **jij** en **je** met de juiste werkwoordsvorm gebruiken;\n- kort of met een volledige zin antwoorden.\n\n## 1. Persoonsvorm + onderwerp\n\nEen mededeling begint vaak met het onderwerp. Voor een ja-neevraag wissel je de persoonsvorm en het onderwerp om. Dat is inversie.\n\n| Mededeling | Ja-neevraag |\n| --- | --- |\n| Je woont in Utrecht. | **Woon je** in Utrecht? |\n| De winkel is open. | **Is de winkel** open? |\n| Hij leest het boek. | **Leest hij** het boek? |\n| Jullie komen morgen. | **Komen jullie** morgen? |\n\n:::example\n**Noor werkt vandaag in het café.**\n\nPersoonsvorm: **werkt**.\n\nVraag: **Werkt Noor vandaag in het café?**\n:::\n\n## 2. Zo maak je de vraag\n\n1. Zoek de persoonsvorm in de mededeling.\n2. Zet de persoonsvorm vooraan.\n3. Zet het onderwerp direct erna.\n4. Laat de andere woorden op hun plaats staan.\n5. Zet een vraagteken aan het einde.\n\n:::tip\nKun je de vraag logisch met ja of nee beantwoorden? Dan heb je waarschijnlijk een ja-neevraag gemaakt.\n:::\n\n## 3. Jij en je na de persoonsvorm\n\nBij **jij** of **je** direct na de persoonsvorm vervalt de uitgang -t. Een t in de stam blijft staan.\n\n| Mededeling | Vraag |\n| --- | --- |\n| Jij **werkt** hier. | **Werk jij** hier? |\n| Je **maakt** de soep. | **Maak je** de soep? |\n| Jij **wacht** op de bus. | **Wacht jij** op de bus? |\n\nBij u, hij en zij blijft de gewone vorm staan: **Werkt u hier?**, **Werkt hij hier?**, **Werkt zij hier?**\n\n## 4. Vragen met twee werkwoorden\n\nHeeft de zin twee werkwoorden? Zet alleen de persoonsvorm vooraan. Het andere werkwoord blijft aan het einde.\n\n| Mededeling | Vraag |\n| --- | --- |\n| Jij kunt de fiets repareren. | **Kun jij de fiets repareren?** |\n| Wij moeten het formulier invullen. | **Moeten wij het formulier invullen?** |\n| De kinderen willen buiten spelen. | **Willen de kinderen buiten spelen?** |\n\n:::warning\nNiet: *Repareren jij kunt de fiets?* De persoonsvorm **kunt** gaat naar voren en wordt bij jij **kun**: **Kun jij de fiets repareren?**\n:::\n\n## 5. Antwoorden met ja of nee\n\nEen kort antwoord is mogelijk, maar een volledige zin geeft meer informatie.\n\n| Vraag | Kort antwoord | Volledig antwoord |\n| --- | --- | --- |\n| Woon je in Utrecht? | **Ja.** | **Ja, ik woon in Utrecht.** |\n| Werkt Sara vandaag? | **Nee.** | **Nee, ze werkt morgen.** |\n| Is het museum open? | **Nee.** | **Nee, het museum is niet open.** |\n\nBij een ontkennend antwoord staat **niet** vaak bij de informatie die niet klopt: *Nee, ik woon niet in Utrecht.*\n\n## 6. Vraagcheck\n\n- Staat de persoonsvorm vooraan?\n- Staat het onderwerp direct na de persoonsvorm?\n- Blijft een tweede werkwoord achteraan?\n- Klopt de vorm bij jij of je?\n- Staat er een vraagteken?\n\nHet basisschema is: **persoonsvorm + onderwerp + rest + ?**","nl","A1",35,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87a8-7b95-b5b4-7561da38c6de","Vragen stellen en instructies geven",false,0,11,"2026-09-19T15:31:48+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":50},"01a0ba4c-4de8-742d-9e8d-1a36d4edfa75","Werkwoorden voor ja-neevragen",[26,52,69,82,95,112,129,146,159,177,189,201,210,219],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":39},"01a0ba4c-4de8-74b1-9e8d-1a36d5b03ab1",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":32,"partsOfSpeech":33,"audio":50,"audioUrl":51},"01a0ba4b-d79d-7992-a05f-482e3a79eb3b","zijn",10,"tts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",[34,40,45],{"id":35,"partOfSpeech":36,"definition":37,"exampleSentences":38,"isPrimary":16,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d7df-76f3-a2d4-348800f43663","AUXILIARY_VERB","Een hulpwerkwoord waarmee je bij bepaalde werkwoorden de voltooide tijd maakt.","We zijn gisteren vroeg vertrokken.",1,{"id":41,"partOfSpeech":42,"definition":43,"exampleSentences":44,"isPrimary":16,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d7df-778f-a2d4-34880166a8ed","PRONOUN","Een bezittelijk woord dat aangeeft dat iets bij een mannelijke persoon of een het-woord hoort.","Joris zoekt zijn jas.",{"id":46,"partOfSpeech":47,"definition":48,"exampleSentences":49,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d7df-7827-a2d4-348801a7c8f6","VERB","Een identiteit, eigenschap, toestand of plaats uitdrukken.","De ramen zijn open.",true,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",{"id":53,"vocabularyWord":54,"displayOrder":68},"01a0ba4c-4de8-74ed-9e8d-1a36d5c3fc84",{"id":55,"word":56,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":57,"partsOfSpeech":58,"audio":50,"audioUrl":67},"01a0ba4b-d53f-7c67-85eb-3b9922c23a39","hebben","tts_3fae4853c243bafc_nl-NL.mp3",[59,63],{"id":60,"partOfSpeech":47,"definition":61,"exampleSentences":62,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d564-783b-97f9-ade231f4c857","Iets bezitten, bij je dragen of kunnen gebruiken.","Wij hebben twee fietsen.",{"id":64,"partOfSpeech":36,"definition":65,"exampleSentences":66,"isPrimary":16,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d564-77f7-97f9-ade231e70113","Een hulpwerkwoord waarmee je bij veel werkwoorden de voltooide tijd maakt.","Ze hebben de deur gesloten.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3fae4853c243bafc_nl-NL.mp3",2,{"id":70,"vocabularyWord":71,"displayOrder":81},"01a0ba4c-4de8-7529-9e8d-1a36d605599c",{"id":72,"word":73,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":74,"partsOfSpeech":75,"audio":50,"audioUrl":80},"01a0ba4b-d798-7b1e-8eab-abc279d64637","wonen","tts_193f912235d8b307_nl-NL.mp3",[76],{"id":77,"partOfSpeech":47,"definition":78,"exampleSentences":79,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d7de-73cc-b35c-f80d62ed7c71","Een huis of andere plaats als vaste verblijfplaats hebben.","Wij wonen in een appartement boven een winkel.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_193f912235d8b307_nl-NL.mp3",3,{"id":83,"vocabularyWord":84,"displayOrder":94},"01a0ba4c-4de8-7549-9e8d-1a36d6ae9b59",{"id":85,"word":86,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":87,"partsOfSpeech":88,"audio":50,"audioUrl":93},"01a0ba4b-d5b0-7c2f-9bc3-4d7f09fec702","lezen","tts_667b397c5acdaa18_nl-NL.mp3",[89],{"id":90,"partOfSpeech":47,"definition":91,"exampleSentences":92,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d5fb-7b64-8a3e-e1b2ce8cf632","Geschreven tekens en woorden bekijken en begrijpen.","Mijn dochter leest graag verhalen over dieren.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_667b397c5acdaa18_nl-NL.mp3",4,{"id":96,"vocabularyWord":97,"displayOrder":111},"01a0ba4c-4de8-756d-9e8d-1a36d79a3ba9",{"id":98,"word":99,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":100,"partsOfSpeech":101,"audio":50,"audioUrl":110},"01a0ba4b-d55a-78c9-bc98-5b30975f6440","komen","tts_0416817c7aa1466e_nl-NL.mp3",[102,106],{"id":103,"partOfSpeech":47,"definition":104,"exampleSentences":105,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d567-72f6-aa36-e4be4babed76","Zich naar een plaats of persoon toe bewegen en daar aankomen.","De bus komt om acht uur.",{"id":107,"partOfSpeech":47,"definition":108,"exampleSentences":109,"isPrimary":16,"meaningOrder":68},"01a0ba4b-d567-733a-aa36-e4be4c4cf665","Een bepaalde plaats als land, stad of huis als oorsprong hebben.","Mila komt uit België.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_0416817c7aa1466e_nl-NL.mp3",5,{"id":113,"vocabularyWord":114,"displayOrder":128},"01a0ba4c-4de8-7589-9e8d-1a36d7bd5dde",{"id":115,"word":116,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":117,"partsOfSpeech":118,"audio":50,"audioUrl":127},"01a0ba4b-d752-75e7-baca-96fdd6372e40","werken","tts_9d8727a5051a5a64_nl-NL.mp3",[119,123],{"id":120,"partOfSpeech":47,"definition":121,"exampleSentences":122,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d75a-7885-a2c4-a98ba3dd3d0f","Een beroep of taak uitvoeren en daar vaak geld mee verdienen.","Ik werk drie dagen per week in een winkel.",{"id":124,"partOfSpeech":47,"definition":125,"exampleSentences":126,"isPrimary":16,"meaningOrder":68},"01a0ba4b-d75a-78c9-a2c4-a98ba493b1ae","Doen wat de bedoeling is of goed functioneren.","Mijn telefoon werkt weer.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9d8727a5051a5a64_nl-NL.mp3",6,{"id":130,"vocabularyWord":131,"displayOrder":145},"01a0ba4c-4de8-75a5-9e8d-1a36d84cc54c",{"id":132,"word":133,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":134,"partsOfSpeech":135,"audio":50,"audioUrl":144},"01a0ba4b-d5b6-73b8-807d-73d19cff0b77","maken","tts_14f005572ef70fff_nl-NL.mp3",[136,140],{"id":137,"partOfSpeech":47,"definition":138,"exampleSentences":139,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d5fc-755a-9f37-be9122e0db42","Iets creëren, bouwen, bereiden of tot stand brengen.","Mijn zus maakt een taart.",{"id":141,"partOfSpeech":47,"definition":142,"exampleSentences":143,"isPrimary":16,"meaningOrder":68},"01a0ba4b-d5fc-75a2-9f37-be91234b4a4f","Ervoor zorgen dat iemand of iets in een bepaalde toestand komt.","Dat nieuws maakt mij blij.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_14f005572ef70fff_nl-NL.mp3",7,{"id":147,"vocabularyWord":148,"displayOrder":158},"01a0ba4c-4de8-75c5-9e8d-1a36d8ce5719",{"id":149,"word":150,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":151,"partsOfSpeech":152,"audio":50,"audioUrl":157},"01a0ba4b-d74a-7251-ac25-0b6f83d17f24","wachten","tts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",[153],{"id":154,"partOfSpeech":47,"definition":155,"exampleSentences":156,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d759-7a18-afe6-cd9a853efd6f","Op dezelfde plaats of in dezelfde toestand blijven tot iemand komt of iets gebeurt.","We wachten bij de ingang op onze vrienden.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",8,{"id":160,"vocabularyWord":161,"displayOrder":176},"01a0ba4c-4de8-75e1-9e8d-1a36d94eaff0",{"id":162,"word":163,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":164,"partsOfSpeech":165,"audio":50,"audioUrl":175},"01a0ba4b-d55c-77ea-8840-e267b6601348","kunnen","tts_b7151ade890e819b_nl-NL.mp3",[166,171],{"id":167,"partOfSpeech":168,"definition":169,"exampleSentences":170,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d567-7686-aa36-e4be4e561e16","MODAL_VERB","De vaardigheid of mogelijkheid hebben om iets te doen.","Mijn zus kan heel goed zwemmen.",{"id":172,"partOfSpeech":168,"definition":173,"exampleSentences":174,"isPrimary":16,"meaningOrder":68},"01a0ba4b-d567-76ca-aa36-e4be4ecc1f05","Aangeven dat iets mogelijk is.","Het kan morgen gaan regenen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b7151ade890e819b_nl-NL.mp3",9,{"id":178,"vocabularyWord":179,"displayOrder":31},"01a0ba4c-4de8-75fd-9e8d-1a36d9d9f1c8",{"id":180,"word":181,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":182,"partsOfSpeech":183,"audio":50,"audioUrl":188},"01a0ba4b-d6c4-777d-967b-f5b8ec7cb5ea","moeten","tts_8c23aedee6bd6abe_nl-NL.mp3",[184],{"id":185,"partOfSpeech":168,"definition":186,"exampleSentences":187,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d6dd-7231-8390-ca488f9638c2","Uitdrukken dat iets noodzakelijk, verplicht of niet te vermijden is.","We moeten nu vertrekken om de trein te halen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8c23aedee6bd6abe_nl-NL.mp3",{"id":190,"vocabularyWord":191,"displayOrder":18},"01a0ba4c-4de8-7619-9e8d-1a36da63ccbc",{"id":192,"word":193,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":194,"partsOfSpeech":195,"audio":50,"audioUrl":200},"01a0ba4b-d797-7405-86c9-a5706678897e","willen","tts_7b0212d8b2717164_nl-NL.mp3",[196],{"id":197,"partOfSpeech":168,"definition":198,"exampleSentences":199,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d7dd-7ec5-99f2-101f3aff8efe","Een wens, voorkeur of plan uitdrukken.","Wij willen volgend jaar naar Spanje reizen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7b0212d8b2717164_nl-NL.mp3",{"id":202,"vocabularyWord":203,"displayOrder":209},"01a0ba4c-4de8-7635-9e8d-1a36da6452a2",{"id":204,"word":205,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":206,"partsOfSpeech":207,"audio":50,"audioUrl":208},"01a0ba4b-d5e8-7338-b572-cca1e6580fba","ja","tts_74b16c03a6d6eed5_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_74b16c03a6d6eed5_nl-NL.mp3",12,{"id":211,"vocabularyWord":212,"displayOrder":218},"01a0ba4c-4de8-7651-9e8d-1a36da9f7ae1",{"id":213,"word":214,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":215,"partsOfSpeech":216,"audio":50,"audioUrl":217},"01a0ba4b-d5d4-70fe-a245-692881ec6f8b","nee","tts_541b5df61d7a8e26_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_541b5df61d7a8e26_nl-NL.mp3",13,{"id":220,"vocabularyWord":221,"displayOrder":232},"01a0ba4c-4de8-766d-9e8d-1a36db90bf22",{"id":222,"word":223,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":224,"partsOfSpeech":225,"audio":50,"audioUrl":231},"01a0ba4b-d6cb-7b66-942b-9ee783ea236d","niet","tts_6762a047a3dee002_nl-NL.mp3",[226],{"id":227,"partOfSpeech":228,"definition":229,"exampleSentences":230,"isPrimary":50,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d6de-7027-9471-be6b2be18a92","PARTICLE","Ontkenningswoord bij een werkwoord, eigenschap, plaats of bepaald zinsdeel.","Ik werk vandaag niet.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6762a047a3dee002_nl-NL.mp3",14,{"name":15,"slug":234,"language":9},"vragen-stellen-en-instructies-geven-a1",[],[237,247,253,260],{"@id":238,"@type":239,"id":240,"grammarPage":241,"title":242,"instructions":243,"displayOrder":17,"type":244,"questionCount":245,"blankCount":245,"isCompleted":16,"ogImageUrl":246},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-acbc-7bd3-a4f5-712a6e69836b","GrammarExercise","01a0ba4b-acbc-7bd3-a4f5-712a6e69836b","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8acd-7570-ba56-88ce04558280","Maak de ja-neevraag","Kies de ja-neevraag die bij de mededeling past. Let op de persoonsvorm, het onderwerp en het vraagteken.","word_select",15,"\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_707b287c-0a73-4d29-bcf1-bf8d9a11f38b_hero.webp?v=1789831916",{"@id":248,"@type":239,"id":249,"grammarPage":241,"title":250,"instructions":251,"displayOrder":39,"type":244,"questionCount":245,"blankCount":245,"isCompleted":16,"ogImageUrl":252},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-acd3-7d35-b97b-98d79be4b277","01a0ba4b-acd3-7d35-b97b-98d79be4b277","Vragen en antwoorden","Kies de vraag of het antwoord dat logisch bij de beschreven situatie past.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_7eb321ec-59bb-48eb-b6c1-89f8116b352a_hero.webp?v=1789831916",{"@id":254,"@type":239,"id":255,"grammarPage":241,"title":256,"instructions":257,"displayOrder":68,"type":258,"questionCount":31,"blankCount":31,"isCompleted":16,"ogImageUrl":259},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-acf1-728d-8909-db7e2bef6234","01a0ba4b-acf1-728d-8909-db7e2bef6234","Bouw ja-neevragen en antwoorden","Tik de woorden in de juiste volgorde en laat woorden die niet in de vraag of het antwoord horen weg.","sentence_builder","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_1cfcdf57-f544-4a2d-9983-d0484855cdf5_hero.webp?v=1789831916",{"@id":261,"@type":239,"id":262,"grammarPage":241,"title":263,"instructions":264,"displayOrder":81,"type":265,"questionCount":31,"blankCount":17,"isCompleted":16,"ogImageUrl":266},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-ad06-7397-ab16-be5b9ecb946b","01a0ba4b-ad06-7397-ab16-be5b9ecb946b","Vind en verbeter ja-neevragen","In elke vraag of elk antwoord is één woord fout. Tik erop en kies de juiste verbetering.","find_and_fix","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_b4a7951e-6491-4fef-8d4f-47bc6b6670f9_hero.webp?v=1789831916",null]