[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-linksplaatsing-en-hervatting-met-een-voornaamwoord":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8b0d-7305-9280-ef11268ee643":262,"exercise-list-path-nl-none":278},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":259,"readyImages":261},"01a0ba4b-8b0d-7305-9280-ef11268ee643","Linksplaatsing en hervatting met een voornaamwoord","linksplaatsing-en-hervatting-met-een-voornaamwoord","Leer linksplaatsing met een hervattend voornaamwoord gebruiken en onderscheid dit spreektaalpatroon van neutrale vooropplaatsing in het Nederlands.","## Een gespreksonderwerp als aanloop\n\nMet **linksplaatsing** zet je een persoon, zaak of situatie vóór de eigenlijke hoofdzin. Een voornaamwoord in die hoofdzin verwijst naar deze aangekondigde referent terug. Zo kondigt de spreker eerst aan waarover de zin gaat.\n\n:::example\n**Die nieuwe leverancier**, **die** heb ik gisteren eindelijk gesproken.\n\nDe naamwoordgroep **die nieuwe leverancier** vormt de aanloop. In de hoofdzin vervangt **die** het lijdend voorwerp: *die heb ik gisteren gesproken*.\n:::\n\nDe aanloop wordt ook *linksdislocatie* genoemd. Hij staat losser van de hoofdzin dan een gewoon vooropgeplaatst zinsdeel. In gesproken taal hoor je daarom vaak een pauze tussen de aanloop en de rest.\n\n## Gewone vooropplaatsing of linksplaatsing\n\nBij gewone vooropplaatsing neemt het zinsdeel zelf de eerste plaats van de hoofdzin in. Bij linksplaatsing staat de aanloop vóór de hoofdzin en neemt een hervattend element zijn functie binnen die hoofdzin over.\n\n| Constructie | Opbouw | Voorbeeld |\n|---|---|---|\n| neutrale basisvolgorde | onderwerp + persoonsvorm + voorwerp | De commissie bespreekt **dat voorstel** morgen. |\n| gewone vooropplaatsing | voorwerp + persoonsvorm + onderwerp | **Dat voorstel** bespreekt de commissie morgen. |\n| linksplaatsing | aanloop, hervatting + persoonsvorm + onderwerp | **Dat voorstel**, **dat** bespreekt de commissie morgen. |\n\nIn het laatste voorbeeld staat **dat** op de eerste zinsplaats van de hoofdzin. Daarom volgt de persoonsvorm **bespreekt** direct daarna en komt het onderwerp **de commissie** achter de persoonsvorm.\n\n:::tip\nHaal de aanloop tijdelijk weg. Als er een complete hoofdzin overblijft met een voornaamwoord dat dezelfde functie heeft, heb je waarschijnlijk met linksplaatsing te maken.\n:::\n\n## Hervatten met die, dat of een persoonlijk voornaamwoord\n\nDe vorm van de hervatting hangt af van het woord en van de functie in de hoofdzin.\n\n| Aanloop | Hervatting | Voorbeeld |\n|---|---|---|\n| enkelvoudig de-woord | **die** | **De nieuwe planning**, **die** bespreken we vrijdag. |\n| enkelvoudig het-woord | **dat** | **Het definitieve rapport**, **dat** ontvang je morgen. |\n| meervoud | **die** | **Die oude gebouwen**, **die** worden volgend jaar gesloopt. |\n| persoon als onderwerp | **die**; **hij** of **zij** met nadruk | **Mijn nieuwe collega**, **die** begint volgende week. |\n| persoon als voorwerp | **die**; **hem**, **haar** of **hen** met nadruk | **Onze buren**, **die** nodigen we ook uit. |\n\nBij **die** en **dat** zie je hetzelfde onderscheid als bij aanwijzende voornaamwoorden: **die** hoort bij de-woorden en meervoud, **dat** bij enkelvoudige het-woorden. **Die** is ook bij personen de neutrale hervatting in dit patroon. **Hij**, **zij**, **hem**, **haar** of **hen** geven meestal nadruk of contrast: *Mijn nieuwe collega, **zíj** begint volgende week; de anderen later.* Een persoonlijk voornaamwoord moet bij persoon, getal en zinsfunctie passen.\n\n:::warning\nLaat de hervatting niet toevallig van getal veranderen.\n\n✓ *Die twee aanvragen, die behandelen we vandaag.*\n\nNiet passend: *Die twee aanvragen, dat behandelen we vandaag.*\n:::\n\n## Voorzetsels hervatten\n\nStaat de bedoelde zaak in een voorzetselgroep, dan hervat je haar vaak met een **voornaamwoordelijk bijwoord**: **daar** gecombineerd met het voorzetsel. De twee delen kunnen naast elkaar of gescheiden staan.\n\n- **Dat nieuwe beleid**, **daarover** bestaan veel misverstanden.\n- **Die extra kosten**, **daar** hebben we gisteren al **over** gesproken.\n- **Het voorstel**, **daar** stemt de raad volgende week **over**.\n\nBij personen gebruik je gewoonlijk een voorzetsel met een persoonlijk voornaamwoord:\n\n- **Mijn vroegere docent**, **met hem** heb ik nog regelmatig contact.\n- **De betrokken medewerkers**, **aan hen** hebben we de wijziging uitgelegd.\n\nDe aanloop en de hervatting moeten dezelfde functie hebben. Een zaak hervat je dus niet met een persoonlijk voornaamwoord: niet *Dat nieuwe beleid, met hem ben ik het niet eens*, maar *Dat nieuwe beleid, daar ben ik het niet mee eens.*\n\n:::note\nVormen als *daarover* verwijzen normaal naar zaken of situaties. Voor personen zijn combinaties als **met hem**, **over haar** en **aan hen** de gebruikelijke keuze.\n:::\n\n## Ook zinnen en tijdsaanduidingen kunnen vooropstaan\n\nDe aanloop hoeft geen naamwoordgroep te zijn. Je kunt ook een hele gedachte of een tijdsaanduiding aankondigen en daarna hervatten.\n\n:::example\n- **Dat de vergadering opnieuw is uitgesteld**, **dat** verbaast niemand meer.\n- **Wat er tijdens het overleg is gebeurd**, **daar** wil zij voorlopig niet over praten.\n- **Volgend jaar**, **dan** wil ik minder vaak voor mijn werk reizen.\n:::\n\nDe hervatting maakt de relatie expliciet. Zonder hervatting kan soms ook een correcte zin ontstaan, maar dan is de structuur anders: het lange zinsdeel staat zelf op de eerste plaats van de hoofdzin.\n\n- Met linksplaatsing: *Dat hij niet reageert, **dat** vind ik vreemd.*\n- Met gewone vooropplaatsing: *Dat hij niet reageert, vind ik vreemd.*\n\n## Informatiestructuur en intonatie\n\nLinksplaatsing verdeelt de boodschap in twee stappen: eerst het **gespreksonderwerp**, daarna wat je daarover wilt zeggen. Daardoor kan de constructie drie effecten hebben:\n\n- een nieuw gespreksonderwerp aankondigen;\n- een bekend onderwerp opnieuw activeren;\n- een sterk contrast leggen met een ander onderwerp.\n\nVergelijk *De eerste optie vind ik te duur* met *De eerste optie, die vind ik te duur*. De tweede zin legt meer nadruk op **de eerste optie** en klinkt alsof er ook andere opties ter vergelijking zijn.\n\nIn geschreven dialogen en informele teksten geeft een komma de hoorbare pauze weer. Bij gewone vooropplaatsing schrijf je **géén** komma tussen het vooropgeplaatste zinsdeel en de persoonsvorm, ook niet als dat zinsdeel lang is.\n\n## Het spiegelbeeld: uitloop\n\nBij **uitloop** of rechtsdislocatie komt de kernzin eerst en volgt het gespreksonderwerp daarna. Ook daar maakt de herhaling één intonatie-eenheid zichtbaar: *Die vind ik te duur, die eerste optie.* Linksplaatsing zet het onderwerp vóór de hoofdzin; uitloop zet het erna.\n\n## Register: gemarkeerd, niet verkeerd\n\nLinksplaatsing is productief in gesprekken. Sprekers kunnen er informatie mee ordenen terwijl zij hun formulering opbouwen. Ook in interviews, toespraken en verhalende teksten kan het patroon bewust levendig of nadrukkelijk klinken.\n\nIn neutrale formele teksten is gewone vooropplaatsing of basisvolgorde vaak compacter:\n\n| Gesproken of nadrukkelijk | Neutraler geschreven |\n|---|---|\n| Die vertraging, daar hebben meerdere reizigers over geklaagd. | Meerdere reizigers hebben over die vertraging geklaagd. |\n| Het tweede voorstel, dat steunt onze fractie wel. | Onze fractie steunt het tweede voorstel wel. |\n| De nieuwe procedure, die begrijp ik nog niet helemaal. | Ik begrijp de nieuwe procedure nog niet helemaal. |\n\nDe constructies met linksplaatsing zijn daarmee niet fout. De keuze hangt af van het gewenste accent, het genre en de relatie met de lezer of luisteraar.\n\n## Een praktische controle\n\nGebruik deze stappen wanneer je linksplaatsing wilt herkennen of zelf toepassen:\n\n1. Bepaal welk gespreksonderwerp je als aanloop wilt aankondigen.\n2. Geef dat onderwerp een eigen intonatie-eenheid of, in geschreven dialoog, een passende komma.\n3. Kies in de hoofdzin een hervatting met de juiste vorm en functie.\n4. Controleer de woordvolgorde van de hoofdzin vanaf die hervatting.\n5. Kijk of de extra nadruk past bij het register.\n6. Kies in formele tekst een compactere formulering als de aanloop geen duidelijke functie heeft.","nl","B2",173,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87d9-75ce-a8f6-64c4a81495bf","Vooropplaatsing, hervatting en terzijde",false,0,8,"2026-09-19T15:31:48+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":34},"01a0ba4c-4e9a-7540-a8e5-422c6d8628d8","Kernwoorden bij Linksplaatsing en hervatting met een voornaamwoord",[26,36,50,69,78,93,117,142,154,170,181,198,210,222,233,250],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":31},"01a0ba4c-4e9a-75d8-a8e5-422c6db9696d",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":32,"partsOfSpeech":33,"audio":34,"audioUrl":35},"01a0ba4b-dde3-79ca-a643-a5d012f93dcb","aanloop",2,"tts_543edfdb12dbdf51_nl-NL.mp3",[],true,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_543edfdb12dbdf51_nl-NL.mp3",{"id":37,"vocabularyWord":38,"displayOrder":49},"01a0ba4c-4e9a-75fc-a8e5-422c6e1d4902",{"id":39,"word":40,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":41,"partsOfSpeech":42,"audio":34,"audioUrl":48},"01a0ba4b-e501-7d08-8ffc-72651eee06e9","hervatting","tts_6b82d75292be0487_nl-NL.mp3",[43],{"id":44,"partOfSpeech":45,"definition":46,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-e52c-765d-ae79-566f62c72af9","NOUN","",1,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6b82d75292be0487_nl-NL.mp3",3,{"id":51,"vocabularyWord":52,"displayOrder":68},"01a0ba4c-4e9a-761c-a8e5-422c6e254ad4",{"id":53,"word":54,"frequency":55,"level":56,"language":9,"audioFilePath":57,"partsOfSpeech":58,"audio":34,"audioUrl":67},"01a0ba4b-dc12-70db-928d-ae0637966e26","onderwerp",9,"B1","tts_a755c216fa48bb02_nl-NL.mp3",[59,63],{"id":60,"partOfSpeech":45,"definition":61,"exampleSentences":62,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-dc39-74ca-b770-f5ab922cec78","(het; onderwerpen) zaak of thema waarover iemand spreekt, schrijft, denkt of leert.","Tijdens de vergadering kwam veiligheid als eerste onderwerp aan bod.",{"id":64,"partOfSpeech":45,"definition":65,"exampleSentences":66,"isPrimary":16,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-dc39-7512-b770-f5ab930b7f28","(het; onderwerpen) zinsdeel dat aangeeft wie of wat de handeling uitvoert of in een bepaalde toestand is.","In de zin 'De kinderen spelen' is 'de kinderen' het onderwerp.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a755c216fa48bb02_nl-NL.mp3",4,{"id":70,"vocabularyWord":71,"displayOrder":74},"01a0ba4c-4e9a-7638-a8e5-422c6ed16307",{"id":72,"word":73,"frequency":74,"level":56,"language":9,"audioFilePath":75,"partsOfSpeech":76,"audio":34,"audioUrl":77},"01a0ba4b-de34-7756-939a-7151d5b2262f","gespreksonderwerp",5,"tts_0aa33745dc15d88d_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_0aa33745dc15d88d_nl-NL.mp3",{"id":79,"vocabularyWord":80,"displayOrder":92},"01a0ba4c-4e9a-7658-a8e5-422c6f4dcbc8",{"id":81,"word":82,"frequency":83,"level":56,"language":9,"audioFilePath":84,"partsOfSpeech":85,"audio":34,"audioUrl":91},"01a0ba4b-da5e-7cd0-bb2f-701a845d4c91","aankondigen",7,"tts_6d884a35be02d3ff_nl-NL.mp3",[86],{"id":87,"partOfSpeech":88,"definition":89,"exampleSentences":90,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-daa6-7580-bb1e-5b1790f5257e","VERB","Van tevoren officieel of duidelijk bekendmaken dat iets gaat gebeuren.","De gemeente kondigt volgende maand nieuwe verkeersregels aan.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6d884a35be02d3ff_nl-NL.mp3",6,{"id":94,"vocabularyWord":95,"displayOrder":83},"01a0ba4c-4e9a-7684-a8e5-422c703199c2",{"id":96,"word":97,"frequency":98,"level":99,"language":9,"audioFilePath":100,"partsOfSpeech":101,"audio":34,"audioUrl":116},"01a0ba4b-d528-730b-8a89-68ee898c3695","die",10,"A1","tts_64c4a9c5d449be15_nl-NL.mp3",[102,107,111],{"id":103,"partOfSpeech":104,"definition":105,"exampleSentences":106,"isPrimary":16,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d562-7268-9b4b-5e879da0f218","PRONOUN","Aanwijzend voornaamwoord dat zelfstandig naar een verder weg gelegen de-woord of meervoud verwijst.","Ik wil niet deze appels, maar die.",{"id":108,"partOfSpeech":104,"definition":109,"exampleSentences":110,"isPrimary":16,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-d562-72a8-9b4b-5e879dfeefdc","Betrekkelijk voornaamwoord dat terugwijst naar een de-woord of meervoud.","De vrouw die naast ons woont, werkt in het ziekenhuis.",{"id":112,"partOfSpeech":113,"definition":114,"exampleSentences":115,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d562-7224-9b4b-5e879cedc960","DETERMINER","Aanwijzend woord voor een de-woord verder van de spreker.","Die vrouw aan de overkant is mijn moeder.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_64c4a9c5d449be15_nl-NL.mp3",{"id":118,"vocabularyWord":119,"displayOrder":18},"01a0ba4c-4e9a-76a4-a8e5-422c7088c012",{"id":120,"word":121,"frequency":98,"level":99,"language":9,"audioFilePath":122,"partsOfSpeech":123,"audio":34,"audioUrl":141},"01a0ba4b-d525-736a-b5ba-b2891c447de2","dat","tts_cb8aa98748ccfdaa_nl-NL.mp3",[124,129,133,137],{"id":125,"partOfSpeech":126,"definition":127,"exampleSentences":128,"isPrimary":16,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d561-7c53-8c67-8f0dca208b6c","CONJUNCTION","Voegwoord dat een bijzin met een mededeling of gedachte inleidt.","Ik weet dat de winkel vandaag open is.",{"id":130,"partOfSpeech":113,"definition":131,"exampleSentences":132,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d561-7c97-8c67-8f0dcab6a76a","Aanwijzend woord voor een enkelvoudig het-woord verder van de spreker.","Dat huis aan het einde van de straat is nieuw.",{"id":134,"partOfSpeech":104,"definition":135,"exampleSentences":136,"isPrimary":16,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d561-7cd7-8c67-8f0dcb336235","Aanwijzend voornaamwoord dat zelfstandig naar iets verder weg verwijst.","Wat staat daar? Dat is een ziekenhuis.",{"id":138,"partOfSpeech":104,"definition":139,"exampleSentences":140,"isPrimary":16,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-d561-7d17-8c67-8f0dcbf8d715","Betrekkelijk voornaamwoord dat terugwijst naar een enkelvoudig het-woord.","Het boek dat op tafel ligt, is van mijn zus.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_cb8aa98748ccfdaa_nl-NL.mp3",{"id":143,"vocabularyWord":144,"displayOrder":55},"01a0ba4c-4e9a-76c0-a8e5-422c71560b19",{"id":145,"word":146,"frequency":98,"level":99,"language":9,"audioFilePath":147,"partsOfSpeech":148,"audio":34,"audioUrl":153},"01a0ba4b-d544-7ec3-a3c9-09e7287b5df9","hij","tts_a54c9fcbd1b7ff9e_nl-NL.mp3",[149],{"id":150,"partOfSpeech":104,"definition":151,"exampleSentences":152,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d564-7f13-97f9-ade23479d0a2","Persoonlijk voornaamwoord voor een man of jongen over wie wordt gesproken.","Mijn vader kookt vaak en hij maakt lekkere soep.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a54c9fcbd1b7ff9e_nl-NL.mp3",{"id":155,"vocabularyWord":156,"displayOrder":98},"01a0ba4c-4e9a-76dc-a8e5-422c722eb2c5",{"id":157,"word":158,"frequency":98,"level":99,"language":9,"audioFilePath":159,"partsOfSpeech":160,"audio":34,"audioUrl":169},"01a0ba4b-d79c-7ec1-b129-d0c64e2abf36","zij","tts_578c81f0f6e244b3_nl-NL.mp3",[161,165],{"id":162,"partOfSpeech":104,"definition":163,"exampleSentences":164,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d7df-739b-a2d4-34880087d46f","Beklemtoond persoonlijk voornaamwoord voor een vrouw of meisje over wie wordt gesproken.","Niet haar broer, maar zij betaalt de rekening.",{"id":166,"partOfSpeech":104,"definition":167,"exampleSentences":168,"isPrimary":16,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-d7df-7437-a2d4-348800b20006","Beklemtoond persoonlijk voornaamwoord voor meerdere mensen, dieren of dingen.","Zij gaan met de trein en wij nemen de bus.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_578c81f0f6e244b3_nl-NL.mp3",{"id":171,"vocabularyWord":172,"displayOrder":180},"01a0ba4c-4e9a-76fc-a8e5-422c7274f9b9",{"id":173,"word":174,"frequency":98,"level":99,"language":9,"audioFilePath":175,"partsOfSpeech":176,"audio":34,"audioUrl":179},"01a0ba4b-d541-796f-8d12-58791b6bc18d","hem","tts_01c50c3126fbd212_nl-NL.mp3",[177],{"id":178,"partOfSpeech":104,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d564-7a77-97f9-ade232b9544f","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_01c50c3126fbd212_nl-NL.mp3",11,{"id":182,"vocabularyWord":183,"displayOrder":197},"01a0ba4c-4e9a-7718-a8e5-422c72f743aa",{"id":184,"word":185,"frequency":98,"level":99,"language":9,"audioFilePath":186,"partsOfSpeech":187,"audio":34,"audioUrl":196},"01a0ba4b-d53e-7e4e-b944-4405c47121ee","haar","tts_d4f2cfd1b85ebb08_nl-NL.mp3",[188,192],{"id":189,"partOfSpeech":113,"definition":190,"exampleSentences":191,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d564-769f-97f9-ade230ecfce7","Bezittelijk woord voor iets dat hoort bij een vrouw of meisje over wie wordt gesproken.","Sara zet haar fiets voor het huis.",{"id":193,"partOfSpeech":104,"definition":194,"exampleSentences":195,"isPrimary":16,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d564-76e7-97f9-ade231118422","Persoonlijk voornaamwoord dat als voorwerp verwijst naar een vrouw of meisje.","Ik zie Anna en ik geef haar het boek.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d4f2cfd1b85ebb08_nl-NL.mp3",12,{"id":199,"vocabularyWord":200,"displayOrder":209},"01a0ba4c-4e9a-7734-a8e5-422c7316b72f",{"id":201,"word":202,"frequency":18,"level":203,"language":9,"audioFilePath":204,"partsOfSpeech":205,"audio":34,"audioUrl":208},"01a0ba4b-d7d6-7853-85b6-b7afbfab60cc","hen","A2","tts_cd7541c8ef3bb880_nl-NL.mp3",[206],{"id":207,"partOfSpeech":104,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d7ec-799f-b258-1bd9cefadc32","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_cd7541c8ef3bb880_nl-NL.mp3",13,{"id":211,"vocabularyWord":212,"displayOrder":221},"01a0ba4c-4e9a-7750-a8e5-422c73ac45f0",{"id":213,"word":214,"frequency":98,"level":99,"language":9,"audioFilePath":215,"partsOfSpeech":216,"audio":34,"audioUrl":220},"01a0ba4b-dfd8-70e2-93ae-46736b48d59b","daar","tts_1d07251c67994d61_nl-NL.mp3",[217],{"id":218,"partOfSpeech":219,"definition":46,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-dfea-78b3-8e07-3fb48c7d9503","ADVERB","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1d07251c67994d61_nl-NL.mp3",14,{"id":223,"vocabularyWord":224,"displayOrder":232},"01a0ba4c-4e9a-776c-a8e5-422c73d699ae",{"id":225,"word":226,"frequency":83,"level":56,"language":9,"audioFilePath":227,"partsOfSpeech":228,"audio":34,"audioUrl":231},"01a0ba4b-e4f7-76fc-87a7-a8347411c252","daarover","tts_4704f471aa57faf1_nl-NL.mp3",[229],{"id":230,"partOfSpeech":219,"definition":46,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-e52b-7652-9532-d2b1ee3bd78f","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_4704f471aa57faf1_nl-NL.mp3",15,{"id":234,"vocabularyWord":235,"displayOrder":249},"01a0ba4c-4e9a-778c-a8e5-422c73ded5b2",{"id":236,"word":237,"frequency":98,"level":203,"language":9,"audioFilePath":238,"partsOfSpeech":239,"audio":34,"audioUrl":248},"01a0ba4b-d7be-77af-8509-a0a7cce7a092","dan","tts_06c573cafa7b8def_nl-NL.mp3",[240,244],{"id":241,"partOfSpeech":219,"definition":242,"exampleSentences":243,"isPrimary":34,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d7e8-74d2-88f2-0166eb1b64ca","Op dat moment of als volgende stap.","Ik werk tot vijf uur en ga dan naar huis.",{"id":245,"partOfSpeech":126,"definition":246,"exampleSentences":247,"isPrimary":16,"meaningOrder":47},"01a0ba4b-d7e8-752e-88f2-0166ebbce7ec","Woord dat na een vergrotende trap het tweede deel van een vergelijking inleidt.","De trein is sneller dan de bus.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_06c573cafa7b8def_nl-NL.mp3",16,{"id":251,"vocabularyWord":252,"displayOrder":258},"01a0ba4c-4e9a-77a8-a8e5-422c747dde2c",{"id":253,"word":254,"frequency":31,"level":56,"language":9,"audioFilePath":255,"partsOfSpeech":256,"audio":34,"audioUrl":257},"01a0ba4b-de5e-7673-bfe0-b84fecb91346","uitloop","tts_100eaa9b51801ddd_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_100eaa9b51801ddd_nl-NL.mp3",17,{"name":15,"slug":260,"language":9},"vooropplaatsing-hervatting-en-terzijde-b2",[],[263,272],{"@id":264,"@type":265,"id":266,"grammarPage":267,"title":268,"instructions":269,"displayOrder":17,"type":270,"questionCount":197,"blankCount":197,"isCompleted":16,"ogImageUrl":271},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-afe7-71bc-a220-4721161276d7","GrammarExercise","01a0ba4b-afe7-71bc-a220-4721161276d7","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8b0d-7305-9280-ef11268ee643","De aanloop en de hoofdzin","Kies de passende hervatting of beschrijving. Let op vorm, functie en woordvolgorde.","word_select","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_e7151a9f-ddf1-4cdd-9565-a772027470a3_hero.webp?v=1789831917",{"@id":273,"@type":265,"id":274,"grammarPage":267,"title":275,"instructions":276,"displayOrder":47,"type":270,"questionCount":197,"blankCount":197,"isCompleted":16,"ogImageUrl":277},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-affb-7aed-9e3f-d35d19da38fe","01a0ba4b-affb-7aed-9e3f-d35d19da38fe","Relaties, contrast en register","Kies wat past bij de bedoelde relatie of de gevraagde constructie. Let ook op het communicatieve doel.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_95a391fa-b537-441b-9920-aa8d126ae027_hero.webp?v=1789831917",null]