[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-moeilijke-gevallen-van-d-t-en-dt":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8b33-79ad-828e-5e317f92024a":381,"exercise-list-path-nl-none":405},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":378,"readyImages":380},"01a0ba4b-8b33-79ad-828e-5e317f92024a","Moeilijke gevallen van d, t en dt","moeilijke-gevallen-van-d-t-en-dt","Los lastige Nederlandse spellingvragen met d, t en dt op. Herken persoonsvormen, voltooid deelwoorden, inversie en veelvoorkomende homofonen.","Aan het einde van een woord klinken **d** en **t** vaak hetzelfde. Daarom kun je vormen als *gebeurt* en *gebeurd* niet betrouwbaar op het gehoor schrijven. Bepaal eerst welke grammaticale functie de vorm heeft en pas daarna de spellingregel toe.\n\n## Begin met de persoonsvormproef\n\nVerander de tijd of het onderwerp. Het werkwoord dat mee verandert, is de persoonsvorm.\n\n- Vandaag **gebeurt** er veel. → Gisteren **gebeurde** er veel.\n- Het is gisteren **gebeurd**. → Het was gisteren **gebeurd**.\n\nIn de eerste zin is **gebeurt** een persoonsvorm in de tegenwoordige tijd. In de tweede zin is **gebeurd** een voltooid deelwoord na *is*.\n\n:::tip\n1. Bepaal eerst met de tijdproef of de vorm een persoonsvorm is. Vervangen door een vorm van *lopen* kan helpen: **loopt** wijst op een persoonsvorm in de tegenwoordige tijd; **gelopen** op een voltooid deelwoord.\n2. Pas daarna de uitgangsregel toe. Bij regelmatige vormen in de tegenwoordige tijd gebruik je **stam + t** bij de tweede en derde persoon enkelvoud. De t-uitgang vervalt als **jij\u002Fje** het onderwerp is en na de persoonsvorm staat.\n:::\n\n## Stam plus t in de tegenwoordige tijd\n\nGebruik de stam bij **ik** en meestal **stam + t** bij **jij\u002Fje, u, hij, zij** en **het**.\n\n| Infinitief | Stam | ik | hij\u002Fzij |\n|---|---|---|---|\n| worden | word | ik word | zij wordt |\n| antwoorden | antwoord | ik antwoord | hij antwoordt |\n| vinden | vind | ik vind | zij vindt |\n| houden | houd | ik houd | hij houdt |\n\nDe combinatie **dt** ontstaat dus gewoon wanneer een stam op d eindigt en er een t-uitgang bij komt.\n\nEindigt de stam al op **t**, dan schrijf je in de tegenwoordige tijd geen extra t: *praten* → stam **praat** → **hij praat**; *zetten* → stam **zet** → **hij zet**. Je schrijft dus nooit *hij praatt* of *hij zett*.\n\n## Inversie met jij of je\n\nStaat **jij** of **je** direct na de persoonsvorm, dan vervalt de t-uitgang.\n\n- Jij **wordt** morgen gebeld. → **Word jij** morgen gebeld?\n- Je **vindt** dit belangrijk. → **Vind je** dit belangrijk?\n- Jij **antwoordt** snel. → **Antwoord jij** altijd zo snel?\n\nDit geldt ook bij vooropplaatsing: **Morgen word jij gebeld**, maar **Jij wordt morgen gebeld**. Alleen in de eerste zin volgt *jij* direct op de persoonsvorm.\n\nBij **u** blijft de t normaal staan: *Wordt u morgen gebeld?* Ook bij een ander onderwerp blijft hij staan: *Vindt je broer dit belangrijk?* Hier is *je* bezittelijk en is **je broer** het onderwerp.\n\nVergelijk **Word lid** zonder onderwerp met **Wordt u lid?** als vraag en **Wordt u lid.** als beleefde aansporing: in beide zinnen met **u** als onderwerp blijft de t staan.\n\n:::warning\nKijk niet alleen naar het woord **je** na de persoonsvorm. Vraag wie of wat het onderwerp is: *Word je lid?* maar *Wordt je lidmaatschap verlengd?*\n:::\n\n## Voltooid deelwoord: d of t\n\nBij zwakke werkwoorden bepaalt de medeklinker vóór **-en** in de infinitief of het voltooid deelwoord op **-d** of **-t** eindigt. Gebruik daarvoor **’t ex-kofschip**: staat die medeklinker in *t, k, f, s, ch, p, x*, dan schrijf je **-t**; anders **-d**.\n\n- werken → vóór *-en* staat **k** → **gewerkt**\n- missen → vóór *-en* staat **s** → **gemist**\n- verhuizen → vóór *-en* staat **z** → **verhuisd**\n- gebeuren → vóór *-en* staat **r** → **gebeurd**\n- faxen → vóór *-en* staat **x** → **gefaxt**\n\nKijk naar de medeklinker vóór **-en** in de infinitief. Bij *verhuizen* is de stam **verhuis**; de **z** in *verhuizen* laat zien dat dit geen kofschip-medeklinker is.\n\nEindigt de stam zelf al op **d** of **t**, dan voeg je bij het voltooid deelwoord geen tweede d of t toe: *antwoorden* → **geantwoord** (nooit *geantwoordt*), *praten* → **gepraat**. Vergelijk *veranderen* → **veranderd**: de stam *verander* krijgt wel een d. Een voltooid deelwoord eindigt nooit op **-dt**.\n\n### Engelse leenwerkwoorden\n\nEngelse leenwerkwoorden krijgen Nederlandse uitgangen, maar behouden vaak de Engelse spelling van de stam. Voor **-te** en **-t** tegenover **-de** en **-d** kijk je naar de uitspraak van de laatste stamklank vóór de uitgang **-en**. Een stemloze eindklank uit ’t ex-kofschip geeft **-te** en **-t**; anders krijg je **-de** en **-d**. Kijk dus niet alleen naar de laatste geschreven letter.\n\n| Infinitief | Stam | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd | Voltooid deelwoord |\n| --- | --- | --- | --- | --- |\n| downloaden | download | hij **downloadt** | hij **downloadde** | **gedownload** |\n| deleten | delete | hij **deletet** | hij **deletete** | **gedeletet** |\n| faxen | fax | hij **faxt** | hij **faxte** | **gefaxt** |\n\nBij *downloaden* hoor je vóór **-en** een d-klank: je kiest **-de** en **-d**, maar schrijft in het deelwoord geen tweede d. Bij *deleten* eindigt de uitgesproken stam op een t-klank: je kiest **-te** en **-t**. De geschreven stam **delete** behoudt de stomme e; daarom schrijf je **deletet** en **gedeletet** met een t na die e. Bij *faxen* staat de x voor de klanken **ks**; de laatste klank is stemloos, dus je schrijft **faxte** en **gefaxt**.\n\n### Sterke en zwakke deelwoorden\n\nPas ’t ex-kofschip alleen toe op zwakke werkwoorden. Sterke werkwoorden hebben een voltooid deelwoord op **-en**, vaak met een andere klinker: *vinden* → **gevonden**, *schrijven* → **geschreven**, *worden* → **geworden**. Leer die vormen bij het werkwoord.\n\nVergelijk **hij vindt** met **hij heeft gevonden**, en **hij antwoordt** met **hij heeft geantwoord**. De tegenwoordige tijd heeft in beide gevallen **dt**, maar het sterke deelwoord eindigt op **-en** en het zwakke op **-d**.\n\n## Verleden tijd: -de of -te\n\nBij zwakke werkwoorden gebruik je dezelfde controle voor de verleden tijd. Staat de medeklinker vóór **-en** in de infinitief in **’t ex-kofschip**, dan voeg je **-te** aan de stam toe; anders **-de**. Bij Engelse leenwerkwoorden volg je de eindklank zoals hierboven beschreven.\n\n| Infinitief | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |\n| --- | --- | --- |\n| antwoorden | hij **antwoordt** | hij **antwoordde** |\n| veranderen | hij **verandert** | hij **veranderde** |\n| werken | hij **werkt** | hij **werkte** |\n| verhuizen | hij **verhuist** | hij **verhuisde** |\n| praten | hij **praat** | hij **praatte** |\n| zetten | hij **zet** | hij **zette** |\n| wachten | hij **wacht** | hij **wachtte** |\n\nDe laatste medeklinker van de stam blijft staan en de uitgang komt erbij: **antwoord + de**, **praat + te**, **zet + te**, **wacht + te**. Zo ontstaan **dd** en **tt**. Anders dan bij het voltooid deelwoord schrijf je hier dus wel twee dezelfde medeklinkers: *hij praatte* tegenover *hij heeft gepraat*.\n\n## Misleidende paren\n\nVeel fouten ontstaan doordat een persoonsvorm en een voltooid deelwoord hetzelfde klinken.\n\n| Persoonsvorm | Voltooid deelwoord | Contrast |\n|---|---|---|\n| Het **gebeurt** nu. | Het is **gebeurd**. | tijdproef: gisteren **gebeurde**; **gebeurd** staat na *is* |\n| Zij **bedoelt** dit. | Dit is zo **bedoeld**. | tijdproef: zij **bedoelde**; **bedoeld** staat na *is* |\n| Hij **betaalt** vandaag. | Alles is **betaald**. | tijdproef: hij **betaalde**; **betaald** staat na *is* |\n| De situatie **verandert**. | De situatie is **veranderd**. | tijdproef: de situatie **veranderde**; **veranderd** staat na *is* |\n\nEen voltooid deelwoord kan ook als bijvoeglijk woord gebruikt worden: *de betaalde rekening*, *een veranderd plan*. De spelling van het deelwoord blijft het vertrekpunt.\n\n## Gevorderde contrasten\n\n### Persoonsvorm, verleden tijd en deelwoord\n\n| Vorm | Voorbeeld |\n| --- | --- |\n| ik-vorm | Ik **vermeld** de bron. \u002F Ik **beantwoord** de vraag. |\n| tegenwoordige tijd | Hij **vermeldt** de bron. \u002F Hij **beantwoordt** de vraag. |\n| verleden tijd | Hij **vermeldde** de bron. |\n\nIn een bijzin helpt de hulpwerkwoordproef: *Ik zie dat het bedrag **wordt overgemaakt*** bevat een persoonsvorm. In *Ik zie dat het bedrag **is overgemaakt*** is **overgemaakt** een voltooid deelwoord.\n\nLet ook op de verbuiging: **het veranderde plan** heeft een deelwoord vóór een zelfstandig naamwoord; **het plan is veranderd** heeft een deelwoord na *is*.\n\nBij een stam op **d** of **t** kan de verleden tijd een dubbele medeklinker hebben, terwijl het bijvoeglijk gebruikte deelwoord er maar één heeft. De verleden tijd bestaat uit **stam + de\u002Fte**. Voor de bijvoeglijke vorm neem je het deelwoord en voeg je zo nodig **-e** toe, met de gewone spellingregels voor open en gesloten lettergrepen.\n\n| Verleden tijd | Voltooid deelwoord | Bijvoeglijk gebruikt deelwoord |\n| --- | --- | --- |\n| Hij **vergrootte** de foto. | Hij heeft de foto **vergroot**. | de **vergrote** foto |\n| Men **verbreedde** de weg. | Men heeft de weg **verbreed**. | de **verbrede** weg |\n| Hij **veranderde** het plan. | Hij heeft het plan **veranderd**. | het **veranderde** plan |\n\nBij **vergroot + te** en **verbreed + de** blijven beide medeklinkers staan. Bij **vergroot + e** en **verbreed + e** is er geen extra t of d; bovendien wordt **oo** tot **o** en **ee** tot **e** in de open lettergreep: **vergrote**, **verbrede**. Niet elk bijvoeglijk gebruikt deelwoord heeft een enkele medeklinker: **de geredde hond** behoudt **dd** om de korte e-klank weer te geven.\n\n**Gebeurde** is geen voorbeeld van het contrast tussen een dubbele en een enkele medeklinker: in **het gebeurde gisteren** is het een verleden tijd met één d, omdat de stam **gebeur** op r eindigt. Ook in **het gebeurde ongeluk** heeft de bijvoeglijke vorm één d. Net als bij **veranderde** moet je hier de functie uit de zin afleiden.\n\n### Zelfstandig naamwoord of persoonsvorm?\n\nOok een zelfstandig naamwoord kan hetzelfde klinken als een persoonsvorm. De tijdproef maakt het verschil zichtbaar.\n\n| Zelfstandig naamwoord | Persoonsvorm | Tijdproef |\n| --- | --- | --- |\n| Het **antwoord** is duidelijk. | Hij **antwoordt** duidelijk. | Het **antwoord** was duidelijk. \u002F Hij **antwoordde** duidelijk. |\n| Het **woord** is lang. | Hij **wordt** ongeduldig. | Het **woord** was lang. \u002F Hij **werd** ongeduldig. |\n\nHet zelfstandig naamwoord blijft bij de tijdproef gelijk. Alleen de persoonsvorm verandert; voeg dus niet op grond van de klank een t aan *antwoord* of *woord* toe.\n\n### Samengestelde en scheidbare werkwoorden\n\nEen langer werkwoord volgt dezelfde regels. Bij *beantwoorden* eindigt de stam *beantwoord* op d: **hij beantwoordt**, **hij beantwoordde**, **hij heeft beantwoord**.\n\nBij een scheidbaar werkwoord kan het eerste deel los staan. Bepaal de stam van het hele werkwoord en controleer de vorm die in de zin staat.\n\n| Infinitief | Tegenwoordige tijd | Voltooid deelwoord | Gebiedende wijs |\n| --- | --- | --- | --- |\n| aanmelden | Hij **meldt** zich **aan**. | Hij heeft zich **aangemeld**. | **Meld** je **aan**. |\n| aankondigen | Hij **kondigt** de wijziging **aan**. | Hij heeft de wijziging **aangekondigd**. | **Kondig** de wijziging **aan**. |\n\nBij *aanmelden* eindigt de stam *aanmeld* op d: de persoonsvorm krijgt **dt**, het deelwoord alleen **d**. Bij *aankondigen* eindigt de stam *aankondig* op g: de persoonsvorm krijgt **t** en het deelwoord **d**. Het deel **ge** staat in deze deelwoorden tussen de twee delen van het werkwoord.\n\n## Gebiedende wijs en vragen\n\nDe gebiedende wijs gebruikt doorgaans alleen de stam.\n\n- **Word** lid van onze vereniging.\n- **Antwoord** vóór vrijdag.\n- **Houd** de deur gesloten.\n\nBij een beleefde aansporing met **u** als onderwerp gebruik je de persoonsvorm met **-t**: **Houdt u de deur gesloten.** \u002F **Wordt u lid van onze vereniging.** Deze zinnen hebben de functie van een gebiedende wijs, maar bevatten een persoonsvorm bij **u**. Zonder dat onderwerp schrijf je **Houd** en **Word**.\n\nVergelijk dit met een vraag: *Wordt hij lid?* Daar is **wordt** een persoonsvorm bij *hij* en krijgt de stam wel een t.\n\n## Een vaste beslisroute\n\n1. Zoek het hele werkwoord en de mogelijke stam.\n2. Bepaal of de twijfelvorm de persoonsvorm is.\n3. Is het een persoonsvorm? Zoek het onderwerp en controleer tijd en inversie.\n4. Is het een voltooid deelwoord? Bepaal of het werkwoord sterk of zwak is. Gebruik bij een zwak werkwoord de medeklinker vóór **-en** in de infinitief en **’t ex-kofschip**; let bij Engelse leenwerkwoorden op de uitgesproken eindklank. Voeg aan een stam op d of t geen tweede d of t toe. Gebruik bij een sterk werkwoord de geleerde deelwoordvorm op **-en**.\n5. Is het een bijvoeglijke vorm? Begin bij het juiste deelwoord en pas daarna de verbuiging toe.\n6. Controleer je keuze door onderwerp of tijd te veranderen.\n\n:::example\n*De wijziging is gisteren aangekondig__.*\n\nNa *is* staat hier een voltooid deelwoord. *Aankondigen* is een zwak werkwoord; vóór **-en** staat **g**, en die staat niet in ’t ex-kofschip. De stam is *aankondig*. Met **ge** tussen *aan* en *kondig* en de uitgang **d** krijg je **aangekondigd**.\n:::\n\n## Samenvatting\n\n- Bepaal eerst of je met een persoonsvorm of voltooid deelwoord te maken hebt.\n- Bij een stam op d geeft **stam + t** de zichtbare combinatie **dt**.\n- Inversie met **jij\u002Fje** laat de t vervallen, maar bij **u** en andere onderwerpen niet.\n- Gebruik de medeklinker vóór **-en** in de infinitief en **’t ex-kofschip** voor de uitgang van een zwak voltooid deelwoord; let bij Engelse leenwerkwoorden op de uitgesproken eindklank. Een voltooid deelwoord eindigt nooit op **-dt**.\n- Vertrouw bij homofonen niet op je gehoor; gebruik de grammaticale functie.","nl","B2",150,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87d5-7277-ba25-85118c7acc1b","Spelling en interpunctie in complexe teksten",false,0,8,"2026-09-19T15:31:48+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":46},"01a0ba4c-4f05-7892-839f-ca979d2ae12b","Kernwoorden bij Moeilijke gevallen van d, t en dt",[26,48,58,75,97,110,119,132,148,169,177,190,199,216,229,246,255,268,277,286,300,309,326,335,344,357,369],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":40},"01a0ba4c-4f05-78f6-839f-ca979de453f0",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":33,"partsOfSpeech":34,"audio":46,"audioUrl":47},"01a0ba4b-dcab-71d4-8980-d55bc3f0b0f8","worden",10,"B1","tts_d88d78f37049edbe_nl-NL.mp3",[35,41],{"id":36,"partOfSpeech":37,"definition":38,"exampleSentences":39,"isPrimary":16,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dcc2-7c21-8514-2c016b1d6bae","AUXILIARY_VERB","Vormt samen met een voltooid deelwoord een passieve zin waarin de handeling centraal staat.","De aanvragen worden binnen vijf werkdagen behandeld.",1,{"id":42,"partOfSpeech":43,"definition":44,"exampleSentences":45,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dcc2-7c6d-8514-2c016c00f0ee","VERB","In een nieuwe toestand, functie of fase terechtkomen.","Door de extra uitleg wordt het onderwerp steeds duidelijker.",true,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d88d78f37049edbe_nl-NL.mp3",{"id":49,"vocabularyWord":50,"displayOrder":57},"01a0ba4c-4f05-792e-839f-ca979e8049a6",{"id":51,"word":52,"frequency":18,"level":53,"language":9,"audioFilePath":54,"partsOfSpeech":55,"audio":46,"audioUrl":56},"01a0ba4b-d63c-7ac4-a46e-b6cccb082eee","antwoorden","A2","tts_e08ad209c55313ba_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e08ad209c55313ba_nl-NL.mp3",2,{"id":59,"vocabularyWord":60,"displayOrder":74},"01a0ba4c-4f05-7962-839f-ca979e8199c0",{"id":61,"word":62,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":63,"partsOfSpeech":64,"audio":46,"audioUrl":73},"01a0ba4b-dc7b-7ce9-940b-68339a45f6d9","vinden","tts_38bdbfdbfa717735_nl-NL.mp3",[65,69],{"id":66,"partOfSpeech":43,"definition":67,"exampleSentences":68,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dcbe-77e7-84e5-4d54835a1178","Iemand of iets ontdekken, aantreffen of terugkrijgen na ernaar te hebben gezocht.","Na lang zoeken vond ik de sleutel onder de bank.",{"id":70,"partOfSpeech":43,"definition":71,"exampleSentences":72,"isPrimary":16,"meaningOrder":57},"01a0ba4b-dcbe-782f-84e5-4d5483adc30f","Een bepaalde mening of beoordeling over iemand of iets hebben.","Veel bewoners vinden de nieuwe verkeersregels duidelijker.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_38bdbfdbfa717735_nl-NL.mp3",3,{"id":76,"vocabularyWord":77,"displayOrder":96},"01a0ba4c-4f05-7986-839f-ca979ed3788c",{"id":78,"word":79,"frequency":31,"level":80,"language":9,"audioFilePath":81,"partsOfSpeech":82,"audio":46,"audioUrl":95},"01a0ba4b-d547-7b67-b43f-bdd54e337ec1","houden","A1","tts_d2fcfda65e01b96b_nl-NL.mp3",[83,87,91],{"id":84,"partOfSpeech":43,"definition":85,"exampleSentences":86,"isPrimary":16,"meaningOrder":57},"01a0ba4b-d565-7304-a20d-839bada844ee","Iets bij zich laten en niet weggeven of wegdoen.","Je mag dit boek houden.",{"id":88,"partOfSpeech":43,"definition":89,"exampleSentences":90,"isPrimary":16,"meaningOrder":74},"01a0ba4b-d565-7344-a20d-839bae9d52e2","In de vaste combinatie houden van: iemand of iets leuk of lief vinden.","Wij houden van wandelen in het park.",{"id":92,"partOfSpeech":43,"definition":93,"exampleSentences":94,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d565-72c0-a20d-839bad31c300","Iets met de hand vasthouden en niet loslaten.","Kun je mijn tas even houden?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d2fcfda65e01b96b_nl-NL.mp3",4,{"id":98,"vocabularyWord":99,"displayOrder":109},"01a0ba4c-4f05-79a6-839f-ca979f155621",{"id":100,"word":101,"frequency":31,"level":80,"language":9,"audioFilePath":102,"partsOfSpeech":103,"audio":46,"audioUrl":108},"01a0ba4b-d6d5-7838-8848-f95325bb02ee","praten","tts_f1c43f971e96af2e_nl-NL.mp3",[104],{"id":105,"partOfSpeech":43,"definition":106,"exampleSentences":107,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d6df-7334-8a1b-af0b5a222e51","Met woorden iets tegen of met iemand zeggen.","Tijdens de pauze praten we over onze vakantie.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f1c43f971e96af2e_nl-NL.mp3",5,{"id":111,"vocabularyWord":112,"displayOrder":118},"01a0ba4c-4f05-79c6-839f-ca979fec8c3d",{"id":113,"word":114,"frequency":18,"level":80,"language":9,"audioFilePath":115,"partsOfSpeech":116,"audio":46,"audioUrl":117},"01a0ba4b-d96f-7864-9a04-f984be39d91e","zetten","tts_2ff888b724803382_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_2ff888b724803382_nl-NL.mp3",6,{"id":120,"vocabularyWord":121,"displayOrder":131},"01a0ba4c-4f05-79e2-839f-ca97a06478d3",{"id":122,"word":123,"frequency":31,"level":80,"language":9,"audioFilePath":124,"partsOfSpeech":125,"audio":46,"audioUrl":130},"01a0ba4b-d74a-7251-ac25-0b6f83d17f24","wachten","tts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",[126],{"id":127,"partOfSpeech":43,"definition":128,"exampleSentences":129,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d759-7a18-afe6-cd9a853efd6f","Op dezelfde plaats of in dezelfde toestand blijven tot iemand komt of iets gebeurt.","We wachten bij de ingang op onze vrienden.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",7,{"id":133,"vocabularyWord":134,"displayOrder":18},"01a0ba4c-4f05-79fe-839f-ca97a06c02bf",{"id":135,"word":136,"frequency":31,"level":80,"language":9,"audioFilePath":137,"partsOfSpeech":138,"audio":46,"audioUrl":147},"01a0ba4b-d752-75e7-baca-96fdd6372e40","werken","tts_9d8727a5051a5a64_nl-NL.mp3",[139,143],{"id":140,"partOfSpeech":43,"definition":141,"exampleSentences":142,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d75a-7885-a2c4-a98ba3dd3d0f","Een beroep of taak uitvoeren en daar vaak geld mee verdienen.","Ik werk drie dagen per week in een winkel.",{"id":144,"partOfSpeech":43,"definition":145,"exampleSentences":146,"isPrimary":16,"meaningOrder":57},"01a0ba4b-d75a-78c9-a2c4-a98ba493b1ae","Doen wat de bedoeling is of goed functioneren.","Mijn telefoon werkt weer.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9d8727a5051a5a64_nl-NL.mp3",{"id":149,"vocabularyWord":150,"displayOrder":153},"01a0ba4c-4f05-7a1a-839f-ca97a10f6723",{"id":151,"word":152,"frequency":153,"level":53,"language":9,"audioFilePath":154,"partsOfSpeech":155,"audio":46,"audioUrl":168},"01a0ba4b-d859-77a5-970c-18fd36082185","missen",9,"tts_03dec93c21e9220c_nl-NL.mp3",[156,160,164],{"id":157,"partOfSpeech":43,"definition":158,"exampleSentences":159,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d893-7197-8490-60eb646e1dbd","Te laat zijn voor een vervoermiddel, afspraak of gebeurtenis en er daardoor niet bij kunnen zijn.","Als we nu niet vertrekken, missen we de laatste bus.",{"id":161,"partOfSpeech":43,"definition":162,"exampleSentences":163,"isPrimary":16,"meaningOrder":57},"01a0ba4b-d893-71df-8490-60eb64f6e73a","Verdriet of verlangen voelen doordat iemand of iets er niet is.","Tijdens mijn reis mis ik mijn familie het meest.",{"id":165,"partOfSpeech":43,"definition":166,"exampleSentences":167,"isPrimary":16,"meaningOrder":74},"01a0ba4b-d893-721f-8490-60eb65b090d0","Iets niet hebben, niet opmerken of niet raken terwijl dat wel gewenst of verwacht was.","De bal mist het doel met enkele centimeters.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_03dec93c21e9220c_nl-NL.mp3",{"id":170,"vocabularyWord":171,"displayOrder":31},"01a0ba4c-4f05-7a36-839f-ca97a1d496a8",{"id":172,"word":173,"frequency":131,"level":53,"language":9,"audioFilePath":174,"partsOfSpeech":175,"audio":46,"audioUrl":176},"01a0ba4b-d8f1-7c70-843c-ffb745af3714","verhuizen","tts_f5fbc8977749af96_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f5fbc8977749af96_nl-NL.mp3",{"id":178,"vocabularyWord":179,"displayOrder":189},"01a0ba4c-4f05-7a56-839f-ca97a1fd5dad",{"id":180,"word":181,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":182,"partsOfSpeech":183,"audio":46,"audioUrl":188},"01a0ba4b-da8d-74b2-b0d4-110cfffee047","gebeuren","tts_1298d2fbd95b8b61_nl-NL.mp3",[184],{"id":185,"partOfSpeech":43,"definition":186,"exampleSentences":187,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-daaa-78ed-9fff-6f1490baad46","Plaatsvinden of werkelijkheid worden, vaak zonder dat een handelende persoon wordt genoemd.","Niemand weet precies wat er tijdens de storing is gebeurd.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1298d2fbd95b8b61_nl-NL.mp3",11,{"id":191,"vocabularyWord":192,"displayOrder":198},"01a0ba4c-4f05-7a6e-839f-ca97a2d641d0",{"id":193,"word":194,"frequency":40,"level":32,"language":9,"audioFilePath":195,"partsOfSpeech":196,"audio":46,"audioUrl":197},"01a0ba4b-daa3-79e5-a6b5-a769078a7e0e","faxen","tts_f1e9264a50fce79e_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f1e9264a50fce79e_nl-NL.mp3",12,{"id":200,"vocabularyWord":201,"displayOrder":215},"01a0ba4c-4f05-7a8a-839f-ca97a34a5d85",{"id":202,"word":203,"frequency":153,"level":53,"language":9,"audioFilePath":204,"partsOfSpeech":205,"audio":46,"audioUrl":214},"01a0ba4b-d7ae-72de-80ef-c7bf00f6d1c8","bedoelen","tts_bf91f929a69a3f14_nl-NL.mp3",[206,210],{"id":207,"partOfSpeech":43,"definition":208,"exampleSentences":209,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7e4-7526-abd6-ee4011504d63","Met woorden of een handeling een bepaalde betekenis willen uitdrukken.","Wat bedoel je precies met deze vraag?",{"id":211,"partOfSpeech":43,"definition":212,"exampleSentences":213,"isPrimary":16,"meaningOrder":57},"01a0ba4b-d7e4-75b6-abd6-ee40118cf4bb","Iets voor een bepaalde persoon of een bepaald doel willen gebruiken.","Dit cadeau is voor jou bedoeld.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_bf91f929a69a3f14_nl-NL.mp3",13,{"id":217,"vocabularyWord":218,"displayOrder":228},"01a0ba4c-4f05-7aa6-839f-ca97a397f0d7",{"id":219,"word":220,"frequency":31,"level":80,"language":9,"audioFilePath":221,"partsOfSpeech":222,"audio":46,"audioUrl":227},"01a0ba4b-d51b-7c62-be4b-06c5de44ad96","betalen","tts_f218b1cf9c570ff3_nl-NL.mp3",[223],{"id":224,"partOfSpeech":43,"definition":225,"exampleSentences":226,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d560-7ecd-bf08-b6af5d314a1c","Geld geven omdat je iets koopt, gebruikt of verschuldigd bent.","In dit restaurant betalen we aan tafel.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f218b1cf9c570ff3_nl-NL.mp3",14,{"id":230,"vocabularyWord":231,"displayOrder":245},"01a0ba4c-4f05-7ac6-839f-ca97a403725b",{"id":232,"word":233,"frequency":153,"level":53,"language":9,"audioFilePath":234,"partsOfSpeech":235,"audio":46,"audioUrl":244},"01a0ba4b-d9d9-7296-949c-c24a07837dff","veranderen","tts_ef46ec24ff7d195e_nl-NL.mp3",[236,240],{"id":237,"partOfSpeech":43,"definition":238,"exampleSentences":239,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-da10-777b-8796-6b60b4ad50cc","Ervoor zorgen dat iets anders wordt dan het was.","We veranderen de datum van de afspraak naar vrijdag.",{"id":241,"partOfSpeech":43,"definition":242,"exampleSentences":243,"isPrimary":16,"meaningOrder":57},"01a0ba4b-da10-77c3-8796-6b60b54b2c12","Anders worden dan eerder het geval was.","Het weer kan in de bergen snel veranderen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ef46ec24ff7d195e_nl-NL.mp3",15,{"id":247,"vocabularyWord":248,"displayOrder":254},"01a0ba4c-4f05-7ae2-839f-ca97a49082c9",{"id":249,"word":250,"frequency":131,"level":32,"language":9,"audioFilePath":251,"partsOfSpeech":252,"audio":46,"audioUrl":253},"01a0ba4b-dafb-7a4b-80d2-d3555b5babd0","vermelden","tts_9ceafda72b1d6e3f_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9ceafda72b1d6e3f_nl-NL.mp3",16,{"id":256,"vocabularyWord":257,"displayOrder":267},"01a0ba4c-4f05-7afe-839f-ca97a57aee1f",{"id":258,"word":259,"frequency":18,"level":53,"language":9,"audioFilePath":260,"partsOfSpeech":261,"audio":46,"audioUrl":266},"01a0ba4b-d7ad-7838-9b7c-3ec42ab14326","beantwoorden","tts_a30fdb25781d9182_nl-NL.mp3",[262],{"id":263,"partOfSpeech":43,"definition":264,"exampleSentences":265,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-d7e4-7306-abd6-ee4010c1f153","Op een vraag, brief, bericht of verzoek reageren met een antwoord.","De medewerker beantwoordt mijn vraag over de verzekering.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a30fdb25781d9182_nl-NL.mp3",17,{"id":269,"vocabularyWord":270,"displayOrder":276},"01a0ba4c-4f05-7b1a-839f-ca97a61cdc7c",{"id":271,"word":272,"frequency":131,"level":32,"language":9,"audioFilePath":273,"partsOfSpeech":274,"audio":46,"audioUrl":275},"01a0ba4b-dedd-7b1a-baac-b8c422183f1c","vergroten","tts_e1c850d0bd62b115_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e1c850d0bd62b115_nl-NL.mp3",18,{"id":278,"vocabularyWord":279,"displayOrder":285},"01a0ba4c-4f05-7b36-839f-ca97a66e5db8",{"id":280,"word":281,"frequency":109,"level":10,"language":9,"audioFilePath":282,"partsOfSpeech":283,"audio":46,"audioUrl":284},"01a0ba4b-dea3-7d4f-9c60-53e16c945e9a","verbreden","tts_016c367fd0cb5b00_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_016c367fd0cb5b00_nl-NL.mp3",19,{"id":287,"vocabularyWord":288,"displayOrder":299},"01a0ba4c-4f05-7b52-839f-ca97a72854f7",{"id":289,"word":290,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":291,"partsOfSpeech":292,"audio":46,"audioUrl":298},"01a0ba4b-da67-7865-95c2-86daff509047","antwoord","tts_071e149ee9d118b3_nl-NL.mp3",[293],{"id":294,"partOfSpeech":295,"definition":296,"exampleSentences":297,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-daa7-7106-af15-7af2964f0ea0","NOUN","(het; antwoorden) mondelinge of schriftelijke reactie op een vraag of bericht.","Ik weet het antwoord op de laatste vraag niet.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_071e149ee9d118b3_nl-NL.mp3",20,{"id":301,"vocabularyWord":302,"displayOrder":308},"01a0ba4c-4f05-7b6a-839f-ca97a7b43536",{"id":303,"word":304,"frequency":18,"level":80,"language":9,"audioFilePath":305,"partsOfSpeech":306,"audio":46,"audioUrl":307},"01a0ba4b-d5f8-7a64-a184-da1a35f71f44","woord","tts_3dd22f550fb67edc_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3dd22f550fb67edc_nl-NL.mp3",21,{"id":310,"vocabularyWord":311,"displayOrder":325},"01a0ba4c-4f05-7ba2-839f-ca97a8ea16b1",{"id":312,"word":313,"frequency":153,"level":32,"language":9,"audioFilePath":314,"partsOfSpeech":315,"audio":46,"audioUrl":324},"01a0ba4b-dc12-70db-928d-ae0637966e26","onderwerp","tts_a755c216fa48bb02_nl-NL.mp3",[316,320],{"id":317,"partOfSpeech":295,"definition":318,"exampleSentences":319,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-dc39-74ca-b770-f5ab922cec78","(het; onderwerpen) zaak of thema waarover iemand spreekt, schrijft, denkt of leert.","Tijdens de vergadering kwam veiligheid als eerste onderwerp aan bod.",{"id":321,"partOfSpeech":295,"definition":322,"exampleSentences":323,"isPrimary":16,"meaningOrder":57},"01a0ba4b-dc39-7512-b770-f5ab930b7f28","(het; onderwerpen) zinsdeel dat aangeeft wie of wat de handeling uitvoert of in een bepaalde toestand is.","In de zin 'De kinderen spelen' is 'de kinderen' het onderwerp.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a755c216fa48bb02_nl-NL.mp3",23,{"id":327,"vocabularyWord":328,"displayOrder":334},"01a0ba4c-4f05-7bc6-839f-ca97a8ed7063",{"id":329,"word":330,"frequency":131,"level":32,"language":9,"audioFilePath":331,"partsOfSpeech":332,"audio":46,"audioUrl":333},"01a0ba4b-d634-7144-b73a-a1c78e3212a3","stam","tts_bf971831114eb5a3_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_bf971831114eb5a3_nl-NL.mp3",24,{"id":336,"vocabularyWord":337,"displayOrder":343},"01a0ba4c-4f05-7be6-839f-ca97a97723fa",{"id":338,"word":339,"frequency":131,"level":53,"language":9,"audioFilePath":340,"partsOfSpeech":341,"audio":46,"audioUrl":342},"01a0ba4b-db0a-7e9a-a057-a369243fbe2e","aanmelden","tts_1b7368ffabf9a565_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1b7368ffabf9a565_nl-NL.mp3",25,{"id":345,"vocabularyWord":346,"displayOrder":356},"01a0ba4c-4f05-7c02-839f-ca97a9d87ff3",{"id":347,"word":348,"frequency":131,"level":32,"language":9,"audioFilePath":349,"partsOfSpeech":350,"audio":46,"audioUrl":355},"01a0ba4b-da5e-7cd0-bb2f-701a845d4c91","aankondigen","tts_6d884a35be02d3ff_nl-NL.mp3",[351],{"id":352,"partOfSpeech":43,"definition":353,"exampleSentences":354,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-daa6-7580-bb1e-5b1790f5257e","Van tevoren officieel of duidelijk bekendmaken dat iets gaat gebeuren.","De gemeente kondigt volgende maand nieuwe verkeersregels aan.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6d884a35be02d3ff_nl-NL.mp3",26,{"id":358,"vocabularyWord":359,"displayOrder":368},"01a0ba4c-4f05-7c1e-839f-ca97aa4ae486",{"id":360,"word":361,"frequency":131,"level":32,"language":9,"audioFilePath":362,"partsOfSpeech":363,"audio":46,"audioUrl":367},"01a0ba4b-e244-789a-899c-0773c89bbefb","downloaden","tts_4413b1f08d76912e_nl-NL.mp3",[364],{"id":365,"partOfSpeech":43,"definition":366,"isPrimary":46,"meaningOrder":40},"01a0ba4b-e289-78a3-99ea-82a30c330a6f","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_4413b1f08d76912e_nl-NL.mp3",27,{"id":370,"vocabularyWord":371,"displayOrder":377},"01a0ba4c-4f05-7c36-839f-ca97ab17ef38",{"id":372,"word":373,"frequency":40,"level":53,"language":9,"audioFilePath":374,"partsOfSpeech":375,"audio":46,"audioUrl":376},"01a0ba4b-ddc1-725d-b269-90ddd543190c","deleten","tts_90235962a0f67381_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_90235962a0f67381_nl-NL.mp3",28,{"name":15,"slug":379,"language":9},"spelling-en-interpunctie-in-complexe-teksten-b2",[],[382,391,398],{"@id":383,"@type":384,"id":385,"grammarPage":386,"title":387,"instructions":388,"displayOrder":17,"type":389,"questionCount":245,"blankCount":299,"isCompleted":16,"ogImageUrl":390},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-b173-789e-af39-af18165fd727","GrammarExercise","01a0ba4b-b173-789e-af39-af18165fd727","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8b33-79ad-828e-5e317f92024a","Herken de functie vóór je spelt","Kies de spelling die past bij de grammaticale functie, het onderwerp en de woordvolgorde.","word_select","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_3349384d-56f2-4eb7-b872-0969b598e11d_hero.webp?v=1789831917",{"@id":392,"@type":384,"id":393,"grammarPage":386,"title":394,"instructions":395,"displayOrder":40,"type":389,"questionCount":245,"blankCount":396,"isCompleted":16,"ogImageUrl":397},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-b19f-7252-b2e9-d32dc6ef340b","01a0ba4b-b19f-7252-b2e9-d32dc6ef340b","Kies verleden tijd en voltooid deelwoord","Kies de juiste uitgang bij zwakke en sterke werkwoorden en bij scheidbare vormen.",30,"\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_48b2a73b-14ba-4cc7-bcf1-cda5552eb3f2_hero.webp?v=1789831918",{"@id":399,"@type":384,"id":400,"grammarPage":386,"title":401,"instructions":402,"displayOrder":57,"type":403,"questionCount":31,"blankCount":17,"isCompleted":16,"ogImageUrl":404},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-b1d0-73d4-aa83-15f2ed8385d5","01a0ba4b-b1d0-73d4-aa83-15f2ed8385d5","Controleer d, t en dt in verschillende functies","Elke zin bevat één verkeerd gespelde vorm. Tik die aan en kies de juiste vervanging.","find_and_fix","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_6ac6d1bf-387b-4302-a40c-9d7f551bdc84_hero.webp?v=1789831918",null]