[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-topic-hubs-nl":3,"grammar-pages-nl":4,"grammar-page-nl-morfosyntaxis-in-nederlands-nederlands-en-belgisch-nederlands":1297,"grammar-lesson-path-nl-morfosyntaxis-in-nederlands-nederlands-en-belgisch-nederlands-taalvariatie-analyseren-en-doelgericht-inzetten-c2":1735,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8b3a-74ed-8eb1-8d7b1a9f58cb":1787,"grammar-quick-check-01a0ba4b-8b3a-74ed-8eb1-8d7b1a9f58cb":1798,"grammar-lesson-body-01a0ba4b-8b3a-74ed-8eb1-8d7b1a9f58cb-g5fivuhg1":1820},[],[5,12,17,22,27,32,37,42,47,52,57,62,67,72,77,82,87,92,97,102,107,112,117,122,127,132,137,142,147,152,157,162,167,172,177,182,187,192,197,202,207,212,217,222,227,233,238,243,248,253,258,263,268,273,278,283,288,293,298,303,308,313,318,323,328,333,338,343,348,353,358,363,368,373,378,383,388,393,398,403,408,413,418,423,428,433,438,443,448,453,458,463,468,473,478,483,488,494,499,504,509,514,519,524,529,534,539,544,549,554,559,564,569,574,579,584,589,594,599,604,609,614,619,624,629,634,639,644,649,654,659,664,669,674,679,684,689,694,699,704,709,714,719,724,729,734,739,744,750,755,760,765,770,775,780,785,790,795,800,805,810,815,820,825,830,835,840,845,850,855,860,865,870,875,880,885,890,895,900,905,910,915,920,925,930,935,940,945,950,955,960,965,970,975,980,986,991,996,1001,1006,1011,1016,1021,1026,1031,1036,1041,1046,1051,1056,1061,1066,1071,1076,1081,1086,1091,1096,1101,1106,1111,1116,1121,1126,1131,1136,1141,1146,1151,1156,1162,1167,1172,1177,1182,1187,1192,1197,1202,1207,1212,1217,1222,1227,1232,1237,1242,1247,1252,1257,1262,1267,1272,1277,1282,1287,1292],{"id":6,"title":7,"slug":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11},"01a0ba4b-8a31-78d2-bfe8-93cda5da555e","Het Nederlandse alfabet","het-nederlandse-alfabet","nl","A1",1,{"id":13,"title":14,"slug":15,"language":9,"level":10,"displayOrder":16},"01a0ba4b-8b04-72cb-8dcd-87e3496aa32c","Letters benoemen en woorden spellen","letters-benoemen-en-woorden-spellen",2,{"id":18,"title":19,"slug":20,"language":9,"level":10,"displayOrder":21},"01a0ba4b-8ae8-729b-8783-55b9aacfce21","Korte en lange klinkers horen","korte-en-lange-klinkers-horen",3,{"id":23,"title":24,"slug":25,"language":9,"level":10,"displayOrder":26},"01a0ba4b-8b87-73a9-9518-4d17aa721080","Open en gesloten lettergrepen","open-en-gesloten-lettergrepen",4,{"id":28,"title":29,"slug":30,"language":9,"level":10,"displayOrder":31},"01a0ba4b-891d-7a3f-adbd-527b99c8ed2c","De klanken ij en ei","de-klanken-ij-en-ei",5,{"id":33,"title":34,"slug":35,"language":9,"level":10,"displayOrder":36},"01a0ba4b-8918-783b-9bd7-01ae7a0889dd","De klanken au en ou","de-klanken-au-en-ou",6,{"id":38,"title":39,"slug":40,"language":9,"level":10,"displayOrder":41},"01a0ba4b-8922-78d7-ba25-82e8471e0365","De klanken ui, eu en oe","de-klanken-ui-eu-en-oe",7,{"id":43,"title":44,"slug":45,"language":9,"level":10,"displayOrder":46},"01a0ba4b-89e2-7a23-a9f4-c2593f46a63b","G, ch, sch, ng en nk uitspreken","g-ch-sch-ng-en-nk-uitspreken",8,{"id":48,"title":49,"slug":50,"language":9,"level":10,"displayOrder":51},"01a0ba4b-8d30-78ab-bd02-60732d19d41d","Woordklemtoon en de stomme e","woordklemtoon-en-de-stomme-e",9,{"id":53,"title":54,"slug":55,"language":9,"level":10,"displayOrder":56},"01a0ba4b-8a7b-767e-97a4-08589a7a5ae5","Hoofdletters en de schrijfwijze van IJ","hoofdletters-en-de-schrijfwijze-van-ij",10,{"id":58,"title":59,"slug":60,"language":9,"level":10,"displayOrder":61},"01a0ba4b-890b-7329-92dd-1df1cd56fd40","De en het bij zelfstandige naamwoorden","de-en-het-bij-zelfstandige-naamwoorden",11,{"id":63,"title":64,"slug":65,"language":9,"level":10,"displayOrder":66},"01a0ba4b-8a38-7302-b15f-d5d26e4b4916","Het onbepaalde lidwoord een","het-onbepaalde-lidwoord-een",12,{"id":68,"title":69,"slug":70,"language":9,"level":10,"displayOrder":71},"01a0ba4b-8b1b-7228-af8c-17ac0c446c30","Meervouden op -en","meervouden-op-en",13,{"id":73,"title":74,"slug":75,"language":9,"level":10,"displayOrder":76},"01a0ba4b-8b1f-7950-964b-a1ad404c15ac","Meervouden op -s en 's","meervouden-op-s-en-apostrof-s",14,{"id":78,"title":79,"slug":80,"language":9,"level":10,"displayOrder":81},"01a0ba4b-8c6d-7dc6-ab35-16bde85f631d","Veelvoorkomende onregelmatige meervouden","veelvoorkomende-onregelmatige-meervouden",15,{"id":83,"title":84,"slug":85,"language":9,"level":10,"displayOrder":86},"01a0ba4b-899d-7be4-b614-20975395e6f8","Eenvoudige verkleinwoorden met -je en -tje","eenvoudige-verkleinwoorden-met-je-en-tje",16,{"id":88,"title":89,"slug":90,"language":9,"level":10,"displayOrder":91},"01a0ba4b-8ba9-7b56-ad6e-036c0afd83a6","Persoonlijke voornaamwoorden als onderwerp","persoonlijke-voornaamwoorden-als-onderwerp",17,{"id":93,"title":94,"slug":95,"language":9,"level":10,"displayOrder":96},"01a0ba4b-8ad3-74cd-af06-d68b55f58b83","Je, jij en u aanspreken","je-jij-en-u-aanspreken",18,{"id":98,"title":99,"slug":100,"language":9,"level":10,"displayOrder":101},"01a0ba4b-8871-709b-928b-2f78426a482b","Beklemtoonde en onbeklemtoonde onderwerpsvormen","beklemtoonde-en-onbeklemtoonde-onderwerpsvormen",19,{"id":103,"title":104,"slug":105,"language":9,"level":10,"displayOrder":106},"01a0ba4b-88ab-7903-8f1e-98e859066901","Bezittelijke voornaamwoorden bij een naamwoord","bezittelijke-voornaamwoorden-bij-een-naamwoord",20,{"id":108,"title":109,"slug":110,"language":9,"level":10,"displayOrder":111},"01a0ba4b-897e-7565-9a93-f65d38dde38d","Deze, die, dit en dat aanwijzen","deze-die-dit-en-dat-aanwijzen",21,{"id":113,"title":114,"slug":115,"language":9,"level":10,"displayOrder":116},"01a0ba4b-8a60-7e86-a650-0d62eb903ae0","Het werkwoord zijn in de tegenwoordige tijd","het-werkwoord-zijn-in-de-tegenwoordige-tijd",22,{"id":118,"title":119,"slug":120,"language":9,"level":10,"displayOrder":121},"01a0ba4b-8a5b-7dc3-86a1-3dd4b376b037","Het werkwoord hebben in de tegenwoordige tijd","het-werkwoord-hebben-in-de-tegenwoordige-tijd",23,{"id":123,"title":124,"slug":125,"language":9,"level":10,"displayOrder":126},"01a0ba4b-8bcf-7b17-96b3-3d0ce096e3b3","Regelmatige werkwoorden in de tegenwoordige tijd","regelmatige-werkwoorden-in-de-tegenwoordige-tijd",24,{"id":128,"title":129,"slug":130,"language":9,"level":10,"displayOrder":131},"01a0ba4b-8947-715c-b329-ba58ae5c2e6a","De stam van een werkwoord vinden","de-stam-van-een-werkwoord-vinden",25,{"id":133,"title":134,"slug":135,"language":9,"level":10,"displayOrder":136},"01a0ba4b-8d2b-7ab4-a05a-88f55a28337a","Werkwoordsvormen met -t en -d","werkwoordsvormen-met-t-en-d",26,{"id":138,"title":139,"slug":140,"language":9,"level":10,"displayOrder":141},"01a0ba4b-8c68-76e3-a5db-16b498338566","Veelgebruikte onregelmatige werkwoorden","veelgebruikte-onregelmatige-werkwoorden",27,{"id":143,"title":144,"slug":145,"language":9,"level":10,"displayOrder":146},"01a0ba4b-8bfb-7e0d-a8c9-89fe0e425bb7","Scheidbare werkwoorden in de tegenwoordige tijd","scheidbare-werkwoorden-in-de-tegenwoordige-tijd",28,{"id":148,"title":149,"slug":150,"language":9,"level":10,"displayOrder":151},"01a0ba4b-8aec-7d1b-a60f-0ea502ac8c5f","Kunnen, willen, moeten en mogen","kunnen-willen-moeten-en-mogen",29,{"id":153,"title":154,"slug":155,"language":9,"level":10,"displayOrder":156},"01a0ba4b-890f-7513-8d49-b9ada6efdd88","De gebiedende wijs","de-gebiedende-wijs",30,{"id":158,"title":159,"slug":160,"language":9,"level":10,"displayOrder":161},"01a0ba4b-8907-743c-ab57-f49c1cf61cd6","De basisvolgorde van een mededelende zin","de-basisvolgorde-van-een-mededelende-zin",31,{"id":163,"title":164,"slug":165,"language":9,"level":10,"displayOrder":166},"01a0ba4b-8937-790e-a6db-12de4f293c3d","De persoonsvorm op de tweede plaats","de-persoonsvorm-op-de-tweede-plaats",32,{"id":168,"title":169,"slug":170,"language":9,"level":10,"displayOrder":171},"01a0ba4b-8ac7-7991-bf26-9b9c72431320","Inversie na tijd en plaats","inversie-na-tijd-en-plaats",33,{"id":173,"title":174,"slug":175,"language":9,"level":10,"displayOrder":176},"01a0ba4b-8a65-7bbb-93b3-3ca1c28a457f","Het zinskader met twee werkwoorden","het-zinskader-met-twee-werkwoorden",34,{"id":178,"title":179,"slug":180,"language":9,"level":10,"displayOrder":181},"01a0ba4b-8acd-7570-ba56-88ce04558280","Ja-neevragen met inversie","ja-neevragen-met-inversie",35,{"id":183,"title":184,"slug":185,"language":9,"level":10,"displayOrder":186},"01a0ba4b-8cde-7300-830a-aa5794a4dc20","Vraagwoorden in eenvoudige vragen","vraagwoorden-in-eenvoudige-vragen",36,{"id":188,"title":189,"slug":190,"language":9,"level":10,"displayOrder":191},"01a0ba4b-8b7d-745f-abca-1a13bfda9be3","Ontkennen met niet","ontkennen-met-niet",37,{"id":193,"title":194,"slug":195,"language":9,"level":10,"displayOrder":196},"01a0ba4b-8b78-7858-b993-9170c8518752","Ontkennen met geen","ontkennen-met-geen",38,{"id":198,"title":199,"slug":200,"language":9,"level":10,"displayOrder":201},"01a0ba4b-88bf-7ea7-a50c-7274f39cbba0","Bijvoeglijke naamwoorden en de uitzondering bij een het-woord","bijvoeglijke-naamwoorden-en-de-uitzondering-bij-een-het-woord",39,{"id":203,"title":204,"slug":205,"language":9,"level":10,"displayOrder":206},"01a0ba4b-8867-7609-97d9-66b3d8eed485","Basisvoorzetsels van plaats en tijd","basisvoorzetsels-van-plaats-en-tijd",40,{"id":208,"title":209,"slug":210,"language":9,"level":10,"displayOrder":211},"01a0ba4b-8a88-7021-be52-48e4aab7ee50","Hoofdtelwoorden en aantallen","hoofdtelwoorden-en-aantallen",41,{"id":213,"title":214,"slug":215,"language":9,"level":10,"displayOrder":216},"01a0ba4b-8bbf-79ca-8709-d00ebc26530e","Rangtelwoorden en datums","rangtelwoorden-en-datums",42,{"id":218,"title":219,"slug":220,"language":9,"level":10,"displayOrder":221},"01a0ba4b-89c8-7d1c-a51c-a16727d1c740","Er is en er zijn","er-is-en-er-zijn",43,{"id":223,"title":224,"slug":225,"language":9,"level":10,"displayOrder":226},"01a0ba4b-8a8d-79ca-af90-3ef40cd6857a","Hoofdzinnen verbinden met en, maar en of","hoofdzinnen-verbinden-met-en-maar-en-of",44,{"id":228,"title":229,"slug":230,"language":9,"level":231,"displayOrder":232},"01a0ba4b-8a56-7bb1-8e39-141f60acfad3","Het trema bij botsende klinkers","het-trema-bij-botsende-klinkers","A2",45,{"id":234,"title":235,"slug":236,"language":9,"level":231,"displayOrder":237},"01a0ba4b-883b-76c5-9773-3f9bccb7952d","Accenten voor nadruk en uitspraak","accenten-voor-nadruk-en-uitspraak",46,{"id":239,"title":240,"slug":241,"language":9,"level":231,"displayOrder":242},"01a0ba4b-8a9b-706a-b8a6-c298fdf7678a","IJ of ei en au of ou spellen","ij-of-ei-en-au-of-ou-spellen",47,{"id":244,"title":245,"slug":246,"language":9,"level":231,"displayOrder":247},"01a0ba4b-89a2-7ab9-b882-800075e3ebda","Eindklanken en wisselingen tussen d en t, v en f, z en s","eindklanken-en-wisselingen-tussen-d-t-v-f-z-s",48,{"id":249,"title":250,"slug":251,"language":9,"level":231,"displayOrder":252},"01a0ba4b-8ade-76ea-98a6-573794366d51","Klinker- en medeklinkerspelling in meervouden","klinker-en-medeklinkerspelling-in-meervouden",49,{"id":254,"title":255,"slug":256,"language":9,"level":231,"displayOrder":257},"01a0ba4b-8c84-7a25-bf31-1ef3e140aa1c","Verkleinwoorden op -je, -tje, -pje, -etje en -kje","verkleinwoorden-op-je-tje-pje-etje-en-kje",50,{"id":259,"title":260,"slug":261,"language":9,"level":231,"displayOrder":262},"01a0ba4b-8c05-77e1-acf4-9db934d69ec5","Spelling van verkleinwoorden na klinkers","spelling-van-verkleinwoorden-na-klinkers",51,{"id":264,"title":265,"slug":266,"language":9,"level":231,"displayOrder":267},"01a0ba4b-8beb-7df2-870b-08702c72fb43","Samenstellingen en tussenletters","samenstellingen-en-tussenletters",52,{"id":269,"title":270,"slug":271,"language":9,"level":231,"displayOrder":272},"01a0ba4b-8b46-7183-b8ae-e8b35b9b856b","Natuurlijk geslacht bij personen en dieren","natuurlijk-geslacht-bij-personen-en-dieren",53,{"id":274,"title":275,"slug":276,"language":9,"level":231,"displayOrder":277},"01a0ba4b-8ce9-79fd-baa9-db2e0cfebf68","Wanneer een lidwoord wegblijft","wanneer-een-lidwoord-wegblijft",54,{"id":279,"title":280,"slug":281,"language":9,"level":231,"displayOrder":282},"01a0ba4b-8ba4-7bf2-8240-894d40b179fa","Persoonlijke voornaamwoorden als lijdend en meewerkend voorwerp","persoonlijke-voornaamwoorden-als-lijdend-en-meewerkend-voorwerp",55,{"id":284,"title":285,"slug":286,"language":9,"level":231,"displayOrder":287},"01a0ba4b-8d00-7c9f-b91d-b3f67e369916","Wederkerende voornaamwoorden bij dagelijkse handelingen","wederkerende-voornaamwoorden-bij-dagelijkse-handelingen",56,{"id":289,"title":290,"slug":291,"language":9,"level":231,"displayOrder":292},"01a0ba4b-89a7-7961-a088-0a996d2d0453","Elkaar als wederkerig voornaamwoord","elkaar-als-wederkerig-voornaamwoord",57,{"id":294,"title":295,"slug":296,"language":9,"level":231,"displayOrder":297},"01a0ba4b-8a96-78c9-b1c5-55d9df049328","Iemand, niemand, iets en niets","iemand-niemand-iets-en-niets",58,{"id":299,"title":300,"slug":301,"language":9,"level":231,"displayOrder":302},"01a0ba4b-8d42-71df-be56-dbd45ab0ab54","Zelfstandig gebruik van deze, die, dit en dat","zelfstandig-gebruik-van-deze-die-dit-en-dat",59,{"id":304,"title":305,"slug":306,"language":9,"level":231,"displayOrder":307},"01a0ba4b-8d4e-7ce5-afab-039fc2d6502d","Zelfstandige bezittelijke voornaamwoorden","zelfstandige-bezittelijke-voornaamwoorden",60,{"id":309,"title":310,"slug":311,"language":9,"level":231,"displayOrder":312},"01a0ba4b-89be-7a87-821b-bf950f76af86","Er als aanduiding van een plaats","er-als-aanduiding-van-een-plaats",61,{"id":314,"title":315,"slug":316,"language":9,"level":231,"displayOrder":317},"01a0ba4b-8bf6-7bcd-aa24-327a31370122","Scheidbare en onscheidbare werkwoorden herkennen","scheidbare-en-onscheidbare-werkwoorden-herkennen",62,{"id":319,"title":320,"slug":321,"language":9,"level":231,"displayOrder":322},"01a0ba4b-8b5f-7453-aab4-af4105a9563b","Onbeklemtoonde voorvoegsels be-, ge-, her-, ont- en ver-","onbeklemtoonde-voorvoegsels-be-ge-her-ont-en-ver",63,{"id":324,"title":325,"slug":326,"language":9,"level":231,"displayOrder":327},"01a0ba4b-8a42-7372-b201-afb513dfd163","Het perfectum met hebben","het-perfectum-met-hebben",64,{"id":329,"title":330,"slug":331,"language":9,"level":231,"displayOrder":332},"01a0ba4b-8a47-79e1-9e1a-1500b1c262d3","Het perfectum met zijn","het-perfectum-met-zijn",65,{"id":334,"title":335,"slug":336,"language":9,"level":231,"displayOrder":337},"01a0ba4b-8a2c-787b-9f4b-71b7dd145f99","'t kofschip en het voltooid deelwoord","het-kofschip",66,{"id":339,"title":340,"slug":341,"language":9,"level":231,"displayOrder":342},"01a0ba4b-8c9f-70ac-ae83-6de1c1344585","Voltooide deelwoorden van scheidbare en onscheidbare werkwoorden","voltooide-deelwoorden-van-scheidbare-en-onscheidbare-werkwoorden",67,{"id":344,"title":345,"slug":346,"language":9,"level":231,"displayOrder":347},"01a0ba4b-8b73-7a58-8e24-c6390984b8d4","Onregelmatige voltooide deelwoorden","onregelmatige-voltooide-deelwoorden",68,{"id":349,"title":350,"slug":351,"language":9,"level":231,"displayOrder":352},"01a0ba4b-8a27-7c1c-af66-7383f8c89dbe","Het imperfectum van regelmatige werkwoorden","het-imperfectum-van-regelmatige-werkwoorden",69,{"id":354,"title":355,"slug":356,"language":9,"level":231,"displayOrder":357},"01a0ba4b-8a22-7d3a-a1df-740d81b793b2","Het imperfectum van onregelmatige werkwoorden","het-imperfectum-van-onregelmatige-werkwoorden",70,{"id":359,"title":360,"slug":361,"language":9,"level":231,"displayOrder":362},"01a0ba4b-8b96-7433-8cbe-230bd2eb6d68","Perfectum en imperfectum in alledaagse verhalen","perfectum-en-imperfectum-in-alledaagse-verhalen",71,{"id":364,"title":365,"slug":366,"language":9,"level":231,"displayOrder":367},"01a0ba4b-8a51-7c31-a505-58ffa2df00cf","Het plusquamperfectum voor een eerder verleden","het-plusquamperfectum-voor-een-eerder-verleden",72,{"id":369,"title":370,"slug":371,"language":9,"level":231,"displayOrder":372},"01a0ba4b-8951-71b1-ac16-af18ac47a221","De toekomst met gaan","de-toekomst-met-gaan",73,{"id":374,"title":375,"slug":376,"language":9,"level":231,"displayOrder":377},"01a0ba4b-8956-733e-9339-fea32e5ff0ce","De toekomst met zullen","de-toekomst-met-zullen",74,{"id":379,"title":380,"slug":381,"language":9,"level":231,"displayOrder":382},"01a0ba4b-8998-7c2b-b340-b502436665c9","Doel uitdrukken met om te","doel-uitdrukken-met-om-te",75,{"id":384,"title":385,"slug":386,"language":9,"level":231,"displayOrder":387},"01a0ba4b-8d1d-72a6-961a-ba3b9df2bbdf","Werkwoorden die een te-infinitief krijgen","werkwoorden-die-een-te-infinitief-krijgen",76,{"id":389,"title":390,"slug":391,"language":9,"level":231,"displayOrder":392},"01a0ba4b-88a3-7417-8f7b-0a7af50301e1","Bezig zijn met aan het en een infinitief","bezig-zijn-met-aan-het-en-een-infinitief",77,{"id":394,"title":395,"slug":396,"language":9,"level":231,"displayOrder":397},"01a0ba4b-8d67-7c7a-a8a4-a90aecfeb651","Zitten, staan, liggen en lopen te","zitten-staan-liggen-en-lopen-te",78,{"id":399,"title":400,"slug":401,"language":9,"level":231,"displayOrder":402},"01a0ba4b-8c38-79c0-95eb-c9bab8f41228","Tijd, manier en plaats in het middenstuk","tijd-manier-en-plaats-in-het-middenstuk",79,{"id":404,"title":405,"slug":406,"language":9,"level":231,"displayOrder":407},"01a0ba4b-8979-713a-b198-a682e3d84d78","De werkwoordelijke tang in de hoofdzin","de-werkwoordelijke-tang-in-de-hoofdzin",80,{"id":409,"title":410,"slug":411,"language":9,"level":231,"displayOrder":412},"01a0ba4b-88ce-7ebd-9d5f-43612bb1f1c5","Bijzinnen met omdat","bijzinnen-met-omdat",81,{"id":414,"title":415,"slug":416,"language":9,"level":231,"displayOrder":417},"01a0ba4b-8cef-72d5-a29a-f5ffdc887e45","Want en omdat vergelijken","want-en-omdat-vergelijken",82,{"id":419,"title":420,"slug":421,"language":9,"level":231,"displayOrder":422},"01a0ba4b-8ab3-7bfc-9875-1ec855e5d96e","Inhoudszinnen met dat","inhoudszinnen-met-dat",83,{"id":424,"title":425,"slug":426,"language":9,"level":231,"displayOrder":427},"01a0ba4b-8a9f-7b15-8a5f-35804c226da6","Indirecte ja-neevragen met of","indirecte-ja-neevragen-met-of",84,{"id":429,"title":430,"slug":431,"language":9,"level":231,"displayOrder":432},"01a0ba4b-8ac1-7c50-8d4e-39985be9554a","Inversie na een bijzin","inversie-na-een-bijzin",85,{"id":434,"title":435,"slug":436,"language":9,"level":231,"displayOrder":437},"01a0ba4b-887e-7e76-b9e2-c037c00bbfec","Beleefde verzoeken met even, maar en alstublieft","beleefde-verzoeken-met-even-maar-en-alstublieft",86,{"id":439,"title":440,"slug":441,"language":9,"level":231,"displayOrder":442},"01a0ba4b-8942-7541-b31a-8863dcdd0857","De plaats van niet in de eenvoudige zin","de-plaats-van-niet-in-de-eenvoudige-zin",87,{"id":444,"title":445,"slug":446,"language":9,"level":231,"displayOrder":447},"01a0ba4b-895b-72b5-b26a-e2b99406dc95","De vergrotende en overtreffende trap","de-vergrotende-en-overtreffende-trap",88,{"id":449,"title":450,"slug":451,"language":9,"level":231,"displayOrder":452},"01a0ba4b-8c7e-7e35-9ec2-cc9d688c5fba","Vergelijken met dan en als","vergelijken-met-dan-en-als",89,{"id":454,"title":455,"slug":456,"language":9,"level":231,"displayOrder":457},"01a0ba4b-8c63-7588-9931-4c956065e266","Veel, weinig, genoeg, meer en minder","veel-weinig-genoeg-meer-en-minder",90,{"id":459,"title":460,"slug":461,"language":9,"level":231,"displayOrder":462},"01a0ba4b-8c73-70d5-b945-950d00700878","Veelvoorkomende vaste voorzetselcombinaties","veelvoorkomende-vaste-voorzetselcombinaties",91,{"id":464,"title":465,"slug":466,"language":9,"level":231,"displayOrder":467},"01a0ba4b-8c3f-78c9-926d-2f82bd4bee0f","Tijdsduur met al, sinds, vanaf en gedurende","tijdsduur-met-al-sinds-vanaf-en-gedurende",92,{"id":469,"title":470,"slug":471,"language":9,"level":231,"displayOrder":472},"01a0ba4b-88a7-7681-a830-52fdd77a64aa","Bezitsrelaties met van en apostrof-s","bezitsrelaties-met-van-en-apostrof-s",93,{"id":474,"title":475,"slug":476,"language":9,"level":231,"displayOrder":477},"01a0ba4b-8b6e-7e23-8519-9af18e867efd","Onregelmatige trappen van vergelijking","onregelmatige-trappen-van-vergelijking",94,{"id":479,"title":480,"slug":481,"language":9,"level":231,"displayOrder":482},"01a0ba4b-88c4-7859-852a-22ba4efa3a7a","Bijwoorden van frequentie en graad","bijwoorden-van-frequentie-en-graad",95,{"id":484,"title":485,"slug":486,"language":9,"level":231,"displayOrder":487},"01a0ba4b-8cd8-74ec-852d-9c101777836a","Voorzetsels bij richting en verplaatsing","voorzetsels-bij-richting-en-verplaatsing",96,{"id":489,"title":490,"slug":491,"language":9,"level":492,"displayOrder":493},"01a0ba4b-8d26-7b4b-be17-687d878c0751","Werkwoordspelling van stam tot verleden tijd","werkwoordspelling-van-stam-tot-verleden-tijd","B1",97,{"id":495,"title":496,"slug":497,"language":9,"level":492,"displayOrder":498},"01a0ba4b-8c4f-7144-b05f-05ff200ffd47","Tussen-n en tussen-s in samenstellingen","tussen-n-en-tussen-s-in-samenstellingen",98,{"id":500,"title":501,"slug":502,"language":9,"level":492,"displayOrder":503},"01a0ba4b-885a-7d0b-9c8a-79a701bd718a","Apostroffen en meervouden van leenwoorden","apostroffen-en-meervouden-van-leenwoorden",99,{"id":505,"title":506,"slug":507,"language":9,"level":492,"displayOrder":508},"01a0ba4b-8c18-7c39-8850-4aa863644dc2","Telbare en niet-telbare zelfstandige naamwoorden","telbare-en-niet-telbare-zelfstandige-naamwoorden",100,{"id":510,"title":511,"slug":512,"language":9,"level":492,"displayOrder":513},"01a0ba4b-8d56-7170-8598-3f83e20d35d9","Zelfstandige naamwoorden maken met achtervoegsels","zelfstandige-naamwoorden-maken-met-achtervoegsels",101,{"id":515,"title":516,"slug":517,"language":9,"level":492,"displayOrder":518},"01a0ba4b-8c8a-748a-a010-6d01a5dc3f4f","Verkleinwoorden voor betekenis en houding","verkleinwoorden-voor-betekenis-en-houding",102,{"id":520,"title":521,"slug":522,"language":9,"level":492,"displayOrder":523},"01a0ba4b-8bae-789f-a518-7256f03bc1d0","Presentatief er bij een onbepaald onderwerp","presentatief-er-bij-een-onbepaald-onderwerp",103,{"id":525,"title":526,"slug":527,"language":9,"level":492,"displayOrder":528},"01a0ba4b-8af1-72d6-98bb-ea7292642865","Kwantitatief er met aantallen en hoeveelheden","kwantitatief-er-met-aantallen-en-hoeveelheden",104,{"id":530,"title":531,"slug":532,"language":9,"level":492,"displayOrder":533},"01a0ba4b-89cd-7ad4-a14d-0ea3aaa695b0","Er met een voorzetsel","er-met-een-voorzetsel",105,{"id":535,"title":536,"slug":537,"language":9,"level":492,"displayOrder":538},"01a0ba4b-8a6a-7b57-a92b-93358fecbfe3","Hier- en daarwoorden met een voorzetsel","hier-en-daarwoorden-met-een-voorzetsel",106,{"id":540,"title":541,"slug":542,"language":9,"level":492,"displayOrder":543},"01a0ba4b-8a08-7db9-896c-f605ce17aecf","Gesplitste voornaamwoordelijke bijwoorden","gesplitste-voornaamwoordelijke-bijwoorden",107,{"id":545,"title":546,"slug":547,"language":9,"level":492,"displayOrder":548},"01a0ba4b-8a92-7104-a45e-2a65bcd86674","Iedereen, alles, men en algemeen je","iedereen-alles-men-en-algemeen-je",108,{"id":550,"title":551,"slug":552,"language":9,"level":492,"displayOrder":553},"01a0ba4b-8c5e-77df-a653-814551bdae5e","Vaste wederkerende en wederkerige werkwoorden","vaste-wederkerende-en-wederkerige-werkwoorden",109,{"id":555,"title":556,"slug":557,"language":9,"level":492,"displayOrder":558},"01a0ba4b-8b9b-72a6-98d3-2dd2dda56bb7","Perfectum en imperfectum in een samenhangend verhaal","perfectum-en-imperfectum-in-een-samenhangend-verhaal",110,{"id":560,"title":561,"slug":562,"language":9,"level":492,"displayOrder":563},"01a0ba4b-8a4c-7cff-a8fa-d1e2e50d01ba","Het plusquamperfectum in tijdsvolgorde","het-plusquamperfectum-in-tijdsvolgorde",111,{"id":565,"title":566,"slug":567,"language":9,"level":492,"displayOrder":568},"01a0ba4b-8a3d-74ad-82eb-9a81aa9ae38c","Het perfectum met een modaal werkwoord","het-perfectum-met-een-modaal-werkwoord",112,{"id":570,"title":571,"slug":572,"language":9,"level":492,"displayOrder":573},"01a0ba4b-8d7d-75ca-85ab-db19d1769f70","Zullen voor voorspellingen, beloften en aannames","zullen-voor-voorspellingen-beloften-en-aannames",113,{"id":575,"title":576,"slug":577,"language":9,"level":492,"displayOrder":578},"01a0ba4b-8d6d-75b7-82bb-ab97af5da2b1","Zou als toekomst vanuit het verleden","zou-als-toekomst-vanuit-het-verleden",114,{"id":580,"title":581,"slug":582,"language":9,"level":492,"displayOrder":583},"01a0ba4b-8c49-7dfd-8e7b-f19065381670","Tijdsprongen in verhalen markeren","tijdsprongen-in-verhalen-markeren",115,{"id":585,"title":586,"slug":587,"language":9,"level":492,"displayOrder":588},"01a0ba4b-8d22-7010-8019-e829016edf67","Werkwoorden met een vast voorzetsel","werkwoorden-met-een-vast-voorzetsel",116,{"id":590,"title":591,"slug":592,"language":9,"level":492,"displayOrder":593},"01a0ba4b-886c-75b9-b640-aace3da13a67","Beginnen, blijven, stoppen en doorgaan als fasewerkwoorden","beginnen-blijven-stoppen-en-doorgaan-als-fasewerkwoorden",117,{"id":595,"title":596,"slug":597,"language":9,"level":492,"displayOrder":598},"01a0ba4b-8d3b-7a9f-a2e4-e6e1fd140050","Worden, blijven, blijken en lijken als koppelwerkwoorden","worden-blijven-blijken-en-lijken-als-koppelwerkwoorden",118,{"id":600,"title":601,"slug":602,"language":9,"level":492,"displayOrder":603},"01a0ba4b-8d18-71b6-a8e1-a159aa6697c3","Werkwoorden achteraan in de bijzin","werkwoorden-achteraan-in-de-bijzin",119,{"id":605,"title":606,"slug":607,"language":9,"level":492,"displayOrder":608},"01a0ba4b-8c54-7240-82d4-46d7ad35a5d4","Twee werkwoorden in de bijzin","twee-werkwoorden-in-de-bijzin",120,{"id":610,"title":611,"slug":612,"language":9,"level":492,"displayOrder":613},"01a0ba4b-8cbf-7403-bb48-9f3a39d157e4","Voornaamwoorden en bepalingen in het middenstuk","voornaamwoorden-en-bepalingen-in-het-middenstuk",121,{"id":615,"title":616,"slug":617,"language":9,"level":492,"displayOrder":618},"01a0ba4b-893c-7be7-b102-7f79cc64c2f1","De plaats van niet bij werkwoorden en bepalingen","de-plaats-van-niet-bij-werkwoorden-en-bepalingen",122,{"id":620,"title":621,"slug":622,"language":9,"level":492,"displayOrder":623},"01a0ba4b-884d-7c53-9443-5e6c22bcf310","Als, wanneer en toen voor tijd","als-wanneer-en-toen-voor-tijd",123,{"id":625,"title":626,"slug":627,"language":9,"level":492,"displayOrder":628},"01a0ba4b-8c27-7e6e-93d5-e8b43acb0927","Terwijl en toen in beschrijving en verhaal","terwijl-en-toen-in-beschrijving-en-verhaal",124,{"id":630,"title":631,"slug":632,"language":9,"level":492,"displayOrder":633},"01a0ba4b-8ca9-74e1-b5fd-9c2c7b327ec3","Voordat, nadat en totdat","voordat-nadat-en-totdat",125,{"id":635,"title":636,"slug":637,"language":9,"level":492,"displayOrder":638},"01a0ba4b-8ccc-7f50-ac06-a43b549bfa23","Voorwaarden met als en tenzij","voorwaarden-met-als-en-tenzij",126,{"id":640,"title":641,"slug":642,"language":9,"level":492,"displayOrder":643},"01a0ba4b-8c14-7295-8ec8-823481094d8c","Tegenstellingen met hoewel en ook al","tegenstellingen-met-hoewel-en-ook-al",127,{"id":645,"title":646,"slug":647,"language":9,"level":492,"displayOrder":648},"01a0ba4b-8a13-7a97-9d8e-30df8e25cee4","Gevolg uitdrukken met zodat en waardoor","gevolg-uitdrukken-met-zodat-en-waardoor",128,{"id":650,"title":651,"slug":652,"language":9,"level":492,"displayOrder":653},"01a0ba4b-8aa4-7f2c-9483-ca068210593f","Indirecte rede met dat en of","indirecte-rede-met-dat-en-of",129,{"id":655,"title":656,"slug":657,"language":9,"level":492,"displayOrder":658},"01a0ba4b-889a-72b7-b319-38287ecbeed0","Betrekkelijke bijzinnen met die en dat","betrekkelijke-bijzinnen-met-die-en-dat",130,{"id":660,"title":661,"slug":662,"language":9,"level":492,"displayOrder":663},"01a0ba4b-8cd2-7938-8779-ae39d4dc8377","Voorzetsel plus wie en waar plus voorzetsel","voorzetsel-plus-wie-en-waar-plus-voorzetsel",131,{"id":665,"title":666,"slug":667,"language":9,"level":492,"displayOrder":668},"01a0ba4b-8cf4-78eb-866e-888a781e2a62","Wat als betrekkelijk voornaamwoord","wat-als-betrekkelijk-voornaamwoord",132,{"id":670,"title":671,"slug":672,"language":9,"level":492,"displayOrder":673},"01a0ba4b-8896-7047-b4db-4fa96401be6c","Betrekkelijke bijwoorden met waar","betrekkelijke-bijwoorden-met-waar",133,{"id":675,"title":676,"slug":677,"language":9,"level":492,"displayOrder":678},"01a0ba4b-8c0f-74b0-965c-85fbdbf3e755","Te en om te bij infinitiefconstructies","te-en-om-te-bij-infinitiefconstructies",134,{"id":680,"title":681,"slug":682,"language":9,"level":492,"displayOrder":683},"01a0ba4b-8a6f-7ceb-a0f7-d5116fafa9fb","Hoeven te en durven te","hoeven-te-en-durven-te",135,{"id":685,"title":686,"slug":687,"language":9,"level":492,"displayOrder":688},"01a0ba4b-8af5-7504-be93-bd68fa25b103","Laten en doen met een infinitief","laten-en-doen-met-een-infinitief",136,{"id":690,"title":691,"slug":692,"language":9,"level":492,"displayOrder":693},"01a0ba4b-892c-7298-a18f-eca5dc27bed9","De lijdende vorm met worden","de-lijdende-vorm-met-worden",137,{"id":695,"title":696,"slug":697,"language":9,"level":492,"displayOrder":698},"01a0ba4b-896e-7b18-8172-1b381a55ca10","De voltooide lijdende vorm met zijn","de-voltooide-lijdende-vorm-met-zijn",138,{"id":700,"title":701,"slug":702,"language":9,"level":492,"displayOrder":703},"01a0ba4b-8d72-7be2-be7b-5d672d145758","Zou en zouden voor advies en beleefde verzoeken","zou-en-zouden-voor-advies-en-beleefde-verzoeken",139,{"id":705,"title":706,"slug":707,"language":9,"level":492,"displayOrder":708},"01a0ba4b-8bca-7735-b371-9ecae0f90d76","Reële en mogelijke voorwaarden met als","reele-en-mogelijke-voorwaarden-met-als",140,{"id":710,"title":711,"slug":712,"language":9,"level":492,"displayOrder":713},"01a0ba4b-8c78-7a02-91ff-98b545bf9891","Verbanden markeren in verhaal en betoog","verbanden-markeren-in-verhaal-en-betoog",141,{"id":715,"title":716,"slug":717,"language":9,"level":492,"displayOrder":718},"01a0ba4b-8b64-723e-b928-67b424e66aea","Onbepaalde hoeveelheden met wat, enkele en verscheidene","onbepaalde-hoeveelheden-met-wat-enkele-en-verscheidene",142,{"id":720,"title":721,"slug":722,"language":9,"level":492,"displayOrder":723},"01a0ba4b-8bf1-7216-ba74-a4ae3d2ac863","Samenstellingen interpreteren en zelf vormen","samenstellingen-interpreteren-en-zelf-vormen",143,{"id":725,"title":726,"slug":727,"language":9,"level":492,"displayOrder":728},"01a0ba4b-8993-7b0e-a0f7-c69b3304644c","Dit, dat en zo als tekstverwijzers","dit-dat-en-zo-als-tekstverwijzers",144,{"id":730,"title":731,"slug":732,"language":9,"level":492,"displayOrder":733},"01a0ba4b-88d3-7a02-96e8-5ffccdb6ef3e","Bronnen weergeven met afstand en zekerheid","bronnen-weergeven-met-afstand-en-zekerheid",145,{"id":735,"title":736,"slug":737,"language":9,"level":492,"displayOrder":738},"01a0ba4b-8842-774d-8478-b4a6473c8846","Afzwakken en zekerheid doseren","afzwakken-en-zekerheid-doseren",146,{"id":740,"title":741,"slug":742,"language":9,"level":492,"displayOrder":743},"01a0ba4b-8bba-72ef-a8fd-24f8cf944e11","Professioneel register afstemmen op publiek en doel","professioneel-register-afstemmen-op-publiek-en-doel",147,{"id":745,"title":746,"slug":747,"language":9,"level":748,"displayOrder":749},"01a0ba4b-8861-763c-9cb5-3b69f489501a","Assimilatie en klankverbinding in vloeiende spraak","assimilatie-en-klankverbinding-in-vloeiende-spraak","B2",148,{"id":751,"title":752,"slug":753,"language":9,"level":748,"displayOrder":754},"01a0ba4b-8d5c-7448-a8ed-cab5ab14cf00","Zinsaccent en intonatie voor nieuwe informatie","zinsaccent-en-intonatie-voor-nieuwe-informatie",149,{"id":756,"title":757,"slug":758,"language":9,"level":748,"displayOrder":759},"01a0ba4b-8b33-79ad-828e-5e317f92024a","Moeilijke gevallen van d, t en dt","moeilijke-gevallen-van-d-t-en-dt",150,{"id":761,"title":762,"slug":763,"language":9,"level":748,"displayOrder":764},"01a0ba4b-8ae3-7644-92ce-0f7a90f5987d","Koppelteken, trema en tussenletters in samenstellingen","koppelteken-trema-en-tussenletters-in-samenstellingen",151,{"id":766,"title":767,"slug":768,"language":9,"level":748,"displayOrder":769},"01a0ba4b-8a81-7a52-bae3-e76afb2579bf","Hoofdletters en leestekens in formele teksten","hoofdletters-en-leestekens-in-formele-teksten",152,{"id":771,"title":772,"slug":773,"language":9,"level":748,"displayOrder":774},"01a0ba4b-8b4f-7f0b-a6fc-0c11c749e79d","Nominalisaties in informatieve teksten","nominalisaties-in-informatieve-teksten",153,{"id":776,"title":777,"slug":778,"language":9,"level":748,"displayOrder":779},"01a0ba4b-88ba-7f7c-bef5-2a5be5180ac7","Bijvoeglijk gebruikte deelwoorden en hun spelling","bijvoeglijk-gebruikte-deelwoorden-en-hun-spelling",154,{"id":781,"title":782,"slug":783,"language":9,"level":748,"displayOrder":784},"01a0ba4b-8d48-7975-926a-10f6a473824f","Zelfstandig gebruikte bijvoeglijke naamwoorden","zelfstandig-gebruikte-bijvoeglijke-naamwoorden",155,{"id":786,"title":787,"slug":788,"language":9,"level":748,"displayOrder":789},"01a0ba4b-8b16-795f-adcd-1c534952ca0f","Meerdere functies van er in één zin","meerdere-functies-van-er-in-een-zin",156,{"id":791,"title":792,"slug":793,"language":9,"level":748,"displayOrder":794},"01a0ba4b-8d35-7afa-a026-514562d280d4","Woordvolgorde bij presentatief er","woordvolgorde-bij-presentatief-er",157,{"id":796,"title":797,"slug":798,"language":9,"level":748,"displayOrder":799},"01a0ba4b-88eb-7905-abcb-7079857bb0f1","Complexe hoeveelheidsconstructies met er","complexe-hoeveelheidsconstructies-met-er",158,{"id":801,"title":802,"slug":803,"language":9,"level":748,"displayOrder":804},"01a0ba4b-8cb3-7b56-b860-963f7c68ebc0","Voornaamwoordelijke bijwoorden voor zaken en personen","voornaamwoordelijke-bijwoorden-voor-zaken-en-personen",159,{"id":806,"title":807,"slug":808,"language":9,"level":748,"displayOrder":809},"01a0ba4b-8ce3-7e7a-9447-28112fcf53da","Waarmee, waarover en waarop in vraag en verwijzing","waarmee-waarover-en-waarop-in-vraag-en-verwijzing",160,{"id":811,"title":812,"slug":813,"language":9,"level":748,"displayOrder":814},"01a0ba4b-8c44-7c98-98ff-211d1b8ec869","Tijdsperspectief kiezen in verhalen","tijdsperspectief-kiezen-in-verhalen",161,{"id":816,"title":817,"slug":818,"language":9,"level":748,"displayOrder":819},"01a0ba4b-8913-7733-9229-19fe08b6598c","De historische tegenwoordige tijd","de-historische-tegenwoordige-tijd",162,{"id":821,"title":822,"slug":823,"language":9,"level":748,"displayOrder":824},"01a0ba4b-8b9f-7deb-a298-15bbf3486984","Perfectum en plusquamperfectum in complexe vertellingen","perfectum-en-plusquamperfectum-in-complexe-vertellingen",163,{"id":826,"title":827,"slug":828,"language":9,"level":748,"displayOrder":829},"01a0ba4b-8c1d-75b0-be8a-3b7b2ae131eb","Temporeel en modaal zullen onderscheiden","temporeel-en-modaal-zullen-onderscheiden",164,{"id":831,"title":832,"slug":833,"language":9,"level":748,"displayOrder":834},"01a0ba4b-8d78-70fd-81a1-803404a3de92","Zou voor onzekerheid en informatie uit tweede hand","zou-voor-onzekerheid-en-informatie-uit-tweede-hand",165,{"id":836,"title":837,"slug":838,"language":9,"level":748,"displayOrder":839},"01a0ba4b-8960-72af-9e97-fa0d7bae46a0","De vervangende infinitief in het perfectum","de-vervangende-infinitief-in-het-perfectum",166,{"id":841,"title":842,"slug":843,"language":9,"level":748,"displayOrder":844},"01a0ba4b-8c9a-711a-866e-0f208e490710","Voltooide constructies met modale werkwoorden","voltooide-constructies-met-modale-werkwoorden",167,{"id":846,"title":847,"slug":848,"language":9,"level":748,"displayOrder":849},"01a0ba4b-8964-7d35-9bef-9ace62f5a404","De volgorde in clusters van drie werkwoorden","de-volgorde-in-clusters-van-drie-werkwoorden",168,{"id":851,"title":852,"slug":853,"language":9,"level":748,"displayOrder":854},"01a0ba4b-8c00-7a1b-a7d0-5306815f481c","Scheidbare werkwoorden in werkwoordclusters","scheidbare-werkwoorden-in-werkwoordclusters",169,{"id":856,"title":857,"slug":858,"language":9,"level":748,"displayOrder":859},"01a0ba4b-8be6-791a-a91b-c4e4e710b4e2","Rode en groene volgorde in de bijzin","rode-en-groene-volgorde-in-de-bijzin",170,{"id":861,"title":862,"slug":863,"language":9,"level":748,"displayOrder":864},"01a0ba4b-894c-7323-870c-d03909e1bad2","De tangconstructie met een lang middenstuk","de-tangconstructie-met-een-lang-middenstuk",171,{"id":866,"title":867,"slug":868,"language":9,"level":748,"displayOrder":869},"01a0ba4b-88c9-784d-8839-3d08c55b5424","Bijzinnen en woordgroepen in de uitloop","bijzinnen-en-woordgroepen-in-de-uitloop",172,{"id":871,"title":872,"slug":873,"language":9,"level":748,"displayOrder":874},"01a0ba4b-8b0d-7305-9280-ef11268ee643","Linksplaatsing en hervatting met een voornaamwoord","linksplaatsing-en-hervatting-met-een-voornaamwoord",173,{"id":876,"title":877,"slug":878,"language":9,"level":748,"displayOrder":879},"01a0ba4b-8abb-778a-b78f-b3f5d8855135","Inversie na complexe vooropplaatsing","inversie-na-complexe-vooropplaatsing",174,{"id":881,"title":882,"slug":883,"language":9,"level":748,"displayOrder":884},"01a0ba4b-8aae-7a6c-aa8f-c49cfb96327a","Ingebedde vragen en vraagwoordzinnen","ingebedde-vragen-en-vraagwoordzinnen",175,{"id":886,"title":887,"slug":888,"language":9,"level":748,"displayOrder":889},"01a0ba4b-8b5a-7274-8fbb-cfe29611a76a","Omdat, doordat, aangezien en want","omdat-doordat-aangezien-en-want",176,{"id":891,"title":892,"slug":893,"language":9,"level":748,"displayOrder":894},"01a0ba4b-8a75-73ce-bdd3-8c7e5ca3f31d","Hoewel, ofschoon, ondanks en desondanks","hoewel-ofschoon-ondanks-en-desondanks",177,{"id":896,"title":897,"slug":898,"language":9,"level":748,"displayOrder":899},"01a0ba4b-8848-7308-ae1b-5e9b078a21d2","Als, indien, mits en tenzij voor voorwaarden","als-indien-mits-en-tenzij-voor-voorwaarden",178,{"id":901,"title":902,"slug":903,"language":9,"level":748,"displayOrder":904},"01a0ba4b-89d2-7e0b-a15d-e6131d8f633e","Evenredige vergelijking met hoe en des te","evenredige-vergelijking-met-hoe-en-des-te",179,{"id":906,"title":907,"slug":908,"language":9,"level":748,"displayOrder":909},"01a0ba4b-8875-7a7f-ba1e-d067a39069c3","Beknopte bepalingen met tegenwoordige en voltooide deelwoorden","beknopte-bepalingen-met-tegenwoordige-en-voltooide-deelwoorden",180,{"id":911,"title":912,"slug":913,"language":9,"level":748,"displayOrder":914},"01a0ba4b-8883-72cc-98a4-94343e4f5bfc","Beperkende en uitbreidende betrekkelijke bijzinnen","beperkende-en-uitbreidende-betrekkelijke-bijzinnen",181,{"id":916,"title":917,"slug":918,"language":9,"level":748,"displayOrder":919},"01a0ba4b-8932-78a6-addf-7b2435a81866","De onpersoonlijke lijdende vorm met er","de-onpersoonlijke-lijdende-vorm-met-er",182,{"id":921,"title":922,"slug":923,"language":9,"level":748,"displayOrder":924},"01a0ba4b-8b91-7518-a27d-a7365466884d","Passieve zinnen met modale en voltooide vormen","passieve-zinnen-met-modale-en-voltooide-vormen",183,{"id":926,"title":927,"slug":928,"language":9,"level":748,"displayOrder":929},"01a0ba4b-8927-7af2-8bec-06615ad26161","De krijgen-constructie bij overdracht","de-krijgen-constructie-bij-overdracht",184,{"id":931,"title":932,"slug":933,"language":9,"level":748,"displayOrder":934},"01a0ba4b-898e-78cd-bd1a-d5a07ca9ccf6","Directe en indirecte rede met tijd- en plaatsverschuiving","directe-en-indirecte-rede-met-tijd-en-plaatsverschuiving",185,{"id":936,"title":937,"slug":938,"language":9,"level":748,"displayOrder":939},"01a0ba4b-889e-793d-ba6f-5dae28eafedf","Bevelen en verzoeken indirect weergeven","bevelen-en-verzoeken-indirect-weergeven",186,{"id":941,"title":942,"slug":943,"language":9,"level":748,"displayOrder":944},"01a0ba4b-8d06-7972-a5b6-8cb6a050167e","Wel, toch, even, maar, eens en nou als modale partikels","wel-toch-even-maar-eens-en-nou-als-modale-partikels",187,{"id":946,"title":947,"slug":948,"language":9,"level":748,"displayOrder":949},"01a0ba4b-88e1-7670-ad5e-b5ad8a0af8b9","Combinaties van modale partikels en hun intonatie","combinaties-van-modale-partikels-en-hun-intonatie",188,{"id":951,"title":952,"slug":953,"language":9,"level":748,"displayOrder":954},"01a0ba4b-8c94-7d02-9e7d-fb006bb9593c","Verwijzing en signaalwoorden in een betoog","verwijzing-en-signaalwoorden-in-een-betoog",189,{"id":956,"title":957,"slug":958,"language":9,"level":748,"displayOrder":959},"01a0ba4b-89dd-718f-8ee2-37a48218817e","Formele e-mails, verslagen en adviezen structureren","formele-e-mails-verslagen-en-adviezen-structureren",190,{"id":961,"title":962,"slug":963,"language":9,"level":748,"displayOrder":964},"01a0ba4b-8bb3-7544-aa39-faa0ecdb8456","Productieve afleidingen en nominalisaties","productieve-afleidingen-en-nominalisaties",191,{"id":966,"title":967,"slug":968,"language":9,"level":748,"displayOrder":969},"01a0ba4b-8b08-7855-bf64-93e9361e6c98","Lidwoordkeuze bij abstracte, institutionele en stoffelijke namen","lidwoordkeuze-bij-abstracte-institutionele-en-stoffelijke-namen",192,{"id":971,"title":972,"slug":973,"language":9,"level":748,"displayOrder":974},"01a0ba4b-8902-7e43-9b3b-a4bedec4bce1","Creatieve woordvorming met samenstelling en afleiding","creatieve-woordvorming-met-samenstelling-en-afleiding",193,{"id":976,"title":977,"slug":978,"language":9,"level":748,"displayOrder":979},"01a0ba4b-8b8c-7138-ac2b-739b5849b7cd","Parenthetische toevoegingen en tussenzinnen","parenthetische-toevoegingen-en-tussenzinnen",194,{"id":981,"title":982,"slug":983,"language":9,"level":984,"displayOrder":985},"01a0ba4b-8c59-744f-9954-4dad96d6b47c","Uitspraakreductie en verzorgd spreken per situatie","uitspraakreductie-en-verzorgd-spreken-per-situatie","C1",195,{"id":987,"title":988,"slug":989,"language":9,"level":984,"displayOrder":990},"01a0ba4b-8aff-7801-ad31-043ec2109822","Leestekens in lange en gelaagde zinnen","leestekens-in-lange-en-gelaagde-zinnen",196,{"id":992,"title":993,"slug":994,"language":9,"level":984,"displayOrder":995},"01a0ba4b-89b3-7a37-8149-77c0f8601174","Engelse leenwerkwoorden volgens de Nederlandse spelling","engelse-leenwerkwoorden-volgens-de-nederlandse-spelling",197,{"id":997,"title":998,"slug":999,"language":9,"level":984,"displayOrder":1000},"01a0ba4b-8a18-79ef-b865-80be3240a8eb","Grensgevallen tussen bijvoeglijk naamwoord en bijwoord","grensgevallen-tussen-bijvoeglijk-naamwoord-en-bijwoord",198,{"id":1002,"title":1003,"slug":1004,"language":9,"level":984,"displayOrder":1005},"01a0ba4b-8891-7b07-8277-2d09f93097aa","Betekenisverschillen door de- en het-variatie","betekenisverschillen-door-de-en-het-variatie",199,{"id":1007,"title":1008,"slug":1009,"language":9,"level":984,"displayOrder":1010},"01a0ba4b-8c8f-7a74-90b3-6f9644477629","Verwijsketens zonder dubbelzinnige voornaamwoorden","verwijsketens-zonder-dubbelzinnige-voornaamwoorden",200,{"id":1012,"title":1013,"slug":1014,"language":9,"level":984,"displayOrder":1015},"01a0ba4b-89c3-7d86-9a4b-b0273f2b3875","Er, daar en hier in vaste uitdrukkingen","er-daar-en-hier-in-vaste-uitdrukkingen",201,{"id":1017,"title":1018,"slug":1019,"language":9,"level":984,"displayOrder":1020},"01a0ba4b-8cae-76c5-9faa-a78c7c473a99","Voornaamwoordelijke bijwoorden in spreektaal en schrijftaal","voornaamwoordelijke-bijwoorden-in-spreektaal-en-schrijftaal",202,{"id":1022,"title":1023,"slug":1024,"language":9,"level":984,"displayOrder":1025},"01a0ba4b-89d7-7dd1-857e-c54664898a97","Fase, duur en voltooiing als aspectuele keuze","fase-duur-en-voltooiing-als-aspectuele-keuze",203,{"id":1027,"title":1028,"slug":1029,"language":9,"level":984,"displayOrder":1030},"01a0ba4b-8c22-7563-a522-69538e76339c","Temporeel gezichtspunt en verschuivende verteltijd","temporeel-gezichtspunt-en-verschuivende-verteltijd",204,{"id":1032,"title":1033,"slug":1034,"language":9,"level":984,"displayOrder":1035},"01a0ba4b-8969-7930-8953-bd06179ab5dc","De voltooid toekomende tijd","de-voltooid-toekomende-tijd",205,{"id":1037,"title":1038,"slug":1039,"language":9,"level":984,"displayOrder":1040},"01a0ba4b-8973-7d1b-8b6e-5bf91a6590b7","De voltooide voorwaardelijke wijs met zou hebben","de-voltooide-voorwaardelijke-wijs-met-zou-hebben",206,{"id":1042,"title":1043,"slug":1044,"language":9,"level":984,"displayOrder":1045},"01a0ba4b-8b29-73b7-91cf-a8afeb39d069","Modale betekenis in voltooide werkwoordgroepen","modale-betekenis-in-voltooide-werkwoordgroepen",207,{"id":1047,"title":1048,"slug":1049,"language":9,"level":984,"displayOrder":1050},"01a0ba4b-8c2d-76cd-9ebc-07db702f03d3","Thema, focus en informatiestructuur","thema-focus-en-informatiestructuur",208,{"id":1052,"title":1053,"slug":1054,"language":9,"level":984,"displayOrder":1055},"01a0ba4b-89f2-7749-80e8-de5d8cb78a96","Gemarkeerde woordvolgorde en topicalisatie","gemarkeerde-woordvolgorde-en-topicalisatie",209,{"id":1057,"title":1058,"slug":1059,"language":9,"level":984,"displayOrder":1060},"01a0ba4b-8bc5-70b7-8a4d-a21b38109f60","Rechtsplaatsing en hervatting in gesproken taal","rechtsplaatsing-en-hervatting-in-gesproken-taal",210,{"id":1062,"title":1063,"slug":1064,"language":9,"level":984,"displayOrder":1065},"01a0ba4b-8b54-7c00-8aca-7e8e582da32e","Objecten en bijwoorden herschikken in het middenstuk","objecten-en-bijwoorden-herschikken-in-het-middenstuk",211,{"id":1067,"title":1068,"slug":1069,"language":9,"level":984,"displayOrder":1070},"01a0ba4b-8887-7cfc-b8f4-4cf982a9ac4e","Bereik en contrast van ontkenning","bereik-en-contrast-van-ontkenning",212,{"id":1072,"title":1073,"slug":1074,"language":9,"level":984,"displayOrder":1075},"01a0ba4b-89e7-79e6-91ef-b0c19b27243d","Gedeeltelijke ontkenning met niet alle en niet altijd","gedeeltelijke-ontkenning-met-niet-alle-en-niet-altijd",213,{"id":1077,"title":1078,"slug":1079,"language":9,"level":984,"displayOrder":1080},"01a0ba4b-8d0c-7663-9634-cf27c57e8c93","Werkwoordclusters met vier of meer werkwoorden","werkwoordclusters-met-vier-of-meer-werkwoorden",214,{"id":1082,"title":1083,"slug":1084,"language":9,"level":984,"displayOrder":1085},"01a0ba4b-88f9-7de1-b7d9-7a39d387c57c","Controle en onderwerpsinterpretatie bij infinitieven","controle-en-onderwerpsinterpretatie-bij-infinitieven",215,{"id":1087,"title":1088,"slug":1089,"language":9,"level":984,"displayOrder":1090},"01a0ba4b-8ca3-7f9d-a41a-ff74ee12a783","Voltooide infinitieven met te hebben en te zijn","voltooide-infinitieven-met-te-hebben-en-te-zijn",216,{"id":1092,"title":1093,"slug":1094,"language":9,"level":984,"displayOrder":1095},"01a0ba4b-88f0-70e2-9e9e-aeff8e20f4f3","Concessieve en adversatieve verbanden nuanceren","concessieve-en-adversatieve-verbanden-nuanceren",217,{"id":1097,"title":1098,"slug":1099,"language":9,"level":984,"displayOrder":1100},"01a0ba4b-8b82-7268-bc28-ef8b5721f063","Oorzaak, reden en aanleiding zorgvuldig onderscheiden","oorzaak-reden-en-aanleiding-zorgvuldig-onderscheiden",218,{"id":1102,"title":1103,"slug":1104,"language":9,"level":984,"displayOrder":1105},"01a0ba4b-88fe-7659-8bc8-0184591a1bde","Correlatieve verbindingen met zowel, noch en niet alleen","correlatieve-verbindingen-met-zowel-noch-en-niet-alleen",219,{"id":1107,"title":1108,"slug":1109,"language":9,"level":984,"displayOrder":1110},"01a0ba4b-887a-74c2-87f8-77fe0964b1cb","Beknopte bijzinnen en weggelaten zinsdelen","beknopte-bijzinnen-en-weggelaten-zinsdelen",220,{"id":1112,"title":1113,"slug":1114,"language":9,"level":984,"displayOrder":1115},"01a0ba4b-8cfa-7a61-a334-17199be89a16","Wat na een hele zin als antecedent","wat-na-een-hele-zin-als-antecedent",221,{"id":1117,"title":1118,"slug":1119,"language":9,"level":984,"displayOrder":1120},"01a0ba4b-8afa-7647-8e1d-1e7da7628e95","Leestekens bij beperkende en uitbreidende bijzinnen","leestekens-bij-beperkende-en-uitbreidende-bijzinnen",222,{"id":1122,"title":1123,"slug":1124,"language":9,"level":984,"displayOrder":1125},"01a0ba4b-8b24-73d8-96ae-b307e7d5256b","Meervoudige inbedding leesbaar houden","meervoudige-inbedding-leesbaar-houden",223,{"id":1127,"title":1128,"slug":1129,"language":9,"level":984,"displayOrder":1130},"01a0ba4b-8a1d-7b36-8670-8808d38edfec","Handelende personen weglaten in passieve teksten","handelende-personen-weglaten-in-passieve-teksten",224,{"id":1132,"title":1133,"slug":1134,"language":9,"level":984,"displayOrder":1135},"01a0ba4b-8853-7c23-a983-3c417e58cf87","Alternatieven voor het passief met men, ze en krijgen","alternatieven-voor-het-passief-met-men-ze-en-krijgen",225,{"id":1137,"title":1138,"slug":1139,"language":9,"level":984,"displayOrder":1140},"01a0ba4b-8a0e-740f-97f4-d2092114c6cb","Gestapelde modale partikels en subtiele houding","gestapelde-modale-partikels-en-subtiele-houding",226,{"id":1142,"title":1143,"slug":1144,"language":9,"level":984,"displayOrder":1145},"01a0ba4b-88dc-7d42-a759-f7d4735e1320","Cohesie in academische en beschouwende teksten","cohesie-in-academische-en-beschouwende-teksten",227,{"id":1147,"title":1148,"slug":1149,"language":9,"level":984,"displayOrder":1150},"01a0ba4b-8b4a-7f47-b04f-e46c34bc07ff","Nominale en verbale stijl afwisselen","nominale-en-verbale-stijl-afwisselen",228,{"id":1152,"title":1153,"slug":1154,"language":9,"level":984,"displayOrder":1155},"01a0ba4b-8c0a-73f0-bced-c55e50a93cf9","Standaardtaal in Nederland en België vergelijken","standaardtaal-in-nederland-en-belgie-vergelijken",229,{"id":1157,"title":1158,"slug":1159,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1161},"01a0ba4b-8bd5-708c-948e-9c05d67bd8bf","Regionale uitspraakvariatie herkennen en interpreteren","regionale-uitspraakvariatie-herkennen-en-interpreteren","C2",230,{"id":1163,"title":1164,"slug":1165,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1166},"01a0ba4b-89fd-78a1-bcd5-e31c7323d0a3","Genitiefresten en oude naamvallen in vaste uitdrukkingen","genitiefresten-en-oude-naamvallen-in-vaste-uitdrukkingen",231,{"id":1168,"title":1169,"slug":1170,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1171},"01a0ba4b-88f4-78c3-91da-9a8628961b2a","Congruentie bij complexe onderwerpen en grensgevallen","congruentie-bij-complexe-onderwerpen-en-grensgevallen",232,{"id":1173,"title":1174,"slug":1175,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1176},"01a0ba4b-8cb9-7469-80c5-629be98648f5","Voornaamwoordelijke verwijzing in juridische en academische teksten","voornaamwoordelijke-verwijzing-in-juridische-en-academische-teksten",233,{"id":1178,"title":1179,"slug":1180,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1181},"01a0ba4b-88e6-797c-a1c4-643afba9bfb1","Complex en idiomatisch gebruik van er","complex-en-idiomatisch-gebruik-van-er",234,{"id":1183,"title":1184,"slug":1185,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1186},"01a0ba4b-8a03-722f-a5ea-8f396ec56e85","Gespleten voornaamwoordelijke bijwoorden en voorzetselstranding","gespleten-voornaamwoordelijke-bijwoorden-en-voorzetselstranding",235,{"id":1188,"title":1189,"slug":1190,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1191},"01a0ba4b-8c32-7aac-8a75-d2072a4e667e","Tijd en gezichtspunt in de vrije indirecte rede","tijd-en-gezichtspunt-in-de-vrije-indirecte-rede",236,{"id":1193,"title":1194,"slug":1195,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1196},"01a0ba4b-8b11-7b97-af3f-dbd6f5d143cd","Literaire verschuivingen tussen verteltijden","literaire-verschuivingen-tussen-verteltijden",237,{"id":1198,"title":1199,"slug":1200,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1201},"01a0ba4b-89b9-70b4-8c4d-c943d8d660ee","Epistemische toekomst en voorwaardelijkheid","epistemische-toekomst-en-voorwaardelijkheid",238,{"id":1203,"title":1204,"slug":1205,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1206},"01a0ba4b-8b69-757c-b5df-effc104eaa56","Onpersoonlijke constructies in academische en ambtelijke stijl","onpersoonlijke-constructies-in-academische-en-ambtelijke-stijl",239,{"id":1208,"title":1209,"slug":1210,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1211},"01a0ba4b-888c-7d5c-9447-04bde8300fef","Betekenisverschillen door complexe clustervolgorde","betekenisverschillen-door-complexe-clustervolgorde",240,{"id":1213,"title":1214,"slug":1215,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1216},"01a0ba4b-8d12-7729-8b99-dca7365e1309","Werkwoordclustervolgorde in Nederland en België","werkwoordclustervolgorde-in-nederland-en-belgie",241,{"id":1218,"title":1219,"slug":1220,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1221},"01a0ba4b-882a-7ef6-b063-406970da6735","Absolute constructies in formele teksten","absolute-constructies-in-formele-teksten",242,{"id":1223,"title":1224,"slug":1225,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1226},"01a0ba4b-8b40-77ec-bfb4-30b5846d6379","Naamwoordzinnen en zinnen zonder persoonsvorm","naamwoordzinnen-en-zinnen-zonder-persoonsvorm",243,{"id":1228,"title":1229,"slug":1230,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1231},"01a0ba4b-89ac-7c9a-a4da-858c8f8ecd4f","Ellips en samentrekking over zinsgrenzen heen","ellips-en-samentrekking-over-zinsgrenzen-heen",244,{"id":1233,"title":1234,"slug":1235,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1236},"01a0ba4b-8d61-7e1a-87a6-70dde79c73d0","Zinsvervlechting in gesproken en geschreven taal","zinsvervlechting-in-gesproken-en-geschreven-taal",245,{"id":1238,"title":1239,"slug":1240,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1241},"01a0ba4b-89ed-704e-bf7b-44aab5189ed0","Gemarkeerde ontkenning met pas, slechts en niet dan","gemarkeerde-ontkenning-met-pas-slechts-en-niet-dan",246,{"id":1243,"title":1244,"slug":1245,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1246},"01a0ba4b-8cc6-7a1b-8246-44834fdc4a02","Voorwaardelijke inversie met mocht, ware en had","voorwaardelijke-inversie-met-mocht-ware-en-had",247,{"id":1248,"title":1249,"slug":1250,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1251},"01a0ba4b-89f8-70a8-8988-9f838f3c6926","Gemengde en impliciete tegenfeitelijke voorwaarden","gemengde-en-impliciete-tegenfeitelijke-voorwaarden",248,{"id":1253,"title":1254,"slug":1255,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1256},"01a0ba4b-8bda-78df-936f-3cdf804428fc","Resten van de aanvoegende wijs","resten-van-de-aanvoegende-wijs",249,{"id":1258,"title":1259,"slug":1260,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1261},"01a0ba4b-8989-7325-a700-764e2b152bfe","Dienen te, behoren te en geacht worden te","dienen-te-behoren-te-en-geacht-worden-te",250,{"id":1263,"title":1264,"slug":1265,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1266},"01a0ba4b-8b2e-71b9-bb2b-62eae7a54f1d","Modale partikels voor ironie en afstand","modale-partikels-voor-ironie-en-afstand",251,{"id":1268,"title":1269,"slug":1270,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1271},"01a0ba4b-8be0-7294-83e0-8db09c7564c6","Retorische vragen en stilistische inversie","retorische-vragen-en-stilistische-inversie",252,{"id":1273,"title":1274,"slug":1275,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1276},"01a0ba4b-8aa9-7bec-bae9-d3ded87541e1","Informatiedichtheid en ritme in complexe teksten","informatiedichtheid-en-ritme-in-complexe-teksten",253,{"id":1278,"title":1279,"slug":1280,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1281},"01a0ba4b-88d8-7307-a2c4-2f08400c6d26","Citaten, parafrases en meerstemmige indirecte rede","citaten-parafrases-en-meerstemmige-indirecte-rede",254,{"id":1283,"title":1284,"slug":1285,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1286},"01a0ba4b-8ad8-774e-b512-9e2bd067e629","Juridisch en bestuurlijk Nederlands ontleden","juridisch-en-bestuurlijk-nederlands-ontleden",255,{"id":1288,"title":1289,"slug":1290,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1291},"01a0ba4b-8b3a-74ed-8eb1-8d7b1a9f58cb","Morfosyntaxis in Nederlands-Nederlands en Belgisch-Nederlands","morfosyntaxis-in-nederlands-nederlands-en-belgisch-nederlands",256,{"id":1293,"title":1294,"slug":1295,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1296},"01a0ba4b-8983-76d8-a278-981528f599d4","Dialect, omgangstaal en standaardtaal doelgericht plaatsen","dialect-omgangstaal-en-standaardtaal-doelgericht-plaatsen",257,{"id":1288,"title":1289,"slug":1290,"seoDescription":1298,"content":1299,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1291,"grammarTopics":1300,"createdAt":1306,"updatedAt":1307,"vocabularyLists":1308,"primaryTopicHub":1732,"readyImages":1734},"Vergelijk morfosyntactische varianten in Nederlands-Nederlands en Belgisch-Nederlands en beoordeel vorm, frequentie, register en standaardtaalstatus.","*Hij heeft met moeite binnen kunnen komen* en *Hij is met moeite binnen kunnen komen* klinken niet voor alle Nederlandstaligen even gewoon. De eerste vorm is standaardtaal in het hele taalgebied; de tweede is standaardtaal in België en komt in Nederland regionaal voor, vooral in het zuiden, maar is daar niet algemeen standaardtalig. Zo'n verschil vraagt meer dan het oordeel ‘Nederlands’ of ‘Vlaams’: je moet vorm, verspreiding, register en aanvaarding afzonderlijk analyseren.\n\nNa deze les kun je:\n\n- Nederlands-Nederlandse en Belgisch-Nederlandse morfosyntaxis pluricentrisch beschrijven;\n- frequentie onderscheiden van standaardtaalstatus en persoonlijke vertrouwdheid;\n- nationale, regionale, stilistische en sociale variatie uit elkaar houden;\n- grammaticale varianten systematisch vergelijken op vorm, functie en gebruik;\n- een passende variant kiezen voor publiek, tekstsoort en communicatief doel.\n\n## Eén taal met meer dan één nationaal centrum\n\nHet Nederlands heeft nationale standaardvariëteiten. Het grootste deel van de grammatica is in Nederland en Nederlandstalig België hetzelfde, maar bij sommige constructies verschillen voorkeur, frequentie of aanvaarding.\n\nGebruik daarom precieze termen:\n\n- **Nederlands-Nederlands (NN):** Nederlands zoals het in Nederland wordt gebruikt;\n- **Belgisch-Nederlands (BN):** Nederlands zoals het in Nederlandstalig België wordt gebruikt;\n- **standaardtaal in het hele taalgebied:** algemeen bruikbaar in het publieke domein van beide gebieden;\n- **standaardtaal in Nederland \u002F België:** in het genoemde gebied algemeen bruikbaar in het publieke domein;\n- **status onduidelijk:** de grens van de standaardtaal is niet stabiel of niet eenduidig vast te stellen;\n- **geen standaardtaal:** niet algemeen aanvaard voor standaardtalige publieke contexten.\n\nEen nationaal label is informatief, niet hiërarchisch. **Standaardtaal in België** betekent niet ‘bijna goed’ en **standaardtaal in Nederland** betekent niet ‘algemeen Nederlands’. Beide nationale variëteiten zijn volwaardige realisaties van het Standaardnederlands.\n\nDe statuslabels volgen de beschrijvende indeling van de [**Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS)**](https:\u002F\u002Fe-ans.ivdnt.org\u002F) en de taaladviezen van de [**Taalunie**](https:\u002F\u002Ftaaladvies.net\u002F). Corpusgegevens gebruik je daarbij voor verspreiding en frequentie; zij bepalen niet op zichzelf de standaardtaalstatus.\n\n## Morfologie en syntaxis werken samen\n\n**Morfologie** betreft de vorm van woorden: buiging, vervoeging en woordvorming. **Syntaxis** betreft de manier waarop woorden en woordgroepen in een zin worden gecombineerd. Bij **morfosyntaxis** grijpen beide in elkaar.\n\nVoorbeelden:\n\n- keuze van een hulpwerkwoord én opbouw van een werkwoordcluster;\n- wel of geen buigings-**e** op een bijvoeglijk naamwoord in een bepaalde woordgroep;\n- vorm van een voornaamwoord volgens zijn syntactische functie;\n- keuze tussen een infinitiefconstructie en een bijzin;\n- vorm van een telwoord na een voorzetsel.\n\nNationale variatie zit zelden in een volledig afzonderlijk grammaticasysteem. Vaker zijn dezelfde mogelijkheden aanwezig, maar is één variant in het ene gebied gewoner, neutraler of ruimer bruikbaar.\n\n## Vier vragen bij elke variant\n\nBeoordeel een vorm nooit met alleen *hoor ik dit zelf vaak?* Stel vier vragen.\n\n| Vraag | Voorbeeld van een mogelijk antwoord |\n| --- | --- |\n| Welke vorm varieert? | **heeft** tegenover **is** in een voltooide infinitiefconstructie |\n| Blijft de betekenis gelijk? | grotendeels, maar perspectief of register kan verschillen |\n| Waar en in welke context komt de vorm voor? | vooral BN, vooral gesproken NN, formeel of informeel |\n| Wat is de huidige standaardtaalstatus? | algemeen, nationaal gebonden, onzeker of niet-standaardtalig |\n\nVoeg daar voor productie een vijfde vraag aan toe: wie is mijn publiek? Een nationale variant kan volledig correct zijn en toch uitleg of aanpassing vragen in een tekst voor het hele taalgebied.\n\n:::tip\nNoteer **frequentie** en **status** in aparte kolommen. ‘Veel gebruikt’ betekent niet automatisch ‘standaardtaal’; ‘minder gebruikelijk’ betekent niet automatisch ‘fout’.\n:::\n\n## Hulpwerkwoord bij een voltooide infinitiefgroep\n\nVergelijk:\n\n- *Hij **heeft** met moeite binnen kunnen komen.*\n- *Hij **is** met moeite binnen kunnen komen.*\n\nMet een enkel werkwoord is *Hij is binnengekomen* normaal. Zodra **kunnen** een infinitiefgroep vormt, kan de keuze ingewikkelder worden. De constructie met **heeft** is standaardtaal in het hele taalgebied. De constructie met **is** is standaardtaal in België; in Nederland komt zij regionaal voor, vooral in het zuiden, maar is zij niet algemeen standaardtalig.\n\nAnalyseer niet alleen het eerste hulpwerkwoord:\n\n1. perfectum: **heeft\u002Fis**;\n2. modaal werkwoord: **kunnen**;\n3. bewegingswerkwoord: **komen**;\n4. vervangende infinitief: **kunnen**, niet *gekund*.\n\nHet verschil laat zien dat analogie met *is binnengekomen* kan doorwerken in een complex cluster. Het betekent niet dat alle combinaties met **zijn** automatisch BN zijn.\n\n## Volgorde in werkwoordclusters\n\nIn bijzinnen kunnen werkwoorden meerdere standaardtalige volgordes hebben:\n\n- **rode volgorde:** *omdat zij het rapport **heeft gelezen***;\n- **groene volgorde:** *omdat zij het rapport **gelezen heeft***.\n\nDeze labels benoemen hier de plaats van het hulpwerkwoord ten opzichte van het deelwoord. Beide volgordes zijn standaardtaal in het hele taalgebied; voorkeuren verschillen onder meer per regio, register en werkwoord.\n\nBij een cluster van drie werkwoorden met een vervangende infinitief is *omdat hij het rapport **had moeten lezen*** in zowel NN als BN de gangbare standaardvolgorde. *Omdat hij het rapport **moeten lezen had*** is dialectaal of perifeer en geen Belgische standaardvolgorde.\n\nEchte nationale variatie binnen een driecluster zie je bijvoorbeeld in:\n\n- *omdat hij **heeft kunnen komen*** — standaardtaal in het hele taalgebied;\n- *omdat hij **is kunnen komen*** — standaardtaal in België; in Nederland regionaal, vooral zuidelijk, en niet algemeen standaardtalig.\n\nHier varieert de hulpwerkwoordkeuze, niet de volgorde: persoonsvorm + modale infinitief + bewegingsinfinitief. Houd die twee soorten variatie dus uit elkaar.\n\nEen betrouwbare analyse benoemt:\n\n- de hiërarchie: welk werkwoord hangt van welk werkwoord af?\n- de vorm: persoonsvorm, infinitief of deelwoord?\n- de feitelijke volgorde;\n- de nationale en stilistische verspreiding van precies dat clustertype.\n\nGeneraliseer niet van een cluster met twee werkwoorden naar alle clusters. Modale werkwoorden, perceptiewerkwoorden, causatieven en te-infinitieven hebben elk hun eigen beperkingen.\n\n## Infinitief of deelwoord na een bewegingswerkwoord\n\nVergelijk:\n\n- *Er kwam een auto **aanrijden**.*\n- *Er kwam een auto **aangereden**.*\n\nBeide patronen komen in de standaardtaal in het hele taalgebied voor. De keuze vormt geen betrouwbaar onderscheid tussen Nederland en België; voorkeuren kunnen per werkwoord, tekstsoort en spreker verschillen.\n\nHet werkwoord **komen** functioneert hier niet alleen als verplaatsingswerkwoord. Samen met **aanrijden\u002Faangereden** presenteert het de manier waarop de auto in beeld verschijnt. Vergelijk het andere gebruik van hetzelfde deelwoord:\n\n*De fietser werd door een auto aangereden.*\n\nDaar is **aangereden** onderdeel van een passieve constructie en betekent het ‘botsen tegen’. De syntactische omgeving voorkomt verwarring.\n\n## Vragen om en vragen dat\n\nIn het hele taalgebied zijn onder meer mogelijk:\n\n- *De vakbond vraagt **om overleg**.*\n- *De vakbond vraagt de minister **om te overleggen**.*\n- *De vakbond vraagt **van de minister dat hij overlegt**.*\n\nIn Belgisch-Nederlands is daarnaast de constructie **vragen dat + bijzin** standaardtalig:\n\n- *De vakbond vraagt **dat de minister overlegt**.*\n- *We vragen **dat het besluit wordt herzien**.*\n\nVoor veel Nederlandse lezers klinkt dat gebruik regionaal; zij verwachten eerder *verzoekt de minister te overleggen*, *vraagt om overleg* of, afhankelijk van de sterkte, *wil\u002Feist dat*. Een vervanging is niet puur grammaticaal: **vragen**, **verzoeken**, **willen** en **eisen** drukken niet exact dezelfde verhouding of kracht uit.\n\n:::warning\nPas een nationale variant niet automatisch aan met het eerste synoniem dat in je opkomt. Controleer of beleefdheid, actorstructuur en sterkte van de handeling behouden blijven.\n:::\n\n## Buiging van het bijvoeglijk naamwoord\n\nDe hoofdregel is duidelijk:\n\n- *een **groot** verschil* — de gewone onverbogen vorm na **een** bij een het-woord;\n- *het **grote** verschil* — gewone verbogen vorm na **het**;\n- *het **witte paard*** — de standaardvorm bij een gewoon wit paard.\n\n*Het wit paard* is buiten een vaste of naamachtige verbinding niet standaardtalig. Een naam als *Het Witte Paard* volgt als eigennaam zijn eigen spelling, maar is geen argument voor vrije onverbogen buiging.\n\nEen gedocumenteerd verschil zie je in krantenkoppen zonder lidwoord: in België staat vaker *Amerikaans leger onderweg*, terwijl in Nederland ook *Amerikaanse leger onderweg* voorkomt als verkorting van *Het Amerikaanse leger is onderweg*. Dit is een verschil in kopstijl en buiging, niet een nieuwe algemene hoofdregel.\n\nOnderzoek daarom:\n\n1. is het zelfstandig naamwoord een **de**- of **het**-woord?\n2. staat er een bepaald of onbepaald lidwoord?\n3. is de combinatie vast, naamachtig of contrastief?\n4. verschilt de frequentie per nationaal centrum?\n\nHet label BN of NN vervangt de algemene buigingsregels niet; het verfijnt de beschrijving bij echte variatie.\n\n## Linkse en linker, rechtse en rechter\n\nIn België zijn vormen als **de linkse deur** en **de rechtse rijstrook** standaardtaal. In Nederland zijn in die ruimtelijke betekenis **de linkerdeur** en **de rechterrijstrook** de veiligste algemeen aanvaarde vormen; **linkse\u002Frechtse** worden daar gemakkelijker als politiek of ideologisch gelezen.\n\n- BN mogelijk: *Neem de **linkse** rijstrook.*\n- in het hele taalgebied: *Neem de **linkerrijstrook**.*\n- overal met een uiterste: *het **meest linkse** gebouw*;\n- ideologisch: *een **linkse** partij*.\n\nDit is zowel morfologisch als semantisch. De keuze tussen **-se** en **-er** hangt samen met regio en betekenis. Een automatische vervanging van elk **linkse** door **linker** zou *een linkse partij* verkeerd veranderen.\n\n## Telwoorden na een voorzetsel\n\nBeoordeel telwoordconstructies steeds op vorm, betekenis, verspreiding en status:\n\n| Vorm | Betekenis | Verspreiding | Status |\n| --- | --- | --- | --- |\n| *De stok brak in tweeën.* | in twee delen | hele taalgebied | standaardtaal in het hele taalgebied |\n| *De stok brak in twee.* | in twee delen | relatief vaker BN | standaardtaal in België |\n| *We komen met zijn vijven.* | wij vormen samen een groep van vijf | hele taalgebied | standaardtaal in het hele taalgebied |\n| *We zijn met vijf.* | wij vormen samen een groep van vijf | vooral BN | standaardtaal in België |\n| *We komen met vijven.* | bedoeld als ‘we komen met zijn vijven’ | regionaal gebruik | **geen standaardtaal** |\n\nBij **in twee** gaat het hier om verdeling in twee delen, zonder uitgedrukt zelfstandig naamwoord. In die constructie is de vorm standaardtaal in België; voor het hele taalgebied kies je **in tweeën**. In *De stok brak in twee stukken* staat het telwoord bij **stukken** en is **in twee stukken** standaardtaal in het hele taalgebied.\n\n*Met vijf* kan in een passende context een aantal personen aanduiden, maar vervangt niet zonder meer de groepsconstructie *met zijn vijven*. De vorm, de bedoelde betekenis en de zinstructuur moeten dus samen worden beoordeeld.\n\nOok combinaties als *drie meter en een half* komen regionaal, vooral in België, voor, maar behoren volgens de gangbare norm niet zonder meer tot de standaardtaal. Algemeen bruikbaar zijn bijvoorbeeld:\n\n- *drie en een halve meter*;\n- *drieënhalve meter*.\n\nHet belangrijke onderscheid is opnieuw: geografische verspreiding beschrijft **waar** een vorm voorkomt; standaardtaalstatus beschrijft **waar hij publiek algemeen bruikbaar wordt geacht**.\n\n## Voornaamwoorden: functie vóór regio\n\nDe vorm van een voornaamwoord hangt eerst af van zijn syntactische functie.\n\n- onderwerp: *zij\u002Fze hebben het gedaan*;\n- indirect object: *de directie gaf **hun** een kans*;\n- bezittelijk: ***hun** voorstel*.\n\nIn Nederland hoor je ook *hun hebben het gedaan*. De vorm is geografisch herkenbaar en wijdverbreid, maar geldt momenteel niet als standaardtaal. Het is dus onjuist om te redeneren: ‘Het komt in Nederland voor, dus het is Nederlands-Nederlandse standaardtaal.’\n\n:::note\n**Hen\u002Fhun als lijdend voorwerp — functie en register in NN en BN.** Bij verwijzing naar personen is **hen** de beklemtoonde standaardvorm als lijdend voorwerp: *Ik heb **hen** uitgenodigd.* Onbeklemtoond is **ze** in beide nationale variëteiten standaardtalig: *Ik heb **ze** uitgenodigd.* **Hun** als lijdend voorwerp, zoals in *Ik heb **hun** uitgenodigd*, komt in informele spreektaal voor, onder meer in Nederland, maar geldt niet als standaardtaal. Dit levert dus geen tegenstelling tussen twee nationale standaardnormen op. Vergelijk het standaardtalige indirect object zonder voorzetsel: *Ik heb **hun** een uitnodiging gestuurd.*\n:::\n\nVergelijk aan de andere kant **u heeft** en **u hebt**. Beide zijn correct. Een spreker kan een sterke voorkeur hebben, maar die voorkeur bewijst geen exclusieve nationale norm.\n\n:::example\nAnalyseer *Hun hebben gevraagd dat de vergadering wordt uitgesteld.*\n\n- **hun** als onderwerp: niet-standaardtalig, vooral in Nederland aangetroffen;\n- **vragen dat** zonder *van iemand*: standaardtalige BN-constructie;\n- passief **wordt uitgesteld**: op zichzelf algemeen Nederlands.\n\nEén zin kan dus kenmerken met verschillende geografische en normatieve profielen combineren.\n:::\n\n## Nationale variatie is gradueel\n\nEen constructie kan:\n\n1. alleen in één gebied voorkomen;\n2. in beide voorkomen maar in één gebied veel frequenter zijn;\n3. in beide voorkomen maar een ander register hebben;\n4. in één gebied standaardtalig zijn en elders een onduidelijke status hebben;\n5. buiten de standaardtaal vallen maar regionaal zeer gewoon zijn.\n\nDaarom zijn uitspraken als *Belgen zeggen X, Nederlanders zeggen Y* meestal te absoluut. Leeftijd, regio, opleiding, medium, genre en formaliteit snijden dwars door de nationale categorieën heen. Ook de landsgrens valt niet altijd samen met de grens van een taalverschijnsel.\n\nGebruik in een analyse gekwalificeerde formuleringen:\n\n- *X is relatief gebruikelijker in Belgisch-Nederlands.*\n- *Y is standaardtaal in het hele taalgebied, maar heeft een hogere frequentie in Nederland.*\n- *Deze vorm komt informeel in beide gebieden voor; de aanvaarding verschilt.*\n- *Voor deze constructie geven de geraadpleegde bronnen geen stabiele nationale verdeling.*\n\n## Spreektaal, tussentaal en standaardtaal\n\nBelgisch-Nederlands is niet hetzelfde als Vlaamse **tussentaal**, en Nederlands-Nederlands is niet hetzelfde als informele Randstedelijke spreektaal. Beide gebieden kennen een continuüm:\n\n- lokale dialecten;\n- regiolecten en supraregionale informele variëteiten;\n- gesproken standaardtaal;\n- meer formele geschreven standaardtaal.\n\nEen kenmerk kan in informele communicatie breed voorkomen zonder in formele standaardtaal neutraal te zijn. Omgekeerd kan een nationaal standaardtalige vorm buiten het eigen gebied ongewoon klinken maar volledig passend zijn voor het lokale publieke domein.\n\nVermijd waarderende etiketten als **slordig**, **onzuiver** of **beter Nederlands** wanneer je eigenlijk verspreiding of register bedoelt. Beschrijf de concrete eigenschap.\n\n## Persoonlijke intuïtie is lokaal\n\nEen taalgebruiker kent vooral de varianten uit de eigen omgeving. Daardoor ontstaan drie veelvoorkomende fouten:\n\n- een onbekende standaardvariant als fout afwijzen;\n- een zeer gewone regionale vorm als overal standaardtalig beschouwen;\n- een verschil in frequentie als een absoluut betekenisverschil formuleren.\n\nGebruik voor een zorgvuldige beoordeling actuele, pluricentrische naslagwerken en corpora. Zoek exact dezelfde constructie, niet alleen één opvallend woord. Noteer bovendien de datum: standaardtaalstatus en register kunnen veranderen.\n\n## Corpusgegevens verantwoord lezen\n\nEen corpus kan laten zien hoe vaak vormen in bepaalde teksten voorkomen. Het bewijst niet rechtstreeks wat alle sprekers aanvaarden.\n\nControleer:\n\n- welke landen en regio's vertegenwoordigd zijn;\n- of het materiaal gesproken, geschreven, formeel of informeel is;\n- uit welke periode de teksten komen;\n- of de zoekopdracht werkelijk dezelfde grammaticale constructie vindt;\n- of onderwerp, genre en auteur de aantallen vertekenen.\n\nBij *vragen dat* moet je bijvoorbeeld gevallen uitsluiten waarin **dat** niet de bijzin inleidt die bij **vragen** hoort. Bij *is kunnen komen* moet je de hele werkwoordgroep zoeken, niet elk los voorkomen van **is** en **kunnen**.\n\n## Keuze voor een bovenregionaal publiek\n\nSchrijf je voor lezers in Nederland én België, dan heb je drie mogelijkheden.\n\n### Een algemeen gangbare variant kiezen\n\n*Hij heeft kunnen komen* is in het hele taalgebied aanvaard. Dat maakt de vorm geschikt wanneer nationale kleur geen functie heeft.\n\n### De nationale variant behouden en context geven\n\nIn een Belgisch bestuursdocument kan *de organisatie vraagt dat ...* passend zijn. Voor een breed publiek kan de omringende zin de betekenis voldoende duidelijk maken.\n\n### De zin herstructureren\n\nAls varianten ongewenste associaties oproepen, herschrijf dan zonder betekenisverlies:\n\n- *De organisatie vraagt om uitstel.*\n- *De organisatie verzoekt de minister de termijn te verlengen.*\n\nKies niet automatisch voor de Nederlandse variant uit Nederland als vermeende neutrale norm. ‘Bovenregionaal’ betekent zoeken naar een vorm die het hele publiek begrijpt en die bij het doel past.\n\n## Literaire dialoog en personagebouw\n\nIn fictie, interviews en citaten kan regionale morfosyntaxis belangrijke sociale informatie dragen. Een redacteur die elke variant normaliseert, wist mogelijk stem, herkomst of verhouding tussen personages uit.\n\nStel bij redactie drie vragen:\n\n1. is de vorm van de auteur, verteller of geciteerde spreker?\n2. is nationale of regionale herkenbaarheid inhoudelijk relevant?\n3. moet de tekst authentiek weergeven of institutioneel uniform formuleren?\n\nEen letterlijk citaat corrigeer je niet stilzwijgend. Een organisatiebrede instructie kan daarentegen bewust één afgesproken stijl hanteren, zolang die keuze niet wordt voorgesteld als de enige grammaticaal juiste.\n\n## Een contrastieve analyse opbouwen\n\nNeem twee varianten en werk in vaste stappen.\n\n1. **Segmenteer:** markeer de woorden of volgordes die verschillen.\n2. **Benoem de constructie:** bijvoorbeeld perfectum + modaal werkwoord + bewegingsinfinitief.\n3. **Controleer betekenis:** is er werkelijk synoniemie, of verandert aspect, perspectief of handelingskracht?\n4. **Beschrijf verspreiding:** NN, BN, beide, of een kleinere regio?\n5. **Beschrijf register:** neutraal, formeel, informeel, archaïsch of vaktaal?\n6. **Noteer status:** algemeen standaardtalig, nationaal standaardtalig, onzeker of niet-standaardtalig.\n7. **Kies contextueel:** welk publiek, genre en communicatief effect?\n\nEen compacte rapportage kan luiden:\n\n> *Vragen dat + bijzin* is in deze betekenis standaardtaal in België. In Nederland is *vragen om + naamwoordgroep\u002Fte-infinitief* gebruikelijker. Voor een gezamenlijke publieksbrochure kiezen we *vragen om overleg*, omdat dat in beide gebieden natuurlijk wordt begrepen en dezelfde gewenste handelingskracht behoudt.\n\n## Veelvoorkomende denkfouten\n\n### Nationaal gelijkstellen aan niet-standaardtalig\n\nEen vorm kan alleen in België of Nederland standaardtalig zijn. Het nationale label is geen afkeuring.\n\n### Regionaal gebruik als voldoende bewijs nemen\n\n*Hun hebben* komt veel in Nederland voor, maar frequentie alleen bepaalt de huidige standaardtaalstatus niet.\n\n### Eén spreker als maatstaf nemen\n\n*Ik hoor dit nooit* zegt vooral iets over het netwerk en de teksten van die spreker.\n\n### Woordverschil en constructieverschil verwarren\n\nBij *vragen dat* gaat het om het complementatiepatroon van het werkwoord, niet alleen om het voegwoord **dat**.\n\n### Alle verschillen willen neutraliseren\n\nIn een lokale of literaire tekst kan de nationale variant juist functioneel en volledig correct zijn.\n\n## Samenvatting\n\nNederlands-Nederlands en Belgisch-Nederlands delen één grammaticale kern, maar verschillen bij sommige morfosyntactische varianten in frequentie, register en standaardtaalstatus. Een zorgvuldige analyse beschrijft eerst de exacte constructie en scheidt daarna betekenis, verspreiding, aanvaarding en context. Nationale standaardvarianten zijn gelijkwaardig; veelvuldig regionaal gebruik is op zichzelf geen normlabel. Voor een passende keuze kijk je naar actueel bewijs, publiek en tekstsoort, niet naar één persoonlijke intuïtie of een simpele tegenstelling tussen ‘Nederlands’ en ‘Vlaams’.",[1301],{"id":1302,"name":1303,"level":1160,"language":9,"isCompleted":1304,"completionPercentage":1305,"totalExercises":46,"completedExercises":1305},"01a0ba4b-87f1-71ad-848a-94163068f639","Taalvariatie analyseren en doelgericht inzetten",false,0,"2026-09-19T15:31:48+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[1309],{"id":1310,"title":1311,"vocabularyListWords":1312,"isPublished":1320},"01a0ba4c-4f1d-7262-be43-ea0c2ac65188","Kernwoorden bij Morfosyntaxis in Nederlands-Nederlands en Belgisch-Nederlands",[1313,1322,1330,1342,1350,1360,1368,1378,1386,1394,1402,1410,1418,1436,1457,1467,1477,1485,1493,1509,1519,1532,1540,1550,1558,1566,1576,1584,1592,1600,1608,1620,1636,1652,1669,1679,1687,1698,1706,1714,1724],{"id":1314,"vocabularyWord":1315,"displayOrder":11},"01a0ba4c-4f1d-72c6-be43-ea0c2b583093",{"id":1316,"word":1317,"frequency":11,"level":984,"language":9,"audioFilePath":1318,"partsOfSpeech":1319,"audio":1320,"audioUrl":1321},"01a0ba4b-e307-78e6-ad0d-d228c41df7f6","Nederlands-Nederlands","tts_7540e0901a5f2c4e_nl-NL.mp3",[],true,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7540e0901a5f2c4e_nl-NL.mp3",{"id":1323,"vocabularyWord":1324,"displayOrder":16},"01a0ba4c-4f1d-72fe-be43-ea0c2c14bf60",{"id":1325,"word":1326,"frequency":11,"level":984,"language":9,"audioFilePath":1327,"partsOfSpeech":1328,"audio":1320,"audioUrl":1329},"01a0ba4b-e477-7139-95ab-3b12c01faffa","Belgisch-Nederlands","tts_682a0c25c7384bbb_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_682a0c25c7384bbb_nl-NL.mp3",{"id":1331,"vocabularyWord":1332,"displayOrder":21},"01a0ba4c-4f1d-7322-be43-ea0c2c251909",{"id":1333,"word":1334,"frequency":31,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1335,"partsOfSpeech":1336,"audio":1320,"audioUrl":1341},"01a0ba4b-e514-7249-865f-b417678e648d","standaardtaal","tts_f94d6a81c128d727_nl-NL.mp3",[1337],{"id":1338,"partOfSpeech":1339,"definition":1340,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-e52e-73e6-9db1-7eb8e8a586e4","NOUN","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f94d6a81c128d727_nl-NL.mp3",{"id":1343,"vocabularyWord":1344,"displayOrder":26},"01a0ba4c-4f1d-7342-be43-ea0c2ce9ec34",{"id":1345,"word":1346,"frequency":31,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1347,"partsOfSpeech":1348,"audio":1320,"audioUrl":1349},"01a0ba4b-e416-734e-8032-f3dc9ff158c0","variant","tts_c0da044aec101d19_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_c0da044aec101d19_nl-NL.mp3",{"id":1351,"vocabularyWord":1352,"displayOrder":31},"01a0ba4c-4f1d-7376-be43-ea0c2d8d18aa",{"id":1353,"word":1354,"frequency":31,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1355,"partsOfSpeech":1356,"audio":1320,"audioUrl":1359},"01a0ba4b-e50f-7f14-9558-96af4eb95dd7","register","tts_7dc60978512f83b1_nl-NL.mp3",[1357],{"id":1358,"partOfSpeech":1339,"definition":1340,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-e52d-7ccd-80f5-3db1a45b662b","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7dc60978512f83b1_nl-NL.mp3",{"id":1361,"vocabularyWord":1362,"displayOrder":36},"01a0ba4c-4f1d-7396-be43-ea0c2da86a10",{"id":1363,"word":1364,"frequency":31,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1365,"partsOfSpeech":1366,"audio":1320,"audioUrl":1367},"01a0ba4b-e468-72ac-ba3d-0d27a6dd07a2","frequentie","tts_b49be53a3e2988c9_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b49be53a3e2988c9_nl-NL.mp3",{"id":1369,"vocabularyWord":1370,"displayOrder":41},"01a0ba4c-4f1d-73b2-be43-ea0c2dc8fca7",{"id":1371,"word":1372,"frequency":41,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1373,"partsOfSpeech":1374,"audio":1320,"audioUrl":1377},"01a0ba4b-e51a-7a17-9e36-d55018fcae7e","variëteit","tts_d08c1a3ff72787e5_nl-NL.mp3",[1375],{"id":1376,"partOfSpeech":1339,"definition":1340,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-e52e-7db2-9db1-7eb8ecc1f7d9","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d08c1a3ff72787e5_nl-NL.mp3",{"id":1379,"vocabularyWord":1380,"displayOrder":46},"01a0ba4c-4f1d-73d2-be43-ea0c2ebeea44",{"id":1381,"word":1382,"frequency":11,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1383,"partsOfSpeech":1384,"audio":1320,"audioUrl":1385},"01a0ba4b-e193-7ac5-ac56-065b939c1f2a","taalgebied","tts_3f76a755e01c65a3_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3f76a755e01c65a3_nl-NL.mp3",{"id":1387,"vocabularyWord":1388,"displayOrder":56},"01a0ba4c-4f1d-740a-be43-ea0c2f4bf6a7",{"id":1389,"word":1390,"frequency":31,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1391,"partsOfSpeech":1392,"audio":1320,"audioUrl":1393},"01a0ba4b-e400-749a-b340-7596a6c3a8c1","verspreiding","tts_651d86ffff2c5367_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_651d86ffff2c5367_nl-NL.mp3",{"id":1395,"vocabularyWord":1396,"displayOrder":61},"01a0ba4c-4f1d-7426-be43-ea0c2f537ad3",{"id":1397,"word":1398,"frequency":41,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1399,"partsOfSpeech":1400,"audio":1320,"audioUrl":1401},"01a0ba4b-e37f-7d8d-b035-fd78f5b78f1e","aanvaarding","tts_bcf52215dbf38d0b_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_bcf52215dbf38d0b_nl-NL.mp3",{"id":1403,"vocabularyWord":1404,"displayOrder":86},"01a0ba4c-4f1d-74b6-be43-ea0c31f6860c",{"id":1405,"word":1406,"frequency":16,"level":984,"language":9,"audioFilePath":1407,"partsOfSpeech":1408,"audio":1320,"audioUrl":1409},"01a0ba4b-e404-732d-ba11-5ef5c60acfbe","syntaxis","tts_a4d7c3607a48025f_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a4d7c3607a48025f_nl-NL.mp3",{"id":1411,"vocabularyWord":1412,"displayOrder":96},"01a0ba4c-4f1d-7502-be43-ea0c32cf1ded",{"id":1413,"word":1414,"frequency":11,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1415,"partsOfSpeech":1416,"audio":1320,"audioUrl":1417},"01a0ba4b-dbfc-7699-85a8-e807b2c08d43","hulpwerkwoord","tts_434399191693763e_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_434399191693763e_nl-NL.mp3",{"id":1419,"vocabularyWord":1420,"displayOrder":101},"01a0ba4c-4f1d-751e-be43-ea0c33a3df02",{"id":1421,"word":1422,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1423,"partsOfSpeech":1424,"audio":1320,"audioUrl":1435},"01a0ba4b-d53f-7c67-85eb-3b9922c23a39","hebben","tts_3fae4853c243bafc_nl-NL.mp3",[1425,1430],{"id":1426,"partOfSpeech":1427,"definition":1428,"exampleSentences":1429,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d564-783b-97f9-ade231f4c857","VERB","Iets bezitten, bij je dragen of kunnen gebruiken.","Wij hebben twee fietsen.",{"id":1431,"partOfSpeech":1432,"definition":1433,"exampleSentences":1434,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d564-77f7-97f9-ade231e70113","AUXILIARY_VERB","Een hulpwerkwoord waarmee je bij veel werkwoorden de voltooide tijd maakt.","Ze hebben de deur gesloten.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3fae4853c243bafc_nl-NL.mp3",{"id":1437,"vocabularyWord":1438,"displayOrder":106},"01a0ba4c-4f1d-753a-be43-ea0c344947d6",{"id":1439,"word":1440,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1441,"partsOfSpeech":1442,"audio":1320,"audioUrl":1456},"01a0ba4b-d79d-7992-a05f-482e3a79eb3b","zijn","tts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",[1443,1447,1452],{"id":1444,"partOfSpeech":1432,"definition":1445,"exampleSentences":1446,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7df-76f3-a2d4-348800f43663","Een hulpwerkwoord waarmee je bij bepaalde werkwoorden de voltooide tijd maakt.","We zijn gisteren vroeg vertrokken.",{"id":1448,"partOfSpeech":1449,"definition":1450,"exampleSentences":1451,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7df-778f-a2d4-34880166a8ed","PRONOUN","Een bezittelijk woord dat aangeeft dat iets bij een mannelijke persoon of een het-woord hoort.","Joris zoekt zijn jas.",{"id":1453,"partOfSpeech":1427,"definition":1454,"exampleSentences":1455,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7df-7827-a2d4-348801a7c8f6","Een identiteit, eigenschap, toestand of plaats uitdrukken.","De ramen zijn open.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ceb8d8b36d305a53_nl-NL.mp3",{"id":1458,"vocabularyWord":1459,"displayOrder":116},"01a0ba4c-4f1d-7572-be43-ea0c35ae8316",{"id":1460,"word":1461,"frequency":16,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1462,"partsOfSpeech":1463,"audio":1320,"audioUrl":1466},"01a0ba4b-e24b-7b9d-8bd3-0cddbf2d779d","infinitief","tts_8b09e823d34b02e8_nl-NL.mp3",[1464],{"id":1465,"partOfSpeech":1339,"definition":1340,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-e28a-7619-8157-291a94f738c4","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8b09e823d34b02e8_nl-NL.mp3",{"id":1468,"vocabularyWord":1469,"displayOrder":136},"01a0ba4c-4f1d-75e6-be43-ea0c377af8aa",{"id":1470,"word":1471,"frequency":11,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1472,"partsOfSpeech":1473,"audio":1320,"audioUrl":1476},"01a0ba4b-e1f9-7927-999a-15ef671cdcd6","deelwoord","tts_e281aa8eada1f253_nl-NL.mp3",[1474],{"id":1475,"partOfSpeech":1339,"definition":1340,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-e203-7e44-9f47-2d81dd70f74e","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e281aa8eada1f253_nl-NL.mp3",{"id":1478,"vocabularyWord":1479,"displayOrder":146},"01a0ba4c-4f1d-7622-be43-ea0c38f86542",{"id":1480,"word":1481,"frequency":41,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1482,"partsOfSpeech":1483,"audio":1320,"audioUrl":1484},"01a0ba4b-d6a2-74c9-a624-26ef18f1c81b","volgorde","tts_84abb12ba1a42571_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_84abb12ba1a42571_nl-NL.mp3",{"id":1486,"vocabularyWord":1487,"displayOrder":156},"01a0ba4c-4f1d-765a-be43-ea0c39e2becc",{"id":1488,"word":1489,"frequency":11,"level":984,"language":9,"audioFilePath":1490,"partsOfSpeech":1491,"audio":1320,"audioUrl":1492},"01a0ba4b-e367-7076-bf8c-9807fe25e688","groene volgorde","tts_f72f87199f6ea544_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f72f87199f6ea544_nl-NL.mp3",{"id":1494,"vocabularyWord":1495,"displayOrder":161},"01a0ba4c-4f1d-767a-be43-ea0c3ae1af27",{"id":1496,"word":1497,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1498,"partsOfSpeech":1499,"audio":1320,"audioUrl":1508},"01a0ba4b-d727-7498-b968-6cb3029d8e0b","vragen","tts_862b8759f7896b10_nl-NL.mp3",[1500,1504],{"id":1501,"partOfSpeech":1427,"definition":1502,"exampleSentences":1503,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d756-71db-8423-db458f15063f","Met woorden proberen informatie of een antwoord te krijgen.","De toerist vraagt waar het station is.",{"id":1505,"partOfSpeech":1427,"definition":1506,"exampleSentences":1507,"isPrimary":1304,"meaningOrder":16},"01a0ba4b-d756-721f-8423-db458fc90755","Iemand verzoeken iets te geven of te doen.","Ik vraag mijn buurman om hulp.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_862b8759f7896b10_nl-NL.mp3",{"id":1510,"vocabularyWord":1511,"displayOrder":166},"01a0ba4c-4f1d-7696-be43-ea0c3b62f75f",{"id":1512,"word":1513,"frequency":41,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1514,"partsOfSpeech":1515,"audio":1320,"audioUrl":1518},"01a0ba4b-e048-7793-bc12-4acfaa35233f","verzoeken","tts_e8ae2776a20d04ab_nl-NL.mp3",[1516],{"id":1517,"partOfSpeech":1427,"definition":1340,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-e088-7c45-8497-1c4c4534d1cf","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e8ae2776a20d04ab_nl-NL.mp3",{"id":1520,"vocabularyWord":1521,"displayOrder":171},"01a0ba4c-4f1d-76b2-be43-ea0c3c513c0a",{"id":1522,"word":1523,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1524,"partsOfSpeech":1525,"audio":1320,"audioUrl":1531},"01a0ba4b-d797-7405-86c9-a5706678897e","willen","tts_7b0212d8b2717164_nl-NL.mp3",[1526],{"id":1527,"partOfSpeech":1528,"definition":1529,"exampleSentences":1530,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7dd-7ec5-99f2-101f3aff8efe","MODAL_VERB","Een wens, voorkeur of plan uitdrukken.","Wij willen volgend jaar naar Spanje reizen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7b0212d8b2717164_nl-NL.mp3",{"id":1533,"vocabularyWord":1534,"displayOrder":176},"01a0ba4c-4f1d-76ce-be43-ea0c3c6c0f82",{"id":1535,"word":1536,"frequency":41,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1537,"partsOfSpeech":1538,"audio":1320,"audioUrl":1539},"01a0ba4b-e3ef-7087-a3e1-41bd27cc5e74","eisen","tts_755877a65cbdb329_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_755877a65cbdb329_nl-NL.mp3",{"id":1541,"vocabularyWord":1542,"displayOrder":181},"01a0ba4c-4f1d-76ea-be43-ea0c3d684dac",{"id":1543,"word":1544,"frequency":11,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1545,"partsOfSpeech":1546,"audio":1320,"audioUrl":1549},"01a0ba4b-dfd5-75c5-a2b6-d8fdf6c0e1ae","bijzin","tts_247d664ee90907c1_nl-NL.mp3",[1547],{"id":1548,"partOfSpeech":1339,"definition":1340,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-dfea-744b-8e07-3fb48adcaf63","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_247d664ee90907c1_nl-NL.mp3",{"id":1551,"vocabularyWord":1552,"displayOrder":191},"01a0ba4c-4f1d-7726-be43-ea0c3f09a9a2",{"id":1553,"word":1554,"frequency":16,"level":984,"language":9,"audioFilePath":1555,"partsOfSpeech":1556,"audio":1320,"audioUrl":1557},"01a0ba4b-e40b-7ced-8fa3-1ae70e4e378f","buiging","tts_f36071f5adba2b7a_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f36071f5adba2b7a_nl-NL.mp3",{"id":1559,"vocabularyWord":1560,"displayOrder":196},"01a0ba4c-4f1d-774a-be43-ea0c3fd55cc6",{"id":1561,"word":1562,"frequency":11,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1563,"partsOfSpeech":1564,"audio":1320,"audioUrl":1565},"01a0ba4b-e395-7e63-971d-e2cb3e254597","bijvoeglijk naamwoord","tts_3a5bdb80de85ea77_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3a5bdb80de85ea77_nl-NL.mp3",{"id":1567,"vocabularyWord":1568,"displayOrder":201},"01a0ba4c-4f1d-776a-be43-ea0c4046e8c4",{"id":1569,"word":1570,"frequency":16,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1571,"partsOfSpeech":1572,"audio":1320,"audioUrl":1575},"01a0ba4b-e24f-749e-9beb-8b05dda1865f","lidwoord","tts_b5df09d488749bd6_nl-NL.mp3",[1573],{"id":1574,"partOfSpeech":1339,"definition":1340,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-e28a-7bd5-8157-291a969fce2d","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b5df09d488749bd6_nl-NL.mp3",{"id":1577,"vocabularyWord":1578,"displayOrder":211},"01a0ba4c-4f1d-77a6-be43-ea0c40bf53e0",{"id":1579,"word":1580,"frequency":41,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1581,"partsOfSpeech":1582,"audio":1320,"audioUrl":1583},"01a0ba4b-e472-766c-bf4e-03ebe7f984b2","links","tts_f34bec12e44d40be_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_f34bec12e44d40be_nl-NL.mp3",{"id":1585,"vocabularyWord":1586,"displayOrder":216},"01a0ba4c-4f1d-77c2-be43-ea0c417719d8",{"id":1587,"word":1588,"frequency":41,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1589,"partsOfSpeech":1590,"audio":1320,"audioUrl":1591},"01a0ba4b-e3fe-7a89-a029-6411f2b8b375","rechter","tts_15203aa5f5aea337_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_15203aa5f5aea337_nl-NL.mp3",{"id":1593,"vocabularyWord":1594,"displayOrder":221},"01a0ba4c-4f1d-77de-be43-ea0c42113583",{"id":1595,"word":1596,"frequency":46,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1597,"partsOfSpeech":1598,"audio":1320,"audioUrl":1599},"01a0ba4b-e427-7ae2-a8e9-94dd6dee41b9","rechts","tts_5f2c22771324b608_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_5f2c22771324b608_nl-NL.mp3",{"id":1601,"vocabularyWord":1602,"displayOrder":226},"01a0ba4c-4f1d-77fe-be43-ea0c4251951d",{"id":1603,"word":1604,"frequency":11,"level":984,"language":9,"audioFilePath":1605,"partsOfSpeech":1606,"audio":1320,"audioUrl":1607},"01a0ba4b-dd50-7bb7-861d-99ab78ecc0bd","telwoord","tts_b615a3d62aa5a732_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b615a3d62aa5a732_nl-NL.mp3",{"id":1609,"vocabularyWord":1610,"displayOrder":232},"01a0ba4c-4f1d-781a-be43-ea0c42f920b5",{"id":1611,"word":1612,"frequency":26,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1613,"partsOfSpeech":1614,"audio":1320,"audioUrl":1619},"01a0ba4b-dda7-780b-9829-1a13b116637c","voornaamwoord","tts_ad054c3d96f5de91_nl-NL.mp3",[1615],{"id":1616,"partOfSpeech":1339,"definition":1617,"exampleSentences":1618,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a10d71-10f4-75f4-bc61-f1b180f31846","Een woord dat in een zin de plaats inneemt van een zelfstandig naamwoord of ernaar verwijst, zoals 'ik', 'hij', 'dit' of 'wie'.","In de zin 'Zij woont in Utrecht' is 'zij' een voornaamwoord.\nOp school leren we het verschil tussen een persoonlijk en een bezittelijk voornaamwoord.\nJe kunt een voornaamwoord gebruiken om herhaling van de naam te voorkomen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ad054c3d96f5de91_nl-NL.mp3",{"id":1621,"vocabularyWord":1622,"displayOrder":237},"01a0ba4c-4f1d-7836-be43-ea0c43e84b88",{"id":1623,"word":1624,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1625,"partsOfSpeech":1626,"audio":1320,"audioUrl":1635},"01a0ba4b-d79c-7ec1-b129-d0c64e2abf36","zij","tts_578c81f0f6e244b3_nl-NL.mp3",[1627,1631],{"id":1628,"partOfSpeech":1449,"definition":1629,"exampleSentences":1630,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7df-739b-a2d4-34880087d46f","Beklemtoond persoonlijk voornaamwoord voor een vrouw of meisje over wie wordt gesproken.","Niet haar broer, maar zij betaalt de rekening.",{"id":1632,"partOfSpeech":1449,"definition":1633,"exampleSentences":1634,"isPrimary":1304,"meaningOrder":16},"01a0ba4b-d7df-7437-a2d4-348800b20006","Beklemtoond persoonlijk voornaamwoord voor meerdere mensen, dieren of dingen.","Zij gaan met de trein en wij nemen de bus.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_578c81f0f6e244b3_nl-NL.mp3",{"id":1637,"vocabularyWord":1638,"displayOrder":242},"01a0ba4c-4f1d-7852-be43-ea0c44e1c196",{"id":1639,"word":1640,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1641,"partsOfSpeech":1642,"audio":1320,"audioUrl":1651},"01a0ba4b-d799-7662-a10f-d484ab248a91","ze","tts_3fffc0fa9facbfc3_nl-NL.mp3",[1643,1647],{"id":1644,"partOfSpeech":1449,"definition":1645,"exampleSentences":1646,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7de-7614-b35c-f80d6385ad97","Onbeklemtoond persoonlijk voornaamwoord voor een vrouw of meisje over wie wordt gesproken.","Lisa komt straks; ze is nu nog op haar werk.",{"id":1648,"partOfSpeech":1449,"definition":1649,"exampleSentences":1650,"isPrimary":1304,"meaningOrder":16},"01a0ba4b-d7de-7694-b35c-f80d6388381f","Onbeklemtoond persoonlijk voornaamwoord voor meerdere mensen, dieren of dingen.","De kinderen zijn buiten en ze spelen in de tuin.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3fffc0fa9facbfc3_nl-NL.mp3",{"id":1653,"vocabularyWord":1654,"displayOrder":247},"01a0ba4c-4f1d-786e-be43-ea0c457e41b2",{"id":1655,"word":1656,"frequency":51,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1657,"partsOfSpeech":1658,"audio":1320,"audioUrl":1668},"01a0ba4b-d549-7591-bd01-cc521cb0e293","hun","tts_9e10b3c41d39aaca_nl-NL.mp3",[1659,1664],{"id":1660,"partOfSpeech":1661,"definition":1662,"exampleSentences":1663,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d565-7584-a20d-839bb05825c2","DETERMINER","Bezittelijk woord voor iets dat hoort bij meerdere mensen, dieren of dingen.","De kinderen zetten hun fietsen bij de school.",{"id":1665,"partOfSpeech":1449,"definition":1666,"exampleSentences":1667,"isPrimary":1304,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d565-75c8-a20d-839bb09c5728","Persoonlijk voornaamwoord dat als meewerkend voorwerp naar meerdere mensen verwijst.","Ik geef hun morgen de sleutel.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9e10b3c41d39aaca_nl-NL.mp3",{"id":1670,"vocabularyWord":1671,"displayOrder":252},"01a0ba4c-4f1d-788a-be43-ea0c463eb10b",{"id":1672,"word":1673,"frequency":46,"level":231,"language":9,"audioFilePath":1674,"partsOfSpeech":1675,"audio":1320,"audioUrl":1678},"01a0ba4b-d7d6-7853-85b6-b7afbfab60cc","hen","tts_cd7541c8ef3bb880_nl-NL.mp3",[1676],{"id":1677,"partOfSpeech":1449,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7ec-799f-b258-1bd9cefadc32","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_cd7541c8ef3bb880_nl-NL.mp3",{"id":1680,"vocabularyWord":1681,"displayOrder":257},"01a0ba4c-4f1d-78a6-be43-ea0c4731690c",{"id":1682,"word":1683,"frequency":41,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1684,"partsOfSpeech":1685,"audio":1320,"audioUrl":1686},"01a0ba4b-e395-70b3-971d-e2cb3d7d6759","nationaal","tts_9c7db8deeac503c4_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9c7db8deeac503c4_nl-NL.mp3",{"id":1688,"vocabularyWord":1689,"displayOrder":262},"01a0ba4c-4f1d-78c2-be43-ea0c481238d8",{"id":1690,"word":1691,"frequency":36,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1692,"partsOfSpeech":1693,"audio":1320,"audioUrl":1697},"01a0ba4b-e50f-7304-9558-96af4e2a3365","regionaal","tts_0f1dec59f7b6a3e0_nl-NL.mp3",[1694],{"id":1695,"partOfSpeech":1696,"definition":1340,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-e52d-7bb9-80f5-3db1a35f37e5","ADJECTIVE","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_0f1dec59f7b6a3e0_nl-NL.mp3",{"id":1699,"vocabularyWord":1700,"displayOrder":267},"01a0ba4c-4f1d-78de-be43-ea0c48823090",{"id":1701,"word":1702,"frequency":16,"level":492,"language":9,"audioFilePath":1703,"partsOfSpeech":1704,"audio":1320,"audioUrl":1705},"01a0ba4b-d90e-71e1-a996-9bb77fcdac6f","spreektaal","tts_85f07d106f2e13b0_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_85f07d106f2e13b0_nl-NL.mp3",{"id":1707,"vocabularyWord":1708,"displayOrder":272},"01a0ba4c-4f1d-78fa-be43-ea0c492249de",{"id":1709,"word":1710,"frequency":16,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1711,"partsOfSpeech":1712,"audio":1320,"audioUrl":1713},"01a0ba4b-e159-7669-9a52-75fcd750d197","tussentaal","tts_0a9f01973e68d3f1_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_0a9f01973e68d3f1_nl-NL.mp3",{"id":1715,"vocabularyWord":1716,"displayOrder":277},"01a0ba4c-4f1d-7916-be43-ea0c49b43507",{"id":1717,"word":1718,"frequency":31,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1719,"partsOfSpeech":1720,"audio":1320,"audioUrl":1723},"01a0ba4b-e4f9-7a93-97e0-503ba5bf9ccb","dialect","tts_51adcf8d7c81c59b_nl-NL.mp3",[1721],{"id":1722,"partOfSpeech":1339,"definition":1340,"isPrimary":1320,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-e52b-79ae-9532-d2b1f0dbd356","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_51adcf8d7c81c59b_nl-NL.mp3",{"id":1725,"vocabularyWord":1726,"displayOrder":287},"01a0ba4c-4f1d-794e-be43-ea0c4a7d40ea",{"id":1727,"word":1728,"frequency":36,"level":748,"language":9,"audioFilePath":1729,"partsOfSpeech":1730,"audio":1320,"audioUrl":1731},"01a0ba4b-e361-759a-a411-a7f1f6ff2969","intuïtie","tts_c73d84c97520ec41_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_c73d84c97520ec41_nl-NL.mp3",{"name":1303,"slug":1733,"language":9},"taalvariatie-analyseren-en-doelgericht-inzetten-c2",[],{"id":1302,"name":1303,"slug":1733,"language":9,"level":1160,"introduction":1736,"lessonCount":26,"totalExercises":46,"objectives":1737,"prerequisites":1742,"lessons":1745},"Geavanceerd taalbewustzijn vraagt dat je variatie beschrijft zonder haar meteen te rangschikken. Je analyseert uitspraak en grammatica in hun geografische en sociale context en gebruikt dat inzicht om stemmen authentiek, passend en niet-stereotiep te plaatsen.",[1738,1739,1740,1741],"Uitspraakvariatie op afzonderlijke kenmerken analyseren zonder overhaaste herkomstclaims.","Werkwoordvolgorde en andere morfosyntactische varianten naar regio, frequentie en standaardstatus beoordelen.","Stijlverschuiving en codewisseling vanuit publiek, doel en sociale verhouding verklaren.","Regionale taal in citaten en redactie authentiek behandelen zonder karikatuur of normverwarring.",[1743,1744],"Je kunt Nederlands-Nederlandse en Belgisch-Nederlandse standaardvariatie beschrijven.","Je herkent register, dialect, omgangstaal en standaardtaal als verschillende maar overlappende dimensies.",[1746,1757,1767,1777],{"id":1157,"contentId":1747,"slug":1159,"title":1158,"level":1160,"summary":1748,"order":11,"exercises":1749},"pg_d18b004f-bbcc-4254-8573-762dfaf92c32","Beschrijf regionale uitspraakkenmerken nauwkeurig en trek pas daarna voorzichtige conclusies over herkomst, stijl en identiteit.",[1750,1754],{"id":1751,"title":1752,"order":1305,"type":1753},"01a0ba4b-b8a2-71a6-8000-e8682e720dc2","Uitspraakvariatie: kenmerken en patronen","word_select",{"id":1755,"title":1756,"order":11,"type":1753},"01a0ba4b-b8b6-7079-87c9-6e547395bf6c","Van waarneming naar verantwoorde interpretatie",{"id":1213,"contentId":1758,"slug":1215,"title":1214,"level":1160,"summary":1759,"order":16,"exercises":1760},"pg_6ae4e539-96c6-4d63-b8c8-3add693a5d10","Vergelijk Nederlandse en Belgische voorkeuren in werkwoordclusters zonder toegestane volgordevariatie tot één nationale regel te reduceren.",[1761,1764],{"id":1762,"title":1763,"order":1305,"type":1753},"01a0ba4b-c582-7d30-94e1-4598f10388fd","Varianten herkennen zonder voorkeuren tot regels te maken",{"id":1765,"title":1766,"order":11,"type":1753},"01a0ba4b-c59c-7640-bd62-b7d4d3efc1de","Constructies beoordelen en zorgvuldig redigeren",{"id":1288,"contentId":1768,"slug":1290,"title":1289,"level":1160,"summary":1769,"order":21,"exercises":1770},"pg_7f430c85-61f9-4b78-8634-22593d1e17f5","Beoordeel morfosyntactische varianten op betekenis, verspreiding, standaardstatus en register in Nederland en Nederlandstalig België.",[1771,1774],{"id":1772,"title":1773,"order":1305,"type":1753},"01a0ba4b-b1d8-7cb7-8ecf-379d247dd1c6","Constructies vergelijken: vorm, betekenis en status",{"id":1775,"title":1776,"order":11,"type":1753},"01a0ba4b-b1f5-7608-8b6a-c91c23d4051a","Taaladvies en redactie zonder nationale vooroordelen",{"id":1293,"contentId":1778,"slug":1295,"title":1294,"level":1160,"summary":1779,"order":26,"exercises":1780},"pg_751de5d8-82b9-48c4-8a81-5a6ad8c779b7","Kies bewust tussen dialect, regiolect, omgangstaal en standaardtaal met respect voor publiek, authenticiteit en sociale betekenis.",[1781,1784],{"id":1782,"title":1783,"order":1305,"type":1753},"01a0ba4b-9d3e-78cf-aac0-5cd117dcf73d","Variëteiten en taalkeuzes nauwkeurig analyseren",{"id":1785,"title":1786,"order":11,"type":1753},"01a0ba4b-9d54-7f76-a88b-923f1d15bd74","Redigeren met behoud van stem en betekenis",[1788,1794],{"@id":1789,"@type":1790,"id":1772,"grammarPage":1791,"title":1773,"instructions":1792,"displayOrder":1305,"type":1753,"questionCount":81,"blankCount":116,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1793},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-b1d8-7cb7-8ecf-379d247dd1c6","GrammarExercise","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8b3a-74ed-8eb1-8d7b1a9f58cb","Kies de aanvulling die past bij de genoemde constructie en het aangegeven gebruikskader. Beoordeel nationale standaardvarianten niet op persoonlijke vertrouwdheid.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_a7134541-ce56-4662-b1e4-cfa531a6f213_hero.webp?v=1789831918",{"@id":1795,"@type":1790,"id":1775,"grammarPage":1791,"title":1776,"instructions":1796,"displayOrder":11,"type":1753,"questionCount":76,"blankCount":76,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1797},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-b1f5-7608-8b6a-c91c23d4051a","Kies de analyse, taalvorm of redactionele conclusie die door de gegeven context wordt gerechtvaardigd. Houd vorm, betekenis, verspreiding, register en standaardtaalstatus uit elkaar.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_96a0683e-c22f-43ff-83f6-0deb1e6920f8_hero.webp?v=1789831918",{"id":1772,"grammarPage":1791,"title":1773,"instructions":1792,"seoTitle":1799,"seoDescription":1800,"displayOrder":1305,"type":1753,"questions":1801,"ogImageUrl":1793},"Nederlands en Belgisch: constructies","Vergelijk morfosyntactische varianten zoals heeft kunnen komen en is kunnen komen, en bepaal hun vorm, betekenis en status in de standaardtaal.",[1802],{"id":1803,"sentenceTemplate":1804,"displayOrder":1305,"explanation":1805,"exampleSentence":1806,"blanks":1807},"01a0ba4b-b1d8-7eef-8ecf-379d277758bd","Vergelijk «De bezoeker heeft kunnen komen» en «De bezoeker is kunnen komen». De variant met «is» is __1__.","Het gaat om het perfectum met kunnen en komen, niet om het eenvoudige is gekomen. In dit cluster is heeft algemeen standaardtalig; is is standaardtaal in België en komt in Nederland vooral zuidelijk-regionaal voor.","Voor een tekst zonder nationale kleur kan een redacteur schrijven: «Gelukkig heeft de monteur kunnen komen».",[1808],{"id":1809,"blankNumber":11,"options":1810},"01a0ba4b-b1d8-7e9f-8ecf-379d2715bebf",[1811,1814,1817],{"id":1812,"optionText":1813,"isCorrect":1304,"displayOrder":1305},"01a0ba4b-b1d8-7e0f-8ecf-379d253f134b","standaardtaal in het hele taalgebied",{"id":1815,"optionText":1816,"isCorrect":1320,"displayOrder":11},"01a0ba4b-b1d8-7e4f-8ecf-379d263ea5a3","standaardtaal in België, maar niet algemeen standaardtalig in Nederland",{"id":1818,"optionText":1819,"isCorrect":1304,"displayOrder":16},"01a0ba4b-b1d8-7e7b-8ecf-379d268b02d8","geen standaardtaal in België of Nederland",{"html":1821,"toc":1822},"\u003Cp>\u003Cem>Hij heeft met moeite binnen kunnen komen\u003C\u002Fem> en \u003Cem>Hij is met moeite binnen kunnen komen\u003C\u002Fem> klinken niet voor alle Nederlandstaligen even gewoon. De eerste vorm is standaardtaal in het hele taalgebied; de tweede is standaardtaal in België en komt in Nederland regionaal voor, vooral in het zuiden, maar is daar niet algemeen standaardtalig. Zo&#39;n verschil vraagt meer dan het oordeel ‘Nederlands’ of ‘Vlaams’: je moet vorm, verspreiding, register en aanvaarding afzonderlijk analyseren.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Na deze les kun je:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>Nederlands-Nederlandse en Belgisch-Nederlandse morfosyntaxis pluricentrisch beschrijven;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>frequentie onderscheiden van standaardtaalstatus en persoonlijke vertrouwdheid;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>nationale, regionale, stilistische en sociale variatie uit elkaar houden;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>grammaticale varianten systematisch vergelijken op vorm, functie en gebruik;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>een passende variant kiezen voor publiek, tekstsoort en communicatief doel.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Ch2 id=\"en-taal-met-meer-dan-n-nationaal-centrum\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">1.\u003C\u002Fspan>Eén taal met meer dan één nationaal centrum\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Het Nederlands heeft nationale standaardvariëteiten. Het grootste deel van de grammatica is in Nederland en Nederlandstalig België hetzelfde, maar bij sommige constructies verschillen voorkeur, frequentie of aanvaarding.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Gebruik daarom precieze termen:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Nederlands-Nederlands (NN):\u003C\u002Fstrong> Nederlands zoals het in Nederland wordt gebruikt;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Belgisch-Nederlands (BN):\u003C\u002Fstrong> Nederlands zoals het in Nederlandstalig België wordt gebruikt;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>standaardtaal in het hele taalgebied:\u003C\u002Fstrong> algemeen bruikbaar in het publieke domein van beide gebieden;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>standaardtaal in Nederland \u002F België:\u003C\u002Fstrong> in het genoemde gebied algemeen bruikbaar in het publieke domein;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>status onduidelijk:\u003C\u002Fstrong> de grens van de standaardtaal is niet stabiel of niet eenduidig vast te stellen;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>geen standaardtaal:\u003C\u002Fstrong> niet algemeen aanvaard voor standaardtalige publieke contexten.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Een nationaal label is informatief, niet hiërarchisch. \u003Cstrong>Standaardtaal in België\u003C\u002Fstrong> betekent niet ‘bijna goed’ en \u003Cstrong>standaardtaal in Nederland\u003C\u002Fstrong> betekent niet ‘algemeen Nederlands’. Beide nationale variëteiten zijn volwaardige realisaties van het Standaardnederlands.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De statuslabels volgen de beschrijvende indeling van de \u003Ca href=\"https:\u002F\u002Fe-ans.ivdnt.org\u002F\">\u003Cstrong>Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS)\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fa> en de taaladviezen van de \u003Ca href=\"https:\u002F\u002Ftaaladvies.net\u002F\">\u003Cstrong>Taalunie\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fa>. Corpusgegevens gebruik je daarbij voor verspreiding en frequentie; zij bepalen niet op zichzelf de standaardtaalstatus.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"morfologie-en-syntaxis-werken-samen\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">2.\u003C\u002Fspan>Morfologie en syntaxis werken samen\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>\u003Cstrong>Morfologie\u003C\u002Fstrong> betreft de vorm van woorden: buiging, vervoeging en woordvorming. \u003Cstrong>Syntaxis\u003C\u002Fstrong> betreft de manier waarop woorden en woordgroepen in een zin worden gecombineerd. Bij \u003Cstrong>morfosyntaxis\u003C\u002Fstrong> grijpen beide in elkaar.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorbeelden:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>keuze van een hulpwerkwoord én opbouw van een werkwoordcluster;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>wel of geen buigings-\u003Cstrong>e\u003C\u002Fstrong> op een bijvoeglijk naamwoord in een bepaalde woordgroep;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>vorm van een voornaamwoord volgens zijn syntactische functie;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>keuze tussen een infinitiefconstructie en een bijzin;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>vorm van een telwoord na een voorzetsel.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Nationale variatie zit zelden in een volledig afzonderlijk grammaticasysteem. Vaker zijn dezelfde mogelijkheden aanwezig, maar is één variant in het ene gebied gewoner, neutraler of ruimer bruikbaar.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"vier-vragen-bij-elke-variant\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">3.\u003C\u002Fspan>Vier vragen bij elke variant\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Beoordeel een vorm nooit met alleen \u003Cem>hoor ik dit zelf vaak?\u003C\u002Fem> Stel vier vragen.\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Vraag\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Voorbeeld van een mogelijk antwoord\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>Welke vorm varieert?\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>heeft\u003C\u002Fstrong> tegenover \u003Cstrong>is\u003C\u002Fstrong> in een voltooide infinitiefconstructie\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>Blijft de betekenis gelijk?\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>grotendeels, maar perspectief of register kan verschillen\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>Waar en in welke context komt de vorm voor?\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>vooral BN, vooral gesproken NN, formeel of informeel\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>Wat is de huidige standaardtaalstatus?\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>algemeen, nationaal gebonden, onzeker of niet-standaardtalig\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cp>Voeg daar voor productie een vijfde vraag aan toe: wie is mijn publiek? Een nationale variant kan volledig correct zijn en toch uitleg of aanpassing vragen in een tekst voor het hele taalgebied.\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--tip\">\u003Cp>Noteer \u003Cstrong>frequentie\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>status\u003C\u002Fstrong> in aparte kolommen. ‘Veel gebruikt’ betekent niet automatisch ‘standaardtaal’; ‘minder gebruikelijk’ betekent niet automatisch ‘fout’.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"hulpwerkwoord-bij-een-voltooide-infinitiefgroep\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">4.\u003C\u002Fspan>Hulpwerkwoord bij een voltooide infinitiefgroep\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Vergelijk:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cem>Hij \u003Cstrong>heeft\u003C\u002Fstrong> met moeite binnen kunnen komen.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>Hij \u003Cstrong>is\u003C\u002Fstrong> met moeite binnen kunnen komen.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Met een enkel werkwoord is \u003Cem>Hij is binnengekomen\u003C\u002Fem> normaal. Zodra \u003Cstrong>kunnen\u003C\u002Fstrong> een infinitiefgroep vormt, kan de keuze ingewikkelder worden. De constructie met \u003Cstrong>heeft\u003C\u002Fstrong> is standaardtaal in het hele taalgebied. De constructie met \u003Cstrong>is\u003C\u002Fstrong> is standaardtaal in België; in Nederland komt zij regionaal voor, vooral in het zuiden, maar is zij niet algemeen standaardtalig.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Analyseer niet alleen het eerste hulpwerkwoord:\u003C\u002Fp>\n\u003Col>\n\u003Cli>perfectum: \u003Cstrong>heeft\u002Fis\u003C\u002Fstrong>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>modaal werkwoord: \u003Cstrong>kunnen\u003C\u002Fstrong>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>bewegingswerkwoord: \u003Cstrong>komen\u003C\u002Fstrong>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>vervangende infinitief: \u003Cstrong>kunnen\u003C\u002Fstrong>, niet \u003Cem>gekund\u003C\u002Fem>.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Fol>\n\u003Cp>Het verschil laat zien dat analogie met \u003Cem>is binnengekomen\u003C\u002Fem> kan doorwerken in een complex cluster. Het betekent niet dat alle combinaties met \u003Cstrong>zijn\u003C\u002Fstrong> automatisch BN zijn.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"volgorde-in-werkwoordclusters\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">5.\u003C\u002Fspan>Volgorde in werkwoordclusters\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>In bijzinnen kunnen werkwoorden meerdere standaardtalige volgordes hebben:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cstrong>rode volgorde:\u003C\u002Fstrong> \u003Cem>omdat zij het rapport \u003Cstrong>heeft gelezen\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fem>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>groene volgorde:\u003C\u002Fstrong> \u003Cem>omdat zij het rapport \u003Cstrong>gelezen heeft\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fem>.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Deze labels benoemen hier de plaats van het hulpwerkwoord ten opzichte van het deelwoord. Beide volgordes zijn standaardtaal in het hele taalgebied; voorkeuren verschillen onder meer per regio, register en werkwoord.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Bij een cluster van drie werkwoorden met een vervangende infinitief is \u003Cem>omdat hij het rapport \u003Cstrong>had moeten lezen\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fem> in zowel NN als BN de gangbare standaardvolgorde. \u003Cem>Omdat hij het rapport \u003Cstrong>moeten lezen had\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fem> is dialectaal of perifeer en geen Belgische standaardvolgorde.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Echte nationale variatie binnen een driecluster zie je bijvoorbeeld in:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cem>omdat hij \u003Cstrong>heeft kunnen komen\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fem> — standaardtaal in het hele taalgebied;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>omdat hij \u003Cstrong>is kunnen komen\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fem> — standaardtaal in België; in Nederland regionaal, vooral zuidelijk, en niet algemeen standaardtalig.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Hier varieert de hulpwerkwoordkeuze, niet de volgorde: persoonsvorm + modale infinitief + bewegingsinfinitief. Houd die twee soorten variatie dus uit elkaar.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Een betrouwbare analyse benoemt:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>de hiërarchie: welk werkwoord hangt van welk werkwoord af?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>de vorm: persoonsvorm, infinitief of deelwoord?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>de feitelijke volgorde;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>de nationale en stilistische verspreiding van precies dat clustertype.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Generaliseer niet van een cluster met twee werkwoorden naar alle clusters. Modale werkwoorden, perceptiewerkwoorden, causatieven en te-infinitieven hebben elk hun eigen beperkingen.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"infinitief-of-deelwoord-na-een-bewegingswerkwoord\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">6.\u003C\u002Fspan>Infinitief of deelwoord na een bewegingswerkwoord\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Vergelijk:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cem>Er kwam een auto \u003Cstrong>aanrijden\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>Er kwam een auto \u003Cstrong>aangereden\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Beide patronen komen in de standaardtaal in het hele taalgebied voor. De keuze vormt geen betrouwbaar onderscheid tussen Nederland en België; voorkeuren kunnen per werkwoord, tekstsoort en spreker verschillen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Het werkwoord \u003Cstrong>komen\u003C\u002Fstrong> functioneert hier niet alleen als verplaatsingswerkwoord. Samen met \u003Cstrong>aanrijden\u002Faangereden\u003C\u002Fstrong> presenteert het de manier waarop de auto in beeld verschijnt. Vergelijk het andere gebruik van hetzelfde deelwoord:\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>\u003Cem>De fietser werd door een auto aangereden.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Daar is \u003Cstrong>aangereden\u003C\u002Fstrong> onderdeel van een passieve constructie en betekent het ‘botsen tegen’. De syntactische omgeving voorkomt verwarring.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"vragen-om-en-vragen-dat\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">7.\u003C\u002Fspan>Vragen om en vragen dat\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>In het hele taalgebied zijn onder meer mogelijk:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cem>De vakbond vraagt \u003Cstrong>om overleg\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>De vakbond vraagt de minister \u003Cstrong>om te overleggen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>De vakbond vraagt \u003Cstrong>van de minister dat hij overlegt\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>In Belgisch-Nederlands is daarnaast de constructie \u003Cstrong>vragen dat + bijzin\u003C\u002Fstrong> standaardtalig:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cem>De vakbond vraagt \u003Cstrong>dat de minister overlegt\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>We vragen \u003Cstrong>dat het besluit wordt herzien\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Voor veel Nederlandse lezers klinkt dat gebruik regionaal; zij verwachten eerder \u003Cem>verzoekt de minister te overleggen\u003C\u002Fem>, \u003Cem>vraagt om overleg\u003C\u002Fem> of, afhankelijk van de sterkte, \u003Cem>wil\u002Feist dat\u003C\u002Fem>. Een vervanging is niet puur grammaticaal: \u003Cstrong>vragen\u003C\u002Fstrong>, \u003Cstrong>verzoeken\u003C\u002Fstrong>, \u003Cstrong>willen\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>eisen\u003C\u002Fstrong> drukken niet exact dezelfde verhouding of kracht uit.\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--warning\">\u003Cp>Pas een nationale variant niet automatisch aan met het eerste synoniem dat in je opkomt. Controleer of beleefdheid, actorstructuur en sterkte van de handeling behouden blijven.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"buiging-van-het-bijvoeglijk-naamwoord\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">8.\u003C\u002Fspan>Buiging van het bijvoeglijk naamwoord\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>De hoofdregel is duidelijk:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cem>een \u003Cstrong>groot\u003C\u002Fstrong> verschil\u003C\u002Fem> — de gewone onverbogen vorm na \u003Cstrong>een\u003C\u002Fstrong> bij een het-woord;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>het \u003Cstrong>grote\u003C\u002Fstrong> verschil\u003C\u002Fem> — gewone verbogen vorm na \u003Cstrong>het\u003C\u002Fstrong>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>het \u003Cstrong>witte paard\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fem> — de standaardvorm bij een gewoon wit paard.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>\u003Cem>Het wit paard\u003C\u002Fem> is buiten een vaste of naamachtige verbinding niet standaardtalig. Een naam als \u003Cem>Het Witte Paard\u003C\u002Fem> volgt als eigennaam zijn eigen spelling, maar is geen argument voor vrije onverbogen buiging.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Een gedocumenteerd verschil zie je in krantenkoppen zonder lidwoord: in België staat vaker \u003Cem>Amerikaans leger onderweg\u003C\u002Fem>, terwijl in Nederland ook \u003Cem>Amerikaanse leger onderweg\u003C\u002Fem> voorkomt als verkorting van \u003Cem>Het Amerikaanse leger is onderweg\u003C\u002Fem>. Dit is een verschil in kopstijl en buiging, niet een nieuwe algemene hoofdregel.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Onderzoek daarom:\u003C\u002Fp>\n\u003Col>\n\u003Cli>is het zelfstandig naamwoord een \u003Cstrong>de\u003C\u002Fstrong>- of \u003Cstrong>het\u003C\u002Fstrong>-woord?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>staat er een bepaald of onbepaald lidwoord?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>is de combinatie vast, naamachtig of contrastief?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>verschilt de frequentie per nationaal centrum?\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Fol>\n\u003Cp>Het label BN of NN vervangt de algemene buigingsregels niet; het verfijnt de beschrijving bij echte variatie.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"linkse-en-linker-rechtse-en-rechter\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">9.\u003C\u002Fspan>Linkse en linker, rechtse en rechter\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>In België zijn vormen als \u003Cstrong>de linkse deur\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>de rechtse rijstrook\u003C\u002Fstrong> standaardtaal. In Nederland zijn in die ruimtelijke betekenis \u003Cstrong>de linkerdeur\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>de rechterrijstrook\u003C\u002Fstrong> de veiligste algemeen aanvaarde vormen; \u003Cstrong>linkse\u002Frechtse\u003C\u002Fstrong> worden daar gemakkelijker als politiek of ideologisch gelezen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>BN mogelijk: \u003Cem>Neem de \u003Cstrong>linkse\u003C\u002Fstrong> rijstrook.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>in het hele taalgebied: \u003Cem>Neem de \u003Cstrong>linkerrijstrook\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>overal met een uiterste: \u003Cem>het \u003Cstrong>meest linkse\u003C\u002Fstrong> gebouw\u003C\u002Fem>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>ideologisch: \u003Cem>een \u003Cstrong>linkse\u003C\u002Fstrong> partij\u003C\u002Fem>.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Dit is zowel morfologisch als semantisch. De keuze tussen \u003Cstrong>-se\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>-er\u003C\u002Fstrong> hangt samen met regio en betekenis. Een automatische vervanging van elk \u003Cstrong>linkse\u003C\u002Fstrong> door \u003Cstrong>linker\u003C\u002Fstrong> zou \u003Cem>een linkse partij\u003C\u002Fem> verkeerd veranderen.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"telwoorden-na-een-voorzetsel\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">10.\u003C\u002Fspan>Telwoorden na een voorzetsel\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Beoordeel telwoordconstructies steeds op vorm, betekenis, verspreiding en status:\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Vorm\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Betekenis\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Verspreiding\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Status\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cem>De stok brak in tweeën.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>in twee delen\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>hele taalgebied\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>standaardtaal in het hele taalgebied\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cem>De stok brak in twee.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>in twee delen\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>relatief vaker BN\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>standaardtaal in België\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cem>We komen met zijn vijven.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>wij vormen samen een groep van vijf\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>hele taalgebied\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>standaardtaal in het hele taalgebied\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cem>We zijn met vijf.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>wij vormen samen een groep van vijf\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>vooral BN\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>standaardtaal in België\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cem>We komen met vijven.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>bedoeld als ‘we komen met zijn vijven’\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>regionaal gebruik\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>geen standaardtaal\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cp>Bij \u003Cstrong>in twee\u003C\u002Fstrong> gaat het hier om verdeling in twee delen, zonder uitgedrukt zelfstandig naamwoord. In die constructie is de vorm standaardtaal in België; voor het hele taalgebied kies je \u003Cstrong>in tweeën\u003C\u002Fstrong>. In \u003Cem>De stok brak in twee stukken\u003C\u002Fem> staat het telwoord bij \u003Cstrong>stukken\u003C\u002Fstrong> en is \u003Cstrong>in twee stukken\u003C\u002Fstrong> standaardtaal in het hele taalgebied.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>\u003Cem>Met vijf\u003C\u002Fem> kan in een passende context een aantal personen aanduiden, maar vervangt niet zonder meer de groepsconstructie \u003Cem>met zijn vijven\u003C\u002Fem>. De vorm, de bedoelde betekenis en de zinstructuur moeten dus samen worden beoordeeld.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ook combinaties als \u003Cem>drie meter en een half\u003C\u002Fem> komen regionaal, vooral in België, voor, maar behoren volgens de gangbare norm niet zonder meer tot de standaardtaal. Algemeen bruikbaar zijn bijvoorbeeld:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cem>drie en een halve meter\u003C\u002Fem>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>drieënhalve meter\u003C\u002Fem>.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Het belangrijke onderscheid is opnieuw: geografische verspreiding beschrijft \u003Cstrong>waar\u003C\u002Fstrong> een vorm voorkomt; standaardtaalstatus beschrijft \u003Cstrong>waar hij publiek algemeen bruikbaar wordt geacht\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"voornaamwoorden-functie-vr-regio\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">11.\u003C\u002Fspan>Voornaamwoorden: functie vóór regio\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>De vorm van een voornaamwoord hangt eerst af van zijn syntactische functie.\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>onderwerp: \u003Cem>zij\u002Fze hebben het gedaan\u003C\u002Fem>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>indirect object: \u003Cem>de directie gaf \u003Cstrong>hun\u003C\u002Fstrong> een kans\u003C\u002Fem>;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>bezittelijk: \u003Cem>\u003Cstrong>hun\u003C\u002Fstrong> voorstel\u003C\u002Fem>.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>In Nederland hoor je ook \u003Cem>hun hebben het gedaan\u003C\u002Fem>. De vorm is geografisch herkenbaar en wijdverbreid, maar geldt momenteel niet als standaardtaal. Het is dus onjuist om te redeneren: ‘Het komt in Nederland voor, dus het is Nederlands-Nederlandse standaardtaal.’\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--note\">\u003Cp>\u003Cstrong>Hen\u002Fhun als lijdend voorwerp — functie en register in NN en BN.\u003C\u002Fstrong> Bij verwijzing naar personen is \u003Cstrong>hen\u003C\u002Fstrong> de beklemtoonde standaardvorm als lijdend voorwerp: \u003Cem>Ik heb \u003Cstrong>hen\u003C\u002Fstrong> uitgenodigd.\u003C\u002Fem> Onbeklemtoond is \u003Cstrong>ze\u003C\u002Fstrong> in beide nationale variëteiten standaardtalig: \u003Cem>Ik heb \u003Cstrong>ze\u003C\u002Fstrong> uitgenodigd.\u003C\u002Fem> \u003Cstrong>Hun\u003C\u002Fstrong> als lijdend voorwerp, zoals in \u003Cem>Ik heb \u003Cstrong>hun\u003C\u002Fstrong> uitgenodigd\u003C\u002Fem>, komt in informele spreektaal voor, onder meer in Nederland, maar geldt niet als standaardtaal. Dit levert dus geen tegenstelling tussen twee nationale standaardnormen op. Vergelijk het standaardtalige indirect object zonder voorzetsel: \u003Cem>Ik heb \u003Cstrong>hun\u003C\u002Fstrong> een uitnodiging gestuurd.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cp>Vergelijk aan de andere kant \u003Cstrong>u heeft\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>u hebt\u003C\u002Fstrong>. Beide zijn correct. Een spreker kan een sterke voorkeur hebben, maar die voorkeur bewijst geen exclusieve nationale norm.\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--example\">\u003Cp>Analyseer \u003Cem>Hun hebben gevraagd dat de vergadering wordt uitgesteld.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cstrong>hun\u003C\u002Fstrong> als onderwerp: niet-standaardtalig, vooral in Nederland aangetroffen;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>vragen dat\u003C\u002Fstrong> zonder \u003Cem>van iemand\u003C\u002Fem>: standaardtalige BN-constructie;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>passief \u003Cstrong>wordt uitgesteld\u003C\u002Fstrong>: op zichzelf algemeen Nederlands.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Eén zin kan dus kenmerken met verschillende geografische en normatieve profielen combineren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"nationale-variatie-is-gradueel\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">12.\u003C\u002Fspan>Nationale variatie is gradueel\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Een constructie kan:\u003C\u002Fp>\n\u003Col>\n\u003Cli>alleen in één gebied voorkomen;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>in beide voorkomen maar in één gebied veel frequenter zijn;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>in beide voorkomen maar een ander register hebben;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>in één gebied standaardtalig zijn en elders een onduidelijke status hebben;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>buiten de standaardtaal vallen maar regionaal zeer gewoon zijn.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Fol>\n\u003Cp>Daarom zijn uitspraken als \u003Cem>Belgen zeggen X, Nederlanders zeggen Y\u003C\u002Fem> meestal te absoluut. Leeftijd, regio, opleiding, medium, genre en formaliteit snijden dwars door de nationale categorieën heen. Ook de landsgrens valt niet altijd samen met de grens van een taalverschijnsel.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Gebruik in een analyse gekwalificeerde formuleringen:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cem>X is relatief gebruikelijker in Belgisch-Nederlands.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>Y is standaardtaal in het hele taalgebied, maar heeft een hogere frequentie in Nederland.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>Deze vorm komt informeel in beide gebieden voor; de aanvaarding verschilt.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>Voor deze constructie geven de geraadpleegde bronnen geen stabiele nationale verdeling.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Ch2 id=\"spreektaal-tussentaal-en-standaardtaal\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">13.\u003C\u002Fspan>Spreektaal, tussentaal en standaardtaal\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Belgisch-Nederlands is niet hetzelfde als Vlaamse \u003Cstrong>tussentaal\u003C\u002Fstrong>, en Nederlands-Nederlands is niet hetzelfde als informele Randstedelijke spreektaal. Beide gebieden kennen een continuüm:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>lokale dialecten;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>regiolecten en supraregionale informele variëteiten;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>gesproken standaardtaal;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>meer formele geschreven standaardtaal.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Een kenmerk kan in informele communicatie breed voorkomen zonder in formele standaardtaal neutraal te zijn. Omgekeerd kan een nationaal standaardtalige vorm buiten het eigen gebied ongewoon klinken maar volledig passend zijn voor het lokale publieke domein.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Vermijd waarderende etiketten als \u003Cstrong>slordig\u003C\u002Fstrong>, \u003Cstrong>onzuiver\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>beter Nederlands\u003C\u002Fstrong> wanneer je eigenlijk verspreiding of register bedoelt. Beschrijf de concrete eigenschap.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"persoonlijke-intutie-is-lokaal\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">14.\u003C\u002Fspan>Persoonlijke intuïtie is lokaal\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Een taalgebruiker kent vooral de varianten uit de eigen omgeving. Daardoor ontstaan drie veelvoorkomende fouten:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>een onbekende standaardvariant als fout afwijzen;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>een zeer gewone regionale vorm als overal standaardtalig beschouwen;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>een verschil in frequentie als een absoluut betekenisverschil formuleren.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Gebruik voor een zorgvuldige beoordeling actuele, pluricentrische naslagwerken en corpora. Zoek exact dezelfde constructie, niet alleen één opvallend woord. Noteer bovendien de datum: standaardtaalstatus en register kunnen veranderen.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"corpusgegevens-verantwoord-lezen\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">15.\u003C\u002Fspan>Corpusgegevens verantwoord lezen\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Een corpus kan laten zien hoe vaak vormen in bepaalde teksten voorkomen. Het bewijst niet rechtstreeks wat alle sprekers aanvaarden.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Controleer:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>welke landen en regio&#39;s vertegenwoordigd zijn;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>of het materiaal gesproken, geschreven, formeel of informeel is;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>uit welke periode de teksten komen;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>of de zoekopdracht werkelijk dezelfde grammaticale constructie vindt;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>of onderwerp, genre en auteur de aantallen vertekenen.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Bij \u003Cem>vragen dat\u003C\u002Fem> moet je bijvoorbeeld gevallen uitsluiten waarin \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong> niet de bijzin inleidt die bij \u003Cstrong>vragen\u003C\u002Fstrong> hoort. Bij \u003Cem>is kunnen komen\u003C\u002Fem> moet je de hele werkwoordgroep zoeken, niet elk los voorkomen van \u003Cstrong>is\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>kunnen\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"keuze-voor-een-bovenregionaal-publiek\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">16.\u003C\u002Fspan>Keuze voor een bovenregionaal publiek\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Schrijf je voor lezers in Nederland én België, dan heb je drie mogelijkheden.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch3 id=\"een-algemeen-gangbare-variant-kiezen\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">16.1\u003C\u002Fspan>Een algemeen gangbare variant kiezen\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>\u003Cem>Hij heeft kunnen komen\u003C\u002Fem> is in het hele taalgebied aanvaard. Dat maakt de vorm geschikt wanneer nationale kleur geen functie heeft.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch3 id=\"de-nationale-variant-behouden-en-context-geven\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">16.2\u003C\u002Fspan>De nationale variant behouden en context geven\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>In een Belgisch bestuursdocument kan \u003Cem>de organisatie vraagt dat ...\u003C\u002Fem> passend zijn. Voor een breed publiek kan de omringende zin de betekenis voldoende duidelijk maken.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch3 id=\"de-zin-herstructureren\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">16.3\u003C\u002Fspan>De zin herstructureren\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Als varianten ongewenste associaties oproepen, herschrijf dan zonder betekenisverlies:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cem>De organisatie vraagt om uitstel.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cem>De organisatie verzoekt de minister de termijn te verlengen.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Kies niet automatisch voor de Nederlandse variant uit Nederland als vermeende neutrale norm. ‘Bovenregionaal’ betekent zoeken naar een vorm die het hele publiek begrijpt en die bij het doel past.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"literaire-dialoog-en-personagebouw\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">17.\u003C\u002Fspan>Literaire dialoog en personagebouw\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>In fictie, interviews en citaten kan regionale morfosyntaxis belangrijke sociale informatie dragen. Een redacteur die elke variant normaliseert, wist mogelijk stem, herkomst of verhouding tussen personages uit.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Stel bij redactie drie vragen:\u003C\u002Fp>\n\u003Col>\n\u003Cli>is de vorm van de auteur, verteller of geciteerde spreker?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>is nationale of regionale herkenbaarheid inhoudelijk relevant?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>moet de tekst authentiek weergeven of institutioneel uniform formuleren?\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Fol>\n\u003Cp>Een letterlijk citaat corrigeer je niet stilzwijgend. Een organisatiebrede instructie kan daarentegen bewust één afgesproken stijl hanteren, zolang die keuze niet wordt voorgesteld als de enige grammaticaal juiste.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"een-contrastieve-analyse-opbouwen\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">18.\u003C\u002Fspan>Een contrastieve analyse opbouwen\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Neem twee varianten en werk in vaste stappen.\u003C\u002Fp>\n\u003Col>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Segmenteer:\u003C\u002Fstrong> markeer de woorden of volgordes die verschillen.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Benoem de constructie:\u003C\u002Fstrong> bijvoorbeeld perfectum + modaal werkwoord + bewegingsinfinitief.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Controleer betekenis:\u003C\u002Fstrong> is er werkelijk synoniemie, of verandert aspect, perspectief of handelingskracht?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Beschrijf verspreiding:\u003C\u002Fstrong> NN, BN, beide, of een kleinere regio?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Beschrijf register:\u003C\u002Fstrong> neutraal, formeel, informeel, archaïsch of vaktaal?\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Noteer status:\u003C\u002Fstrong> algemeen standaardtalig, nationaal standaardtalig, onzeker of niet-standaardtalig.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Kies contextueel:\u003C\u002Fstrong> welk publiek, genre en communicatief effect?\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Fol>\n\u003Cp>Een compacte rapportage kan luiden:\u003C\u002Fp>\n\u003Cblockquote>\n\u003Cp>\u003Cem>Vragen dat + bijzin\u003C\u002Fem> is in deze betekenis standaardtaal in België. In Nederland is \u003Cem>vragen om + naamwoordgroep\u002Fte-infinitief\u003C\u002Fem> gebruikelijker. Voor een gezamenlijke publieksbrochure kiezen we \u003Cem>vragen om overleg\u003C\u002Fem>, omdat dat in beide gebieden natuurlijk wordt begrepen en dezelfde gewenste handelingskracht behoudt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fblockquote>\n\u003Ch2 id=\"veelvoorkomende-denkfouten\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">19.\u003C\u002Fspan>Veelvoorkomende denkfouten\u003C\u002Fh2>\n\u003Ch3 id=\"nationaal-gelijkstellen-aan-niet-standaardtalig\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">19.1\u003C\u002Fspan>Nationaal gelijkstellen aan niet-standaardtalig\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Een vorm kan alleen in België of Nederland standaardtalig zijn. Het nationale label is geen afkeuring.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch3 id=\"regionaal-gebruik-als-voldoende-bewijs-nemen\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">19.2\u003C\u002Fspan>Regionaal gebruik als voldoende bewijs nemen\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>\u003Cem>Hun hebben\u003C\u002Fem> komt veel in Nederland voor, maar frequentie alleen bepaalt de huidige standaardtaalstatus niet.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch3 id=\"en-spreker-als-maatstaf-nemen\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">19.3\u003C\u002Fspan>Eén spreker als maatstaf nemen\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>\u003Cem>Ik hoor dit nooit\u003C\u002Fem> zegt vooral iets over het netwerk en de teksten van die spreker.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch3 id=\"woordverschil-en-constructieverschil-verwarren\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">19.4\u003C\u002Fspan>Woordverschil en constructieverschil verwarren\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Bij \u003Cem>vragen dat\u003C\u002Fem> gaat het om het complementatiepatroon van het werkwoord, niet alleen om het voegwoord \u003Cstrong>dat\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch3 id=\"alle-verschillen-willen-neutraliseren\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">19.5\u003C\u002Fspan>Alle verschillen willen neutraliseren\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>In een lokale of literaire tekst kan de nationale variant juist functioneel en volledig correct zijn.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"samenvatting\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">20.\u003C\u002Fspan>Samenvatting\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Nederlands-Nederlands en Belgisch-Nederlands delen één grammaticale kern, maar verschillen bij sommige morfosyntactische varianten in frequentie, register en standaardtaalstatus. Een zorgvuldige analyse beschrijft eerst de exacte constructie en scheidt daarna betekenis, verspreiding, aanvaarding en context. Nationale standaardvarianten zijn gelijkwaardig; veelvuldig regionaal gebruik is op zichzelf geen normlabel. Voor een passende keuze kijk je naar actueel bewijs, publiek en tekstsoort, niet naar één persoonlijke intuïtie of een simpele tegenstelling tussen ‘Nederlands’ en ‘Vlaams’.\u003C\u002Fp>\n",[1823,1827,1831,1835,1839,1843,1847,1851,1855,1859,1863,1867,1871,1875,1879,1883,1887,1891,1895,1899,1903,1907,1911,1915,1919,1923,1927,1931],{"id":1824,"text":1825,"depth":16,"number":1826},"en-taal-met-meer-dan-n-nationaal-centrum","Eén taal met meer dan één nationaal centrum","1",{"id":1828,"text":1829,"depth":16,"number":1830},"morfologie-en-syntaxis-werken-samen","Morfologie en syntaxis werken samen","2",{"id":1832,"text":1833,"depth":16,"number":1834},"vier-vragen-bij-elke-variant","Vier vragen bij elke variant","3",{"id":1836,"text":1837,"depth":16,"number":1838},"hulpwerkwoord-bij-een-voltooide-infinitiefgroep","Hulpwerkwoord bij een voltooide infinitiefgroep","4",{"id":1840,"text":1841,"depth":16,"number":1842},"volgorde-in-werkwoordclusters","Volgorde in werkwoordclusters","5",{"id":1844,"text":1845,"depth":16,"number":1846},"infinitief-of-deelwoord-na-een-bewegingswerkwoord","Infinitief of deelwoord na een bewegingswerkwoord","6",{"id":1848,"text":1849,"depth":16,"number":1850},"vragen-om-en-vragen-dat","Vragen om en vragen dat","7",{"id":1852,"text":1853,"depth":16,"number":1854},"buiging-van-het-bijvoeglijk-naamwoord","Buiging van het bijvoeglijk naamwoord","8",{"id":1856,"text":1857,"depth":16,"number":1858},"linkse-en-linker-rechtse-en-rechter","Linkse en linker, rechtse en rechter","9",{"id":1860,"text":1861,"depth":16,"number":1862},"telwoorden-na-een-voorzetsel","Telwoorden na een voorzetsel","10",{"id":1864,"text":1865,"depth":16,"number":1866},"voornaamwoorden-functie-vr-regio","Voornaamwoorden: functie vóór regio","11",{"id":1868,"text":1869,"depth":16,"number":1870},"nationale-variatie-is-gradueel","Nationale variatie is gradueel","12",{"id":1872,"text":1873,"depth":16,"number":1874},"spreektaal-tussentaal-en-standaardtaal","Spreektaal, tussentaal en standaardtaal","13",{"id":1876,"text":1877,"depth":16,"number":1878},"persoonlijke-intutie-is-lokaal","Persoonlijke intuïtie is lokaal","14",{"id":1880,"text":1881,"depth":16,"number":1882},"corpusgegevens-verantwoord-lezen","Corpusgegevens verantwoord lezen","15",{"id":1884,"text":1885,"depth":16,"number":1886},"keuze-voor-een-bovenregionaal-publiek","Keuze voor een bovenregionaal publiek","16",{"id":1888,"text":1889,"depth":21,"number":1890},"een-algemeen-gangbare-variant-kiezen","Een algemeen gangbare variant kiezen","16.1",{"id":1892,"text":1893,"depth":21,"number":1894},"de-nationale-variant-behouden-en-context-geven","De nationale variant behouden en context geven","16.2",{"id":1896,"text":1897,"depth":21,"number":1898},"de-zin-herstructureren","De zin herstructureren","16.3",{"id":1900,"text":1901,"depth":16,"number":1902},"literaire-dialoog-en-personagebouw","Literaire dialoog en personagebouw","17",{"id":1904,"text":1905,"depth":16,"number":1906},"een-contrastieve-analyse-opbouwen","Een contrastieve analyse opbouwen","18",{"id":1908,"text":1909,"depth":16,"number":1910},"veelvoorkomende-denkfouten","Veelvoorkomende denkfouten","19",{"id":1912,"text":1913,"depth":21,"number":1914},"nationaal-gelijkstellen-aan-niet-standaardtalig","Nationaal gelijkstellen aan niet-standaardtalig","19.1",{"id":1916,"text":1917,"depth":21,"number":1918},"regionaal-gebruik-als-voldoende-bewijs-nemen","Regionaal gebruik als voldoende bewijs nemen","19.2",{"id":1920,"text":1921,"depth":21,"number":1922},"en-spreker-als-maatstaf-nemen","Eén spreker als maatstaf nemen","19.3",{"id":1924,"text":1925,"depth":21,"number":1926},"woordverschil-en-constructieverschil-verwarren","Woordverschil en constructieverschil verwarren","19.4",{"id":1928,"text":1929,"depth":21,"number":1930},"alle-verschillen-willen-neutraliseren","Alle verschillen willen neutraliseren","19.5",{"id":1932,"text":1933,"depth":16,"number":1934},"samenvatting","Samenvatting","20"]