[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-objecten-en-bijwoorden-herschikken-in-het-middenstuk":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8b54-7c00-8aca-7e8e582da32e":432,"exercise-list-path-nl-none":449},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":429,"readyImages":431},"01a0ba4b-8b54-7c00-8aca-7e8e582da32e","Objecten en bijwoorden herschikken in het middenstuk","objecten-en-bijwoorden-herschikken-in-het-middenstuk","Leer objecten en bijwoorden in het Nederlandse middenstuk herschikken volgens grammaticale binding, informatiestructuur, ritme en communicatieve focus.","In een Nederlandse hoofdzin staan de persoonsvorm en de overige werkwoorden vaak als twee grenzen om het **middenstuk** heen: *De onderzoeker **heeft** de resultaten gisteren zorgvuldig aan haar collega's **uitgelegd***. Binnen dat middenstuk kunnen objecten, bijwoorden en voorzetselgroepen van plaats wisselen. Die vrijheid is niet onbeperkt. De gekozen volgorde laat zien welke elementen grammaticaal nauw verbonden zijn, welke informatie al bekend is en waarop de spreker de aandacht richt.\n\nNa deze les kun je:\n\n- neutrale en gemarkeerde volgordes in het middenstuk onderscheiden;\n- voornaamwoorden, nominale objecten en bijwoorden natuurlijk ordenen;\n- een element verplaatsen om contrast of focus te creëren;\n- zware zinsdelen zo plaatsen dat een zin helder en goed geproportioneerd blijft;\n- volgordeverschillen interpreteren zonder er één star schema van te maken.\n\n## Het middenstuk als ordeningsruimte\n\nIn een hoofdzin begint het middenstuk na de persoonsvorm en eindigt het vóór de niet-persoonsvormelijke delen van het gezegde.\n\n| Eerste zinsplaats | Persoonsvorm | Middenstuk | Werkwoordelijk einde |\n| --- | --- | --- | --- |\n| De adviseur | heeft | de klant gisteren uitvoerig | geïnformeerd. |\n| Morgen | zal | zij hem waarschijnlijk opnieuw | bellen. |\n| Dat voorstel | kunnen | we de commissie niet zonder toelichting | voorleggen. |\n\nEen bijzin heeft geen persoonsvorm op de tweede plaats, maar ook daar kun je een zone vóór de werkwoordgroep herkennen: *omdat zij hem waarschijnlijk opnieuw zal bellen*. Dezelfde ordeningsfactoren spelen er vaak een rol.\n\nEen bruikbaar uitgangspunt is: korte, bekende en grammaticaal lichte elementen komen relatief vroeg; nieuwe, contrasterende of zware elementen komen relatief laat. Dat is een tendens, geen formule die elke zin volledig voorspelt.\n\n:::note\nVolgorde in het middenstuk ontstaat uit meerdere krachten tegelijk: grammaticale functie, bepaaldheid, informatiewaarde, lengte, ritme en de betekenis van het werkwoord. Daarom kunnen twee volgordes grammaticaal zijn, terwijl één ervan in een bepaalde context veel natuurlijker klinkt.\n:::\n\n## Onbeklemtoonde voornaamwoorden staan vroeg\n\nPersoonlijke voornaamwoorden als **hem**, **haar**, **het** en **ze** verwijzen meestal naar al bekende informatie. Wanneer ze onbeklemtoond zijn, staan ze doorgaans vroeg in het middenstuk.\n\n- Ik heb **hem** gisteren bij de receptie gesproken.\n- De directie zal **het** waarschijnlijk morgen bekendmaken.\n- We hebben **ze** na afloop uitgebreid bedankt.\n- Zij heeft **mij** de gewijzigde planning meteen gestuurd.\n\nBij twee onbeklemtoonde voornaamwoorden staat het lijdend voorwerp **het** (of **ze**) vóór het persoonsvoornaamwoord: *Ik heb **het hem** al verteld.* Staat het andere object als volledige naamwoordgroep in de zin, dan komt het persoonsvoornaamwoord juist vroeg: *Ik heb **hem de uitslag** al verteld.* De combinatie kan echter zwaar of onduidelijk worden. In verzorgde taal is een voorzetselgroep soms transparanter: *Ik heb het al **aan hem** verteld.*\n\nEen beklemtoond voornaamwoord gedraagt zich anders. Het kan later staan en contrast dragen:\n\n:::example\n- Ik heb **hem** gisteren gebeld. — neutrale verwijzing naar een bekende persoon\n- Ik heb gisteren **HÉM** gebeld, niet zijn collega. — contrastieve focus\n\nDe tweede volgorde is niet zomaar een stilistische variant. De plaats en de klemtoon corrigeren een mogelijke verwachting.\n:::\n\n## Voornaamwoord tegenover volledige naamwoordgroep\n\nWanneer één object een voornaamwoord is en het andere een volledige naamwoordgroep, komt het voornaamwoord meestal eerst.\n\n| Natuurlijk uitgangspunt | Minder neutraal zonder speciale context |\n| --- | --- |\n| De docent heeft **ons de nieuwe procedure** uitgelegd. | De docent heeft **de nieuwe procedure ons** uitgelegd. |\n| Ik stuur **haar morgen het definitieve verslag**. | Ik stuur **het definitieve verslag morgen haar**. |\n| Ze hebben **het aan alle deelnemers** meegedeeld. | Ze hebben **aan alle deelnemers het** meegedeeld. |\n\nDe precieze constructie van het werkwoord blijft belangrijk. Bij *iemand iets vragen*, *iemand iets geven* en *iemand iets uitleggen* is een volgorde met het persoonsobject vóór het zaakobject zeer gewoon. **Het** staat niet laat in het middenstuk, ook niet achter een voorzetselgroep: *Ze hebben het aan alle deelnemers meegedeeld*, niet *Ze hebben aan alle deelnemers het meegedeeld.* Een lange voorzetselgroep met **aan** kan juist later komen: *We hebben het besluit gisteren **aan alle betrokken organisaties in de regio** meegedeeld.*\n\n:::warning\nBehandel **meewerkend voorwerp vóór lijdend voorwerp** niet als een absolute regel. Bij twee onbeklemtoonde voornaamwoorden staat **het** vóór het persoonsvoornaamwoord: *Ik gaf het hem.* Vergelijk verder *Ik gaf hem het boek*, *Ik gaf het aan hem* en *Ik gaf het boek uiteindelijk aan de nieuwe medewerker*.\n:::\n\n## Bekende informatie vóór nieuwe informatie\n\nEen volledige naamwoordgroep kan bekend of nieuw zijn. Bepaaldheid geeft vaak een aanwijzing: **de analyse**, **dat verzoek** en een eigennaam verwijzen gemakkelijk naar identificeerbare informatie; **een onverwacht probleem** introduceert meestal iets nieuws.\n\n- We hebben **het voorstel** gisteren met **een externe deskundige** besproken.\n- De redactie heeft **die passage** na overleg door **een duidelijker voorbeeld** vervangen.\n- Zij legde **de bestaande regeling** vervolgens naast **een volledig nieuw model**.\n\nDe latere positie geeft het nieuwe element ruimte en vaak ook zinsaccent. Keer je de volgorde bewust om, dan kan het bekende object juist contrastief worden: *Met een externe deskundige hebben we gisteren **DIT voorstel** besproken, niet het vorige.*\n\nInformatiestructuur wordt dus niet uitsluitend door lidwoorden bepaald. Een onbepaalde naamwoordgroep kan al bekend zijn, en een bepaalde groep kan nieuwe, zwaar beschreven informatie bevatten. Kijk naar de voorafgaande tekst.\n\n## Tijd, wijze en plaats zijn geen star rijtje\n\nLeerders krijgen soms een vaste volgorde voor tijd, wijze en plaats. Die kan als eerste oriëntatie helpen, maar op C1-niveau is een star **tijd-wijze-plaats**-schema te grof.\n\nVergelijk:\n\n- De technicus heeft **gisteren zorgvuldig in het laboratorium** gewerkt.\n- De technicus heeft **in het laboratorium gisteren opvallend zorgvuldig** gewerkt.\n- De technicus heeft **zorgvuldig** gewerkt, **gisteren in het laboratorium**.\n\nDe eerste zin is zonder context het neutraalst. De tweede kan natuurlijk worden als *in het laboratorium* het gespreksonderwerp is en *gisteren* het contrast vormt. De derde klinkt als gesproken taal met een los toegevoegde verduidelijking.\n\nSommige bijwoorden hebben bovendien een voorkeur die met hun bereik samenhangt:\n\n- **waarschijnlijk**, **misschien** en **vermoedelijk** beoordelen de hele bewering en staan vaak relatief vroeg;\n- **niet**, **ook**, **alleen** en **zelfs** staan in de buurt van het element waarop ze betrekking hebben;\n- bijwoorden van wijze als **zorgvuldig** en **opzettelijk** staan vaak dichter bij de handeling;\n- een richtingsbepaling kan nauw bij het werkwoord horen: *de dozen naar boven brengen*.\n\n:::tip\nVraag niet alleen “welk soort bijwoord is dit?”, maar ook “welk deel van de boodschap verandert dit woord?” Het bereik van een bijwoord verklaart vaak waarom een volgorde wel of niet natuurlijk is.\n:::\n\n## Hechte combinaties blijven bij elkaar\n\nEen werkwoord kan een vaste aanvulling of richting selecteren. Zulke elementen staan vaak later, dicht bij het werkwoordelijke einde.\n\n- Zij heeft het probleem gisteren **met haar leidinggevende besproken**.\n- De commissie zal de bezwaren zorgvuldig **in de beoordeling betrekken**.\n- We hebben de leverancier herhaaldelijk **op de ontbrekende documenten gewezen**.\n- Hij heeft het oude beleid uiteindelijk **door een eenvoudiger regeling vervangen**.\n\nToch is “dicht bij het werkwoord” geen verbod op andere volgordes. Een voorzetselgroep kan naar voren als hij het kader vormt: *Met haar leidinggevende heeft zij het probleem gisteren besproken.* Dat is geen neutrale middenstukvolgorde meer, maar topicalisatie.\n\nPas ook op met een voornaamwoordelijk bijwoord: **erover**, **eraan**, **daarmee**. Een kort onbeklemtoond **er** staat vaak vroeg, terwijl het voorzetseldeel later kan staan: *We hebben **er** gisteren lang **over** gesproken.* De ongesplitste vorm kan contrast dragen: *We hebben gisteren juist **daarover** gesproken.*\n\n## Zware zinsdelen naar rechts\n\nLange objecten en bepalingen belasten het midden van een zin. Het Nederlands plaatst zulke zinsdelen vaak relatief laat. Dit heet wel het principe van **toenemend gewicht**.\n\n:::example\nMinder evenwichtig:\n\n*De commissie heeft het door drie onafhankelijke onderzoekers na maanden overleg opgestelde en uitvoerig gemotiveerde advies gisteren gepubliceerd.*\n\nEvenwichtiger:\n\n*De commissie heeft gisteren **het uitvoerig gemotiveerde advies van drie onafhankelijke onderzoekers** gepubliceerd.*\n\nNog helderder, als de inhoud van het advies belangrijk is:\n\n*De commissie heeft gisteren een advies gepubliceerd **dat drie onafhankelijke onderzoekers na maanden overleg hadden opgesteld en uitvoerig gemotiveerd**.*\n:::\n\nNiet elke zware woordgroep kan zonder gevolgen naar rechts. Houd geselecteerde aanvullingen herkenbaar en voorkom dat een lezer tijdelijk de verkeerde relatie legt. Soms is opsplitsen in twee zinnen de beste redactie-ingreep.\n\n## Herschikken verandert focus en soms betekenis\n\nDe plaats van **alleen**, **ook**, **zelfs** en **niet** kan het interpretatiebereik veranderen.\n\n- De organisatie heeft **alleen de lokale partners** geïnformeerd. — geen andere partners\n- De organisatie heeft de lokale partners **alleen geïnformeerd**. — geïnformeerd, maar bijvoorbeeld niet geraadpleegd\n- **Zelfs de directeur** heeft het bericht gelezen. — de directeur is de onverwachte lezer\n- De directeur heeft **zelfs het volledige rapport** gelezen. — het rapport is het onverwachte object\n\nBij hardop spreken helpt klemtoon de bedoelde focus. In geschreven taal moet de volgorde vaak meer werk doen. Voeg zo nodig **niet ... maar ...** toe om contrast ondubbelzinnig te maken.\n\n## Een zin systematisch herzien\n\nBij een overvol of onnatuurlijk middenstuk kun je in deze volgorde werken:\n\n1. Markeer de persoonsvorm en het werkwoordelijke einde.\n2. Zet bij twee voornaamwoorden eerst **het\u002Fze** als lijdend voorwerp, daarna het persoonsvoornaamwoord en daarna de rest van het middenstuk.\n3. Bepaal welke informatie bekend, nieuw of contrasterend is.\n4. Controleer welke aanvulling hecht bij het werkwoord hoort.\n5. Zet zware nieuwe informatie relatief laat of werk haar uit in een bijzin.\n6. Controleer het bereik van woorden als **niet**, **alleen**, **ook** en **zelfs**.\n7. Lees de zin hardop en beoordeel ritme, tijdelijke dubbelzinnigheid en zinsaccent.\n\n:::example\nUitgangszin: *De projectleider heeft aan de nieuwe medewerkers gisteren waarschijnlijk de wijziging uitgebreid uitgelegd.*\n\nEen neutralere versie is: *De projectleider heeft de nieuwe medewerkers gisteren waarschijnlijk de wijziging uitgebreid uitgelegd.*\n\nMet een kort voornaamwoord: *De projectleider heeft **hun** gisteren waarschijnlijk de wijziging uitgebreid uitgelegd.*\n\nMet focus op het tijdstip: *De projectleider heeft hun de wijziging **GISTEREN** uitgebreid uitgelegd, niet vandaag.*\n:::\n\nIn de laatste twee zinnen is **hun** als meewerkend voorwerp verzorgd taalgebruik. In de spreektaal hoor je vaak **ze**.\n\nEr bestaat dus geen universele perfecte volgorde los van context. Een sterke C1-zin houdt grammaticale binding zichtbaar, leidt de lezer van toegankelijk naar nieuw materiaal en zet het zinsaccent precies waar de boodschap het nodig heeft.","nl","C1",211,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87e2-7ad7-a6fc-c5ca5de67ed9","Informatiestructuur met woordvolgorde sturen",false,0,8,"2026-09-19T15:31:48+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":38},"01a0ba4c-4f7b-7030-b139-da26f717866c","Kernwoorden bij Objecten en bijwoorden herschikken in het middenstuk",[26,41,59,76,93,104,121,139,148,163,172,181,194,206,221,239,252,261,275,284,295,304,321,330,341,352,361,370,387,396,405,418],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":39},"01a0ba4c-4f7b-70c0-b139-da26f762411a",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":33,"partsOfSpeech":34,"audio":38,"audioUrl":40},"01a0ba4b-d541-796f-8d12-58791b6bc18d","hem",10,"A1","tts_01c50c3126fbd212_nl-NL.mp3",[35],{"id":36,"partOfSpeech":37,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d564-7a77-97f9-ade232b9544f","PRONOUN",true,1,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_01c50c3126fbd212_nl-NL.mp3",{"id":42,"vocabularyWord":43,"displayOrder":58},"01a0ba4c-4f7b-7100-b139-da26f7c9e695",{"id":44,"word":45,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":46,"partsOfSpeech":47,"audio":38,"audioUrl":57},"01a0ba4b-d53e-7e4e-b944-4405c47121ee","haar","tts_d4f2cfd1b85ebb08_nl-NL.mp3",[48,53],{"id":49,"partOfSpeech":50,"definition":51,"exampleSentences":52,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d564-769f-97f9-ade230ecfce7","DETERMINER","Bezittelijk woord voor iets dat hoort bij een vrouw of meisje over wie wordt gesproken.","Sara zet haar fiets voor het huis.",{"id":54,"partOfSpeech":37,"definition":55,"exampleSentences":56,"isPrimary":16,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d564-76e7-97f9-ade231118422","Persoonlijk voornaamwoord dat als voorwerp verwijst naar een vrouw of meisje.","Ik zie Anna en ik geef haar het boek.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d4f2cfd1b85ebb08_nl-NL.mp3",2,{"id":60,"vocabularyWord":61,"displayOrder":75},"01a0ba4c-4f7b-7124-b139-da26f848f6fd",{"id":62,"word":63,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":64,"partsOfSpeech":65,"audio":38,"audioUrl":74},"01a0ba4b-d542-7712-8eb4-a5cbffcc383a","het","tts_fab4e188cda728cb_nl-NL.mp3",[66,70],{"id":67,"partOfSpeech":50,"definition":68,"exampleSentences":69,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d564-7b8f-97f9-ade232fbe796","Bepaald lidwoord voor een enkelvoudig het-woord.","Het raam staat open.",{"id":71,"partOfSpeech":37,"definition":72,"exampleSentences":73,"isPrimary":16,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d564-7bd7-97f9-ade2335f48db","Een voornaamwoord dat naar een het-woord verwijst of als onpersoonlijk onderwerp dient.","Het regent al de hele ochtend.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_fab4e188cda728cb_nl-NL.mp3",3,{"id":77,"vocabularyWord":78,"displayOrder":92},"01a0ba4c-4f7b-7148-b139-da26f85e6e6f",{"id":79,"word":80,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":81,"partsOfSpeech":82,"audio":38,"audioUrl":91},"01a0ba4b-d799-7662-a10f-d484ab248a91","ze","tts_3fffc0fa9facbfc3_nl-NL.mp3",[83,87],{"id":84,"partOfSpeech":37,"definition":85,"exampleSentences":86,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d7de-7614-b35c-f80d6385ad97","Onbeklemtoond persoonlijk voornaamwoord voor een vrouw of meisje over wie wordt gesproken.","Lisa komt straks; ze is nu nog op haar werk.",{"id":88,"partOfSpeech":37,"definition":89,"exampleSentences":90,"isPrimary":16,"meaningOrder":58},"01a0ba4b-d7de-7694-b35c-f80d6388381f","Onbeklemtoond persoonlijk voornaamwoord voor meerdere mensen, dieren of dingen.","De kinderen zijn buiten en ze spelen in de tuin.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3fffc0fa9facbfc3_nl-NL.mp3",4,{"id":94,"vocabularyWord":95,"displayOrder":103},"01a0ba4c-4f7b-7168-b139-da26f87fc0df",{"id":96,"word":97,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":98,"partsOfSpeech":99,"audio":38,"audioUrl":102},"01a0ba4b-d5be-7420-bbeb-6e45582ce5a6","mij","tts_25694a454c326dc9_nl-NL.mp3",[100],{"id":101,"partOfSpeech":37,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d5fd-7207-b5de-b23baf9a1a2f","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_25694a454c326dc9_nl-NL.mp3",5,{"id":105,"vocabularyWord":106,"displayOrder":120},"01a0ba4c-4f7b-7188-b139-da26f949f88a",{"id":107,"word":108,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":109,"partsOfSpeech":110,"audio":38,"audioUrl":119},"01a0ba4b-d6d1-708a-a69c-b30fb467e00a","ons","tts_dd3b3b0ab99e1ae3_nl-NL.mp3",[111,115],{"id":112,"partOfSpeech":50,"definition":113,"exampleSentences":114,"isPrimary":16,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d6de-7b2b-9471-be6b317c39a2","Bezittelijk woord voor een enkelvoudig het-woord dat bij de spreker en anderen hoort.","Ons huis heeft een kleine tuin.",{"id":116,"partOfSpeech":37,"definition":117,"exampleSentences":118,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d6de-7b6f-9471-be6b31c360fe","Persoonlijk voornaamwoord dat als voorwerp verwijst naar de spreker en één of meer anderen.","Onze vriend helpt ons met de verhuizing.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_dd3b3b0ab99e1ae3_nl-NL.mp3",6,{"id":122,"vocabularyWord":123,"displayOrder":138},"01a0ba4c-4f7b-71a4-b139-da26f99a0b9e",{"id":124,"word":125,"frequency":126,"level":32,"language":9,"audioFilePath":127,"partsOfSpeech":128,"audio":38,"audioUrl":137},"01a0ba4b-d549-7591-bd01-cc521cb0e293","hun",9,"tts_9e10b3c41d39aaca_nl-NL.mp3",[129,133],{"id":130,"partOfSpeech":50,"definition":131,"exampleSentences":132,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d565-7584-a20d-839bb05825c2","Bezittelijk woord voor iets dat hoort bij meerdere mensen, dieren of dingen.","De kinderen zetten hun fietsen bij de school.",{"id":134,"partOfSpeech":37,"definition":135,"exampleSentences":136,"isPrimary":16,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d565-75c8-a20d-839bb09c5728","Persoonlijk voornaamwoord dat als meewerkend voorwerp naar meerdere mensen verwijst.","Ik geef hun morgen de sleutel.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9e10b3c41d39aaca_nl-NL.mp3",7,{"id":140,"vocabularyWord":141,"displayOrder":18},"01a0ba4c-4f7b-71c8-b139-da26fa07256f",{"id":142,"word":143,"frequency":39,"level":144,"language":9,"audioFilePath":145,"partsOfSpeech":146,"audio":38,"audioUrl":147},"01a0ba4b-d875-75da-be58-d9c5fc0cbb24","middenstuk","B2","tts_0bebc2bfddfd1005_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_0bebc2bfddfd1005_nl-NL.mp3",{"id":149,"vocabularyWord":150,"displayOrder":162},"01a0ba4c-4f7b-7224-b139-da26fbbef3c0",{"id":151,"word":152,"frequency":92,"level":153,"language":9,"audioFilePath":154,"partsOfSpeech":155,"audio":38,"audioUrl":161},"01a0ba4b-dda7-780b-9829-1a13b116637c","voornaamwoord","B1","tts_ad054c3d96f5de91_nl-NL.mp3",[156],{"id":157,"partOfSpeech":158,"definition":159,"exampleSentences":160,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a10d71-10f4-75f4-bc61-f1b180f31846","NOUN","Een woord dat in een zin de plaats inneemt van een zelfstandig naamwoord of ernaar verwijst, zoals 'ik', 'hij', 'dit' of 'wie'.","In de zin 'Zij woont in Utrecht' is 'zij' een voornaamwoord.\nOp school leren we het verschil tussen een persoonlijk en een bezittelijk voornaamwoord.\nJe kunt een voornaamwoord gebruiken om herhaling van de naam te voorkomen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ad054c3d96f5de91_nl-NL.mp3",11,{"id":164,"vocabularyWord":165,"displayOrder":171},"01a0ba4c-4f7b-729c-b139-da26feb0a576",{"id":166,"word":167,"frequency":39,"level":153,"language":9,"audioFilePath":168,"partsOfSpeech":169,"audio":38,"audioUrl":170},"01a0ba4b-e182-7c76-aed0-71de0ec0dd41","meewerkend voorwerp","tts_ed9fa27a393a4b50_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ed9fa27a393a4b50_nl-NL.mp3",15,{"id":173,"vocabularyWord":174,"displayOrder":180},"01a0ba4c-4f7b-72b8-b139-da26fed63d17",{"id":175,"word":176,"frequency":39,"level":10,"language":9,"audioFilePath":177,"partsOfSpeech":178,"audio":38,"audioUrl":179},"01a0ba4b-e112-7836-89ba-03d7c64a747f","bepaaldheid","tts_1c7ddaeec7c7dd64_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1c7ddaeec7c7dd64_nl-NL.mp3",16,{"id":182,"vocabularyWord":183,"displayOrder":193},"01a0ba4c-4f7b-72d8-b139-da26fef51446",{"id":184,"word":185,"frequency":75,"level":153,"language":9,"audioFilePath":186,"partsOfSpeech":187,"audio":38,"audioUrl":192},"01a0ba4b-e191-74bf-b6c3-48a753f26d80","bijwoord","tts_136b0b01d20930e3_nl-NL.mp3",[188],{"id":189,"partOfSpeech":158,"definition":190,"exampleSentences":191,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a10d71-0f4f-70bc-85ff-7ebbf470b4f3","Een woordsoort die een werkwoord, een bijvoeglijk naamwoord, een ander bijwoord of een hele zin nader bepaalt, bijvoorbeeld 'snel', 'altijd' of 'hier'.","In de zin 'Hij loopt snel' is 'snel' een bijwoord.\nEen bijwoord kan zeggen hoe, waar of wanneer iets gebeurt.\nOp school leren de kinderen het verschil tussen een bijvoeglijk naamwoord en een bijwoord.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_136b0b01d20930e3_nl-NL.mp3",17,{"id":195,"vocabularyWord":196,"displayOrder":205},"01a0ba4c-4f7b-730c-b139-da26ff077d94",{"id":197,"word":198,"frequency":138,"level":153,"language":9,"audioFilePath":199,"partsOfSpeech":200,"audio":38,"audioUrl":204},"01a0ba4b-e4f2-7159-810c-f63dbd4002fd","bereik","tts_d18e2683946d5b0f_nl-NL.mp3",[201],{"id":202,"partOfSpeech":158,"definition":203,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-e52a-7e0d-9aec-2be99c542020","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d18e2683946d5b0f_nl-NL.mp3",18,{"id":207,"vocabularyWord":208,"displayOrder":220},"01a0ba4c-4f7b-7328-b139-da26ff4b2be6",{"id":209,"word":210,"frequency":126,"level":211,"language":9,"audioFilePath":212,"partsOfSpeech":213,"audio":38,"audioUrl":219},"01a0ba4b-d7d3-71c3-9291-cd42bc104ff7","gisteren","A2","tts_9f6e666ad88b59bc_nl-NL.mp3",[214],{"id":215,"partOfSpeech":216,"definition":217,"exampleSentences":218,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d7ec-70c3-b258-1bd9cd9efd58","ADVERB","Op de dag vóór vandaag.","Gisteren werkte ik thuis, maar vandaag ben ik op kantoor.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9f6e666ad88b59bc_nl-NL.mp3",19,{"id":222,"vocabularyWord":223,"displayOrder":238},"01a0ba4c-4f7b-7344-b139-da26ffb69a6b",{"id":224,"word":225,"frequency":31,"level":153,"language":9,"audioFilePath":226,"partsOfSpeech":227,"audio":38,"audioUrl":237},"01a0ba4b-dca5-73fc-927b-c4121d1418c4","waarschijnlijk","tts_b96e77fa3a4ee149_nl-NL.mp3",[228,233],{"id":229,"partOfSpeech":230,"definition":231,"exampleSentences":232,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-dcc2-7421-8514-2c0166e5fa3d","ADJECTIVE","Waarvan het aannemelijk is dat het waar is of zal gebeuren.","Een technisch probleem is de meest waarschijnlijke oorzaak van de storing.",{"id":234,"partOfSpeech":216,"definition":235,"exampleSentences":236,"isPrimary":16,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-dcc2-746d-8514-2c0166f992b4","Naar verwachting, maar niet met volledige zekerheid.","De uitslag wordt waarschijnlijk volgende week bekendgemaakt.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b96e77fa3a4ee149_nl-NL.mp3",20,{"id":240,"vocabularyWord":241,"displayOrder":251},"01a0ba4c-4f7b-7374-b139-da27002e6175",{"id":242,"word":243,"frequency":31,"level":211,"language":9,"audioFilePath":244,"partsOfSpeech":245,"audio":38,"audioUrl":250},"01a0ba4b-d858-7716-aab7-153103b9e07f","misschien","tts_ad60eeb339cfeb0f_nl-NL.mp3",[246],{"id":247,"partOfSpeech":216,"definition":248,"exampleSentences":249,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d893-706f-8490-60eb639d12f5","Gebruikt als iets mogelijk is, maar niet zeker.","Misschien gaan we zondag naar het park als het droog blijft.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ad60eeb339cfeb0f_nl-NL.mp3",21,{"id":253,"vocabularyWord":254,"displayOrder":260},"01a0ba4c-4f7b-7398-b139-da2700ca5ea9",{"id":255,"word":256,"frequency":138,"level":153,"language":9,"audioFilePath":257,"partsOfSpeech":258,"audio":38,"audioUrl":259},"01a0ba4b-d866-7800-906d-e2202e9e60a2","vermoedelijk","tts_e9fc2657ee78fa39_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e9fc2657ee78fa39_nl-NL.mp3",22,{"id":262,"vocabularyWord":263,"displayOrder":274},"01a0ba4c-4f7b-73b4-b139-da270119f97c",{"id":264,"word":265,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":266,"partsOfSpeech":267,"audio":38,"audioUrl":273},"01a0ba4b-d6cb-7b66-942b-9ee783ea236d","niet","tts_6762a047a3dee002_nl-NL.mp3",[268],{"id":269,"partOfSpeech":270,"definition":271,"exampleSentences":272,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d6de-7027-9471-be6b2be18a92","PARTICLE","Ontkenningswoord bij een werkwoord, eigenschap, plaats of bepaald zinsdeel.","Ik werk vandaag niet.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6762a047a3dee002_nl-NL.mp3",23,{"id":276,"vocabularyWord":277,"displayOrder":283},"01a0ba4c-4f7b-73d0-b139-da2701be1559",{"id":278,"word":279,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":280,"partsOfSpeech":281,"audio":38,"audioUrl":282},"01a0ba4b-e18d-7157-9550-65ed3319b819","ook","tts_a8a1f1236f250fd7_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a8a1f1236f250fd7_nl-NL.mp3",24,{"id":285,"vocabularyWord":286,"displayOrder":294},"01a0ba4c-4f7b-73ec-b139-da27026d927b",{"id":287,"word":288,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":289,"partsOfSpeech":290,"audio":38,"audioUrl":293},"01a0ba4b-e4ef-79b7-9f55-163f4b9e7d07","alleen","tts_59a262807a2aaeed_nl-NL.mp3",[291],{"id":292,"partOfSpeech":216,"definition":203,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-e52a-7a95-9aec-2be99bf6c8f1","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_59a262807a2aaeed_nl-NL.mp3",25,{"id":296,"vocabularyWord":297,"displayOrder":303},"01a0ba4c-4f7b-7408-b139-da27026e7f36",{"id":298,"word":299,"frequency":18,"level":211,"language":9,"audioFilePath":300,"partsOfSpeech":301,"audio":38,"audioUrl":302},"01a0ba4b-dbfa-714b-b5b5-694d77762127","zelfs","tts_fa10709ba9827cca_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_fa10709ba9827cca_nl-NL.mp3",26,{"id":305,"vocabularyWord":306,"displayOrder":320},"01a0ba4c-4f7b-7424-b139-da2702a87c59",{"id":307,"word":308,"frequency":126,"level":10,"language":9,"audioFilePath":309,"partsOfSpeech":310,"audio":38,"audioUrl":319},"01a0ba4b-e26b-753d-ada2-17c0e033b93b","zorgvuldig","tts_20f84a0568e434c1_nl-NL.mp3",[311,315],{"id":312,"partOfSpeech":230,"definition":313,"exampleSentences":314,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-e28d-7482-90c5-5965188d8af5","Met veel aandacht voor juistheid, details en mogelijke gevolgen.","Een zorgvuldig onderzoek vereist betrouwbare bronnen en een heldere methode.",{"id":316,"partOfSpeech":216,"definition":317,"exampleSentences":318,"isPrimary":16,"meaningOrder":58},"01a0ba4b-e28d-74d2-90c5-59651946e7d7","Op een nauwkeurige en oplettende manier.","De commissie heeft alle bezwaren zorgvuldig beoordeeld.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_20f84a0568e434c1_nl-NL.mp3",27,{"id":322,"vocabularyWord":323,"displayOrder":329},"01a0ba4c-4f7b-7440-b139-da27035ef8b5",{"id":324,"word":325,"frequency":120,"level":153,"language":9,"audioFilePath":326,"partsOfSpeech":327,"audio":38,"audioUrl":328},"01a0ba4b-e1c3-7980-86d5-28980311d1b1","opzettelijk","tts_369717b34338f8ab_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_369717b34338f8ab_nl-NL.mp3",28,{"id":331,"vocabularyWord":332,"displayOrder":340},"01a0ba4c-4f7b-7478-b139-da27040cd498",{"id":333,"word":334,"frequency":39,"level":10,"language":9,"audioFilePath":335,"partsOfSpeech":336,"audio":38,"audioUrl":339},"01a0ba4b-e505-7631-a81d-99d30d4ce232","klemtoon","tts_8c1bb905732db41a_nl-NL.mp3",[337],{"id":338,"partOfSpeech":158,"definition":203,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-e52c-7be9-ae79-566f65346bbb","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8c1bb905732db41a_nl-NL.mp3",30,{"id":342,"vocabularyWord":343,"displayOrder":351},"01a0ba4c-4f7b-7498-b139-da27044a742d",{"id":344,"word":345,"frequency":39,"level":10,"language":9,"audioFilePath":346,"partsOfSpeech":347,"audio":38,"audioUrl":350},"01a0ba4b-e4fd-743d-a44d-f004100ba1ae","focus","tts_8d1d51f1200e9af6_nl-NL.mp3",[348],{"id":349,"partOfSpeech":158,"definition":203,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-e52b-7f42-9532-d2b1f257c229","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8d1d51f1200e9af6_nl-NL.mp3",31,{"id":353,"vocabularyWord":354,"displayOrder":360},"01a0ba4c-4f7b-74b4-b139-da2704a1c859",{"id":355,"word":356,"frequency":103,"level":144,"language":9,"audioFilePath":357,"partsOfSpeech":358,"audio":38,"audioUrl":359},"01a0ba4b-ddc9-79ea-850c-212a668deacd","contrast","tts_a7b43844d175db73_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a7b43844d175db73_nl-NL.mp3",32,{"id":362,"vocabularyWord":363,"displayOrder":369},"01a0ba4c-4f7b-74d0-b139-da2704be1236",{"id":364,"word":365,"frequency":39,"level":10,"language":9,"audioFilePath":366,"partsOfSpeech":367,"audio":38,"audioUrl":368},"01a0ba4b-dea0-773b-b4c6-d2159d25e2ab","zinsaccent","tts_3f1052506331c724_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3f1052506331c724_nl-NL.mp3",33,{"id":371,"vocabularyWord":372,"displayOrder":386},"01a0ba4c-4f7b-7508-b139-da27064d4db6",{"id":373,"word":374,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":375,"partsOfSpeech":376,"audio":38,"audioUrl":385},"01a0ba4b-d531-71e0-b92e-e22844b9dcd4","er","tts_78083737665d4e5d_nl-NL.mp3",[377,381],{"id":378,"partOfSpeech":216,"definition":379,"exampleSentences":380,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-d563-71f7-b413-dd0b6ef1d982","Onbeklemtoond woord dat verwijst naar een plaats die al bekend is.","Mijn broer woont in Utrecht en ik werk er.",{"id":382,"partOfSpeech":216,"definition":383,"exampleSentences":384,"isPrimary":16,"meaningOrder":58},"01a0ba4b-d563-7243-b413-dd0b6fe56f42","Onbeklemtoond woord dat een nieuwe persoon of zaak in een zin met zijn introduceert.","Er is een supermarkt naast het station.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_78083737665d4e5d_nl-NL.mp3",35,{"id":388,"vocabularyWord":389,"displayOrder":395},"01a0ba4c-4f7b-7524-b139-da270702a22f",{"id":390,"word":391,"frequency":58,"level":153,"language":9,"audioFilePath":392,"partsOfSpeech":393,"audio":38,"audioUrl":394},"01a0ba4b-db8f-7cfc-9145-459a57f58e45","erover","tts_40c7003ae1648444_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_40c7003ae1648444_nl-NL.mp3",36,{"id":397,"vocabularyWord":398,"displayOrder":404},"01a0ba4c-4f7b-7544-b139-da27076ec148",{"id":399,"word":400,"frequency":138,"level":153,"language":9,"audioFilePath":401,"partsOfSpeech":402,"audio":38,"audioUrl":403},"01a0ba4b-db1c-7970-87bd-2a79a098ba21","eraan","tts_eb051eca2d3cbfb6_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_eb051eca2d3cbfb6_nl-NL.mp3",37,{"id":406,"vocabularyWord":407,"displayOrder":417},"01a0ba4c-4f7b-7578-b139-da2707a4173e",{"id":408,"word":409,"frequency":18,"level":10,"language":9,"audioFilePath":410,"partsOfSpeech":411,"audio":38,"audioUrl":416},"01a0ba4b-e071-78af-ab79-5b929b4849c4","daarmee","tts_02edaaba04f50874_nl-NL.mp3",[412],{"id":413,"partOfSpeech":216,"definition":414,"exampleSentences":415,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-e08d-70e4-a633-28d88d6c24d2","Verwijst naar een eerder genoemde zaak als middel, begeleidende omstandigheid of directe basis voor een gevolgtrekking.","De raad verwerpt de motie en sluit daarmee een snelle beleidswijziging uit.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_02edaaba04f50874_nl-NL.mp3",38,{"id":419,"vocabularyWord":420,"displayOrder":428},"01a0ba4c-4f7b-75c8-b139-da27086ecbd9",{"id":421,"word":422,"frequency":138,"level":153,"language":9,"audioFilePath":423,"partsOfSpeech":424,"audio":38,"audioUrl":427},"01a0ba4b-e4f7-76fc-87a7-a8347411c252","daarover","tts_4704f471aa57faf1_nl-NL.mp3",[425],{"id":426,"partOfSpeech":216,"definition":203,"isPrimary":38,"meaningOrder":39},"01a0ba4b-e52b-7652-9532-d2b1ee3bd78f","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_4704f471aa57faf1_nl-NL.mp3",39,{"name":15,"slug":430,"language":9},"informatiestructuur-met-woordvolgorde-sturen-c1",[],[433,443],{"@id":434,"@type":435,"id":436,"grammarPage":437,"title":438,"instructions":439,"displayOrder":17,"type":440,"questionCount":441,"blankCount":441,"isCompleted":16,"ogImageUrl":442},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-b2d7-791d-bb61-ad161aa48f86","GrammarExercise","01a0ba4b-b2d7-791d-bb61-ad161aa48f86","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8b54-7c00-8aca-7e8e582da32e","Objecten ordenen: binding en informatiewaarde","Vul de zin of analyse aan. Let op de genoemde context: een gebruikelijke volgorde is niet automatisch de enige grammaticale volgorde.","word_select",12,"\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_36bda089-2f2c-49dd-9a3d-3cd4c52397e1_hero.webp?v=1789831918",{"@id":444,"@type":435,"id":445,"grammarPage":437,"title":446,"instructions":447,"displayOrder":39,"type":440,"questionCount":441,"blankCount":441,"isCompleted":16,"ogImageUrl":448},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-b2ec-7cc9-bf4c-b8fa238c51a1","01a0ba4b-b2ec-7cc9-bf4c-b8fa238c51a1","Bijwoorden plaatsen: bereik, focus en leesbaarheid","Kies de aanvulling die past bij het expliciete contrast of bij de analyse. Hoofdletters geven geschreven contrastaccent aan; behandel neutrale voorkeuren niet als absolute regels.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_ec9cb2de-fe9b-4a93-90c0-fe5adfe34e1e_hero.webp?v=1789831918",null]