[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-temporeel-gezichtspunt-en-verschuivende-verteltijd":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8c22-7563-a522-69538e76339c":255,"exercise-list-path-nl-none":271},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":252,"readyImages":254},"01a0ba4b-8c22-7563-a522-69538e76339c","Temporeel gezichtspunt en verschuivende verteltijd","temporeel-gezichtspunt-en-verschuivende-verteltijd","Leer gebeurtenissen vanuit wisselende referentietijden beschrijven met tijdankers, terugblikken, vooruitwijzingen en een helder vertelperspectief.","## Tijd wordt vanuit een punt bekeken\n\nEen werkwoordstijd plaatst een gebeurtenis niet alleen op een kalender. De vorm laat de lezer de gebeurtenis bekijken vanuit een **temporeel gezichtspunt**. In een vertelling kan dat gezichtspunt verschuiven: de tekst kijkt eerst vanuit het heden terug, volgt daarna een moment in het verleden en blikt van daaruit nog verder terug of juist vooruit.\n\nDrie begrippen helpen om zulke verhoudingen te analyseren:\n\n- het **spreek- of schrijfmoment**: het moment waarop de uiting tot stand komt;\n- de **gebeurtenistijd**: het moment of de periode waarin de beschreven situatie plaatsvindt;\n- de **referentietijd**: het tijdstip van waaruit de spreker of schrijver die situatie presenteert.\n\nDeze drie vallen soms samen, maar niet altijd. Vooral het plusquamperfectum en **zou** maken een afwijkende referentietijd zichtbaar.\n\n:::note\nDe term *verteltijd* wordt hier gebruikt voor het tijdelijke oriëntatiepunt dat in een passage actief is. Dat punt is geen vaste eigenschap van één werkwoordsvorm: context, tijdankers en tekststructuur bouwen het samen op.\n:::\n\n## Gebeurtenis, referentiepunt en schrijfmoment\n\nBekijk hoe de vormen zich tot een referentietijd kunnen verhouden.\n\n| Vorm | Basisverhouding | Voorbeeld |\n| --- | --- | --- |\n| presens | gebeurtenis rond of relevant op het huidige gezichtspunt | De directeur **bespreekt** het voorstel. |\n| imperfectum | gebeurtenis gezien vanuit een punt in het verleden | De directeur **besprak** het voorstel. |\n| perfectum | gebeurtenis vóór het huidige referentiepunt, vaak met actuele relevantie | De directeur **heeft** het voorstel **besproken**. |\n| plusquamperfectum | gebeurtenis vóór een referentiepunt in het verleden | De directeur **had** het voorstel al **besproken** toen de raad bijeenkwam. |\n| **zou** + infinitief | gebeurtenis later dan een gezichtspunt in het verleden | De raad **zou** er de volgende dag over **stemmen**. |\n\nDe labels *heden*, *verleden* en *toekomst* zijn dus een eerste oriëntatie, geen complete interpretatie. Het presens kan een historisch verhaal levendig maken, en een perfectum kan een situatie noemen die lang geleden plaatsvond maar nu relevant wordt gemaakt.\n\n:::example\n**Drie punten op één tijdlijn**\n\n*Toen de raad op dinsdag bijeenkwam, **had de directeur het voorstel op maandag al toegelicht**.*\n\n- schrijfmoment: bijvoorbeeld vrijdag;\n- referentietijd: de vergadering op dinsdag;\n- gebeurtenistijd: de toelichting op maandag.\n\nHet plusquamperfectum markeert dat de toelichting al vóór de actieve referentietijd voltooid was.\n:::\n\n## Een verhaallijn en haar achtergrond\n\nIn een vertelling draagt het imperfectum vaak de centrale verhaallijn: gebeurtenissen worden stap voor stap vanuit het verleden gepresenteerd. Dezelfde vorm kan ook een toestand, gewoonte of achtergrond schetsen. Het verschil volgt uit de betekenis van de zin en de tekst, niet uit de vorm alleen.\n\n:::example\nDe straat **was** stil en er **hing** mist tussen de huizen. Mila **opende** de poort, **liep** naar binnen en **zag** een brandende lamp. Iemand **wachtte** op haar.\n:::\n\nHier vormen **opende**, **liep** en **zag** de opeenvolgende stappen. **Was**, **hing** en mogelijk ook **wachtte** bouwen het decor of een al lopende situatie op. Met **terwijl**, **op dat moment** en **ondertussen** kan de schrijver zo'n gelijktijdigheid explicieter maken.\n\nEen perfectum past vaak wanneer een verteller vanuit het huidige gesprek op een afgerond feit terugkijkt:\n\n- **Ik heb de poort gisteren geopend**, dus ik weet dat het slot klemt.\n- **Ik opende de poort en liep naar binnen** beschrijft dezelfde handeling als deel van een verleden verhaallijn.\n\n:::warning\nGebruik geen starre formule als “imperfectum is achtergrond, perfectum is hoofdgebeurtenis”. Beide tijden hebben meerdere functies. Bepaal eerst vanuit welk moment de passage kijkt en welk tekstverband de vorm creëert.\n:::\n\n## Terugblikken vanuit het verleden\n\nMet het plusquamperfectum open je vaak een laag die vóór de actuele verleden referentietijd ligt. Tijdankers als **eerder**, **de dag ervoor**, **nog nooit** en **al** ondersteunen die verschuiving.\n\n:::example\nRavi arriveerde te laat bij het debat. De voorzitter **had de eerste stelling al voorgelezen** en twee deelnemers **hadden hun standpunt toegelicht**. Ravi **zocht** snel een vrije stoel en **opende** zijn notities.\n:::\n\nDe eerste zin vestigt een verleden referentietijd. De twee plusquamperfecta brengen de tekst verder terug. Met **zocht** en **opende** keert de passage naar de centrale verhaallijn terug. Als de volgorde eenmaal ondubbelzinnig is, kan een langere terugblik soms verdergaan in het imperfectum. De schrijver moet dan wel zorgen dat de lezer de tijdlaag niet kwijtraakt.\n\nVolg bij een complexe terugblik deze stappen:\n\n1. Vestig de actuele verhaaltijd met een duidelijke gebeurtenis of tijdsbepaling.\n2. Markeer de sprong naar eerder met een plusquamperfectum en zo nodig een tijdanker.\n3. Houd de gekozen laag lang genoeg herkenbaar; wissel niet per zin zonder functie.\n4. Signaleer de terugkeer met de verhaallijn, een nieuw tijdanker of beide.\n\n## Vooruitkijken vanuit een verleden punt\n\nMet **zou** + infinitief kan de verteller vanuit het verleden naar een latere gebeurtenis kijken. Die gebeurtenis kan nog steeds vóór het huidige schrijfmoment liggen.\n\n- In april kreeg Sara de opdracht. Ze **zou** het onderzoek in september **afronden**.\n- Niemand vermoedde toen dat deze keuze jaren later grote gevolgen **zou hebben**.\n- De woordvoerder kondigde aan dat de minister de volgende dag **zou reageren**.\n\nDeze vorm heet vaak *toekomst vanuit het verleden*. Hij zegt op zichzelf niet dat de verwachting werkelijk is uitgekomen. De context kan dat bevestigen, ontkennen of openlaten.\n\n| Formulering | Perspectief en gevolgtrekking |\n| --- | --- |\n| In 2018 **zou** het museum heropenen. | toenmalige planning of voorspelling; realisatie nog onbekend |\n| In 2018 **heropende** het museum. | gebeurtenis als feit op de verleden tijdlijn |\n| In 2018 **is** het museum **heropend**. | afgerond feit bekeken vanuit een later, vaak huidig kader |\n\n:::tip\nControleer bij **zou** altijd twee zaken afzonderlijk: ligt het kijkpunt in het verleden, en presenteert de schrijver de latere gebeurtenis als feit, verwachting, plan of informatie van een ander? De context bepaalt welke betekenis op de voorgrond staat.\n:::\n\n## Het gezichtspunt bewust verschuiven\n\nEen tekst kan ook naar het **historisch presens** overschakelen. De gebeurtenissen blijven in het verleden, maar de verteller presenteert ze tijdelijk alsof ze zich nu ontvouwen:\n\n:::example\nWe stonden al een uur in de rij. Dan **gaat** plotseling de deur open, een medewerker **komt** naar buiten en iedereen **begint** te roepen. Even later **was** de rust teruggekeerd.\n:::\n\nDe overgang naar **gaat**, **komt** en **begint** verkleint de ervaren afstand en kan de scène levendiger maken. De laatste zin schakelt weer naar een verleden kader. Zo'n wisseling is vooral effectief als ze functioneel en herkenbaar is. In een zakelijk rapport is een stabieler temporeel kader meestal duidelijker; in een reportage of mondeling verhaal is meer beweging mogelijk.\n\nTijdsbepalingen moeten met het gekozen gezichtspunt meebewegen:\n\n- **vandaag** kan in indirecte weergave **die dag** worden;\n- **morgen** kan **de volgende dag** worden;\n- **gisteren** kan **de dag ervoor** worden;\n- **nu** kan **toen** of **op dat moment** worden.\n\nDie omzetting is niet automatisch verplicht. Als *vandaag* nog steeds dezelfde kalenderdag aanduidt voor schrijver en lezer, kan het blijven staan. Kies de vorm die de bedoelde referentie ondubbelzinnig maakt.\n\n## Tijdankers voorkomen een onbedoelde sprong\n\nWerkwoordstijden alleen hoeven een complexe tijdlijn niet volledig te dragen. Goede tijdankers geven aan waar de lezer zich bevindt:\n\n- een exact moment: **op 14 mei**, **omstreeks middernacht**;\n- een relatie met een eerder punt: **daarvoor**, **inmiddels**, **twee weken later**;\n- een grens: **tegen de avond**, **vóór de opening**, **sinds die dag**;\n- een tekstuele overgang: **terug naar de vergadering**, **jaren eerder**.\n\nLet ook op woorden waarvan de betekenis met het gezichtspunt mee kan schuiven. **Inmiddels** betekent doorgaans dat een verandering is bereikt ten opzichte van een eerder geactiveerd moment. **Nog** presenteert een situatie als voortgaand of een grens als niet bereikt. **Al** maakt juist duidelijk dat iets vóór het verwachte of relevante punt geldt.\n\n:::warning\nEen tijdsvormwisseling zonder nieuw gezichtspunt kan als een fout of een ongewenste breuk lezen. Een tijdanker lost dat alleen op als er werkelijk een inhoudelijke verschuiving is; het mag een willekeurige reeks tijden niet verhullen.\n:::\n\n## Een complexe tijdlijn redigeren\n\nGebruik bij de eindredactie deze controle:\n\n1. Onderstreep per passage het actieve **referentiepunt**.\n2. Noteer welke gebeurtenissen ervoor, ermee tegelijk of erna liggen.\n3. Controleer of perfectum en plusquamperfectum de bedoelde terugblik ondersteunen.\n4. Controleer bij **zou** of de toekomst werkelijk vanuit een verleden punt wordt bekeken.\n5. Markeer bewuste stijlwisselingen, zoals het historisch presens, en verwijder toevallige wisselingen.\n6. Voeg alleen tijdankers toe die een noodzakelijke relatie verduidelijken.\n\n| Relatie met het actieve gezichtspunt | Typische middelen |\n| --- | --- |\n| gelijktijdig of op de verhaallijn | presens of imperfectum, afhankelijk van het kader |\n| eerder dan een huidig kader | vaak perfectum |\n| eerder dan een verleden kader | vaak plusquamperfectum |\n| later dan een verleden kader | vaak **zou** + infinitief |\n| bewuste nabijheid in een verleden scène | historisch presens, stilistisch gemotiveerd |\n\nEen heldere vertelling hoeft niet overal dezelfde werkwoordstijd te gebruiken. Ze heeft wel een herkenbaar gezichtspunt nodig. Elke verschuiving moet de lezer naar een nieuw tijdpunt leiden en een duidelijke functie in de tekst hebben.","nl","C1",204,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87dc-7aca-9295-a640398542b8","Aspect en temporeel perspectief",false,0,7,"2026-09-19T15:31:48+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":34},"01a0ba4c-51a5-7baf-9f88-f57e873f0dd3","Kernwoorden bij Temporeel gezichtspunt en verschuivende verteltijd",[26,36,47,61,71,86,99,108,118,136,145,162,180,189,198,207,218,227,240],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":31},"01a0ba4c-51a5-7c1b-9f88-f57e87e9e205",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":10,"language":9,"audioFilePath":32,"partsOfSpeech":33,"audio":34,"audioUrl":35},"01a0ba4b-e15a-7335-ac59-e7d8fec36069","schrijfmoment",1,"tts_74eb5de59eaa01b0_nl-NL.mp3",[],true,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_74eb5de59eaa01b0_nl-NL.mp3",{"id":37,"vocabularyWord":38,"displayOrder":46},"01a0ba4c-51a5-7c97-9f88-f57e899cfc02",{"id":39,"word":40,"frequency":41,"level":42,"language":9,"audioFilePath":43,"partsOfSpeech":44,"audio":34,"audioUrl":45},"01a0ba4b-e17e-7985-bf97-c66c9c7dd273","gezichtspunt",5,"B2","tts_95062326ede4b93f_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_95062326ede4b93f_nl-NL.mp3",4,{"id":48,"vocabularyWord":49,"displayOrder":52},"01a0ba4c-51a5-7d43-9f88-f57e8cb29b21",{"id":50,"word":51,"frequency":52,"level":53,"language":9,"audioFilePath":54,"partsOfSpeech":55,"audio":34,"audioUrl":60},"01a0ba4b-da0b-74d0-827c-b9e1bf0241c7","zou",10,"B1","tts_2296ed1c4262d670_nl-NL.mp3",[56],{"id":57,"partOfSpeech":58,"definition":59,"isPrimary":34,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-da15-7e11-ad8a-88f7c4b884f3","VERB","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_2296ed1c4262d670_nl-NL.mp3",{"id":62,"vocabularyWord":63,"displayOrder":70},"01a0ba4c-51a5-7d5f-9f88-f57e8d7f1d8b",{"id":64,"word":65,"frequency":18,"level":66,"language":9,"audioFilePath":67,"partsOfSpeech":68,"audio":34,"audioUrl":69},"01a0ba4b-deac-7add-9f98-b08e188a7ebd","heden","A2","tts_1128bd7a844f26af_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1128bd7a844f26af_nl-NL.mp3",11,{"id":72,"vocabularyWord":73,"displayOrder":85},"01a0ba4c-51a5-7d7f-9f88-f57e8dc13882",{"id":74,"word":75,"frequency":76,"level":53,"language":9,"audioFilePath":77,"partsOfSpeech":78,"audio":34,"audioUrl":84},"01a0ba4b-dc76-796a-a01a-9806765341fb","verleden",9,"tts_76bccad3f2b96838_nl-NL.mp3",[79],{"id":80,"partOfSpeech":81,"definition":82,"exampleSentences":83,"isPrimary":34,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-dcbd-7d8f-9e8d-757c2888f8f3","NOUN","(het; geen meervoud) tijd die al voorbij is.","In het verleden werkten veel mensen in deze fabriek.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_76bccad3f2b96838_nl-NL.mp3",12,{"id":87,"vocabularyWord":88,"displayOrder":98},"01a0ba4c-51a5-7d97-9f88-f57e8e868309",{"id":89,"word":90,"frequency":76,"level":53,"language":9,"audioFilePath":91,"partsOfSpeech":92,"audio":34,"audioUrl":97},"01a0ba4b-dc30-7d04-85b9-d992cd52028d","toekomst","tts_49195c1cb7735fa4_nl-NL.mp3",[93],{"id":94,"partOfSpeech":81,"definition":95,"exampleSentences":96,"isPrimary":34,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-dc3c-7999-ba72-a3cc405fbbff","(de; geen meervoud) tijd die nog moet komen.","In de toekomst wil ik dichter bij mijn werk wonen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_49195c1cb7735fa4_nl-NL.mp3",13,{"id":100,"vocabularyWord":101,"displayOrder":107},"01a0ba4c-51a5-7db3-9f88-f57e8edebc71",{"id":102,"word":103,"frequency":41,"level":42,"language":9,"audioFilePath":104,"partsOfSpeech":105,"audio":34,"audioUrl":106},"01a0ba4b-dc03-7f51-9c07-64135415b100","tijdlijn","tts_2d2d598b27f0a2d4_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_2d2d598b27f0a2d4_nl-NL.mp3",14,{"id":109,"vocabularyWord":110,"displayOrder":117},"01a0ba4c-51a5-7ddf-9f88-f57e8faa8c4b",{"id":111,"word":112,"frequency":113,"level":42,"language":9,"audioFilePath":114,"partsOfSpeech":115,"audio":34,"audioUrl":116},"01a0ba4b-db32-7cb4-8030-abfd4caf5e5f","verhaallijn",2,"tts_66ee0ce37d18d28d_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_66ee0ce37d18d28d_nl-NL.mp3",15,{"id":119,"vocabularyWord":120,"displayOrder":135},"01a0ba4c-51a5-7dff-9f88-f57e90413eb0",{"id":121,"word":122,"frequency":123,"level":42,"language":9,"audioFilePath":124,"partsOfSpeech":125,"audio":34,"audioUrl":134},"01a0ba4b-dcb4-70fa-be6c-9dbbe15d1856","achtergrond",8,"tts_1a548e3a0e523d90_nl-NL.mp3",[126,130],{"id":127,"partOfSpeech":81,"definition":128,"exampleSentences":129,"isPrimary":34,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-dcc3-7be6-8bac-76b93f125d1e","(de; achtergronden) ervaringen, opleiding en omstandigheden die helpen verklaren wie iemand is of waarom iets gebeurt.","Kandidaten met verschillende culturele achtergronden reageerden op de vacature.",{"id":131,"partOfSpeech":81,"definition":132,"exampleSentences":133,"isPrimary":16,"meaningOrder":113},"01a0ba4b-dcc3-7c2a-8bac-76b93fc9332c","(de; achtergronden) deel van een beeld of ruimte dat zich achter het belangrijkste onderwerp bevindt.","Op de foto is het oude station op de achtergrond te zien.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1a548e3a0e523d90_nl-NL.mp3",16,{"id":137,"vocabularyWord":138,"displayOrder":144},"01a0ba4c-51a5-7e1b-9f88-f57e90b45e6f",{"id":139,"word":140,"frequency":41,"level":42,"language":9,"audioFilePath":141,"partsOfSpeech":142,"audio":34,"audioUrl":143},"01a0ba4b-db17-7352-8d0f-3da3bc441a3f","terugblik","tts_3b7f41daf39d715f_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3b7f41daf39d715f_nl-NL.mp3",17,{"id":146,"vocabularyWord":147,"displayOrder":161},"01a0ba4c-51a5-7e37-9f88-f57e9199b057",{"id":148,"word":149,"frequency":76,"level":42,"language":9,"audioFilePath":150,"partsOfSpeech":151,"audio":34,"audioUrl":160},"01a0ba4b-dfc8-79f6-8e4f-433b3f664335","verwachting","tts_103d20c3e3f1eb86_nl-NL.mp3",[152,156],{"id":153,"partOfSpeech":81,"definition":154,"exampleSentences":155,"isPrimary":34,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-dfe8-7c78-88ea-9e3000dba4fb","(de; verwachtingen) idee of voorspelling over wat waarschijnlijk zal gebeuren.","Tegen de verwachting in nam het aantal bezoekers dit jaar toe.",{"id":157,"partOfSpeech":81,"definition":158,"exampleSentences":159,"isPrimary":16,"meaningOrder":113},"01a0ba4b-dfe8-7cb8-88ea-9e30019315cf","(de; verwachtingen) eis of hoop die iemand heeft over hoe een persoon of zaak behoort te zijn.","De opleiding voldeed niet volledig aan haar verwachtingen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_103d20c3e3f1eb86_nl-NL.mp3",18,{"id":163,"vocabularyWord":164,"displayOrder":179},"01a0ba4c-51a5-7e6f-9f88-f57e93161ed6",{"id":165,"word":166,"frequency":76,"level":53,"language":9,"audioFilePath":167,"partsOfSpeech":168,"audio":34,"audioUrl":178},"01a0ba4b-dc2e-7461-a406-4c6a696324e3","terwijl","tts_109e7cd0e98ba9ab_nl-NL.mp3",[169,174],{"id":170,"partOfSpeech":171,"definition":172,"exampleSentences":173,"isPrimary":34,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-dc3c-75c5-ba72-a3cc3e0a9b9a","CONJUNCTION","Verbindt gebeurtenissen die in dezelfde periode plaatsvinden.","Terwijl ik kook, dekt mijn zus de tafel.",{"id":175,"partOfSpeech":171,"definition":176,"exampleSentences":177,"isPrimary":16,"meaningOrder":113},"01a0ba4b-dc3c-7611-ba72-a3cc3e34f145","Verbindt twee feiten die duidelijk van elkaar verschillen of met elkaar in contrast staan.","Mijn collega werkt graag thuis, terwijl ik liever naar kantoor ga.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_109e7cd0e98ba9ab_nl-NL.mp3",20,{"id":181,"vocabularyWord":182,"displayOrder":188},"01a0ba4c-51a5-7e8b-9f88-f57e931d0801",{"id":183,"word":184,"frequency":18,"level":53,"language":9,"audioFilePath":185,"partsOfSpeech":186,"audio":34,"audioUrl":187},"01a0ba4b-daf7-74a5-a4b0-69012c7765d6","ondertussen","tts_4b4ff8626fa53005_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_4b4ff8626fa53005_nl-NL.mp3",21,{"id":190,"vocabularyWord":191,"displayOrder":197},"01a0ba4c-51a5-7ea7-9f88-f57e93210a70",{"id":192,"word":193,"frequency":123,"level":66,"language":9,"audioFilePath":194,"partsOfSpeech":195,"audio":34,"audioUrl":196},"01a0ba4b-d8db-7e87-95e2-77d74c4605f3","eerder","tts_fa0d2806297f3213_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_fa0d2806297f3213_nl-NL.mp3",22,{"id":199,"vocabularyWord":200,"displayOrder":206},"01a0ba4c-51a5-7ec3-9f88-f57e939bec40",{"id":201,"word":202,"frequency":18,"level":53,"language":9,"audioFilePath":203,"partsOfSpeech":204,"audio":34,"audioUrl":205},"01a0ba4b-dbb9-7b6b-8b97-fa3186c83e86","daarvoor","tts_bf32d2dff593850c_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_bf32d2dff593850c_nl-NL.mp3",23,{"id":208,"vocabularyWord":209,"displayOrder":217},"01a0ba4c-51a5-7edf-9f88-f57e94844b20",{"id":210,"word":211,"frequency":52,"level":66,"language":9,"audioFilePath":212,"partsOfSpeech":213,"audio":34,"audioUrl":216},"01a0ba4b-d9d3-7077-b8d1-7437f7ef4726","toen","tts_eb462f08364050bb_nl-NL.mp3",[214],{"id":215,"partOfSpeech":171,"isPrimary":34,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-da0f-7c97-8596-e7ac51ee9bc9","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_eb462f08364050bb_nl-NL.mp3",24,{"id":219,"vocabularyWord":220,"displayOrder":226},"01a0ba4c-51a5-7efb-9f88-f57e95442217",{"id":221,"word":222,"frequency":18,"level":53,"language":9,"audioFilePath":223,"partsOfSpeech":224,"audio":34,"audioUrl":225},"01a0ba4b-dde7-75aa-9e20-34695e2374d0","inmiddels","tts_94a42ecda33042a4_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_94a42ecda33042a4_nl-NL.mp3",25,{"id":228,"vocabularyWord":229,"displayOrder":239},"01a0ba4c-51a5-7f17-9f88-f57e96401d4d",{"id":230,"word":231,"frequency":52,"level":232,"language":9,"audioFilePath":233,"partsOfSpeech":234,"audio":34,"audioUrl":238},"01a0ba4b-dc99-76c6-ae83-f359f9ee319d","nog","A1","tts_baa35f91a111aba4_nl-NL.mp3",[235],{"id":236,"partOfSpeech":237,"definition":59,"isPrimary":34,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-dcc1-72c0-990e-b37e2053c1d4","ADVERB","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_baa35f91a111aba4_nl-NL.mp3",26,{"id":241,"vocabularyWord":242,"displayOrder":251},"01a0ba4c-51a5-7f33-9f88-f57e96f82b0b",{"id":243,"word":244,"frequency":52,"level":232,"language":9,"audioFilePath":245,"partsOfSpeech":246,"audio":34,"audioUrl":250},"01a0ba4b-d513-7f51-afd1-0f5cb52459b1","al","tts_dfec5c76430824bd_nl-NL.mp3",[247],{"id":248,"partOfSpeech":249,"isPrimary":34,"meaningOrder":31},"01a0ba4b-d560-74a1-bf08-b6af59ab822f","DETERMINER","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_dfec5c76430824bd_nl-NL.mp3",27,{"name":15,"slug":253,"language":9},"aspect-en-temporeel-perspectief-c1",[],[256,265],{"@id":257,"@type":258,"id":259,"grammarPage":260,"title":261,"instructions":262,"displayOrder":17,"type":263,"questionCount":98,"blankCount":135,"isCompleted":16,"ogImageUrl":264},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-bc31-7d04-a20e-203eebf83fe9","GrammarExercise","01a0ba4b-bc31-7d04-a20e-203eebf83fe9","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8c22-7563-a522-69538e76339c","Referentiepunten en tijden","Kies de tijdsvorm of analyse die de gebeurtenis correct ten opzichte van het actieve gezichtspunt plaatst.","word_select","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_ee365d3e-b2e8-4852-bddc-f5e14c74299a_hero.webp?v=1789831920",{"@id":266,"@type":258,"id":267,"grammarPage":260,"title":268,"instructions":269,"displayOrder":31,"type":263,"questionCount":85,"blankCount":117,"isCompleted":16,"ogImageUrl":270},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-bc4c-75c8-ba9f-b1e5a28ef173","01a0ba4b-bc4c-75c8-ba9f-b1e5a28ef173","Terugblik, vooruitblik en ankers","Kies de formulering die tijdlagen en verschuivende gezichtspunten helder voor de lezer markeert.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_ffce6629-b94f-439e-a873-f18d8adbea48_hero.webp?v=1789831920",null]