[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-thema-focus-en-informatiestructuur":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8c2d-76cd-9ebc-07db702f03d3":305,"exercise-list-path-nl-none":322},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":302,"readyImages":304},"01a0ba4b-8c2d-76cd-9ebc-07db702f03d3","Thema, focus en informatiestructuur","thema-focus-en-informatiestructuur","Leer thema, focus en gegeven of nieuwe informatie in Nederlandse zinnen sturen met woordvolgorde, klemtoon, passief, er-zinnen en focusconstructies.","Een grammaticale zin kan op verschillende manieren dezelfde gebeurtenis beschrijven. **De commissie bespreekt morgen het voorstel**, **Morgen bespreekt de commissie het voorstel** en **Het voorstel wordt morgen besproken** kiezen een ander vertrekpunt. Informatiestructuur verklaart hoe een spreker bekende informatie, gespreksthema en nieuwe of contrasterende focus ordent.\n\nNa deze les kun je:\n\n- thema en focus in een context bepalen;\n- gegeven informatie vóór nieuwe informatie plaatsen wanneer dat helpt;\n- vooropplaatsing en klemtoon gebruiken zonder de V2-regel te verliezen;\n- passief en er-constructies als informatiestructurele keuzes analyseren;\n- gemarkeerde focusconstructies doelgericht en spaarzaam gebruiken.\n\n## Thema en focus zijn contextfuncties\n\nHet **thema** is grofweg het vertrekpunt waarover de boodschap iets zegt. De **focus** draagt de informatie die de spreker als nieuw, contrasterend of het antwoord op de actuele vraag presenteert.\n\n:::example\nVraag: **Wat heeft de commissie besloten?**\n\nAntwoord: De commissie heeft **HET VOORSTEL AFGEWEZEN**.\n\n*De commissie* is al actief als thema. De afwijzing van het voorstel vormt de focus. In een andere vraag kan *de commissie* zelf focus zijn: **Wie heeft het voorstel afgewezen? — DE COMMISSIE.**\n:::\n\nEen woord heeft dus niet altijd dezelfde informatiefunctie. De voorafgaande vraag, tekst en gedeelde kennis bepalen de analyse.\n\n## Gegeven vóór nieuw als neutrale tendens\n\nIn veel neutrale zinnen staat herkenbare informatie eerder en nieuwe, zwaardere informatie later.\n\n- We ontvingen gisteren **een klacht van drie omwonenden**.\n- **De klacht** gaat over **nachtelijk geluid bij het station**.\n- **Dat geluid** wordt veroorzaakt door **onderhoud aan de sporen**.\n\nElke zin neemt een element uit de vorige zin over en voegt vervolgens iets nieuws toe. Zo ontstaat een vloeiende themaketen.\n\n:::note\n*Gegeven vóór nieuw* is een sterke tendens, geen starre regel. Contrast, genre, ritme en grammaticale beperkingen kunnen een andere volgorde motiveren.\n:::\n\n## De neutrale focuspositie\n\nIn een gewone Nederlandse hoofdzin ligt de informatieve zwaarte vaak relatief laat. Vergelijk antwoorden op verschillende vragen.\n\n| Vraag | Natuurlijk antwoord | Focus |\n| --- | --- | --- |\n| Wat kocht Mila? | Mila kocht **een nieuwe fiets**. | lijdend voorwerp |\n| Wanneer kocht Mila die fiets? | Mila kocht die fiets **gisteren**. | tijd |\n| Wie kocht die fiets? | **Mila** kocht die fiets. | onderwerp met contrastieve klemtoon |\n\nDe laatste regel laat zien dat een onderwerp op de eerste plaats toch focus kan zijn. Klemtoon kan de neutrale verdeling overschrijven.\n\n## Vooropplaatsing maakt een kader of contrast\n\nEen niet-onderwerp kan op de eerste zinsplaats staan. Daarna volgt door de V2-regel de persoonsvorm en vervolgens het onderwerp.\n\n- **Morgen** bespreekt de commissie het voorstel. — tijd als kader\n- **Over de financiële gevolgen** spreekt de commissie volgende week. — thematische afbakening\n- **Dit voorstel** steunt de coalitie wel, maar het vorige niet. — contrast\n\nVooropplaatsing maakt het zinsdeel niet automatisch focus. *Morgen* kan alleen het kader vormen waarbinnen de nieuwe boodschap volgt. Sterke klemtoon of een expliciete tegenstelling maakt contrast zichtbaar.\n\n:::warning\nLaat na een vooropgeplaatst niet-onderwerp de persoonsvorm direct volgen: *Morgen bespreekt de commissie...*, niet *Morgen de commissie bespreekt...*\n:::\n\n## Klemtoon kiest de focus\n\nIn gesproken taal markeert zinsklemtoon vaak het centrale nieuwe of contrasterende element.\n\n- Noor heeft het **RAPPORT** geschreven. — niet de samenvatting\n- **NOOR** heeft het rapport geschreven. — niet Amir\n- Noor heeft het rapport **GESCHREVEN**. — niet alleen gelezen\n\nIn geschreven tekst ontbreken toonhoogte en volume. Gebruik daarom woordvolgorde, een contrastzin, typografie met mate of expliciete woorden als **juist**, **alleen** en **niet ... maar**.\n\n## Passief verandert het vertrekpunt\n\nHet passief kan een bekend lijdend voorwerp tot onderwerp en thema maken.\n\n- Actief: De externe auditor controleert **de jaarrekening** morgen.\n- Passief: **De jaarrekening** wordt morgen door de externe auditor gecontroleerd.\n\nAls de alinea al over de jaarrekening gaat, houdt de passieve zin dat thema vooraan. Is juist de auditor nieuw en belangrijk, dan is de actieve zin vaak sterker. Passief is dus niet alleen een manier om de uitvoerder te verbergen.\n\n## Er introduceert nieuwe referenten\n\nEen presentatieve er-zin plaatst een nieuwe, vaak onbepaalde naamwoordgroep later in de zin.\n\n- Er staat **een onbekende auto** voor de ingang.\n- Er zijn gisteren **drie nieuwe bezwaren** binnengekomen.\n- Tijdens de controle bleek er **een bestand te ontbreken**.\n\nDe nieuwe referent wordt eerst geïntroduceerd. In de volgende zin kan hij thema worden: *De auto blokkeert de nooduitgang.*\n\n:::tip\nGebruik een er-constructie wanneer een onbepaalde referent nieuw op het toneel verschijnt. Begin liever direct met een bepaalde naamwoordgroep als de referent al het gespreksthema is.\n:::\n\n## Linksplaatsing en hervatting\n\nIn gesprekken kan een spreker een thema vóór de eigenlijke hoofdzin zetten en het daarna met een voornaamwoord hervatten.\n\n- **Die nieuwe planning**, daar heb ik nog vragen over.\n- **De financiële bijlage**, die heb ik nog niet gelezen.\n\nDe constructie kondigt het gespreksonderwerp nadrukkelijk aan. Ze is gebruikelijk in spraak en dialogen, maar kan in neutrale zakelijke tekst zwaar zijn. Daar passen *Over de nieuwe planning heb ik nog vragen* en *Ik heb de financiële bijlage nog niet gelezen* vaak beter.\n\n## Focusconstructies met het is en wat\n\nEen gekloofde zin kan één element exclusief of corrigerend naar voren halen.\n\n- **Het is Noor die** het rapport heeft geschreven.\n- **Het was gisteren dat** de storing begon.\n- **Wat we nodig hebben, is** een duidelijke beslissing.\n\nDe eerste twee zijn **cleftconstructies**; de derde is een pseudocleft. Ze beantwoorden impliciet een contrast: Noor, niet iemand anders; gisteren, niet vandaag. De vormen zijn grammaticaal, maar herhaald gebruik maakt een tekst nadrukkelijk en omslachtig.\n\n:::example\nNeutraal: *We hebben meer tijd nodig.*\n\nContrast met een andere behoefte: *Wat we nodig hebben, is **meer tijd**, niet meer personeel.*\n\nCorrectie van de beslisser: *Het is **de directie** die hierover beslist, niet de projectgroep.*\n:::\n\n## Alleen, zelfs, ook en juist\n\nFocuspartikels beïnvloeden welk deel van de zin binnen hun bereik valt.\n\n- **Alleen Noor** heeft het rapport gelezen. — niemand anders\n- Noor heeft **alleen het rapport** gelezen. — niet de bijlagen\n- Noor heeft het rapport **alleen gelezen**. — niet bewerkt of besproken\n\nDe positie stuurt de meest voor de hand liggende interpretatie, maar klemtoon en context blijven belangrijk. Zet het partikel zo dicht mogelijk bij het bedoelde bereik als misverstand gevolgen heeft.\n\n## Thematische voortgang in een alinea\n\nEen alinea kan haar thema op verschillende manieren ontwikkelen.\n\n1. **Constant thema:** *De commissie* ontving het rapport. *Zij* besprak het gisteren. *De commissie* publiceert morgen haar besluit.\n2. **Lineaire keten:** Het rapport noemt *drie risico's*. *Deze risico's* vragen om *extra controles*. *De controles* beginnen volgende week.\n3. **Afgeleid thema:** Een project kent meerdere onderdelen. *De planning* is haalbaar, *het budget* is krap en *de personeelsbezetting* blijft onzeker.\n\nEen onverwachte themasprong kan de lezer doen zoeken naar de relatie. Gebruik dan een naamwoordgroep of signaalzin om de overgang zichtbaar te maken.\n\n## Een informatiestructurele revisie\n\n1. Noteer per zin wat de lezer al kent.\n2. Markeer welk element de belangrijkste nieuwe of contrastieve informatie draagt.\n3. Controleer of een bekende referent als logisch vertrekpunt kan dienen.\n4. Gebruik vooropplaatsing voor een helder kader en respecteer V2.\n5. Overweeg passief om een bestaand thema vast te houden en **er** om iets nieuws te introduceren.\n6. Zet focuspartikels dicht bij hun bereik.\n7. Gebruik clefts alleen bij een echte correctie of exclusieve focus.\n8. Lees de alinea hardop en controleer of klemtoon en woordvolgorde dezelfde focus aanwijzen.\n\nInformatiestructuur voegt geen nieuwe feiten toe. Ze bepaalt hoe gemakkelijk de lezer of luisteraar de relatie tussen bekende context en nieuwe boodschap kan verwerken.","nl","C1",208,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87e2-7ad7-a6fc-c5ca5de67ed9","Informatiestructuur met woordvolgorde sturen",false,0,8,"2026-09-19T15:31:48+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":35},"01a0ba4c-51be-7643-9da6-02f430198abb","Kernwoorden bij Thema, focus en informatiestructuur",[26,38,51,60,70,82,91,108,117,128,137,154,164,173,182,202,211,220,231,244,255,266,275,284,293],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":37},"01a0ba4c-51be-76a7-9da6-02f430ab9458",{"id":29,"word":30,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":33,"partsOfSpeech":34,"audio":35,"audioUrl":36},"01a0ba4b-e109-76fe-bceb-ca80769183db","thema",7,"B1","tts_9fbec8db3369acd6_nl-NL.mp3",[],true,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9fbec8db3369acd6_nl-NL.mp3",1,{"id":39,"vocabularyWord":40,"displayOrder":50},"01a0ba4c-51be-76df-9da6-02f4310382f6",{"id":41,"word":42,"frequency":37,"level":10,"language":9,"audioFilePath":43,"partsOfSpeech":44,"audio":35,"audioUrl":49},"01a0ba4b-e4fd-743d-a44d-f004100ba1ae","focus","tts_8d1d51f1200e9af6_nl-NL.mp3",[45],{"id":46,"partOfSpeech":47,"definition":48,"isPrimary":35,"meaningOrder":37},"01a0ba4b-e52b-7f42-9532-d2b1f257c229","NOUN","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8d1d51f1200e9af6_nl-NL.mp3",2,{"id":52,"vocabularyWord":53,"displayOrder":59},"01a0ba4c-51be-7703-9da6-02f4315a2dc1",{"id":54,"word":55,"frequency":37,"level":10,"language":9,"audioFilePath":56,"partsOfSpeech":57,"audio":35,"audioUrl":58},"01a0ba4b-e118-7543-9088-166d841d6836","informatiestructuur","tts_e1ea740c83fdbacb_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_e1ea740c83fdbacb_nl-NL.mp3",3,{"id":61,"vocabularyWord":62,"displayOrder":69},"01a0ba4c-51be-7723-9da6-02f4323869dc",{"id":63,"word":64,"frequency":50,"level":65,"language":9,"audioFilePath":66,"partsOfSpeech":67,"audio":35,"audioUrl":68},"01a0ba4b-e195-77f8-94cd-ca7b612d182e","vertrekpunt","B2","tts_2c7aa8c2f26b9be2_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_2c7aa8c2f26b9be2_nl-NL.mp3",4,{"id":71,"vocabularyWord":72,"displayOrder":81},"01a0ba4c-51be-773f-9da6-02f432f40f44",{"id":73,"word":74,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":75,"partsOfSpeech":76,"audio":35,"audioUrl":80},"01a0ba4b-e4fe-71c9-b429-b59df2cb31bc","gegeven","tts_4891055724a54ae1_nl-NL.mp3",[77],{"id":78,"partOfSpeech":79,"definition":48,"isPrimary":35,"meaningOrder":37},"01a0ba4b-e52c-70bd-ae79-566f5fe912e2","PREPOSITION","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_4891055724a54ae1_nl-NL.mp3",5,{"id":83,"vocabularyWord":84,"displayOrder":90},"01a0ba4c-51be-775f-9da6-02f4339be38d",{"id":85,"word":86,"frequency":37,"level":65,"language":9,"audioFilePath":87,"partsOfSpeech":88,"audio":35,"audioUrl":89},"01a0ba4b-e0f4-77f5-adaa-1c49b1fe8108","themaketen","tts_a06eb13d726b3281_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a06eb13d726b3281_nl-NL.mp3",6,{"id":92,"vocabularyWord":93,"displayOrder":31},"01a0ba4c-51be-777b-9da6-02f433cb5d35",{"id":94,"word":95,"frequency":96,"level":32,"language":9,"audioFilePath":97,"partsOfSpeech":98,"audio":35,"audioUrl":107},"01a0ba4b-dc12-70db-928d-ae0637966e26","onderwerp",9,"tts_a755c216fa48bb02_nl-NL.mp3",[99,103],{"id":100,"partOfSpeech":47,"definition":101,"exampleSentences":102,"isPrimary":35,"meaningOrder":37},"01a0ba4b-dc39-74ca-b770-f5ab922cec78","(het; onderwerpen) zaak of thema waarover iemand spreekt, schrijft, denkt of leert.","Tijdens de vergadering kwam veiligheid als eerste onderwerp aan bod.",{"id":104,"partOfSpeech":47,"definition":105,"exampleSentences":106,"isPrimary":16,"meaningOrder":50},"01a0ba4b-dc39-7512-b770-f5ab930b7f28","(het; onderwerpen) zinsdeel dat aangeeft wie of wat de handeling uitvoert of in een bepaalde toestand is.","In de zin 'De kinderen spelen' is 'de kinderen' het onderwerp.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a755c216fa48bb02_nl-NL.mp3",{"id":109,"vocabularyWord":110,"displayOrder":116},"01a0ba4c-51be-77ef-9da6-02f4375a83bf",{"id":111,"word":112,"frequency":81,"level":32,"language":9,"audioFilePath":113,"partsOfSpeech":114,"audio":35,"audioUrl":115},"01a0ba4b-e107-7f41-b39e-b1013b130808","kader","tts_d53606a6565a7553_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d53606a6565a7553_nl-NL.mp3",11,{"id":118,"vocabularyWord":119,"displayOrder":127},"01a0ba4c-51be-7807-9da6-02f4384381ef",{"id":120,"word":121,"frequency":37,"level":10,"language":9,"audioFilePath":122,"partsOfSpeech":123,"audio":35,"audioUrl":126},"01a0ba4b-e505-7631-a81d-99d30d4ce232","klemtoon","tts_8c1bb905732db41a_nl-NL.mp3",[124],{"id":125,"partOfSpeech":47,"definition":48,"isPrimary":35,"meaningOrder":37},"01a0ba4b-e52c-7be9-ae79-566f65346bbb","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8c1bb905732db41a_nl-NL.mp3",12,{"id":129,"vocabularyWord":130,"displayOrder":136},"01a0ba4c-51be-783f-9da6-02f438a03335",{"id":131,"word":132,"frequency":81,"level":65,"language":9,"audioFilePath":133,"partsOfSpeech":134,"audio":35,"audioUrl":135},"01a0ba4b-ddc9-79ea-850c-212a668deacd","contrast","tts_a7b43844d175db73_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a7b43844d175db73_nl-NL.mp3",14,{"id":138,"vocabularyWord":139,"displayOrder":153},"01a0ba4c-51be-785f-9da6-02f438cef9aa",{"id":140,"word":141,"frequency":18,"level":10,"language":9,"audioFilePath":142,"partsOfSpeech":143,"audio":35,"audioUrl":152},"01a0ba4b-e1e2-72d7-b166-97ccb543bdd8","tegenstelling","tts_50196fe5bfadd7aa_nl-NL.mp3",[144,148],{"id":145,"partOfSpeech":47,"definition":146,"exampleSentences":147,"isPrimary":35,"meaningOrder":37},"01a0ba4b-e200-745e-9006-33acae7adddb","(de; tegenstellingen) duidelijk verschil waarbij kenmerken, ideeën of belangen tegenover elkaar staan.","Het debat presenteert economische groei en duurzaamheid vaak ten onrechte als een tegenstelling.",{"id":149,"partOfSpeech":47,"definition":150,"exampleSentences":151,"isPrimary":16,"meaningOrder":50},"01a0ba4b-e200-74ae-9006-33acaf4bb6d0","(de; tegenstellingen) uitspraak die niet tegelijk waar kan zijn met een andere uitspraak.","De advocaat wees op een tegenstelling tussen de twee getuigenverklaringen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_50196fe5bfadd7aa_nl-NL.mp3",15,{"id":155,"vocabularyWord":156,"displayOrder":163},"01a0ba4c-51be-787b-9da6-02f4395fecd4",{"id":157,"word":158,"frequency":18,"level":159,"language":9,"audioFilePath":160,"partsOfSpeech":161,"audio":35,"audioUrl":162},"01a0ba4b-df22-7f39-b15b-9b858cb3985c","actief","A2","tts_98fc148c4a446009_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_98fc148c4a446009_nl-NL.mp3",16,{"id":165,"vocabularyWord":166,"displayOrder":172},"01a0ba4c-51be-7893-9da6-02f439bf2859",{"id":167,"word":168,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":169,"partsOfSpeech":170,"audio":35,"audioUrl":171},"01a0ba4b-ddac-7eaa-bc49-1bc505e3c4bd","passief","tts_3fc7565b77537487_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3fc7565b77537487_nl-NL.mp3",17,{"id":174,"vocabularyWord":175,"displayOrder":181},"01a0ba4c-51be-78c3-9da6-02f43a5421f6",{"id":176,"word":177,"frequency":69,"level":65,"language":9,"audioFilePath":178,"partsOfSpeech":179,"audio":35,"audioUrl":180},"01a0ba4b-df21-7bcf-bb55-022e877f5074","uitvoerder","tts_98bc3f811eb43ce2_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_98bc3f811eb43ce2_nl-NL.mp3",18,{"id":183,"vocabularyWord":184,"displayOrder":201},"01a0ba4c-51be-78df-9da6-02f43a67b2fd",{"id":185,"word":186,"frequency":187,"level":188,"language":9,"audioFilePath":189,"partsOfSpeech":190,"audio":35,"audioUrl":200},"01a0ba4b-d531-71e0-b92e-e22844b9dcd4","er",10,"A1","tts_78083737665d4e5d_nl-NL.mp3",[191,196],{"id":192,"partOfSpeech":193,"definition":194,"exampleSentences":195,"isPrimary":35,"meaningOrder":37},"01a0ba4b-d563-71f7-b413-dd0b6ef1d982","ADVERB","Onbeklemtoond woord dat verwijst naar een plaats die al bekend is.","Mijn broer woont in Utrecht en ik werk er.",{"id":197,"partOfSpeech":193,"definition":198,"exampleSentences":199,"isPrimary":16,"meaningOrder":50},"01a0ba4b-d563-7243-b413-dd0b6fe56f42","Onbeklemtoond woord dat een nieuwe persoon of zaak in een zin met zijn introduceert.","Er is een supermarkt naast het station.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_78083737665d4e5d_nl-NL.mp3",19,{"id":203,"vocabularyWord":204,"displayOrder":210},"01a0ba4c-51be-792f-9da6-02f43b8c55dc",{"id":205,"word":206,"frequency":50,"level":32,"language":9,"audioFilePath":207,"partsOfSpeech":208,"audio":35,"audioUrl":209},"01a0ba4b-e11e-72f0-9b15-d597965d0590","onbepaald","tts_22bd85bc73d0cf79_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_22bd85bc73d0cf79_nl-NL.mp3",22,{"id":212,"vocabularyWord":213,"displayOrder":219},"01a0ba4c-51be-794b-9da6-02f43bc45ac1",{"id":214,"word":215,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":216,"partsOfSpeech":217,"audio":35,"audioUrl":218},"01a0ba4b-e104-7f29-9e8d-1fed97ded895","bepaald","tts_0c5460c8bd8f9bb5_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_0c5460c8bd8f9bb5_nl-NL.mp3",23,{"id":221,"vocabularyWord":222,"displayOrder":230},"01a0ba4c-51be-7983-9da6-02f43c767bb1",{"id":223,"word":224,"frequency":50,"level":65,"language":9,"audioFilePath":225,"partsOfSpeech":226,"audio":35,"audioUrl":229},"01a0ba4b-e501-7d08-8ffc-72651eee06e9","hervatting","tts_6b82d75292be0487_nl-NL.mp3",[227],{"id":228,"partOfSpeech":47,"definition":48,"isPrimary":35,"meaningOrder":37},"01a0ba4b-e52c-765d-ae79-566f62c72af9","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6b82d75292be0487_nl-NL.mp3",25,{"id":232,"vocabularyWord":233,"displayOrder":243},"01a0ba4c-51be-799f-9da6-02f43d53f585",{"id":234,"word":235,"frequency":69,"level":32,"language":9,"audioFilePath":236,"partsOfSpeech":237,"audio":35,"audioUrl":242},"01a0ba4b-dda7-780b-9829-1a13b116637c","voornaamwoord","tts_ad054c3d96f5de91_nl-NL.mp3",[238],{"id":239,"partOfSpeech":47,"definition":240,"exampleSentences":241,"isPrimary":35,"meaningOrder":37},"01a10d71-10f4-75f4-bc61-f1b180f31846","Een woord dat in een zin de plaats inneemt van een zelfstandig naamwoord of ernaar verwijst, zoals 'ik', 'hij', 'dit' of 'wie'.","In de zin 'Zij woont in Utrecht' is 'zij' een voornaamwoord.\nOp school leren we het verschil tussen een persoonlijk en een bezittelijk voornaamwoord.\nJe kunt een voornaamwoord gebruiken om herhaling van de naam te voorkomen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ad054c3d96f5de91_nl-NL.mp3",26,{"id":245,"vocabularyWord":246,"displayOrder":254},"01a0ba4c-51be-7a0b-9da6-02f43ec9f49d",{"id":247,"word":248,"frequency":31,"level":32,"language":9,"audioFilePath":249,"partsOfSpeech":250,"audio":35,"audioUrl":253},"01a0ba4b-e4f2-7159-810c-f63dbd4002fd","bereik","tts_d18e2683946d5b0f_nl-NL.mp3",[251],{"id":252,"partOfSpeech":47,"definition":48,"isPrimary":35,"meaningOrder":37},"01a0ba4b-e52a-7e0d-9aec-2be99c542020","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d18e2683946d5b0f_nl-NL.mp3",30,{"id":256,"vocabularyWord":257,"displayOrder":265},"01a0ba4c-51be-7a23-9da6-02f43f2c990c",{"id":258,"word":259,"frequency":187,"level":188,"language":9,"audioFilePath":260,"partsOfSpeech":261,"audio":35,"audioUrl":264},"01a0ba4b-e4ef-79b7-9f55-163f4b9e7d07","alleen","tts_59a262807a2aaeed_nl-NL.mp3",[262],{"id":263,"partOfSpeech":193,"definition":48,"isPrimary":35,"meaningOrder":37},"01a0ba4b-e52a-7a95-9aec-2be99bf6c8f1","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_59a262807a2aaeed_nl-NL.mp3",31,{"id":267,"vocabularyWord":268,"displayOrder":274},"01a0ba4c-51be-7a3f-9da6-02f4400df188",{"id":269,"word":270,"frequency":18,"level":159,"language":9,"audioFilePath":271,"partsOfSpeech":272,"audio":35,"audioUrl":273},"01a0ba4b-dbfa-714b-b5b5-694d77762127","zelfs","tts_fa10709ba9827cca_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_fa10709ba9827cca_nl-NL.mp3",32,{"id":276,"vocabularyWord":277,"displayOrder":283},"01a0ba4c-51be-7a5b-9da6-02f440fd1971",{"id":278,"word":279,"frequency":187,"level":188,"language":9,"audioFilePath":280,"partsOfSpeech":281,"audio":35,"audioUrl":282},"01a0ba4b-e18d-7157-9550-65ed3319b819","ook","tts_a8a1f1236f250fd7_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a8a1f1236f250fd7_nl-NL.mp3",33,{"id":285,"vocabularyWord":286,"displayOrder":292},"01a0ba4c-51be-7a77-9da6-02f441b4799f",{"id":287,"word":288,"frequency":18,"level":32,"language":9,"audioFilePath":289,"partsOfSpeech":290,"audio":35,"audioUrl":291},"01a0ba4b-dbb5-72b9-8c9f-8f9e6600d38e","juist","tts_7a077bfc13c32ba4_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7a077bfc13c32ba4_nl-NL.mp3",34,{"id":294,"vocabularyWord":295,"displayOrder":301},"01a0ba4c-51be-7a8f-9da6-02f4429e18f3",{"id":296,"word":297,"frequency":81,"level":32,"language":9,"audioFilePath":298,"partsOfSpeech":299,"audio":35,"audioUrl":300},"01a0ba4b-dba9-731e-841f-3a6c7ed1c427","alinea","tts_3fb7a2dbba136345_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3fb7a2dbba136345_nl-NL.mp3",35,{"name":15,"slug":303,"language":9},"informatiestructuur-met-woordvolgorde-sturen-c1",[],[306,316],{"@id":307,"@type":308,"id":309,"grammarPage":310,"title":311,"instructions":312,"displayOrder":17,"type":313,"questionCount":314,"blankCount":314,"isCompleted":16,"ogImageUrl":315},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-bcaa-7279-a8ef-adb043c9924a","GrammarExercise","01a0ba4b-bcaa-7279-a8ef-adb043c9924a","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8c2d-76cd-9ebc-07db702f03d3","Thema, focus en volgorde","Kies de formulering die gegeven informatie, thema en nieuwe focus passend ordent.","word_select",13,"\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_ee254540-9d22-4d68-81c8-a0030bfe126f_hero.webp?v=1789831920",{"@id":317,"@type":308,"id":318,"grammarPage":310,"title":319,"instructions":320,"displayOrder":37,"type":313,"questionCount":127,"blankCount":314,"isCompleted":16,"ogImageUrl":321},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-bcbe-745b-a137-39a824d98734","01a0ba4b-bcbe-745b-a137-39a824d98734","Focusconstructies en themaketen","Kies de constructie die het bedoelde thema, contrast of bereik helder weergeeft zonder onnodige nadruk.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_dd655b2e-4d18-4bca-be7d-82e5c38ada39_hero.webp?v=1789831920",null]