[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-voornaamwoordelijke-bijwoorden-voor-zaken-en-personen":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8cb3-7b56-b860-963f7c68ebc0":445,"exercise-list-path-nl-none":468},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":442,"readyImages":444},"01a0ba4b-8cb3-7b56-b860-963f7c68ebc0","Voornaamwoordelijke bijwoorden voor zaken en personen","voornaamwoordelijke-bijwoorden-voor-zaken-en-personen","Vervang voorzetselgroepen correct door erop, ermee en daarover bij zaken, en door met hem, op wie en andere persoonlijke vormen bij personen.","Een voorzetselgroep als *op het voorstel* wordt bij verwijzing naar een zaak vaak **er + voorzetsel**: *erop*. Bij personen gebruik je juist meestal een persoonlijk voornaamwoord: *op hem, met haar, aan wie*. Dit verschil geldt ook in vragen en betrekkelijke bijzinnen.\n\n## Zaken: er + voorzetsel\n\nVervang **voorzetsel + het\u002Fdit\u002Fdat + zaak** door een voornaamwoordelijk bijwoord.\n\n| Volledige groep | Voornaamwoordelijk bijwoord | Voorbeeld |\n|---|---|---|\n| op het antwoord | erop | Ik wacht **erop**. |\n| over het plan | erover | We praten **erover**. |\n| met dit apparaat | ermee | Kun je **ermee** werken? |\n| aan dat probleem | eraan | Zij denkt **eraan**. |\n| van de afspraak | ervan | Hij weet **ervan**. |\n\nBij een R-woord verandert **met** in **mee** en **tot** in **toe**: *met dit apparaat → ermee*, *tot dat doel → ertoe*, *met welke methode → waarmee*. Andere veelvoorkomende vormen zijn **ervoor, erbij, ertegen** en **eruit**. Het vaste voorzetsel van het werkwoord of de uitdrukking blijft behouden: *wachten op → erop wachten*, *behoefte hebben aan → er behoefte aan hebben*.\n\nNiet elk voorzetsel vormt zo'n er-vorm. Bij **sinds**, **tijdens** en **wegens** gebruik je geen productieve combinatie met **er-**: *sinds de verhuizing*, *tijdens de vergadering*, *wegens de storm*.\n\n## Aaneen of gesplitst\n\nStaan de delen naast elkaar, dan schrijf je ze aaneen: **erover, ermee, eraan**. In een zin kunnen andere woorden ertussen staan.\n\n- We hebben **erover** gesproken.\n- We hebben **er** gisteren lang **over** gesproken.\n- Ik kan **er** nog niet goed **mee** werken.\n- Ze zal **er** later **op** terugkomen.\n\nBij een gesplitste vorm blijft het voorzetseldeel vaak bij het werkwoordelijke einde van de zin. In *Ze zal er later op terugkomen* hoort **op** bij *terugkomen op* en staat het vlak vóór de werkwoordelijke eindgroep. Het onbeklemtoonde **er** staat vroeg in het middenveld.\n\n:::warning\nSchrijf niet willekeurig een spatie wanneer de delen direct naast elkaar staan: **eraan denken**, niet *er aan denken*.\n:::\n\n## Personen: voorzetsel + voornaamwoord\n\nVerwijs je naar een persoon, dan gebruik je doorgaans het voorzetsel met een persoonlijk voornaamwoord.\n\n- Ik wacht op mijn collega. → Ik wacht **op haar**.\n- Hij werkt met Amir. → Hij werkt **met hem**.\n- We zorgen voor de kinderen. → We zorgen **voor hen**.\n- Zij kreeg advies van haar huisarts, dr. Jansen. → Zij kreeg advies **van hem**.\n\nBij een voorzetsel gebruik je voor de derde persoon meervoud altijd **hen**, nooit **hun**: **voor hen**, **met hen**, **aan hen**.\n\n**Ermee** verwijst normaal naar een zaak of middel, niet naar een persoon. *Ik werk met haar* betekent dat zij mijn samenwerkingspartner is; *ik werk ermee* verwijst bijvoorbeeld naar een programma of gereedschap.\n\n:::note\nBij organisaties hangt de keuze af van de voorstelling. *Ik werk ermee samen* kan naar een organisatie als instantie verwijzen; *ik werk met hen samen* benadrukt de mensen. Kies een vorm die niet dubbelzinnig is.\n:::\n\n## Vragen: waar- of wie-vorm\n\nVraag bij een zaak met **waar + voorzetsel** en bij een persoon met **voorzetsel + wie**.\n\n- **Waarop** wacht je? — Op de uitslag.\n- **Waarmee** open je dit bestand? — Met dat programma.\n- **Op wie** wacht je? — Op mijn begeleider.\n- **Met wie** werk je samen? — Met twee ontwerpers.\n\nDe waar-vorm kan ook worden gesplitst: *Waar wacht je op?* en *Waar heb je het over?* zijn heel gewoon. Schrijf de delen aaneen als ze direct naast elkaar staan: **waarop, waarover**.\n\n## Betrekkelijke bijzinnen\n\nOok na een zelfstandig naamwoord verschilt de vorm voor zaken en personen.\n\n- het project **waaraan** we werken\n- de regel **waarover** veel discussie bestaat\n- de collega **met wie** ik samenwerk\n- de onderzoeker **naar wie** je verwees\n\nBij een zaak kan het voorzetsel achteraan staan: *het project waar we aan werken*. Bij een persoon staat de combinatie **voorzetsel + wie** in verzorgde standaardtaal meestal bij elkaar.\n\nIn informele spreektaal hoor je bij personen ook vaak: *de collega waar ik mee samenwerk*. In verzorgde schrijftaal kies je beter **de collega met wie ik samenwerk**.\n\n## Er, daar en hier\n\nMet **daar + voorzetsel** wijs je nadrukkelijk terug of maak je een contrast. **Hier + voorzetsel** verwijst naar iets dichtbij of naar de huidige tekst.\n\n- Ik ben het **daarmee** eens, maar niet met het eerste voorstel.\n- **Hierop** volgt een korte toelichting.\n- We hebben veel opties; **daarover** beslissen we morgen.\n\nNeutraal en onbeklemtoond gebruik je meestal **er-**. Voor contrast of aanwijzing kies je **daar-** of **hier-**.\n\n:::example\n**Zaak:** Dit is de methode **waarmee** we werken. We hebben **er** goede resultaten **mee** behaald.\n\n**Persoon:** Dit is de adviseur **met wie** we werken. We hebben gisteren **met hem** overlegd.\n:::\n\n## Een praktische beslisroute\n\n1. Zoek het voorzetsel dat bij het werkwoord of de uitdrukking hoort.\n2. Bepaal of je naar een zaak of een persoon verwijst.\n3. Kies bij een zaak **er-\u002Fwaar-\u002Fdaar-\u002Fhier- + voorzetsel**.\n4. Kies bij een persoon **voorzetsel + hem\u002Fhaar\u002Fhen\u002Fwie**.\n5. Schrijf de delen aaneen als ze direct naast elkaar staan.\n6. Controleer bij splitsing of er vroeg en het voorzetsel natuurlijk bij het werkwoord staat.\n\n## Samenvatting\n\n- Gebruik bij zaken vormen als **erop, ermee, erover** en **eraan**.\n- Gebruik bij personen meestal **op hem, met haar, voor hen** of **aan wie**.\n- Voor vragen contrasteer je **waar + voorzetsel** met **voorzetsel + wie**.\n- In betrekkelijke bijzinnen zeg je **het plan waarover** maar **de persoon met wie**.\n- Aaneengeschreven vormen kunnen in de zin worden gesplitst.\n- Kies **daar-** of **hier-** voor nadruk en contrast.","nl","B2",159,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87d8-77a5-b4d6-82307f7fec73","Voornaamwoordelijke bijwoorden precies gebruiken",false,0,7,"2026-09-19T15:31:48+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":34},"01a0ba4c-5a1b-7441-a83e-991d77618065","Kernwoorden bij Voornaamwoordelijke bijwoorden voor zaken en personen",[26,37,46,59,68,80,91,100,108,117,128,141,159,170,183,194,203,214,223,240,251,264,278,289,300,309,323,335,346,355,369,386,399,412,429],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":36},"01a0ba4c-5a1b-74a5-a83e-991d779a0176",{"id":29,"word":30,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":32,"partsOfSpeech":33,"audio":34,"audioUrl":35},"01a0ba4b-daf3-75ff-b9d0-3703e08795b6","erop","B1","tts_826cf6c78a5ccb16_nl-NL.mp3",[],true,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_826cf6c78a5ccb16_nl-NL.mp3",1,{"id":38,"vocabularyWord":39,"displayOrder":42},"01a0ba4c-5a1b-74d9-a83e-991d787f16ea",{"id":40,"word":41,"frequency":42,"level":31,"language":9,"audioFilePath":43,"partsOfSpeech":44,"audio":34,"audioUrl":45},"01a0ba4b-db8f-7cfc-9145-459a57f58e45","erover",2,"tts_40c7003ae1648444_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_40c7003ae1648444_nl-NL.mp3",{"id":47,"vocabularyWord":48,"displayOrder":58},"01a0ba4c-5a1b-7501-a83e-991d78c2c0c9",{"id":49,"word":50,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":51,"partsOfSpeech":52,"audio":34,"audioUrl":57},"01a0ba4b-e4fc-79c0-b58e-bcd8569e1ff6","ermee","tts_dade6aba59f7f883_nl-NL.mp3",[53],{"id":54,"partOfSpeech":55,"definition":56,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-e52b-7e2a-9532-d2b1f1d82e33","ADVERB","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_dade6aba59f7f883_nl-NL.mp3",3,{"id":60,"vocabularyWord":61,"displayOrder":67},"01a0ba4c-5a1b-7521-a83e-991d7900526d",{"id":62,"word":63,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":64,"partsOfSpeech":65,"audio":34,"audioUrl":66},"01a0ba4b-db1c-7970-87bd-2a79a098ba21","eraan","tts_eb051eca2d3cbfb6_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_eb051eca2d3cbfb6_nl-NL.mp3",4,{"id":69,"vocabularyWord":70,"displayOrder":79},"01a0ba4c-5a1b-7551-a83e-991d793aff02",{"id":71,"word":72,"frequency":73,"level":31,"language":9,"audioFilePath":74,"partsOfSpeech":75,"audio":34,"audioUrl":78},"01a0ba4b-dc8c-7d67-864a-9cf8dc6783f9","ervan",8,"tts_0193e884b85545ba_nl-NL.mp3",[76],{"id":77,"partOfSpeech":55,"definition":56,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-dcc0-71c1-b676-56296a7cafd3","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_0193e884b85545ba_nl-NL.mp3",5,{"id":81,"vocabularyWord":82,"displayOrder":90},"01a0ba4c-5a1b-7575-a83e-991d7a1bd55b",{"id":83,"word":84,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":85,"partsOfSpeech":86,"audio":34,"audioUrl":89},"01a0ba4b-dc8d-7b85-9f60-5d51a0764760","ervoor","tts_14fffcae2c771918_nl-NL.mp3",[87],{"id":88,"partOfSpeech":55,"definition":56,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-dcc0-72dd-b676-56296b70328c","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_14fffcae2c771918_nl-NL.mp3",6,{"id":92,"vocabularyWord":93,"displayOrder":18},"01a0ba4c-5a1b-7591-a83e-991d7a299aec",{"id":94,"word":95,"frequency":18,"level":96,"language":9,"audioFilePath":97,"partsOfSpeech":98,"audio":34,"audioUrl":99},"01a0ba4b-de9a-73a1-bd7d-c5f1ec03e8f3","erbij","A2","tts_faefea3e6117a2e0_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_faefea3e6117a2e0_nl-NL.mp3",{"id":101,"vocabularyWord":102,"displayOrder":73},"01a0ba4c-5a1b-75b1-a83e-991d7a85fa36",{"id":103,"word":104,"frequency":79,"level":31,"language":9,"audioFilePath":105,"partsOfSpeech":106,"audio":34,"audioUrl":107},"01a0ba4b-df52-72a9-af88-22a314e64b36","ertegen","tts_9bd5e35515d4508f_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9bd5e35515d4508f_nl-NL.mp3",{"id":109,"vocabularyWord":110,"displayOrder":116},"01a0ba4c-5a1b-75d1-a83e-991d7b1e6a04",{"id":111,"word":112,"frequency":18,"level":96,"language":9,"audioFilePath":113,"partsOfSpeech":114,"audio":34,"audioUrl":115},"01a0ba4b-de2e-7b47-b747-41186743c910","eruit","tts_4481575ddf20cdff_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_4481575ddf20cdff_nl-NL.mp3",9,{"id":118,"vocabularyWord":119,"displayOrder":127},"01a0ba4c-5a1b-75ed-a83e-991d7bfb9640",{"id":120,"word":121,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":122,"partsOfSpeech":123,"audio":34,"audioUrl":126},"01a0ba4b-dc8c-715f-864a-9cf8dbff66c5","ertoe","tts_c6d739ce20b76eee_nl-NL.mp3",[124],{"id":125,"partOfSpeech":55,"definition":56,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-dcc0-709d-b676-56296989df46","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_c6d739ce20b76eee_nl-NL.mp3",10,{"id":129,"vocabularyWord":130,"displayOrder":140},"01a0ba4c-5a1b-7609-a83e-991d7c68c11b",{"id":131,"word":132,"frequency":127,"level":133,"language":9,"audioFilePath":134,"partsOfSpeech":135,"audio":34,"audioUrl":139},"01a0ba4b-d541-796f-8d12-58791b6bc18d","hem","A1","tts_01c50c3126fbd212_nl-NL.mp3",[136],{"id":137,"partOfSpeech":138,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d564-7a77-97f9-ade232b9544f","PRONOUN","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_01c50c3126fbd212_nl-NL.mp3",11,{"id":142,"vocabularyWord":143,"displayOrder":158},"01a0ba4c-5a1b-7629-a83e-991d7d55f719",{"id":144,"word":145,"frequency":127,"level":133,"language":9,"audioFilePath":146,"partsOfSpeech":147,"audio":34,"audioUrl":157},"01a0ba4b-d53e-7e4e-b944-4405c47121ee","haar","tts_d4f2cfd1b85ebb08_nl-NL.mp3",[148,153],{"id":149,"partOfSpeech":150,"definition":151,"exampleSentences":152,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d564-769f-97f9-ade230ecfce7","DETERMINER","Bezittelijk woord voor iets dat hoort bij een vrouw of meisje over wie wordt gesproken.","Sara zet haar fiets voor het huis.",{"id":154,"partOfSpeech":138,"definition":155,"exampleSentences":156,"isPrimary":16,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d564-76e7-97f9-ade231118422","Persoonlijk voornaamwoord dat als voorwerp verwijst naar een vrouw of meisje.","Ik zie Anna en ik geef haar het boek.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d4f2cfd1b85ebb08_nl-NL.mp3",12,{"id":160,"vocabularyWord":161,"displayOrder":169},"01a0ba4c-5a1b-7645-a83e-991d7db12ee7",{"id":162,"word":163,"frequency":73,"level":96,"language":9,"audioFilePath":164,"partsOfSpeech":165,"audio":34,"audioUrl":168},"01a0ba4b-d7d6-7853-85b6-b7afbfab60cc","hen","tts_cd7541c8ef3bb880_nl-NL.mp3",[166],{"id":167,"partOfSpeech":138,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d7ec-799f-b258-1bd9cefadc32","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_cd7541c8ef3bb880_nl-NL.mp3",13,{"id":171,"vocabularyWord":172,"displayOrder":182},"01a0ba4c-5a1b-7661-a83e-991d7e59eab4",{"id":173,"word":174,"frequency":127,"level":133,"language":9,"audioFilePath":175,"partsOfSpeech":176,"audio":34,"audioUrl":181},"01a0ba4b-d795-7bfe-aaca-393b0439807a","wie","tts_88393222fd76abf4_nl-NL.mp3",[177],{"id":178,"partOfSpeech":138,"definition":179,"exampleSentences":180,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d7dd-79e5-99f2-101f3991cf66","Vraagwoord waarmee naar een persoon of personen wordt gevraagd.","Wie is die jongen naast je?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_88393222fd76abf4_nl-NL.mp3",14,{"id":184,"vocabularyWord":185,"displayOrder":193},"01a0ba4c-5a1b-767d-a83e-991d7f569636",{"id":186,"word":187,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":188,"partsOfSpeech":189,"audio":34,"audioUrl":192},"01a0ba4b-dca2-7d66-a0d9-d0e6ab988777","waarop","tts_b0ccc29c47dda05f_nl-NL.mp3",[190],{"id":191,"partOfSpeech":55,"definition":56,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-dcc2-707d-8514-2c01659a4b88","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b0ccc29c47dda05f_nl-NL.mp3",15,{"id":195,"vocabularyWord":196,"displayOrder":202},"01a0ba4c-5a1b-7699-a83e-991d7f5c762b",{"id":197,"word":198,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":199,"partsOfSpeech":200,"audio":34,"audioUrl":201},"01a0ba4b-d911-7163-8879-59207e43e97d","waarmee","tts_1b4f38f0b3ac9eaa_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1b4f38f0b3ac9eaa_nl-NL.mp3",16,{"id":204,"vocabularyWord":205,"displayOrder":213},"01a0ba4c-5a1b-76b5-a83e-991d804e4ea0",{"id":206,"word":207,"frequency":42,"level":31,"language":9,"audioFilePath":208,"partsOfSpeech":209,"audio":34,"audioUrl":212},"01a0ba4b-e04a-7977-be2f-9a9d953f2d78","waarover","tts_1b72ee3ef3ec059c_nl-NL.mp3",[210],{"id":211,"partOfSpeech":55,"definition":56,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-e089-701e-bfd1-2dc5a1a13bae","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1b72ee3ef3ec059c_nl-NL.mp3",17,{"id":215,"vocabularyWord":216,"displayOrder":222},"01a0ba4c-5a1b-76d1-a83e-991d80ba7b85",{"id":217,"word":218,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":219,"partsOfSpeech":220,"audio":34,"audioUrl":221},"01a0ba4b-dba4-74ea-b8fd-d80ec839d711","waaraan","tts_523dd5295ab345d7_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_523dd5295ab345d7_nl-NL.mp3",18,{"id":224,"vocabularyWord":225,"displayOrder":239},"01a0ba4c-5a1b-76ed-a83e-991d8190417c",{"id":226,"word":227,"frequency":127,"level":133,"language":9,"audioFilePath":228,"partsOfSpeech":229,"audio":34,"audioUrl":238},"01a0ba4b-d531-71e0-b92e-e22844b9dcd4","er","tts_78083737665d4e5d_nl-NL.mp3",[230,234],{"id":231,"partOfSpeech":55,"definition":232,"exampleSentences":233,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d563-71f7-b413-dd0b6ef1d982","Onbeklemtoond woord dat verwijst naar een plaats die al bekend is.","Mijn broer woont in Utrecht en ik werk er.",{"id":235,"partOfSpeech":55,"definition":236,"exampleSentences":237,"isPrimary":16,"meaningOrder":42},"01a0ba4b-d563-7243-b413-dd0b6fe56f42","Onbeklemtoond woord dat een nieuwe persoon of zaak in een zin met zijn introduceert.","Er is een supermarkt naast het station.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_78083737665d4e5d_nl-NL.mp3",19,{"id":241,"vocabularyWord":242,"displayOrder":250},"01a0ba4c-5a1b-7709-a83e-991d82134060",{"id":243,"word":244,"frequency":127,"level":133,"language":9,"audioFilePath":245,"partsOfSpeech":246,"audio":34,"audioUrl":249},"01a0ba4b-dfd8-70e2-93ae-46736b48d59b","daar","tts_1d07251c67994d61_nl-NL.mp3",[247],{"id":248,"partOfSpeech":55,"definition":56,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-dfea-78b3-8e07-3fb48c7d9503","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1d07251c67994d61_nl-NL.mp3",20,{"id":252,"vocabularyWord":253,"displayOrder":263},"01a0ba4c-5a1b-7725-a83e-991d82ef4f0d",{"id":254,"word":255,"frequency":127,"level":133,"language":9,"audioFilePath":256,"partsOfSpeech":257,"audio":34,"audioUrl":262},"01a0ba4b-d544-7227-a3c9-09e728360a45","hier","tts_79998145c94116eb_nl-NL.mp3",[258],{"id":259,"partOfSpeech":55,"definition":260,"exampleSentences":261,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d564-7dff-97f9-ade233e8dec3","Op deze plaats, dicht bij de spreker.","Kom hier naast mij zitten.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_79998145c94116eb_nl-NL.mp3",21,{"id":265,"vocabularyWord":266,"displayOrder":277},"01a0ba4c-5a1b-7741-a83e-991d839aa1f0",{"id":267,"word":268,"frequency":73,"level":269,"language":9,"audioFilePath":270,"partsOfSpeech":271,"audio":34,"audioUrl":276},"01a0ba4b-e071-78af-ab79-5b929b4849c4","daarmee","C1","tts_02edaaba04f50874_nl-NL.mp3",[272],{"id":273,"partOfSpeech":55,"definition":274,"exampleSentences":275,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-e08d-70e4-a633-28d88d6c24d2","Verwijst naar een eerder genoemde zaak als middel, begeleidende omstandigheid of directe basis voor een gevolgtrekking.","De raad verwerpt de motie en sluit daarmee een snelle beleidswijziging uit.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_02edaaba04f50874_nl-NL.mp3",22,{"id":279,"vocabularyWord":280,"displayOrder":288},"01a0ba4c-5a1b-7759-a83e-991d83a64f0c",{"id":281,"word":282,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":283,"partsOfSpeech":284,"audio":34,"audioUrl":287},"01a0ba4b-e4f7-76fc-87a7-a8347411c252","daarover","tts_4704f471aa57faf1_nl-NL.mp3",[285],{"id":286,"partOfSpeech":55,"definition":56,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-e52b-7652-9532-d2b1ee3bd78f","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_4704f471aa57faf1_nl-NL.mp3",23,{"id":290,"vocabularyWord":291,"displayOrder":299},"01a0ba4c-5a1b-7775-a83e-991d8476834e",{"id":292,"word":293,"frequency":42,"level":31,"language":9,"audioFilePath":294,"partsOfSpeech":295,"audio":34,"audioUrl":298},"01a0ba4b-e249-7c96-b770-fff68faebed7","hierop","tts_8e774c11e80c1edc_nl-NL.mp3",[296],{"id":297,"partOfSpeech":55,"definition":56,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-e28a-7241-8157-291a9304ab32","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8e774c11e80c1edc_nl-NL.mp3",24,{"id":301,"vocabularyWord":302,"displayOrder":308},"01a0ba4c-5a1b-7795-a83e-991d85001bb5",{"id":303,"word":304,"frequency":36,"level":96,"language":9,"audioFilePath":305,"partsOfSpeech":306,"audio":34,"audioUrl":307},"01a0ba4b-dd4f-7322-8ea6-c492fb0d5aac","voorzetsel","tts_53732b49b1d363ed_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_53732b49b1d363ed_nl-NL.mp3",25,{"id":310,"vocabularyWord":311,"displayOrder":322},"01a0ba4c-5a1b-77b9-a83e-991d850c5436",{"id":312,"word":313,"frequency":67,"level":31,"language":9,"audioFilePath":314,"partsOfSpeech":315,"audio":34,"audioUrl":321},"01a0ba4b-dda7-780b-9829-1a13b116637c","voornaamwoord","tts_ad054c3d96f5de91_nl-NL.mp3",[316],{"id":317,"partOfSpeech":318,"definition":319,"exampleSentences":320,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a10d71-10f4-75f4-bc61-f1b180f31846","NOUN","Een woord dat in een zin de plaats inneemt van een zelfstandig naamwoord of ernaar verwijst, zoals 'ik', 'hij', 'dit' of 'wie'.","In de zin 'Zij woont in Utrecht' is 'zij' een voornaamwoord.\nOp school leren we het verschil tussen een persoonlijk en een bezittelijk voornaamwoord.\nJe kunt een voornaamwoord gebruiken om herhaling van de naam te voorkomen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ad054c3d96f5de91_nl-NL.mp3",26,{"id":324,"vocabularyWord":325,"displayOrder":334},"01a0ba4c-5a1b-77d5-a83e-991d856a963c",{"id":326,"word":327,"frequency":73,"level":96,"language":9,"audioFilePath":328,"partsOfSpeech":329,"audio":34,"audioUrl":333},"01a0ba4b-d993-701e-b2b4-020adc70d22e","sinds","tts_66fa2475432b3d17_nl-NL.mp3",[330],{"id":331,"partOfSpeech":332,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d99c-7834-b19d-0a27d34baf72","PREPOSITION","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_66fa2475432b3d17_nl-NL.mp3",27,{"id":336,"vocabularyWord":337,"displayOrder":345},"01a0ba4c-5a1b-77f1-a83e-991d859846e4",{"id":338,"word":339,"frequency":116,"level":96,"language":9,"audioFilePath":340,"partsOfSpeech":341,"audio":34,"audioUrl":344},"01a0ba4b-d9d2-75dd-aa16-ff892b49d560","tijdens","tts_1889d3dacc08b5db_nl-NL.mp3",[342],{"id":343,"partOfSpeech":332,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-da0f-7b7f-8596-e7ac510e7864","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1889d3dacc08b5db_nl-NL.mp3",28,{"id":347,"vocabularyWord":348,"displayOrder":354},"01a0ba4c-5a1b-780d-a83e-991d8642eca6",{"id":349,"word":350,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":351,"partsOfSpeech":352,"audio":34,"audioUrl":353},"01a0ba4b-de1e-7715-a0a0-0d143b641e82","wegens","tts_8f75dec18d24dd72_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_8f75dec18d24dd72_nl-NL.mp3",29,{"id":356,"vocabularyWord":357,"displayOrder":368},"01a0ba4c-5a1b-7829-a83e-991d86eaadd0",{"id":358,"word":359,"frequency":127,"level":133,"language":9,"audioFilePath":360,"partsOfSpeech":361,"audio":34,"audioUrl":367},"01a0ba4b-d74a-7251-ac25-0b6f83d17f24","wachten","tts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",[362],{"id":363,"partOfSpeech":364,"definition":365,"exampleSentences":366,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d759-7a18-afe6-cd9a853efd6f","VERB","Op dezelfde plaats of in dezelfde toestand blijven tot iemand komt of iets gebeurt.","We wachten bij de ingang op onze vrienden.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",30,{"id":370,"vocabularyWord":371,"displayOrder":385},"01a0ba4c-5a1b-7845-a83e-991d879dc4c0",{"id":372,"word":373,"frequency":127,"level":31,"language":9,"audioFilePath":374,"partsOfSpeech":375,"audio":34,"audioUrl":384},"01a0ba4b-da82-76b2-ad8e-dac61d778607","denken","tts_6018537def527c11_nl-NL.mp3",[376,380],{"id":377,"partOfSpeech":364,"definition":378,"exampleSentences":379,"isPrimary":16,"meaningOrder":42},"01a0ba4b-daa9-78f7-b3a5-b7b90bd2f440","De aandacht of herinnering op iemand of iets richten.","Denk je eraan om het formulier morgen mee te nemen?",{"id":381,"partOfSpeech":364,"definition":382,"exampleSentences":383,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-daa9-78b3-b3a5-b7b90bd11f00","Gedachten vormen, iets overwegen of een mening over iets hebben.","Ik denk dat deze oplossing op lange termijn goedkoper is.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6018537def527c11_nl-NL.mp3",31,{"id":387,"vocabularyWord":388,"displayOrder":398},"01a0ba4c-5a1b-7861-a83e-991d880b6454",{"id":389,"word":390,"frequency":116,"level":31,"language":9,"audioFilePath":391,"partsOfSpeech":392,"audio":34,"audioUrl":397},"01a0ba4b-dc29-7c5e-b2da-43398801f045","samenwerken","tts_d594486a262596d1_nl-NL.mp3",[393],{"id":394,"partOfSpeech":364,"definition":395,"exampleSentences":396,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-dc3b-7e20-bf06-8202a6d170ae","Met andere mensen of organisaties gezamenlijk aan hetzelfde doel werken.","De school werkt samen met bedrijven uit de omgeving.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d594486a262596d1_nl-NL.mp3",32,{"id":400,"vocabularyWord":401,"displayOrder":411},"01a0ba4c-5a1b-787d-a83e-991d8827fb94",{"id":402,"word":403,"frequency":116,"level":96,"language":9,"audioFilePath":404,"partsOfSpeech":405,"audio":34,"audioUrl":410},"01a0ba4b-d9d1-7162-9659-897cbb707ead","terugkomen","tts_99c513a87db2e8ee_nl-NL.mp3",[406],{"id":407,"partOfSpeech":364,"definition":408,"exampleSentences":409,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-da0f-794f-8596-e7ac5016581b","Opnieuw naar de plaats komen waar iemand eerder was of waarvandaan die persoon vertrok.","Ik kom na mijn vakantie op maandag terug.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_99c513a87db2e8ee_nl-NL.mp3",33,{"id":413,"vocabularyWord":414,"displayOrder":428},"01a0ba4c-5a1b-7899-a83e-991d882cb134",{"id":415,"word":416,"frequency":73,"level":10,"language":9,"audioFilePath":417,"partsOfSpeech":418,"audio":34,"audioUrl":427},"01a0ba4b-dfc9-74b5-8831-2c1a7d7174a6","verwijzen","tts_7f598eb36fb712b6_nl-NL.mp3",[419,423],{"id":420,"partOfSpeech":364,"definition":421,"exampleSentences":422,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-dfe8-7de0-88ea-9e3001ede641","Iemand naar een andere persoon, plaats of informatiebron sturen voor verdere hulp of informatie.","De huisarts verwees mij voor onderzoek naar een specialist.",{"id":424,"partOfSpeech":364,"definition":425,"exampleSentences":426,"isPrimary":16,"meaningOrder":42},"01a0ba4b-dfe8-7e20-88ea-9e3002d9cf3a","De aandacht richten op iets dat eerder is genoemd of ergens anders staat.","In haar rapport verwijst de onderzoeker naar verschillende betrouwbare bronnen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7f598eb36fb712b6_nl-NL.mp3",34,{"id":430,"vocabularyWord":431,"displayOrder":441},"01a0ba4c-5a1b-78b5-a83e-991d888c03e2",{"id":432,"word":433,"frequency":116,"level":10,"language":9,"audioFilePath":434,"partsOfSpeech":435,"audio":34,"audioUrl":440},"01a0ba4b-dd05-7d06-8ac2-55336843c082","behoefte","tts_b108789b9d26dfbf_nl-NL.mp3",[436],{"id":437,"partOfSpeech":318,"definition":438,"exampleSentences":439,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-dd54-75fd-be2c-df97f3ac3cec","(de; behoeften) gevoel of situatie waarin iemand iets nodig heeft of sterk wenst.","Door de vergrijzing groeit de behoefte aan betaalbare zorg in de buurt.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b108789b9d26dfbf_nl-NL.mp3",35,{"name":15,"slug":443,"language":9},"voornaamwoordelijke-bijwoorden-precies-gebruiken-b2",[],[446,455,462],{"@id":447,"@type":448,"id":449,"grammarPage":450,"title":451,"instructions":452,"displayOrder":42,"type":453,"questionCount":158,"blankCount":158,"isCompleted":16,"ogImageUrl":454},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-c19f-714c-b55a-6434dd78ef2a","GrammarExercise","01a0ba4b-c19f-714c-b55a-6434dd78ef2a","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8cb3-7b56-b860-963f7c68ebc0","Bouw verwijzingen naar zaken en personen","Tik de woorden in de juiste volgorde en laat woorden die niet in de zin horen weg.","sentence_builder","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_bbd84bfa-0d98-4fda-8862-e02944b93b46_hero.webp?v=1789831922",{"@id":456,"@type":448,"id":457,"grammarPage":450,"title":458,"instructions":459,"displayOrder":58,"type":460,"questionCount":158,"blankCount":182,"isCompleted":16,"ogImageUrl":461},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-c1b5-71a0-9af2-1d36dc1cea67","01a0ba4b-c1b5-71a0-9af2-1d36dc1cea67","Verwijzen tijdens het werk","Kies telkens de juiste verwijzing. Let op het vaste voorzetsel, personen en zaken, en de spelling.","word_select","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_b4f35932-8bee-403a-bc09-8f5f74fe6c84_hero.webp?v=1789831922",{"@id":463,"@type":448,"id":464,"grammarPage":450,"title":465,"instructions":466,"displayOrder":67,"type":460,"questionCount":158,"blankCount":158,"isCompleted":16,"ogImageUrl":467},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-c1cc-732d-a519-9613fe61780b","01a0ba4b-c1cc-732d-a519-9613fe61780b","Vragen, beschrijven en nadruk leggen","Kies de passende vorm in verzorgde schrijftaal. Let op zaken en personen, aaneenschrijving en nadruk.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_2892647c-3233-494a-9189-c92144749ab1_hero.webp?v=1789831922",null]