[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-topic-hubs-nl":3,"grammar-pages-nl":4,"grammar-page-nl-vraagwoorden-in-eenvoudige-vragen":1297,"grammar-lesson-path-nl-vraagwoorden-in-eenvoudige-vragen-vragen-stellen-en-instructies-geven-a1":1458,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8cde-7300-830a-aa5794a4dc20":1517,"grammar-quick-check-01a0ba4b-8cde-7300-830a-aa5794a4dc20":1536,"grammar-lesson-body-01a0ba4b-8cde-7300-830a-aa5794a4dc20-3s0qlu4p3":1558},[],[5,12,17,22,27,32,37,42,47,52,57,62,67,72,77,82,87,92,97,102,107,112,117,122,127,132,137,142,147,152,157,162,167,172,177,182,187,192,197,202,207,212,217,222,227,233,238,243,248,253,258,263,268,273,278,283,288,293,298,303,308,313,318,323,328,333,338,343,348,353,358,363,368,373,378,383,388,393,398,403,408,413,418,423,428,433,438,443,448,453,458,463,468,473,478,483,488,494,499,504,509,514,519,524,529,534,539,544,549,554,559,564,569,574,579,584,589,594,599,604,609,614,619,624,629,634,639,644,649,654,659,664,669,674,679,684,689,694,699,704,709,714,719,724,729,734,739,744,750,755,760,765,770,775,780,785,790,795,800,805,810,815,820,825,830,835,840,845,850,855,860,865,870,875,880,885,890,895,900,905,910,915,920,925,930,935,940,945,950,955,960,965,970,975,980,986,991,996,1001,1006,1011,1016,1021,1026,1031,1036,1041,1046,1051,1056,1061,1066,1071,1076,1081,1086,1091,1096,1101,1106,1111,1116,1121,1126,1131,1136,1141,1146,1151,1156,1162,1167,1172,1177,1182,1187,1192,1197,1202,1207,1212,1217,1222,1227,1232,1237,1242,1247,1252,1257,1262,1267,1272,1277,1282,1287,1292],{"id":6,"title":7,"slug":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11},"01a0ba4b-8a31-78d2-bfe8-93cda5da555e","Het Nederlandse alfabet","het-nederlandse-alfabet","nl","A1",1,{"id":13,"title":14,"slug":15,"language":9,"level":10,"displayOrder":16},"01a0ba4b-8b04-72cb-8dcd-87e3496aa32c","Letters benoemen en woorden spellen","letters-benoemen-en-woorden-spellen",2,{"id":18,"title":19,"slug":20,"language":9,"level":10,"displayOrder":21},"01a0ba4b-8ae8-729b-8783-55b9aacfce21","Korte en lange klinkers horen","korte-en-lange-klinkers-horen",3,{"id":23,"title":24,"slug":25,"language":9,"level":10,"displayOrder":26},"01a0ba4b-8b87-73a9-9518-4d17aa721080","Open en gesloten lettergrepen","open-en-gesloten-lettergrepen",4,{"id":28,"title":29,"slug":30,"language":9,"level":10,"displayOrder":31},"01a0ba4b-891d-7a3f-adbd-527b99c8ed2c","De klanken ij en ei","de-klanken-ij-en-ei",5,{"id":33,"title":34,"slug":35,"language":9,"level":10,"displayOrder":36},"01a0ba4b-8918-783b-9bd7-01ae7a0889dd","De klanken au en ou","de-klanken-au-en-ou",6,{"id":38,"title":39,"slug":40,"language":9,"level":10,"displayOrder":41},"01a0ba4b-8922-78d7-ba25-82e8471e0365","De klanken ui, eu en oe","de-klanken-ui-eu-en-oe",7,{"id":43,"title":44,"slug":45,"language":9,"level":10,"displayOrder":46},"01a0ba4b-89e2-7a23-a9f4-c2593f46a63b","G, ch, sch, ng en nk uitspreken","g-ch-sch-ng-en-nk-uitspreken",8,{"id":48,"title":49,"slug":50,"language":9,"level":10,"displayOrder":51},"01a0ba4b-8d30-78ab-bd02-60732d19d41d","Woordklemtoon en de stomme e","woordklemtoon-en-de-stomme-e",9,{"id":53,"title":54,"slug":55,"language":9,"level":10,"displayOrder":56},"01a0ba4b-8a7b-767e-97a4-08589a7a5ae5","Hoofdletters en de schrijfwijze van IJ","hoofdletters-en-de-schrijfwijze-van-ij",10,{"id":58,"title":59,"slug":60,"language":9,"level":10,"displayOrder":61},"01a0ba4b-890b-7329-92dd-1df1cd56fd40","De en het bij zelfstandige naamwoorden","de-en-het-bij-zelfstandige-naamwoorden",11,{"id":63,"title":64,"slug":65,"language":9,"level":10,"displayOrder":66},"01a0ba4b-8a38-7302-b15f-d5d26e4b4916","Het onbepaalde lidwoord een","het-onbepaalde-lidwoord-een",12,{"id":68,"title":69,"slug":70,"language":9,"level":10,"displayOrder":71},"01a0ba4b-8b1b-7228-af8c-17ac0c446c30","Meervouden op -en","meervouden-op-en",13,{"id":73,"title":74,"slug":75,"language":9,"level":10,"displayOrder":76},"01a0ba4b-8b1f-7950-964b-a1ad404c15ac","Meervouden op -s en 's","meervouden-op-s-en-apostrof-s",14,{"id":78,"title":79,"slug":80,"language":9,"level":10,"displayOrder":81},"01a0ba4b-8c6d-7dc6-ab35-16bde85f631d","Veelvoorkomende onregelmatige meervouden","veelvoorkomende-onregelmatige-meervouden",15,{"id":83,"title":84,"slug":85,"language":9,"level":10,"displayOrder":86},"01a0ba4b-899d-7be4-b614-20975395e6f8","Eenvoudige verkleinwoorden met -je en -tje","eenvoudige-verkleinwoorden-met-je-en-tje",16,{"id":88,"title":89,"slug":90,"language":9,"level":10,"displayOrder":91},"01a0ba4b-8ba9-7b56-ad6e-036c0afd83a6","Persoonlijke voornaamwoorden als onderwerp","persoonlijke-voornaamwoorden-als-onderwerp",17,{"id":93,"title":94,"slug":95,"language":9,"level":10,"displayOrder":96},"01a0ba4b-8ad3-74cd-af06-d68b55f58b83","Je, jij en u aanspreken","je-jij-en-u-aanspreken",18,{"id":98,"title":99,"slug":100,"language":9,"level":10,"displayOrder":101},"01a0ba4b-8871-709b-928b-2f78426a482b","Beklemtoonde en onbeklemtoonde onderwerpsvormen","beklemtoonde-en-onbeklemtoonde-onderwerpsvormen",19,{"id":103,"title":104,"slug":105,"language":9,"level":10,"displayOrder":106},"01a0ba4b-88ab-7903-8f1e-98e859066901","Bezittelijke voornaamwoorden bij een naamwoord","bezittelijke-voornaamwoorden-bij-een-naamwoord",20,{"id":108,"title":109,"slug":110,"language":9,"level":10,"displayOrder":111},"01a0ba4b-897e-7565-9a93-f65d38dde38d","Deze, die, dit en dat aanwijzen","deze-die-dit-en-dat-aanwijzen",21,{"id":113,"title":114,"slug":115,"language":9,"level":10,"displayOrder":116},"01a0ba4b-8a60-7e86-a650-0d62eb903ae0","Het werkwoord zijn in de tegenwoordige tijd","het-werkwoord-zijn-in-de-tegenwoordige-tijd",22,{"id":118,"title":119,"slug":120,"language":9,"level":10,"displayOrder":121},"01a0ba4b-8a5b-7dc3-86a1-3dd4b376b037","Het werkwoord hebben in de tegenwoordige tijd","het-werkwoord-hebben-in-de-tegenwoordige-tijd",23,{"id":123,"title":124,"slug":125,"language":9,"level":10,"displayOrder":126},"01a0ba4b-8bcf-7b17-96b3-3d0ce096e3b3","Regelmatige werkwoorden in de tegenwoordige tijd","regelmatige-werkwoorden-in-de-tegenwoordige-tijd",24,{"id":128,"title":129,"slug":130,"language":9,"level":10,"displayOrder":131},"01a0ba4b-8947-715c-b329-ba58ae5c2e6a","De stam van een werkwoord vinden","de-stam-van-een-werkwoord-vinden",25,{"id":133,"title":134,"slug":135,"language":9,"level":10,"displayOrder":136},"01a0ba4b-8d2b-7ab4-a05a-88f55a28337a","Werkwoordsvormen met -t en -d","werkwoordsvormen-met-t-en-d",26,{"id":138,"title":139,"slug":140,"language":9,"level":10,"displayOrder":141},"01a0ba4b-8c68-76e3-a5db-16b498338566","Veelgebruikte onregelmatige werkwoorden","veelgebruikte-onregelmatige-werkwoorden",27,{"id":143,"title":144,"slug":145,"language":9,"level":10,"displayOrder":146},"01a0ba4b-8bfb-7e0d-a8c9-89fe0e425bb7","Scheidbare werkwoorden in de tegenwoordige tijd","scheidbare-werkwoorden-in-de-tegenwoordige-tijd",28,{"id":148,"title":149,"slug":150,"language":9,"level":10,"displayOrder":151},"01a0ba4b-8aec-7d1b-a60f-0ea502ac8c5f","Kunnen, willen, moeten en mogen","kunnen-willen-moeten-en-mogen",29,{"id":153,"title":154,"slug":155,"language":9,"level":10,"displayOrder":156},"01a0ba4b-890f-7513-8d49-b9ada6efdd88","De gebiedende wijs","de-gebiedende-wijs",30,{"id":158,"title":159,"slug":160,"language":9,"level":10,"displayOrder":161},"01a0ba4b-8907-743c-ab57-f49c1cf61cd6","De basisvolgorde van een mededelende zin","de-basisvolgorde-van-een-mededelende-zin",31,{"id":163,"title":164,"slug":165,"language":9,"level":10,"displayOrder":166},"01a0ba4b-8937-790e-a6db-12de4f293c3d","De persoonsvorm op de tweede plaats","de-persoonsvorm-op-de-tweede-plaats",32,{"id":168,"title":169,"slug":170,"language":9,"level":10,"displayOrder":171},"01a0ba4b-8ac7-7991-bf26-9b9c72431320","Inversie na tijd en plaats","inversie-na-tijd-en-plaats",33,{"id":173,"title":174,"slug":175,"language":9,"level":10,"displayOrder":176},"01a0ba4b-8a65-7bbb-93b3-3ca1c28a457f","Het zinskader met twee werkwoorden","het-zinskader-met-twee-werkwoorden",34,{"id":178,"title":179,"slug":180,"language":9,"level":10,"displayOrder":181},"01a0ba4b-8acd-7570-ba56-88ce04558280","Ja-neevragen met inversie","ja-neevragen-met-inversie",35,{"id":183,"title":184,"slug":185,"language":9,"level":10,"displayOrder":186},"01a0ba4b-8cde-7300-830a-aa5794a4dc20","Vraagwoorden in eenvoudige vragen","vraagwoorden-in-eenvoudige-vragen",36,{"id":188,"title":189,"slug":190,"language":9,"level":10,"displayOrder":191},"01a0ba4b-8b7d-745f-abca-1a13bfda9be3","Ontkennen met niet","ontkennen-met-niet",37,{"id":193,"title":194,"slug":195,"language":9,"level":10,"displayOrder":196},"01a0ba4b-8b78-7858-b993-9170c8518752","Ontkennen met geen","ontkennen-met-geen",38,{"id":198,"title":199,"slug":200,"language":9,"level":10,"displayOrder":201},"01a0ba4b-88bf-7ea7-a50c-7274f39cbba0","Bijvoeglijke naamwoorden en de uitzondering bij een het-woord","bijvoeglijke-naamwoorden-en-de-uitzondering-bij-een-het-woord",39,{"id":203,"title":204,"slug":205,"language":9,"level":10,"displayOrder":206},"01a0ba4b-8867-7609-97d9-66b3d8eed485","Basisvoorzetsels van plaats en tijd","basisvoorzetsels-van-plaats-en-tijd",40,{"id":208,"title":209,"slug":210,"language":9,"level":10,"displayOrder":211},"01a0ba4b-8a88-7021-be52-48e4aab7ee50","Hoofdtelwoorden en aantallen","hoofdtelwoorden-en-aantallen",41,{"id":213,"title":214,"slug":215,"language":9,"level":10,"displayOrder":216},"01a0ba4b-8bbf-79ca-8709-d00ebc26530e","Rangtelwoorden en datums","rangtelwoorden-en-datums",42,{"id":218,"title":219,"slug":220,"language":9,"level":10,"displayOrder":221},"01a0ba4b-89c8-7d1c-a51c-a16727d1c740","Er is en er zijn","er-is-en-er-zijn",43,{"id":223,"title":224,"slug":225,"language":9,"level":10,"displayOrder":226},"01a0ba4b-8a8d-79ca-af90-3ef40cd6857a","Hoofdzinnen verbinden met en, maar en of","hoofdzinnen-verbinden-met-en-maar-en-of",44,{"id":228,"title":229,"slug":230,"language":9,"level":231,"displayOrder":232},"01a0ba4b-8a56-7bb1-8e39-141f60acfad3","Het trema bij botsende klinkers","het-trema-bij-botsende-klinkers","A2",45,{"id":234,"title":235,"slug":236,"language":9,"level":231,"displayOrder":237},"01a0ba4b-883b-76c5-9773-3f9bccb7952d","Accenten voor nadruk en uitspraak","accenten-voor-nadruk-en-uitspraak",46,{"id":239,"title":240,"slug":241,"language":9,"level":231,"displayOrder":242},"01a0ba4b-8a9b-706a-b8a6-c298fdf7678a","IJ of ei en au of ou spellen","ij-of-ei-en-au-of-ou-spellen",47,{"id":244,"title":245,"slug":246,"language":9,"level":231,"displayOrder":247},"01a0ba4b-89a2-7ab9-b882-800075e3ebda","Eindklanken en wisselingen tussen d en t, v en f, z en s","eindklanken-en-wisselingen-tussen-d-t-v-f-z-s",48,{"id":249,"title":250,"slug":251,"language":9,"level":231,"displayOrder":252},"01a0ba4b-8ade-76ea-98a6-573794366d51","Klinker- en medeklinkerspelling in meervouden","klinker-en-medeklinkerspelling-in-meervouden",49,{"id":254,"title":255,"slug":256,"language":9,"level":231,"displayOrder":257},"01a0ba4b-8c84-7a25-bf31-1ef3e140aa1c","Verkleinwoorden op -je, -tje, -pje, -etje en -kje","verkleinwoorden-op-je-tje-pje-etje-en-kje",50,{"id":259,"title":260,"slug":261,"language":9,"level":231,"displayOrder":262},"01a0ba4b-8c05-77e1-acf4-9db934d69ec5","Spelling van verkleinwoorden na klinkers","spelling-van-verkleinwoorden-na-klinkers",51,{"id":264,"title":265,"slug":266,"language":9,"level":231,"displayOrder":267},"01a0ba4b-8beb-7df2-870b-08702c72fb43","Samenstellingen en tussenletters","samenstellingen-en-tussenletters",52,{"id":269,"title":270,"slug":271,"language":9,"level":231,"displayOrder":272},"01a0ba4b-8b46-7183-b8ae-e8b35b9b856b","Natuurlijk geslacht bij personen en dieren","natuurlijk-geslacht-bij-personen-en-dieren",53,{"id":274,"title":275,"slug":276,"language":9,"level":231,"displayOrder":277},"01a0ba4b-8ce9-79fd-baa9-db2e0cfebf68","Wanneer een lidwoord wegblijft","wanneer-een-lidwoord-wegblijft",54,{"id":279,"title":280,"slug":281,"language":9,"level":231,"displayOrder":282},"01a0ba4b-8ba4-7bf2-8240-894d40b179fa","Persoonlijke voornaamwoorden als lijdend en meewerkend voorwerp","persoonlijke-voornaamwoorden-als-lijdend-en-meewerkend-voorwerp",55,{"id":284,"title":285,"slug":286,"language":9,"level":231,"displayOrder":287},"01a0ba4b-8d00-7c9f-b91d-b3f67e369916","Wederkerende voornaamwoorden bij dagelijkse handelingen","wederkerende-voornaamwoorden-bij-dagelijkse-handelingen",56,{"id":289,"title":290,"slug":291,"language":9,"level":231,"displayOrder":292},"01a0ba4b-89a7-7961-a088-0a996d2d0453","Elkaar als wederkerig voornaamwoord","elkaar-als-wederkerig-voornaamwoord",57,{"id":294,"title":295,"slug":296,"language":9,"level":231,"displayOrder":297},"01a0ba4b-8a96-78c9-b1c5-55d9df049328","Iemand, niemand, iets en niets","iemand-niemand-iets-en-niets",58,{"id":299,"title":300,"slug":301,"language":9,"level":231,"displayOrder":302},"01a0ba4b-8d42-71df-be56-dbd45ab0ab54","Zelfstandig gebruik van deze, die, dit en dat","zelfstandig-gebruik-van-deze-die-dit-en-dat",59,{"id":304,"title":305,"slug":306,"language":9,"level":231,"displayOrder":307},"01a0ba4b-8d4e-7ce5-afab-039fc2d6502d","Zelfstandige bezittelijke voornaamwoorden","zelfstandige-bezittelijke-voornaamwoorden",60,{"id":309,"title":310,"slug":311,"language":9,"level":231,"displayOrder":312},"01a0ba4b-89be-7a87-821b-bf950f76af86","Er als aanduiding van een plaats","er-als-aanduiding-van-een-plaats",61,{"id":314,"title":315,"slug":316,"language":9,"level":231,"displayOrder":317},"01a0ba4b-8bf6-7bcd-aa24-327a31370122","Scheidbare en onscheidbare werkwoorden herkennen","scheidbare-en-onscheidbare-werkwoorden-herkennen",62,{"id":319,"title":320,"slug":321,"language":9,"level":231,"displayOrder":322},"01a0ba4b-8b5f-7453-aab4-af4105a9563b","Onbeklemtoonde voorvoegsels be-, ge-, her-, ont- en ver-","onbeklemtoonde-voorvoegsels-be-ge-her-ont-en-ver",63,{"id":324,"title":325,"slug":326,"language":9,"level":231,"displayOrder":327},"01a0ba4b-8a42-7372-b201-afb513dfd163","Het perfectum met hebben","het-perfectum-met-hebben",64,{"id":329,"title":330,"slug":331,"language":9,"level":231,"displayOrder":332},"01a0ba4b-8a47-79e1-9e1a-1500b1c262d3","Het perfectum met zijn","het-perfectum-met-zijn",65,{"id":334,"title":335,"slug":336,"language":9,"level":231,"displayOrder":337},"01a0ba4b-8a2c-787b-9f4b-71b7dd145f99","'t kofschip en het voltooid deelwoord","het-kofschip",66,{"id":339,"title":340,"slug":341,"language":9,"level":231,"displayOrder":342},"01a0ba4b-8c9f-70ac-ae83-6de1c1344585","Voltooide deelwoorden van scheidbare en onscheidbare werkwoorden","voltooide-deelwoorden-van-scheidbare-en-onscheidbare-werkwoorden",67,{"id":344,"title":345,"slug":346,"language":9,"level":231,"displayOrder":347},"01a0ba4b-8b73-7a58-8e24-c6390984b8d4","Onregelmatige voltooide deelwoorden","onregelmatige-voltooide-deelwoorden",68,{"id":349,"title":350,"slug":351,"language":9,"level":231,"displayOrder":352},"01a0ba4b-8a27-7c1c-af66-7383f8c89dbe","Het imperfectum van regelmatige werkwoorden","het-imperfectum-van-regelmatige-werkwoorden",69,{"id":354,"title":355,"slug":356,"language":9,"level":231,"displayOrder":357},"01a0ba4b-8a22-7d3a-a1df-740d81b793b2","Het imperfectum van onregelmatige werkwoorden","het-imperfectum-van-onregelmatige-werkwoorden",70,{"id":359,"title":360,"slug":361,"language":9,"level":231,"displayOrder":362},"01a0ba4b-8b96-7433-8cbe-230bd2eb6d68","Perfectum en imperfectum in alledaagse verhalen","perfectum-en-imperfectum-in-alledaagse-verhalen",71,{"id":364,"title":365,"slug":366,"language":9,"level":231,"displayOrder":367},"01a0ba4b-8a51-7c31-a505-58ffa2df00cf","Het plusquamperfectum voor een eerder verleden","het-plusquamperfectum-voor-een-eerder-verleden",72,{"id":369,"title":370,"slug":371,"language":9,"level":231,"displayOrder":372},"01a0ba4b-8951-71b1-ac16-af18ac47a221","De toekomst met gaan","de-toekomst-met-gaan",73,{"id":374,"title":375,"slug":376,"language":9,"level":231,"displayOrder":377},"01a0ba4b-8956-733e-9339-fea32e5ff0ce","De toekomst met zullen","de-toekomst-met-zullen",74,{"id":379,"title":380,"slug":381,"language":9,"level":231,"displayOrder":382},"01a0ba4b-8998-7c2b-b340-b502436665c9","Doel uitdrukken met om te","doel-uitdrukken-met-om-te",75,{"id":384,"title":385,"slug":386,"language":9,"level":231,"displayOrder":387},"01a0ba4b-8d1d-72a6-961a-ba3b9df2bbdf","Werkwoorden die een te-infinitief krijgen","werkwoorden-die-een-te-infinitief-krijgen",76,{"id":389,"title":390,"slug":391,"language":9,"level":231,"displayOrder":392},"01a0ba4b-88a3-7417-8f7b-0a7af50301e1","Bezig zijn met aan het en een infinitief","bezig-zijn-met-aan-het-en-een-infinitief",77,{"id":394,"title":395,"slug":396,"language":9,"level":231,"displayOrder":397},"01a0ba4b-8d67-7c7a-a8a4-a90aecfeb651","Zitten, staan, liggen en lopen te","zitten-staan-liggen-en-lopen-te",78,{"id":399,"title":400,"slug":401,"language":9,"level":231,"displayOrder":402},"01a0ba4b-8c38-79c0-95eb-c9bab8f41228","Tijd, manier en plaats in het middenstuk","tijd-manier-en-plaats-in-het-middenstuk",79,{"id":404,"title":405,"slug":406,"language":9,"level":231,"displayOrder":407},"01a0ba4b-8979-713a-b198-a682e3d84d78","De werkwoordelijke tang in de hoofdzin","de-werkwoordelijke-tang-in-de-hoofdzin",80,{"id":409,"title":410,"slug":411,"language":9,"level":231,"displayOrder":412},"01a0ba4b-88ce-7ebd-9d5f-43612bb1f1c5","Bijzinnen met omdat","bijzinnen-met-omdat",81,{"id":414,"title":415,"slug":416,"language":9,"level":231,"displayOrder":417},"01a0ba4b-8cef-72d5-a29a-f5ffdc887e45","Want en omdat vergelijken","want-en-omdat-vergelijken",82,{"id":419,"title":420,"slug":421,"language":9,"level":231,"displayOrder":422},"01a0ba4b-8ab3-7bfc-9875-1ec855e5d96e","Inhoudszinnen met dat","inhoudszinnen-met-dat",83,{"id":424,"title":425,"slug":426,"language":9,"level":231,"displayOrder":427},"01a0ba4b-8a9f-7b15-8a5f-35804c226da6","Indirecte ja-neevragen met of","indirecte-ja-neevragen-met-of",84,{"id":429,"title":430,"slug":431,"language":9,"level":231,"displayOrder":432},"01a0ba4b-8ac1-7c50-8d4e-39985be9554a","Inversie na een bijzin","inversie-na-een-bijzin",85,{"id":434,"title":435,"slug":436,"language":9,"level":231,"displayOrder":437},"01a0ba4b-887e-7e76-b9e2-c037c00bbfec","Beleefde verzoeken met even, maar en alstublieft","beleefde-verzoeken-met-even-maar-en-alstublieft",86,{"id":439,"title":440,"slug":441,"language":9,"level":231,"displayOrder":442},"01a0ba4b-8942-7541-b31a-8863dcdd0857","De plaats van niet in de eenvoudige zin","de-plaats-van-niet-in-de-eenvoudige-zin",87,{"id":444,"title":445,"slug":446,"language":9,"level":231,"displayOrder":447},"01a0ba4b-895b-72b5-b26a-e2b99406dc95","De vergrotende en overtreffende trap","de-vergrotende-en-overtreffende-trap",88,{"id":449,"title":450,"slug":451,"language":9,"level":231,"displayOrder":452},"01a0ba4b-8c7e-7e35-9ec2-cc9d688c5fba","Vergelijken met dan en als","vergelijken-met-dan-en-als",89,{"id":454,"title":455,"slug":456,"language":9,"level":231,"displayOrder":457},"01a0ba4b-8c63-7588-9931-4c956065e266","Veel, weinig, genoeg, meer en minder","veel-weinig-genoeg-meer-en-minder",90,{"id":459,"title":460,"slug":461,"language":9,"level":231,"displayOrder":462},"01a0ba4b-8c73-70d5-b945-950d00700878","Veelvoorkomende vaste voorzetselcombinaties","veelvoorkomende-vaste-voorzetselcombinaties",91,{"id":464,"title":465,"slug":466,"language":9,"level":231,"displayOrder":467},"01a0ba4b-8c3f-78c9-926d-2f82bd4bee0f","Tijdsduur met al, sinds, vanaf en gedurende","tijdsduur-met-al-sinds-vanaf-en-gedurende",92,{"id":469,"title":470,"slug":471,"language":9,"level":231,"displayOrder":472},"01a0ba4b-88a7-7681-a830-52fdd77a64aa","Bezitsrelaties met van en apostrof-s","bezitsrelaties-met-van-en-apostrof-s",93,{"id":474,"title":475,"slug":476,"language":9,"level":231,"displayOrder":477},"01a0ba4b-8b6e-7e23-8519-9af18e867efd","Onregelmatige trappen van vergelijking","onregelmatige-trappen-van-vergelijking",94,{"id":479,"title":480,"slug":481,"language":9,"level":231,"displayOrder":482},"01a0ba4b-88c4-7859-852a-22ba4efa3a7a","Bijwoorden van frequentie en graad","bijwoorden-van-frequentie-en-graad",95,{"id":484,"title":485,"slug":486,"language":9,"level":231,"displayOrder":487},"01a0ba4b-8cd8-74ec-852d-9c101777836a","Voorzetsels bij richting en verplaatsing","voorzetsels-bij-richting-en-verplaatsing",96,{"id":489,"title":490,"slug":491,"language":9,"level":492,"displayOrder":493},"01a0ba4b-8d26-7b4b-be17-687d878c0751","Werkwoordspelling van stam tot verleden tijd","werkwoordspelling-van-stam-tot-verleden-tijd","B1",97,{"id":495,"title":496,"slug":497,"language":9,"level":492,"displayOrder":498},"01a0ba4b-8c4f-7144-b05f-05ff200ffd47","Tussen-n en tussen-s in samenstellingen","tussen-n-en-tussen-s-in-samenstellingen",98,{"id":500,"title":501,"slug":502,"language":9,"level":492,"displayOrder":503},"01a0ba4b-885a-7d0b-9c8a-79a701bd718a","Apostroffen en meervouden van leenwoorden","apostroffen-en-meervouden-van-leenwoorden",99,{"id":505,"title":506,"slug":507,"language":9,"level":492,"displayOrder":508},"01a0ba4b-8c18-7c39-8850-4aa863644dc2","Telbare en niet-telbare zelfstandige naamwoorden","telbare-en-niet-telbare-zelfstandige-naamwoorden",100,{"id":510,"title":511,"slug":512,"language":9,"level":492,"displayOrder":513},"01a0ba4b-8d56-7170-8598-3f83e20d35d9","Zelfstandige naamwoorden maken met achtervoegsels","zelfstandige-naamwoorden-maken-met-achtervoegsels",101,{"id":515,"title":516,"slug":517,"language":9,"level":492,"displayOrder":518},"01a0ba4b-8c8a-748a-a010-6d01a5dc3f4f","Verkleinwoorden voor betekenis en houding","verkleinwoorden-voor-betekenis-en-houding",102,{"id":520,"title":521,"slug":522,"language":9,"level":492,"displayOrder":523},"01a0ba4b-8bae-789f-a518-7256f03bc1d0","Presentatief er bij een onbepaald onderwerp","presentatief-er-bij-een-onbepaald-onderwerp",103,{"id":525,"title":526,"slug":527,"language":9,"level":492,"displayOrder":528},"01a0ba4b-8af1-72d6-98bb-ea7292642865","Kwantitatief er met aantallen en hoeveelheden","kwantitatief-er-met-aantallen-en-hoeveelheden",104,{"id":530,"title":531,"slug":532,"language":9,"level":492,"displayOrder":533},"01a0ba4b-89cd-7ad4-a14d-0ea3aaa695b0","Er met een voorzetsel","er-met-een-voorzetsel",105,{"id":535,"title":536,"slug":537,"language":9,"level":492,"displayOrder":538},"01a0ba4b-8a6a-7b57-a92b-93358fecbfe3","Hier- en daarwoorden met een voorzetsel","hier-en-daarwoorden-met-een-voorzetsel",106,{"id":540,"title":541,"slug":542,"language":9,"level":492,"displayOrder":543},"01a0ba4b-8a08-7db9-896c-f605ce17aecf","Gesplitste voornaamwoordelijke bijwoorden","gesplitste-voornaamwoordelijke-bijwoorden",107,{"id":545,"title":546,"slug":547,"language":9,"level":492,"displayOrder":548},"01a0ba4b-8a92-7104-a45e-2a65bcd86674","Iedereen, alles, men en algemeen je","iedereen-alles-men-en-algemeen-je",108,{"id":550,"title":551,"slug":552,"language":9,"level":492,"displayOrder":553},"01a0ba4b-8c5e-77df-a653-814551bdae5e","Vaste wederkerende en wederkerige werkwoorden","vaste-wederkerende-en-wederkerige-werkwoorden",109,{"id":555,"title":556,"slug":557,"language":9,"level":492,"displayOrder":558},"01a0ba4b-8b9b-72a6-98d3-2dd2dda56bb7","Perfectum en imperfectum in een samenhangend verhaal","perfectum-en-imperfectum-in-een-samenhangend-verhaal",110,{"id":560,"title":561,"slug":562,"language":9,"level":492,"displayOrder":563},"01a0ba4b-8a4c-7cff-a8fa-d1e2e50d01ba","Het plusquamperfectum in tijdsvolgorde","het-plusquamperfectum-in-tijdsvolgorde",111,{"id":565,"title":566,"slug":567,"language":9,"level":492,"displayOrder":568},"01a0ba4b-8a3d-74ad-82eb-9a81aa9ae38c","Het perfectum met een modaal werkwoord","het-perfectum-met-een-modaal-werkwoord",112,{"id":570,"title":571,"slug":572,"language":9,"level":492,"displayOrder":573},"01a0ba4b-8d7d-75ca-85ab-db19d1769f70","Zullen voor voorspellingen, beloften en aannames","zullen-voor-voorspellingen-beloften-en-aannames",113,{"id":575,"title":576,"slug":577,"language":9,"level":492,"displayOrder":578},"01a0ba4b-8d6d-75b7-82bb-ab97af5da2b1","Zou als toekomst vanuit het verleden","zou-als-toekomst-vanuit-het-verleden",114,{"id":580,"title":581,"slug":582,"language":9,"level":492,"displayOrder":583},"01a0ba4b-8c49-7dfd-8e7b-f19065381670","Tijdsprongen in verhalen markeren","tijdsprongen-in-verhalen-markeren",115,{"id":585,"title":586,"slug":587,"language":9,"level":492,"displayOrder":588},"01a0ba4b-8d22-7010-8019-e829016edf67","Werkwoorden met een vast voorzetsel","werkwoorden-met-een-vast-voorzetsel",116,{"id":590,"title":591,"slug":592,"language":9,"level":492,"displayOrder":593},"01a0ba4b-886c-75b9-b640-aace3da13a67","Beginnen, blijven, stoppen en doorgaan als fasewerkwoorden","beginnen-blijven-stoppen-en-doorgaan-als-fasewerkwoorden",117,{"id":595,"title":596,"slug":597,"language":9,"level":492,"displayOrder":598},"01a0ba4b-8d3b-7a9f-a2e4-e6e1fd140050","Worden, blijven, blijken en lijken als koppelwerkwoorden","worden-blijven-blijken-en-lijken-als-koppelwerkwoorden",118,{"id":600,"title":601,"slug":602,"language":9,"level":492,"displayOrder":603},"01a0ba4b-8d18-71b6-a8e1-a159aa6697c3","Werkwoorden achteraan in de bijzin","werkwoorden-achteraan-in-de-bijzin",119,{"id":605,"title":606,"slug":607,"language":9,"level":492,"displayOrder":608},"01a0ba4b-8c54-7240-82d4-46d7ad35a5d4","Twee werkwoorden in de bijzin","twee-werkwoorden-in-de-bijzin",120,{"id":610,"title":611,"slug":612,"language":9,"level":492,"displayOrder":613},"01a0ba4b-8cbf-7403-bb48-9f3a39d157e4","Voornaamwoorden en bepalingen in het middenstuk","voornaamwoorden-en-bepalingen-in-het-middenstuk",121,{"id":615,"title":616,"slug":617,"language":9,"level":492,"displayOrder":618},"01a0ba4b-893c-7be7-b102-7f79cc64c2f1","De plaats van niet bij werkwoorden en bepalingen","de-plaats-van-niet-bij-werkwoorden-en-bepalingen",122,{"id":620,"title":621,"slug":622,"language":9,"level":492,"displayOrder":623},"01a0ba4b-884d-7c53-9443-5e6c22bcf310","Als, wanneer en toen voor tijd","als-wanneer-en-toen-voor-tijd",123,{"id":625,"title":626,"slug":627,"language":9,"level":492,"displayOrder":628},"01a0ba4b-8c27-7e6e-93d5-e8b43acb0927","Terwijl en toen in beschrijving en verhaal","terwijl-en-toen-in-beschrijving-en-verhaal",124,{"id":630,"title":631,"slug":632,"language":9,"level":492,"displayOrder":633},"01a0ba4b-8ca9-74e1-b5fd-9c2c7b327ec3","Voordat, nadat en totdat","voordat-nadat-en-totdat",125,{"id":635,"title":636,"slug":637,"language":9,"level":492,"displayOrder":638},"01a0ba4b-8ccc-7f50-ac06-a43b549bfa23","Voorwaarden met als en tenzij","voorwaarden-met-als-en-tenzij",126,{"id":640,"title":641,"slug":642,"language":9,"level":492,"displayOrder":643},"01a0ba4b-8c14-7295-8ec8-823481094d8c","Tegenstellingen met hoewel en ook al","tegenstellingen-met-hoewel-en-ook-al",127,{"id":645,"title":646,"slug":647,"language":9,"level":492,"displayOrder":648},"01a0ba4b-8a13-7a97-9d8e-30df8e25cee4","Gevolg uitdrukken met zodat en waardoor","gevolg-uitdrukken-met-zodat-en-waardoor",128,{"id":650,"title":651,"slug":652,"language":9,"level":492,"displayOrder":653},"01a0ba4b-8aa4-7f2c-9483-ca068210593f","Indirecte rede met dat en of","indirecte-rede-met-dat-en-of",129,{"id":655,"title":656,"slug":657,"language":9,"level":492,"displayOrder":658},"01a0ba4b-889a-72b7-b319-38287ecbeed0","Betrekkelijke bijzinnen met die en dat","betrekkelijke-bijzinnen-met-die-en-dat",130,{"id":660,"title":661,"slug":662,"language":9,"level":492,"displayOrder":663},"01a0ba4b-8cd2-7938-8779-ae39d4dc8377","Voorzetsel plus wie en waar plus voorzetsel","voorzetsel-plus-wie-en-waar-plus-voorzetsel",131,{"id":665,"title":666,"slug":667,"language":9,"level":492,"displayOrder":668},"01a0ba4b-8cf4-78eb-866e-888a781e2a62","Wat als betrekkelijk voornaamwoord","wat-als-betrekkelijk-voornaamwoord",132,{"id":670,"title":671,"slug":672,"language":9,"level":492,"displayOrder":673},"01a0ba4b-8896-7047-b4db-4fa96401be6c","Betrekkelijke bijwoorden met waar","betrekkelijke-bijwoorden-met-waar",133,{"id":675,"title":676,"slug":677,"language":9,"level":492,"displayOrder":678},"01a0ba4b-8c0f-74b0-965c-85fbdbf3e755","Te en om te bij infinitiefconstructies","te-en-om-te-bij-infinitiefconstructies",134,{"id":680,"title":681,"slug":682,"language":9,"level":492,"displayOrder":683},"01a0ba4b-8a6f-7ceb-a0f7-d5116fafa9fb","Hoeven te en durven te","hoeven-te-en-durven-te",135,{"id":685,"title":686,"slug":687,"language":9,"level":492,"displayOrder":688},"01a0ba4b-8af5-7504-be93-bd68fa25b103","Laten en doen met een infinitief","laten-en-doen-met-een-infinitief",136,{"id":690,"title":691,"slug":692,"language":9,"level":492,"displayOrder":693},"01a0ba4b-892c-7298-a18f-eca5dc27bed9","De lijdende vorm met worden","de-lijdende-vorm-met-worden",137,{"id":695,"title":696,"slug":697,"language":9,"level":492,"displayOrder":698},"01a0ba4b-896e-7b18-8172-1b381a55ca10","De voltooide lijdende vorm met zijn","de-voltooide-lijdende-vorm-met-zijn",138,{"id":700,"title":701,"slug":702,"language":9,"level":492,"displayOrder":703},"01a0ba4b-8d72-7be2-be7b-5d672d145758","Zou en zouden voor advies en beleefde verzoeken","zou-en-zouden-voor-advies-en-beleefde-verzoeken",139,{"id":705,"title":706,"slug":707,"language":9,"level":492,"displayOrder":708},"01a0ba4b-8bca-7735-b371-9ecae0f90d76","Reële en mogelijke voorwaarden met als","reele-en-mogelijke-voorwaarden-met-als",140,{"id":710,"title":711,"slug":712,"language":9,"level":492,"displayOrder":713},"01a0ba4b-8c78-7a02-91ff-98b545bf9891","Verbanden markeren in verhaal en betoog","verbanden-markeren-in-verhaal-en-betoog",141,{"id":715,"title":716,"slug":717,"language":9,"level":492,"displayOrder":718},"01a0ba4b-8b64-723e-b928-67b424e66aea","Onbepaalde hoeveelheden met wat, enkele en verscheidene","onbepaalde-hoeveelheden-met-wat-enkele-en-verscheidene",142,{"id":720,"title":721,"slug":722,"language":9,"level":492,"displayOrder":723},"01a0ba4b-8bf1-7216-ba74-a4ae3d2ac863","Samenstellingen interpreteren en zelf vormen","samenstellingen-interpreteren-en-zelf-vormen",143,{"id":725,"title":726,"slug":727,"language":9,"level":492,"displayOrder":728},"01a0ba4b-8993-7b0e-a0f7-c69b3304644c","Dit, dat en zo als tekstverwijzers","dit-dat-en-zo-als-tekstverwijzers",144,{"id":730,"title":731,"slug":732,"language":9,"level":492,"displayOrder":733},"01a0ba4b-88d3-7a02-96e8-5ffccdb6ef3e","Bronnen weergeven met afstand en zekerheid","bronnen-weergeven-met-afstand-en-zekerheid",145,{"id":735,"title":736,"slug":737,"language":9,"level":492,"displayOrder":738},"01a0ba4b-8842-774d-8478-b4a6473c8846","Afzwakken en zekerheid doseren","afzwakken-en-zekerheid-doseren",146,{"id":740,"title":741,"slug":742,"language":9,"level":492,"displayOrder":743},"01a0ba4b-8bba-72ef-a8fd-24f8cf944e11","Professioneel register afstemmen op publiek en doel","professioneel-register-afstemmen-op-publiek-en-doel",147,{"id":745,"title":746,"slug":747,"language":9,"level":748,"displayOrder":749},"01a0ba4b-8861-763c-9cb5-3b69f489501a","Assimilatie en klankverbinding in vloeiende spraak","assimilatie-en-klankverbinding-in-vloeiende-spraak","B2",148,{"id":751,"title":752,"slug":753,"language":9,"level":748,"displayOrder":754},"01a0ba4b-8d5c-7448-a8ed-cab5ab14cf00","Zinsaccent en intonatie voor nieuwe informatie","zinsaccent-en-intonatie-voor-nieuwe-informatie",149,{"id":756,"title":757,"slug":758,"language":9,"level":748,"displayOrder":759},"01a0ba4b-8b33-79ad-828e-5e317f92024a","Moeilijke gevallen van d, t en dt","moeilijke-gevallen-van-d-t-en-dt",150,{"id":761,"title":762,"slug":763,"language":9,"level":748,"displayOrder":764},"01a0ba4b-8ae3-7644-92ce-0f7a90f5987d","Koppelteken, trema en tussenletters in samenstellingen","koppelteken-trema-en-tussenletters-in-samenstellingen",151,{"id":766,"title":767,"slug":768,"language":9,"level":748,"displayOrder":769},"01a0ba4b-8a81-7a52-bae3-e76afb2579bf","Hoofdletters en leestekens in formele teksten","hoofdletters-en-leestekens-in-formele-teksten",152,{"id":771,"title":772,"slug":773,"language":9,"level":748,"displayOrder":774},"01a0ba4b-8b4f-7f0b-a6fc-0c11c749e79d","Nominalisaties in informatieve teksten","nominalisaties-in-informatieve-teksten",153,{"id":776,"title":777,"slug":778,"language":9,"level":748,"displayOrder":779},"01a0ba4b-88ba-7f7c-bef5-2a5be5180ac7","Bijvoeglijk gebruikte deelwoorden en hun spelling","bijvoeglijk-gebruikte-deelwoorden-en-hun-spelling",154,{"id":781,"title":782,"slug":783,"language":9,"level":748,"displayOrder":784},"01a0ba4b-8d48-7975-926a-10f6a473824f","Zelfstandig gebruikte bijvoeglijke naamwoorden","zelfstandig-gebruikte-bijvoeglijke-naamwoorden",155,{"id":786,"title":787,"slug":788,"language":9,"level":748,"displayOrder":789},"01a0ba4b-8b16-795f-adcd-1c534952ca0f","Meerdere functies van er in één zin","meerdere-functies-van-er-in-een-zin",156,{"id":791,"title":792,"slug":793,"language":9,"level":748,"displayOrder":794},"01a0ba4b-8d35-7afa-a026-514562d280d4","Woordvolgorde bij presentatief er","woordvolgorde-bij-presentatief-er",157,{"id":796,"title":797,"slug":798,"language":9,"level":748,"displayOrder":799},"01a0ba4b-88eb-7905-abcb-7079857bb0f1","Complexe hoeveelheidsconstructies met er","complexe-hoeveelheidsconstructies-met-er",158,{"id":801,"title":802,"slug":803,"language":9,"level":748,"displayOrder":804},"01a0ba4b-8cb3-7b56-b860-963f7c68ebc0","Voornaamwoordelijke bijwoorden voor zaken en personen","voornaamwoordelijke-bijwoorden-voor-zaken-en-personen",159,{"id":806,"title":807,"slug":808,"language":9,"level":748,"displayOrder":809},"01a0ba4b-8ce3-7e7a-9447-28112fcf53da","Waarmee, waarover en waarop in vraag en verwijzing","waarmee-waarover-en-waarop-in-vraag-en-verwijzing",160,{"id":811,"title":812,"slug":813,"language":9,"level":748,"displayOrder":814},"01a0ba4b-8c44-7c98-98ff-211d1b8ec869","Tijdsperspectief kiezen in verhalen","tijdsperspectief-kiezen-in-verhalen",161,{"id":816,"title":817,"slug":818,"language":9,"level":748,"displayOrder":819},"01a0ba4b-8913-7733-9229-19fe08b6598c","De historische tegenwoordige tijd","de-historische-tegenwoordige-tijd",162,{"id":821,"title":822,"slug":823,"language":9,"level":748,"displayOrder":824},"01a0ba4b-8b9f-7deb-a298-15bbf3486984","Perfectum en plusquamperfectum in complexe vertellingen","perfectum-en-plusquamperfectum-in-complexe-vertellingen",163,{"id":826,"title":827,"slug":828,"language":9,"level":748,"displayOrder":829},"01a0ba4b-8c1d-75b0-be8a-3b7b2ae131eb","Temporeel en modaal zullen onderscheiden","temporeel-en-modaal-zullen-onderscheiden",164,{"id":831,"title":832,"slug":833,"language":9,"level":748,"displayOrder":834},"01a0ba4b-8d78-70fd-81a1-803404a3de92","Zou voor onzekerheid en informatie uit tweede hand","zou-voor-onzekerheid-en-informatie-uit-tweede-hand",165,{"id":836,"title":837,"slug":838,"language":9,"level":748,"displayOrder":839},"01a0ba4b-8960-72af-9e97-fa0d7bae46a0","De vervangende infinitief in het perfectum","de-vervangende-infinitief-in-het-perfectum",166,{"id":841,"title":842,"slug":843,"language":9,"level":748,"displayOrder":844},"01a0ba4b-8c9a-711a-866e-0f208e490710","Voltooide constructies met modale werkwoorden","voltooide-constructies-met-modale-werkwoorden",167,{"id":846,"title":847,"slug":848,"language":9,"level":748,"displayOrder":849},"01a0ba4b-8964-7d35-9bef-9ace62f5a404","De volgorde in clusters van drie werkwoorden","de-volgorde-in-clusters-van-drie-werkwoorden",168,{"id":851,"title":852,"slug":853,"language":9,"level":748,"displayOrder":854},"01a0ba4b-8c00-7a1b-a7d0-5306815f481c","Scheidbare werkwoorden in werkwoordclusters","scheidbare-werkwoorden-in-werkwoordclusters",169,{"id":856,"title":857,"slug":858,"language":9,"level":748,"displayOrder":859},"01a0ba4b-8be6-791a-a91b-c4e4e710b4e2","Rode en groene volgorde in de bijzin","rode-en-groene-volgorde-in-de-bijzin",170,{"id":861,"title":862,"slug":863,"language":9,"level":748,"displayOrder":864},"01a0ba4b-894c-7323-870c-d03909e1bad2","De tangconstructie met een lang middenstuk","de-tangconstructie-met-een-lang-middenstuk",171,{"id":866,"title":867,"slug":868,"language":9,"level":748,"displayOrder":869},"01a0ba4b-88c9-784d-8839-3d08c55b5424","Bijzinnen en woordgroepen in de uitloop","bijzinnen-en-woordgroepen-in-de-uitloop",172,{"id":871,"title":872,"slug":873,"language":9,"level":748,"displayOrder":874},"01a0ba4b-8b0d-7305-9280-ef11268ee643","Linksplaatsing en hervatting met een voornaamwoord","linksplaatsing-en-hervatting-met-een-voornaamwoord",173,{"id":876,"title":877,"slug":878,"language":9,"level":748,"displayOrder":879},"01a0ba4b-8abb-778a-b78f-b3f5d8855135","Inversie na complexe vooropplaatsing","inversie-na-complexe-vooropplaatsing",174,{"id":881,"title":882,"slug":883,"language":9,"level":748,"displayOrder":884},"01a0ba4b-8aae-7a6c-aa8f-c49cfb96327a","Ingebedde vragen en vraagwoordzinnen","ingebedde-vragen-en-vraagwoordzinnen",175,{"id":886,"title":887,"slug":888,"language":9,"level":748,"displayOrder":889},"01a0ba4b-8b5a-7274-8fbb-cfe29611a76a","Omdat, doordat, aangezien en want","omdat-doordat-aangezien-en-want",176,{"id":891,"title":892,"slug":893,"language":9,"level":748,"displayOrder":894},"01a0ba4b-8a75-73ce-bdd3-8c7e5ca3f31d","Hoewel, ofschoon, ondanks en desondanks","hoewel-ofschoon-ondanks-en-desondanks",177,{"id":896,"title":897,"slug":898,"language":9,"level":748,"displayOrder":899},"01a0ba4b-8848-7308-ae1b-5e9b078a21d2","Als, indien, mits en tenzij voor voorwaarden","als-indien-mits-en-tenzij-voor-voorwaarden",178,{"id":901,"title":902,"slug":903,"language":9,"level":748,"displayOrder":904},"01a0ba4b-89d2-7e0b-a15d-e6131d8f633e","Evenredige vergelijking met hoe en des te","evenredige-vergelijking-met-hoe-en-des-te",179,{"id":906,"title":907,"slug":908,"language":9,"level":748,"displayOrder":909},"01a0ba4b-8875-7a7f-ba1e-d067a39069c3","Beknopte bepalingen met tegenwoordige en voltooide deelwoorden","beknopte-bepalingen-met-tegenwoordige-en-voltooide-deelwoorden",180,{"id":911,"title":912,"slug":913,"language":9,"level":748,"displayOrder":914},"01a0ba4b-8883-72cc-98a4-94343e4f5bfc","Beperkende en uitbreidende betrekkelijke bijzinnen","beperkende-en-uitbreidende-betrekkelijke-bijzinnen",181,{"id":916,"title":917,"slug":918,"language":9,"level":748,"displayOrder":919},"01a0ba4b-8932-78a6-addf-7b2435a81866","De onpersoonlijke lijdende vorm met er","de-onpersoonlijke-lijdende-vorm-met-er",182,{"id":921,"title":922,"slug":923,"language":9,"level":748,"displayOrder":924},"01a0ba4b-8b91-7518-a27d-a7365466884d","Passieve zinnen met modale en voltooide vormen","passieve-zinnen-met-modale-en-voltooide-vormen",183,{"id":926,"title":927,"slug":928,"language":9,"level":748,"displayOrder":929},"01a0ba4b-8927-7af2-8bec-06615ad26161","De krijgen-constructie bij overdracht","de-krijgen-constructie-bij-overdracht",184,{"id":931,"title":932,"slug":933,"language":9,"level":748,"displayOrder":934},"01a0ba4b-898e-78cd-bd1a-d5a07ca9ccf6","Directe en indirecte rede met tijd- en plaatsverschuiving","directe-en-indirecte-rede-met-tijd-en-plaatsverschuiving",185,{"id":936,"title":937,"slug":938,"language":9,"level":748,"displayOrder":939},"01a0ba4b-889e-793d-ba6f-5dae28eafedf","Bevelen en verzoeken indirect weergeven","bevelen-en-verzoeken-indirect-weergeven",186,{"id":941,"title":942,"slug":943,"language":9,"level":748,"displayOrder":944},"01a0ba4b-8d06-7972-a5b6-8cb6a050167e","Wel, toch, even, maar, eens en nou als modale partikels","wel-toch-even-maar-eens-en-nou-als-modale-partikels",187,{"id":946,"title":947,"slug":948,"language":9,"level":748,"displayOrder":949},"01a0ba4b-88e1-7670-ad5e-b5ad8a0af8b9","Combinaties van modale partikels en hun intonatie","combinaties-van-modale-partikels-en-hun-intonatie",188,{"id":951,"title":952,"slug":953,"language":9,"level":748,"displayOrder":954},"01a0ba4b-8c94-7d02-9e7d-fb006bb9593c","Verwijzing en signaalwoorden in een betoog","verwijzing-en-signaalwoorden-in-een-betoog",189,{"id":956,"title":957,"slug":958,"language":9,"level":748,"displayOrder":959},"01a0ba4b-89dd-718f-8ee2-37a48218817e","Formele e-mails, verslagen en adviezen structureren","formele-e-mails-verslagen-en-adviezen-structureren",190,{"id":961,"title":962,"slug":963,"language":9,"level":748,"displayOrder":964},"01a0ba4b-8bb3-7544-aa39-faa0ecdb8456","Productieve afleidingen en nominalisaties","productieve-afleidingen-en-nominalisaties",191,{"id":966,"title":967,"slug":968,"language":9,"level":748,"displayOrder":969},"01a0ba4b-8b08-7855-bf64-93e9361e6c98","Lidwoordkeuze bij abstracte, institutionele en stoffelijke namen","lidwoordkeuze-bij-abstracte-institutionele-en-stoffelijke-namen",192,{"id":971,"title":972,"slug":973,"language":9,"level":748,"displayOrder":974},"01a0ba4b-8902-7e43-9b3b-a4bedec4bce1","Creatieve woordvorming met samenstelling en afleiding","creatieve-woordvorming-met-samenstelling-en-afleiding",193,{"id":976,"title":977,"slug":978,"language":9,"level":748,"displayOrder":979},"01a0ba4b-8b8c-7138-ac2b-739b5849b7cd","Parenthetische toevoegingen en tussenzinnen","parenthetische-toevoegingen-en-tussenzinnen",194,{"id":981,"title":982,"slug":983,"language":9,"level":984,"displayOrder":985},"01a0ba4b-8c59-744f-9954-4dad96d6b47c","Uitspraakreductie en verzorgd spreken per situatie","uitspraakreductie-en-verzorgd-spreken-per-situatie","C1",195,{"id":987,"title":988,"slug":989,"language":9,"level":984,"displayOrder":990},"01a0ba4b-8aff-7801-ad31-043ec2109822","Leestekens in lange en gelaagde zinnen","leestekens-in-lange-en-gelaagde-zinnen",196,{"id":992,"title":993,"slug":994,"language":9,"level":984,"displayOrder":995},"01a0ba4b-89b3-7a37-8149-77c0f8601174","Engelse leenwerkwoorden volgens de Nederlandse spelling","engelse-leenwerkwoorden-volgens-de-nederlandse-spelling",197,{"id":997,"title":998,"slug":999,"language":9,"level":984,"displayOrder":1000},"01a0ba4b-8a18-79ef-b865-80be3240a8eb","Grensgevallen tussen bijvoeglijk naamwoord en bijwoord","grensgevallen-tussen-bijvoeglijk-naamwoord-en-bijwoord",198,{"id":1002,"title":1003,"slug":1004,"language":9,"level":984,"displayOrder":1005},"01a0ba4b-8891-7b07-8277-2d09f93097aa","Betekenisverschillen door de- en het-variatie","betekenisverschillen-door-de-en-het-variatie",199,{"id":1007,"title":1008,"slug":1009,"language":9,"level":984,"displayOrder":1010},"01a0ba4b-8c8f-7a74-90b3-6f9644477629","Verwijsketens zonder dubbelzinnige voornaamwoorden","verwijsketens-zonder-dubbelzinnige-voornaamwoorden",200,{"id":1012,"title":1013,"slug":1014,"language":9,"level":984,"displayOrder":1015},"01a0ba4b-89c3-7d86-9a4b-b0273f2b3875","Er, daar en hier in vaste uitdrukkingen","er-daar-en-hier-in-vaste-uitdrukkingen",201,{"id":1017,"title":1018,"slug":1019,"language":9,"level":984,"displayOrder":1020},"01a0ba4b-8cae-76c5-9faa-a78c7c473a99","Voornaamwoordelijke bijwoorden in spreektaal en schrijftaal","voornaamwoordelijke-bijwoorden-in-spreektaal-en-schrijftaal",202,{"id":1022,"title":1023,"slug":1024,"language":9,"level":984,"displayOrder":1025},"01a0ba4b-89d7-7dd1-857e-c54664898a97","Fase, duur en voltooiing als aspectuele keuze","fase-duur-en-voltooiing-als-aspectuele-keuze",203,{"id":1027,"title":1028,"slug":1029,"language":9,"level":984,"displayOrder":1030},"01a0ba4b-8c22-7563-a522-69538e76339c","Temporeel gezichtspunt en verschuivende verteltijd","temporeel-gezichtspunt-en-verschuivende-verteltijd",204,{"id":1032,"title":1033,"slug":1034,"language":9,"level":984,"displayOrder":1035},"01a0ba4b-8969-7930-8953-bd06179ab5dc","De voltooid toekomende tijd","de-voltooid-toekomende-tijd",205,{"id":1037,"title":1038,"slug":1039,"language":9,"level":984,"displayOrder":1040},"01a0ba4b-8973-7d1b-8b6e-5bf91a6590b7","De voltooide voorwaardelijke wijs met zou hebben","de-voltooide-voorwaardelijke-wijs-met-zou-hebben",206,{"id":1042,"title":1043,"slug":1044,"language":9,"level":984,"displayOrder":1045},"01a0ba4b-8b29-73b7-91cf-a8afeb39d069","Modale betekenis in voltooide werkwoordgroepen","modale-betekenis-in-voltooide-werkwoordgroepen",207,{"id":1047,"title":1048,"slug":1049,"language":9,"level":984,"displayOrder":1050},"01a0ba4b-8c2d-76cd-9ebc-07db702f03d3","Thema, focus en informatiestructuur","thema-focus-en-informatiestructuur",208,{"id":1052,"title":1053,"slug":1054,"language":9,"level":984,"displayOrder":1055},"01a0ba4b-89f2-7749-80e8-de5d8cb78a96","Gemarkeerde woordvolgorde en topicalisatie","gemarkeerde-woordvolgorde-en-topicalisatie",209,{"id":1057,"title":1058,"slug":1059,"language":9,"level":984,"displayOrder":1060},"01a0ba4b-8bc5-70b7-8a4d-a21b38109f60","Rechtsplaatsing en hervatting in gesproken taal","rechtsplaatsing-en-hervatting-in-gesproken-taal",210,{"id":1062,"title":1063,"slug":1064,"language":9,"level":984,"displayOrder":1065},"01a0ba4b-8b54-7c00-8aca-7e8e582da32e","Objecten en bijwoorden herschikken in het middenstuk","objecten-en-bijwoorden-herschikken-in-het-middenstuk",211,{"id":1067,"title":1068,"slug":1069,"language":9,"level":984,"displayOrder":1070},"01a0ba4b-8887-7cfc-b8f4-4cf982a9ac4e","Bereik en contrast van ontkenning","bereik-en-contrast-van-ontkenning",212,{"id":1072,"title":1073,"slug":1074,"language":9,"level":984,"displayOrder":1075},"01a0ba4b-89e7-79e6-91ef-b0c19b27243d","Gedeeltelijke ontkenning met niet alle en niet altijd","gedeeltelijke-ontkenning-met-niet-alle-en-niet-altijd",213,{"id":1077,"title":1078,"slug":1079,"language":9,"level":984,"displayOrder":1080},"01a0ba4b-8d0c-7663-9634-cf27c57e8c93","Werkwoordclusters met vier of meer werkwoorden","werkwoordclusters-met-vier-of-meer-werkwoorden",214,{"id":1082,"title":1083,"slug":1084,"language":9,"level":984,"displayOrder":1085},"01a0ba4b-88f9-7de1-b7d9-7a39d387c57c","Controle en onderwerpsinterpretatie bij infinitieven","controle-en-onderwerpsinterpretatie-bij-infinitieven",215,{"id":1087,"title":1088,"slug":1089,"language":9,"level":984,"displayOrder":1090},"01a0ba4b-8ca3-7f9d-a41a-ff74ee12a783","Voltooide infinitieven met te hebben en te zijn","voltooide-infinitieven-met-te-hebben-en-te-zijn",216,{"id":1092,"title":1093,"slug":1094,"language":9,"level":984,"displayOrder":1095},"01a0ba4b-88f0-70e2-9e9e-aeff8e20f4f3","Concessieve en adversatieve verbanden nuanceren","concessieve-en-adversatieve-verbanden-nuanceren",217,{"id":1097,"title":1098,"slug":1099,"language":9,"level":984,"displayOrder":1100},"01a0ba4b-8b82-7268-bc28-ef8b5721f063","Oorzaak, reden en aanleiding zorgvuldig onderscheiden","oorzaak-reden-en-aanleiding-zorgvuldig-onderscheiden",218,{"id":1102,"title":1103,"slug":1104,"language":9,"level":984,"displayOrder":1105},"01a0ba4b-88fe-7659-8bc8-0184591a1bde","Correlatieve verbindingen met zowel, noch en niet alleen","correlatieve-verbindingen-met-zowel-noch-en-niet-alleen",219,{"id":1107,"title":1108,"slug":1109,"language":9,"level":984,"displayOrder":1110},"01a0ba4b-887a-74c2-87f8-77fe0964b1cb","Beknopte bijzinnen en weggelaten zinsdelen","beknopte-bijzinnen-en-weggelaten-zinsdelen",220,{"id":1112,"title":1113,"slug":1114,"language":9,"level":984,"displayOrder":1115},"01a0ba4b-8cfa-7a61-a334-17199be89a16","Wat na een hele zin als antecedent","wat-na-een-hele-zin-als-antecedent",221,{"id":1117,"title":1118,"slug":1119,"language":9,"level":984,"displayOrder":1120},"01a0ba4b-8afa-7647-8e1d-1e7da7628e95","Leestekens bij beperkende en uitbreidende bijzinnen","leestekens-bij-beperkende-en-uitbreidende-bijzinnen",222,{"id":1122,"title":1123,"slug":1124,"language":9,"level":984,"displayOrder":1125},"01a0ba4b-8b24-73d8-96ae-b307e7d5256b","Meervoudige inbedding leesbaar houden","meervoudige-inbedding-leesbaar-houden",223,{"id":1127,"title":1128,"slug":1129,"language":9,"level":984,"displayOrder":1130},"01a0ba4b-8a1d-7b36-8670-8808d38edfec","Handelende personen weglaten in passieve teksten","handelende-personen-weglaten-in-passieve-teksten",224,{"id":1132,"title":1133,"slug":1134,"language":9,"level":984,"displayOrder":1135},"01a0ba4b-8853-7c23-a983-3c417e58cf87","Alternatieven voor het passief met men, ze en krijgen","alternatieven-voor-het-passief-met-men-ze-en-krijgen",225,{"id":1137,"title":1138,"slug":1139,"language":9,"level":984,"displayOrder":1140},"01a0ba4b-8a0e-740f-97f4-d2092114c6cb","Gestapelde modale partikels en subtiele houding","gestapelde-modale-partikels-en-subtiele-houding",226,{"id":1142,"title":1143,"slug":1144,"language":9,"level":984,"displayOrder":1145},"01a0ba4b-88dc-7d42-a759-f7d4735e1320","Cohesie in academische en beschouwende teksten","cohesie-in-academische-en-beschouwende-teksten",227,{"id":1147,"title":1148,"slug":1149,"language":9,"level":984,"displayOrder":1150},"01a0ba4b-8b4a-7f47-b04f-e46c34bc07ff","Nominale en verbale stijl afwisselen","nominale-en-verbale-stijl-afwisselen",228,{"id":1152,"title":1153,"slug":1154,"language":9,"level":984,"displayOrder":1155},"01a0ba4b-8c0a-73f0-bced-c55e50a93cf9","Standaardtaal in Nederland en België vergelijken","standaardtaal-in-nederland-en-belgie-vergelijken",229,{"id":1157,"title":1158,"slug":1159,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1161},"01a0ba4b-8bd5-708c-948e-9c05d67bd8bf","Regionale uitspraakvariatie herkennen en interpreteren","regionale-uitspraakvariatie-herkennen-en-interpreteren","C2",230,{"id":1163,"title":1164,"slug":1165,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1166},"01a0ba4b-89fd-78a1-bcd5-e31c7323d0a3","Genitiefresten en oude naamvallen in vaste uitdrukkingen","genitiefresten-en-oude-naamvallen-in-vaste-uitdrukkingen",231,{"id":1168,"title":1169,"slug":1170,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1171},"01a0ba4b-88f4-78c3-91da-9a8628961b2a","Congruentie bij complexe onderwerpen en grensgevallen","congruentie-bij-complexe-onderwerpen-en-grensgevallen",232,{"id":1173,"title":1174,"slug":1175,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1176},"01a0ba4b-8cb9-7469-80c5-629be98648f5","Voornaamwoordelijke verwijzing in juridische en academische teksten","voornaamwoordelijke-verwijzing-in-juridische-en-academische-teksten",233,{"id":1178,"title":1179,"slug":1180,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1181},"01a0ba4b-88e6-797c-a1c4-643afba9bfb1","Complex en idiomatisch gebruik van er","complex-en-idiomatisch-gebruik-van-er",234,{"id":1183,"title":1184,"slug":1185,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1186},"01a0ba4b-8a03-722f-a5ea-8f396ec56e85","Gespleten voornaamwoordelijke bijwoorden en voorzetselstranding","gespleten-voornaamwoordelijke-bijwoorden-en-voorzetselstranding",235,{"id":1188,"title":1189,"slug":1190,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1191},"01a0ba4b-8c32-7aac-8a75-d2072a4e667e","Tijd en gezichtspunt in de vrije indirecte rede","tijd-en-gezichtspunt-in-de-vrije-indirecte-rede",236,{"id":1193,"title":1194,"slug":1195,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1196},"01a0ba4b-8b11-7b97-af3f-dbd6f5d143cd","Literaire verschuivingen tussen verteltijden","literaire-verschuivingen-tussen-verteltijden",237,{"id":1198,"title":1199,"slug":1200,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1201},"01a0ba4b-89b9-70b4-8c4d-c943d8d660ee","Epistemische toekomst en voorwaardelijkheid","epistemische-toekomst-en-voorwaardelijkheid",238,{"id":1203,"title":1204,"slug":1205,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1206},"01a0ba4b-8b69-757c-b5df-effc104eaa56","Onpersoonlijke constructies in academische en ambtelijke stijl","onpersoonlijke-constructies-in-academische-en-ambtelijke-stijl",239,{"id":1208,"title":1209,"slug":1210,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1211},"01a0ba4b-888c-7d5c-9447-04bde8300fef","Betekenisverschillen door complexe clustervolgorde","betekenisverschillen-door-complexe-clustervolgorde",240,{"id":1213,"title":1214,"slug":1215,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1216},"01a0ba4b-8d12-7729-8b99-dca7365e1309","Werkwoordclustervolgorde in Nederland en België","werkwoordclustervolgorde-in-nederland-en-belgie",241,{"id":1218,"title":1219,"slug":1220,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1221},"01a0ba4b-882a-7ef6-b063-406970da6735","Absolute constructies in formele teksten","absolute-constructies-in-formele-teksten",242,{"id":1223,"title":1224,"slug":1225,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1226},"01a0ba4b-8b40-77ec-bfb4-30b5846d6379","Naamwoordzinnen en zinnen zonder persoonsvorm","naamwoordzinnen-en-zinnen-zonder-persoonsvorm",243,{"id":1228,"title":1229,"slug":1230,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1231},"01a0ba4b-89ac-7c9a-a4da-858c8f8ecd4f","Ellips en samentrekking over zinsgrenzen heen","ellips-en-samentrekking-over-zinsgrenzen-heen",244,{"id":1233,"title":1234,"slug":1235,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1236},"01a0ba4b-8d61-7e1a-87a6-70dde79c73d0","Zinsvervlechting in gesproken en geschreven taal","zinsvervlechting-in-gesproken-en-geschreven-taal",245,{"id":1238,"title":1239,"slug":1240,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1241},"01a0ba4b-89ed-704e-bf7b-44aab5189ed0","Gemarkeerde ontkenning met pas, slechts en niet dan","gemarkeerde-ontkenning-met-pas-slechts-en-niet-dan",246,{"id":1243,"title":1244,"slug":1245,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1246},"01a0ba4b-8cc6-7a1b-8246-44834fdc4a02","Voorwaardelijke inversie met mocht, ware en had","voorwaardelijke-inversie-met-mocht-ware-en-had",247,{"id":1248,"title":1249,"slug":1250,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1251},"01a0ba4b-89f8-70a8-8988-9f838f3c6926","Gemengde en impliciete tegenfeitelijke voorwaarden","gemengde-en-impliciete-tegenfeitelijke-voorwaarden",248,{"id":1253,"title":1254,"slug":1255,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1256},"01a0ba4b-8bda-78df-936f-3cdf804428fc","Resten van de aanvoegende wijs","resten-van-de-aanvoegende-wijs",249,{"id":1258,"title":1259,"slug":1260,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1261},"01a0ba4b-8989-7325-a700-764e2b152bfe","Dienen te, behoren te en geacht worden te","dienen-te-behoren-te-en-geacht-worden-te",250,{"id":1263,"title":1264,"slug":1265,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1266},"01a0ba4b-8b2e-71b9-bb2b-62eae7a54f1d","Modale partikels voor ironie en afstand","modale-partikels-voor-ironie-en-afstand",251,{"id":1268,"title":1269,"slug":1270,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1271},"01a0ba4b-8be0-7294-83e0-8db09c7564c6","Retorische vragen en stilistische inversie","retorische-vragen-en-stilistische-inversie",252,{"id":1273,"title":1274,"slug":1275,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1276},"01a0ba4b-8aa9-7bec-bae9-d3ded87541e1","Informatiedichtheid en ritme in complexe teksten","informatiedichtheid-en-ritme-in-complexe-teksten",253,{"id":1278,"title":1279,"slug":1280,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1281},"01a0ba4b-88d8-7307-a2c4-2f08400c6d26","Citaten, parafrases en meerstemmige indirecte rede","citaten-parafrases-en-meerstemmige-indirecte-rede",254,{"id":1283,"title":1284,"slug":1285,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1286},"01a0ba4b-8ad8-774e-b512-9e2bd067e629","Juridisch en bestuurlijk Nederlands ontleden","juridisch-en-bestuurlijk-nederlands-ontleden",255,{"id":1288,"title":1289,"slug":1290,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1291},"01a0ba4b-8b3a-74ed-8eb1-8d7b1a9f58cb","Morfosyntaxis in Nederlands-Nederlands en Belgisch-Nederlands","morfosyntaxis-in-nederlands-nederlands-en-belgisch-nederlands",256,{"id":1293,"title":1294,"slug":1295,"language":9,"level":1160,"displayOrder":1296},"01a0ba4b-8983-76d8-a278-981528f599d4","Dialect, omgangstaal en standaardtaal doelgericht plaatsen","dialect-omgangstaal-en-standaardtaal-doelgericht-plaatsen",257,{"id":183,"title":184,"slug":185,"seoDescription":1298,"content":1299,"language":9,"level":10,"displayOrder":186,"grammarTopics":1300,"createdAt":1306,"updatedAt":1307,"vocabularyLists":1308,"primaryTopicHub":1455,"readyImages":1457},"Leer wie, wat, waar, wanneer, waarom, hoe, welk en welke gebruiken en maak eenvoudige Nederlandse vragen met de juiste woordvolgorde en korte antwoorden.","Met een **vraagwoord** vraag je om specifieke informatie, bijvoorbeeld over een persoon, een ding, een plaats of een tijd. Het antwoord is meer dan alleen *ja* of *nee*.\n\nNa deze les kun je:\n\n- een passend vraagwoord kiezen;\n- een eenvoudige vraag met de juiste woordvolgorde maken;\n- **welk** of **welke** voor een zelfstandig naamwoord gebruiken.\n\n## 1. De belangrijkste vraagwoorden\n\nElk vraagwoord vraagt om een ander soort antwoord.\n\n| Vraagwoord | Je vraagt naar... | Voorbeeld |\n| --- | --- | --- |\n| **wie** | een persoon | Wie is de docent? |\n| **wat** | een ding of een handeling | Wat lees je? |\n| **waar** | een plaats | Waar woont Amir? |\n| **wanneer** | een tijd of een moment | Wanneer begint de les? |\n| **waarom** | een reden | Waarom leer je Nederlands? |\n| **hoe** | een manier of een toestand | Hoe gaat het? |\n| **hoeveel** | een aantal of een hoeveelheid | Hoeveel appels koop je? |\n\nMet **waar** kun je ook naar vertrek en bestemming vragen. **Vandaan** en **naartoe** staan achteraan: *Waar kom je vandaan?* \u002F *Waar ga je naartoe?*\n\n:::example\n**Waar woon je?** — Ik woon in Leiden.\n\n**Wanneer begint de film?** — De film begint om acht uur.\n\n**Waarom ga je naar huis?** — Ik heb een afspraak.\n:::\n\n## 2. De woordvolgorde\n\nIn de meeste vragen staat eerst het vraagwoord. Daarna komen de persoonsvorm en het onderwerp.\n\n**Vraagwoord + persoonsvorm + onderwerp + rest?**\n\n| Opbouw | Vraag |\n| --- | --- |\n| waar + woon + jij | **Waar woon jij?** |\n| wanneer + werkt + Sara | **Wanneer werkt Sara?** |\n| waarom + leert + hij + Nederlands | **Waarom leert hij Nederlands?** |\n| hoe + gaat + u + naar het station | **Hoe gaat u naar het station?** |\n\nKomt **je** of **jij** direct na de persoonsvorm? Dan verdwijnt de uitgang **-t**: **Waar woon je?**, niet *Waar woont je?*\n\n:::warning\nZet het onderwerp niet vóór de persoonsvorm in een gewone vraagwoordvraag.\n\n✓ Waar **woon jij**?\n\n✗ Waar **jij woont**?\n:::\n\n:::note\nJe hebt geen extra hulpwerkwoord nodig om deze vragen te maken. De persoonsvorm komt direct na het vraagwoord.\n:::\n\n## 3. Wie en wat als onderwerp\n\nSoms is **wie** of **wat** zelf het onderwerp van de zin. Dan komt er niet nog een onderwerp na de persoonsvorm.\n\n| Vraag | Vraagwoord is... | Antwoord |\n| --- | --- | --- |\n| **Wie belt?** | de persoon die belt | Mijn moeder belt. |\n| **Wie woont hier?** | de persoon die hier woont | Noor woont hier. |\n| **Wat ligt op de tafel?** | het ding op de tafel | Het boek ligt daar. |\n\nVergelijk:\n\n- **Wie helpt mij?** — Sara helpt mij. **Wie** is het onderwerp, dus er volgt geen extra onderwerp.\n- **Wie help jij?** — Ik help Amir. **Jij** is het onderwerp en staat na de persoonsvorm.\n\n## 4. Welk en welke\n\nGebruik **welk** en **welke** als iemand uit mogelijkheden moet kiezen. Kijk naar het lidwoord van het zelfstandig naamwoord.\n\n| Woord met lidwoord | Vraagwoord | Voorbeeld |\n| --- | --- | --- |\n| **het boek** | **welk** | Welk boek lees je? |\n| **het station** | **welk** | Welk station is dichtbij? |\n| **de bus** | **welke** | Welke bus neem je? |\n| **de kleur** | **welke** | Welke kleur vind je mooi? |\n| **de schoenen** | **welke** | Welke schoenen koop je? |\n| soort of kenmerk | **wat voor (een)** | Wat voor boek lees je? |\n\nGebruik **welk\u002Fwelke** als je uit bekende mogelijkheden kiest. Met **wat voor (een)** vraag je naar de soort.\n\nBij een meervoud gebruik je altijd **welke**, omdat een meervoud het lidwoord **de** heeft.\n\n:::tip\nLeer een nieuw zelfstandig naamwoord altijd met het lidwoord. Dan kun je later ook snel **welk** of **welke** kiezen.\n:::\n\n## 5. Combinaties met hoe en hoeveel\n\n**Hoe** staat ook in enkele veelgebruikte combinaties.\n\n- **Hoe laat** begint de les? — Om negen uur.\n- **Hoe oud** is je broer? — Hij is zestien jaar.\n\n**Hoeveel** is een apart vraagwoord voor een aantal of hoeveelheid.\n\n- **Hoeveel** kost het brood? — Het brood kost drie euro.\n- **Hoeveel** boeken heb je? — Ik heb vier boeken.\n\nLet op: **hoeveel** schrijf je als één woord.\n\n## 6. Een vraag beantwoorden\n\nGeef precies de informatie waar het vraagwoord om vraagt.\n\n1. Bij **wie** noem je een persoon.\n2. Bij **waar** noem je een plaats.\n3. Bij **wanneer** noem je een tijd of een moment.\n4. Bij **waarom** geef je een reden: *Ik heb een afspraak.*\n5. Bij **hoeveel** noem je een aantal of een hoeveelheid.\n6. Bij **waar** kun je ook zeggen waar je vandaan komt of naartoe gaat: *Ik kom uit Utrecht* \u002F *Ik ga naar school*.\n\n:::example\n**Wie is dat?** — Dat is mijn buurman.\n\n**Waar is de sleutel?** — De sleutel ligt in de tas.\n\n**Wanneer kom je?** — Ik kom morgen.\n:::\n\n## 7. Kort samengevat\n\n- Kies een vraagwoord dat past bij de informatie die je zoekt.\n- Gebruik meestal **vraagwoord + persoonsvorm + onderwerp**.\n- Staat **wie** of **wat** zelf als onderwerp? Voeg dan geen tweede onderwerp toe.\n- Gebruik **welk** bij een enkelvoudig het-woord en **welke** bij een de-woord of een meervoud.",[1301],{"id":1302,"name":1303,"level":10,"language":9,"isCompleted":1304,"completionPercentage":1305,"totalExercises":61,"completedExercises":1305},"01a0ba4b-87a8-7b95-b5b4-7561da38c6de","Vragen stellen en instructies geven",false,0,"2026-09-19T15:31:48+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[1309],{"id":1310,"title":1311,"vocabularyListWords":1312,"isPublished":1325},"01a0ba4c-5a6a-725d-97b2-5de867f324ca","Vraagwoorden voor mensen, dingen, plaats en tijd",[1313,1327,1339,1352,1364,1376,1388,1400,1408,1416,1428,1438],{"id":1314,"vocabularyWord":1315,"displayOrder":11},"01a0ba4c-5a6a-72c9-97b2-5de868962ec7",{"id":1316,"word":1317,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1318,"partsOfSpeech":1319,"audio":1325,"audioUrl":1326},"01a0ba4b-d795-7bfe-aaca-393b0439807a","wie","tts_88393222fd76abf4_nl-NL.mp3",[1320],{"id":1321,"partOfSpeech":1322,"definition":1323,"exampleSentences":1324,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d7dd-79e5-99f2-101f3991cf66","PRONOUN","Vraagwoord waarmee naar een persoon of personen wordt gevraagd.","Wie is die jongen naast je?",true,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_88393222fd76abf4_nl-NL.mp3",{"id":1328,"vocabularyWord":1329,"displayOrder":16},"01a0ba4c-5a6a-7315-97b2-5de868cb234c",{"id":1330,"word":1331,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1332,"partsOfSpeech":1333,"audio":1325,"audioUrl":1338},"01a0ba4b-d74c-72be-b5da-e436148d9e8a","wat","tts_50c4ca8480227c77_nl-NL.mp3",[1334],{"id":1335,"partOfSpeech":1322,"definition":1336,"exampleSentences":1337,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d759-7db0-afe6-cd9a87407c8e","Vraagwoord waarmee naar een ding, handeling of informatie wordt gevraagd.","Wat lees je nu?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_50c4ca8480227c77_nl-NL.mp3",{"id":1340,"vocabularyWord":1341,"displayOrder":21},"01a0ba4c-5a6a-7355-97b2-5de868d2653d",{"id":1342,"word":1343,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1344,"partsOfSpeech":1345,"audio":1325,"audioUrl":1351},"01a0ba4b-d748-7c05-9ee8-003a4e19d314","waar","tts_a8c14dd28172b1d0_nl-NL.mp3",[1346],{"id":1347,"partOfSpeech":1348,"definition":1349,"exampleSentences":1350,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d759-77fc-afe6-cd9a847c91a7","ADVERB","Vraagwoord waarmee naar een plaats wordt gevraagd.","Waar woont jouw broer?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_a8c14dd28172b1d0_nl-NL.mp3",{"id":1353,"vocabularyWord":1354,"displayOrder":26},"01a0ba4c-5a6a-739d-97b2-5de869238297",{"id":1355,"word":1356,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1357,"partsOfSpeech":1358,"audio":1325,"audioUrl":1363},"01a0ba4b-d74a-7cfd-ac25-0b6f84879b1c","wanneer","tts_928188504ebabbd8_nl-NL.mp3",[1359],{"id":1360,"partOfSpeech":1348,"definition":1361,"exampleSentences":1362,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d759-7b28-afe6-cd9a86225e31","Vraagwoord waarmee naar een tijd of moment wordt gevraagd.","Wanneer begint de les?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_928188504ebabbd8_nl-NL.mp3",{"id":1365,"vocabularyWord":1366,"displayOrder":31},"01a0ba4c-5a6a-73c1-97b2-5de86a0c8218",{"id":1367,"word":1368,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1369,"partsOfSpeech":1370,"audio":1325,"audioUrl":1375},"01a0ba4b-d749-76d9-9bc5-a01e7788484d","waarom","tts_049585783d1683a2_nl-NL.mp3",[1371],{"id":1372,"partOfSpeech":1348,"definition":1373,"exampleSentences":1374,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d759-790c-afe6-cd9a853e39bd","Vraagwoord waarmee naar een reden wordt gevraagd.","Waarom ga je vandaag niet werken?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_049585783d1683a2_nl-NL.mp3",{"id":1377,"vocabularyWord":1378,"displayOrder":36},"01a0ba4c-5a6a-73dd-97b2-5de86ae95546",{"id":1379,"word":1380,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1381,"partsOfSpeech":1382,"audio":1325,"audioUrl":1387},"01a0ba4b-d545-7de9-9ec2-7dd7cfaea3c0","hoe","tts_cc776dd7098ac7f6_nl-NL.mp3",[1383],{"id":1384,"partOfSpeech":1348,"definition":1385,"exampleSentences":1386,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d565-7084-a20d-839bac29a887","Vraagwoord waarmee naar de manier, toestand of mate wordt gevraagd.","Hoe reis je elke dag naar je werk?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_cc776dd7098ac7f6_nl-NL.mp3",{"id":1389,"vocabularyWord":1390,"displayOrder":41},"01a0ba4c-5a6a-73f9-97b2-5de86b39cc9f",{"id":1391,"word":1392,"frequency":46,"level":231,"language":9,"audioFilePath":1393,"partsOfSpeech":1394,"audio":1325,"audioUrl":1399},"01a0ba4b-dfde-705b-87ec-0ad4a1d26d72","hoeveel","tts_959035aead21d6bf_nl-NL.mp3",[1395],{"id":1396,"partOfSpeech":1397,"definition":1398,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-dfeb-72d4-bab9-7068d201d66c","DETERMINER","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_959035aead21d6bf_nl-NL.mp3",{"id":1401,"vocabularyWord":1402,"displayOrder":46},"01a0ba4c-5a6a-7415-97b2-5de86bfccecd",{"id":1403,"word":1404,"frequency":41,"level":231,"language":9,"audioFilePath":1405,"partsOfSpeech":1406,"audio":1325,"audioUrl":1407},"01a0ba4b-d5ec-79a3-9dfd-32ee622c86a1","vandaan","tts_730834320123e13a_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_730834320123e13a_nl-NL.mp3",{"id":1409,"vocabularyWord":1410,"displayOrder":51},"01a0ba4c-5a6a-7435-97b2-5de86cae12e4",{"id":1411,"word":1412,"frequency":41,"level":231,"language":9,"audioFilePath":1413,"partsOfSpeech":1414,"audio":1325,"audioUrl":1415},"01a0ba4b-d699-7a99-935b-a7013c94ed0d","naartoe","tts_9819043ac9758998_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9819043ac9758998_nl-NL.mp3",{"id":1417,"vocabularyWord":1418,"displayOrder":56},"01a0ba4c-5a6a-7451-97b2-5de86d45e806",{"id":1419,"word":1420,"frequency":51,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1421,"partsOfSpeech":1422,"audio":1325,"audioUrl":1427},"01a0ba4b-d750-74f6-90f4-42b9e500b9fd","welk","tts_9dd56813404a3b92_nl-NL.mp3",[1423],{"id":1424,"partOfSpeech":1397,"definition":1425,"exampleSentences":1426,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d75a-7515-a2c4-a98ba23e3b28","Vraagwoord bij een zelfstandig naamwoord waarmee uit mogelijkheden wordt gekozen.","Welk boek wil je lezen?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_9dd56813404a3b92_nl-NL.mp3",{"id":1429,"vocabularyWord":1430,"displayOrder":61},"01a0ba4c-5a6a-746d-97b2-5de86d694bd6",{"id":1431,"word":1432,"frequency":56,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1433,"partsOfSpeech":1434,"audio":1325,"audioUrl":1437},"01a0ba4b-d751-7118-bc71-aae33ca2b7cb","welke","tts_3dcae6d93053773d_nl-NL.mp3",[1435],{"id":1436,"partOfSpeech":1397,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d75a-7625-a2c4-a98ba265f5f6","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3dcae6d93053773d_nl-NL.mp3",{"id":1439,"vocabularyWord":1440,"displayOrder":66},"01a0ba4c-5a6a-7485-97b2-5de86d73ffa1",{"id":1441,"word":1442,"frequency":51,"level":10,"language":9,"audioFilePath":1443,"partsOfSpeech":1444,"audio":1325,"audioUrl":1454},"01a0ba4b-d726-7840-b057-41cf8a7c8ac0","vraag","tts_7861885b4c4bd6c7_nl-NL.mp3",[1445,1450],{"id":1446,"partOfSpeech":1447,"definition":1448,"exampleSentences":1449,"isPrimary":1304,"meaningOrder":16},"01a0ba4b-d756-70cb-8423-db458e4b12ce","NOUN","De behoefte van mensen om iets te kopen of te gebruiken.","In de winter is er veel vraag naar warme jassen.",{"id":1451,"partOfSpeech":1447,"definition":1452,"exampleSentences":1453,"isPrimary":1325,"meaningOrder":11},"01a0ba4b-d756-707f-8423-db458e0130c3","(de; vragen) zin waarmee iemand om informatie of een antwoord vraagt.","De leerling stelt een vraag over de tekst.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7861885b4c4bd6c7_nl-NL.mp3",{"name":1303,"slug":1456,"language":9},"vragen-stellen-en-instructies-geven-a1",[],{"id":1302,"name":1303,"slug":1456,"language":9,"level":10,"introduction":1459,"lessonCount":21,"totalExercises":61,"objectives":1460,"prerequisites":1464,"lessons":1467},"In contact met anderen geef je soms een instructie en vraag je vaak om informatie. Je bouwt korte opdrachten, maakt vragen die met ja of nee beginnen en gebruikt vraagwoorden voor een preciezer antwoord.",[1461,1462,1463],"Een gebiedende wijs met de stam vormen en passend verzachten.","Ja-neevragen met correcte inversie maken.","Vraagwoorden kiezen en de juiste vraagvolgorde gebruiken.",[1465,1466],"Je kunt een eenvoudige mededelende zin met onderwerp en persoonsvorm maken.","Je kent de stam van enkele veelgebruikte werkwoorden.",[1468,1483,1500],{"id":153,"contentId":1469,"slug":155,"title":154,"level":10,"summary":1470,"order":11,"exercises":1471},"pg_b8e4dc3f-7533-4f6b-912a-83d5522ebcb7","Maak korte bevelen, adviezen en instructies met de stam en verzacht ze waar nodig met beleefde woorden.",[1472,1476,1479],{"id":1473,"title":1474,"order":1305,"type":1475},"01a0ba4b-974c-755a-9085-8e7fdb202162","Korte instructies","word_select",{"id":1477,"title":1478,"order":11,"type":1475},"01a0ba4b-9766-7bc0-86c1-feba57751ec8","Duidelijke en vriendelijke instructies",{"id":1480,"title":1481,"order":16,"type":1482},"01a0ba4b-978b-7de8-abc0-375433a72547","Bouw duidelijke instructies","sentence_builder",{"id":178,"contentId":1484,"slug":180,"title":179,"level":10,"summary":1485,"order":16,"exercises":1486},"pg_4d2cb7e9-86a2-485d-8186-e3fadde8a8f8","Verander een mededeling in een ja-neevraag door de persoonsvorm voor het onderwerp te zetten.",[1487,1490,1493,1496],{"id":1488,"title":1489,"order":1305,"type":1475},"01a0ba4b-acbc-7bd3-a4f5-712a6e69836b","Maak de ja-neevraag",{"id":1491,"title":1492,"order":11,"type":1475},"01a0ba4b-acd3-7d35-b97b-98d79be4b277","Vragen en antwoorden",{"id":1494,"title":1495,"order":16,"type":1482},"01a0ba4b-acf1-728d-8909-db7e2bef6234","Bouw ja-neevragen en antwoorden",{"id":1497,"title":1498,"order":21,"type":1499},"01a0ba4b-ad06-7397-ab16-be5b9ecb946b","Vind en verbeter ja-neevragen","find_and_fix",{"id":183,"contentId":1501,"slug":185,"title":184,"level":10,"summary":1502,"order":21,"exercises":1503},"pg_de337857-b77e-4c19-bf5b-3829907b0a3b","Vraag gericht naar personen, zaken, plaatsen, tijden, redenen en keuzes met het passende vraagwoord.",[1504,1507,1510,1513],{"id":1505,"title":1506,"order":1305,"type":1475},"01a0ba4b-c347-7551-bebd-29bcf114126a","Kies het vraagwoord",{"id":1508,"title":1509,"order":11,"type":1475},"01a0ba4b-c362-7253-8be4-0695707b9ba4","Kies de passende vraag",{"id":1511,"title":1512,"order":16,"type":1482},"01a0ba4b-c37a-71b0-880c-ba0af792504b","Bouw vraagwoordvragen",{"id":1514,"title":1515,"order":26,"type":1516},"01a0ba4b-c38d-7f5d-83b1-ea010d8d4160","Vraagwoorden in eenvoudige vragen - Woorden sorteren","word_sort",[1518,1524,1528,1532],{"@id":1519,"@type":1520,"id":1505,"grammarPage":1521,"title":1506,"instructions":1522,"displayOrder":1305,"type":1475,"questionCount":81,"blankCount":81,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1523},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-c347-7551-bebd-29bcf114126a","GrammarExercise","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8cde-7300-830a-aa5794a4dc20","Kies het vraagwoord dat precies past bij het antwoord en de informatie die je zoekt.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_a8b54b25-155b-4cdb-af6b-8ec1c84076b3_hero.webp?v=1789831922",{"@id":1525,"@type":1520,"id":1508,"grammarPage":1521,"title":1509,"instructions":1526,"displayOrder":11,"type":1475,"questionCount":81,"blankCount":81,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1527},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-c362-7253-8be4-0695707b9ba4","Kies de vraag die bij het antwoord past. Let ook op de plaats van de persoonsvorm en het onderwerp.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_50eec370-0693-42e6-b83c-7a50117ae312_hero.webp?v=1789831922",{"@id":1529,"@type":1520,"id":1511,"grammarPage":1521,"title":1512,"instructions":1530,"displayOrder":16,"type":1482,"questionCount":66,"blankCount":66,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1531},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-c37a-71b0-880c-ba0af792504b","Tik de woorden in de juiste volgorde en laat woorden die niet in de vraag horen weg.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_59c036d9-427a-4e7e-9f51-ddd708c0adc7_hero.webp?v=1789831922",{"@id":1533,"@type":1520,"id":1514,"grammarPage":1521,"title":1515,"instructions":1534,"displayOrder":26,"type":1516,"questionCount":26,"blankCount":1305,"isCompleted":1304,"ogImageUrl":1535},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-c38d-7f5d-83b1-ea010d8d4160","Tik op een kaart en daarna op de juiste kolom. Plaats alle kaarten om het bord af te ronden.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_b4f113fd-57b6-4392-a9f6-e8dad914d902_hero.webp?v=1789831922",{"id":1505,"grammarPage":1521,"title":1506,"instructions":1522,"seoTitle":1537,"seoDescription":1538,"displayOrder":1305,"type":1475,"questions":1539,"ogImageUrl":1523},"Vraagwoorden kiezen: wie, wat, waar, wanneer","Kies het vraagwoord dat past bij het antwoord, zoals wie, waar of wanneer, in eenvoudige vragen over docenten, familie, wonen en tijden op A1-niveau.",[1540],{"id":1541,"sentenceTemplate":1542,"displayOrder":1305,"explanation":1543,"exampleSentence":1544,"blanks":1545},"01a0ba4b-c347-772d-bebd-29bcf40c494c","__1__ is je nieuwe docent? — Meneer De Jong.","Het antwoord noemt een persoon. Daarom begint de vraag met wie.","Wie is die vrouw? — Dat is mijn buurvrouw.",[1546],{"id":1547,"blankNumber":11,"options":1548},"01a0ba4b-c347-76e1-bebd-29bcf317dcb0",[1549,1552,1555],{"id":1550,"optionText":1551,"isCorrect":1325,"displayOrder":1305},"01a0ba4b-c347-7651-bebd-29bcf17aff6a","Wie",{"id":1553,"optionText":1554,"isCorrect":1304,"displayOrder":11},"01a0ba4b-c347-7691-bebd-29bcf217ea3e","Waar",{"id":1556,"optionText":1557,"isCorrect":1304,"displayOrder":16},"01a0ba4b-c347-76b9-bebd-29bcf2803fc7","Wat",{"html":1559,"toc":1560},"\u003Cp>Met een \u003Cstrong>vraagwoord\u003C\u002Fstrong> vraag je om specifieke informatie, bijvoorbeeld over een persoon, een ding, een plaats of een tijd. Het antwoord is meer dan alleen \u003Cem>ja\u003C\u002Fem> of \u003Cem>nee\u003C\u002Fem>.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Na deze les kun je:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>een passend vraagwoord kiezen;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>een eenvoudige vraag met de juiste woordvolgorde maken;\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>welk\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>welke\u003C\u002Fstrong> voor een zelfstandig naamwoord gebruiken.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Ch2 id=\"de-belangrijkste-vraagwoorden\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">1.\u003C\u002Fspan>De belangrijkste vraagwoorden\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Elk vraagwoord vraagt om een ander soort antwoord.\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Vraagwoord\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Je vraagt naar...\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Voorbeeld\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>wie\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>een persoon\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Wie is de docent?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>een ding of een handeling\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Wat lees je?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>waar\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>een plaats\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Waar woont Amir?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>wanneer\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>een tijd of een moment\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Wanneer begint de les?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>waarom\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>een reden\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Waarom leer je Nederlands?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>hoe\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>een manier of een toestand\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Hoe gaat het?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>hoeveel\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>een aantal of een hoeveelheid\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Hoeveel appels koop je?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cp>Met \u003Cstrong>waar\u003C\u002Fstrong> kun je ook naar vertrek en bestemming vragen. \u003Cstrong>Vandaan\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>naartoe\u003C\u002Fstrong> staan achteraan: \u003Cem>Waar kom je vandaan?\u003C\u002Fem> \u002F \u003Cem>Waar ga je naartoe?\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--example\">\u003Cp>\u003Cstrong>Waar woon je?\u003C\u002Fstrong> — Ik woon in Leiden.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>\u003Cstrong>Wanneer begint de film?\u003C\u002Fstrong> — De film begint om acht uur.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>\u003Cstrong>Waarom ga je naar huis?\u003C\u002Fstrong> — Ik heb een afspraak.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"de-woordvolgorde\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">2.\u003C\u002Fspan>De woordvolgorde\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>In de meeste vragen staat eerst het vraagwoord. Daarna komen de persoonsvorm en het onderwerp.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>\u003Cstrong>Vraagwoord + persoonsvorm + onderwerp + rest?\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Opbouw\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Vraag\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>waar + woon + jij\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>Waar woon jij?\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>wanneer + werkt + Sara\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>Wanneer werkt Sara?\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>waarom + leert + hij + Nederlands\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>Waarom leert hij Nederlands?\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>hoe + gaat + u + naar het station\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>Hoe gaat u naar het station?\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cp>Komt \u003Cstrong>je\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>jij\u003C\u002Fstrong> direct na de persoonsvorm? Dan verdwijnt de uitgang \u003Cstrong>-t\u003C\u002Fstrong>: \u003Cstrong>Waar woon je?\u003C\u002Fstrong>, niet \u003Cem>Waar woont je?\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--warning\">\u003Cp>Zet het onderwerp niet vóór de persoonsvorm in een gewone vraagwoordvraag.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>✓ Waar \u003Cstrong>woon jij\u003C\u002Fstrong>?\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>✗ Waar \u003Cstrong>jij woont\u003C\u002Fstrong>?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--note\">\u003Cp>Je hebt geen extra hulpwerkwoord nodig om deze vragen te maken. De persoonsvorm komt direct na het vraagwoord.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"wie-en-wat-als-onderwerp\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">3.\u003C\u002Fspan>Wie en wat als onderwerp\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Soms is \u003Cstrong>wie\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong> zelf het onderwerp van de zin. Dan komt er niet nog een onderwerp na de persoonsvorm.\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Vraag\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Vraagwoord is...\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Antwoord\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>Wie belt?\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>de persoon die belt\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Mijn moeder belt.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>Wie woont hier?\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>de persoon die hier woont\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Noor woont hier.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>Wat ligt op de tafel?\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>het ding op de tafel\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Het boek ligt daar.\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cp>Vergelijk:\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Wie helpt mij?\u003C\u002Fstrong> — Sara helpt mij. \u003Cstrong>Wie\u003C\u002Fstrong> is het onderwerp, dus er volgt geen extra onderwerp.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Wie help jij?\u003C\u002Fstrong> — Ik help Amir. \u003Cstrong>Jij\u003C\u002Fstrong> is het onderwerp en staat na de persoonsvorm.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Ch2 id=\"welk-en-welke\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">4.\u003C\u002Fspan>Welk en welke\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Gebruik \u003Cstrong>welk\u003C\u002Fstrong> en \u003Cstrong>welke\u003C\u002Fstrong> als iemand uit mogelijkheden moet kiezen. Kijk naar het lidwoord van het zelfstandig naamwoord.\u003C\u002Fp>\n\u003Ctable>\n\u003Cthead>\n\u003Ctr>\n\u003Cth>Woord met lidwoord\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Vraagwoord\u003C\u002Fth>\n\u003Cth>Voorbeeld\u003C\u002Fth>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Fthead>\n\u003Ctbody>\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>het boek\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>welk\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Welk boek lees je?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>het station\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>welk\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Welk station is dichtbij?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>de bus\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>welke\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Welke bus neem je?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>de kleur\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>welke\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Welke kleur vind je mooi?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>de schoenen\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>welke\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Welke schoenen koop je?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003Ctr>\n\u003Ctd>soort of kenmerk\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>\u003Cstrong>wat voor (een)\u003C\u002Fstrong>\u003C\u002Ftd>\n\u003Ctd>Wat voor boek lees je?\u003C\u002Ftd>\n\u003C\u002Ftr>\n\u003C\u002Ftbody>\u003C\u002Ftable>\n\u003Cp>Gebruik \u003Cstrong>welk\u002Fwelke\u003C\u002Fstrong> als je uit bekende mogelijkheden kiest. Met \u003Cstrong>wat voor (een)\u003C\u002Fstrong> vraag je naar de soort.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Bij een meervoud gebruik je altijd \u003Cstrong>welke\u003C\u002Fstrong>, omdat een meervoud het lidwoord \u003Cstrong>de\u003C\u002Fstrong> heeft.\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--tip\">\u003Cp>Leer een nieuw zelfstandig naamwoord altijd met het lidwoord. Dan kun je later ook snel \u003Cstrong>welk\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>welke\u003C\u002Fstrong> kiezen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"combinaties-met-hoe-en-hoeveel\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">5.\u003C\u002Fspan>Combinaties met hoe en hoeveel\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>\u003Cstrong>Hoe\u003C\u002Fstrong> staat ook in enkele veelgebruikte combinaties.\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Hoe laat\u003C\u002Fstrong> begint de les? — Om negen uur.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Hoe oud\u003C\u002Fstrong> is je broer? — Hij is zestien jaar.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>\u003Cstrong>Hoeveel\u003C\u002Fstrong> is een apart vraagwoord voor een aantal of hoeveelheid.\u003C\u002Fp>\n\u003Cul>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Hoeveel\u003C\u002Fstrong> kost het brood? — Het brood kost drie euro.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>\u003Cstrong>Hoeveel\u003C\u002Fstrong> boeken heb je? — Ik heb vier boeken.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n\u003Cp>Let op: \u003Cstrong>hoeveel\u003C\u002Fstrong> schrijf je als één woord.\u003C\u002Fp>\n\u003Ch2 id=\"een-vraag-beantwoorden\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">6.\u003C\u002Fspan>Een vraag beantwoorden\u003C\u002Fh2>\n\u003Cp>Geef precies de informatie waar het vraagwoord om vraagt.\u003C\u002Fp>\n\u003Col>\n\u003Cli>Bij \u003Cstrong>wie\u003C\u002Fstrong> noem je een persoon.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Bij \u003Cstrong>waar\u003C\u002Fstrong> noem je een plaats.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Bij \u003Cstrong>wanneer\u003C\u002Fstrong> noem je een tijd of een moment.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Bij \u003Cstrong>waarom\u003C\u002Fstrong> geef je een reden: \u003Cem>Ik heb een afspraak.\u003C\u002Fem>\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Bij \u003Cstrong>hoeveel\u003C\u002Fstrong> noem je een aantal of een hoeveelheid.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Bij \u003Cstrong>waar\u003C\u002Fstrong> kun je ook zeggen waar je vandaan komt of naartoe gaat: \u003Cem>Ik kom uit Utrecht\u003C\u002Fem> \u002F \u003Cem>Ik ga naar school\u003C\u002Fem>.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Fol>\n\u003Cdiv class=\"grammar-callout grammar-callout--example\">\u003Cp>\u003Cstrong>Wie is dat?\u003C\u002Fstrong> — Dat is mijn buurman.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>\u003Cstrong>Waar is de sleutel?\u003C\u002Fstrong> — De sleutel ligt in de tas.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>\u003Cstrong>Wanneer kom je?\u003C\u002Fstrong> — Ik kom morgen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Ch2 id=\"kort-samengevat\">\u003Cspan class=\"section-number\" aria-hidden=\"true\">7.\u003C\u002Fspan>Kort samengevat\u003C\u002Fh2>\n\u003Cul>\n\u003Cli>Kies een vraagwoord dat past bij de informatie die je zoekt.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Gebruik meestal \u003Cstrong>vraagwoord + persoonsvorm + onderwerp\u003C\u002Fstrong>.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Staat \u003Cstrong>wie\u003C\u002Fstrong> of \u003Cstrong>wat\u003C\u002Fstrong> zelf als onderwerp? Voeg dan geen tweede onderwerp toe.\u003C\u002Fli>\n\u003Cli>Gebruik \u003Cstrong>welk\u003C\u002Fstrong> bij een enkelvoudig het-woord en \u003Cstrong>welke\u003C\u002Fstrong> bij een de-woord of een meervoud.\u003C\u002Fli>\n\u003C\u002Ful>\n",[1561,1565,1569,1573,1577,1581,1585],{"id":1562,"text":1563,"depth":16,"number":1564},"de-belangrijkste-vraagwoorden","De belangrijkste vraagwoorden","1",{"id":1566,"text":1567,"depth":16,"number":1568},"de-woordvolgorde","De woordvolgorde","2",{"id":1570,"text":1571,"depth":16,"number":1572},"wie-en-wat-als-onderwerp","Wie en wat als onderwerp","3",{"id":1574,"text":1575,"depth":16,"number":1576},"welk-en-welke","Welk en welke","4",{"id":1578,"text":1579,"depth":16,"number":1580},"combinaties-met-hoe-en-hoeveel","Combinaties met hoe en hoeveel","5",{"id":1582,"text":1583,"depth":16,"number":1584},"een-vraag-beantwoorden","Een vraag beantwoorden","6",{"id":1586,"text":1587,"depth":16,"number":1588},"kort-samengevat","Kort samengevat","7"]