[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"grammar-page-nl-waarmee-waarover-en-waarop-in-vraag-en-verwijzing":3,"grammar-exercises-by-page-01a0ba4b-8ce3-7e7a-9447-28112fcf53da":251,"exercise-list-path-nl-none":281},{"id":4,"title":5,"slug":6,"seoDescription":7,"content":8,"language":9,"level":10,"displayOrder":11,"grammarTopics":12,"createdAt":19,"updatedAt":20,"vocabularyLists":21,"primaryTopicHub":248,"readyImages":250},"01a0ba4b-8ce3-7e7a-9447-28112fcf53da","Waarmee, waarover en waarop in vraag en verwijzing","waarmee-waarover-en-waarop-in-vraag-en-verwijzing","Gebruik waarmee, waarover en waarop in directe en indirecte vragen en betrekkelijke bijzinnen. Kies het vaste voorzetsel en de juiste woordvolgorde.","Wanneer je naar een zaak vraagt die bij een voorzetsel hoort, combineer je vaak **waar + voorzetsel**: *waarmee, waarover, waarop*. Dezelfde vormen verbinden ook een zelfstandig naamwoord met een betrekkelijke bijzin: *het programma waarmee ik werk*.\n\n## Kies eerst het voorzetsel\n\nHet werkwoord, bijvoeglijk naamwoord of de uitdrukking bepaalt het voorzetsel. De waar-vorm behoudt dat voorzetsel.\n\n| Vaste combinatie | Vraagvorm | Voorbeeld |\n|---|---|---|\n| werken **met** | waarmee | **Waarmee** werk je? |\n| praten **over** | waarover | **Waarover** praten jullie? |\n| wachten **op** | waarop | **Waarop** wachten we? |\n| denken **aan** | waaraan | **Waaraan** denk je? |\n| behoefte hebben **aan** | waar ... aan | **Waar** is behoefte **aan**? |\n\nLeer daarom niet alleen *waarmee*, maar de hele combinatie *werken met → waarmee werken*.\n\nNiet elk voorzetsel vormt een gewone waar-vorm. Bij **tijdens**, **sinds**, **zonder** en **volgens** formuleer je vaak anders, bijvoorbeeld met **waarin** of **waarbij**: *de periode waarin we hebben gewacht*, *de afspraak waarbij iedereen aanwezig moet zijn*. In formele taal kan ook *de vergadering gedurende welke ...* of *de norm volgens welke ...*.\n\n## Directe vragen\n\nEen waar-vorm kan vooraan staan. Daarna volgt de gewone vraagvolgorde: persoonsvorm vóór onderwerp.\n\n- **Waarmee open je** dit bestand?\n- **Waarover gaat** de vergadering?\n- **Waarop baseert** de journalist die conclusie?\n- **Waaraan herken je** een betrouwbaar keurmerk?\n\nDe vorm kan ook worden gesplitst, vooral in alledaagse taal.\n\n- **Waar** werk je **mee**?\n- **Waar** hebben jullie het **over**?\n- **Waar** wacht zij **op**?\n\nStaan beide delen naast elkaar, schrijf ze aaneen: **waarmee**, niet *waar mee*.\n\n:::note\nEen gesplitste vraag is niet automatisch minder correct. Register, ritme en lengte bepalen vaak welke vorm natuurlijker klinkt.\n:::\n\n## Indirecte vragen\n\nNa een inleidende hoofdzin leidt de waar-vorm een bijzin in. In die bijzin staat het onderwerp vóór de werkwoordgroep.\n\n- Weet jij **waarmee je dit apparaat bedient**?\n- Ik vraag me af **waarover ze hebben gesproken**.\n- Kun je uitleggen **waarop de keuze is gebaseerd**?\n\nVergelijk de woordvolgorde:\n\n- Direct: *Waarmee **kan ik** betalen?*\n- Indirect: *Weet u waarmee **ik kan** betalen?*\n\n:::warning\nGebruik in een indirecte vraag geen tweede vraagvolgorde: niet *Ik weet niet waarmee kan ik betalen*, maar **waarmee ik kan betalen**.\n:::\n\n## Verwijzing in een betrekkelijke bijzin\n\nNa een zaak vormt **waar + voorzetsel** de verbinding met extra informatie.\n\n- het systeem **waarmee** we gegevens verwerken\n- het voorstel **waarover** morgen wordt gestemd\n- de norm **waarop** de beoordeling is gebaseerd\n- het doel **waarnaar** de organisatie streeft\n\nOok hier is splitsing mogelijk: *het systeem waar we gegevens mee verwerken*. De aaneengeschreven vorm is vaak compact en past goed in verzorgde schrijftaal; de gesplitste vorm klinkt dikwijls gesprekstaliger.\n\nBij een lange bijzin wordt een gesplitste vorm snel onoverzichtelijk. Kies dan liever de aaneengeschreven vorm: *de norm waarop de commissie haar beoordeling baseert*. In formele teksten komen ook vormen met **welke** voor, zoals *de norm volgens welke de beoordeling plaatsvindt*, en combinaties als *de norm op grond waarvan de beoordeling plaatsvindt*.\n\n:::example\n**Volledige groep:** We testen het programma. Met het programma maken we de planning.\n\n**Met verwijzing:** We testen het programma **waarmee we de planning maken**.\n\n**Vervolgzin:** Daarna beslissen we of we **ermee** blijven werken.\n:::\n\n## Zaken en personen\n\nDe waar-vorm verwijst in de standaardconstructie naar zaken, begrippen of een hele situatie. Bij een persoon gebruik je **voorzetsel + wie**.\n\n- het team **waarmee** we samenwerken — team als organisatie of groep\n- de collega **met wie** we samenwerken — persoon\n- het onderwerp **waarover** ik bel — zaak\n- de deskundige **over wie** het artikel gaat — persoon\n\nVraag dus *Waarmee schrijf je?* bij een instrument, maar *Met wie schrijf je?* wanneer je een medeauteur bedoelt.\n\n## Verwijzen naar een hele uitspraak\n\nEen waar-vorm kan ook terugwijzen naar de inhoud van een hele vorige zin. Je kunt daar ook **wat**, **waardoor** of **waarna** voor gebruiken.\n\n- De levering kwam opnieuw te laat, **waarover** de klant een klacht indiende.\n- Het voorstel kreeg brede steun, **waarmee** de belangrijkste hindernis verdween.\n- Het voorstel kreeg brede steun, **wat** de belangrijkste hindernis wegnam.\n- De server viel uit, **waardoor** de vergadering werd uitgesteld.\n- De aanvraag was afgerond, **waarna** de behandeling begon.\n\nVoor zo'n aanvullende bijzin staat een komma. Deze compacte vormen komen vooral in geschreven taal voor. In een eenvoudige tekst kun je twee hoofdzinnen gebruiken: *De levering kwam opnieuw te laat. Daarover diende de klant een klacht in.*\n\n## Waar-, daar- en er-vormen\n\n- **waar-** vraagt of verbindt: *Waarop wacht je? De uitslag waarop ik wacht.*\n- **daar-** wijst nadrukkelijk terug: *Daarop wacht ik, niet op de brief.*\n- **er-** verwijst neutraal: *Ik wacht erop.*\n\nDe keuze van het voorzetsel blijft in alle drie gelijk. Bij **er-** moet je de vorm splitsen als er woorden tussen komen: *Ik wacht erop*, maar *Ik wacht er al weken op*.\n\n## Samenvatting\n\n- Vorm bij zaken **waar + het vaste voorzetsel**: waarmee, waarover, waarop.\n- Gebruik vraagvolgorde in een directe vraag en bijzinvolgorde in een indirecte vraag.\n- Verbind een zaak met een betrekkelijke bijzin via een waar-vorm.\n- De delen kunnen worden gesplitst, maar staan aaneen als ze naast elkaar staan.\n- Gebruik bij personen meestal **voorzetsel + wie**.\n- Kies **daar-** voor contrast en **er-** voor neutrale verwijzing.","nl","B2",160,[13],{"id":14,"name":15,"level":10,"language":9,"isCompleted":16,"completionPercentage":17,"totalExercises":18,"completedExercises":17},"01a0ba4b-87d8-77a5-b4d6-82307f7fec73","Voornaamwoordelijke bijwoorden precies gebruiken",false,0,7,"2026-09-19T15:31:48+00:00","2026-10-11T12:53:41+00:00",[22],{"id":23,"title":24,"vocabularyListWords":25,"isPublished":34},"01a0ba4c-5a73-71d6-af90-f3588de733a8","Kernwoorden bij Waarmee, waarover en waarop in vraag en verwijzing",[26,37,50,61,70,79,88,96,109,118,133,145,156,165,176,190,199,218,235],{"id":27,"vocabularyWord":28,"displayOrder":36},"01a0ba4c-5a73-7246-af90-f3588ed060a8",{"id":29,"word":30,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":32,"partsOfSpeech":33,"audio":34,"audioUrl":35},"01a0ba4b-d911-7163-8879-59207e43e97d","waarmee","B1","tts_1b4f38f0b3ac9eaa_nl-NL.mp3",[],true,"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1b4f38f0b3ac9eaa_nl-NL.mp3",1,{"id":38,"vocabularyWord":39,"displayOrder":42},"01a0ba4c-5a73-7292-af90-f3588edd0bbd",{"id":40,"word":41,"frequency":42,"level":31,"language":9,"audioFilePath":43,"partsOfSpeech":44,"audio":34,"audioUrl":49},"01a0ba4b-e04a-7977-be2f-9a9d953f2d78","waarover",2,"tts_1b72ee3ef3ec059c_nl-NL.mp3",[45],{"id":46,"partOfSpeech":47,"definition":48,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-e089-701e-bfd1-2dc5a1a13bae","ADVERB","","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_1b72ee3ef3ec059c_nl-NL.mp3",{"id":51,"vocabularyWord":52,"displayOrder":60},"01a0ba4c-5a73-72d2-af90-f3588f0a4aee",{"id":53,"word":54,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":55,"partsOfSpeech":56,"audio":34,"audioUrl":59},"01a0ba4b-dca2-7d66-a0d9-d0e6ab988777","waarop","tts_b0ccc29c47dda05f_nl-NL.mp3",[57],{"id":58,"partOfSpeech":47,"definition":48,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-dcc2-707d-8514-2c01659a4b88","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_b0ccc29c47dda05f_nl-NL.mp3",3,{"id":62,"vocabularyWord":63,"displayOrder":69},"01a0ba4c-5a73-7312-af90-f3588f7fd8cd",{"id":64,"word":65,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":66,"partsOfSpeech":67,"audio":34,"audioUrl":68},"01a0ba4b-dba4-74ea-b8fd-d80ec839d711","waaraan","tts_523dd5295ab345d7_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_523dd5295ab345d7_nl-NL.mp3",4,{"id":71,"vocabularyWord":72,"displayOrder":78},"01a0ba4c-5a73-7352-af90-f3588fb59f8e",{"id":73,"word":74,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":75,"partsOfSpeech":76,"audio":34,"audioUrl":77},"01a0ba4b-dbb0-7565-8a0c-365618ad6c0d","waarin","tts_6da10676dccd45dd_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6da10676dccd45dd_nl-NL.mp3",5,{"id":80,"vocabularyWord":81,"displayOrder":87},"01a0ba4c-5a73-73a6-af90-f3589007593d",{"id":82,"word":83,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":84,"partsOfSpeech":85,"audio":34,"audioUrl":86},"01a0ba4b-ddc6-70f6-bc7a-302bf1e326d6","waarbij","tts_24fb50f0d7d938f9_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_24fb50f0d7d938f9_nl-NL.mp3",6,{"id":89,"vocabularyWord":90,"displayOrder":18},"01a0ba4c-5a73-73fa-af90-f358902f2a09",{"id":91,"word":92,"frequency":42,"level":31,"language":9,"audioFilePath":93,"partsOfSpeech":94,"audio":34,"audioUrl":95},"01a0ba4b-ddb5-7a24-b130-aaf395f1ca08","waarnaar","tts_2cb64c19e4b43536_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_2cb64c19e4b43536_nl-NL.mp3",{"id":97,"vocabularyWord":98,"displayOrder":101},"01a0ba4c-5a73-7436-af90-f35890b7cdb5",{"id":99,"word":100,"frequency":101,"level":10,"language":9,"audioFilePath":102,"partsOfSpeech":103,"audio":34,"audioUrl":108},"01a0ba4b-e04d-7036-af33-cf8ebd7b2d61","waardoor",8,"tts_749857d85d54bae9_nl-NL.mp3",[104],{"id":105,"partOfSpeech":47,"definition":106,"exampleSentences":107,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-e089-74be-bfd1-2dc5a2f3c1fc","Woord dat verwijst naar een eerder genoemde oorzaak en het gevolg ervan inleidt.","Het systeem viel uit, waardoor de aanvraag niet kon worden verwerkt.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_749857d85d54bae9_nl-NL.mp3",{"id":110,"vocabularyWord":111,"displayOrder":117},"01a0ba4c-5a73-7472-af90-f358918bcdb6",{"id":112,"word":113,"frequency":42,"level":31,"language":9,"audioFilePath":114,"partsOfSpeech":115,"audio":34,"audioUrl":116},"01a0ba4b-de2f-7743-9f0c-4777acef5ddd","waarna","tts_7baf34c3236aba9b_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_7baf34c3236aba9b_nl-NL.mp3",9,{"id":119,"vocabularyWord":120,"displayOrder":123},"01a0ba4c-5a73-74b2-af90-f3589289b740",{"id":121,"word":122,"frequency":123,"level":124,"language":9,"audioFilePath":125,"partsOfSpeech":126,"audio":34,"audioUrl":132},"01a0ba4b-d795-7bfe-aaca-393b0439807a","wie",10,"A1","tts_88393222fd76abf4_nl-NL.mp3",[127],{"id":128,"partOfSpeech":129,"definition":130,"exampleSentences":131,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d7dd-79e5-99f2-101f3991cf66","PRONOUN","Vraagwoord waarmee naar een persoon of personen wordt gevraagd.","Wie is die jongen naast je?","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_88393222fd76abf4_nl-NL.mp3",{"id":134,"vocabularyWord":135,"displayOrder":144},"01a0ba4c-5a73-74ee-af90-f358930014e3",{"id":136,"word":137,"frequency":123,"level":124,"language":9,"audioFilePath":138,"partsOfSpeech":139,"audio":34,"audioUrl":143},"01a0ba4b-d751-7118-bc71-aae33ca2b7cb","welke","tts_3dcae6d93053773d_nl-NL.mp3",[140],{"id":141,"partOfSpeech":142,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d75a-7625-a2c4-a98ba265f5f6","DETERMINER","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3dcae6d93053773d_nl-NL.mp3",11,{"id":146,"vocabularyWord":147,"displayOrder":155},"01a0ba4c-5a73-753a-af90-f35893fd8ba1",{"id":148,"word":149,"frequency":78,"level":31,"language":9,"audioFilePath":150,"partsOfSpeech":151,"audio":34,"audioUrl":154},"01a0ba4b-dc85-72c1-a9ee-88d8173d91c8","daarop","tts_83190ffc41930f22_nl-NL.mp3",[152],{"id":153,"partOfSpeech":47,"definition":48,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-dcbf-775e-a6ee-c5ffbe40d4ff","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_83190ffc41930f22_nl-NL.mp3",12,{"id":157,"vocabularyWord":158,"displayOrder":164},"01a0ba4c-5a73-757a-af90-f35894907735",{"id":159,"word":160,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":161,"partsOfSpeech":162,"audio":34,"audioUrl":163},"01a0ba4b-daf3-75ff-b9d0-3703e08795b6","erop","tts_826cf6c78a5ccb16_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_826cf6c78a5ccb16_nl-NL.mp3",13,{"id":166,"vocabularyWord":167,"displayOrder":175},"01a0ba4c-5a73-75b6-af90-f35894cafca9",{"id":168,"word":169,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":170,"partsOfSpeech":171,"audio":34,"audioUrl":174},"01a0ba4b-e4fc-79c0-b58e-bcd8569e1ff6","ermee","tts_dade6aba59f7f883_nl-NL.mp3",[172],{"id":173,"partOfSpeech":47,"definition":48,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-e52b-7e2a-9532-d2b1f1d82e33","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_dade6aba59f7f883_nl-NL.mp3",14,{"id":177,"vocabularyWord":178,"displayOrder":189},"01a0ba4c-5a73-75f6-af90-f358957c09e9",{"id":179,"word":180,"frequency":123,"level":124,"language":9,"audioFilePath":181,"partsOfSpeech":182,"audio":34,"audioUrl":188},"01a0ba4b-d74a-7251-ac25-0b6f83d17f24","wachten","tts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",[183],{"id":184,"partOfSpeech":185,"definition":186,"exampleSentences":187,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-d759-7a18-afe6-cd9a853efd6f","VERB","Op dezelfde plaats of in dezelfde toestand blijven tot iemand komt of iets gebeurt.","We wachten bij de ingang op onze vrienden.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_ec64f70816206fc5_nl-NL.mp3",15,{"id":191,"vocabularyWord":192,"displayOrder":198},"01a0ba4c-5a73-7632-af90-f35896419dd6",{"id":193,"word":194,"frequency":18,"level":31,"language":9,"audioFilePath":195,"partsOfSpeech":196,"audio":34,"audioUrl":197},"01a0ba4b-ddc8-726b-8b69-2eb097f200a9","baseren","tts_3e341c9552c6fb29_nl-NL.mp3",[],"\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3e341c9552c6fb29_nl-NL.mp3",16,{"id":200,"vocabularyWord":201,"displayOrder":217},"01a0ba4c-5a73-7672-af90-f358972e0bec",{"id":202,"word":203,"frequency":101,"level":204,"language":9,"audioFilePath":205,"partsOfSpeech":206,"audio":34,"audioUrl":216},"01a0ba4b-e1e0-75c8-806c-7de1d3639c77","streven","C1","tts_3ae3d97861f5b246_nl-NL.mp3",[207,211],{"id":208,"partOfSpeech":185,"definition":209,"exampleSentences":210,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-e200-7032-9006-33acac65f400","Zich doelgericht inspannen om een gewenste toestand te bereiken.","De stichting streeft naar gelijke kansen voor alle kinderen.",{"id":212,"partOfSpeech":213,"definition":214,"exampleSentences":215,"isPrimary":16,"meaningOrder":42},"01a0ba4b-e200-707e-9006-33acacdeaa33","NOUN","(het; geen meervoud) doelgerichte poging of wens om iets te bereiken.","Het streven naar volledige zekerheid kan besluitvorming juist vertragen.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_3ae3d97861f5b246_nl-NL.mp3",17,{"id":219,"vocabularyWord":220,"displayOrder":234},"01a0ba4c-5a73-76ae-af90-f358975baded",{"id":221,"word":222,"frequency":123,"level":31,"language":9,"audioFilePath":223,"partsOfSpeech":224,"audio":34,"audioUrl":233},"01a0ba4b-da82-76b2-ad8e-dac61d778607","denken","tts_6018537def527c11_nl-NL.mp3",[225,229],{"id":226,"partOfSpeech":185,"definition":227,"exampleSentences":228,"isPrimary":16,"meaningOrder":42},"01a0ba4b-daa9-78f7-b3a5-b7b90bd2f440","De aandacht of herinnering op iemand of iets richten.","Denk je eraan om het formulier morgen mee te nemen?",{"id":230,"partOfSpeech":185,"definition":231,"exampleSentences":232,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-daa9-78b3-b3a5-b7b90bd11f00","Gedachten vormen, iets overwegen of een mening over iets hebben.","Ik denk dat deze oplossing op lange termijn goedkoper is.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_6018537def527c11_nl-NL.mp3",18,{"id":236,"vocabularyWord":237,"displayOrder":247},"01a0ba4c-5a73-76ea-af90-f35897f49dbc",{"id":238,"word":239,"frequency":117,"level":31,"language":9,"audioFilePath":240,"partsOfSpeech":241,"audio":34,"audioUrl":246},"01a0ba4b-dc29-7c5e-b2da-43398801f045","samenwerken","tts_d594486a262596d1_nl-NL.mp3",[242],{"id":243,"partOfSpeech":185,"definition":244,"exampleSentences":245,"isPrimary":34,"meaningOrder":36},"01a0ba4b-dc3b-7e20-bf06-8202a6d170ae","Met andere mensen of organisaties gezamenlijk aan hetzelfde doel werken.","De school werkt samen met bedrijven uit de omgeving.","\u002Fuploads\u002Faudio\u002Ftts_d594486a262596d1_nl-NL.mp3",19,{"name":15,"slug":249,"language":9},"voornaamwoordelijke-bijwoorden-precies-gebruiken-b2",[],[252,261,268,275],{"@id":253,"@type":254,"id":255,"grammarPage":256,"title":257,"instructions":258,"displayOrder":17,"type":259,"questionCount":123,"blankCount":123,"isCompleted":16,"ogImageUrl":260},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-c393-74b1-8f4c-221a00d9a56d","GrammarExercise","01a0ba4b-c393-74b1-8f4c-221a00d9a56d","\u002Fapi\u002Fgrammar_pages\u002F01a0ba4b-8ce3-7e7a-9447-28112fcf53da","Vragen stellen en verbanden leggen","Tik de woorden in de juiste volgorde om een zin of vraag te bouwen. Let op hoofdletters en leestekens. Er blijven telkens twee woorden over.","sentence_builder","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_b47aacc4-9848-4191-b6e0-c852447ad5db_hero.webp?v=1789831922",{"@id":262,"@type":254,"id":263,"grammarPage":256,"title":264,"instructions":265,"displayOrder":36,"type":266,"questionCount":144,"blankCount":17,"isCompleted":16,"ogImageUrl":267},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-c3a4-7539-a710-7d5dafeb845b","01a0ba4b-c3a4-7539-a710-7d5dafeb845b","Verwijzen met het juiste voorzetsel","Elke zin bevat één verkeerd woord. Tik dat woord aan en kies de juiste vervanging.","find_and_fix","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_c0af9d04-5b29-47b5-be06-d6e894b80e3c_hero.webp?v=1789831922",{"@id":269,"@type":254,"id":270,"grammarPage":256,"title":271,"instructions":272,"displayOrder":42,"type":273,"questionCount":155,"blankCount":155,"isCompleted":16,"ogImageUrl":274},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-c3af-7b0b-b541-7563e11975e7","01a0ba4b-c3af-7b0b-b541-7563e11975e7","Van directe vraag naar bijzin","Kies telkens de vorm die past bij de betekenis, de woordvolgorde en de spelling. Gesplitste waar-vormen zijn ook correct.","word_select","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_19dddbf4-e283-4139-8b29-9a2bd48fe679_hero.webp?v=1789831922",{"@id":276,"@type":254,"id":277,"grammarPage":256,"title":278,"instructions":279,"displayOrder":60,"type":273,"questionCount":155,"blankCount":175,"isCompleted":16,"ogImageUrl":280},"\u002Fapi\u002Fgrammar_exercises\u002F01a0ba4b-c3c5-71dc-aad9-832e62e1966b","01a0ba4b-c3c5-71dc-aad9-832e62e1966b","Verwijzen in een samenhangende tekst","Kies de passende verwijzing. Let op de gegeven betekenis en op het verschil tussen zaken, personen en hele uitspraken.","\u002Fuploads\u002Fimages\u002Fgpimg_ae30fd29-c2d8-4045-bacd-81e6448bfbd9_hero.webp?v=1789831922",null]