Sort into columns

Beklemtoonde en onbeklemtoonde onderwerpsvormen —
Woorden sorteren.

Tik op een kaart en daarna op de juiste kolom. Plaats alle kaarten om het bord af te ronden.

0 / 5 sets sorted0%

Question 1

Sorteer de onderwerpsvormen op een volle vorm of een korte vorm.

Question 2

Sorteer de zinnen op informatie met nadruk of gewone informatie zonder nadruk.

Question 3

Sorteer op het gebruik van de onderwerpsvorm: een kort antwoord, een groep met en of gewone informatie.

Question 4

Sorteer de vormen op gewone schrijftaal of informele, gereduceerde spreektaal.

Question 5

Het onderwerp staat hier na het werkwoord. Sorteer de vragen op nadruk op het onderwerp.

Practice Beklemtoonde en onbeklemtoonde onderwerpsvormen - Woorden sorteren with this interactive word-sorting exercise of 5 questions. Tap each word into the column it belongs in, then submit to check your answers and get detailed feedback on every set.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Beklemtoonde en onbeklemtoonde onderwerpsvormen - Woorden sorteren in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.