Fill in the blank

Klinkers in de buurt

Kies de spelling die bij de betekenis van de zin past.

0 / 15 blanks filled0%

Question 1

Noor ziet 's nachts de _____ aan de hemel.

Options: man, maan, men

Question 2

Na een lange dag gaat Amir om negen uur naar _____.

Options: bied, beed, bed

Question 3

De witte trui lag in de modder en is nu _____.

Options: vies, vis, ves

Question 4

Wij varen met een _____ op het water.

Options: bod, bot, boot

Question 5

Voor school neemt Lotte lijn 4; bij de halte stapt ze in de _____.

Options: buus, bus, buur

Question 6

Omdat de man naast ons woont, noemen we hem onze _____.

Options: buis, bur, buur

Question 7

Na het sporten heeft Yara pijn aan haar _____.

Options: been, ben, bien

Question 8

Door het open _____ komt frisse lucht de kamer in.

Options: rem, ram, raam

Question 9

Tijdens de wandeling rent de hond tussen de bomen in het _____.

Options: boos, bos, bus

Question 10

Zeg het woord kamer hardop. De e klinkt _____.

Options: dof, lang, kort

Question 11

De foto hangt recht aan de witte _____ van de woonkamer.

Options: moer, mur, muur

Question 12

De zwarte _____ slaapt rustig op de bank.

Options: kaat, kat, kap

Question 13

Het water in de smalle _____ stroomt tussen de weilanden door.

Options: beek, bek, biek

Question 14

In het water zwemt een kleine _____.

Options: vies, vis, ves

Question 15

Zeg bomen hardop. De eerste o klinkt _____.

Options: lang, kort, dof

Practice Klinkers in de buurt with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Klinkers in de buurt in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.