Fill in the blank

Plaats en beschrijving met kwantitatief er

Kies de natuurlijke woordvolgorde met kwantitatief er in vragen, bijzinnen en langere zinnen.

0 / 15 blanks filled0%

Question 1

Die nieuwe mokken zijn mooi. Heb je _____ besteld?

Options: er vier, vier er, vier besteld er

Question 2

Van de tien stoelen weet ik niet of we _____ moeten vervangen.

Options: nog maar twee er, er nog maar twee, nog er maar twee

Question 3

De dozen zijn ingepakt. We zijn blij omdat we _____ kunnen versturen.

Options: vandaag vijf er, vijf er vandaag, er vandaag vijf

Question 4

De exemplaren liggen klaar. Hoeveel kun je _____ meenemen?

Options: er, die, ze

Question 5

Van de blauwe truien heb ik _____ gepast.

Options: verschillende er, er verschillende, er verschillenden

Question 6

De winkel ontving vijftig aanvragen, maar keurde _____ goed.

Options: weinig er, er weinigen, er weinig

Question 7

Van de zes jassen liggen _____ in de etalage.

Options: er twee rode, twee rode er, er twee rood

Question 8

We zochten tien vrijwilligers en vonden _____ die in het weekend konden.

Options: drie er, er drie, drieën er

Question 9

De school bestelde acht schilderijen. _____ al zes boven de trap.

Options: Er er hangen, Hangen er, Er hangen er

Question 10

Van de negen lampen _____ gisteren vier vervangen.

Options: zijn er, er zijn, zijn vier er

Question 11

De bibliotheek heeft twintig tijdschriften; ik heb _____ over reizen gaan.

Options: er drie geleend dat, er drie geleend die, drie er geleend die

Question 12

De gasten vroegen of er nog koekjes waren, maar ik zei dat we _____ meer hadden.

Options: geen er, er er geen, er geen

Question 13

Ik zag twaalf fietsen in de winkel en heb _____ getest.

Options: er een aantal, een aantal er, er aantal

Question 14

We hadden genoeg handdoeken; nu hebben we _____ meer.

Options: niet genoeg er, er niet genoeg, er geen genoeg

Question 15

We hebben vier printers nodig en _____ morgen twee ophalen.

Options: er kunnen, kunnen twee er, kunnen er

Practice Plaats en beschrijving met kwantitatief er with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Plaats en beschrijving met kwantitatief er in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.