Question 1
Vergelijk «De bezoeker heeft kunnen komen» en «De bezoeker is kunnen komen». De variant met «is» is _____.
Options: standaardtaal in het hele taalgebied, standaardtaal in België, maar niet algemeen standaardtalig in Nederland, geen standaardtaal in België of Nederland
Question 2
Vul de werkwoordgroep in: «De technicus heeft vandaag niet _____ komen».
Options: gekund, kunt, kunnen
Question 3
In «omdat de medewerker de bijlage heeft verstuurd» staat de _____ volgorde; in «omdat de medewerker de bijlage verstuurd heeft» staat de _____ volgorde.
Options: rode, groene, dialectale
Question 4
Een redacteur noemt «omdat de student de tekst moeten bestuderen had» de Belgische standaardvolgorde. Dat oordeel is _____.
Options: juist: elke volgorde met het hulpwerkwoord achteraan is Belgische standaardtaal, onjuist: deze volgorde is dialectaal of perifeer, niet de Belgische standaardvolgorde, onjuist: deze volgorde is uitsluitend Nederlands-Nederlandse standaardtaal
Question 5
In «Een bestelwagen kwam aanrijden» en «Een bestelwagen kwam aangereden» zijn de twee constructies _____. In «De voetganger werd door een bestelwagen aangereden» is «aangereden» onderdeel van _____.
Options: respectievelijk uitsluitend NN en uitsluitend BN, respectievelijk standaardtalig en niet-standaardtalig, standaardtalig in het hele taalgebied, een passieve constructie met de betekenis botsen tegen, een constructie met komen die het verschijnen presenteert, een modale constructie met een vervangende infinitief
Question 6
Een Belgisch gemeentebestuur schrijft: «Wij vragen dat bewoners hun afval sorteren». Het patroon «vragen dat + bijzin» is hier _____.
Options: geen standaardtaal, ook niet in België, standaardtaal in België, uitsluitend standaardtaal in Nederland
Question 7
Welke reeks bevat uitsluitend algemeen standaardtalige aanvullingspatronen? «De vereniging vraagt _____».
Options: om hulp / de leden om te helpen / van de leden dat zij helpen, om hulp / de leden om helpen / van de leden dat zij helpen, om hulp / de leden om te helpen / van de leden om zij helpen
Question 8
Het gaat om gewone beschrijvingen, niet om namen of vaste verbindingen: «Een _____ raam staat naast het _____ raam».
Options: smalle, smal, smallen, breed, breden, brede
Question 9
Een onderzoeker vergelijkt verbogen en onverbogen bijvoeglijke naamwoorden vóór een het-woord in krantenkoppen zonder lidwoord. Een nationaal frequentieverschil daarin rechtvaardigt _____.
Options: het vrij weglaten van de buigings-e na het in Belgische lopende tekst, het oordeel dat elke verbogen vorm zonder lidwoord fout is, een beschrijving van kopstijl, niet het afschaffen van de gewone buigingsregels
Question 10
Een Belgische routebeschrijving vermeldt «de rechtse deur». Een verkiezingsverslag noemt «een rechtse partij». Een automatische vervanging van «rechtse» door een vorm met «rechter» is _____.
Options: ongeschikt: de ruimtelijke BN-vorm is standaardtalig en de politieke betekenis vraagt geen rechter-vorm, verplicht: rechtse is in beide betekenissen niet-standaardtalig, verplicht: rechter drukt overal precies dezelfde politieke betekenis uit
Question 11
Classificeer «De tegel viel in twee» in de betekenis «in twee delen», zonder uitgedrukt zelfstandig naamwoord: _____. «De tegel viel in twee stukken» is _____.
Options: standaardtaal in het hele taalgebied, standaardtaal in België, geen standaardtaal in België, uitsluitend standaardtaal in België, geen standaardtaal wegens het ontbreken van tweeën
Question 12
Vijf collega’s beschrijven zichzelf als één groep: «Wij zijn met vijf» is _____; «Wij komen met vijven» is in de bedoelde groepsbetekenis _____.
Options: geen standaardtaal, uitsluitend standaardtaal in Nederland, standaardtaal in België, standaardtaal in het hele taalgebied, uitsluitend standaardtaal in België
Question 13
Voor een technische beschrijving die in Nederland en België algemeen standaardtalig moet zijn, kiest de redacteur: «Het lint is _____ lang».
Options: drie meter en een half, drieënhalve meter, drie en een half meter
Question 14
Kies voor beide zinnen standaardtaal. Het tweede voornaamwoord is nadrukkelijk beklemtoond: «_____ hebben de deelnemers gebeld. De organisator heeft juist _____ uitgenodigd, niet de begeleiders».
Options: Hun, Hen, Zij, hen, hun, ze
Question 15
Vul de standaardtalige vormen in: «De secretaris gaf _____ meteen antwoord op _____ verzoek».
Options: hen, hun, zij