Fill in the blank

Taaladvies en redactie zonder nationale vooroordelen

Kies de analyse, taalvorm of redactionele conclusie die door de gegeven context wordt gerechtvaardigd. Houd vorm, betekenis, verspreiding, register en standaardtaalstatus uit elkaar.

0 / 14 blanks filled0%

Question 1

Een advies noemt een constructie «standaardtaal in België». Dat betekent dat de constructie _____.

Options: alleen in Belgische privégesprekken wordt gedoogd, in België algemeen bruikbaar is in het publieke domein, minder correct is dan een Nederlands-Nederlandse standaardvariant

Question 2

Een onderzoek beschrijft de keuze voor een verbogen woordvorm binnen een bepaalde woordgroep. Het onderzoekt daarmee _____.

Options: de verbuiging als een van de woordgroepstructuur onafhankelijk verschijnsel, de woordgroepstructuur met de woordvorm als onveranderlijk gegeven, de wisselwerking tussen morfologie en syntaxis

Question 3

Een lezer kent alleen «u heeft» en verklaart «u hebt» daarom onjuist. De juiste beoordeling is: _____.

Options: beide vormen zijn correct; persoonlijke vertrouwdheid bewijst geen exclusieve nationale norm, alleen de vorm die deze lezer kent, behoort tot de standaardtaal, beide vormen zijn correct, dus hun frequentie moet in elk gebied gelijk zijn

Question 4

Een redacteur wil «Het bestuur vraagt dat de dienst reageert» voor een breed publiek herschrijven als «Het bestuur eist dat de dienst reageert». Zonder verdere context is die ingreep _____.

Options: altijd betekenisbehoudend, omdat vragen en eisen dezelfde kracht hebben, niet zonder meer betekenisbehoudend, omdat eisen de handelingskracht kan vergroten, verplicht, omdat een Belgische standaardconstructie nergens in publieke teksten mag staan

Question 5

Een gezamenlijk Nederlands-Belgisch publieksbericht bevat een nationale standaardvariant. Een zorgvuldig redactioneel uitgangspunt is: _____.

Options: kies de frequentste vorm uit Nederlandse kranten, omdat die frequentie de bovenregionale bruikbaarheid aantoont, behoud de variant op grond van haar nationale status, omdat dat label de begrijpelijkheid voor beide publieken aantoont, kies een algemeen gangbare vorm, behoud de variant met context of herstructureer zonder betekenisverlies

Question 6

In een corpus komt een vorm vaak voor in informele gesprekken uit één regio. Op grond van alleen dat gegeven kan de onderzoeker concluderen dat de vorm _____.

Options: frequent is in dat onderzochte materiaal, zonder daarmee zijn standaardtaalstatus vast te stellen, algemeen standaardtalig is in alle publieke teksten van het hele land, door iedere spreker in die regio wordt aanvaard in formele schrijftaal

Question 7

Een corpuszoekactie naar «vragen dat + bijzin» levert «Zij vragen dat boek aan de balie» op. Voor onderzoek naar het bedoelde complementatiepatroon moet deze treffer _____.

Options: worden meegeteld, omdat vragen direct vóór dat staat, worden uitgesloten, omdat dat hier bij boek hoort en geen bijzin inleidt, als bewijs voor een Belgische dat-bijzin worden geregistreerd

Question 8

Bij vergelijking van «omdat de koerier heeft kunnen komen» en «omdat de koerier is kunnen komen» varieert _____.

Options: de volgorde van de drie werkwoorden, terwijl het hulpwerkwoord gelijk blijft, de aanwezigheid van een deelwoord tegenover twee infinitieven, de hulpwerkwoordkeuze, terwijl de volgorde persoonsvorm–modale infinitief–bewegingsinfinitief gelijk blijft

Question 9

Dezelfde constructie komt in beide landen voor, maar vaker in de onderzochte Belgische teksten. Welke formulering blijft binnen dat bewijs? «De constructie _____».

Options: is relatief gebruikelijker in het onderzochte Belgische materiaal, wordt uitsluitend door Belgen gebruikt, heeft in Nederland noodzakelijk een andere betekenis

Question 10

Een vorm is breed verspreid in Vlaamse tussentaal. Dat maakt hem _____.

Options: tot een gesproken standaardvariant op grond van zijn brede informele verspreiding, niet automatisch tot Belgisch-Nederlandse standaardtaal, tot een vorm buiten de gesproken standaardtaal op grond van zijn voorkomen in tussentaal

Question 11

Een interview bevat een letterlijk citaat met regionale morfosyntaxis die de stem van de spreker herkenbaar maakt. De redacteur behoort die vorm _____.

Options: zonder vermelding door de huisstijlvariant te vervangen, altijd als grammaticale fout van de auteur te behandelen, niet stilzwijgend te normaliseren

Question 12

Twee actuele naslagwerken geven geen eenduidig oordeel over de standaardtaalstatus van precies dezelfde constructie. Een zorgvuldige rapportage vermeldt _____.

Options: de onduidelijke status, de bronnen en de raadpleegdatum, naast betekenis, verspreiding en register, de frequentste variant als voorlopige standaardnorm, waarbij corpusfrequentie de ontbrekende overeenstemming tussen bronnen vervangt, het gunstigste bronadvies als vastgestelde status, waarbij het afwijkende oordeel buiten de rapportage blijft

Question 13

Vul de werkwoordgroep aan in standaardtaal: «De inspecteur stelde zijn vertrek uit omdat hij het dossier _____».

Options: had gemoeten controleren, had moeten controleren, had moeten gecontroleerd

Question 14

Vul de vorm in voor een politieke, niet-ruimtelijke betekenis: «De columnist noemt de beweging een _____ partij».

Options: linkse, linker, linksen

Practice Taaladvies en redactie zonder nationale vooroordelen with this interactive fill-in-the-blank exercise of 14 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Taaladvies en redactie zonder nationale vooroordelen in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.