Question 1
Volgens de melding _____ een onbekende fiets voor het kantoor.
Options: staat er, er staat, staan er
Kies de natuurlijke vorm met presentatief er en laat de persoonsvorm bij het echte onderwerp passen.
Question 1
Volgens de melding _____ een onbekende fiets voor het kantoor.
Options: staat er, er staat, staan er
Question 2
Er _____ vier enveloppen op de balie liggen.
Options: kan, kunnen, kunt
Question 3
De receptionist meldt dat _____ naar de receptie komt.
Options: het iemand, er iemands, er iemand
Question 4
Er _____ veel bezoekers op de opening afgekomen.
Options: zijn, is, hebben
Question 5
Er _____ een oplossing voor dit technische probleem.
Options: zijn, is, ben
Question 6
De conducteur zegt dat _____ geen vrije plaatsen meer zijn.
Options: is er, zijn er, er
Question 7
Er _____ twee dozen in de gang.
Options: staan, staat, is
Question 8
Tijdens de vergadering van gisteren _____ er weinig reacties.
Options: kwam, kwamen, gekomen
Question 9
Er _____ niemand aan de telefoon.
Options: zijn, waren, is
Question 10
Wie _____ bij de gesloten deur?
Options: staat er, staan er, er staat
Question 11
Er _____ een klant op zijn bestelling gewacht.
Options: hebben, heeft, is
Question 12
De uitleg wordt herhaald omdat _____ over het nieuwe rooster zijn.
Options: er enkele vragen, er enkele vraag, er een vragen
Question 13
Er _____ morgen een monteur langs.
Options: komt, komen, kwamen
Question 14
Er _____ gisteren drie nieuwe medewerkers begonnen.
Options: is, zijn, heeft
Question 15
Er _____ in de buurt nog een betaalbare woning te huur.
Options: staan, liggen, staat
Practice Nieuwe informatie met er with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.
Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Nieuwe informatie met er in everyday Dutch.
Looking for more practice? See all exercises for this lesson.