A1 · BeginnerLesson 1 of 3

Meervouden op -en

Leer Nederlandse meervouden op -en maken met de juiste klinkers en medeklinkers, van boek en kat tot boom, brief en andere alledaagse woorden.

By the flumi team About 6 min read 32 vocabulary wordsGrammar learning path: Meervouden vormen

Veel Nederlandse zelfstandige naamwoorden krijgen in het meervoud -en. Soms kun je die uitgang gewoon toevoegen. Soms verandert ook de spelling van het woord.

Na deze les kun je:

  • een gewoon meervoud op -en maken;
  • een medeklinker verdubbelen na een korte klinker;
  • een dubbele klinker enkel schrijven in een open lettergreep.

Gewoon -en toevoegen

Bij veel woorden voeg je -en toe zonder een andere letter te veranderen.

Enkelvoud Meervoud
het boek de boeken
de stoel de stoelen
de vriend de vrienden
de maand de maanden

Op de tafel ligt één boek.

In de kast staan drie boeken.

Sara heeft een vriend in Utrecht.

Op haar feest komen veel vrienden.

Let ook op het lidwoord: in het meervoud gebruik je altijd de.

Een korte klinker blijft kort

Kijk naar een woord met één korte klinker en daarna één medeklinker. Als de klinker kort blijft wanneer je -en toevoegt, verdubbel je de laatste medeklinker. Zo blijft de klinker kort.

Enkelvoud Stap Meervoud
de kat kat + en de katten
het bed bed + en de bedden
de bus bus + en de bussen
de pot pot + en de potten

Bij sommige woorden wordt de korte klinker in het meervoud lang. Je verdubbelt de medeklinker dan niet. Leer deze vormen samen:

Enkelvoud Meervoud
de dag de dagen
de weg de wegen
het gat de gaten
het glas de glazen
het bad de baden

Bij glas → glazen verandert ook s in z.

Hoor je aan het einde één korte klinker + één medeklinker? Schrijf de medeklinker dan meestal dubbel voor -en: kat → katten.

Bij katten, bedden, bussen en potten veranderen de letters, maar de korte klinker klinkt hetzelfde.

Een lange klinker blijft lang

Een lange klinker staat in een gesloten lettergreep vaak met twee letters: aa, ee, oo of uu. Door -en komt de klinker in een open lettergreep. Dan schrijf je één klinkerletter.

Een open lettergreep eindigt op een klinker. Je splitst bomen als bo-men: na de o komt maar één medeklinker, de m. Daarom schrijf je daar één o.

Enkelvoud Meervoud
het raam de ramen
de week de weken
de boom de bomen
de muur de muren

Schrijf niet twee klinkerletters in de open lettergreep.

✓ bomen

✗ boomen

De lange klinker klinkt in het meervoud nog steeds lang.

Soms verandert f in v of s in z

Bij enkele veelgebruikte woorden verandert de laatste letter voor -en.

Enkelvoud Meervoud
de brief de brieven
de druif de druiven
het huis de huizen
de reis de reizen
de neef de neven

Bij neef → neven gebruik je twee regels: f wordt v en ee wordt e in de open lettergreep ne-. Je splitst het woord als ne-ven. De klinker blijft lang.

Deze verandering gebeurt niet bij elk woord op -f of -s. Leer daarom het enkelvoud en het meervoud samen.

Bij sommige woorden blijft de letter hetzelfde: de kaars → de kaarsen en de straf → de straffen.

Je hoort aan het einde van een Nederlands woord vaak een f- of s-klank. In het meervoud kan de v of z weer zichtbaar en hoorbaar worden.

Quick check

Try one question now.

1
In het lokaal staan twaalf stoelen. Voor een meervoud gebruik je stoelen.

Check your answer when you are ready. No sign-in needed.

Soms heb je een trema

Een trema laat zien dat je de klinkers apart uitspreekt. Je zet een trema op de e van -en als die anders met de voorgaande klinker als één klank gelezen kan worden: zee + en → zeeën, idee + en → ideeën, knie + en → knieën. Je schrijft het in deze meervouden:

Enkelvoud Meervoud
de zee de zeeën
het idee de ideeën
de knie de knieën

In boeken en ramen staat een medeklinker vóór de e van -en: k of m. Daarom is daar geen trema nodig.

De uitgang horen en schrijven

De uitgang -en klinkt in gewone spreektaal vaak zwak. De laatste n is niet bij iedere spreker duidelijk hoorbaar. Je schrijft de volledige uitgang wel altijd.

  • Je hoort misschien boeke, maar je schrijft boeken.
  • Je hoort misschien vriende, maar je schrijft vrienden.
  • Je hoort misschien huize, maar je schrijft huizen.

Zo maak je het meervoud

  1. Controleer of het woord een meervoud op -en heeft. Zie voor woorden met -s de les over meervouden op -s en apostrof-s. Leer bij een nieuw woord ook het meervoud.
  2. Voeg -en toe.
  3. Blijft de korte klinker kort en staat er daarna één medeklinker? Verdubbel die medeklinker. Let op de uitzonderingen uit sectie 2, zoals dag → dagen.
  4. Houd een lange klinker lang door twee klinkerletters enkel te schrijven.
  5. Controleer bij -f en -s of het woord -v- of -z- krijgt.
Patroon Voorbeeld
alleen -en boek → boeken
korte klinker kat → katten
lange klinker boom → bomen
letterwisseling brief → brieven

Leer elk nieuw zelfstandig naamwoord als een paar: het boek – de boeken, de kat – de katten.

Sommige woorden krijgen in het meervoud -s, bijvoorbeeld de tafel → de tafels. Die leer je in de les over meervouden op -s en apostrof-s.

Enkele onregelmatige meervouden

Deze veelgebruikte vormen leer je uit het hoofd:

Enkelvoud Meervoud
het kind de kinderen
het ei de eieren
de stad de steden

You reached the end

You reached the end

Now make it stick.

Save your progress, or start the exercises. Practice with detailed feedback after you submit, or save your progress and come back.

Practice exercises

Was this lesson helpful?

Vocabulary in this lesson

32 words, ready to study.

Play a word to hear it, then mark it as known — or save it to study later.

Save any of these 32 words and review them later.

Zelfstandige naamwoorden met een meervoud op -en

32 words

Last updated October 11, 2026