Onpersoonlijke constructies in academische en ambtelijke stijl
Leer onpersoonlijke constructies in academische en ambtelijke teksten doorgronden en herschrijven met aandacht voor actor, bewijs en verantwoordelijkheid.
Er wordt aangenomen dat de maatregel effectief is. Door wie? Op grond van welk bewijs? En hoe sterk is die aanname? Onpersoonlijke constructies kunnen handelingen, procedures en bevindingen centraal stellen, maar ze kunnen ook verbergen wie waarneemt, beslist of verantwoordelijkheid draagt. Op C2-niveau gaat het daarom niet om een algemeen verbod op passieve zinnen: je kiest bewust welke participant zichtbaar moet zijn.
Na deze les kun je:
- verschillende onpersoonlijke constructies grammaticaal ontleden;
- hun effect op informatieopbouw en verantwoordelijkheid verklaren;
- passief, men, nominalisering en expliciet actief tegen elkaar afwegen;
- schijnbare objectiviteit en onduidelijke bronvermelding herkennen;
- academische en ambtelijke passages precies en leesbaar herzien.
Onpersoonlijk is een verzamelnaam
Een tekst kan de handelende persoon op verschillende manieren naar de achtergrond schuiven.
| Constructie | Voorbeeld | Wat blijft op de voorgrond? |
|---|---|---|
| onpersoonlijk passief | Er wordt over het voorstel gestemd. | de handeling als proces |
| persoonlijk passief | De aanvragen worden beoordeeld. | het grammaticale onderwerp de aanvragen |
| men-constructie | Men verwacht herstel. | een algemene menselijke actor |
| onpersoonlijk het | Het blijkt moeilijk om de fout te reproduceren. | de beoordeling of vaststelling |
| nominalisering | Na beoordeling van de aanvragen volgt een besluit. | het proces als zelfstandig naamwoord |
| infinitiefinstructie | Voor gebruik goed schudden. | de voorgeschreven handeling |
Deze vormen zijn niet volledig uitwisselbaar. Ze verdelen grammaticale rollen, nadruk en verantwoordelijkheid anders.
Onpersoonlijk betekent niet automatisch dat er grammaticaal geen onderwerp staat. In Het blijkt dat de cijfers afwijken vult het de onderwerpspositie, maar het verwijst niet naar een concrete zaak. In De cijfers worden gecontroleerd is de cijfers wel een grammaticaal onderwerp, terwijl de actor ongenoemd blijft.
Het onpersoonlijke passief
Het Nederlands kan een passieve zin vormen zonder gewoon grammaticaal onderwerp:
- Er wordt in de hal gewacht.
- Gisteren werd er tot middernacht vergaderd.
- Over deze uitzondering is nauwelijks gesproken.
- In de nieuwe regeling mag er niet van de procedure worden afgeweken.
De persoonsvorm staat in het enkelvoud. Het onbeklemtoonde er ondersteunt vaak de zinsstructuur, maar verdwijnt wanneer een ander zinsdeel de eerste plaats inneemt en de constructie zonder er natuurlijk is: Over deze uitzondering wordt nauwelijks gesproken.
Het onpersoonlijke passief stelt het gebeuren zelf centraal. Een actieve tegenhanger met men, ze, mensen of een verzonnen instelling klinkt niet altijd even natuurlijk en voegt soms schijnprecisie toe.
Er wordt gebeld.
De zin meldt een waarneembaar gebeuren. Iemand belt kan passend zijn, maar stuurt de aandacht onmiddellijk naar een onbekende persoon. Welke versie beter is, hangt af van wat de vervolgtekst oppakt: het geluid of de beller.
Onpersoonlijk of presentatief er?
Niet elke passieve zin met er is onpersoonlijk.
- Er wordt vanavond gedanst. — geen grammaticaal onderwerp; onpersoonlijk passief
- Er worden vanavond drie prijzen uitgereikt. — drie prijzen is een uitgesteld meervoudig onderwerp
- Er is een fout gevonden. — een fout is het uitgestelde onderwerp
De persoonsvorm verraadt het verschil:
- Er wordt één aanvraag behandeld.
- Er worden twaalf aanvragen behandeld.
In beide zinnen is de beoordelaar ongenoemd, maar grammaticaal zijn ze persoonlijke passieven met een onderwerp. Alleen Er wordt behandeld zonder genoemd onderwerp is onpersoonlijk.
Zoek na de persoonsvorm naar een naamwoordgroep waarmee wordt/worden overeenkomt. Vind je die, dan is er waarschijnlijk presentatief en niet zelf het onderwerp.
Wanneer de actor terecht ontbreekt
Een ongenoemde actor is functioneel wanneer die actor:
- onbekend is: In de nacht is ingebroken.
- vanzelf spreekt binnen de procedure: De monsters worden vervolgens gekoeld.
- algemeen of onbeperkt is: In deze ruimte mag niet worden gerookt.
- minder relevant is dan proces of resultaat: De gegevens zijn in drie rondes verzameld.
- bewust nog niet als gespreksonderwerp wordt ingevoerd.
In een methodebeschrijving kan herhaald de onderzoeker overbodig zijn als alle handelingen volgens één zichtbaar protocol zijn uitgevoerd. In een besluit is de bevoegde instantie juist vaak juridisch relevant.
Vergelijk:
- De aanvraag wordt binnen zes weken beoordeeld. — procedure en termijn centraal
- Het college beoordeelt de aanvraag binnen zes weken. — bevoegd orgaan en verantwoordelijkheid centraal
De zinnen kunnen dezelfde gebeurtenis beschrijven, maar beantwoorden een andere lezersvraag.
Wanneer de actor niet mag verdwijnen
Een passief wordt riskant zodra verschillende partijen verschillende plichten, bronnen of belangen hebben.
Vaag: Na controle is vastgesteld dat de gegevens onvolledig waren.
Mogelijke herzieningen:
- De externe accountant stelde na controle vast dat de gegevens onvolledig waren.
- Onze onderzoeksgroep stelde bij de kwaliteitscontrole vast dat drie variabelen ontbraken.
- Volgens het inspectierapport waren de aangeleverde gegevens onvolledig.
Elke versie maakt iets anders expliciet: beoordelaar, onderzoekscontext of bewijsbron. Vul de actor niet op goed geluk in; kies alleen informatie die de tekst of documentatie ondersteunt.
In ambtelijke tekst moet doorgaans zichtbaar blijven:
- wie beslist;
- wie een aanvraag of bezwaar moet indienen;
- wie gegevens mag verwerken;
- wie een termijn bewaakt;
- bij wie beroep of navraag mogelijk is.
Er dient binnen veertien dagen te worden gereageerd zegt wel wat en wanneer, maar niet wie de normadressaat is. U moet binnen veertien dagen reageren kan veel bruikbaarder zijn.
Worden en zijn in passieve formuleringen
Worden + deelwoord stelt doorgaans het proces of de gebeurtenis voor:
- De gegevens worden versleuteld voordat ze worden verzonden.
Zijn + deelwoord kan het voltooide proces of de bereikte toestand uitdrukken:
- De gegevens zijn versleuteld en kunnen veilig worden verzonden.
Het onderscheid is niet altijd puur passief. Een deelwoord kan als bijvoeglijk naamwoord een toestand beschrijven: De deur is gesloten. Zonder context kan dat betekenen dat iemand de deur heeft gesloten of dat de deur dicht is.
Voeg geworden niet mechanisch toe aan ieder perfect passief. De aanvragen zijn beoordeeld is de normale voltooide passieve vorm. Zijn beoordeeld geworden is in hedendaagse standaardtaal zwaar en doorgaans onnodig.
Men: algemeen menselijk, maar niet neutraal leeg
Men is een onbepaald persoonlijk voornaamwoord en verwijst naar mensen.
- Men onderscheidt drie typen argumenten.
- In de negentiende eeuw geloofde men dat ziekte door slechte lucht ontstond.
- Men kan hiertegen in beroep gaan.
De vorm kan bruikbaar zijn voor een algemeen aanvaarde werkwijze of een historische gemeenschap. Toch blijft de omvang van de groep vaak vaag. Wie precies onderscheidt die typen: alle onderzoekers, één theoretische school of de auteurs van één bron?
Vergelijk:
- Men neemt aan dat de markt herstelt. — bron en reikwijdte onduidelijk
- Drie recente prognoses voorzien herstel in het derde kwartaal. — controleerbare bron en tijd
- Wij nemen in dit model aan dat de markt herstelt. — expliciete modelaanname van de auteurs
In direct gerichte overheidstekst is u vaak beter dan men: U kunt digitaal bezwaar maken. De lezer hoeft dan niet te bepalen of hij tot de bedoelde algemene groep behoort.
Wij, je en ze als onbepaalde actor
Ook persoonlijke voornaamwoorden kunnen generiek worden gebruikt.
- In hoofdstuk 4 zien we dat de variantie afneemt.
- Als je de knop ingedrukt houdt, start het systeem opnieuw.
- In het archief hebben ze de dossiers opnieuw geordend.
Academisch wij kan naar de auteurs verwijzen, de lezer meenemen in een redenering of een hele onderzoeksgemeenschap aanduiden. Maak die waarde stabiel. Wissel niet ongemerkt tussen wij als auteurs en wij allemaal.
Generiek je is helder in toegankelijke instructie, maar kan in een formele normtekst te informeel of te ruim zijn. Ongespecificeerd ze wekt gemakkelijk de indruk van horen zeggen. Benoem de organisatie als haar identiteit voor betrouwbaarheid of verantwoordelijkheid telt.
Quick check
Try one question now.
In de zin ‘Er wordt tijdens de pauze druk overlegd’ is ‘er’
Check your answer when you are ready. No sign-in needed.
Onpersoonlijk het en extrapositie
In zinnen als de volgende verwijst het niet naar een zelfstandig naamwoord:
- Het blijkt dat de respons lager is dan verwacht.
- Het is noodzakelijk de steekproef uit te breiden.
- Het valt niet uit te sluiten dat selectie een rol speelt.
- Het lijkt erop dat beide methoden hetzelfde meten.
Een bijzin of infinitiefgroep draagt de inhoud. De constructie laat eerst het oordeel of de bewijsstatus horen en plaatst de zwaardere inhoud later.
Dat kan informatief sterk zijn, mits de bron van het oordeel duidelijk is:
- Uit de gevoeligheidsanalyse blijkt dat de uitkomst stabiel is.
- De commissie acht het noodzakelijk de termijn te verlengen.
Het is duidelijk dat ... presenteert een standpunt al snel als vanzelfsprekend. Vraag welke gegevens de duidelijkheid dragen en voor wie de conclusie evident is.
Stellig zonder grond: Het spreekt voor zich dat de hervorming zal slagen.
Toetsbaar: Volgens de drie pilots verkort de hervorming de gemiddelde wachttijd; het effect op uitval is nog onzeker.
Er wordt aangenomen, verwacht en gesteld
Passieve rapportagewerkwoorden combineren actorvervaging met een houding tegenover de bewering.
- Er wordt aangenomen dat ... — een aanname, geen vaststelling
- Er wordt verwacht dat ... — een prognose
- Er wordt gesteld dat ... — een bewering met een mogelijke bron
- Er wordt vermoed dat ... — beperkte zekerheid
- Er is aangetoond dat ... — claim van sterk bewijs
De werkwoorden zijn inhoudelijk niet gelijk. Vervang ze niet alleen om herhaling te vermijden. Voeg bij een betwistbare of belangrijke claim de bron en zo nodig de methode toe:
- De auteurs veronderstellen dat ontbrekende waarden willekeurig verdeeld zijn.
- Op basis van de huidige instroom verwacht de dienst een wachttijd van acht weken.
- In experiment 2 is aangetoond dat het effect ook zonder voorselectie optreedt.
De laatste formulering blijft passief, maar de bewijsplaats is zichtbaar. Als duidelijk moet zijn wie de conclusie trekt, voeg je ook de onderzoeker of beoordelende instantie toe.
Nominaliseringen
Een werkwoord kan als zelfstandig naamwoord een proces benoemen:
- de beoordeling van de aanvraag;
- de vaststelling van de norm;
- de uitvoering van het besluit;
- na verificatie van de gegevens.
Nominalisering helpt wanneer het proces zelf gespreksonderwerp wordt of een vaste procedurestap vormt. Zij kan ook meerdere rollen samendrukken:
Na beoordeling volgt bekendmaking.
Wie beoordeelt wat, en wie maakt welk besluit bekend? Een uitgewerkte zin kan de keten herstellen:
De vergunningverlenende dienst beoordeelt de aanvraag en maakt het besluit daarna aan de aanvrager bekend.
Markeer achtereenvolgens woorden op -ing, -atie, -ering en -ment. Vraag bij elk proceswoord wie handelt, waarop de handeling is gericht en of die informatie voor de lezer relevant is.
Infinitieven in voorschriften en formulieren
Korte instructies laten de aangesproken persoon onuitgedrukt:
- Voor gebruik schudden.
- Hier datum en handtekening invullen.
- Na opening gekoeld bewaren.
Op een etiket of formulier is de handelingssituatie helder. In een complexe procedure kan dezelfde compactheid leiden tot onduidelijke rolverdeling:
- Vaag: Na ontvangst controleren en binnen vijf dagen doorsturen.
- Helder: De dossierbeheerder controleert het formulier na ontvangst en stuurt het binnen vijf dagen door naar de beoordelaar.
Een bevelende vorm kan bij directe digitale instructies nog duidelijker zijn: Controleer uw gegevens en kies Daarna bevestigen.
De lijdende vorm is niet vanzelf objectief
Objectiviteit komt voort uit controleerbare methode, passende bewijssterkte en transparante redenering. Grammaticale afstand kan die eigenschappen niet vervangen.
Vergelijk:
- Er werd een significant verschil gevonden.
- De vooraf geregistreerde analyse liet een verschil van 4,2 punten zien, met een onzekerheidsinterval van 1,1 tot 7,3.
De tweede zin is niet betrouwbaarder omdat hij actief is, maar omdat hij meetprocedure en uitkomst specificeert. Omgekeerd kan een passief juist correct zijn wanneer deelnemers niet als uitvoerder van een meting worden voorgesteld: De bloeddruk werd bij ieder bezoek tweemaal gemeten.
Vermijd ook een automatische omzetting die een levenloos instrument tot bewuste actor maakt. De analyse bewijst kan te sterk of semantisch vreemd zijn; de analyse laat zien of uit de analyse blijkt past vaak beter.
Informatieopbouw over meerdere zinnen
Passief en onpersoonlijkheid sturen wat als bekend vertrekpunt en als nieuwe informatie verschijnt.
De aanvraag kwam op 4 juni binnen. Zij werd dezelfde dag geregistreerd en is daarna aan twee beoordelaars voorgelegd.
Het passief houdt de aanvraag als doorlopend onderwerp. Een actieve omzetting zou twee nieuwe actoren introduceren en de tekstuele lijn onderbreken.
Daarna kan de actor alsnog relevant worden:
De tweede beoordelaar signaleerde een ontbrekende bijlage.
Goede redactie kiest dus niet per losse zin voor actief of passief. Zij volgt de referent die de alinea organiseert en maakt nieuwe actoren zichtbaar wanneer hun rol informatief wordt.
Een onpersoonlijke passage auditen
Werk in deze volgorde:
- Onderstreep passieve vormen, men, onpersoonlijk het, infinitiefinstructies en nominaliseringen.
- Noteer bij iedere handeling de uitvoerder, betrokkene en bewijsbron voor zover die bekend zijn.
- Bepaal welke participant de alinea als onderwerp moet vasthouden.
- Maak beslissers, normadressaten en verantwoordelijken expliciet.
- Behoud onpersoonlijkheid wanneer actor of uitvoerder werkelijk irrelevant, algemeen of onbekend is.
- Controleer de bewijssterkte van aannemen, verwachten, stellen en aantonen.
- Splits overbelaste nominale ketens op in werkwoorden en concrete rollen.
- Lees de passage vanuit de praktische vraag van de gebruiker: wie doet wat, wanneer en op welke grond?
Onpersoonlijke constructies zijn geen bureaucratische fout op zichzelf. Ze zijn krachtige middelen voor procesfocus en samenhang. Hun kwaliteit hangt af van één redactionele keuze: wat mag op de achtergrond blijven, en welke bron of verantwoordelijkheid moet de lezer juist kunnen aanwijzen?
You reached the end
You reached the endNow make it stick.
Save your progress, or start the exercises. Practice with detailed feedback after you submit, or save your progress and come back.
Was this lesson helpful?
Vocabulary in this lesson
42 words, ready to study.
Play a word to hear it, then mark it as known — or save it to study later.
Save any of these 42 words and review them later.
Kernwoorden bij Onpersoonlijke constructies in academische en ambtelijke stijl
42 wordsLast updated October 11, 2026