Question 1
In "Fatima probeert haar collega te overtuigen" is het verzwegen onderwerp van "te overtuigen" _____.
Options: Fatima, haar collega, Fatima en haar collega samen
Kies op basis van het hogere werkwoord en de zinsbetekenis de juiste uitvoerder of analyse.
Question 1
In "Fatima probeert haar collega te overtuigen" is het verzwegen onderwerp van "te overtuigen" _____.
Options: Fatima, haar collega, Fatima en haar collega samen
Question 2
In "Lucas beloofde Eva de notulen te versturen" worden de notulen volgens de gewone lezing verstuurd door _____.
Options: Eva, Lucas, Lucas en Eva samen
Question 3
De analisten besloten de adviseurs te raadplegen. Wie is het verzwegen onderwerp van "te raadplegen"? _____.
Options: De adviseurs, De analisten en de adviseurs samen, De analisten
Question 4
Yara hoopt haar mentor volgend jaar opnieuw te ontmoeten. Wie is het verzwegen onderwerp van "te ontmoeten"? _____.
Options: Yara, Haar mentor, Yara en haar mentor
Question 5
De redacteur vroeg Mira het slothoofdstuk te herschrijven. Het slothoofdstuk wordt volgens deze zin herschreven door _____.
Options: de redacteur, Mira, een onbekende auteur
Question 6
De gemeente adviseerde de bewoners tijdelijk elders te verblijven. De mensen die elders verblijven, zijn _____.
Options: de ambtenaren, de gemeente en de bewoners, de bewoners
Question 7
De projectleider dwong het team van de planning af te wijken. De uitvoerder van "af te wijken" is _____.
Options: het team, de projectleider, de projectleider samen met het team
Question 8
Het museum stond de onderzoekers toe het archief te fotograferen. Wie fotografeert het archief? _____.
Options: Het museum, De onderzoekers, De archiefmedewerkers
Question 9
De toezichthouder verbood de operator de machine opnieuw te starten. Wie mag de machine niet starten? _____.
Options: De toezichthouder, De toezichthouder en de operator samen, De operator
Question 10
Wij hoorden de drone boven het plein zoemen. Wie zoemt? _____.
Options: De drone, Wij, Wij en de drone samen
Question 11
Het felle scherm deed de baby met haar ogen knipperen. Degene die knippert, is _____.
Options: het scherm, de baby, een niet-genoemde arts
Question 12
De afdelingschef liet de assistent alle afspraken verzetten. Wie verzet de afspraken? _____.
Options: De afdelingschef, De klanten, De assistent
Question 13
In "Wij lieten nieuwe sloten plaatsen" is de feitelijke uitvoerder van "plaatsen" _____.
Options: niet uitgedrukt in de zin, noodzakelijk dezelfde groep als "wij", noodzakelijk de eigenaar van de sloten
Question 14
De instructeur leerde de junioren onder moeilijke omstandigheden navigeren. Wie leert de vaardigheid en navigeert? _____.
Options: De instructeur, De junioren, De instructeur en de junioren samen
Question 15
In "De oplossing lijkt op lange termijn houdbaar te zijn" drukt "lijkt" vooral _____ uit.
Options: een bewuste poging van de oplossing, een opdracht aan de oplossing, een beoordeling van de hele bewering
Practice Wie voert de infinitiefhandeling uit? with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.
Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Wie voert de infinitiefhandeling uit? in everyday Dutch.
Looking for more practice? See all exercises for this lesson.