Fill in the blank

Van één naar meer en kleiner

Kies het juiste bepaalde lidwoord. Vergelijk enkelvoud, meervoud en verkleinwoorden.

0 / 22 blanks filled0%

Question 1

Ik leg _____ boek op tafel en zet _____ boeken terug in de kast.

Options: de, het, deze, dit

Question 2

Beneden is _____ raam open; boven zijn _____ ramen dicht.

Options: het, de, deze, dit

Question 3

_____ kind bij de deur wacht op _____ kinderen uit de klas.

Options: De, Het, Deze, de, het, dit

Question 4

_____ paard in de wei kijkt naar _____ paarden bij de stal.

Options: Het, De, Deze, het, de, dit

Question 5

_____ hond van Eva loopt naast _____ honden van haar buren.

Options: De, Het, Dit, het, de, dit

Question 6

We lopen door _____ straat bij ons huis en daarna door _____ straten rond het plein.

Options: het, de, dit

Question 7

Naast de grote tafel staat _____ tafeltje voor het kind.

Options: de, het, deze

Question 8

_____ hondje met de blauwe halsband slaapt in de mand.

Options: Het, De, Deze

Question 9

Op de plank staat _____ boekje dat bij deze cursus hoort.

Options: het, de, deze

Question 10

De kamer heeft één klein raam: _____ raampje naast de deur.

Options: de, een, het

Question 11

We wandelen door _____ straatje achter het station.

Options: de, het, deze

Question 12

Op de foto zie je _____ school, _____ scholen en _____ schooltje in het dorp.

Options: de, het, dit, deze

Question 13

De kast bevat meer dan één boek. _____ boeken staan per onderwerp bij elkaar.

Options: Het, De, Een

Question 14

Voor mijn verjaardag krijg ik een klein paard van hout. _____ paardje staat nu op mijn bureau.

Options: Een, De, Het

Practice Van één naar meer en kleiner with this interactive fill-in-the-blank exercise of 14 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Van één naar meer en kleiner in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.