Fill in the blank

Twee werkwoorden als kader

Kies de vorm die de hoofdzin natuurlijk en volledig maakt.

0 / 15 blanks filled0%

Question 1

Lina _____ de reservering vanavond bevestigen.

Options: wil, bevestigen wil, willen

Question 2

De monteurs moeten de lift vóór maandag _____.

Options: gerepareerd, repareren, repareren moeten

Question 3

Sara heeft haar sleutels bij de receptie _____.

Options: achterlaten, liet achter, achtergelaten

Question 4

De uitslag _____ morgen op de website verschijnen.

Options: zal, verschijnen zal, zullen

Question 5

Wij gaan de logeerkamer dit weekend _____.

Options: opgeknapt, opknappen, knappen op

Question 6

De bezorger _____ het pakket vanmiddag bij de buren af.

Options: aflevert, leveren, levert

Question 7

Ik _____ mijn tante na de vergadering terugbellen.

Options: kan, terugbellen kan, kunnen

Question 8

De kinderen mogen hun spel na het eten _____.

Options: maken af, afmaken, afgemaakt

Question 9

Noor is door de harde wind later _____.

Options: aankomen, kwam aan, aangekomen

Question 10

Morgen _____ ik de nieuwe assistent rondleiden.

Options: zal, ik zal, zullen

Question 11

In de wachtruimte heeft Amir een tijdschrift _____.

Options: lezen, gelezen, las

Question 12

Na het eten _____ wij de vaatwasser in.

Options: inruimen, ruimen in, ruimen

Question 13

_____ je de planten tijdens mijn vakantie water geven?

Options: Kun, Je kunt, Kunt je

Question 14

_____ de administratie mijn betaling al verwerkt?

Options: De administratie heeft, Heeft, Verwerkt heeft

Question 15

_____ jullie na de cursus samen iets eten?

Options: Jullie gaan, Eten gaan, Gaan

Practice Twee werkwoorden als kader with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Twee werkwoorden als kader in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.