Question 1
Het rapport bevat meetgegevens. De conclusie die we daaruit trekken, is voorlopig. In deze tweede zin vervangt daaruit de woordgroep _____.
Options: over de meetgegevens, uit de meetgegevens, naar de meetgegevens
Kies de aanvulling die past bij de zin of bij de expliciet gevraagde analyse. Let op de referent en behoud de bedoelde betekenis.
Question 1
Het rapport bevat meetgegevens. De conclusie die we daaruit trekken, is voorlopig. In deze tweede zin vervangt daaruit de woordgroep _____.
Options: over de meetgegevens, uit de meetgegevens, naar de meetgegevens
Question 2
Kies de onbeklemtoonde, neutrale terugverwijzing: Het bezwaar is geregistreerd. De secretaris heeft _____ nog niet op gereageerd.
Options: hier, daar, er
Question 3
In een handleiding staat: Hieronder staan de veiligheidsregels. Hieronder verwijst hier _____.
Options: naar een volgende plaats in de huidige tekst, onbeklemtoond naar een eerder genoemd voorwerp, naar de reden voor het schrijven
Question 4
Over de planning kunnen we onderhandelen, maar dáárover wil ik nu geen besluit nemen. Welk element draagt het expliciet gemarkeerde contrast? _____.
Options: Het voorzetsel over, Het beklemtoonde R-deel daar, De werkwoordsvorm nemen
Question 5
Verwijs met een persoonlijk voornaamwoord naar de nieuwe mentor: De stagiairs rekenen _____.
Options: haar op, op zij, op haar
Question 6
Het agentschap waarmee wij onderhandelen, wordt in deze formulering voorgesteld _____.
Options: als instelling, uitsluitend als afzonderlijke persoon, als plaats waar iets gebeurt
Question 7
Bij een verwijzing naar een dier hangt de keuze tussen een R-vorm en een persoonlijke vorm volgens de les af van _____.
Options: uitsluitend het feit dat het dier leeft, de manier waarop het dier in de context wordt voorgesteld, uitsluitend de plaats van het werkwoord
Question 8
De vraag gaat over het bewijsmateriaal, niet over een persoon: _____ berust deze beschuldiging?
Options: Waaraan, Waarover, Waarop
Question 9
Vraag naar de persoon die het pakket ontvangt: Aan _____ moet ik het pakket geven?
Options: wie, waar, wat
Question 10
In Waarom is de zitting geschorst? vraagt waarom zelfstandig _____.
Options: naar een complement van het voorzetsel om, naar de reden voor de schorsing, naar de plaats van de schorsing
Question 11
Alles _____ de getuige tijdens het verhoor vertelde, is opgenomen.
Options: waarover, waar, wat
Question 12
De penningmeester betaalde de rekening zelf, _____ hij een betalingsachterstand voorkwam. De bijzin presenteert die betaling als middel.
Options: waarmee, wat, met wie
Practice Verwijzen naar inhoud, personen en tekst with this interactive fill-in-the-blank exercise of 12 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.
Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Verwijzen naar inhoud, personen en tekst in everyday Dutch.
Looking for more practice? See all exercises for this lesson.