Fill in the blank

Spelling en gebruik van het imperfectum

Kies de correct gespelde verleden vorm die bij de context past.

0 / 15 blanks filled0%

Question 1

Mijn opa _____ vroeger op een boerderij.

Options: leefde, leefte, geleefd

Question 2

Als kind _____ Noor ieder verhaal van haar oma.

Options: geloofte, geloofde, geloofd

Question 3

Wij _____ elke zomer met de trein door Europa.

Options: reisten, reisde, reisden

Question 4

Amir _____ vorig jaar naar een groter huis.

Options: verhuisde, verhuiste, verhuisd

Question 5

Sara _____ lang met haar buurvrouw bij de ingang.

Options: prate, praatte, praatde

Question 6

De kinderen _____ rustig tot hun vader kwam.

Options: wachten, wachtden, wachtten

Question 7

De student _____ beleefd op iedere vraag.

Options: antwoordde, antwoorde, antwoordte

Question 8

Elke zaterdag _____ we in het park.

Options: voetbalten, voetbalden, voetbalde

Question 9

Het _____ toen ik op de bus stond te wachten.

Options: geregend, regent, regende

Question 10

Ik _____ de deur, pakte mijn tas en fietste weg.

Options: opende, heeft geopend, opent

Question 11

Gisteren _____ Mila vanuit huis.

Options: Mila werkte, werkte, heeft gewerkt

Question 12

_____ Noor gisteren op kantoor?

Options: Werkt, Werkte, Heeft gewerkt

Question 13

Amir _____ gisteren niet thuis.

Options: heeft gewerkt, werkt, werkte

Question 14

Ik _____ de keuken schoon toen Noor belde.

Options: maakte, heb schoongemaakt, maak

Question 15

Welk werkwoord is onregelmatig en krijgt hier niet gewoon -te of -de? _____

Options: werken, wonen, lopen

Practice Spelling en gebruik van het imperfectum with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Spelling en gebruik van het imperfectum in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.