Fill in the blank

Woorddelen en families

Kies de juiste spelling. Gebruik het vaste achtervoegsel of het bekende woord uit dezelfde familie.

0 / 15 blanks filled0%

Question 1

Het antwoord is echt; het is de _____.

Options: waarheid, waarhijd, waarhijt

Question 2

Deze trein rijdt honderd kilometer per uur. Dat is zijn _____.

Options: snelhijd, snelheid, snelhijt

Question 3

Bewegen en goed eten zijn belangrijk voor je _____.

Options: gezondhijt, gezondhijd, gezondheid

Question 4

De uitleg is gemakkelijk te begrijpen; hij is _____.

Options: duidelijk, duideleik, duidelik

Question 5

De nieuwe buurvrouw groet iedereen en helpt graag. Zij is _____.

Options: vriendelik, vriendelijk, vriendeleik

Question 6

Sam vertelt precies wat er gebeurde; hij is _____.

Options: eerleik, eerlik, eerlijk

Question 7

De winkel waar brood wordt gebakken is een _____.

Options: bakkerij, bakkerei, bakkerie

Question 8

Op een _____ wonen vaak koeien en andere dieren.

Options: boerderei, boerderij, boerderie

Question 9

Aan de muur hangt een geschilderde afbeelding: een _____.

Options: schilderei, schilderie, schilderij

Question 10

Een afspraak voor korte tijd is een _____ afspraak.

Options: tijdelijke, teidelijke, tijdelukke

Question 11

Iemand die veel reizen maakt, is een _____.

Options: rijziger, reiziger, reizeger

Question 12

Een jas met een hoge prijs is een _____ jas.

Options: preizige, prizege, prijzige

Question 13

Vandaag is het koud; morgen wordt het nog _____.

Options: kouder, kauder, kouwder

Question 14

Deze trui is blauw, maar die jas is nog _____.

Options: blouwer, blauwer, blawer

Question 15

De persoon die huizen bouwt, is een _____.

Options: bauwer, bouwur, bouwer

Practice Woorddelen en families with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Woorddelen en families in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.