Fill in the blank

Tijd op de eerste plaats

Kies de mededeling waarin de genoemde tijd vooraan staat en de persoonsvorm direct daarna komt.

0 / 15 blanks filled0%

Question 1

Noor koopt vandaag brood bij de bakker. Je wilt vandaag extra aandacht geven. Kies de juiste mededeling: _____

Options: Vandaag Noor koopt brood bij de bakker., Vandaag koopt Noor brood bij de bakker., Koopt Noor vandaag brood bij de bakker?

Question 2

Amir reist morgen naar Gent. Begin de mededeling met morgen: _____

Options: Morgen reist Amir naar Gent., Morgen Amir reist naar Gent., Reist Amir morgen naar Gent?

Question 3

De les begint om half negen. Welke mededeling begint met het hele tijdsdeel om half negen? _____

Options: Om half negen de les begint., Begint de les om half negen?, Om half negen begint de les.

Question 4

Eva leest na het ontbijt de krant. Zet na het ontbijt vooraan: _____

Options: Na het ontbijt leest Eva de krant., Na het ontbijt Eva leest de krant., Leest Eva na het ontbijt de krant?

Question 5

Mijn vader werkt op dinsdag thuis. Je wilt de dag als eerste noemen. Kies de mededeling: _____

Options: Op dinsdag mijn vader werkt thuis., Op dinsdag werkt mijn vader thuis., Werkt mijn vader op dinsdag thuis?

Question 6

Wij koken vanavond pasta. Begin met vanavond en houd het een mededeling: _____

Options: Vanavond wij koken pasta., Koken wij vanavond pasta?, Vanavond koken wij pasta.

Question 7

Sam bezoekt dit weekend zijn opa. Welke zin geeft dit weekend extra aandacht? _____

Options: Bezoekt Sam dit weekend zijn opa?, Dit weekend bezoekt Sam zijn opa., Dit weekend Sam bezoekt zijn opa.

Question 8

De studenten drinken voor de les koffie. Begin met het hele tijdsdeel voor de les: _____

Options: Voor de les drinken de studenten koffie., Voor de les de studenten drinken koffie., Drinken de studenten voor de les koffie?

Question 9

Luca haalt na het werk zijn dochter op. Je wilt na het werk vooraan zetten. Kies de juiste zin: _____

Options: Na het werk Luca haalt zijn dochter op., Haalt Luca na het werk zijn dochter op?, Na het werk haalt Luca zijn dochter op.

Question 10

De docent schrijft in de ochtend een bericht. Welke mededeling begint met in de ochtend? _____

Options: In de ochtend schrijft de docent een bericht., In de ochtend de docent schrijft een bericht., Schrijft de docent in de ochtend een bericht?

Question 11

Jij werkt vandaag in de boekwinkel. Begin de mededeling met vandaag: _____

Options: Vandaag werkt jij in de boekwinkel., Vandaag werk jij in de boekwinkel., Vandaag jij werkt in de boekwinkel.

Question 12

Je fietst morgen naar school. Geef morgen de eerste plaats: _____

Options: Morgen je fietst naar school., Morgen fietst je naar school., Morgen fiets je naar school.

Question 13

Jij wacht na de les bij de ingang. Begin met na de les: _____

Options: Na de les jij wacht bij de ingang., Na de les wacht jij bij de ingang., Na de les wach jij bij de ingang.

Question 14

De trein vertrekt om tien over acht naar Breda. Begin met de volledige tijd om tien over acht: _____

Options: Om tien over acht vertrekt de trein naar Breda., Om tien over acht de trein vertrekt naar Breda., Vertrekt de trein om tien over acht naar Breda?

Question 15

Mijn collega belt haar zus na de lunch. Welke mededeling zet na de lunch vooraan? _____

Options: Na de lunch mijn collega belt haar zus., Belt mijn collega haar zus na de lunch?, Na de lunch belt mijn collega haar zus.

Practice Tijd op de eerste plaats with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Tijd op de eerste plaats in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.