Fill in the blank

Van mededeling naar vraag

Kies de juiste werkwoordsvorm bij je, jij of u. Let ook op het verschil tussen een mededeling en een vraag.

0 / 16 blanks filled0%

Question 1

Je _____ sinds vorige maand in deze straat.

Options: woon, woont, wonen

Question 2

_____ je dicht bij het station?

Options: Woon, Woont, Wonen

Question 3

Noor is vrij, maar jij _____ vandaag.

Options: werken, werk, werkt

Question 4

_____ jij vandaag, of werkt Noor?

Options: Werkt, Werk, Werken

Question 5

U _____ naast mijn ouders.

Options: woont, woon, wonen

Question 6

_____ u al lang in Nederland?

Options: Woon, Wonen, Woont

Question 7

U _____ ruim op tijd.

Options: ben, bent, zijn

Question 8

_____ u klaar voor de rondleiding?

Options: Bent, Ben, Zijn

Question 9

Je _____ elke avond tien nieuwe woorden.

Options: leren, leer, leert

Question 10

_____ je deze woorden voor morgen?

Options: Leert, Leer, Leren

Question 11

Niet Sam, maar jij _____ buiten op de taxi.

Options: wacht, wachten, wachtt

Question 12

_____ jij op de taxi, of wacht Sam daar?

Options: Wachten, Wach, Wacht

Question 13

U _____ morgen een bevestiging.

Options: krijgen, krijgt, krijg

Question 14

_____ u vandaag op deze locatie?

Options: Werkt, Werk, Werken

Question 15

Je _____ meestal naar school. _____ je morgen ook, of neem je dan de bus?

Options: fiets, fietst, fietsen, Fietsen, Fietst, Fiets

Practice Van mededeling naar vraag with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Van mededeling naar vraag in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.