Fill in the blank

Verwijzen naar personen

Kies het voornaamwoord of de woordgroep die past bij de genoemde persoon.

0 / 15 blanks filled0%

Question 1

Het meisje heet Sara. _____ woont in Utrecht.

Options: Zij, Het, Hij

Question 2

Deze fiets is van Sara. Dit is _____ fiets.

Options: zijn, haar, hun

Question 3

Het jongetje heet Daan. _____ speelt in de tuin.

Options: Het, Zij, Hij

Question 4

Deze tas is van de vader. Het is _____ eigen tas.

Options: zijn, haar, hun

Question 5

De moeder komt thuis en hangt _____ jas aan de kapstok.

Options: zijn, haar, hun

Question 6

Ik zie de buurman bij de deur en groet _____.

Options: hij, zijn, hem

Question 7

De buurvrouw wacht op de sleutel. Ik geef _____ de sleutel.

Options: haar, zij, zijn

Question 8

Docent Nora opent het lokaal. Daarna begint _____ de les.

Options: hij, zij, het

Question 9

Arts Omar geeft advies. Ik bedank _____ daarvoor.

Options: hij, zijn, hem

Question 10

De vrouw staat bij de halte. _____ wacht op bus vijf.

Options: Zij, Hij, Het

Question 11

Deze telefoon is van de man. Het is _____ eigen telefoon.

Options: hun, zijn, haar

Question 12

Ik ken het meisje Lisa en zie _____ elke ochtend op school.

Options: het, zij, haar

Question 13

Ik weet niet of het kind een jongen of een meisje is. _____ ligt te slapen.

Options: Het, Hem, Zijn

Question 14

De man wacht bij de balie. De medewerker praat met _____.

Options: hij, hem, zijn

Question 15

Mijn collega is een vrouw. Morgen werkt _____ thuis.

Options: hij, haar, zij

Practice Verwijzen naar personen with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Verwijzen naar personen in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.