Question 1
Waar staat het streepje goed in het woord lepel? _____
Options: le-pel, lep-el, lepe-l
Kies de juiste verdeling, soort lettergreep of spelling.
Question 1
Waar staat het streepje goed in het woord lepel? _____
Options: le-pel, lep-el, lepe-l
Question 2
Kies de juiste verdeling van tomaten in drie lettergrepen: _____.
Options: tom-a-ten, to-ma-ten, to-mat-en
Question 3
Jassen heeft twee lettergrepen. Met een streepje schrijf je _____.
Options: ja-ssen, jass-en, jas-sen
Question 4
De boeken liggen op de _____. In een gewone zin gebruik je geen streepje.
Options: ta-fel, tafel, taf-el
Question 5
In ko-ken eindigt ko op de klinker o. Ko is dus _____.
Options: een open lettergreep, een gesloten lettergreep, het hele woord koken
Question 6
Kop eindigt in kop-pen op de medeklinker p. Daarom is kop _____.
Options: een open lettergreep, een gesloten lettergreep, het hele woord koppen
Question 7
Op de eerste foto staat een schaap. Op de tweede foto staan drie _____.
Options: schaapen, schapen, schappen
Question 8
Op het pad ligt een steen. Naast het pad liggen meer _____.
Options: stenen, steenen, stennen
Question 9
Aan de steiger ligt een boot. Op het water varen drie _____.
Options: booten, botten, boten
Question 10
De les duurt een uur. De reis duurt twee _____.
Options: uuren, uren, urren
Question 11
Aan de kapstok hangt een jas. In de winkel hangen veel _____.
Options: jasen, jaasen, jassen
Question 12
Op de stoel ligt een pet. In de kast liggen zes _____.
Options: petten, peeten, peten
Question 13
Op de camping staat een hut. In het bos staan twee oude _____.
Options: huten, hutten, huuten
Question 14
In de mand ligt een sok. In de la liggen schone _____.
Options: sooken, soken, sokken
Practice Woorden onder de loep with this interactive fill-in-the-blank exercise of 14 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.
Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Woorden onder de loep in everyday Dutch.
Looking for more practice? See all exercises for this lesson.