Question 1
Met mijn telefoon _____ ik Noor vanavond _____.
Options: bel, belt, opbel, aan, mee, op
Kies de juiste werkwoordsvorm, het losse deel of de juiste zin. Let ook op het voltooid deelwoord en de vorm met te.
Question 1
Met mijn telefoon _____ ik Noor vanavond _____.
Options: bel, belt, opbel, aan, mee, op
Question 2
Amir _____ zijn sporttas _____.
Options: meenemen, neemt, neem, af, mee, uit
Question 3
De trein _____ om kwart over acht _____.
Options: aankomt, komen, komt, aan, op, mee
Question 4
Wij _____ onze buren voor het eten _____.
Options: nodigen, nodigt, uitnodigen, aan, uit, op
Question 5
Mila wil het raam _____.
Options: open zet, opengezet, openzetten
Question 6
Ik wil Noor na het eten _____.
Options: opbellen, bel op, opgebeld
Question 7
Kunnen jullie Sara voor het feest _____?
Options: nodigen uit, uitnodigen, uitgenodigd
Question 8
Ik heb mijn moeder gisteren _____.
Options: geopbeld, opbellen, opgebeld
Question 9
We hebben alle buren voor zaterdag _____.
Options: uitgenodigd, geuitnodigd, nodigen uit
Question 10
Ik probeer Noor voor acht uur _____.
Options: te opbellen, op te bellen, op bellen te
Question 11
Wij hopen onze nieuwe buren _____.
Options: te uitnodigen, uitnodigen te, uit te nodigen
Question 12
Welke zin bevat een correct gesplitst werkwoord? _____
Options: Ik sta elke dag vroeg op., Ik opsta elke dag vroeg., Ik sta op elke dag vroeg.
Question 13
Wij hebben eten _____.
Options: gemeegenomen, meegenomen, meenemen
Question 14
Zij probeert het formulier _____.
Options: te invullen, invullen te, in te vullen
Question 15
Welk werkwoord heeft de klemtoon op het eerste deel? _____
Options: aankomen, betalen, verkopen
Practice Scheidbare werkwoorden in de zin with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.
Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Scheidbare werkwoorden in de zin in everyday Dutch.
Looking for more practice? See all exercises for this lesson.