Question 1
Ik woon hier nu _____ drie jaar, en ik blijf hier wonen.
Options: al, vanaf, voor
Kies al, sinds, vanaf of gedurende bij de bedoelde tijd.
Question 1
Ik woon hier nu _____ drie jaar, en ik blijf hier wonen.
Options: al, vanaf, voor
Question 2
Mijn zus draagt _____ 2023 een bril.
Options: al, sinds, gedurende
Question 3
_____ morgen rijdt de bus een andere route.
Options: Sinds, Gedurende, Vanaf
Question 4
Volgende maand begint de verbouwing. De ingang blijft _____ de werkzaamheden gesloten en gaat daarna weer open.
Options: gedurende, sinds, al
Question 5
Wij _____ nu _____ zes maanden Nederlands en gaan door met de cursus.
Options: geleerd, leren, leert, vanaf, voor, al
Question 6
De weg is dicht _____ wij hier zijn komen wonen.
Options: vanaf, gedurende, sinds
Question 7
Morgen opent de bibliotheek vroeg: hij is _____ acht uur open.
Options: vanaf, sinds, gedurende
Question 8
Volgend jaar kunt u _____ de zomermaanden langer blijven; daarna gelden weer de gewone openingstijden.
Options: sinds, gedurende, al
Question 9
De soep staat nu _____ twintig minuten op het vuur en is nog niet klaar.
Options: voor, vanaf, al
Question 10
Hoe lang ken je Lina? _____ onze cursus begon.
Options: Sinds, Vanaf, Gedurende
Question 11
Vandaag is woensdag; de sluiting begint vrijdag. De weg is _____ vrijdag dicht.
Options: sinds, vanaf, totdat
Question 12
Vandaag is woensdag; mijn telefoon ging maandag kapot. Hij is _____ maandag kapot.
Options: al, gedurende, sinds
Question 13
De werkzaamheden beginnen volgende maand. Het gebouw blijft dan _____ twee weken gesloten en gaat daarna weer open.
Options: gedurende, vanaf, sinds
Question 14
Noor woont _____ sinds mei naast het park.
Options: vanaf, al, gedurende
Question 15
In 2020 verkocht zij haar auto. _____ die dag nam zij voortaan altijd de fiets.
Options: Gedurende, Al, Vanaf
Practice Duur en beginpunt with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.
Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Duur en beginpunt in everyday Dutch.
Looking for more practice? See all exercises for this lesson.