Fill in the blank

Tijd en werkwoord

Kies de combinatie die laat zien of de situatie doorgaat, voorbij is of gepland staat.

0 / 16 blanks filled0%

Question 1

Ik woon in dit huis _____ ik met mijn studie begon.

Options: vanaf, sinds, gedurende

Question 2

Ik heb _____ 2021 hetzelfde telefoonnummer.

Options: al, gedurende, sinds

Question 3

Utrecht is nog steeds mijn woonplaats. Ik _____ er al drie jaar.

Options: woon, woonde, gewoond

Question 4

Ik ga in augustus _____ drie weken naar Spanje.

Options: al, voor, sinds

Question 5

De sporthal is nu open. Volgens het plan blijft hij volgende maand _____ de reparatie dicht en gaat hij daarna weer open.

Options: sinds, al, gedurende

Question 6

Ik wacht _____ een kwartier op de bus en hij komt nog steeds niet.

Options: al, voor, vanaf

Question 7

Wij _____ nu in Gent. Daarvoor _____ we twee jaar in Leiden.

Options: wonen, woonden, gewoond

Question 8

Ik woon hier _____ maart 2024 en blijf hier voorlopig wonen.

Options: gedurende, al, sinds

Question 9

Sinds januari _____ mijn zus elke zaterdag bij de bakker en dat gaat nog steeds door.

Options: werkte, werkt, zal werken

Question 10

De verkoop begint volgende maand. U kunt dan _____ twee weken kaarten kopen; daarna stopt de verkoop.

Options: vanaf, gedurende, sinds

Question 11

De nieuwe regel begint volgende week. _____ aanstaande maandag moeten bezoekers een helm dragen.

Options: Sinds, Vanaf, Al

Question 12

We hebben geen auto meer _____ onze verhuizing in 2022.

Options: sinds, al, gedurende

Question 13

Zij heeft nu een andere baan. Daarvoor _____ zij vijf jaar bij de bank.

Options: werkt, werkte, zal werken

Question 14

Zij is vandaag precies vijf jaar in dienst en blijft onze collega. Zij _____ hier dus al vijf jaar.

Options: werkte, werkt, zal werken

Question 15

Het kantoor blijft volgende week _____ de feestdagen gesloten.

Options: Gedurende, Sinds, Al

Practice Tijd en werkwoord with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Tijd en werkwoord in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.