Question 1
De straat is dicht omdat de brug _____.
Options: wordt gerepareerd, repareert wordt, wordt repareren
Plaats modale, voltooide en passieve werkwoordgroepen als één geheel achteraan.
Question 1
De straat is dicht omdat de brug _____.
Options: wordt gerepareerd, repareert wordt, wordt repareren
Question 2
De omleiding blijft staan omdat de brug nog _____.
Options: gerepareert wordt, gerepareerd wordt, worden repareren
Question 3
We hoorden dat het besluit gisteren _____.
Options: werd nemen, nam werd, werd genomen
Question 4
De krant schreef dat het besluit na lang overleg _____.
Options: genomen werd, nemen werd, werd nemen
Question 5
Kunt u zeggen wanneer het pakket _____?
Options: bezorgt wordt, wordt bezorgd, wordt bezorgen
Question 6
Ik weet niet waarom de ingang plotseling _____.
Options: af gesloten is, sluit af is, afgesloten is
Question 7
Omdat het rapport vandaag niet _____, belt de manager de redactie.
Options: kan worden verstuurd, wordt kan versturen, kan te worden verstuurd
Question 8
We vragen of de aanvraag morgen _____.
Options: wordt zal behandelen, zal worden behandeld, zal te behandeld worden
Question 9
Noor zegt dat ze haar fiets zelf _____.
Options: repareert wil, wil te repareren, wil repareren
Question 10
Omdat het pakket nog niet _____, neem ik contact op met de koerier.
Options: is bezorgd, bezorgt is, heeft bezorgen
Question 11
De docent legt uit dat de opdracht thuis _____.
Options: maakt mag worden, mag worden gemaakt, mag te maken worden
Question 12
We zagen dat de gemeente het plein al _____.
Options: had af sluiten, afgesloten hebben, afgesloten had
Question 13
Hij vraagt of Mila morgen eerder _____.
Options: kan komen, komt kan, kan te komen
Question 14
De bezoekers horen dat de voorstelling twintig minuten later _____.
Options: begint zal, zal beginnen, zal te beginnen
Question 15
We weten dat de nooduitgang gisteren zorgvuldig _____.
Options: controleerde werd, werd controleren, gecontroleerd werd
Practice Passief en hele eindgroep with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.
Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Passief en hele eindgroep in everyday Dutch.
Looking for more practice? See all exercises for this lesson.