Question 1
Alleen David moet tekenen. Maak die verantwoordelijkheid expliciet: David vertelde Ruben dat _____ het contract moest tekenen.
Options: hij, David, Ruben
Kies de verwijzing die de aangegeven persoon of relatie correct en ondubbelzinnig weergeeft. Gebruik de informatie vóór de invulzin.
Question 1
Alleen David moet tekenen. Maak die verantwoordelijkheid expliciet: David vertelde Ruben dat _____ het contract moest tekenen.
Options: hij, David, Ruben
Question 2
Dokter Smit onderzoekt meneer Vos en schrijft hem een geneesmiddel voor. Benoem de ontvanger met diens rol: Het recept staat op naam van _____, die het middel moet innemen.
Options: de arts, de voorschrijver, de patiënt
Question 3
De gemeenteraad stemde voor het plan. Daarmee gaf _____ toestemming voor de uitvoering.
Options: de raad, het, hen
Question 4
Professor Bakker leidt het onderzoek; Vos verzorgt uitsluitend de communicatie. Kies een omschrijving van Bakker: Bakker besprak het experiment met Vos. Vervolgens lichtte _____ de wetenschappelijke aanpak toe.
Options: de communicatiemedewerker, de onderzoeksleider, de woordvoerder Vos
Question 5
De redacteur en de fotograaf kwamen samen binnen. Alleen de redacteur bleef. Verwijs expliciet met de volgorde van noemen: _____ bleef voor het overleg.
Options: De laatstgenoemde, De beide genoemde personen, De eerstgenoemde
Question 6
De directeur sprak met de adviseur over een mogelijke verlenging van het contract. _____ gesprek leidde tot nieuwe afspraken.
Options: Dit, Deze, Die
Question 7
Alleen Iris krijgt promotie. Benoem de bezitter expliciet: Iris vertelde Femke over _____.
Options: haar promotie, de promotie van Iris, Femkes promotie
Question 8
Het verslag is uitsluitend van Karel. Kies de naamvorm die dat bezit uitdrukt: Anouk bespreekt _____ verslag met hem.
Options: Anouks, hun, Karels
Question 9
De twee partners beheren samen één bedrijf. Het is _____ gezamenlijke onderneming.
Options: hun, hen, zich
Question 10
De advocaat en zijn cliënt zijn allebei mannen. Alleen de cliënt heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslag. De advocaat besprak met zijn cliënt _____ bezwaar tegen de aanslag.
Options: hem, diens, hen
Question 11
Er zijn twee mannen: Tim en Alex. Alex moet tegen zijn eigen beschuldiging in verweer komen, niet tegen die van Tim. Tim vroeg Alex _____ te verdedigen.
Options: hem, hen, zich
Question 12
Er zijn twee mannen: Bas en Joost. Joost moet Bas tijdens het gesprek verdedigen, niet zichzelf. Bas vroeg Joost _____ te verdedigen.
Options: hem, zich, hen
Practice Personen, rollen en bezit with this interactive fill-in-the-blank exercise of 12 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.
Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Personen, rollen en bezit in everyday Dutch.
Looking for more practice? See all exercises for this lesson.