Fill in the blank

Hele zin en woordvolgorde

Verwijs met wat naar een hele mededeling en zet het werkwoord achteraan.

0 / 15 blanks filled0%

Question 1

Lina kreeg de functie, _____ haar ouders erg blij maakte.

Options: wat, dat, die

Question 2

Hij begon luid te zingen, _____ niemand had verwacht, en liep toen de zaal uit.

Options: dat, wat, die

Question 3

Amir bood zijn excuses aan, _____ de sfeer verbeterde.

Options: die, dat, wat

Question 4

De vlucht werd geannuleerd. _____ zorgde voor veel vertraging.

Options: Dat, Wat, Die

Question 5

In verzorgde tekst: Het besluit _____ de voorzitter toelichtte, geldt vanaf morgen.

Options: die, dat, wat

Question 6

Het team was eerder klaar, wat niemand _____.

Options: vooraf had verwacht, had vooraf verwacht, had verwacht vooraf

Question 7

Alles wat de klant _____, noteren we in het systeem.

Options: heeft gisteren besteld, gisteren heeft besteld, bestelde gisteren

Question 8

Dit is het beste wat _____.

Options: hebben wij tot nu toe gevonden, wij tot nu toe hebben gevonden, wij hebben tot nu toe gevonden

Question 9

Ik onthoud alles wat _____.

Options: heeft ze ons verteld, ze heeft ons verteld, ze ons heeft verteld

Question 10

Doe precies wat _____.

Options: heeft de instructeur je uitgelegd, de instructeur heeft je uitgelegd, de instructeur je heeft uitgelegd

Question 11

Het regende de hele dag, _____ onze plannen in het water liet vallen.

Options: wat, dat, welke

Question 12

In verzorgde tekst: Het nieuws _____ gisteren bekend werd, staat op de website.

Options: wat, die, dat

Question 13

Ze kwam onverwacht op bezoek, _____ een leuke verrassing was.

Options: dat, wat, die

Question 14

Ik neem mee wat _____.

Options: past het in de kleine tas, in de kleine tas passen, in de kleine tas past

Question 15

De bus reed door, _____ betekende dat we niet hoefden over te stappen.

Options: dat, die, wat

Practice Hele zin en woordvolgorde with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Hele zin en woordvolgorde in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.