Grammar learning path · C1 Advanced
Aspect en temporeel perspectief.
Tijdsvormen geven pas hun volle betekenis binnen een gekozen gezichtspunt. Je leert fasen en grenzen van gebeurtenissen formuleren, referentiepunten in een vertelling volgen en de voltooid toekomende tijd interpreteren als toekomstvoltooiing of conclusie.
First lesson · Fase, duur en voltooiing als aspectuele keuze
What you'll learn.
- Aspectuele betekenissen met lexicale en grammaticale middelen precies formuleren.
- Gebeurtenistijd, referentietijd en verteltijd bij perspectiefwisselingen uit elkaar houden.
- Temporele en modale lezingen van zal of zullen met een voltooide infinitief onderscheiden.
Before you start.
- Je beheerst de belangrijkste Nederlandse verleden en toekomstige tijdsvormen.
- Je kunt perfectum en plusquamperfectum vanuit een tijdlijn vergelijken.
Lessons in this path.
Take them in order- 1Lesson 1Fase, duur en voltooiing als aspectuele keuze
Druk begin, voortgang, duur, herhaling en voltooiing uit met Nederlandse constructies zonder een verplicht aspectsysteem te veronderstellen.
- 2Lesson 2Temporeel gezichtspunt en verschuivende verteltijd
Kies een temporeel gezichtspunt en markeer verschuivingen tussen gebeurtenistijd, referentietijd en verteltijd.
- 3Lesson 3De voltooid toekomende tijd
Gebruik zal of zullen met een voltooide infinitief voor voltooiing vóór een toekomstig ijkpunt of voor een gevolgtrekking.
Ready?
Fase, duur en voltooiing als aspectuele keuze.
Begin with the first lesson and work through the practice at your own pace.