B1 · IntermediateLesson 1 of 4

Telbare en niet-telbare zelfstandige naamwoorden

Leer telbare en niet-telbare zelfstandige naamwoorden onderscheiden en kies passende lidwoorden, meervouden en woorden voor aantallen en hoeveelheden.

By the flumi team About 6 min read 41 vocabulary wordsGrammar learning path: Zelfstandige naamwoorden begrijpen en vormen

Met een telbaar zelfstandig naamwoord kun je losse eenheden noemen: één boek, drie boeken. Een niet-telbaar zelfstandig naamwoord stelt iets meestal voor als een hoeveelheid, materiaal of geheel: water, rijst, informatie.

Na deze les kun je:

  • telbare en niet-telbare zelfstandige naamwoorden herkennen;
  • passende lidwoorden en hoeveelheidswoorden kiezen;
  • met een maat, verpakking of portie een niet-telbare hoeveelheid tellen.

Kun je losse eenheden tellen?

Een telbaar zelfstandig naamwoord heeft normaal een enkelvoud en een meervoud. Je kunt er direct een getal voor zetten. Een niet-telbaar zelfstandig naamwoord gebruik je in zijn gewone betekenis meestal alleen in het enkelvoud.

Kenmerk Telbaar Niet-telbaar
met een een stoel niet: een rijst
direct met een getal twee stoelen niet: twee rijsten
meervoud stoelen meestal geen meervoud
hoeveelheid veel stoelen veel rijst

Typische niet-telbare woorden noemen een stof, een materiaal, een abstract begrip of een verzameling: de melk, het hout, de informatie, het verkeer en de bagage.

De keuze tussen de en het staat los van telbaarheid: de melk en het hout zijn allebei niet-telbaar. Leer het lidwoord dus apart.

Probeer één en twee direct voor het woord te zetten. Klinken één stoel en twee stoelen logisch? Dan is stoel telbaar. Heb je een maat nodig, zoals twee kilo rijst? Dan is rijst niet-telbaar.

Lidwoorden bij telbare woorden

Een enkelvoudig telbaar woord heeft in een onbepaalde woordgroep meestal een. In het meervoud vervalt dat lidwoord.

  • Er staat een fiets voor de deur.
  • Er staan fietsen voor de deur.
  • Ik zoek een appartement.
  • In deze straat zijn appartementen te huur.

Als het om een bekende of bepaalde eenheid gaat, gebruik je de of het: de fiets van Noor, het appartement op de hoek.

Gebruik een niet vóór een meervoud.

✓ We hebben een stoel nodig.

✓ We hebben stoelen nodig.

✗ We hebben een stoelen nodig.

Niet-telbare woorden blijven meestal enkelvoud

Bij een onbepaalde hoeveelheid staat meestal geen lidwoord: We kopen brood en Ik heb informatie nodig. Een niet-telbaar woord krijgt doorgaans een enkelvoudige persoonsvorm.

Niet-telbaar woord Voorbeeld
de informatie De informatie is duidelijk.
het nieuws Het nieuws was verrassend.
de bagage De bagage staat al in de hal.
het verkeer Het verkeer wordt steeds drukker.
het meubilair Het meubilair is gisteren geleverd.

Sommige woorden zijn in een andere taal wel telbaar. Zeg in het Nederlands niet een informatie of informaties. Gebruik bijvoorbeeld een bericht, een gegeven of een stukje informatie.

Soms bestaat er naast een niet-telbaar woord een telbaar alternatief: het meubilair tegenover de meubels, en de bagage tegenover de koffers.

Quick check

Try one question now.

1
Voor de nieuwe collega kopen we .

Check your answer when you are ready. No sign-in needed.

Woorden voor aantal en hoeveelheid

Sommige hoeveelheidswoorden passen alleen bij telbare woorden; andere kunnen bij beide soorten staan.

Hoeveelheidswoord Telbaar meervoud Niet-telbaar enkelvoud
twee, drie, tien drie boeken —
enkele, een paar enkele vragen —
veel, weinig veel vragen veel tijd
genoeg, voldoende genoeg stoelen genoeg ruimte
wat wat appels wat kaas
een beetje — een beetje geduld
alle / al alle boeken al het water / al de melk
geen geen stoelen geen tijd
een aantal / een hoeveelheid een aantal vragen een hoeveelheid papier

Voor de vergadering hebben we een paar stoelen, veel papier en wat koffie nodig. Er is genoeg ruimte, maar er zijn nog te weinig kopjes.

De stoelen en kopjes zijn losse eenheden; papier, koffie en ruimte worden als hoeveelheden voorgesteld.

Een maat of portie maakt tellen mogelijk

Je kunt een niet-telbare hoeveelheid tellen door een eenheid toe te voegen. De eenheid staat in het enkelvoud of meervoud; het materiaalwoord blijft onveranderd.

  • een glas water, drie glazen water;
  • een kilo rijst, twee kilo rijst;
  • een stukje informatie, enkele stukjes informatie;
  • een fles melk, vier flessen melk;
  • een plak kaas, zes plakken kaas.

Bij veel maten blijft de maat na een getal in het enkelvoud: twee kilo rijst, drie liter water en vijf meter stof. Bij gewone verpakkingen gebruik je wel het meervoud: twee flessen melk.

De betekenis kan de telbaarheid veranderen

Hetzelfde woord kan telbaar of niet-telbaar zijn als de betekenis verandert.

Niet-telbare betekenis Telbare betekenis
Er ligt glas op straat. Ik koop vier glazen.
Wij drinken graag koffie. We bestellen twee koffies.
Ik eet weinig kip. Er lopen drie kippen buiten.
Kaas wordt duurder. De winkel verkoopt Nederlandse kazen.

In twee koffies bedoel je twee kopjes of bestellingen. In Nederlandse kazen gaat het om verschillende soorten kaas.

Controleer je keuze in drie stappen:

  1. Bedoel je losse personen, dieren of dingen? Gebruik een telbare vorm.
  2. Bedoel je materiaal, inhoud of een geheel zonder losse eenheden? Gebruik een niet-telbare vorm.
  3. Wil je de hoeveelheid tellen? Voeg een maat, verpakking, portie of soort toe.

Telbaarheid hoort bij de betekenis in de zin. Leer daarom niet alleen het woord, maar ook de manier waarop het daar gebruikt wordt.

You reached the end

You reached the end

Now make it stick.

Save your progress, or start the exercises. Practice with detailed feedback after you submit, or save your progress and come back.

Practice exercises

Was this lesson helpful?

Vocabulary in this lesson

41 words, ready to study.

Play a word to hear it, then mark it as known — or save it to study later.

Save any of these 41 words and review them later.

Telbare en niet-telbare woorden vergelijken

41 words

Last updated October 11, 2026