Build the sentence

Terugkijken: bouw de werkwoordgroep

Tik de woorden in de juiste volgorde om een zin of vraag te bouwen. Er blijven telkens twee woorden over. Let op hoofdletters en leestekens.

0 / 11 sentences built0%

Question 1

Bouw de zin: _____

Options: Zij heeft kunnen terugkomen., gekund, teruggekomen.

Question 2

Bouw de vraag: _____

Options: gemoeten, Heeft de arts moeten ingrijpen?, ingegrepen?

Question 3

Bouw de zin: _____

Options: gewild, getekend., Zij heeft niets willen tekenen.

Question 4

Bouw de zin: _____

Options: gelaten, Hij heeft de patiënt laten zitten., gezeten.

Question 5

Bouw de zin: _____

Options: Wij hebben iets horen kraken., gehoord, gekraakt.

Question 6

Bouw de zin: _____

Options: gehoeven, overgewerkt., Niemand heeft hoeven overwerken.

Question 7

De andere bezoekers gingen zitten. Vertel wat hij deed: _____

Options: Hij is blijven staan., heeft, gebleven

Question 8

Bouw de zin: _____

Options: besluiten, Zij heeft besloten te bemiddelen., bemiddeld.

Question 9

Het overleg eindigde in ruzie. Begin je reactie met een verwijzing naar die afloop: _____

Options: willen, hebben, Dat heeft niemand gewild.

Question 10

Bouw de zin: _____

Options: gemogen, Ik vermoed dat zij heeft mogen vertrekken., vertrokken.

Question 11

Bouw de zin met de reden achteraan: _____

Options: Ik vertrek, omdat niemand heeft hoeven te wachten., gehoeven, gewacht.

Practice Terugkijken: bouw de werkwoordgroep with this interactive sentence-building exercise of 11 questions. Tap the words into the correct order to build each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every sentence.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Terugkijken: bouw de werkwoordgroep in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.