Question 1
Amir _____ gisteren de hele dag thuis.
Options: werkte, werkten, werkde
Kies de regelmatige imperfectumvorm die bij het onderwerp past.
Question 1
Amir _____ gisteren de hele dag thuis.
Options: werkte, werkten, werkde
Question 2
Mijn ouders _____ vroeger in Utrecht.
Options: woonde, woonden, woonten
Question 3
Noor _____ voor haar verjaardag een taart.
Options: maakde, maakten, maakte
Question 4
Ik _____ als kind naast de school.
Options: woonde, woonden, woonte
Question 5
De leerlingen _____ samen een grote poster.
Options: maakte, maakten, maakden
Question 6
Wij _____ iedere ochtend naar de les.
Options: fietsden, fietste, fietsten
Question 7
U _____ vorige maand nog naar uw werk.
Options: fietste, fietsten, fietsde
Question 8
De gasten _____ hard om de grap.
Options: lachte, lachten, lachden
Question 9
Mila _____ snel nieuwe woorden.
Options: leerte, leerden, leerde
Question 10
Jullie _____ elke avond voor de toets.
Options: leerden, leerde, leerten
Question 11
Sara _____ rustig over het meer.
Options: roeite, roeide, roeiden
Question 12
We _____ de huisarts na het ontbijt.
Options: belten, belde, belden
Question 13
Het kind _____ bij de deur op zijn moeder.
Options: wachtte, wachte, wachtde
Question 14
De bezoekers _____ buiten tot de winkel openging.
Options: wachtte, wachtten, wachten
Question 15
Welke combinatie geeft het basisverschil goed weer? _____
Options: beide altijd werkten, enkelvoud werken, meervoud werkte, enkelvoud werkte, meervoud werkten
Practice Enkelvoud en meervoud in het verleden with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.
Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Enkelvoud en meervoud in het verleden in everyday Dutch.
Looking for more practice? See all exercises for this lesson.