Fill in the blank

Stam en persoonsvorm

Kies de correct gespelde persoonsvorm op basis van infinitief, onderwerp en woordvolgorde.

0 / 15 blanks filled0%

Question 1

Ik _____ elke ochtend een planning. (maken)

Options: maak, mak, maakt

Question 2

De medewerker _____ de dozen tot aan de rand. (vullen)

Options: vullt, vult, vul

Question 3

Ik _____ gezond, maar mijn broer eet onregelmatig. (leven)

Options: lev, leeft, leef

Question 4

Wij _____ volgende maand samen naar Keulen. (reizen)

Options: reizen, reist, reis

Question 5

Mijn buurman _____ elke avond na het eten. (wandelen)

Options: wandel, wandelt, wandeld

Question 6

De docent en de cursisten _____ de tekst aandachtig. (lezen)

Options: leest, lees, lezen

Question 7

Mijn zus _____ graag over haar studie. (praten)

Options: praat, praatt, praadt

Question 8

De onderzoeker _____ morgen het definitieve antwoord. (vinden)

Options: vind, vindt, vint

Question 9

Jij _____ volgende week door de assistent gebeld. (worden)

Options: word, worden, wordt

Question 10

_____ jij morgen door de tandarts teruggebeld? (worden)

Options: Word, Wordt, Wordd

Question 11

Morgen _____ je door de garage gebeld. (worden)

Options: wordt, word, wort

Question 12

_____ u na afloop door onze medewerker geholpen? (worden)

Options: Word, Wordd, Wordt

Question 13

Er _____ vanavond iets bijzonders in het theater. (gebeuren)

Options: gebeurt, gebeurd, gebeuren

Question 14

De monteurs _____ vandaag alle kapotte lampen. (repareren)

Options: repareert, repareren, gerepareerd

Question 15

Welke vorm is de persoonsvorm? De manager _____ het contract morgen. (ondertekenen)

Options: onderteken, ondertekend, ondertekent

Practice Stam en persoonsvorm with this interactive fill-in-the-blank exercise of 15 questions. Choose the option that correctly completes each sentence, then submit to check your answers and get detailed feedback on every choice.

Practicing grammar in real sentences — rather than memorising rules in isolation — is one of the most effective ways to make a structure stick. You can retry as many times as you like to build accuracy and confidence using Stam en persoonsvorm in everyday Dutch.

Looking for more practice? See all exercises for this lesson.